Naar de inhoud

dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

m.a.w. de weblog van Greta en boB
akke.beakke.be

de bloemige blog die de avonturen van Greta en boB in BEELD brengt in België, Spanje, Frankrijk, enz.
De foto´s zijn meestal van Greta en de tekst van boB.
Ook eigen (makkelijk na te maken) ervaringen in het cuisineren worden neergezet,
ter streling van het virtuele gehemelte van de kijker/lezer of amateurkok.

Archief

KOKENETEN: Vasken of Basken

 

 

 

Als we hier naar een Spaans restaurant gaan, zien we regelmatig een gerecht

op de menukaart met een bijvoegsel “a la Vasca”.

Wat bedoelen de Spaanse koks daarmee?

Als je verder leest ga je het weten, en dan moet je het niet meer vragen

aan de camarero.

 

Om te beginnen:

wat wij de Golf van Biskaje noemen, wordt door de lokale bewoners Viscaya genoemd.

Spanjaarden, en in het bijzonder de Basken zijn er zelf nog niet helemaal uit, wanneer

ze de V of de B moeten spreken/schrijven, en daarom spreken ze het maar hetzelfde uit.

Daarmee is het voor hen opgelost en is de kous af.

 

“A la Vasca” op een menukaart is altijd een gerecht, bereid met wijn en groenten.

Dat kan zowel vis als vlees zijn, of om het even wat.

Niet te verwarren met “A la Viscaina”, want dat is op Biskaaise wijze,

Dit is met zoet en uitgesproken scherp paprikapoeder.

 

De Baskische keuken heeft een erg solide reputatie in Spanje.

Goed koken en lekker eten zijn bij de Basken bijna tot een nationale sport geworden,

die men in verenigingsverband beoefent.

De koks sluiten zich aan bij gastronomische clubs, met eigen keukens en resto’s,

waar de leden samenkomen om te experimenteren met nieuwe recepten en

het resultaat gezamenlijk te testen.

Wie onlangs “De Bende van Wim” volgde op TV, heeft dat ook van dichtbij kunnen zien.

 

Het hier voorgestelde gerecht vandaag is “Pavo a la Vasca”, kalkoen op zijn Baskisch.

Eigenlijk is het oorspronkelijke gerecht in het kookboek “Pollo a la Vasca”,

met een stuk kip dus, maar een sappig kalkoenfiletje is een leuke variant.

Heel eenvoudig te maken: wat snijwerk, af en toe iets in de pan leggen en klaar is kees.

Iedereen kan dit natuurlijk. Zelfs ik.

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

300g sjalotten in schijven gesneden

bereid de rode paprika’s indien verse, snijd in reepjes

rode paprika (250g)

kruid de kalkoenlapjes met pezo, tijm, rozemarijn

(Spanje: troceado, in stukken)

snijd de ham in blokjes (of koop de blokjes: in Spanje)

100g (Serrano)ham (in blokjes)

maak de groene paprika’s schoon, verwijder zaad en

groene paprika (400g)

zaadlijsten en snijd ze ook in reepjes

3 teentjes look

pel de lookteentjes, snijd ze zeer fijn

4 dunne kalkoenlapjes

rol de kalkoenlapjes op en prik ze eventueel vast

3 el olijfolie

verhit de olie in een braadpan

pezo, tijm, rozemarijn

braad hierin de stukken kalkoen aan op hevig vuur

2 el tomatenpuree

haal ze, als ze mooi gekleurd zijn, uit de pan

2 à 3 glazen droge witte wijn

bak de sjalotten in het resterende vet lichtbruin

 

voeg de ham, tomatenpuree en de paprika’s toe (*)

 

doe de lookteentjes erbij en de wijn

 

schik de stukken kalkoen op het groentebedje

 

laat 30’ zachtjes stoven

 

(*) indien troceado rode pepers: laatste 10’ toevoegen

 

serveer de kalkoen met aardappels

 

Eventueel kan je er, naar smaak, nog wat Cayennepeper bij doen,

of bijvoorbeeld een stukje gedroogde Piment d’Espelette (uit Frans Baskenland).

(zie: “Tonijn op Baskische wijze” op datum van 30.11.08)

 

 

 

Eenvoudig opgediend in de pan, met gekookte aardappel.

Lekker met een Spaans rood wijntje.

 

 

Hier heb je nog eens een close-up tijdens de laatste fase op het vuur.

Het ruikt heel aangenaam, ziet er heerlijk uit, en smaakt naar nog.

 

 

Buen approveche.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Olaba(*): fietsen door de Limburgse mijnstreek (einde)

 

Ik heb gezien dat in deel 3 een beloftevolle foto verdwenen is,

daar waar Erik door de periscoop kijkt boven op de mijnterril.

 

Die gemiste foto zet ik nu toch hieronder, want hij heeft een mooie meerwaarde.

Van op 75 m hoogte, zie je van dicht bij de terril, waar de begroeiing

zich maar zeer traag ontwikkelt, door de uiteraard onvruchtbare ondergrond.

Dan komt, aan de voet van de terril, de cité waar de mijnwerkersgemeenschap

leefde, dan het Limburgs bronsgroen eikenhout.

In de verte ten slotte priemen de liften van de koolmijn van Winterslag.

 

Waarschijnlijk is de foto vorige editie in een of ander zwart gat gevallen,

wat vrij logisch is in deze streek met zeven koolmijnen.

 

 

 

Hier komt het ultieme verslag:

 

Laatste deel: de westelijke verfrissing

 

De rit gaat vandaag in de richting van het westen, de enige windrichting

die we deze week nog niet verkend hebben.

 

Door het vroege ochtendlijke uur slaat de president (that's me) de Olabal mis

en vertrekt in een volledig verkeerde richting.

Geen nood echter, de weg valt op zijn pootjes, en de Olabapresident ook.

Erger is het gesteld met het weer.

 

We ondergaan enkele druppels, maar na 6 jaar zon mogen we ons gelukkig prijzen.

 Meestal is het arrangement dat we boeken gedekt door de Limburgse “Slecht

Weer Garantie”, maar ook dit jaar zullen we daar geen beroep moeten op doen.

 

Vorig jaar in Haspengouw was de weerstoestand iets beter, maar daartegenover

stond het nogal kuitenbijtende heuvelachtige parcours. Ik mocht zelfs via officieuze

bron vernemen, dat men dat gedeelte van de provincie Limburg zou gaan herdopen

in Klimburg.

 

Westwaarts rijden we in de richting van een grote plas (water).

Onderweg stoppen we even voor de fotograaf, en om de benen te strekken,

behalve Erik, die ze nog eens extra in de plooien legt.

 

 

 

We gaan vandaag het rondje maken van het Schulensmeer, een grote

kunstmatige watervlakte, ontstaan door zandwinning voor de autosnelweg.

 

 

 

Bij aankomst staat een rustbank op de goede plaats voor ons.

Ook de fietsen mogen zich nu even ontspannen. Take 5.

 

 

 

Gina is maar al te blij haar kennis over het Schulensmeer op te kunnen krikken,

met dank aan het hier aanwezige didactische paneel.

 

Bob vindt het meegebrachte water eerder uitzichtloos, en met grote zekerheid te

weinig calorieën en vitamine C bevattend.

Later op de dag zal deze ongunstige toestand worden verbeterd.

 

 

 

Uitermate rustig is het hier.

Alleen worden we argwanend gade geslagen door drie wankele zusters

tijdens hun ochtendwandeling.

 

 

 

Hier nog een vogel die er heel tevreden uitziet door het bestaan

van deze waterplas.

Maar, is het een fuut of een kluut? Waarschijnlijk weet hij het zelf ook niet.

 

 

 

Aan didactische borden is er geen gebrek, maar de boodschap

komt soms eigenaardig over.

“Begrazing door koeien van het ras Blonde d’Aquitaine”, lees ik hier, en jullie ook.

Een lichte kokhalzing maakt zich van mij meester.

