Naar de inhoud

dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

m.a.w. de weblog van Greta en boB
seniorennet.beseniorennet.be

de bloemige blog die de avonturen van Greta en boB in BEELD brengt in België, Spanje, Frankrijk, enz.
De foto´s zijn meestal van Greta en de tekst van boB.
Ook eigen (makkelijk na te maken) ervaringen in het cuisineren worden neergezet,
ter streling van het virtuele gehemelte van de kijker/lezer of amateurkok.

Berichten van 1 oktober 2010 tot 31 oktober 2010

KOKENETEN: aan cayenne kan je altijd wennen

 

We zijn met de wagen goed aangekomen in het Spaanse Andalusië,

de avond van 23/10/10.

Om dat te vieren, en om voor mezelf wat achterstand in te halen in het cuisineren, 

ga ik maar vrij snel aan de slag. Ik mag dus de spits afbijten van het koken.

Aangekomen op zaterdagavond, en met zondag de winkels dicht, is het voor

 maandag 25/10.

 

Een paar flinke filets van heilbot, “halibut” in het Spaans, en wat gezonde groenten,

 en we zijn weer vertrokken. Het gerecht wordt pittig gemaakt met cayennepeper, 

en ziehier nu een woordje uitleg voor wie dit pikante poedertje niet dikwijls gebruikt.

 

Cayennepeper is een gemalen gedroogde Spaanse peper, die in de keuken

 gebruikt wordt als specerij. Het is vernoemd naar de Zuid-Amerikaanse stad

 Cayenne, de hoofdstad van het Franse Overzeese Departement Frans-Guyana.

 

 

 

Het bezit een aantal eigenschappen die de gezondheid positief beïnvloeden.

Cayenne raakte in zwang door toedoen van de Amerikaanse dokter Samuel

 Thompson, als eenvoudig middel tegen gevaarlijke Zuid-Amerikaanse koortsen. 

Hij schreef grote doses voor om de tropische koorts te laten uitzweten. Het kon

hem een worst wezen dat het haar van zijn patienten loodrecht op hun hoofd stond.

 

De scherpte van de specerij stimuleert de vorming van speeksel en daardoor

 bevordert het de menselijke spijsvertering.

Onderzoek heeft aangetoond dat cayennepeper ook helpt de eetlust te

 onderdrukken en zo dus overeten onderdrukt. Recente testen geven ook aan dat

 cayennepeper de ontwikkeling van vetcellen tegengaat.

De stof die daar verantwoordelijk voor is in cayennepeper, heet capsaicin.

Studies uit Japan onderschrijven dat capsaicin werkzaam is tegen prostaatkanker. 

 

Vandaag worden crèmes van cayenne ook als pijnstiller in ziekenhuizen toegepast. 

Cayenne is wel geschikter voor volwassenen - en senioren - dan voor kinderen.   

Was steeds je handen na aanraking met cayenne, wrijf niet in de ogen.

 

Cayennepeper maakt men uitsluitend van een bepaalde soort Spaanse pepers.

Deze soort behoudt ook na het drogen zijn rode kleur. Na de droging worden de

 pepers vermalen tot het scherpe poeder dat we kennen als cayennepeper.

 

In de VS vermijdt men best de aanschaf van cayennepeper, die afkomstig is van de

 specerijenafdeling in de supermarkt. De meeste kruiden en specerij en worden

 daar namelijk bestraald waardoor alle goede eigenschappen verdwijnen.

In de EU is het nog zo ver niet, maar door de geplande invoering van de

Europese “Codex Alimentarius”, komt hier mogelijk verandering in.

Je kunt misschien beter overwegen je eigen plantje cayenne te

kweken, wat vrij gemakkelijk gaat in een bloempotje.

 

 

 

 

Bewaring: cayennepeper blijft lang houdbaar, en dat is

maar goed ook, want het is geraden het liefst enkel in kleine

hoeveelheden te gebruiken.

Cayennepeper wordt courant gebruikt bij de productie

van tabasco en chilisaus.

Je kunt het in de keuken gebruiken om vlees- en visgerechten,

pasta's en soepen mee te kruiden.

Ook in eiergerechten past cayennepeper uitstekend.

 

Ik verwerk het vandaag in een eenvoudig visgerecht.

