Naar de inhoud

Portugal-Lisboa-Fado

430-20080122-a568e3.JPG

akke.beakke.be

O espaço designado para uma alma lusitana… De aangewezen plek voor een Lusitaanse ziel…

Categorie: Fado

Cristina Branco canta Slauerhoff...

J. Slauerhoff... een Nederlandse dichter, gezongen in het Portugees...


Os solitários

(J.Slauerhoff - Custódio Castelo)

IV

Na fria planície me quedo em silêncio;
Um sol mortiço vai descendo a ocidente.
Pálida, a lua assoma ao firmamento.

Em fumos se expande a terra orvalhada.
Nos campos hirtos, sob o Verão quente
E fugaz, esconde-se o gelo eterno:
É o Inverno numa farsa de Verão.

Ainda se ouvem os chocalhos tilintar,
Ainda se avista o trilho irregular,
A carroça, essa, deixou de se ver.

Sim, tudo passa, desaparece...
E, embora inspire ternura,
O pouco que ficou
Não chega para viver.

Vertaling: Mila Vidal Paletti - Muziek: Custódio Castelo - Naam van de cd: O Descobridor (2002)

Reageer op dit bericht Stuur door

Maria Alice canta Persequição

Maria Alice ( 1904-1997)

572-20080325-ae9178.jpg

 

Haar echte naam was Glória Mendes Leal Carvalho, zij werd geboren in Figueira da Foz, groeide op in Vila Nova de Ourém en verhuisde op 14-jarige leeftijd naar Lissabon, na het overlijden van haar vader.

Zij was één van de eerste fadistas die haar stem op een plaat liet opnemen. Zij was tevens de eerste om dit te doen voor de platenfirma van Valentim de Carvalho, die het ‘Teatro Taborda” als studio gebruikte.

 


Perseguição
Achtervolging

(Carlos da Maia/Avelino de Sousa)

Se de mim nada consegues
Als je van mij toch niets kunt varwachten
Não sei porque me persegues
Weet ik niet waarom jij mij achtervolgt
Constantemente na rua
Constant in de straat
Sabes bem que sou casada
Jij weet dat ik gehuwd ben
Que fui sempre dedicada
Dat ik voor altijd trouw ben
E que não posso ser tua
En dat ik niet van jou kan zijn

Lá porque és rico e elegante
Slechts omdat jij rijk en elegant bent
Queres que eu seja tua amante
Wil jij dat ik jouw minnares wordt
Por capricho ou presunção
Als gril of om jouw ijdelheid te strelen
Eu tenho um marido pobre
Ik trouwde met een arme man
Que possui uma alma nobre
Met een edele ziel
E é toda a minha paixão
En hij is mijn grote passie


Como sentinela alerta
Zoals een alerte bewaker
Noite e dia sempre esperta
Ben ik dag en nacht steeds wakker
Na posição de sentido
Gericht op mijn doel
Eu sou, a todo o instante,
Ben ik, op elk moment,
Sentinela vigilante
Een attente bewaker
Da honra de meu marido
Van de eer van mijn echtgenoot

(eigen vertaling)

573-20080325-1244c6.bmp

De tekstdichter is Avelino de Sousa (1880-1946), fadista, componist, volksdichter en dramaturg.

Hij werd geboren in Lissabon en woonde in Bairro de Campolide.

Hij begon als arbeider in een boekhandel, werd nadien tipograaf en ten slotte bibliothecaris in de "Torre do Tombo".

Op 15-jarige leeftijd zong hij reeds zijn eigen teksten en liet die horen op eender welk arbeidersfeest. Hij werd meestal begeleid door zijn jeugdvriend en kameraad, de gitarist Domingos Pavão. Zijn liederen gingen vooral over de liefde met de daarmee verbonden saudade en hij gebruikte de fado als middel om zijn politieke en sociale ideeën te verspreiden.

Reageer op dit bericht Stuur door

Lisboa, Casta Princesa... Ercília Costa...

Fado de Lisboa

Lisboa, casta Princesa,
Lissabon, zedige prinses
Que o manto da realeza
Die het koninklijk gewaad
Abres com pejo
Verlegen openslaat
Num casto beijo;
Voor een kuise kus;
Lisboa tão linda és,
Lissabon je bent zo mooi,
Que tens de rastos aos pés
Aan jouw voeten ligt
A majestade do Tejo.
De majestueuze Taag
Lisboa das Descobertas
Lissabon van de Ontdekkingen
De tantas terras desertas
Van zoveel verlaten gebieden
Que deram brado
Die zichtbaar werden
No teu passado
Tijdens jouw verleden
De Lisboa tens a coroa
Lissabon heeft de kroon
Velha Lisboa
Het oude Lissabon
Da Madragoa
Van Madragoa
Quantos heróis tens criado!
Hoeveel helden heb jij voortgebracht!

