Gemeenplaatsen tegen rechts
Achterlijkheid en haar strijdmiddel, de heksenjacht, bestaan nu in heel Europa. Een recente illustratie van die ziekte komt uit Groot-Brittannië. Een kandidaat van de conservatieven voor de parlementaire verkiezingen, Nigel Hasilow, werd door zijn partij van de kandidatenlijst gehaald omdat hij had verklaard dat de voorspellingen van Enoch Powell over de catastrofale gevolgen van de immigratie correct waren.
Om aan te tonen dat Hasilow niet in het luchtledige praat, hier twee uitspraken van E. Powell.
In 1964 schreef hij in The Daily Telegraph: ‘Immigration was, and is, an issue. […] It is not colour prejudice or racial intolerance to say that only if substantial further addition to our population is now prevented, will it be possible to assimilate the immigrants already here, which in turn is the only way to avoid the evils of a colour question.’(*1)
In 1968 zei hij in Birmingham, in een speech die befaamd of berucht is geworden: ‘Those whom the gods wish to destroy, they first make mad. We must be mad , literally mad, as a nation to be permitting the annual inflow of some 50.000 dependents, who are for the most part the material of the future growth of the immigrant descended population. It is like watching an nation busily engaged in heaping u pits own funeral pyre.’ (*2)
Iedereen die de verhalen en de statistieken over de gevolgen van de exotische immigratie op de Britse maatschappij een beetje kent, zelfs zonder de gegevens die door de autoriteiten en de media worden achtergehouden, beseft hoe accuraat Enoch Powell reeds decennia geleden het echte karakter heeft doorzien van een verschijnsel dat toen reeds door illusionisten een ‘verrijking’ werd genoemd. De haat van hun hedendaagse navolgers tegen immigratierealisten is zo groot dat ze iedereen die zijn naam zonder vervloeking durft vermelden, bestraffen met uitsluiting uit het gezelschap der weldenkenden, zoals hun vaderen dat gedaan hebben met de grote zondaar zelf.
Hij werd een ‘racist’ genoemd, zoals al diegenen die vandaag denken zoals hij. Maar het woord zal dezelfde devaluatie ondergaan als ‘fascist’. Die term wordt door mensen uit alle politieke kampen gebruikt tegen alle anderen die hun opvattingen niet delen. Hij is dermate uitgerekt dat hij alle betekenissen bestrijkt en dus geen enkele betekenis meer heeft. Zelfs antifascisten worden weleens ‘fascisten’ genoemd (hun onverdraagzaamheid en hun gewelddadig optreden geven daartoe een gemakkelijke aanleiding). De term ‘racist’ zal op dezelfde manier aftakelen. Op dit ogenblik kan iedereen voor ‘racist’ gescholden worden, met inbegrip van de antiracisten (gelijkaardige opmerking als hierboven i.v.m. de antifascisten: hun fanatisme en hun haat tegen het blanke ras maken van de antiracisten een gemakkelijk doelwit).
Twee misbruikte gemeenplaatsen zijn hun slagkracht aan het verliezen. Daar moeten wen ons over verheugen. Maar nog steeds bezwadderen de media en veroordelen de machthebbers in hun naam alleen mensen van rechts. Dat zal zo vlug niet veranderen.
Hubert Spons
(*1) Immigratie was en is een punt (van discussie)[…]. Het is geen vooringenomenheid op basis van kleur- of rassenintolerantie om te zeggen dat enkel een substantiële toename van onze bevolking nu kan worden voorkomen door de immigranten die hier reeds aanwezig zijn te integreren wat op zijn beurt de enige manier is om het onheil van racisme te vermijden.
(*2) Diegenen die de goden wensen te vernietigen, maken ze eerst zot. We moeten zot zijn, letterlijk zot, om als natie jaarlijks een toestroom van ongeveer 50.000 afhankelijken toe te laten, die hoofdzakelijk de basis vormen voor de toekomstige groei van een bevolking afkomstig van immigranten.
Het is alsof kijken naar een natie die volop bezig is met het graven van zijn eigen ondergang.