Lang geleden dat ik hier in de keuken gestaan heb, en het

duurt wel even om al het gereedschap te vinden in de kast.

Ook met mijn keukenschort lig ik een beetje overhoop,

nu ik zelf de foto zie.

 

 

 

 

 

Nadat het visje aan beide kanten lichtbruin is gebakken, zet ik het tijdelijk

in de oven op 70°, zodat het geen kou krijgt, of de Spaanse griep .

 

 

 

Er staat op het menu: “gebakken heilbot met tomaten en paprika”.

Dit is een universeel gerecht, maar met veel Spaanse accenten.

Heel eenvoudig te maken, en heel gezond.

Het komt van bij de Weight Watchers, waar wij heel veel sympathie voor hebben.

Hier is het recept:

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

1 volwassen rode paprika

blancheer de tomaten 1’, ontpel, verwijder zaad, hak in stukjes

olijfolie

blancheer de peper 5’, pel hem boven een kom

350g zeevisfilet (hier: heilbot)

vang het paprikasap op in de kom, verwijder steel en zaadjes

1 ui fijngehakt

snijd het vruchtvlees eveneens in stukken

2 lookteentjes, fijn gesnipperd

verhit de olie in een grote antikleefpan

3 middelgrote tomaten

bestrooi de visfilets met bloem, en klop de bloem er af

citroensap

bak de vissen aan elke kant gedurende 3 à 4’

2 el fijngehakte platte peterselie

als ze lichtbruin zijn, leg ze dan op een schotel

zout en cayennepeper

fruit ui en look 1 à 2’in dezelfde pan, voeg eventueel wat olie toe

 

als de ui zacht is, voeg paprika, paprikasap en tomaten toe

 

doe er nog bij: citroensap, peterselie, zout en cayennepeper

 

zet de warmtebron iets lager, dek de pan af

 

laat het geheel 5 à 7’ zachtjes koken, roer af en toe in de pan

 

leg de visfilets terug in de pan, en warm ze nog even op, 1 à 2’

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het visje is gebakken, en alle andere ingrediënten liggen gezellig samen in de pan,

en koesteren zich op de vurige plaat.

Het deksel vliegt al onderweg om de pan af te sluiten.

 

  

 

 

De visjes er nog even bij, en alles mag samen op de tafel.

Het is nu acht uur in de avond van 25 oktober, ongeveer 20° buiten op het terras,

en Greta is thuisgekomen, rechtstreeks van de bridgetafels.

 

Da Daaang!!!

  

De deksels gaan van de potten, en we kunnen er aan beginnen, bij kaarslicht.

Kaarsje, eigenlijk.

 

Greta vindt het resultaat een beetje pikant.

Een tegenslag natuurlijk, maar één ding is zeker: haar vetcellen worden in bedwang

 gehouden, haar spijsvertering verbetert, en ze zal de volgende dagen zeker geen

 koorts krijgen.

En ook de kans dat ze prostaatkanker krijgt is sterk verkleind.

Je moet er iets voor over hebben!

Buen apetito.

 

 

 

Bereid in Spanje en gebaseerd op een recept uit Weight Watchers Menu Kookboek, pag. 90

 

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

In oktober geen chichi in Vichy

 

 

Heel binnenkort vertrekken we weer naar Spanje, laten we zeggen: woensdag.

Enkel Sennet Live en de Actief50 beurs van Seniorennet stonden nog in de weg.

In het verslag van de beurs op de home page van Sennet lees ik dat er nu al

18246 verschillende blogs leesbaar zijn .

Eentje daarvan is het mijne, dit dus, en dus moet ik maar nog een klein stukje

 neerpennen, of neertoetsen, hoewel de neuzen van mijn schoenen al gericht zijn

op het zuiden van Spanje.

Greta heeft gans het weekend in Genk haar Photoshop volop kunnen

demonstreren en promoten met haar collega’s , en ik mocht intussen de nieuwe

VIP Oxypass “aanprijzen”.

De tweede dag had ik de eer en het genoegen als enige de boeken van Pascal

 Vyncke te mogen verkopen, in aanwezigheid van de Grote Voorman.

Het is een toffe gast, maar hij mag zijn half lege colablikje niet meer laten staan!
Hij was wel grieperig, misschien komt het daarmee.

