Naar de inhoud

dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

m.a.w. de weblog van Greta en boB
akke.beakke.be

de bloemige blog die de avonturen van Greta en boB in BEELD brengt in België, Spanje, Frankrijk, enz.
De foto´s zijn meestal van Greta en de tekst van boB.
Ook eigen (makkelijk na te maken) ervaringen in het cuisineren worden neergezet,
ter streling van het virtuele gehemelte van de kijker/lezer of amateurkok.

KOKENETEN: een vreemdeling in Rusland

 

 

 

 De Victoriabaars of Nijlbaars is zilver van kleur, met een blauwe glans.

Deze zwemmer heeft uitgesproken zwarte ogen, met een heldergele buitenste ring.

Hij is één van de grootste zoetwatervissen met een maximum lengte

van bijna twee meter, en een gewicht tot 200 kg.

Volwassen nijlbaarzen kunnen eender waar in een meer overleven als er

genoeg zuurstof aanwezig is, jongere exemplaren overleven alleen

in de meer ondiepe gebieden dicht bij de kusten.

De nijlbaars is een geduchte roofvis die zich onder meer voedt met vis

(zijn eigen soort inbegrepen).

Van alle baarsachtigen is het de enige zoetwatervis.

 

De nijlbaars werd in de jaren ‘50 uitgezet in het Victoriameer.

De introductie had een catastrofaal effect op het lokale visbestand.

Vele honderden plaatselijke soorten zijn nu uitgestorven in het meer.

Hoewel de nijlbaars op korte termijn wel nuttig was voor de grote visbedrijven,

is het voordeel op langere termijn veel minder duidelijk, omdat de nijlbaars

momenteel overbevist wordt.

Bovendien is de nijlbaars moeilijk te drogen, omdat het een vettere vis is

dan de lokale soorten. Daardoor stijgt de vraag naar brandhout, en komt er

meer ontbossing, waardoor het meer dan weer te lijden krijgt van vervuiling

door de erosie.

De komst van de nijlbaars in het Victoriameer is een veel geciteerd voorbeeld

van de negatieve invloed die de introductie van vreemde diersoorten

kunnen hebben op ecosystemen en op de bevolking die daarvan afhangt.

 

  

Na zoveel slecht nieuws moet ik deze trend keren en zal ik nu overgaan

op het goede nieuws: het recept.

Achteraf gezien heb ik een eigenaardig gerecht gemaakt.

Het is een typisch Russisch recept, namelijk “Baars in zure room”

in het Russisch genaamd “Okun v smetanje”, bereid met een vis uit Afrika!

De baars zag er bij aanschaf heel baarsachtig uit, en daarmee was

de Victoriakous voor mij af. Ziehier, hoe het beestje behandeld werd:

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

2 filets Victoriabaars, ong. 400g

schil de aardappelen, snijd ze in schijven van ½ cm dik

sap van ½ citroen

kook ze met zout en zet ze apart

pezo

dep de vis droog, bedruppel hem met citroensap

400g aardappelen

bestrooi hem aan de 2 zijden met pezo

1 grote ui

pel de ui en snijd hem in ringen

30g boter

verhit 50% van de boter in een pan, bak de ui hierin

2 el bloem

voeg de champignons toe en plaats een deksel

12.5 cl zure room

laat de ui in 5’ glazig worden

200g champignons

verwarm de oven op 180°

1 glas witte wijn

haal ui en champignons + vocht uit de pan en zet ze opzij

 

bestuif de vis rondom met bloem en bak hem in de pan

 

met een bodempje boter is hij na 2x 3 à 4’ goudgeel

 

leg de vis in een beboterde of geoliede ovenschaal (of 2)

 

bedek de bodem van de schaal met de aardappelschijven

 

leg de vis in het midden van de schaal

 

verdeel de uiringen rond de vis en strooi er pezo over

 

verwarm de wijn en 10cl zure room, en schenk over de vis

 

laat de vis, afgedekt met Alu-folie, 20’ in de oven staan

 

 

 

serveer met komkommersla:

 

snijd een halve komkommer in schijfjes

 

meng de rest van de zure room erdoor

  

Je ziet hier de ovenschotel met het resultaat.

 

 

 Deze intercontinentale combinatie heb ik nog een extra accent gegeven

door een beetje toverkunsten. De bereiding ligt op de vorige foto in een

rechthoekige schaal, en nu ineens in een ovale. Pure magie.

Tenzij je goed kijkt...

 Omdat het zo’n dorstig weer is kan daar best een fris Australisch

Chardonnay wijntje bij. Bijna alle wereldcontinenten staan nu op tafel!

 

 

 

Daarbij is een komkommersla heel lekker, hoewel die van lokale oorsprong is.

Bestrooi hem met wat mild paprikapoeder, zodat hij nog beter oogt.

 

  

 Smakelijk!

 Naar TimeLife, Europese Keukens, pag.102

 

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Stuur door Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Belgische -> Spaanse kust (deel 3): het kanon van Bayonne

 

Drie dagen blijven we in Bayonne.

Bayonne is een middelkleine stad van 40000 inwoners, niet ver uit de kust,

meer bepaald dicht aan de Golf van Biskaje (of Viscaya).

Om hotel Loustau te bereiken moeten we de rivier Adour oversteken.

Deze foto is genomen uit de hotelkamer, in de richting van het centrum.

 

 

 

Volgende foto is een schaalmodel van de stad in de tijd van Napoleon.

De Adour is hier, bijna aan zee, een tamelijk brede rivier geworden.

Zijn bron ontspringt in de Pyreneeën, op de fameuze col du Tourmalet.

In Bayonne komt de Nive, als laatste zijrivier de Adour vervoegen.

Hij gaat uiteindelijk de Golf van Biskaje in en de Atlantische Oceaan.

Het huidige stadscentrum ligt rechts op de foto, en ons hotel ligt helemaal links,

bijna op de brug, maar de ingang ligt wel onder de waterspiegel.

Via het model kan je zien hoe kwetsbaar Bayonne is voor overstromingen

(zie verder).

 

 

 

 

 

Het hotel zelf is een oud klassiek Frans *** hotel, dat wat vernieuwing kan gebruiken.

 

 

 

 

 

Het is een dag in de week, de toeristen zijn vertrokken, en een wandeling

in het oude centrum doet deugd.

 

 

 

 

 

 

De stad bulkt van de statige huizen met een aparte stijl.

Sommige gevels lijken scheef te staan, maar het kan ook aan

het aperitief van de fotograaf liggen.

 

 

 

Er zijn enkele winkelwandelstraten, die kleurig bevlagd zijn.

Het zijn enkel Baskische vlaggen en kleuren die de toon zetten.

Ook hier  komt het nationalistisch gevoel van de Baskjes naar boven.

 

 

 

 

Voor deze beer zal dit worst wezen.

Het enige dat hij interessant vindt is zeepbellen de straat in blazen.

 

 

 

De restaurantjes en eettentjes lokken, maar we houden ons in,

want in het hotel verwachten ze ons voor half pension.

 

 

 

De kathedraal is niet te groot, maar wel mooi en stemmig,

met prachtige glasramen.

 

 

 

 

En dit is dan het kanon van Bayonne.

Ik geef geen verdere commentaar om insinuaties te vermijden.

 

 

 

 

Na een flinke wandeling belanden we uiteindelijk op de kaden van de Adour,

waar half oktober de bloemetjes nog worden buiten gezet en gehangen.

 

 

 

 

De kaden zijn zo goed als leeg, maar dat is goed, want dan hebben we meer plaats.

 

 

 

Dit is een andere brug, waar iemand zijn palmboom vergeten heeft.

We hebben hem laten staan, want in Spanje is daaraan geen tekort.

 

 

  

 

 

Het taaltje van de Vasken of Basken (zie ook het stukje van 16-04-09

over deze materie!!) is moeilijk te doorgronden.

De tekst wordt al enigszins duidelijker als je hem achterstevoren leest.

 

 

 

En zo gaan we naar rechts opnieuw de brug over naar het hotel.

 

 

 

Het restaurant heeft een afzonderlijke naam: “Le Clos Saint Esprit”.

Dat klinkt heel chic. Het ontbijtbuffet is okidoki, en het diner eet men

in een mooi kader met hielklakkende obers, maar er is te weinig volk

om het gezellig te maken.

Onze wagen is geparkeerd rechts, naast de witte.

Je ziet me daar staan, terwijl ik het portier dichtgooi.

Vóór de hoteldeur kan men alleen parkeren op de openbare weg,

mits gebruik van een ticket uit een parkeermeter.

Het betalend parkeren start om 8u30 ’s morgens, wanneer een normaal mens

voor de eerste keer zijn ogen opent!

Ik heb op de drie dagen dat we er verblijven één parkeerboete

onder de ruitenwisser gevonden, en ze direct weggegooid.

 

 

 

Op het TV nieuws in Spanje kregen we Bayonne opnieuw in beeld

op 12 februari 2009.

Wegens enorme Baskische stortvloeden staat het stadscentrum blank.

Ziehier, een gedownloade foto van het internet op de plaats waar we eerder waren.

 

Bericht uit de pers van 12-02-09:

 

Certaines rues de Bayonne dans les Pyrénées-Atlantiques, notamment

du quartier historique, ont été partiellement inondées jeudi matin.

En cause : la conjugaison de fortes pluies et d'importantes marées

qui a provoqué des débordements de l'Adour et de la Nive.

 

 

 

Une dizaine de personnes y ont été évacuées par hélicoptère.

L'eau est montée par endroits de deux à trois mètres.

Des véhicules ont été emportés et des maisons inondées.

Het was 60 jaar geleden dat het water zo hoog stond.

Er vallen drie doden.

 

 

 

 

Volgende keer kom ik hopelijk met  droger nieuws.

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: zelfs de naam is Bombastisch Bonkig

 

 

 

 

Belgen staan overal bekend als Bourgondiërs, zeker in België.

Niet dat wij in het oosten van Frankrijk zouden wonen, maar het heeft

alles te maken met eetgewoonten.

Enkele honderden jaren geleden was dit land geruime tijd bezet

door de hertogen van Bourgondië, en dat heeft (culinaire) sporen nagelaten.

Ter nagedachtenis van de hertogen, de hertoginnen, en hun chef-koks,

en wat ze hebben nagelaten, moet ik toch ook mijn klein steentje bijdragen.

Zo heb ik, om deze historische episode in de verf te zetten, en met Karel de Stoute

in gedachten, een gerechtje gemaakt dat op en top Bourgondisch is.

 

Vandaag maken (en eten) we dus “Boeuf Bourgignon ”.

Het vraagt wat tijd, maar intussen moet je zelf niks doen en kan je genieten

van de sappige aroma’s die uit de pot loskomen.

Een paar dagen later wordt het tweede deel van het gerecht langs het keelgat weggevoerd,

en dan is het nog veel lekkerder.

Laat het maar wat warm pruttelen, en klaar is kees.

 

 

ingrediënten voor 4

bereiding

700g rundvlees

snijd het rundvlees in stukjes

100g zout spek

snijd het spek in dobbelsteentjes

50g boter

laat de boter smelten, fruit hierin de uitjes en de spekjes

2 middelgrote uien

neem ze uit de pan, en gebruik ze ook voor het vlees

30g bloem

laat het vlees in 2 beurten aanbakken op hoog vuur

20cl rundsboeljon

deglaceer telkens met een beetje boeljon

20 cl rode (tafel)wijn

bestrooi het vlees met bloem en voeg de boeljon toe

bosje tuinkruiden (tijm, laurier, enz)

doe er nu ook spekjes, uitjes en de rode wijn bij

100g champignons

voeg de losse kruiden toe en het bosje tuinkruiden

pezo, beetje cayennepeper of Cajun

laat ongeveer 2u30 zachtjes stoven met deksel

eventueel maïsbloem (saus dikken)

af en toe nakijken of het nog pruttelt, en eens roeren

 

indien nodig de saus wat indikken met maïsmeel

Tip: snij de champignons niet te dun

maak de champignons schoon en snijd ze in schijven

 

voeg ze toe ongeveer 15’ voor tijd

 

serveren met gekookte piepers en een groene salade

 

 

Je kunt natuurlijk ook de klassieke Vlaamse Karbonaden bereiden, maar het is

alsof je een Mc Donalds burger zou vergelijken met een Chateaubriand.

