Horen Zien en Zwijgen.
Een tweetal kilometer van het bos verwijderd begon de bewoonde wereld met boerderijen die in een ver verleden ver uit elkaar neergepoot waren.
Uit verveling, eigen aan onze leeftijd, vatte ik samen met mijn nicht de wandeling aan naar de eerste boerderij .
Wij zouden eens verse eitjes van de boer gaan kopen.
Op het erf van de boerderij aangekomen troffen we drie boertjes zittend op een bank in de zon aan. We werden heel hartelijk begroet maar de conversatie verliep uiterst moeilijk.
Boerke één had een enorm spraakgebrek en we verstonden niets van wat die man ons stotterend wou vertellen.
Boerke twee was stom en doof en sprak in onverstaanbare klanken.
En boerke drie zag ondanks de enorme dikke bril geen haartje voor zijn ogen maar hij vertaalde wel alles wat zijn broers ons wilde zeggen.
Deze mannen, van de leeftijd van onze grootouders, waren ongehuwde broers en woonden met hun twee eveneens ongehuwde zussen in de ouderlijke boerderij! De zussen waren minder hartelijk want zij waakten als kloeken over hun broertjes .
Een beetje lacherig maar onder de indruk gingen we in ons bos verslag uitbrengen.
Daar werden we wat ongelovig aanhoord .
Maar de zondag daarop kregen we een wederbezoek van onze drie vrienden en konden we dit apart gezelschap aan de familie voorstellen.