 

Bericht aan de kopers van zijn boeken:

zorg ervoor dat je de binnenkant van pagina 3, waar hij zijn opdracht heeft gezet,

 grondig spoelt met water, om de bacteriën weg te krijgen.

Zoniet ga je ook griep krijgen.

 

Terug naar ons onderwerp: in en door Frankrijk 2009.

Vorige reportage uit de Franse Auvergne, waar je helemaal in het Centraal Massief

 zit, was gestopt bij het vertrek vanuit de B&B  La Chèvre Noire in Montoldre.

 

“De Zwarte Geit” ligt nu achter de rug en achter de bergen, en we rijden verder

naar het hart van het Centraal massief.

Daar wacht ons, voor twee nachten een andere B&B, die ook nieuw is voor ons.

Hij ligt in aan de rand van het dorpje Salers, een van de “100 meest schilderachtige

 dorpen van Frankrijk”.

Door het mooie weer (in de valleien althans!) aangespoord, doen we een aanbevolen

rondrit in een streek, die zeer schaars bewoond is.

We stoppen eerst in een piepklein dorpje, met een rasechte Franse naam: Billy.

In Billy weten de bloemen nog niet dat het half oktober is, en bloeien rustig verder

in stille schoonheid.

 

 

 

 

Mooie villa’s sieren de wandelweg naar het kasteel.

 

 

 

 

Iemand heeft moeite gedaan om een aanzet te geven aan het aanduiden van de

 openingsuren, maar heeft het halfweg opgegeven.

Het is nu gesloten, maar de toeristen zijn ook al weg natuurlijk, behalve wijzelf.

 

 

 

De temperatuur is ideaal, de zon schijnt, en zelfs het kasteel staat te genieten.

 

 

 

Een mooie lokkende Billyaanse jonkvrouw staat me op te wachten aan de

 kasteelpoort, maar ik laat me niet zomaar binnenpraten.

 

 

 

 

Billy ligt op de weg naar het mondaine Vichy, en dat is natuurlijk andere koek.

Het is een oord van bronwater en van prestige.

De huizen in het centrum stralen Franse grandeur af, en dateren meestal van einde

 19de,  en prille begin 20ste eeuw.

Veel Art Nouveau elementen vind je terug over de ganse stad.

 

 

 

Zoals in elk kuuroord is er natuurlijk een Casino, waar het op dit moment

volledige rust is.

Het casino ligt aan een park, het Parc des Sources, dat in opdracht van Napoleon I

 werd aangelegd. Er omheen lopen oude ijzeren galerijen zodat je eventueel droog

 van het Casino aan de ene kant naar het badhuis aan de andere kant kunt lopen.

De straten tussen het Casino en de Allier, de plaatselijke rivier, zijn ook de moeite

 waard om eens door te kuieren. Je kunt je hier vergapen aan de prachtige oude

 villa's en wegdromen in de sjiek van weleer.

 

 

 

Vichy moet je gewoon op je eigen manier, al wandelend ontdekken.

Lekker slenteren door de straten, af en toe een bankje in het park om weer

even bij te komen. Verzin het zelf maar. Een goed begin is natuurlijk altijd om even

 binnen te lopen bij het Office du Tourisme, wat we uiteraard gedaan hebben.

 

Vichy is een “ville fleuri” met 4 sterren. Dat komt vooral omdat keizer Napoleon III

 een prachtig park heeft laten aanleggen. Je kunt er heerlijk wandelen en van

het zonnetje  genieten.

De meeste bloempjes beginnen wel weg te kruipen, behalve bij zonnig weer.

 

 

 

Je bent er omgeven door ca 20 hectare bomen, planten en bloemen waaronder

 diverse uitheemse en exotische planten.

Villa’s aan de rand liggen tussen het groen. Het is het Knokke-Zoute van Auvergne.

Er zijn een paar routebeschrijvingen te krijgen om te wandelen die je langs

de mooiste punten van de stad brengen. Er loopt er een door het Quartier Thermal.  

Een andere brengt je door de oude stad. Vanaf het Casino lopen we via een mooi

 park naar de Allier, de plaatselijke rivier en ook de naam van het departement.

Een prachtige herfstwandeling door een dreef in het warmende zonnetje doet deugd.