Gewoon betere klasse.

Ik heb het gerecht verder aangevuld met gekookte piepers en een salade.

 

Op de foto’s kan je zien dat het al bijna verorberd was voordat de foto’s

goed en wel genomen waren. De verleiding was te groot. Sorry.

 

 

 

 

 

Greta doet er nog een schepje bij (en terecht). Als beginnende kok doe ik wel eens

 bereidingen die niet door de beugel kunnen, maar daar hoort deze zeker NIET bij.

 

 

 

 

Ik kan er nog aan toevoegen dat dit heerlijke gerecht komt uit een kookboek

van de Weight Watchers, maar dat gaat toch niemand geloven.

 

 

Smakelijk!

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Belgische kust naar Spaanse kust (deel 2): La Rochelle

 

.

Bij het vertrek rijden we door een tunnel van groen, met wat geel, rood

en bruin tussen de stervende bladeren.

Maar we zien licht aan het einde van de tunnel. De zon wacht ons op

en zal ons gezelschap houden gedurende de zes volgende maanden.

 

 

Vanaf onze B&B is het maar een kort stuk naar de kustplaats La Rochelle.

Die plaats heeft bij mij altijd een zekere aantrekkingskracht uitgeoefend

door zijn imago van mysterieuze en historische havenstad, vlakbij enkele eilanden.

 Denk maar aan Ile de Ré en Ile d’Oléron.

Vanuit de wagen zien we de herfstlandschappen voorbijschuiven…

 

 

We parkeren de wagen ondergronds in het centrum van de stad,

Place de Verdun, nemen de trap naar boven, en daar wachten al de vélos jaunes.

Deze stadsfietsen betaal je 1€ /uur, maar de eerste twee uren zijn gratis.

Met de wagen in La Rochelle rondrijden is doodzonde, want het is een felgroene stad.

 

In 1971 was men hier de luchtkwaliteit al aan het meten.

Vanaf 2000 had men al stadsfietsen en elektrische wagens voor het stadspersoneel.

Straks rijden hier cybercars rond, op eigen omlopen, met of zonder bestuurder!

We besluiten ons verblijf volledig met de fiets te doen.

En zo ziet het reclamepaneeltje op de fietsen er uit:

 

 

We rijden rond in deze aangename omgeving, waar in de middeleeuwen

de karvelen de zee opgingen met vooral zout en wijn, en terugkwamen

met wol en suiker.

Later werd de meeste rijkdom vergaard met de handel in zwarte slaven uit Afrika.

 

 

Als gevolg van dit alles werd de stad volgebouwd met stevige constructies,

zoals het neoklassieke gerechtshof en het Gotisch stadhuis.

Veel kooplieden lieten destijds arcaden bouwen in het centrum, zodat ze

het ganse jaar door hun koopwaar droog konden uitstallen.

Nu nog maakt dat de charme uit van de binnenstad.

 

 

Het historische La Rochelle heeft geen gebrek aan historische prestigieuze gebouwen.

Hier zie je de Porte de la Grosse-Horloge vanaf de kade van de oude haven.

 

 

La Rochelle heeft niet minder dan vier havens. Les Minimes is trouwens

de grootste jachthaven van Europa aan de Atlantische oceaan.

Je kunt naar deze plezierhaven met de bus de mer, elektrisch.

 

 

 

Groen La Rochelle uit zich op verschillende manieren.

In het midden van de foto zie je een pontje de historische havengeul oversteken.

Het is de Passeur, aangedreven door zonne-energie.

Zijn verbruik is minder dan 1€/dag aan energie.

 

 

Historisch is de stad protestants, wat kardinaal Richelieu deed besluiten om ze,

n 1627, te belegeren en terug op het “juiste” spoor te zetten.

Na acht maanden, en nadat drie vierde van de bevolking was gestorven

door voedselgebrek, werd de hele omwalling gesloopt.

Slechts drie torens mochten daar blijven staan.

 

 

 

De twee torens in het centrum van de oude haven zijn de Tour Saint-Nicolas,

en de Tour de la Lanterne, de oudste vuurtoren in Frankrijk.

 

 

We fietsen gewoon verder, helemaal naar de andere kant op de gele vehikels.

Half oktober zijn de toeristen verdwenen, en we hebben de terrasjes

aan de rand van de stad bijna voor ons alleen.

De oesters van het Ile de Ré, hier vlakbij, wachten hier op de liefhebbers.

 

 

 

De rietstengels zijn rijp, en plots komt er een rietgors uit gesprongen.

 

 

 

Dit is de Europese kopie van de Phare du bout du Monde.

Het origineel staat aan Cap Horn (kaap Hoorn) op de zuidpunt van Argentinie.

 

 

 

Het is een replica van het origineel, dat beroemd werd met het laatste boek

van Jules Verne.

Het was hét herkenningspunt aan een van de gevaarlijkste zeestromingen ter wereld.

Het werd verlaten in 1903, en herontdekt in 1993 door een inwoner van La Rochelle.

In 1994 werd het hersteld en werd er hier een replica van geplaatst.

 

 

Dit is het einde van het bezoek aan La Rochelle. We rijden verder naar het zuiden,

en tegen de avond zijn we in Bayonne, geen havenstad, maar toch dicht bij de zee.

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: Tournedos, tapéno en Co

 

 

 

 

In de zomer volstaan eenvoudige gerechten, met bij voorkeur koude ingrediënten,

 om de hitte te kunnen weerstaan. Liefst dan nog met een minimum aan producten,

 zodat men niet te veel tijd in de keuken moet doorbrengen.

 

Ik kies voor een tournedos met tapenade en groene boontjes.

Een doodgewone tournedos moet het maar doen, want de best gekende variant,

de tournedos Rossini valt nogal zwaar op de maag.

Voor wie niet weet wat de “Rossini” is, ziehier wat uitleg (ik wist het ook niet).

 

 

Tournedos Rossini is een recept voor haasbiefstuk op een in jus gedrenkte

croûton, geserveerd met in boter gebakken ganzenlever en enkele plakken

 geschaafde truffel, besprenkeld met madeira.

 

 

 

Het gerecht is genoemd naar de componist Gioacchino Rossini,

die het recept aan de Franse topkok Auguste Escoffier

van restaurant Café Anglais doorgegeven zou hebben.

 

 

 

Het verhaal gaat dat het gerecht heimelijk aan Rossini werd opgediend,

om het niet aan de andere gasten te hoeven tonen.

Dit vanwege de nogal ongebruikelijke bereiding. De naam tournedos zou

hierop gebaseerd zijn, waarbij tourner le dos Frans is voor de rug toekeren.

Terug naar de gewone tournedos. Hij is deels mislukt.

 

 

 

 

Greta dacht dat het vlees van geen goede kwaliteit was, maar intussen

heb ik de waarheid ontdekt, dank zij het Tv-programma SOS Piet.

 

 

 

Gelukkig mag ik me als beginnende kok al eens een foutje permitteren.

De fout was, dat ik de dikke stukken vlees uit de koelkast heb genomen,

en dadelijk gebakken.

 

 

 

 FOUT, GROTE FOUT!

 

 

 

 

De buitenkant was duidelijk te hard gebakken. Volgens Piet moet de haasbiefstuk

op kamertemperatuur zijn als hij wordt gebakken.

Dan kan de warmte langzaam in het vlees trekken, en is het resultaat beter.

 

Wie het wil proberen, ziehier het recept, maar gebruik geen te koud vlees.

 

 

 

 

 

 

 

Vandaag maken dus “Tournedos met tapenade en groene boontjes”.

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

2 tournedos of  chateaubriand

verwijder de uiteinden van de boontjes

olijfolie

laat ze 5’ koken in gezouten water

250g groene boontjes

spoel ze onmiddellijk onder koud water (voor de kleur)

2 jonge uitjes

hak de uitjes fijn en fruit ze in wat olijfolie (vuur op 4-5)

2 kleine tot middelgrote tomaten

voeg er de boontjes aan toe en laat 5’ op het vuur staan

pezo

breng op smaak met een beetje peper

tapenade naar keuze uit de handel

pel intussen de tomaten en snij ze in blokjes

Ik nam tapenade van rode pepers

kruid het vlees met pezo en bak het in een bakpan

 

schik de boontjes met de tomaten op de borden

 

leg de tournedos op de groenten

 

doe een eetlepel tapenade op de tournedos

 

dien bij dit gerecht gebakken aardappeltjes op

 

Ik heb over de tournedos een (rode) klaar bereide tapenade over gelegd,

die ik volledig klaar gekocht heb.

 

Nog een woordje over de tapenade. Het wordt tegenwoordig veel gebruikt,

maar van waar komt het eigenlijk?

 

Tapenade is een dikke koude saus bereid uit olijven en kappertjes.

Van oorsprong is het een Provençaals product.

De naam is dan ook afkomstig van tapéno, Provençaals voor kappertje.

Volgens Van Dam, auteur van het kookboek “De Dikke Van Dam” dateert

de vroegst bekende publicatie van het recept van rond 1895

(in Rebouls Cuisinière Provençale), waarbij als bedenker Meynier

wordt genoemd, van La Maison Dorée in Marseille.

In dat recept worden kappertjes, zwarte olijven, ansjovis gemarineerde tonijn  

en mosterd fijngemalen en vermengd met olijfolie, cognac en Provençaalse kruiden.

 Inmiddels bestaan er vele varianten, die vaak weinig meer lijken op het oorspronkelijke recept.

Tapanade wordt ook vaak gebruikt in de keuken in andere Europese landen.

Het kan dienen als borrelhapje (op een toastje), broodbeleg, saus

(door en over pasta-soorten) of dressing.

Tapenade is een van de vele dikke koude sauzen die gebruikt worden

in de Mediterrane keuken. Veelal worden al deze sauzen

(bijvoorbeeld tomatentapenade en pesto) verkocht onder de noemer tapenade.

Merk op dat pesto een saus is op basis van basilicum.

 

 

 

Smakelijk!

 

 

Geschreven door grob om 21:28 Reageer op dit bericht Stuur door

Belgie -> Spanje (deel 1): Poitou - Charentes

 

Het wordt hoog tijd om de verplaatsing van vorig jaar even uit de doeken te doen,

nu hier de bladeren van de bomen er al niet meer zo fris uitzien,

en al zin krijgen om dwarrelend de nakende herfst aan te kondigen.

 

Tien jaar is het bijna geleden dat we Spanje zijn binnen gereden langs de westkant.

Langs het westen is de afstand naar het zuiden een stuk korter dan langs het oosten en

de middellandse zee, maar de westkant in Spanje is gewoon oersaai om te berijden.

Het komt niet op een dag aan, of op een kilometer.

Trouwens, Hemingway heeft het dikwijls genoeg herhaald:

de bestemming is niet belangrijk, maar de reis.

 

De eerste dag rijden we rond Parijs, tot ongeveer Niort, een vrij grote stad,

in de regio Poitou-Charentes, departement Deux-Sèvres, op de autoweg

van Poitiers naar Bordeaux.

We vertrekken rustig zondag rond 10 uur s’ morgens, zodat we op de middag

op de oostelijke ring rond Parijs zitten, waar het rond die tijd vrij kalm is,

met “traffic fluide” tussen de verschillende autowegslingers.