(Refrão)
(Refrein)

723-20120122-cb7382.jpg

Sete colinas
Zeven heuvels
São teu colo de cetim
Zijn jouw satijnen kraag
Onde as casas são boninas
Waar de huizen madeliefjes zijn
Espalhadas num jardim
Verspreid in een tuin
E no teu seio
En in jouw schoot
Certo dia foi gerado
Werd op een dag verwekt
E cantado
En gezongen
Pelo povo sonhador
Door mensen die dromen
O nosso fado.
Onze fado.

Lisboa, tardes doiradas
Lissabon, vergulde avonden
Dos Domingos, das toiradas
Op de Zondagen van de stierengevechten
Em que luzia
Waarin straalde
A fidalguia;
De edelmoedigheid;
E em que esse sangue valente
En degenen met dit dapper bloed
Mostrava que havia gente
Toonden dat er mensen waren
A quem a morte sorria.
Naarwie de dood glimlachte.
Lisboa, terra de fama,
Lissabon, land van roem,
Tens a tristeza de Alfama
Heeft het verdriet van de Alfama
E a poesia
En de poëzie
Da Mouraria.
Van Mouraria.
E nos teus velhos recantos
En in uw oude uithoeken
Eu sei lá quantos
Weet ik dat er heel veel
Tu tens encantos
Charmes liggen
Dos tempos da valentia!
Uit die moedige tijden!


(Refrão)
(Refrein)

Link naar vorig bericht: Ercília Costa, a Santa do Fado...

1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Cheira Bem, Cheira A Lisboa... Amália Rodrigues...


Cheira Bem, Cheira A Lisboa
De Geur van Lissabon

César De Oliveira, Carlos Dias


Lisboa já tem Sol mas cheira a Lua
Lissabon heeft al de zon, maar ruikt naar de maan
Quando nasce a madrugada sorrateira
Wanneer de dag stiekem ontwaakt
E o primeiro eléctrico da rua
En het eerste trammetje in de straat
Faz coro com as chinelas da Ribeira
Klingelend sloffert langs de oever van de Taag

Se chove cheira a terra prometida
Als het regent ruikt het naar het beloofde land
Procissões têm o cheiro a rosmaninho
Processies hebben de geur van rozemarijn
Nas tascas da viela mais escondida
In de verborgen tavernes van het steegje
Cheira a iscas com elas e a vinho
Ruikt het naar 'iscas com elas'(*) en wijn

(Refrão)
(Refrein)
Um craveiro numa água furtada
Een anjelier in een dakkapel
Cheira bem, cheira a Lisboa
Ruikt goed, ruikt naar Lissabon
Uma rosa a florir na tapada
Een roos die bloeit in het park
Cheira bem, cheira a Lisboa
Ruikt goed, ruikt naar Lissabon
A fragata que se ergue na proa
Het fregat dat opstijgt vanuit de boeg
A varina que teima em passar
De visvrouw die haar waar wil verkopen
Cheiram bem porque são de Lisboa
Ruiken goed want ze zijn van Lissabon
Lisboa tem cheiro de flores e de mar
Lissabon heeft de geur van bloemen en de zee

Lisboa cheira aos cafés do Rossio
Lissabon ruikt naar de koffies op het Rossio
E o fado cheira sempre a solidão
En de fado ruikt altijd naar eenzaamheid
Cheira a castanha assada se está frio
Het ruikt naar geroosterde kastanjes als het koud is
Cheira a fruta madura quando é Verão
Het ruikt naar rijpe vruchten wanneer het zomer is

Teus lábios têm o cheiro de um sorriso
Je lippen hebben de geur van een glimlach
Manjerico tem o cheiro de cantigas
Basilicum heeft de geur van liedjes
E os rapazes perdem o juízo
En de jongens verliezen hun verstand
Quando lhes dá o cheiro a raparigas
Wanneer ze de geur van meisjes tegenkomen

(Refrão)
(Refrein)

Cheira bem, cheira a Lisboa (2x)
Het ruikt goed, het ruikt naar Lissabon (2x)

A fragata que se ergue na proa
Het fregat dat opstijgt vanuit de boeg
A varina que teima em passar
De visvrouw die haar waar wil verkopen
Cheiram bem porque são de Lisboa
Ruiken goed want ze zijn van Lissabon
Lisboa tem cheiro de flores e de mar
Lissabon heeft de geur van bloemen en de zee

(*) iscas com elas = een geurige schotel van gestoofde lever met aardappeltjes, wordt vooral in Lissabon geserveerd in tavernes

Reageer op dit bericht Stuur door

Fado Nascente... Rão Kyao e Deolinda Bernardo...