 

 

 

Langs de Allier lopen wandelpaden, en aan de overkant van de rustige rivier

is een paardenrenbaan en een golf. Minder kan natuurlijk niet.

 

 

 

Terug richting stad komen we langs de Source des Célestins, zoals we kunnen 

aflezen boven de ingang. In België hebben we Spa Barissart, als meest bekende

 bron, en hier is het dus Célestins.

 

 

 

Aan de binnenzijde van het gebouw is het heel luchtig, en opgebouwd met

Art Nouveau elementen.

Vichy staat al sinds de Romeinen bekend om de warme bronnen die tegen allerlei

 ongemakken (zouden) helpen.

 

 

 

In de tijd van Napoleon III werd Vichy omgebouwdd tot een ruim opgezette stad.

Tot een eind in de 20e eeuw was het een geliefd ontmoetingspunt van

de upperclass van Europa. Vichy kent diverse kuuroorden en natuurlijk

is het bronwater ook in flessen verkrijgbaar.

Nog leuker is het om met je lege flessen naar de Source Célestin te gaan.

De bronnen geven hier hun heilzame water af via bronzen kranen die voor 

het publiek zijn opengesteld.

Dit is dus geen WC die niet is doorgespoeld!

 

 

 

Er staan hier verschillende batterijen van tapkranen naast elkaar.

Ook op het gebied van water is er gelijkenis tussen Vichy op Knokke: zeewater

 geschept in Knokke smaakt net hetzelfde als het flessenwater van Vichy.

Hier zie je trouwens op de achtergrond een proefpersoon (letterlijk), die het water

 getest heeft, en nu steun zoekt, wegens een wrang gevoel in de maag.

 

 

 

Het zijn trouwens hypocrieten in Vichy.

Waar ze de (rijke) mensen zogezegd van kwalen,

zoals artrose enz willen afhelpen,

met hun spa’s en hun flessenwater,

zetten ze aan de andere kant de patiënten aan

om te roken, wat ook weer niet de gezondste sport is.

 

 

 

 

 

Deze gevel in het centrum is wel komisch, want de onderste verdieping is geschilderd.

 

 

 

 

 

De kerk is zeker interessant voor een kort bezoek.

Ze is heel donker, en daardoor komen de brandglasramen,

als de zon schijnt, goed tot hun recht.

 

 

 

Speciaal voor de dames: je voelt je opnieuw dertig,

na het gebruik van de gepaste huidproducten uit het

gamma van Vichy. Vrouwen onder de dertig blijven er

 dus maar best af, want die gaan een slechte zaak doen.

 

 

 

Soms krijg je zelfs de indruk dat de Fransen

houden van Amerikanen.

Zelfs hun eigen (ex!) Napoléon III moet wijken

voor de Yankees.

 

 

 

Dit is dan het voorlopige afscheid van Vichy.

Ondermeer omdat momenteel Seniorennet slechts 20 foto’s

toelaat per aflevering.

Daarenboven moet ik nu dringend de valiezen pakken.

Woensdagmorgen 20/10 vertrekken we met de wagen

richting Marbella.

Misschien komt er nog een live verslag onderweg,

speciaal voor jullie!.

 

Tot zeer binnenkort!

 

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: de Mongool kent iets van witte kool

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

   

In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, mag een witte kool niet wit zijn, 

maar eerder lichtgroen.

Zorg ervoor dat de buitenbladeren stevig en glanzend zijn als je hem koopt.

 

Witte kool is wereldwijd een van de belangrijkste menselijke voedingsbronnen.

In Rusland, China, Oost- en Noord-Europa zijn winterharde koolsoorten gewoon

onmisbaar, en bijna dagelijkse kost.

 

Mongolen zien zelfs een beetje groen, omdat ze bijna constant witte kool eten.

Ook op Mars is deze kool het nummer één op het menu; kijk maar naar de groene

 mannetjes die van daar komen.

 

Deze ultieme wintergroente mag dan wel de reputatie hebben zwaar

in het lichaam te vallen, in werkelijkheid is ze caloriearm, en vetarm.

Waar de witte kool wel bijzonder rijk aan is, zijn vitaminen en mineralen.