 

 

 

In de namiddag belanden we in de gereserveerde Bed&Breakfast,

uitgebaat door twee Vlamingen.

Zoals gewoonlijk komen we terecht in een gerestaureerd landhuis

op de rustige boerenbuiten, en op korte afstand van de autoweg.

Dit is de achterzijde van het woonhuis.

 

 

 

Het huis is uiteraard omgeven door een groene rustige tuin.

 

 

 

Het is half oktober, maar de bloemen tieren nog welig, maar niet melig.

 

 

 

 

Onze wagen heeft vandaag wat opwarming gehad, en mag afkoelen

in een ruime carport. Je ziet hem daar links staan, en hij heeft het naar zijn zin.

Waarschijnlijk was dit gedeelte vroeger een hooizolder of zoiets.

De wagen op slot doen is overbodig, want hier komt niemand.

 

 

 

 

We hebben nog tijd om een wandeling in de buurt te doen,

om onze benen wat te strekken, en te genieten van de rust en de natuur.

Ook hier, toch al een stuk naar het zuiden, beginnen de bladeren al geel te worden.

We zijn op tijd weg uit België zien we.

 

 

 

Onderweg smeken deze wilde cyclamen om op de foto te staan.

Misschien is het wel een andere soort, want van planten ken ik niet veel.

 

 

 

Tijdens de boerenwandeling hebben we een interessante ontmoeting met

twee viervoeters met lange oren, die Greta even willen betasten en omgekeerd.

 

 

 

Het linker exemplaar is niet gerust in de lokale weersvoorspellingen

en heeft al zijn pelsmantel aangetrokken, met dreadlocks.

 

 

 

Na de wandeling maken we ons klaar voor het diner.

De B&B heeft drie kamers, we zijn vandaag de enige gasten en we kiezen

voor de ruime en gezellige kamer op het gelijkvloers.

 

 

Dit is een ander gedeelte van het slaapgedeelte, gezien naar de kameringang.

 

 

 

De gastheer en gastvrouw hebben gedurende tien jaar de wereld rondgereisd

met dit jacht. Vertrokken uit Brouwershaven in Zeeland, en finaal aangekomen

in La Rochelle, niet ver hier vandaan.

Ze hebben hun jacht verkocht en zijn overgeschakeld op een B&B.

 

 

 

 

In de woonkamer staat een vitrinekast vol met accessoires van hun reizen.

Linksboven zie je toevallig de bevallige fotografe die alles on the spot inblikt.

 

 

 

 

Bij Ushi en Jean-Pierre mag je ook mee aan tafel, vlak naast de open haard.

 

 

 

 

Zowel de kwaliteit en de kwantiteit is gegarandeerd, doorspekt met de

beste wereldverhalen. Dit is puur reisgenot.

 

 

 

De volgende ochtend is spijtig genoeg het afscheid van Ushi en Jean-Pierre.

We hebben het uitstekend naar onze zin gehad, en we komen zeker terug.

 

Mocht jezelf in de buurt van Niort, Poitiers of La Rochelle komen,

boek dan via: www.lemouillagevert.com, met de groeten van Greta en Bob.

 

 

Onze eerste dag is al geslaagd en nu rijden we over een korte afstand

naar La Rochelle, waar we ruim tijd nemen om de kustplaats te bezoeken.

Come and see next time!

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: Zwitserse koeien en een roze vis

 

 

 

 

 

Gruyère is een Zwitserse kaassoort, een zoete kaas met een pikante nasmaak.

Het is een grote kaas met een ietwat vettige korst.

Om een ronde Gruyère kaas van 80 kilo te maken heeft men 800 (!) liter melk

nodig van de koeien rond de stad Gruyères.

Jonge Gruyère is romig en heeft een nootachtige smaak.

Van binnen is hij stevig, maar iets zachter dan de Emmentaler en hij voelt gladder

 aan in de mond. Hij is zachtgeel met hier en daar een gaatje.

Hoe langer de kaas gerijpt is, hoe droger hij wordt.

Gruyère is een prima smeltende kaas. U kunt de kaas daarom goed gebruiken

voor het gratineren, en dat is precies wat we nu gaan doen.

 

Je kan in plaats van Gruyère kaas ook Comté gebruiken.

Comté is een Franse Gruyère´s afkomstig uit de streek Comté. 

De kaas wordt gemaakt van koemelk en is herkenbaar aan de vorm van een heel

 groot wagenwiel. De kwaliteit van de kaas kan onder meer worden beoordeeld

aan de grootte van de gaten in de kaas.
De smaak is romig pikant, maar ook een beetje zoetig.
Comté is ook uitermate geschikt voor kaasfondue en het gratineren van gerechten.

 

 

 

 

Vandaag maken we superlekkere “Zalmfilets, gevuld met Gruyèrekaas”.

 

De meeste zalm wordt tegenwoordig gekweekt, waarbij de natuur zoveel mogelijk

 wordt nagebootst. In Noorwegen heeft men complete meren en fjorden afgesloten

 om zalm te kunnen kweken.

Op dit moment is het aanbod aan kweekzalm van een zodanig niveau dat het

 onderscheid tussen wild en kweek steeds moeilijker te maken is. De kweekzalm

 heeft wel een wat hoger vetgehalte en een zoetere smaak dan de wilde zalm.

 

Zo simpel is dit smakelijke receptje te maken:

 

ingrediënten voor 2

bereiding

2 zalmfilets van 200g

spoel de courgette en snij hem in fijne plakjes

50g kaas: gruyère of comté

snij de gepelde tomaat in blokjes, pitten verwijderen

100g courgette

rasp de kaas

1 vleestomaat

verwarm de oven voor op 200°

1 el boter

bak de courgette aan elke kant 3’ in de hete olie

1 el olijfolie

doe er de tomaat bij en laat nog een minuut bakken

basilicum: verse of uit tube (Spanje)

snij de zalmfilets voorzichtig horizontaal doormidden

pezo

kruid de binnenkanten met pezo

 

leg er 2 naast elkaar in een ingevette ovenschotel

TIP: basilicum verliest veel smaak

verdeel er de groenten en de kaas over

indien hij gebakken of gekookt wordt

dek af met de rest van de visfilets

dus best zo laat mogelijk toevoegen!

leg er de boter op in enkele kleine vlokjes

 

zet de schotel 15’ in het midden van de oven op 200°

 

dek eventueel af met alu-folie als de vis snel verkleurt

 

zet de oven af, haal de vis eruit

 

bedek de vis voorzichtig met basilicum

 

zet nog even in de oven

 

 

 

lekker met gebakken aardappeltjes of kroketten

 

en met een frisse groene salade, met vinaigrette

 

 

Op dit beeld wordt de doorgesneden zalmfilet belegd met de Gruyèrekaas.

 

 

 

 

 

De vis is nu bestrooid met de basilicum, en heeft nog even de oven gevoeld.

 

 

 

 

 

De borden worden gedresseerd met de zalige zalm.

 

 

 

 

 

De vis is klaar voor verorbering, met aardappelkroketten, een groene salade,

en een druivensapje. Subliem!

 

 

 

 

 

Tip voor behandeling van vis:

Vis eet u best nog de dag van de aankoop.

Wanneer u hem in de koelkast bewaart, kan u hem nog één dag bewaren.

De beste manier om vis te bewaren is op een temperatuur van 0°C en met ijs.

U kunt de vis ook invriezen op de dag van de aankoop.

Op die manier blijft de vis nog 2 à 3 maanden houdbaar.

 

 man met zalm (ofwel zalm met man)

 

Bereid naar een recept uit Libelle.

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Beaufort 03: kunst aan zee (deel 2)

 

 

 

Het was de bedoeling alles over Beaufort 03 in één maal te presenteren,

maar door technische(?) problemen zijn een aantal foto's

op het einde van het stukje van 18 augustus niet geupload.

Beste lezers, ik verontschuldig me daarvoor, en gelieve eerst (hieronder)

het vorige stukje gemaakt op 18 augustus te bekijken aub,

en dan pas wat hier volgt. Bedankt !

Dit is dus het vervolg...

 

Het geheel ademt een heel aparte Zen-sfeer.

 

 

 

  

Voor het volgend werk gaan we naar het gewezen Zeepreventorium in De Haan,

 waar vroeger kinderen met longproblemen verpleegd werden, 

waarvoor zeelucht heilzaam was.

Nu is het een opvangcentrum voor obesitas-kindjes.

 

 

 

Vanuit het hoofdgebouw loopt een tunnel dwars onder de duinen en komt uit

op het strand. Het is deze tunnel, die artistiek bewerkt is door Chilenen.

 

 

Brigada Ramona Parra  – ‘Saqueando nuestra historia’      

Tunnel (v.h. Zeepreventorium) onder de duinen. Tramhalte De Haan – Preventorium….

dan ca. 1 km.

Of vanaf de dijk van De Haan (kant Bredene): strand volgen gedurende 500 m

tot aan de vlaggenmast.

 

 

 

De ‘Brigada Ramona Parra’ is een Chileens kunstenaarscollectief.

In 1940 wordt tijdens een betoging tegen machtswissels een jonge betoger neergeschoten…

Ramona Parra wordt vanaf dan gedragen door een artistieke beweging

die de straten van Santiago vult met illegale kunst en politieke propaganda

en pleit voor de verwezenlijking van de mensenrechten.

 

 

Nu maakt de Brigada nog steeds schilderingen als protest nu tegen het kapitalisme.

De tunnel is een prachtige locatie (voor mij ook verwijzend naar ‘ontsnappingsweg’…

redding…. Ook de intense blijde kleuren stralen hoop uit…). 

 

 

 

 De kunstenaars van de Brigada reizen de wereld rond om projecten uit te werken

met lokale mensen…

.

 

  

Hier schilderden de patiëntjes mee aan een verhaal over vissers, Chileense moeders,

gedichten, liedjes…. en geschiedenislessen

 

We zijn dan te voet langs het strand gegaan, tot aan een bos met luchtzakken.

 

Daniel Buren (71 j. FR °1938) – ‘Le Vent souffle où il veut’

Tramhalte De Haan – Aan zee… dan ca. 1 km.  

Op het strand ten O. van dijk De Haan centrum. De sculptuur is geplaatst op het strand,

maar is perfect zichtbaar van op de dijk.

Daniel Buren is een gevestigde waarde in het internationaal kunstcircuit. 

Ruimtelijke bewustwording is essentieel voor Buren; hij wil hier op het strand

de illusie van een bos wekken…. 100 vlaggemasten, stammen,  waartussen de bezoeker

kan wandelen… interactie is belangrijk… het werk is “slechts” een middel tot reflectie.

Dit werk ligt in het verlengde van “Voile/Toile” in de Wannsee, Berlijn 1975….

(Zeilbootjes met 9-kleurige zeilen)

Hij nam o.a. deel aan Documenta 5 en 7 en de Biënnale van Venetië.

Er is werk van hem in o.a. Guggenheim N.Y. en in het Palais Royal Parijs.

Bij ons, in Leuven, plaatste hij in 2004 ‘Le jardin Imaginair’ (metaal en glas,

18 transparante structuren) in het stadspark St. Donatius.

  

 

 

 

Ten slotte zijn we nog eens naar onze oude vriend Albert afgedwaald.

Einstein, die een tijdje woonde in De Haan, nodigde de Olaba-hersenen uit

voor een intelligent gesprekje op zijn geliefkoosd bankje.

Hij heeft beloofd volgende keer mee op pad te gaan.

 

  (*) Olaba = Organisation de loisirs agréables et blabla amical.