Waarom geen Blonde van Grimbergen bijvoorbeeld?

Die kennen we tenslotte nog van in Alken.

 

 

 

Aan het midden van het meer stoppen we aan een veelbelovende horecazaak,

maar ze is gesloten. We moeten dus zelfs de handen niet uit de zakken halen.

 

 

 

Pech ook voor Gina.

Ze schakelt de grote middelen in, en tuurt zorgvuldig de horizon af naar waar het

volgende aperitief zich zou kunnen aandienen.

 

 

 

Yvette anderzijds, is één met de natuur, en toont wat ze gevonden heeft.

En toch zit hier ook weer een stevige hint en vingerwijzing in,

want ze staat hier te pronken met een krans van hopscheuten,

essentieel onderdeel van de Blonde Grimbergen en de Leffe. Hint!

 

 

 

We leren alle dagen bij.

Deze zandwinning wordt (soms) ook gebruikt als overloop,

indien de hoeveelheid water in de buurt wat te groot wordt.  

“Het wassende water getemd” noemen de Limburgers dat.

 

 

Van een paar wielruiters wordt stiekem een foto genomen doorheen het ronde gat

 met behulp van de O van Olaba.

 

 

 

Een waterput doet in ieder geval denken aan water.

Water doet denken aan bier, want het is hét hoofdbestanddeel.

Sommige bieren bevatten trouwens niets anders.

Alles wat we verder onderweg zien wordt nu een kwelling.

Geen enkel fietscafé verschaft ons op korte termijn zijn gastvrijheid.

Hijg, hijg, hijg.

 

 

Deze visuele verleiding mag ook meetellen…

 

 

 

Een publiciteitsbord, een eindje verder, doet er nog een schepje bovenop.

Eerlijk waar toch: de beste fietscafés ter wereld vind je in Limburg.

Ze hebben jáááren voorsprong op de rest, en dat zal zo nog wel een tijdje blijven.

Maar, ze moeten open zijn natuurlijk, ten minste als wij er aankomen.

 

 

 

 

Het opeengestapelde Olaba geduld wordt toch beloond als we ter hoogte komen

van fietscafé “de smis”, waar een hartelijk gezind welkomstcomité ons opwacht.

 

 

 

Eenmaal binnen, is het hoogste leed geleden.

We kunnen ons eindelijk storten op de Leffe van het Vat.

High spirits voeren de boventoon vanaf nu.

 

 

De lichamelijke leidingen laten zich gedwee vollopen met het blonde nat,

en een sanitaire beurt komt er aan.

Groot is mijn verwondering als ik deze intieme vertrekken betreed.

Voor de eerste maal in mijn leven word ik geconfronteerd met

een vreemd soort apparaten.

Deze toestellen zijn urinoirs met een gaspedaal (voor prostaatpatiënten?).

 

 

Onder de indruk en onder invloed rijden we verder, tot we een

ruiterstandbeeld zien, waar een ridder en een paard in schitterende outfit

geconfronteerd worden met een paar doordeweekse dorpsduiven.

De helm van de ridder heeft een oogspleet aan de bovenkant.

Slecht middeleeuws design is dat. Als de linkse duif naar de WC moet,

dan gaat de ridder problemen tegemoet met zijn zicht.

Misschien dat hij om die reden preventief al een lange (blinden)stok bij zich heeft.

 

 

Het marktplein van Herk-de-Stad vormt het decor voor het ultieme tafereel.

Na het Laatste Middagmaal zullen we tot de finish gaan.

We kiezen voor “De Gulden Mortier” om de laatste nodige krachten

op te doen en ons te wapenen voor de terugkeer.

 

 

Eten met een design look, en wel heel lekker.

 

 

Culinair visstandje met brochette.

 

 

 

Voor deze pastaschotel is Greta zelfs bereid met de fiets

naar Zjakkamakka te rijden.

 

 

 

Mijn eigen keuze lijkt op het eerste zicht een half mislukt vogelnest.

Ik moet terugdenken aan de duiven van daarnet.

 

 

 

Tot slot nog even een altijd blijvende herinnering ophalen… 

 

 

 

Maar het belangrijkste na vier dagen is de big O van Olaba.

 

 

Dag 4, knopen: 302-303-312-313-314-353-195-194-193-179-94-302

Afstand is 48 km à 14.1 km/u

De officiële, maar altijd foute Bob kilometerteller, geeft in totaal 185 km.

Vorig jaar bedroeg de totale afgelegde weg 197 km, maar dan waren we wel jonger.

 

(*) Olaba = Organisation de loisirs agréables et blabla amical.

 

Voor details, zie vroegere stukjes.

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: kip XXXL, met een hete speksaus, en nog wat.

 

  

 

 

Deze week presenteer ik drie recepten voor de prijs van één, omdat het Pasen is.

Het hoofdbestanddeel is kip, uiteraard een must met Pasen.

In alle bescheidenheid durf ik er aan toevoegen, dat dit gerecht

(voor mijn persoonlijke smaak) het beste is wat ik dit jaar gemaakt heb.

Zelfs een startende kok als ik kan (toevallig?) toch ook wel eens scoren

of wat geluk hebben in de keuze van de recepten en de bereiding!

 

Merkwaardig is dan nog dat ik het recept met kip simpelweg had gekozen

wegens zijn lange, en grappige naam. In het kookboek staat dit recept vermeld als:

“Erskine Caldwell’s Genuine Southern Fried Chicken”.

Uit de USA. Alstublieft. XXXL. 

De Amerikanen kunnen niet koken, maar wel de grappigste namen bedenken.

 

Het geheim van deze kipbereiding zit hem daarin, dat hij een nacht geweekt

wordt in melk. Hierdoor krijgt hij een ultra softe smaak, een beetje te vergelijken

met Tandoori-kip van de Indiërs, maar beter van smaak, en met een lage

moeilijkheidsgraad om te bereiden.

 

Ik lees in het kippenkookboek dat (citaat)

“Sinds de invoering van wetenschappelijke intensieve kweektechnieken

zijn kippen gegarandeerd vlezig en mals.

Maar omdat ze op een standaarddieet gesteld zijn, en weinig beweging

krijgen, heeft het hedendaagse gevogelte een fantasievol maar verstandig

gebruik van marinades, sausen en /of vullingen nodig om hun smaak te verhogen.”

Dus het kippetje krijgt zijn marinade, en ook andere aanvullingen om het

yammie-yammie te maken.

Zo zag Erskine Caldwell zijn eigen kippetje evolueren:

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

2 stevige kipfilets

snijd de kipfilets in 3 stukken

½ l halfvolle melk

zet de stukken kip een nacht in de melk,…

1 ei, losgeklopt

waaraan het ei, wat zout en een scheut tabasco is toegevoegd

zout

laat de stukken kip uitlekken in een vergiet, en dep ze droog

tabasco

haal ze door een mengsel van half bloem, half paneermeel

1 el bloem

bak ze in olijfolie tot ze bruin zijn

1 el paneermeel of broodkruim

doe ze dan 10 à 15’ in een oven op180°

olijfolie

heel lekker met gegrilde tomaten en een hete speksaus

 

Welke groenten komen in aanmerking? Bij een kip is er keuze te over.

Maar, mits de kip in de oven moet, kan de oven beter nog wat voller.

Twee vliegen in één klap.

Hoewel gebakken vliegen alleen in Cambodja op het menu staan.

De keuze valt op gegrilleerde tomaten. Ze doen denken aan de zomer en BBQ.

 

Ook weer heel eenvoudig te bereiden.

Ik had het vroeger al eens met succes bereid bij  kalkoenspitjes met wortel-rijstsalade.

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

4 stevige grote tomaten

maak de tomaten schoon, verwijder het kroontje

4 looktenen (onder olie)

snijd de tomaten met een scherp mes kruiselings in

olie, zout en peper naar smaak

pers de look en vermeng de lookpuree met de olie

basilicum(pasta uit tube)

verdeel het mengsel in de spleten van de tomaten

 

doe er de basilicum(pasta) bovenop

 

besprenkel met beetje olijfolie en grilleer de tomaten 10´

 

dien ze op, bestrooid met zout en peper

 

En zo komt het lekkere duo samen in de oven terecht.

