Meer ...
Als we de kerkelijke geschiedenisboeken doorpluizen, vinden we onder het hoofdstuk "Heiligen" wel een tiental sinte-Mettes. Erg bekende en "nooit-van-gehoorde". Een paar die nooit tot de grote massa zijn doorgedrongen: Martinus van Praga, Martinus van China, Martinus van Herentals, Martinus van Tongeren, Martinus van Kortrijk, Martinus van Léon, Martinus van Auvergne en Martinus Loynas. De allerbelangrijkste is natuurlijk onze Martinus van Tours, door iedereen gekend.
Wij, Retienaren, kennen ook sint-Martinus I, paus. Velen echter zonder het misschien te beseffen.
Als jonge snaken zongen we lang geleden toch, tot onze kelen er schor van werden:
"Vandoag is't sintemetten,
en meregen is't de kruk!"
Eigenlijk betekende dat: Vandaag, 11 november, is het de feestdag van sint-Martinus van Tours en morgen, 12 november, is het de feestdag van de paus sint-Martinus I.
Deze Martinus werd in 649 opvolger van paus Theodorus I. Hij verklaarde op het eerste Lateraans concilie de maagdelijkheid van Maria tot dogma. Veroordeelde de monotheletisten ( zij menen dat Christus slechts één wil had ), waartoe ook de regerende keizer Constans II behoorde. Werd daarom in 653 verbannen naar Naxos. Het jaar daarop kreeg hij de doodstraf. ( Later omgezet in verbanning.) Stierf op de Krim. De vroegere feestdag van Martinus I viel op 12 november, één dag na die van onze sinte-Metten. Om hem van deze te onderscheiden, noemde men de paus in onze streken: " Sinte-Kruk." (De kruk is zijn bisschopsstaf.)