Voor details, zie vroegere stukjes.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Beaufort 03: kunst aan zee

 

Na 2006 hebben we met Olaba(*) nu opnieuw Beaufort Outside bezocht,

de driejaarlijkse tentoonstelling van hedendaagse kunst langs de Belgische kust.

Beaufort Inside bestaat ook, is in Oostende, maar vermits we hier altijd

goed weer hebben, blijven we liever in open lucht.

Dank zij Erik, Artistiek Directeur van Olaba, is dit weer een prachtige dag geworden.

 Uit een dertigtal kunstwerken, verspreid over de kust,

had hij er een tiental geselecteerd, die echt de moeite waren.

s’Morgens vertrekken we dus met de kusttram, en rijden van Knokke

naar de Panne, een traject van meer dan twee uren.

Het eerste werk staat dicht aan de tramhalte Schipgat, en het betreft 9 totems, die verspreid staan over het strand.

Op de foto hieronder staat een van de totems.

Ik ga het me voor een keer eens gemakkelijk maken en laat Erik aan het woord.

 

 

 

Valérie Mannaerts

– ‘If travel is searching and home what's been found’

Tramhalte Oostduinkerke – Schipgat. Strand Sint André (einde van de Gillis Scottlaan).

De 9 ‘totems’ staan (net niet) lukraak verspreid.

(Een aantal zijn zichtbaar vanaf het einde van de Gillis Scottlaan,

andere staan wat verderop op het strand/naast de duinen.)

De jonge kunstenares maakt ‘veelgelaagd’ werk….

Haar collage-achtige tekeningen zijn bekend.

Zij combineert  papier, fotografie, video, sculpturen en die taalvormen vloeien in elkaar over.

Ook in dit werk speelt ze met gelaagdheid: de sculpturen gaan in dialoog

met de er aanwezige ‘elementen’… zijn ze aangespoeld?

De toeschouwer kan zich afvragen wat er wel en wat niet tot het ‘werk’ behoort….

Wat er dus ‘kunst’ is en wat niet….Zoeken  en (hopelijk) vinden… let op de titel !

 

 

 

 

Dit visnet behoort niet tot Beaufort 03, maar ik heb het wel opgeplooid

en stiekem in mijn rugzak gestoken.

Ik ga hiermee mijn kandidatuur stellen in 2012. Hihi.

 

 

 

Binnenin Abdij Ter Duinen moesten we ook zijn, maar …bittere pil:

gesloten op maandag.

Foutje van de organisatie? Wie dit wil bezoeken is dus verwittigd!

Deze man voor de deur werd rood van schaamte, maar kon ons niet helpen.

 

 

 

Op deze foto zie je het bewijs dat we op de tram wachten op de Esplanade

in De Panne.

Olaba is zeer milieubewust, en onze ecologische voetafdruk houden we klein.

 

 

 

Matt Mullican (56 j. USA) Twin Stations’

15 gietijzeren platen tussen de betegeling van het tramdepot van De Lijn (naast Loskaai 15).

Tramhalte De Panne – Esplanade.

De sterke wil om alles te ordenen vormt de basis van zijn werk.

Matt Mullican bedacht een “persoonlijke kosmologie” (wetenschap van het heelal)

bestaande uit 5 niveaus van de zuivere materie tot de ‘hoge’ geestelijke menselijke activiteit.

Aan elk niveau verbindt hij een kleur: groen voor zuivere materie; blauw voor de wereld der dingen;

geel voor wetenschappen en kunst; zwart en wit voor tekens en taal en rood voor geestelijke activiteit.

Zijn  pictogrammen hebben het doel orde te scheppen in de chaos.

Hij verwijst naar een wereld waarin codes en tekens de plaats innemen van de realiteit.

Als ‘toeschouwer’ verdwaalt men – en dat is op zijn minst paradoxaal - in die poging van de kunstenaar

om rationeel orde en klaarheid te scheppen in het begrip wereld… en komt men (hier!)  op ‘n “dood spoor’’.

De Beaufort03-catalogus vermeldt dat Matt Mullican tekeningen maakt in trance, onder hypnose

 wordt de kunstenaar een ander iemand in zichzelf…

Bij zijn eerste bezoek aan de Belgische kust viel de kusttram hem op…. vooral dan de tramspoor-lijnen.

Stelt wereldwijd tentoon. Hij ontwierp de logo’s op de vlaggen van deSingel (A’pen) en eerder werk,

 gerelateerd aan tram/trein-sporen, was al te zien in Venlo (NL) en Graz (Oostenrijk).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dit werk is speciaal gemaakt voor de 8 Olaba’s: ieder mocht zijn eigen symbool kiezen.

 

 

Erik gaat zelfs zover, uit pure bewondering, om zijn roestig symbool te kussen.

 

 

 

Evan Holloway ( 42 j. USA °1967) – ‘Never Good Enough’

Strand van Sint-Idesbald. Tramhalte Koksijde – Sint-Idesbald…. Aan dijk ca. 300 m naar R.

Prachtige locatie voor deze sobere monumentale (14 m. H / 12 m. B) stalen constructie

waarop zijn  statement als sterke boodschap: NEVER GOOD ENOUGH!.

Geen enkel beeld kan immers op tegen het overweldigende ‘echte’ beeld van zee en strand….

Kunst kan niet ‘concurreren ‘ met de zee.

Vandaar zijn ‘Never Good Enough’ op een metalen net aan een stalen geraamte

als speelbal van weer en wind…

 

 

 

 

Greta is min of meer zoals de Japanners: alles moet in het fotokastje

opgeslorpt worden.

Al haar creaties kan je dan ook vinden via de link

http://fotoalbum.seniorennet.be/gaviota-album

 

 

 

Dan belanden we in Nieuwpoort aan de havengeul.

Het kunstwerk, een verticale prauw, komt in beeld.

 

 

 

De dames maken leuke kiekjes.

 

 

 

Stoere veerman Pepe helpt bij de overzet.

 

 

 

Vissersboten varen de vaargeul uit, de zee tegemoet.

 

 

Gelukkig verdrinken we niet, en kunnen we juichen na de geslaagde overzet.

 

 

 

Philip Aguirre Y Otegui (48 j.  BE °1961) – ‘Gaalgui’

Aan het begin van het Oosterstaketsel (einde Vierboeteweg). Tramhalte Nieuwpoort – Bad.

Philip Aguirre Y Otegui is van baskische afkomst

 Via  Picasso’s  kubisme kwam hij terecht bij de oude Grieken…

De studie van de Griekse en Etruskische beeldhouwkunst ondersteunde Philip Aguirre

in zijn zoektocht naar de zuivere, de pure vorm.

Bootvluchtelingen, sloppenwijken en oorlogsgeweld komen vaak aan bod in zijn werk

dat sociale thema’s paart aan uitgepuurde klassieke vormen.

Daarvan getuigt o.a. ook zijn ‘Man met Matras’ in  Zaventem Luchthaven.

De sociaal-maatschappelijke context in zijn werk en zijn engagement groeiden

bij de vele bezoeken aan vluchtelingenkapmen en hulporganisaties

De prauw waarmee Afrikaanse bootvluchtelingen de levensgevaarlijke overtocht (1600 km)

van Senegal  naar de Canarische Eilanden proberen te maken inspireerde Philip Aguirre

tot dit ‘beeld’ (12  m. hoog) voor Beaufort. ‘Gaalgui’ betekent ‘prauw’ in het Wolof,

de plaatselijke taal.

Aguirre maakte het krachtig beeld samen met plaatselijke ambachtslui en vissers

in het haventje M’Bour, okt. - dec. 2008.

Ze hebben eerst een kleiner beeld gemaakt (6 m) namens Beaufort aan de lokale bevolking

geschonken, dat nu als ‘le monument’ ( zoals zijn medebouwers het noemen….

ze vonden het eerst knettergek dat hij de boot verticaal oprichtte) op het strand

van M’Bour staat. De kunstenaar bezoekt Senegal sedert het midden van de 90-er jaren…….

De haven van Nieuwpoort als locatie is een verwijzing naar bootvluchtelingen

en naar een regiment Senegalese soldaten van het Franse leger die in W.O.1

aan het nabijgelegen front in de loopgraven vochten.

Binnen loopt een video waarin moeders van jonge, op zee omgekomen Afrikanen,

hun landgenoten oproepen om hun leven niet op het spel te zetten en in eigen land

een beter leven op te bouwen.

 

 

 

Aeneas Wilder (42j. U.K. ° 1967) – ‘Untitled # 143’

Strand aan hotel Bellevue. Tramhalte Westende – Bellevue

De Schot  Aneas Wilder woont en werkt het grootste deel van het jaar in Japan…

het intens contact met de Oosterse kunst beïnvloedt in grote mate zijn werk.

(Getuige ervan is het project “Zen Gardens”). Hij maakt videokunst en constructies.

Deze elegante houten koepelstructuur – 17,5 m. hoog - ervaar ik als een zeer sterk werk

qua vorm en inhoud. De ruimte is 50% open, 50% dicht, gelijktijdig fragiel en stabiel….

Binnen voel je ’n bijna sacrale sfeer… en toch sijpelt het kustgebeuren binnen… 

De locatie is goed gekozen in harmonie en dialoog met de architectuur van Hotel Bellevue,

geklasseerd en bijna 100 jaar ouder (1911). De manier waarop het licht beweegt

door en langs de structuren van “stapelingen” is  een constante in zijn werk.

De koepel is terplaatse gemonteerd en is gebaseerd op een studie (2008) van een ‘kogel’ 

voor het landschapspark in de ‘Hoeksche Waard’ in de gemeente Korendijk (NL).

Bij Verbeke Foundation (Kemzeke) staat zijn ‘Dome in Motion’ ( = 1° proef voor hg. opdracht),

eveneens zo’n koepeltempel maar met glad, zuiver afgewerkt hout

en met meer dynamische (spiraalbeweging) vormgeving.

 

 

Binnen zie je het goed: 50% dicht en 50% open

 

 

 

De beste manier om de sfeer te ondergaan is horizontaal.

Lut gaat direct plat.

 

 

 

Wat ze dan te zien krijgt is dit:

 

 

Het geheel ademt een heel aparte Zen-sfeer.

Geschreven door grob om 23:31 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: een klein zootje

 

 

 

 

Dit receptje vertegenwoordigt niet een echt grote zoo met een veelvoud aan al

dan niet wilde dieren, maar je mag al wel een klein zootje in gedachten nemen.

Als je de ingrediënten bekijkt, zal het je opvallen dat zowel kip, geit

en varken vertegenwoordigd zijn.

En dan wil ik het nog niet hebben over de room, geleverd door een bonte koe,

en de rups die zich in de salade genesteld had.

Toen Greta in de keuken langs kwam, zei ze langs haar neus weg:

"Zeg eens, ik vind het hier maar een zootje."

Maar ook de plantaardige wereld levert zijn heerlijke bouwsteentjes:

olijven, look, tuinkruiden, peper, mosterd, aardappelen, sla met tomaten, komkommers enz.

 

Je zou het resultaat best kunnen vergelijken met "blinde vinken", maar dan moet het

in dit geval "blinde kippen" heten. Misschien kan ik een nieuwe naam lanceren,

met copyright of zo. Maar voorlopig mogen jullie het nog rustig namaken.

En ik raad het je aan!

 

 

 

 

Het heet "Kip met ham en kruidenvulling".