 

 

 

Nu hebben we al vlees en groenten. Wat met de koolhydraten?

Toevallig loop ik door het kookboek “Salades en Koude Voorgerechten”,

en zie ik een hete speksaus staan. Vreemd hoe dat in dit kookboek terecht komt.

Het is geen salade, en nog minder een koud voorgerecht.

Misschien heeft de receptenverzamelaar dit in het boek gezet op een maandagmorgen.

Ik vergeef hem, want het is lekker, zeker  in combinatie met de rest.

À propos, in België gebruikt men regelmatig een microgolfoven.

In Nederland niet, maar de keukens blijken daar uitgerust met een magnetron.

Er is geen enkel verschil. Omdat statistisch 25% van de lezers van deze weblog

Nederlanders zijn, is het mijn plicht ook voor hen de recepten leesbaar

en gebruiksvriendelijk te maken. Ziezo.

Nu weten ze inmiddels nog niet dat “piepers” aardappelen zijn, maar ja,

alles op zijn tijd.

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

1 el sherryazijn

schil en kook de aardappelen (in de microgolfoven)

4 el olie + olie om te bakken

bak het spek even aan in een pan en giet het vet weg

pezo

maak in een kommetje de vinaigrette

2 grote of 4 kleine aardappelen

doe er het spek en de gesnipperde ui bij

100g blokjes gerookt spek

giet deze saus opnieuw in de pan, breng het aan de kook

1 gesnipperde ui

draai het vuur laag, laat het vocht een tijdje pruttelen

 

zet er geen deksel op, roer af en toe tot de uien zacht zijn

 

snijd de hete piepers in schijfjes (warm!)

 

rangschik ze op een verwarmd diep bord

 

giet de warme saus gelijkmatig over de aardappelen

 

dien de salade meteen op

 Je ziet hoe mijn spieren zich spannen (van de schrik)...

 

 

 

 

Het spek wordt voorzichtig uit de pan geschept, en alles is klaar.

Alles heeft zijn weg gevonden naar de tafel: de tomaten,

met de lookpuree en de basilicum.

 

 

 

Verder zie je de gebronsde kipfilets en de hete speksaus op de schijfjes

aardappel.

Ik heb er ook nog een gemengde salade bijgedaan, om het feest

compleet te maken.

Superlekker!

 

 

 

 

Lichtjes gebaseerd op:

TimeLife Gevogelte pag.98

Eten van grill en BBQ pag.88

TimeLife Salades en Koude Voorgerechten pag.29

 

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Olaba: fietsen door de limburgse mijnstreek (deel 3)

 

 

 

Op zoek naar de kolenput

 

De Olaba’s hebben blijkbaar goed geslapen en ontbeten.

Hoog tijd om nog de briefing van de dag door de strot te duwen,

want ze weten nog niet wat een “hulleput” is.

Voor de aandachtige lezer: het is het Kempische woord voor koolmijn.

Dat is waar we vandaag naartoe rollen.

 

 

 

 

Alle koolmijnen liggen (of eerder “lagen”) ten noorden van het Albertkanaal.

We starten langs het kanaal en slaan een oude spoorwegbedding in,

waar de rust voor vele kilometers verzekerd is.

 

 

 

 

Uiteindelijk komen we bij de vroegere mijn van Zolder terecht, vlak naast

de schacht en de lift, die zich als een baken boven het landschap verheft.

 

 

 

 

Gina is zo onder de indruk van deze historische plaats, dat ze nauwelijks

haar traantjes kan bedwingen. Een knuffel van de president is nu hard nodig

om ze weer op de been en in de harde realiteit te brengen.

 

 

 

 

 

Wat overblijft van de reusachtige mijngebouwen is prachtig gerestaureerd…

 

 

 

 

…en er is wekelijks een drukbezochte marktdag op het grote plein aan de mijn.

 

 

 

 

De vroegere lavoir (nu genoemd “Den Lavaar”) waar de kompels zich konden

ontdoen van het zwarte gruis is nu een reusachtig en prachtig fietscafé,

met feestzalen en reusachtige ondergrondse ruimtes.

Het wordt ook opengesteld als continue expo en ideeënbron voor “Duurzaam Bouwen”.

 

Een goede week geleden zag ik nog in het Tv-nieuws dat hier het grootste

 zonnepanelenpark van België helemaal afgewerkt is.

Dit up-to-date fietscafé is een openbaring. Wat een ruimte!

 

Een vreemd gevoel is het vrij rond te lopen op een site waar vroeger zo hard

en intensief werd gewerkt, en waar nu een geweldige rust van uitstraalt.

Sommige Olaba’s worden er poëtisch van en nemen prachtige en originele foto’s.

 Industriële archeologie, die men bewust behoudt, staat hier hand in hand

met de nieuwste ontwikkelingen in de techniek.

 

 

 

 

 

 

Ook vanuit zuiver artistiek oogpunt valt hier wat te beleven:

oogstrelende combinaties van lijn en licht vervangen de grauwe toestanden

van de koolmijnen van vroeger.

 

 

 

 

De strakke, erg esthetische lijnen van de architectuur zullen zeker

andere gevoelens hebben opgewekt bij de toenmalige mijnwerkers,

dan bij de relaxte bezoeker van vandaag.

 

 

 

.

Een lieve fietscafédame zorgt er eerst voor dat onze zakken veilig achter

slot zitten , in de diepe ondergrondse labyrinten, en we reserveren alvast

voor de lunch in Den Lavaar.

We starten van hieruit een wandeling langs de oude mijncité met kerk en moskee.

Enige aarzeling ontstaat over de startplaats en beschrijving van de wandeling,

maar na wat verkeerd over en weer sjokken, hebben we de juiste richting te pakken.

 

 

 

 

De zogenaamde cité bestaat uit kleine mijnwerkershuisjes, en grotere

van de ingenieurs en de directie.

Het is een ervaring om de sfeer eens te proeven van hoe het destijds eruit zag.

Langs een bosrand verlaten we de cité, waar ook nieuwbouw de oude huisjes

begint aan te vullen.

 

 

 

 

Bloemen heten ons welkom met hun beste kleuren.

 

 

 

 

We verlaten de bewoning en komen opnieuw in een natuurlijke omgeving.

 

 

 

 

Links en rechts krijgen we sporadische signalen dat de herfst al achter

het gordijn loert, hoewel deze paddenstoel zich probeert te vermommen

als een doordeweekse aardappel.

 

 

 

 

Het wandelpad volgend komen we langs de mijnterril van Zolder.

Vandaag is deze oude afvalberg geëvolueerd tot een toeristische attractie

in dit vlakke Limburgse landschap.

Zes flinke Olaba’s hebben de ambitie de kegel van 75 m hoogte te beklimmen,

langs een aangelegd pad.

Hier aan deze picknicktafel wordt nog even diep ademgehaald vóór de beklimming.

Marc en ikzelf blijven op de begane grond om onze knieën wat te ontzien,

en om de vestiaire te bemannen.

 

 

 

 

 

Op de top van de terril staat een periscoop, vanwaar je de verre omgeving

kan bespeuren. Erik probeert hem als eerste, met succes.

 

 

 

 

 

Dichtbij zie je (zelfs met het blote oog) de cité en verder weg, langs de horizon

priemen de liften van de mijn van Winterslag.

 

De dames lijken een beetje afkerig van de periscoop.

Ze lijken zich ongerust af te vragen waarvoor de rode roede moet dienen.

Tezelfdertijd komt bij Erik zijn jeugddroom weer eens opgeweld:

als kind had hij al de ambitie om concertdirigent te worden.

Als de drang plots opkomt, kan hij het echt niet verbergen,

en moeten de bewegingen er even uit.