Fado Nascente
Fado
uit het Oosten

Embarcou nas caravelas,
Hij scheepte in aan boord van zeilschepen,
Correu tascas e salões,
Doorliep tavernes en
feestzalen,
Viajou pelas vielas
Trok
door steegjes
A cantar suas paixões.
Zingend over hun passies
.

Sem nunca perder o norte,
Zonder ooit het noorden te verliezen,
Às vezes vira a nascente
Draaiend naar het Oosten

Em busca de antepassados
Bij het zoeken naar vroeger

Da canção da nossa gente.
In het lied van onze mensen.


O fado mora em Lisboa,
De fado woont in Lissabon,
Lá longe, em qualquer lugar,
Overal en nergens,
No coração deste povo
In het hart van
dit volk
Que traz a alma a cantar.
Dat de ziel doet zingen.
Reageer op dit bericht Stuur door

Mãe Preta... Deolinda Bernardo...

Een slavenlied... Dit is de originele tekst op een melodie die later door o.a. Amalia Rodrigues gebruikt werd voor 'Barco Negro'...



Mãe preta
Zwarte moeder

Letra: António Amábile (Piratini)
Música: Caco Velho

Pele encarquilhada
Carapinha branca
Gandôla de renda
Caindo na anca

Embalando o berço
Do filho do sinhô
Que há pouco tempo
A sinhá ganhou

Era assim que mãe preta fazia
Criava todo o branco
Com muita alegria
Porém lá na sanzala
O seu pretinho apanhava
Mãe preta mais uma lágrima enxugava

Mãe preta 2x

Enquanto a chibata
Batia no seu amor
Mãe preta embalava
O filho branco do sinhô

Mãe preta 3x

Zwarte moeder

Met een verschrompelde huid
Wit kroeshaar
En een kanten sjaal
Die tot op haar heupen valt


Schommelt ze de wieg
Van de zoon van haar Meester
Die onlangs
Door haar Meesteres werd gebaard

Dat is wat de zwarte moeder deed
Zij gaf de borst aan zijn witte kinderen
Tot grote voldoening
Terwijl in het slavenverblijf
Haar zwarte kind verstopt zat
Waarvoor de zwarte moeder vele tranen liet

Zwarte moeder 2x

Terwijl de zweep
Sloeg op haar geliefde
Wiegde de zwarte moeder
Het witte kind van de Meester

Zwarte moeder 3x

Reageer op dit bericht Stuur door

Zanguei-me com o meu amor... Amalia Rodrigues...



Zanguei-me com o meu amor
Ik maakte ruzie met mijn geliefde

Jaime Santos (música)
Linhares Barbosa (letra)


Zanguei-me com o meu amor
Não o vi em todo o dia
À noite cantei melhor
O fado da mouraria

O sopro de uma saudade
Vinha beijar-me hora a hora
P’ra ficar mais à vontade
Mandei a saudade embora

De manhã arrependida,
Lembrei e pus-me a chorar
Quem perde o amor na vida,
Jamais devia cantar!

Quando regressou ao ninho
Ele que mal assobia
Vinha assobiar baixinho
O fado da mouraria







Ik maakte ruzie met mijn geliefde
Ik heb hem vandaag helemaal nog niet gezien
Die avond zong ik beter
De fado van de mouraria

Een bries van een weemoedig verlangen
Beroert me elk uur
Om mij beter te voelen
Sloot ik mij af van dit verlangen

’s Morgens had ik reeds spijt
De herinneringen deden mij huilen
Want wie de liefde van zijn leven verliest
Kan nooit meer zingen

Wanneer hij terugkwam naar zijn nest
Floot hij minder luid
Hij floot heel erg zachtjes
De fado van de mouraria

  

Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van Portugal-Lisboa-Fado

↑ Terug naar de berichten