 

Zo simpel is het te maken:

 

 

ingrediënten voor 4

bereiding

4 dikke kipfilets

snij de kipfilets overlangs in en klap ze open

8 plakjes rauwe ham (Serrano,of...)

kruid ze van binnen stevig met peper

150g verse (geiten)kaas

meng de kaas met de look, tuinkruiden en mosterd

2 looktenen (Spanje: 1 lookstengel)

bestrijk de binnenkant van de kip hiermee en klap dicht

8 el gehakte tuinkruiden of diepvries

rol elke filet in 2 plakjes ham

(keuze: koriander, bieslook, en…)

bak ze 15’ à 20’ in wat olijfolie, en haal ze uit de pan

peper (geen zout!), of cayenne

blus de braadpan met de kippenboeljon

10 cl kippenboeljon

schraap de aanbaksels los met garde of houten spatel

10 cl room

laat snel inkoken tot ongeveer de helft

olijfolie

zet het vuur lager en voeg de room er aan toe

1 mespunt mosterd

laat inkoken tot sausdikte, en kruid eventueel bij

gebakken aardappelen (diepvries)

let op met zout, want de ham is al zoutig van smaak

 

serveer met gebakken aardappelen

 

 

een slaatje past hier eventueel bij

TIP: kan ook met parelhoen of kalkoen

 

 

Een lekker half ingedikt sausje om er bij te zetten (en te consumeren)

vervolledigt het gerechtje.

Best lekker, en zeker op een zonnig terrasje.

 

     

 

 

 

O ja, van plantaardige kant (was ik vergeten) wordt het gerecht

nog aangevuld met wat druivensap.

 

 

 

Ooit zal ik trachten ook een zooitje te maken: Gentse Waterzooi bijvoorbeeld,

of Waterzooi van Vis. Ook weer superlekker!

 

 

Vervaardigd en aangepast naar een receptje uit Libelle 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

brood en spelen in Lucilinburhuc

 

Luxemburg is de hoofdstad van het gelijknamig Groot Hertogdom.

We zijn er al verschillende malen langs geweest, en “aangenaam”

is wel het meest gepaste woord vind ik voor deze plaats.

Meestal verpozen we er als we terugkeren uit Frankrijk via Metz.

Deze keer gaan we einde juni op een zaterdag, want het is goed weer

en het is antiek- en brocantemarkt. Leuke trip en sfeer gegarandeerd.

Dat is volledig in contrast met de hoofdstad van Belgisch Luxemburg: Arlon.

Een oerlelijk dorp is dat, waar ze ons niet gaan terugzien.

 

De naam  "Lucilinburhuc" is afkomstig uit de oeroude vroegmiddeleeuwse tijd,

en het betekent zoveel als “kleine burcht”.

Wil je er meer over weten, google dan eens “wikipedia Luxemburg”.

 

In het weekend kan je in Luxemburg stad meestal ook goedkoper logeren,

want de hotels zijn vooral business gericht.

Wie de stad (nog) niet kent zal verbaasd zijn door de diepe kloof

die de stad in twee snijdt.

Op de bodem van de kloof loopt een klein riviertje, de Pétrusse, waarlangs je

een rustige wandeling kunt doen. Je hoort niets dan vogels.

In het midden van de stad sta je hier in volle natuur.

Deze keer doen we de wandeling niet.

We nemen een foto van de top van de kloof, waar je een van de bruggen

ziet die de grote spleet overspant.

Dit is in het volle stadscentrum, met aan de linkerkant de Notre Dame kathedraal.

De stad is een paar jaar geleden volledig opgeknapt, toen ze

de Culturele Hoofdstad van Europa was  in 2007.

 

 

 

 

We maken een rustige wandeling aan de rand van de stad, waar een gordel

van aaneengesloten parken als een halve maan rond het centrum ligt.

Het zijn oude parken, met reusachtige bomen, met waterpartijen en hier en daar

 stadsmuren van de Romeinen. 

 

 

 

 

Greta probeert aan de linkerkant de fontein na te bootsen.

Ik moet toegeven dat het haar gedeeltelijk gelukt is. 

 

 

Vanaf een brug zie ik beneden een groot aantal dikke hongerige karpers

op zoek naar eetwaar, zoals lekkere sappige mensentenen.

Ze lusten natuurlijk ook graag brood, en spelen doen ze ook graag.

Gelukkig krijgen ze een homp brood van een koppeltje, zodat de stress

bij deze schubbendragers stilaan kan wegebben.

 

 

 

 

 

 

De Place des Armes is de plaats waar iedereen naartoe gezogen wordt.

The place to be. De zaterdagmarkt is al volop aan de gang. 

 

 

 

 

Ook als er geen antiekmarkt is, is er hier leven in de brouwerij, vooral

door de vele terrassen. De toeristenvallen onder de terrasjes hebben

we intussen, met schade en schande, ook al leren kennen.

 

 

 

Zoals de meeste meisjes houdt Greta wel een beetje van snuisteren

op een antiekmarkt. 

 

 

 

Dit zijn de Rail Road Side Dancers uit Reuver, een dansgroep uit Nederland.

Ze staan nog wat te keuvelen voor hun optreden.

De Reuverse keuvelers. 

 

 

 

Aan de rand van de Place des Armes kan je je laten schminken,

Vrij opvallend, en bijna van kop tot teen. 

 

 

 

Een fanfare toetert hier alles bij elkaar onder de stralende zon.

 

 

 

Pure brood en (muziek)spelen op dit plein. Ambiance is verzekerd. 

 

 

 

De koopwaar behoort hier niet tot de categorie rommel. Ook de kramen lijken

afgelikt en ogen Duits degelijk. De lederhosen wonen maar op enkele kilometer.

Camionetten, wagens, lege dozen en andere rommel zijn hier niet toegelaten.

We hebben wel al andere markten gezien…

 

 

 

Op één plaatsje moeten we aan Spanje denken: een paellapan te koop

met een steel van meer dan een meter.

We kopen ze niet, want ze past niet in onze pannenkast.

 

 

 

Nog even terug naar het park. We ontdekken een originele speeltuin.

 

 

 

De jeugd kan hier o.a. experimenteren met de vijzels van Archimedes, en water oppompen.

 

 

 

Greta speelt hier graag met haar groene vriendje. Zonder brood.

Let wel, het is zeker geen marsmannetje, want de twee stekeltjes ontbreken.

 

 

 

De speeltuin is leuk ontworpen: aan het eind ligt een speelkarveel, en vooraan

zijn er experimenten met water. Wat doet de jeugd meer deugd?

 

 

 

 

Uit een paalwoning (?) vertrekken dikke buizen waar de kindjes kunnen doorglijden.

 Wel ontoegankelijk voor Mc Donald- en obesitaskindjes.

 

 

 

Af en toe kan ik het niet laten en komt de werkmicrobe weer boven.

 

 

 

Het beste middel om dit te verhelpen is mijn ogen een halve minuut te sluiten,

dan ergens rustig te gaan zitten en te wachten tot het helemaal overgaat.

Zo beland ik dan hier op deze viervoeter van Lacoste

 

 

 

We keren terug naar de stad.

Hier merk je drie engeltjes naast elkaar, en een indrukwekkend jaartal.

Quizvraag: hoelang staan deze engeltjes hier al?

Het middelste exemplaar buiten beschouwing gelaten.

 

 

 

In het centrum wordt deze ijzeren knaap herdacht.

Waarschijnlijk een ridder, of een graaf.

Zo te zien kan het Boudewijn-met-de-IJzeren-Arm zijn,

of Jean Zonder Kop.

 

 

 

Aan de voet van een kerk vind je altijd en overal een goed terrasje, waar we

relaxed tussen alle andere Vlamingen een paar Leffe’s tot ons laten komen.

 

 

 

Gezeten aan nog een ander terrasje, worden we aangesproken door

een slim blondje, dat ons (vruchteloos) wil overtuigen meer thee te drinken.

Haar hele garderobe is volgehangen met theezakjes, op haar hoofd staat

een theepot, maar ze deelt wel lekkere snoepjes uit.

Ze is eigenlijk op stap met een aantal vriendinnen voor haar bokkenfuif,

of heet zoiets “geitenfuif” bij de meisjes?

Morgen stapt ze in het trouwbootje, en begint ze aan haar wittebroodsweken.

Traditiegetrouw mag er dan ook gespeeld worden.

Greta is gelukkig nog net op tijd om haar, met de wijsvinger in de hoogte, wat

nuttige waarschuwingen en listige adviezen aan de hand te doen over de mannen.

 

 

 

En een daarvan is een citaat van Agatha Christie: “Een vrouw kan maar best

met een archeoloog getrouwd zijn.

Hoe ouder ze wordt, hoe meer hij zich voor haar gaat interesseren”.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: gestoofde zwemmer, volledig in het rood

 

 

 

Terwijl we in België zijn is het volkomen normaal en gepast dat in de keukenpotten

de lokale zwemvissen één voor één aan de beurt komen.

Vandaag geef ik de voorkeur aan een kabeljauw, hoewel je die toch (nog) overal

kan verkrijgen in Europa. Voor dit gerecht heb ik liefst een tamelijk harde vis,

die goed overeenkomt met paprika’s en tomaten.

Kabeljauw is dus één van de mogelijkheden.

Verder is het recept eerder Mediterraan, wat voor ons geen probleem is.

Wel integendeel. Op het eerste zicht zie je op de foto geen vis meer,

maar wees gerust, hij doet gewoon enkele millimeter kopje onder.

Een beetje cameravrees waarschijnlijk.

 

Hier is het geur- en kleurrijke receptje van “Stoofschotel met tomaat en vis”:

 

ingrediënten voor 2

bereiding

400g witte vis: kabeljauw of andere

verhit de olie en voeg de bloem er aan toe, roer zachtjes

20 cl visboeljon of -fond

voeg de paprika, ui en selder toe en bak het geheel

3 el bloem, 3 el olie

tot de bloem een warme donkerbruine kleur heeft

½ groene paprika, fijngehakt

en de groenten zacht zijn geworden

1 kleine ui, fijngehakt

voeg de visboeljon en de tomatenblokjes uit blik toe

2 stengels selder, fijngehakt

dan de tomatenpuree, en kruid met pezo (en Cayenne)

1 blik tomatenblokjes (+/- 460g)

breng dit alles aan de kook

1 el tomatenpuree

laat sudderen tot de saus gebonden is, voeg de wijn toe

pezo (eventueel wat Cayenne)

kook alles ongeveer 20’

3 el witte wijn

snijd de visfilet in stukken en voeg de vis toe na +-10’

1 el gehakte peterselie

(hoe zachtere vis, hoe later toe te voegen)

½ el dille

roer op het einde de peterselie er door

 

zorg ervoor dat de vis niet uit elkaar valt

 

breng eventueel nog op smaak met pezo

 

dien op met gekookte aardappelen

 

 

 

TIP: de wijn kan je vervangen door 1 el citroensap

 

en 2 el water

 

 

 

TIP: kan met elke soort witte vis

  

  

Het is een gezellig en gemakkelijk gerechtje om te koken, maar ook degene

die in de onmiddellijke omgeving zit heeft er wat aan, want het ruikt heerlijk

tijdens het garen.

Mocht je dit gerechtje bereiden, hou er dan rekening mee dat je links en rechts

 tijdens het kookproces wat kwijl van de grond moet opscheppen van de huisgenoten.

 

 

 

Nog een tipje (maar niet van de sluier): we drinken er een fles Gato Negro bij,

uit Chili. Dit betekent niet “zwart gat” in het Spaans, maar wel “zwarte kat”.

Een kleine nuance natuurlijk. Vooral de versie met de Cabernet Sauvignon druif

is lekker, maar hij bestaat ook met andere druivensoorten.

                       

 

Yammi yammi.

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Focus op de Crocus.

 

 

“Of we geconfronteerd zijn met een dergelijk alarm, en of we het

 overleefd hebben laat ik jullie zeer spoedig weten!”

Dat was de laatste noodkreet van het Olaba bezoek aan een mijnenjager.

Welnu, er is goed nieuws, we hebben alles nipt overleefd,

in die onheilspellende buik van de Crocus.