 

 

 

 

 

Alle Olabadames  dalen gezwind, eendrachtig, en arm in arm de heuvel weer af.

Eén enkele verstopte (letterlijk te nemen, niet in de betekenis van verborgen)

Olabadame komt lichter terug na de wandeling dan vóór het vertrek.

 

 

 

 

Na de terugkeer tot bij de vestiaire wordt dringend het interne vloeistofniveau

opnieuw op peil gebracht.

 

 

 

 

We maken de wandelcirkel af en keren terug naar Den Lavaar via een andere weg,

met bloemen langs de kant.

 

 

 

 

 

Aan de lunchtafel van Den Lavaar worden heerlijke spijzen en dranken geserveerd

door een leuk Caraïbisch meisje, maar Marc en Luc hebben toch nog meer oog

voor hun lekkere pasta’s.

 

 

 

 

 

We keren terug naar De Kluis langs een andere spoorwegbedding en vanaf

het hotel rijden we nog een korte afstand verder tot het Circuit van Terlaemen.

 

 

 

 

 

Groot is de verwondering over het aantal snelfietsende jonge macho’s en

oudere renners die, zelfs bij dit minder goed weer (het regent enkele druppeltjes),

op het circuit talloze rondjes maken.

 

 

 

 

Overdag wordt dit snelheidscircuit afgehuurd door (vooral) motorclubs,

de VAB, en andere organisaties om bolides of andere gewone

twee- of vierwielers te testen.

Als we hier ‘s morgens voorbijkomen is het een lawaai van jewelste.

Wanneer deze snelle jongens verwenen zijn, mogen niet gemotoriseerde

wielertoeristen (gratis) het circuit op.

En dat zijn er honderden, uitgedost alsof ze de Ronde van Vlaanderen gaan rijden.

Wij passen eigenlijk niet in dit plaatje, en worden door de “echten”

bekeken als marsmannetjes en –vrouwtjes.

Maar de gelegenheid om hier eens rond te toeren kunnen we niet laten liggen.

Acht verschrikkelijke Olabolides gaan het circuit op, tussen de  snelheidsduivels!

Hier zie je Greta en Luc op volle traagheid, in een scherpe bocht net voorbij

de tribunes, waar de bandensporen aantonen dat de profs hier regelmatig

uit de bocht gaan. Met onze snelheid is daar weinig kans voor.

 

 

 

 

 

Onze eigen Olaba “Formule 123” wedstrijd wordt glansrijk gewonnen door

Yvette, de taaie tante.

 

 

 

 

 

 

Ook Bob en Lut zetten een uitstekende prestatie neer.

 

 

 

 

 

Iedereen is blij na dit bravourestukje, maar moet toch even naar adem happen,

want er zijn zelfs maximumsnelheden gehaald tot 20 km/uur.

 

 

 

 

We staan hier aan de ingang van de pits (zonder pitspoezen weliswaar),

terwijl de macho’s hun zoveelste ronde op het circuit beginnen en

ons voorbij rijden met zoevend peletongeluid.

 

 

 

 

Dit is een ervaring die we niet vlug gaan vergeten.

Terlaemen met de fiets is een sterke aanrader!

 

 

 

 

We verlaten het circuit. Steil gaat het fietspad van hier naar boven en dan weer

naar beneden en terug naar het hotel.

We nestelen ons nog even voor een verfrissend drankje op het Kluisterras,

waarbij de zon opnieuw van de partij is.

 

 

 

Het is een harde dag geweest, met weer een aantal nieuwe ervaringen,

en daarvoor zijn we hier.

Maar ook voor een lekker diner natuurlijk.  

Tijdens de aanloop wordt de tijd gevuld met de Lierse Dialect Quiz,

die zelfs de Antwerpenaars op het verkeerde been zet.

 

 

 

Knooppunten: 302-303-304- wandeling - terril -307-308-300-301-

Afstand is 32.6 km à 15.4 km/u

Totaal met aanloop naar circuit Terlaemen + circuit: 41 km à 15.1 km/u.

 

 

 

 (*) Olaba = Organisation de loisirs agréables et blabla amical.

 

 

Geschreven door grob om 18:03 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: spaghetti Bolognaise, voor Angelina Jolie!!

 

 

 

Het feit dat Brad Pitt onlangs naast de film Oscar gegrepen heeft,

is bij Angelina Jolie in het verkeerde keelgatje geschoten.

Ik had er eigenlijk wel een beetje mee te doen, en, denkend om haar mooie

ranke keeltje, heb ik ze een mailtje gestuurd.

Ik heb haar op de man af (nou ja) direct de vraag gesteld

of ik haar geen lekker receptje zou sturen, om haar keeltje via een lekker

hapje terug in de goede plooi te leggen.

Het heeft wel enkele dagen geduurd voor ik antwoord kreeg.

 

Ziehier, wat ze schrijft:

 

Dearest Bob,

 

Thank you very much  for thinking about my body and how I feel nowadays.

But you know that we Americans don’t know much about good food.

We always eat simple (and fast) food, but I have a wish that you can fullfil.

As a memory of my Italian roots, could you please send me your recipe

for “Spaghetti Bolognaise”. If you can do that, I’ll do something in return for you.

If you enable me to make the right Spaghetti Bolognaise,

I will put your photo on my favourite blouse.

 

Many Kisses,

Angelina.

 

Dat viel toch effen tegen.

Elke week neem ik een ander kookboek onder handen.

Er is er eentje dat ik een beetje haat: “Meelspijzen en Peulvruchten”.

Ik eet niet zo graag melige dingen. Greta wel daarentegen.

Zij kan alle dagen pasta’s eten. Maar natuurlijk kan ik Angelina niet

teleur stellen, zeker niet met spaghetti Bolognaise . Ik heb het dus gemaakt.

Nu is Spaghetti Bolognaise Les 1 van het koken: gemakkelijk en toch lekker,

hoe je het ook maakt. Er bestaan zoveel varianten als er huismannen

en –vrouwen zijn.

Ikzelf heb ook het recept aangepast naar wat ik in de winkel vind.

Hierbij mijn versie:

 

 

ingrediënten voor 4

bereiding

600g spaghetti

hak de uien, lookteentjes en wortels fijn

Parmezaanse kaas, geraspt

laat ze in olie op laag vuur zacht worden in een kasserol

700g mager rundsgehakt

verhoog het vuur en doe er het gehakt rauwe vlees bij

2 wortels, geschild en fijngehakt

schroei het aan alle kanten dicht, en doe er de ham bij

1 stang selder, gekuist en gesneden

bak het vlees tot het aan alle kanten mooi bruin van kleur is

50g gerookte spekblokjes/chorizo

doe er een glas rode wijn in, deglaceer goed de pan

boter en/of olijfolie

strooi de bloem en dan de kalfsboeljon erover

2 el bloem

doe de kruidnagel, chilipepertje er in en nootmuskaat

kalfsboeljon poeder/pasta

voeg alle tomaten toe, en roer goed door elkaar

1 blik tomatenstukken (troceado)

laat het mengsel ten minste 1 ½ uur zachtjes sudderen

½ blik tomatenpulp (triturado of frito)

zorg dat de saus goed kan indikken (geen deksel dus)

1 kruidnagel

voeg op het einde de basilicum toe (vers of uit tube)

nootmuskaat

breng de saus op smaak met peper

basilicum

Spaghetti: breng een ruime hoeveelheid water aan de kook

3 lookteentjes, peper

doe er zout in en een lepel olie tegen het kleven

1 klein rood chilipepertje

doe de pasta in het kokende water, roer en kook hem

een zestal verse champignons

volgens de tijd opgegeven door de producent (+/- 8’)

een glas rode wijn

als het kookt, temper het vuur tot matig

 

proef aan da pasta of hij mals is, en giet hem dan af

 

dien op met de saus en de Parmezaanse kaas

 

Tomaten in blik vind je hier in Spanje in verschillende vormen.