Aan amper 200 gram heb je genoeg om je dagelijkse behoefte aan vitamines A 

en C binnen te krijgen, daarnaast zit er nog een stevige dosis mineralen in als ijzer,

 calcium, fosfor en magnesium.

Men rekent 300 tot 400 g gekookte witte kool per persoon.

In tegenstelling tot wat men soms denkt, hoef je ze om de lieve lijn niet te laten,

want witte kool levert maar 24 kcal/100g.

Behalve voor zijn voedingswaarde, staat de kool in de traditionele Europese

 kruidengeneeskunde bekend als middel tegen brandwonden en ontstekingen.

 

 

 

 

 

Maar… nu moet ik toch even een prangend en nijpend onderwerp aansnijden.

Kolen slepen een bijzonder slechte reputatie met zich mee.

Ze zouden moeilijk verteerbaar zijn en zodoende de vorming van ongewenste

 gasbellen in onze darmen bevorderen.

Bij effectieve ontsnappingspogingen brengen die het fatsoen van de

 gastheer/vrouw luidruchtig en/of geurig aan het wankelen.

Nochtans, en dat is dan het supergoede nieuws, mits inachtneming van enkele

 voorschriften hoeft je metabolisme er hoegenaamd geen hinder van te ondervinden.

 

 

Tip 1:

Een van de voorschriften is dat je kool vooral niet te lang mag koken.

Bij langdurig koken ontstaan zwavelverbindingen, met het gekende gevolg

ter hoogte van de darm-exit.

 

Naar verluidt stoppen de Mongolen hun paarden trouwens vol met witte kool, 

zodat na de maaltijd en de dierlijke vertering, die beesten soms als een raket

 vooruit vliegen, gedreven door luide knallen en zwavelachtige dampen.

 

Kool bevat mosterdolie, dat is een vluchtige stof die het verteringsproces versnelt

 en de zwaveltoestanden fors verbetert.

Om de mosterdolie van kool intact te houden, mag je dit slechts even stomen.

 

Tip 2:

Je kunt er ook op het einde van de bereiding een lepel mosterdzaad of -poeder

in mengen, wat hetzelfde effect heeft.

Hiermee gewapend is er geen enkele reden meer om geen (witte) kool te bereiden.

Dankzij deze twee tips kan iedereen onbezorgd aan de kool! Lang leve de Mongool!

 

Witte kool is natuurlijk ook de basis voor zuurkool. Dit gerecht wordt gemaakt van

 fijn geschaafde witte kool, die met een weinig zout en een scheut karnemelk in

een inmaakpot tot gisting wordt gebracht.

De lichtverteerbare zuurkool heeft bovendien een zeer hoog vitamine C-gehalte.


Tenslotte is witte kool heel geschikt voor salades.

Verwijder de buitenblaren, snijd de kool in vieren en haal de stronk eruit.

Was de vier delen apart. Schaaf de kool of snijd hem in smalle snippers.

Voor salades rekent men 75 tot 100g per persoon.

Eens geschaafd en geblancheerd kan ze makkelijk worden ingevroren.

 

 

 

 

Ik heb (zeer) persoonlijk ook nog een goeie reden om witte kool klaar te maken.

Het is nu midden april in Spanje, en ik heb me speciaal opgetut om de Semana

 Sancta te vieren. Daarvoor heb ik een blits halssnoer uitgedacht, waarin

een paar kleine witte kolen verwerkt zijn.

Na afloop van de processie kan, en mag ik dit voedsel niet zomaar te grabbel 

gooien, en moet het de keuken in. Ecologisch inzicht moet er ook zijn.

Hier zie je me nog in groot ornaat met mijn koolhangers.

 

 

 

Er staat op het menu: “kabeljauw met witte kool en spekjes”.

Het is een Spaans gerecht, dus heel eenvoudig te maken, en heel lekker.

Hier is het recept.