 

Het staat hier vol met de meest extravagante dingen.

Neem nu deze hoop cilinders, met vierkante koppen.

Wat doen ze hier? Niks. Maar wacht tot de Crocus aan het zinken is.

Het zeewater komt volgens de kenners dan waarschijnlijk van beneden.

Deze metalen klompen zet men dan schrap tegen de luiken vanwaar

het zeewater naar boven wil komen.

Door deze knotsgekke buizen uit te rekken kan men ze opspannen

en het luik dichthouden.

Een kurkentrekker in omgekeerde zin als het ware.

 

 

 

 

 

We achten het niet voor mogelijk, maar er is nóg een dieper luik om verder

naar beneden te gaan. En ditmaal is het niet voor doetjes, want onder dit luik

is er geen trap, maar een vette vertikale ladder.

We zijn onderweg naar de machinekamer, in de onderbuik van het schip.

De machinist zet op deze ladder ook altijd zijn voeten, met goed geoliede

schoenzolen natuurlijk. Vettig boeltje.

 

 

 

 

 

Niets kan Olaba afschrikken. Met ware doodsverachting dalen we toch

naar de kelder van het schip waar de machinist zijn mayonaise maakt.

Diep (letterlijk) onder de indruk aanschouwen we de krachtbron van de Crocus,

met deskundige uitleg van de Commandant. Zelfs de dames worden er stil van.

 

 

 

 

Heel merkwaardig. Tussen allerlei motoren en technische installaties

zie ik een groot houten stuur waarvan ik gisteren nog een exemplaar zag

op de TV in een film met een Caraïbisch piratenschip.

Als de andere besturingen het laten afweten, kan men hier komen aan draaien.

 

 

 

 

Dieper kunnen we nu niet meer, of we zitten aan het middelpunt van de aarde.

Allen naar boven dus, tot in de open lucht zelfs.

Aan de rand van het dok staat een reusachtige schoendoos,

(een vorm die onmiddellijk de aandacht trekt van de dames).

Het is een loods, waar de Crocus een vol jaar heeft ingelegen, voor groot onderhoud.

Het lijkt erop alsof andere marinevaartuigen in de rij staan om hun beurt te krijgen.

 

  

 

 

Op het Crociaans achterdek heerst een drukke activiteit.

Twee matrozen verslepen een zware witte cilinder. Wat is het? Een torpedo?

Een gasfles voor een tapinstallatie? Een vredespijp? Een mini flitspaal?

Een mislukte saxofoon misschien? Een wit product? We weten het nu nog niet.

 

 

 

 

Aan de andere kant van het achterdek staat het paradezeepaardje van het schip:

de nieuwe spectaculaire supersonar voor het opsporen van zeemijnen.

 

 

 

 

Marc, de enige échte Zeebruggenaar, voelt de zeekriebels opkomen door zijn aders.

Hij ziet zijn haven, de schepen, de giraffekranen en hij droomt weg, over alle oceanen.

 Zijn benen beginnen te trillen van pure drang naar de wijde zee.

Lut, zijn lieftallige echtgenote, heeft alle moeite van de wereld om hem tegen te houden

onmiddellijk een contract tekenen en toe te treden tot de marine.

Uiteindelijk kan ze hem overtuigen met de belofte dat thuis de Blonde Leffe

altijd voor hem klaar zal staan. Daar kunnen enkele golven niet tegenop.

 

  

 

 

Commandant Frederik stelt ons voor aan Oscar, die hier dag en nacht en langer in

militaire houding staat, altijd paraat om de functie van nepdrenkeling uit te oefenen.

 

 

  

 

 

Oscar, je kunt zijn naam zien op zijn borstzak, zit nogal benepen in zijn pak,

en wordt hier gelukkig wat frisse lucht toegediend.

 

 

  

 

 

De tijd van de Titanic is blijkbaar voorbij.

Een reddingssloep is een piepklein ding geworden.

Wanneer men de sloep in het water neerlaat, gaat ze even kopje onder,

komt terug naar boven, en blaast dan zichzelf op tot respectabele afmetingen.

Dat idee is waarschijnlijk afgekeken van ergens anders…

 

 

  

 

 

De volgende stap is de brug, het ultieme zenuwcentrum van het schip.

Het stuur is een ware ontgoocheling. Te minimaal zelfs voor op de foto.

Het is enkel een klein zwart rond dingetje, dat je in je broekzak kan steken.

 

  

 

 

We hebben nu ongeveer alles gehad. Voor El Grande Finale keren we terug

naar het salon van de Crocus, waar we onder het goedkeurend oog

van koning Albert en op zijn gezondheid een lekkere Leffe Blond

door onze dorstige zeemanskelen gieten.

 

  

 

 

Dit kan een mens goed doen, maar de tijd van gaan is helaas gekomen.

De Clash of the Giants kan niet langer uitblijven.

De twee hoofdmannen zijn nu vrienden voor het leven: de President van Olaba,

en Commandant Frederik van de Crocus.

Wanneer en waar zullen onze paden nog eens kruisen?

Hopelijk niet onder water.

 

  

 

 

We laten de Crocus achter zoals we hem gevonden hebben.

Hij heeft ons bezoek goed verteerd.

 

  

 

 

Terwijl we van het schip stappen zie ik plots een loens individu op de kade

uit een of ander mangat kruipen. Hoogstwaarschijnlijk een KGB-spion,

die de geheimen van de Crocus wil doorgronden.

Waarlijk een bad guy uit de 007  Bond films!

 

  

 

 

Even later merken we dat hij wordt ingerekend door het bewakingspersoneel

en achteraf vernemen we nog dat dit sinistere heerschap werd opgesloten

tussen de bezemstelen en de poetsvodden, onder strenge bewaking van Oscar.

 Terechte straf.

Einde goed, alles goed, en we wensen de Crocus en zijn bemanning een goede vaart,

met de juiste kaart.

 

  

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: het is zomer, bak het dus maar bruin

 

 

 

Ik loop al een tijdje gefrustreerd rond.

De reden is dat ik een heleboel gerechtjes probeer te maken uit allerlei landen,

maar er is er één land waar ik nog te weinig aan denk. En dat is Nederland.

Ik ben eens naar de statistieken van mijn blogbezoeker gaan kijken,

en ik zie dat meer dan 34% van de lezers afkomstig zijn uit Nederland.

Het is dus de hoogste tijd, al was het maar uit erkentelijkheid,

om dat even recht te zetten.

Vandaar dat ik klassiek een gerecht heb gekozen, en ook bereid,

afkomstig en geïnspireerd door onze dichtste buren.

 

En ik wil nog beter doen, als extra boetedoening: woensdag 29 juli gaan

we fietsen in Nederland, meer bepaald tussen Vlissingen en Westkapelle.

Ziezo, mijn frustraties zijn weer even weggespoeld.

 

Het recept, volgens het kookboek specifiek Nederlands is gewoon oersimpel.

Een pretje om te maken, en mooi van uitzicht ook nog.

Onderschat de Nederlanders dus niet op culinair vlak.

De ingrediënten lopen niet over van originaliteit, maar zijn wel stuk per stuk

puur natuurlijk. Dit Nederlandse gerecht is Bruine bonen met spek.

De alom gebruikte “actieve voedingsdriehoek” met de onmisbare voedingsstoffen

 (koolhydraten, eiwitten, vitaminen,…) wordt perfect ingevuld.

Geen aardappelen meer nodig, want de bonen leveren voldoende koolhydraten.

Hier is het recept, straight from Holland.

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

250g bruine bonen uit blik

prepareer de salade, in een slakom, en op de 2 borden

150g gerookte spekblokjes

giet de bonen af, spoel met water en laat uitlekken

versgemalen peper

bak de spekjes uit gedurende +/- 5’, tot ze licht krokant zijn

2 el suikersiroop of honing

meng de bonen door het spek en kruid het geheel met peper

 

laat het geheel opwarmen, kruid eventueel wat bij

salade:

schep de bonen op de borden en druppel de honing erover

groene sla of andere

 

3 tomaten, middelgroot

 

een achttal kleine augurken

 

pickles

 

stukje lenteui, gesneden

 

vinaigrette voor de salade:

 

pezo

 

4 el olijfolie

 

1 el witte wijnazijn

 

kruiden naar keuze

 

 

Keurig en kleurig, en lekker.

Greta houdt van bonen, vooral de bruine.

Ik zal ze dus meer naar Nederland moeten sturen, om lokaal bonen te gaan happen.

 

 

 

 

Hier kan je het nog eens uit een andere hoek bekijken.

Laat me wel opmerken dat de wijn niet afkomstig is uit Nederland.

Ik ga nu ook weer niet overdrijven.

 

Ik wil er ook op wijzen dat er optisch gezichtsbedrog in het spel is.

Mijn duim zit niet in het wijnglas, en ik giet er geen wijn over.

 

 

 

 

Naar TimeLife, Europese Keukens, pag. 70

Smakelijk.

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Opnieuw naar de mijnen, gevaarlijke bovendien!!!

 

 

Dit is een beeld van de bekende mijnstreek in Limburg.

De lokale avonturen van Olaba(*) vorig jaar in september daar

kan je vinden in dit blogje vanaf de datum 22-03-2009.

Go and look!

 

 

 

Maar…wat velen niet weten is, dat er nog een mijnstreek in België is,

waarvan hieronder een foto.

 

 

 

Wat meer is, in dit stuk België zijn er zelfs mijnenjagers te vinden!

Zelfs buiten het jachtseizoen.

Nieuwsgierig als we zijn, moeten we daar het fijne van weten.

Marc van Olaba slaagt erin na veel lobbywerk aan de toog, een exclusief

Olaba(*) bezoek te versieren aan de mijnenjager “Crocus”,

die ligt aangemeerd in de Marinebasis van Zeebrugge. 

 

 

 

Op het marineschip worden we hartelijk verwelkomd door

Commandant Frederik, een volle neef van Olamarc.

We drinken eerst een kop koffie om de aandacht te kunnen aanscherpen,

en om een goede indruk te maken.

Onmiddellijk schiet er al een aandachtspunt naar voor:

alle Belgische mijnenjagers hebben de naam van een bloem.

En omdat er ook Franstalige Belgen onder de bemanningsleden vertoeven,

zijn deze bloemennamen bovendien hetzelfde in het Nederlands en het Frans.

De M917 heeft dus als koosnaampje “Crocus”.

Tot ontevredenheid van mijn Spelling Checker, die aandringt op Krokus.

 

 

 

 

 

Eén vierde Olaba was belet, dus heel uitzonderlijk zijn we slechts met zes.

Eigenlijk is dit nog een goede zaak, want alles is heel smal uitgemeten op

dit schip, zoals deze radiokamer bijvoorbeeld.

Geen wonder dat de Weight Watchers in Zeebrugge zoveel succes kennen. 

 

 

 

Een ander goed voorbeeld om dit te illustreren is een doorsnee kajuit.

Dit is het volledige verblijf van zes bemanningsleden en één pilaar.

 

 

 

 

 

Dit is niet het Spaanse Spook dat hier ronddwaalt, maar wel brandvrije kledij.

Aan de veiligheid wordt de meeste aandacht besteed.

Nodig ook met de talloze buizen en pijpen, gevuld met de vreselijkste vloeistoffen,

en voorzien van allerlei kranen, draaiwielen, valven, tappen enzovoort.

Een natte droom voor elke loodgieter is het hier.

Heel het schip is één grote buis.

 

 

 

 

Nog wat voor de veiligheid: in de buurt van de hoogspanningskast

hangt een dik touw met twee handgrepen.

Niet één Olaba kan raden waarvoor het dient.

Welnu, het kan gebruikt worden als er een zeeman aan de hoogspanning “plakt”.