Je hebt: tomate pelado (hele gepelde en bereide tomaten),

tomate troceado (in stukjes, gebruik ik het liefst), tomate triturado (pulp),

tomate frito (pulp, maar gekruid en met olijfolie toegevoegd), en natuurlijk tomatenconcentraat.

Basilicum gebruiken we nu in pastavorm uit tubes.

De verse wordt te snel slecht, en trekt insecten aan.

De basilicumpasta is heel lekker, en houdt het lang uit.

 

Ik heb dus dit recept gemaild, en een week later ontving ik een foto van Angelina,

met zoals beloofd een foto van mij op haar borst. (alleen op mijn foto letten aub!)

 

 

Ik heb natuurlijk eerst het recept uitgeprobeerd op Greta en mezelf.

Hier zie je de kok de laatste hand leggen.

De Parmezaanse kaas wordt toegevoerd met de aardappelschiller.

Wil je het helemaal op smaak afmaken,

dan kan je er op het laatst nog een aprilvis aan toevoegen.

 

 

 

 

Bereid naar:TimeLife Meelspijzen en Peulvruchten, pag. 117           In cocina con Fernanda Gosetti

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

OLABA (*): fietsen door de Limburgse mijnstreek (deel 2)

 

 

 

Eindelijk in de brouwerij van Alken

 

Elk jaar doe ik een poging om tijdens ons verblijf in Limburg

met een verrassing voor de dag te komen.

Vorige uitgave was dat een bezoek aan de ex-gevangenis van Tongeren.

 

Ik wou eigenlijk toen al Luc verrassen en verblijden met een (Vip)bezoek

aan de brouwerij van Alken.

De reden is dat de pa van Luc, Technisch Directeur van Olaba(*), tijdens WO II

directeur was van deze brouwerij.  Directeursgeslacht van vader op zoon dus!

Van Alken naar Olaba is een kleine stap.

Ondanks tegenwerking van de brouwerij Alken vorig jaar werd nu

een hernieuwde en geslaagde poging gedaan via andere contactpersonen.

Dank zij de gelofte van voorlegging ter scanning van een uitzonderlijk

familiestuk en document in het bezit van Luc hapt men toe.

Er zijn normaal wel wekelijkse publieke bezoeken voorzien op woensdag,

met grote groepen en bussen, tegen betaling, maar dat is niet zo interessant.

Door lobbywerk is er nu voor ons 8en een (gratis) exclusief bezoek geregeld,

met onze eigen privé-gids, zoals uit het mailtje hieronder blijkt:

 

Beste heer R.,

Zoals beloofd heb ik uw aanvraag voorgelegd aan de relevante personen bij
onze brouwerij in Alken.  U mag eerstdaags een officieel (wellicht positief)

antwoord verwachten van een collega van mij.

Vriendelijke groet
Marguerite

Marguerite van Bree
Management Assistant Dirk Van de Velde - Didier Vermeir
Brouwerijen Alken-Maes
Waarloosveld 10
2550 Waarloos

 

Gelukt dus!

De weg naar Alken is landschappelijk niet zo fraai als we gewend zijn,

maar het doel is vandaag het belangrijkste.

We hebben dan nog de brute pech dat halverwege in St-Lambrechts-Herk

de mogelijke drenkplaatsen gesloten zijn. De kelen zijn en blijven droog.

Dat moeten we later op de dag goedmaken!

We bollen langs de haven van Hasselt en ook even langs een minder

mooie kant van de stad, buiten de stedelijke Ring.

Het is een tamelijk lange rit van Heusden-Zolder naar Alken, maar

we zijn in goed gezelschap, en sommigen worden extra geknuffeld.

Zelfs ontstaat er een kleine wachtrij.

Komt daar nog een groen konijn af, dat zich ook wil laten verwennen!! 

 

 

 Het weer is niet zo héél zonnig, maar ook weer niet té Belgisch.

De roep van het blonde nat werkt op ons als een lap op een rode stier!

De fietspaden zijn om te zeggen leeg, tot in het dorp Alken zelf,

waar de bierdragers natuurlijk niet aan hun proefstuk zijn.

 

  

We hebben niet te veel moeite om de brouwerij te vinden: ze ligt vrijwel

in het centrum, waar enkele mooie huisjes de sfeer opvrolijken.

 

 

 

 Nu we precies weten waar het is, kunnen we eerst aan de

verdiende lunch denken.

Gelukkig vinden we dank zij een vriendelijke lokale dame

in het ♥ van Alken een geschikte spot om te happen: “’t Kapittel”,

volgens hun eigen zeggen en schrijven gespecialiseerd in

Frans-Belgisch-Mediterrane keuken. Daar moeten we ons thuis voelen,

gezien elke Olaba elk jaar tijdelijk in Frankrijk en/of Spanje rondhuppelt.

Om daarna van het restootje naar de brouwerij te bollen moeten we enkel

de kerk met bijhorend pleintje voorbij.

Hier zie je de middelgrote kerk, de heel grote boom,

en een klein Lutje op haar fiets.

 

 

  

In twee minuten staan we voor de receptie van de brouwerij Alken-Maes.

 

 

 

Onze privé-gids (ik zal ze maar Jenny noemen) staat klaar,

en laat ons fluovesten aantrekken, voor de veiligheid en de zichtbaarheid.

Jenny neemt passend een Olafotootje, met een fiere Luc-de-eregast

op de knieën, met zijn persoonlijk boek over de brouwerij. 

 

 

Gele Jenny leert ons dat het bier gedurende acht dagen in de grote ketels

verblijft, één dag per Olaba(*) dus. Makkelijk te onthouden. 

 

 

 

Het is niet toegelaten foto’s te nemen in de brouwerij zelf,

enkel in de specifieke ruimten voor bezoekers, zoals hier,

met een overzicht van Belgische bieren. 

 

 

Een ruimte waar de “gewone” bezoekers niet binnen mogen is

de vroegere controlekamer van de productie.

Omdat wijzelf niet onmiddellijk verdacht worden van industriële spionage

kunnen wij er toch in.

We staan oog in oog met een grote ruimte vol met schakelaars, lampen en

grote panelen, borden en tafels met veelkleurige verlichte toetsen en displays.

Groot is de Olaba-verbazing wanneer we in het hart van de brouwerij

de huidige besturing van het productieproces zien: één enkel laptopje,

met de brouwer rustig en ontstrest naar het toetsenbord turend.

Ook de vroegere koperen ketels met hun specifieke vorm

zijn vervangen door cilindervormige aluminiumketels (no pictures please).

De ouwe ketel mag mee op de foto.

 

 

 Het interessante bezoek verloopt vlekkeloos, met de enthousiaste Jenny.

Wat enorme indruk maakt is de bottelarij, waar de flessen worden afgevuld.

Eén enorme hal, maar je moet lang zoeken voor je een menselijk wezen ziet.

Enkele jobstudenten voegen in de volle bierbakken manueel een gratis nieuw

bier toe (Grimbergen Goud), en voor de rest verloopt alles volautomatisch.

Wat zeker bijblijft, is het geluid van de glazen flesjes die elkaar regelmatig

aantikken en een massaal tingelend geluid voortbrengen.

Na de rondleiding mogen alle gasten in de bezoekruimte, een soort

Oberbayern bar, waar hen dan een pintje naar keuze wordt aangeboden.

In ons geval ligt dat anders: onze VIP-gids trekt zich diplomatisch terug,

en we mogen alles proeven, à volonté.

Gelukkig zijn foto’s opnieuw toegelaten.  

 

 

We zijn dus vrij om voor of achter de toog te staan.

Een ereplaats en dito foto krijgen het boek van Luc, “De Brouwers van Alken”,

waarin o.m. de activiteiten van zijn vader vereeuwigd zijn.

Het staat hier pal tussen drie pijlers van Belgisch bier: Maes Pils,

Grimbergen en Cristal Alken.

Let er op hoe de kroonkurken associëren met de kleuren van het boek.

 

 

Jenny heeft ons getipt. Er zijn twee kersverse nieuwe bieren op de markt:

de pils “1928” en de “Grimbergen Goud”.  