 

 

ingrediënten voor 4

bereiding

4 dikke kabeljauwfilets, of andere harde vis

bak het spek in een weinig olie krokant, zet het opzij

½ witte kool, fijn gesneden

kook de kool in weinig water gedurende 5’

150g kleine spekblokjes (Spanje: Serrano)

ze mag wat zacht worden, maar moet al dente blijven

een handvol verse peterselie, ruw gesneden

laat ze goed uitlekken, stoof ze in een pan

een glas witte wijn, of  2 el sherry

doe er de boter bij en de wijn, en roer regelmatig

20g boter

houd het vuur laag, laat de boter smelten

5 cl (soja)room

en laat staan tot de meeste wijn verdampt is

verse (cayenne)peper, zout

voeg het spek toe, met alle braadsappen, en de room

een beetje olijfolie

voeg de peterselie toe en wat verse peper en zout

 

zet borden in de oven op 75° als voorverwarming

 

paneer de kabeljauw intussen aan beide kanten

 

verhit een beetje olijfolie in een niet-kleefpan

 

bak de kabeljauwfilets hierin, 4-5’ aan elke kant

 

(hangt af van de dikte van de vis)

 

lepel de kool op de warme borden

 

leg de visfilets er boven op

 

garneer met krulpeterselie en dien op

 

TIP: geen zout gebruiken voor de vis, door het spek

 

 

De kool voelt zich blijkbaar beter in de pan dan aan mijn nek.

Ik denk er ook zo over.

 

 

 

 

Intussen strijkt Greta er duchtig op los, op het terras. Ze is gerust in de afloop.

 

 

 

Ook de kalme kabeljauwen voelen zich happy in de koesterende warme pan.

 

 

 

De groentjes (in twee betekenissen) gaan gedwee op het bord en het zwemmertje

 komt er zachtjes bovenop.

 

Op het moment van de bereiding wist ik nog niets van het belang van de kooktijd.

 

TIP: laat de wijn niet inkoken, om zo de kooktijd in te korten, maar doe er

op het laatst 2 eetlepels sherry bij in plaats van de wijn.

 

Buen appetito!

 

 Bereid in Spanje en gebaseerd op een recept uit de reeks “New Mediterranean Meals”

van de Engelsman Mark Harrison, van wie ik eens per post een CD kocht met recepten.

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Het raadsel van de Zwarte Geit

 

 

Binnenkort vertrekken we weer naar Spanje voor de winter 2010.

Dat doet me eraan denken dat de zuidwaartse tocht van vorig jaar nog niet

is aan bod gekomen op mijn blog.

Als ik dat nu eens zou doen, dan komen alle prettige reisherinneringen weer

naar boven. Doen dus.

 

Niet (alleen) de bestemming is belangrijk, maar de ervaringen van onderweg

 maken het reizen een prachtige belevenis. Daarom kiezen we elk jaar een

verschillend parcours. Want denk eraan: reizen is goed, als je het traag doet.

Dan maak je zelf de gelegenheid om alles veel intensiever te beleven.

 

 

We noteren 11 oktober 2009.

Dit jaar bollen we over en door het Centraal Massief, dwars door

het hooggelegen centrum van Frankrijk.

Daar richten we ons naar Auvergne, in het departement Allier.

 

Eerst gaan we nog rond Parijs, via de Francilienne. Rustig is het daar, en dat mag.

Dertig kilometer van Vichy weten we een uitstekend adresje: Mike en Sue Papala.

Hier zijn we al eerder geweest, en we komen hier thuis.

Het verwachte bordje hangt er al, als we in de vroege avond aankomen.

 

 

 

 

 

 

Even schetsen: Mike is een Engelse geoloog, werkt in Canada in de mijnexploitatie.

Sue is eveneens Engels, maar heeft als lerares heel veel jaren in een vroeger leven 

in Zwitserland gewerkt. Ze heeft een talenknobbel, die echter in tegenstelling tot

 mijn tenenknobbel, met het blote oog niet te zien is.

Ze houden samen een gezellige B&B (trois épis), La Chèvre Noire, de Zwarte Geit, 

maar Mike is regelmatig afwezig voor zijn part time werk in het andere continent. 

De dag zelf van onze aankomst is Sue hem gaan oppikken aan het station van Moulins.

 

 

 

Het is een heerlijk weerzien, een prachtige herfstdag, en ook de wagen voelt zich

 goed in de tuin. Hij staat hier natuurlijk 200% veilig.

 

 

 

 

 

We zijn hier (weer) alleen, dus alle rust en genot is exclusief voor ons.

Greta ademt gretig de Auvergniaanse lucht in vanuit het raam op de verdieping.