Terwijl hij lichtjes aan het braden is, kan je het touw over hem werpen

en hem lostrekken, zonder zelf gebakken te worden.

Het touw heeft ook nog een ander doel: fitness.

Tijdens de zeldzame dagen dat men niemand moet wegsleuren

van de hoogspanningskast gebruikt men het voor touwspringen.

Het is wel enkel geschikt voor de matrozen kleiner dan 1,60 m,

door de beperkte beschikbare hoogte.

De groteren moeten zich wegens hun afmeting beperken tot hersengymnastiek.

 

 

 

In de keuken staat al het kookgerief te blinken.

De potten vallen wat groter uit dan bij mij en bij jullie, maar voor de rest

is er weinig verschil.

Ik voel me dadelijk thuis in dit kombuis.

 

 

 

À propos: het keukenpersoneel van de Crocus is helemaal mannelijk.

Er is wel één vrouw aan boord, en zij is verpleegster.

We krijgen ze niet te zien, want ze is ziek.

Ze komt dus niet in de keuken, behalve als de kok zich in de vingers snijdt.

Ook de kruidenpotjes met bieslook, Provençaalse kruiden, lookpoeder

en andere zijn van een  volwassen formaat.

 

 

 

Om te beletten dat de matrozen teveel zeelucht inademen,

is er voor iedereen een handig zuurstofmasker voorzien.

 

 

 

We slenteren verder langs de hoofdboulevard binnen het schip,

tot we alles bekeken hebben.

Alle foto’s weergeven zou me nog een dagje extra kosten.

We verlaten deze verdieping, of “dek”, om het juister te zeggen.

Onze gids neemt ons mee naar beneden via een smal trapje.

Greta voelt haar hartje kloppen.

 

 

 

Het schip lijkt één grote controlekamer.

Hopelijk wordt hier niet gecontroleerd op alcoholgebruik,

zoniet lopen sommigen onder ons kans om opgesloten te worden

in het voorruim, tussen de bezems en het Wc-papier (en de ratten?).

 

 

 

 

Sommige personeelsleden werken intussen onverstoorbaar verder

aan het ontpluizen van militaire geheimen. High Confidential.

Ons mogen ze vertrouwen. Wij zijn nu ook op de hoogte,

maar we zeggen niets, tenzij onder fysieke dwang van Al Qaeda.

 

 

 

 

Op verschillende plaatsen is er melding van hoeveel maal de alarmfluit

moet gaan bij nucleaire of chemische aanvallen op het schip.

Of we geconfronteerd zijn met een dergelijk alarm, en of we het overleefd

hebben laat ik jullie zeer spoedig weten!

 

 

 

(*) Olaba = Organisation de loisirs agréables et blabla amical.

    Voor details, zie vroegere stukjes.

 

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: Het Geheim van de Barbaarse Barbecue

 

 

 

 

 

Het afscheid van Spanje vieren we met een barbecue.

Dat past gewoon bij lekker weer op het terras.

De twee vorige jaren had ik telkens een barbecue of tafelgrill

moeten liquideren, wegens versleten.

De enig overblijvende BBQ, nog meegebracht uit België, doet al

jaren trouwe dienst, er is dus geen vuiltje aan de baklucht.

 

Lekkere Spaanse vleesjes, tomaatjes, paddenstoelen een uurtje

laten marineren in een Mediterraan mengsel “doet me al gauw

het water in de mond krijgen”.

Ik citeer hier Piet Huysentruyt.

 

 

 

 

 

Ik heb lang gezocht, maar gevonden! De aller-heerlijkste Spaanse

witte pensjes, gemarineerd en aan het spit geregen, wachten enkel nog

op hun krokante kruidenmengeling.

In de plantenbakken hoef ik daarvoor enkel verse tijm te knippen, laurier, en rozemarijn.

De heerlijke wespentaille-worstjes verlangen ernaar.

Hier geen recept dus, want iedereen kan een BBQ-festijn tevoorschijn toveren.

Meestal zijn het zelfs mannen die het doen (enkel het bakken natuurlijk).

 

 

 

 

De elektrische barbecue wordt erbij gehaald, en het feestje kan beginnen.

De zon is er, de salades zijn sappig, de tafel is gedekt.

Ik steek de stekker van de BBQ in en pats, het controlelampje brandt ongeveer

1/100ste seconde, en dooft onvermijdelijk.

Hoofdzekering gesprongen ook.

Barbecue in mineur. Dan bak ik al die lekkere dingen maar in de pan, in de keuken.

Het zijn toestanden die iedereen wel eens meemaakt. Volgende maal beter.

BBQ apparaat afgevoerd.

 

 

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Sterke Vrouwenverhalen in het kasteel van Male

 

 

Wat weet je over de “Malle Malefeesten” ? Niets? Even een inleiding.

 

In de stoere burcht van Male, tegen Brugge, stond de wieg van Margareta,

de rijke erfdochter van Lodewijk van Male.

Haar huwelijk met Filips de Stoute in 1369 luidde de Bourgondische periode

in de geschiedenis van Vlaanderen in.

(hoho! Het woord “Bourgondisch” klinkt mij als muziek in de oren)

In dit fotogenieke kasteel van Male bij Brugge huist ook de Trudo-abdij.

 

Maar er is meer dan dat.

 

 

 

Dit jaar is er namelijk een drieledig programma over de geschiedenis

van Vlaanderen met in de hoofdrol de Vrouwen van Vlaanderen:

de gravinnen en de gravendochters.

Welke rol speelden zij in de bewogen evolutie van Vlaanderen

van de negende tot de vroege zestiende eeuw?

Het verhaal voert ons mee in de onbekende wereld van deze adellijke dames.

 

De “Vrouwen van Vlaanderen” staan garant voor heerlijke én leerrijke verhalen

op unieke historische locaties.

 

Judith, Elftrudis, Richilde, Johanna, Margaretha, Filippina, Isabella en Maria.

Zeggen deze namen je iets? Het zijn enkele van de gravinnen en gravendochters

die het programma “Vrouwen van Vlaanderen” voor het voetlicht plaatsen.

In de loop van de geschiedenis van het graafschap Vlaanderen (9de eeuw – 1529)

speelden ze een voorname rol.

 

meer op www.vrouwenvanvlaanderen.be 

 

 

 

Voldoende reden om ter plaatse rond het kasteel van Male

een kijkje te gaan nemen, op een mooie zomerdag in juni.

Vanuit Duinbergen is het een mooi ritje met de fiets

 

(mits het inbouwen van drankstops).

 

De Malle Malefeesten, een soort reusachtige braderij laat zich (dit jaar)

gemakkelijk inpassen in het concept van de Vrouwen van Vlaanderen.

De buurt van het kasteel van Male is voor mij helemaal nieuw,

en vraagt zelfs wat zoekwerk.

Het eerste historische voorwerp dat ik te zien krijg is een ijsjeskar.

De Vrouwen van Vlaanderen kochten waarschijnlijk aan dit karretje

hun eerste Dame Blanche .

 

 

 

 

 

De volgende opdracht is: mijn fiets ergens veilig achterlaten.

Blijkbaar is de buurt van het kasteel uitgebreid verkaveld, en een wirwar

van straatjes vormt hier een ware doolhof voor de niet-inboorling.

Temeer omdat 98% van de restruimte in de straatjes wordt ingepalmd

door een reusachtige rommelmarkt.

Hier heb ik voor jullie, collega’s fietsers, een goede en gratis tip: doe zoals ik,

en neem een foto van het straatnaambord waar je je tweewieler achterlaat.

Op die manier mag je zelfs de straatnaam vergeten: even een blik

 in je fototoestel, en je hebt de naam (en je fiets) terug.

 

 

 

Bij het binnenkomen van het kasteeldomein proberen enkele macho’s

een stuk metaal met een zware hamer telkens weer naar boven te meppen.

Het helpt nauwelijks, want het metaalstuk komt elke keer terug naar beneden.

 

  

 

 

Wie een voorkeur heeft om zijn overtollige krachten in horizontale richting

te testen, kan terecht bij het bollen werpen naar hoofden van clowns.

 

 

 

 

 

Een eindje verder in het park is een stand met een 20-tal verschillende roofvogels.

Zoals deze Zuid-Amerikaanse hongerige havik.

 

 

 

 

Of deze reusachtige uil van acht kilo, en klauwen, zo groot als mijn handen.

Hij kan bovendien zijn kop rond draaien als een deksel op een pot mosterd.

Een uiltje vangen is hier geen goed idee.

 

  

 

Uiteindelijk kom ik dan aan het kasteel zelf.

Mooi gerestaureerd en blakend in de zon.

 

 

  

 

Vóór de ingang is een toneelvoorstelling bezig, met middeleeuwse figuren.

De Vrouwen van Vlaanderen zijn het natuurlijk.

 

 

 

 

 

Margareta voelt zich uitstekend in haar vel en onder haar punthoed. 

   

 

Binnen in het kasteel is er een vrouw met een onewomanshow die een gevaarlijk

zwaard hanteert. Mijn hoofd gaat ze niet klieven! Vlug de andere kant op. 

 

  

 

…en op zoek naar het stemmige binnenhof met lavendelveld (en de abdij).

 

 

 

 

Ik stap terug buiten over de slotgracht in de richting van de kasteelhoeve,

nu kunstgalerij en winkel.

 

 

 

 

Na de rust van het kasteel volgt opnieuw de drukte van de rommelmarkt.

Langs alle straten staan amateur marktkramers opeen gepakt,

die van hun rommel afwillen.

 

 

 

 

Af en toe komt er een ludieke noot voorbij, zoals Wiewieke

and his Singing Puppets.

 

 

  

 

 

 

Zelfs vlaggen, shirts en alle mogelijke attributen van een kleine lokale

voetbalclub worden bijna te grabbel gegooid.

 

 

  

 

 

Echte sport, daterend van lang vóór het voetbal, kan men hier ook beproeven.

 

 

 

 

Alles vind je hier, zonhoeden, valiezen, oranje negerinnen.

Alles wat niet te heet of te zwaar is, en dan nog…

 

 

  

 

 

Wil je een sjaaltje in een kleur die niemand heeft, no problem.

 

 

 

 

Deze sjaaltjes en andere kleurige dingetjes vind je wel enkel bij

een authentieke zuidamerikaanse verkoper.

Het zijn niet allemaal amateur kramers hier.  

 

 

 

 

Een volledig weiland met tenten, springkastelen, megatapkranen never-to-stop,

hot dogs, wafels en hamburgers mag natuurlijk niet ontbreken.

 

  

 

 

Een podium met muzikanten die geen noot kunnen spelen

is ook niet weg te denken. Belangrijk is dat laatste niet.

Niemand luistert. De sfeer is er, en dat doet het.

Geef de aanwezigen een schuimende pint bier, vijf sms-jes per dag

en de Tour de France, en het leven kan niet meer stuk.

 

 

 

 

Ik heb vandaag echt mijn ogen uitgekeken, en ik was niet alleen.

 

ogenl

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: is deze vogel wel zo struis als men beweert?

 

 

 

 

 

Lang geleden, toen de boskabouters nog spraken,

heb ik eens ergens een struisvogelfilet gegeten.

Welnu, elke keer als ik ga winkelen voor mijn wekelijkse kookbeurt,

liggen ze daar voor mij (in de Alcampo supermarkt in Spanje):

struisvogelsteaks en –filets.   

 

Het heeft trouwens lang geduurd eer ik wist dat het struisvogel was.

De Spaanse naam “Avestruz” doet me meer denken aan een

Oostenrijkse voetballer dan aan een vogel van Down Under.

Ik durfde ze nooit meenemen, want stel je voor dat ik geen geschikt recept vind.

Tot ik dan toch maar de gok waagde. Waarom niet eigenlijk?