We laten ons deze twee heerlijk smaken.

Sommige Olaba’s ontpoppen zich als pure nature cafébazen.

Ik moet onmiddellijk denken aan gouverneur Steve Stunt Stevaert:

ook een cafébaas (uit Hasselt), en ook alles gratis.

 

 

 De “1928” bevalt ons best.

De temperaturen beginnen op te lopen en iedereen trekt zijn bovenstuk uit

en zijn GMAN sponsorshirt aan, zodat we ons volledig casual kunnen voelen.

 

 

 

Lekkere pils, daar niet van, maar het echte werk moet gebeuren met

de plat-de-résistance: de Gouden Grimbergen.

Ik begin er al iets voor te voelen om de betekenis van OLABA te veranderen in

“Onze Lever Apprecieert Bier van Alken!”.

Andere tappers komen nu naar voor, behalve Marc, die van geen wijken weet.

 

 

Ook de meisjes doen hun duit in het zakje en hun bier in het bakje…

Een 1928 pils komt aan 5.8° alcohol, en een GG aan 8° lees ik hier

op de flessen. Gelukkig is er niemand van ons met de wagen…

 

 

Tijdens de terugrit regent het een minuut of twee, een goede verfrissing

als het ware. In ons binnenste schijnt de zon, dank zij de Grimbergen Goud!

 

 

En Gina ontpopt zich tot een volleerde zonnebloemfluisteraarster

(tip! met dit woord zijn er punten te scoren bij de Scrabble!).

 

 

Hierna laten we ons laatste boertje, en gaan we verder de terugweg op.

Een attractieve watermolen in werking inspireert de fotografen.

Even de benen strekken.

 

 

Dat zelfs een koffie ook kan smaken bewijzen de Olaba’s mits een

tussenstop op het kerkplein van Kermt in “De Square”.

Deze letterlijke opwarming doet de spieren veel deugd en gezwind

geraken we weer over de hoge brug van het Albertkanaal .

 

 

 … en bereiken we De Kluis.

Hier kan ik de Olaba’s nog eens behoorlijk pesten met een penibele

after dinner quiz.

Viergangen streekdiner, en de Olaba Highlight 2007 Quiz wordt bovendien

afgewikkeld en afgerond met fantastische resultaten.

Iedereen blijkt in topvorm.

 

 

Knooppunten: 302-94-95-96-177-178-174-146-174-178-Stevoort-179-94-302

Afstand is 49 km à 14.2km/u 

(*) Olaba = Organisation de loisirs agréables et blabla amical. 

Voor details, zie vroegere stukjes.

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: konijn met appelchien

 

 

Vandaag nog eens een gerecht uit Spanje, maar wel gevonden in een

Belgisch/Nederlands kookboek. Konijn met sinaasappelen is echt Spaans,

want de konijnen lopen hier in het wild elkaar voor de voeten.

De vierde grootste sportfederatie in Spanje is die van de jagers.

In deze periode laat men de diertjes met rust en ze mogen eventjes

kweken als konijnen, maar in de winter worden ze achterna gezeten

door massa’s jagers.

Als men willekeurig in de heuvels in het binnenland gaat wandelen,

komt men overal borden tegen met “Coto de Caza”, jachtgebied.

En daar de sympathieke worteleter veel voorkomt,

ziet hij regelmatig een geweer achter zijn kont.

 Dit gerecht, “Conejo con Naranja” is heel lekker, en gemakkelijk natuurlijk.

Voor 3 à 4 personen kan je een heel konijn nemen, ofwel, zoals ik doe,

enkele bouten en een rug.  

Deze periode zijn de appelsienen nog op hun best en vers,

te verkiezen boven pruimen bijvoorbeeld.

Hier is het recept:

 

 

ingrediënten voor 3 à 4

bereiding

1 konijn van 1kg in stukken

hak de ui fijn

( best is: 1 kg bouten en rug)

verhit de olie in een pan en voeg de ui toe

2 sinaasappels

als de ui bruin wordt, voeg dan de stukken konijn toe

3 el olie

sauteer ze goed tot ze een bruin velletje hebben

1 middelgrote ui

giet alles over in een (verwarmde) kasserol

2 el bloem

strooi de bloem erover, roer door de pan met een houten lepel

25 cl droge witte wijn

giet de wijn erbij

1 tl gemengde kruiden

als het konijn niet onderstaat: voeg dan wat kalfsboeljon toe

zout, 2 tenen look

snij 2 stukken schil van een van de sinaasappels

1 el gehakte peterselie

doe die met de kruiden, look en zout bij het mengsel

(of verse koriander)

zet een deksel op de pot en laat het mengsel 1 uur koken

 

het vuur mag zo laag mogelijk, en roer af en toe

gemengde kruiden:

pers de sinaasappel uit, zeef het sap in de kasserol

laurierblad

doe het deksel opnieuw op de kasserol

takje tijm

schil de tweede appelsien, snijd ze in schijven, die je halveert

takje rozemarijn

doe dit in de kasserol

peterselietakken

laat alles nog 20’ koken, onder af en toe roeren

 

leg de stukken konijn in een dienschaal

 

haal de stukken schil en de gemengde kruiden uit de pan

 

giet de saus over het beest, strooi er peterselie/koriander over

 

serveer met gekookte piepers en een salade

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

  

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zo kan het er uitzien als het gereed is. 

 

 

 

Het tweede hoofdingrediënt, de sinaasappel is uiteraard ook Spaans,

vooral uit de streek van Valencia, maar toch ook weer niet helemaal.

Sinaasappelen en mandarijnen ( de naam alleen al) komen

oorspronkelijk uit China.

Vroeger heette dit ronde oranje apparaat hier trouwens appelchien

of chinaasappel, maar sinds Eddy Wally naar Sina geweest is,

werd onder zijn invloed de naam aangepast.

Zoete sinaasappelen werden pas in de 16e en 17e eeuw

populair in Europa. Tegenwoordig worden ze in het hele

Middelandsezee gebied en in de verenigde Staten gekweekt.

 

 

Tot de meest geliefde zoetere soorten behoren de ovale variant zoals

de jaffa, de sappige valencia met zijn strakke schil en de navel

met zijn mini sinaasappeltje binnenin aan de top van de vrucht.

De schil van de sinaasappel is al even bruikbaar als het vruchtvlees.

Ze kan worden geraspt en als smaakgever worden gebruikt,

julienne worden gesneden als versiering, of in repen gesneden

gedroogd worden gebruikt in een bouquet garni bijvoorbeeld.

 

 

Ik heb het beestje met zijn oranje garnituur geserveerd met

een frisse (veld)sla en gekookte piepers.

Ik hoop dat jullie beestje even lekker smaakt als dit!

 

gemaakt naar TimeLife Vruchten, pag. 144             Mil Ochenta recetas de cocina

 

 

 
Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

OLABA (*): fietsen door de Limburgse mijnstreek (deel 1)

  

 

Jaar na jaar gaan we traditioneel met de Olaba’s een halve week

fietsen in Limburg. Dat doen we nu al sinds 2003, en telkens in september,

tijdens de korte plaatselijke “Indian Summer”.

 

We doorkruisten Limburg aan alle kanten, en logeerden achtereenvolgens

 in Mol, Hamont-Achel, Maaseik, Zutendaal, Sint-Huibrechts-Hern

en Heusden-Zolder.

We tweewielden al door de Antwerpse en Limburgse Kempen,

de Maasvallei, Haspengouw en in 2008 werd het de Mijnstreek.

 

Grosso modo zijn we in 2003 vertrokken aan de bovenkant van de grens

Antwerpen-Limburg, en zijn dan in wijzerzin door gans Limburg getrokken,

elk jaar een ander stuk van de ronde.

Gemiddeld doen we dan ongeveer 200 km in totaal met de fiets,

en dan ook nog wat verplaatsingen te voet, en aan de toog.