 

 

 

 

 

Intussen heb ik mijn plekje gevonden in de salon, terwijl ik wacht op het aperitief

 “on the house”, bij de brandende open haard.

 

 

 

 

Vanuit de woonkamer heb je een mooi zicht op de parktuin,

waar de herfstkleuren alles wikkelen in een zacht licht.

 

 

 

We weten dat Sue een prima kokkin is, dus wordt het nu genieten.

Ik had telefonisch een “light meal” besteld, en Sue houdt daar natuurlijk rekening mee.

 

 

 

 

We beginnen met lekkere soep van pompoen (uit de tuin), met gebakken uitjes

en spekjes om de pompoensmaak wat op te krikken.

Dan is er de salade met vlees en kaas.

Ik heb al veel soorten Franse kazen

 gegeten, maar deze zit vanaf nu zeker in mijn top drie:

de “Comtesse de Vichy”.

Spijtig genoeg is het een streekkaas, en kan je hem in

België waarschijnlijk niet vinden. Subliem lekker!

 

 

 

Dan krijgen we nog eendenborst met salami en hesp en stekelbes chutney.

Het dessert is iets met een crumble van wat weet ik niet meer.

Al een geluk dat ik een “light meal” had gevraagd.

We gaan dus nog even in de tuin om enkele calorieën kwijt te spelen. 

 

 

 

 

Zoals het echte Engelsen past zijn ze hier niet gespeend van humor.

Zo zien we een bordje hangen, met een zinnetje, aangepast aan de reusachtige tuin.

 

 

 

 

In de tuin bij het zwembad loopt een vriendelijke hond.

Ik zal hem maar Blakkie noemen.

Blakkie loopt onafgebroken naar alle kanten en zeult een speeltje mee, een soort frisbee.

 

 

 

 

Het zwembad ligt tussen enkele prachtige bomen, maar dat gaat me achteraf

nog parten spelen…

 

 

 

 

Wanneer het tijd is om te gaan slapen, geef ik al duidelijk

aan met mijn vijf vingers hoe laat ik van plan ben

om op te staan. De werkelijkheid is er niet ver af…

 

 

 

 

Nog een kleine merkwaardigheid: Sue is zo bezeten

van het maken van lekkere salades dat ze prompt

de lavabo heeft vervangen door een slakom.

  

 

 

 

Ik moet in de nacht veel niezen, want ik heb een verkoudheid

meegebracht uit België.

Rond zes uur in de ochtend, met andere woorden in het

midden van de nacht, maakt Greta me dan nog wakker

met een schok. Ik heb niet veel uitleg nodig, want ik hoor

het alarm van de wagen. Om de dieven in snelheid te pakken,

loop ik naar buiten, met enkel mijn schoenen aan.

De volgende twee minuten komt dus voor mij het raadsel

van de zwarte geit

De wagen staat slechts tien meter van het huis, en er is

niets abnormaals aan te zien of te horen.

 

Intussen is Sue uit het raam komen kijken, in nachtgewaad,

en roept iets van: “the swimming pool”. Wat is er gebeurd?

 

Het zwembad heeft een alarm. De Europese wetgeving

verplicht namelijk een afsluiting te bouwen rond zwembaden,

toegankelijk voor het publiek, ofwel moet men een alarm

plaatsen. Dit zwembad heeft dus een alarm, dat in werking

treedt als er iemand invalt, m.a.w. als er golfslag is.

Het toeval wil dan nog dat het geluid identiek is aan dat

van onze wagen. Daar sta ik dus mooi van te genieten!

Door een speling van de natuur (of door Blakkie?) is er

dus een golfslag ontstaan. De wind eventueel?

Het Mysterie van de Zwarte Geit is dus niet opgelost!

 

Mijn nachtrust is niet helemaal perfect, is de conclusie.

’s Morgens komt Blakkie mij zijn speeltje aanbieden,

om me te troosten. Mooi gebaar.

 

 

 

Iedereen mag nog eens op de foto vóór het vertrek naar

andere oorden. Ik heb Blakkie zijn speeltje toch maar teruggegeven.

Tot ziens, Mike en Sue, en Blakkie ook.

Nee Blakkie, ik wil je speeltje niet. De koffer zit vol.

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

↑ Terug naar de berichten