 

Elk verblijf was een sterke aanrader, hoewel we zowel in bed-and-breakfast

als in gewone hotels en in een kasteel verbleven.

Ik zou ze graag allemaal opnieuw willen beleven.

In 2008 was dan de Mijnstreek aan de beurt om te ontdekken.

 

 

 

À propos even: een van de populairste weblogs in de categorie “Reizen”

is https://blog.seniorennet.be/fietseninlimburg.

Deze blog wordt op het spoor gezet,door Hilde Debacker,

van hotel “The Oak” in Zutendaal, waar we ook verbleven en die ons

meer dan voldoende  verwende tijdens onze Limburg uitstap van 2006.

Daar kom ik later eventjes op terug.

De Kluis was een tip van levendige Limburgers die we hier zien in Spanje,

die deze plaats goed kennen, en bovenal past dit hotel in het profiel

van hotel dat we wilden.

Ik boekte dus een arrangement, waarin een welkomstdrankje zat, en ziezo.

 

 

 

Het is op de middag en iedereen heeft zijn picknick of lunchpakketje op,

en Nele Kuus van de receptie zorgde op het juiste moment

voor het juiste vocht om de rijspieren op peil te brengen.

 

 

Gina, sociaal als ze is, geeft haar verfrissing en hapje zelfs weg

aan een hotelgast die er dorstig bijloopt.

 

 

 

Dit alles brengt ons in de juiste mood om aan de actie te beginnen.

De spieren staan gespannen, de hersenen kronkelen, de fietsen glimmen.

We zijn er klaar voor.

 

 

 

…en er duikt een probleem op. Een fiets laat het afweten. Het wiel gaat eraf.

De kennis en kunde van Technisch Directeur Luc komt hier weer van pas.

 

 

 

Met grote expertise voert hij de nodige handelingen uit onder de

bewonderende en goedkeurende blikken van Marc.

 

 

 

En weg zijn we, door het bronsgroene eikenhout.

Langs de knooppunten van het fietsnetwerk bollen we, langs rustige

Intieme, en gezellige fietspaadjes, met Limburgse natuur in overvloed.

 

 

 

Op aanvraag van de talrijke Olaba fotografen wordt halt gehouden

bij mooie plekjes om enkele kiekjes te maken.

Elk jaar krijgt trouwens een andere fotograaf de opdracht van de president

een Olabareportage te maken, waarvan het fietsen in Limburg

de hoofdbrok vormt. In de mijnstreek was de beurt aan Greta.

 

 

 

De herfst is er net nog niet, maar toch zijn er al tekenen aan de wand

(en aan de boom) dat hij niet ver meer af is.

 

 

 

In 2007 reden we door Haspengouw (gelukkig vóór de Katarakt gekte losbarstte

 in Limburg), en in die streek is het landschap niet altijd even plat.

In de mijnstreek oogt alles vlak, buiten de mijnterrils en natuurlijk de bruggen

over het Albertkanaal. Gina is hier boven geraakt en wordt voor haar inspanning

beloond met een bosje bloemen.

 

 

 

Een interessante stop is aan de abdij van Herkenrode, een oorspronkelijke site

die deskundig gerestaureerd wordt. Afgezien van het splinternieuwe dak,

waar men nog aan werkt, waant men zich hier nog in de middeleeuwen.

 

 

 

Een aantal vreemde snuiters lopen hier rond.

Naast de Olaba’s vertonen zich enkele vreemdgevormde

reusachtige kurkentrekkers, waarvan er eentje absoluut mee in beeld wil.

Hij denkt zeker dat we een filmploeg van VTM zijn, want hij maakt al aanstalten

om te handjeswuiven.

 

 

 

Enkele andere hebben zich verheven op de tribunes boven de koude grond.

Last van hun kille hoeven. Ze zien intussen inderdaad blauw van de kou.

 

 

 

Greta kan werkelijk alles voorzien: ze heeft vandaag voor een jasje gekozen,

dat qua kleur perfect geassorteerd met het decor, zodat de foto

volledig tot zijn recht komt.

 

 

 

Yvette zoekt het in hogere sferen, onder het goedkeurende oog van Erik.

Gina houdt intussen stevig het beest tegen, zodat het niet onverwachts

kan weglopen.

 

 

 

Kilometers verder vinden we een (niet gedekte!) tafel in een heidelandschap.

 

 

 

Af en toe worden we eraan herinnerd dat de herfst in aantocht is:

paddenstoelen, mos en vallende eikenbladeren.

 

 

 

Nochtans doet het landschap nog volop zomers aan, met zingende vogels

en mooie vennetjes en plassen met zomers groen in een leuk zonnetje.

 

 

 

Na deze ervaringen is het tijd om de fiets, de spieren en de  boog

even te ontspannen, en als er dan (toevallig?) een fietscafé in de buurt is

met Leffe van het vat, dan is het hek van de dam.

Fietshotel "De Venne" bewijst ons uitstekende diensten als tussenstop.

 À propos, nergens zijn de fietscafés zo goed beschreven en georganiseerd

als in Limburg. Sommige andere provincies moeten er nog aan beginnen!

 

 

 

Paddenstoelen zijn er in de herfst. Zwammen, de eters van vermolmd hout,

zijn er altijd, maar vooral in de herfst vallen ze op,

en kunnen ze prachtige kleurencombinaties vertonen.

 

 

 

We rijden langs de mijn van Beringen. Wat je hier ziet is geen maximaal

uitgegroeid  fotostatief, maar de mijnschacht op een driepikkel.

 

 

 

Vlakbij is er nog een andere schacht van de ex-mijn, met een meer klassieke vorm.

De bijhorende gebouwen hebben er al beter uitgezien.

  

 

 

In Beringen is er ook een klein speeltuintje voor volwassenen, waar we gretig

van gebruik maken. Allen naar, op en in het treintje! Hop met de geit.

Vooral Erik is in een speelse bui, maar dat zijn we van hem gewend.

 

 

 

Luc neemt natuurlijk onmiddellijk het stuur ter hand. Onze GMAN sponsor

(Gaspar Motors Antwerpen) kent wel iets van transport, en hij heeft duidelijk

de smaak van dit exclusief modelletje te pakken.

 

 

 

Tegen de avond rollebollen we terug naar “De Kluis”, en genieten nog even

van de prachtige tuin…

 

 

 

… en na wat persoonlijk opblinken kunnen we genieten van een lekker diner

in het sfeervolle resto van “De Kluis”.

In de namiddag hebben we 47 km afgelegd, en de riem mag er af.

 

 

Geslaagd slot van de eerste dag.

 

(*) Olaba staat voor: Organisation de loisirs agréables et blabla amical.

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: gevulde tomaten met zure room

 

 

Zelden kan een gerecht uit Duitsland me boeien, maar dit recept

zag er toch lekker uit en niet te moeilijk.

Ik nam het min of meer uit een kookboek getiteld “Warme Voorgerechten”.

Verwacht hier dus geen kartoffelen met bratwurst.  

Vermits we (thuis) zelden een voorgerecht nemen, heb ik het dan

maar wat uitvergroot tot een stevig hoofdgerecht voor twee. 

In deze “Gefüllte Tomaten” zitten typisch Duitse onderdelen, zoals zure room

en runds (of varkens-) gehakt, maar toch ook wat andere ingrediënten,

met een andere strekking, zoals rijst en verse kruiden.

Ik heb de rijst niet gebruikt om de tomaten te vullen, want ze zaten zo al vol genoeg.

Als hoofdgerecht lijkt het me beter de gekookte rijst er veiligheidshalve

apart bij te geven.

ingrediënten voor 2

bereiding

5 grote rijpe tomaten

snij een kapje van de tomaten en hol ze voorzichtig uit

20 cl zure room

betrooi de binnenkant met zout en peper en draai ze om

zout en (cayenne)peper

kook de rijst volgens de opgegeven tijd op de verpakking

400g rundsgehakt

bak het gehakt in boter tot het lichtbruin is; goed roeren

90g boter

voeg het grootste deel van de uien toe en bak ze mals glazig

2 uien, gehakt

voeg het mengsel bij de gekookte rijst, ei, zout en peper

zakje rijst van 125g

vul de tomaten hier voorzichtig mee, doe de kapjes er op

1 ei

(of beter: serveer de rijst achteraf apart)

kaas om te raspen

leg de tomaten in een beboterde ovenvaste schaal

1 el bloem

strooi er geraspte kaas over, giet er 30g gesmolten boter over

2 el verse dille, peterselie of bieslook

zet de tomaten in een oven op 200°, ongeveer 15’

30g Serrano voor de vulling

maak intussen de zure roomsaus:

 

bak de resterende ui glazig en mals in boter of olie

 

roer de bloem en de zure room erdoor

 

laat de saus enkele minuten koken

 

als ze te dik is, klein beetje water toevoegen

 

giet de saus over de tomaten,

 

 strooi wat kruiden erover voor garnering

   

 

Als je het hoedje van de tomaten snijdt, en ze uitholt,

kan je ze meteen beter al bestrooien met wat zout en omdraaien.

Op die manier komt het vocht er beter uit.

Voor de rijst heb ik een zakje wit genomen met lange korrel

van onze zwarte vriend Uncle Ben.

 

Het gerecht is vrij snel klaar, is lekker en gemakkelijk.

Wat moet je nog meer?

 

 

Veel afwas geeft het ook al niet.

Licht verteerbaar en toch goed vullend.

Scheppen maar en genieten met een flesje wijn…

Smakelijk.

 

 

 

P.S. voor een hartige vulling kan je 30g gedroogde ham (Serrano,…)

toevoegen, en/of 1 el kappertjes, enkele druppels citroensap,

snuifje paprikapoeder (zacht). 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Van Malaga naar Gran Canaria (deel 3).

 

Het moment is gekomen om hotel Playa Meloneras even te verlaten.

Hoewel gezegd moet worden dat het hotel wel een speciale indruk maakt.

Er zijn twee lobby’s, en de beneden lobby is voorzien van waterpartijen,

met rusteilanden.

Het dak van het hotel is uitgevoerd in de vorm van een reusachtige oesterschelp.

 

 

 

We nemen de shuttlebus van het hotel naar het natuurpark aan de vuurtoren.

Hier vind je een Zwin in het klein, een onverwacht natuurpark

gespoeld door zeewater, met een massa veelkleurige vogels.

Op de achtergrond zie je aan de rechterkant de eerste ruggen

van de beroemde duinen van Maspalomas. We hebben die ooit doorkruist.

Bloedend heet is dat, en je zinkt gewoon in dit losse zand, dat zich constant

verplaatst door de wind.

We weten nu in elk geval welk gevoel het geeft door een woestijn te dwalen.

 

 

 

Niet alleen komen er veel vogels voor in dit natuurpark, maar de vissen zijn bijna ontelbaar.

Pelikanen zouden hier smullen, maar ze zijn (nog) niet tot hier geraakt.

 

 

 

Dit natuurgebied is niet toegankelijk, maar er is wel een lange “dijk” naast gelegd,

die kilometers verder noordwaarts gaat en eindigt aan het “Sonnenland”.

Je mag tweemaal raden welke nationaliteit hier de kroon spant.

 

 

 

We gaan niet noord- maar zuidwaarts naar de faro (vuurtoren).

Rondom staat het vol strandbedden, die vandaag heel wat noordenwind vangen,

en beschermd worden met grote parasols die als windzeil dienen.

Dit strand is merkwaardig, omdat het de meest zuidelijke plek van Europa is!

Meer zuidelijk kan echt niet.

 

 

Een vuurtoren is per definitie een nachtwerker, en hier zie je dan

de vuurtoren van Maspalomas volop in actie.

Het zuidelijkste baken van Europa.

 

 

 

Deze staande lamp is een uit de kluiten gewassen knaap, en vanaf hier

strekt zich sinds enkele jaren een volledig nieuw wandelpad uit langs de zeekant,

met uitstekende en slechte resto’s en andere smulhuizen.

De minder goede bevinden zich direct onder en naast de vuurtoren.

 

 

 

Een top adres van een (Duitse) tearoom met een Griekse naam is Café Athena. 

Ze ligt langs het nieuwe wandelpad en heeft schandalig lekkere ijsjes en taarten.

Als tip toon ik hier de naam op het serviette.

 

 

 

Greta heeft hier een taart ontdekt die haar gelijke niet heeft.

En dat met een lekker Illy koffietje!! Smakkie smakkie.

 

 

Zóóóó lekker dat we dag erna teruggaan, voor krak hetzelfde.

Alleen staat er nu een andere struik in mijn pot.

De kerstbomen zijn op.

 

 

Begin nu niet te denken dat we hele dagen doorbrengen in tea-rooms.

Niets is minder waar. Geregeld brengen we ook een bezoekje aan

mijn lievelingsresto: Chipi Chipi.

We komen in deze zaak al tien jaar, en liefst zoveel mogelijk.

 

 

Ik voel me door al dat lekkers zodanig aansterken dat zelfs roze olifanten

me niet meer kunnen deren.

 

 

 

Elke keer dat we op Gran Canaria zijn doen we met vreugde een uitstap

naar Puerto de Mogan, een lust voor het oog.

Onderweg komen we een aantal merkwaardige weggebruikers tegen.

Zelfs een op vier poten (of zijn het er drie?) die niet wil wijken voor een vierwieler.

  

 

 

En ze zijn met velen, hoewel de meeste de wegcode respecteren, zoals deze voetgangers bijvoorbeeld.

Deze dikke hier mag wel zijn voeten eens wassen.

 

 

Als je naar Puerto de Mogan rijdt, moet je de autoweg verlaten in Puerto Rico.

Dit is een toeristisch oord dat absoluut te mijden is.

Puerto de Mogan daarentegen ademt een aangename sfeer,

hoewel ook erg druk bezocht.

Ergens heeft het iets Engels, door de constructie en het uitzicht van de huisjes.

We starten een wandeling aan het haventje.

 

 

Ze hebben hier ook een vuurtoren, maar hij is waarschijnlijk een beetje gekrompen.

 

 

De Kerstman zit aan de oostkust (zie deel 1), maar Sneeuwwitje

met haar zeven dwergen kiest voor een verblijf in dit leuke plaatsje.

 

 

De jachthaven wordt afgeboord door overal dezelfde huisjes in alle kleuren.

 

 

Maar wat vooral opvalt, zijn de bloemen. Vergeet niet dat het december is!

 

 

Er zijn maar enkele straten, maar allemaal zijn ze even fotogeniek.

 

 

Het strand is klein, maar aangenaam.

Ook hier zijn de horecazaken de laatste jaren uit de grond geschoten.

 

 

 

Devoot en vroom als we zijn, nemen we afscheid van Puerto de Mogan

met een bidstonde aan de kapel van de heilige Mogan.

Mocht die nog niet bestaan, dan moeten ze hem uitvinden.

 

 

Tijd ook om afscheid te nemen van Gran Canaria, en terug de vliegende autobus

in te schuiven.

Leuk vliegdingetje, maar ik had al aangegeven (zie deel 1), dat er een paar

nadelen aan zijn.

Hier zijn er nog een paar:

Er zijn dus op elke rij 2X2 zetels met een smal middengangetje.

Toen de meisjes nog brede epauletten droegen, moesten ze dit toestel enkele jaren

 aan de grond houden, want de stewardessen konden niet meer door de gang.

Er is meer: de piloten zitten niet naast elkaar, maar achter elkaar.

Nochtans is alle moderne technologie aan boord: er is internet, maar geen breedband.

Er is een film, maar ze kunnen enkel smalfilm vertonen.

Hier zie je hoe de laatste ingestapte passagier als taak heeft het opstapje

omhoog te trekken.

 

 

Gran Canaria, hasta la proxima vez.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

↑ Terug naar de berichten