Een struisvogel is eigenlijk maar een grote kip, waarvan de fladderende pluimen 

alleen maar wat opwinding veroorzaken in de “Moulin Rouge” en

aanverwante roze balletten in Parijs.

 

Omdat ik me de smaak niet zo goed meer kon herinneren, heb ik een recept genomen

met veel andere smaken, als mogelijke camouflage weet je wel.

Mijn vrees was volkomen onterecht.

Struisvogel is heel lekker, lijkt van smaak wat op een supermalse rundsteak,

maar heeft langere en meer uitgesproken vezels.

Ik heb de filetjes “cordon bleu” bereid, met ham en kaas, gemakkelijk haalbaar

voor een amateurkok als mezelf.

Doe daarbij nog een smeuïge kerriesaus, en laat het beestje maar komen.

We starten met snel even aanbraden en bestrooien met pezo.

 

 

 

 

 Hier is een uitgetest recept van Struisvogelfilet Cordon Bleu:

 

  

 

ingrediënten voor 2

bereiding

2 stukken van +/- 160g struisvogelfilet

kook de rijst (10’ volgens de verpakking) met wat boeljon

2 plakken ham: Serrano, Bayonne,…

de struisvogelfilets bestrooien met pezo

40g geraspte kaas voor gratineren

snel aanbakken (2 à 3’ per kant, afhankelijk van de dikte)

250g rijst (zakje Uncle Ben)

best in een mengeling van boter en olijfolie

geblancheerde fijne groenten

verse rode paprika snijden in duxelles (fijne blokjes)

(bijv. ½ rode paprika, selder, wortels…)

blancheren of een minuutje in de microwave oven zetten

20 cl kokosmelk, ongezoet (1/2 blik)

doe hetzelfde met de andere groenten

20cl kippenboeljon

de rijst uit het vocht halen en laten uitlekken

kerriepoeder naar smaak

de warme rijst mengen met de geblancheerde groenten

instant roux of maïszetmeel

de plakken ham over het vlees leggen

olijfolie en boter

de geraspte kaas over het vlees verdelen

pezo

breng de kippenboeljon en de kokosmelk aan de kook

garnituur: blaadjes sla of lookpijpjes,…

kruid op smaak met veel kerriepoeder

 

de kerriesaus binden met de roux

 

gratineer het vlees met ham en kaas onder de grill

 

doe het rijstmengsel in een vormpje, lichtjes aandrukken

 

zet het vlees en de rijst op 2 borden

 

giet de kerriesaus er rond en versier met slasnippers

 

 

 

N.B. een bokaal met gemengde groenten kan ook

 

wel eerst spoelen onder de kraan

 !!!nog een tip van het laatste moment: ik vond toevallig vandaag nog een leuk recept

voor deze vogel: kijk maar eens op www.mostaardwostyn.be, bij recepten.

 

 

Als je in staat bent kokosmelk te kopen, dan kan je zeker ook kerriesaus bereiden.

 Voor mij was het de eerste maal, en dat gaat heel vlot.

 

 

 

 

 

Ik heb voor de gelegenheid een metalen vormpje gekocht, om de rijst in te persen.

 Dit cilindertje lijkt op een groentenblik waar boven en onderkant zijn van afgehaald,

 maar veel televisiekoks gebruiken het.

Niet vergeten het metalen vormpje na persing weg te nemen.

Zoniet is de rijst moeilijk vetreerbaar.

 

 

Het resultaat oogt goed, zowel wat de vorm betreft als de kleur.

Vandaag eten we niet alleen lekker smaakvol, we eten ook kleurvol

.

 

 

 

Nu nog een flesje Tempranillo wijn erbij, en we kunnen aan de hap.

Buen apetito! Tengo hambre.

P.S. deze keer is de waskoord weer leeg.

 

 
Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Blankenberge op zijn kop

 

 

 

Op 20 juni 2009, in volle lente, werd de kustplaats Blankenberge op zijn kop gezet

door honderd Photoshoppers, die met elkaar contact houden via Seniorennet.

 

 

 

 

De organisatie was in handen van “Greenstuff”, inboorling van Blankenberge,

die hiermee even zijn handen vol had, maar niet met lege handen naar huis ging

(zie verder).

Honderd mensen willen hem intussen boven hun bed hangen (de foto).

 

  

 

 

Wijzelf kwamen met de kusttram uit Duinbergen.

We stapten af aan het station en waren waar we moesten zijn.

Greta (centraal) staat in het “milieu” bekend als “Gaviota”.

En elke Photoshopper mocht een handlanger meebrengen.

Die staat hier aan de linkerkant op de foto.

 

 

 

 

 

De organisatie was perfect.

Niet alleen had Greenstuff gezorgd voor zonnig weer en een hartige lunch,

maar bovendien had hij op het verzamelpunt een authentieke carrousel laten plaatsen.

Iedereen was er wild van en “Pensionate” (5de van links, donkerblauwe vest)

trachtte de mensen op een ordelijke manier (maar tevergeefs) in rijen van zes

te rangschikken om de carrousel te bemannen en te bevrouwen. 

 

 

 

 

 

“Bobbieke”, nog een toonaangevend en prominent lid van de Photoshoppers,

stelt zich terecht vragen bij de goede afloop van deze wilde carrouselritten.

 

 

 

 

 

De Photoshoppers werden gelukkig

In toom gehouden door Pensionate,

Limburgs kampioen in Karate.

Hij is een rasechte Italiaan

En was naar het schijnt

Ooit doelman bij AC Milaan.

 

  

 

 

 

We zitten klaar voor de lunch, en de eerste hapklare brokjes zijn al op tafel verschenen.

Samen met Lieve, “Gazel” voor de insiders, haar man Gilbert en John, marineveteraan,

keuvelen we (natuurlijk) vooral over foto’s… 

 

 

 

 

 

 

 

… net zo lang tot het hoofdgerecht is weggegeten en –gedronken,

en Gilbert dringend moet.

Omdat iedereen foto’s van iedereen wil nemen, moet hij toch nog een tijdje

op zijn stoel blijven zitten, wat het hem fysisch niet makkelijk maakt!

Op dit fotomoment heeft hij het niet comfortabel, maar er zal een einde aan komen.

 

 

 

 

 

Greenstuff wordt voor het “verwerken” van de honderd man in de bloemetjes,

of liever in de biertjes gezet.

Deze onverwachte interventie doet bij hem van ontroering tranen opwellen als

kleine watervalletjes en het personeel moet ter hulp snellen met grote handdoeken.

Niet alleen het grote aantal (gevulde) bierflessen is enorm, maar “Siska” tovert er

de bijpassende glazen bij.

Greenstuff wil toch wel van Bobbieke weten hoeveel flessen hij vandaag nog soldaat mag maken.

 

 

 

 

 

Bobbieke kijkt toe en spreidt heel discreet haar tien vingers om het aantal op te geven,

maar ze doet dit heel onopvallend, zodat niemand, en zelfs “Olly” het antwoord niet weet.

 

 

 

 

Na dit bevredigende en heuglijke antwoord

Duikt Greenstuff opgetogen in de kist

Want niemand heeft iets gehoord

En niemand die een fles mist

 

Op de tafel van Bobbieke

Telde men later acht lege Krieken

En toch waren er geen zieken.

 

  

 

 

 

Gelukkig kan een wandeling langs de zeedijk wonderen doen.

Merk op dat zowel Bobbieke als Greenstuff discreet maar kordaat worden gesteund

door de collega’s.

Merk eveneens op dat de Blankenbergse dijk stilaan de allures krijgt van een Mediterrane badplaats.

Ik tel ten minste drie palmbomen en een hut met strodak.

 

 

  

 

 

 

Mijn Greta heeft alles voorzien, zelfs een badge groot genoeg om gelezen te worden

door visueel gehandicapten.

Als je dit dus niet kan lezen, ben je voor 100% blind.

 

 

 

 

Vanaf een trap een foto nemen lijkt de enige mogelijkheid om het grootste gedeelte

 van de groep Photoshoppers in beeld te krijgen.

 

  

 

 

 

Sommige fotografen dachten er aan om een eindje verder te bollen met

de kusttram. Helaas zagen ze dit bootje voor een tramhokje aan.

Dit deed me onmiddellijk denken aan de beroemde uitspraak van de Nederlander

 Arie Onderdelinden Jr. op 23 maart 1976:

“Als fotograaf hoef je niet ontwikkeld te zijn, als je maar niet negatief overkomt.

 

 

 

 

Over Nederlanders gesproken, hier zie je er een paar prominent aanwezig,

aan de linkerkant, in het bijzonder de zussen “Tribaloma” en “Agatha”.

 

 

 

 

 

Wie waarschijnlijk de grootste afstand heeft afgelegd om aanwezig te zijn,

is de heer met de grote snor (tweede van rechts), waar ik een gesprekje mee gevoerd heb.

Hij is met de trein gekomen vanuit Leeuwarden.

Dat ligt dicht tegen de noordpool.

 

 

  

 

 

 

Voor wie hem nog niet kent: dit is Momo, de mascotte van de Photoshoppers.

Het feit dat hij zijn tong(etje) naar jou uitsteekt is niet persoonlijk bedoeld.

Het is een afwijking.

 

 

 

 

Vooraan lijkt hij nogal klein

En doet niet veel aan zijn lijn

Maar het is echt een langere hond

Met zijn buik dicht aan de grond

 

 

  

 

 

 

Blankenberge heeft nog een tweede vuurtoren. De andere zag je op de eerste foto.

Deze is de back-up.

Tot hier stappen we, en niet verder.

 

 

 

 

Toch is er nog een sportief tweetal Photoshoppers, dat zich niet laat afremmen

door enkele druppels water. De plank op en de beuk erin!

 

 

  

 

 

 

“Pippo “, mentor en goeroe van de Photoshoppers laat zich maar al te graag pamperen

door een van zijn grote fans. Ontroerend toneeltje is dit.

 

 

 

 

 

 

Het einde van een mooie dag eindigt op de Grote Markt van Blankenberge,

in een bekende drankgelegenheid.

De beelden hiervan zijn gecensureerd.

Daarna trekt iedereen huiswaarts, sommige met de kusttram,

Greenstuff te voet, sommigen met de trein of de wagen, en sommigen

gaan de andere zeerichting uit, allen beladen met blije herinneringen.

 

  

   


tot ziens

Geschreven door grob om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: twee beesten, maar ook kabouterhuisjes

 

 

 

Deze week hebben we een (jonge) gast in Spanje.

Ik moet dus op 13 april 2009 een receptje vinden dat ook prille maagjes kan strelen.

Vermits de jeugd (voor zover ik weet) een voorkeur heeft voor kipfilets en fishsticks

 en dergelijke, maar zeker geen pikante smaken lust, kies ik logischerwijze voor een kipfilet.

Het mag toch wel ietsje meer zijn, en daarom opteer ik voor de“Gevulde kiprolletjes

met Champignonsaus”. Saus van kabouterhuisjes smaakt altijd.

Het is een Weight Watcher’s receptje, waarvoor slechts weinig vetstof en géén pan

 wordt gebruikt. De microgolfoven echter houdt je wel effen bezig.

Ik vermoed dat je meer calorieën verbrandt door al de handelingen uit te voeren

dan je er uitspaart door Weight Watcher’s te bereiden.

Het recept is heel eenvoudig, maar let op voor de tocht waarin je terechtkomt

door het deurtje van de microwave dat altijd open en toe moet.

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

200g Portobello’s of champignons

doe de paddenstoelen in een ovenschaal

margarine of boter

leg er een paar fijne sneetjes vetstof op

1 el bloem

zet de schaal onafgedekt in de microwave

 20cl kippenboeljon opgelost in water

na ongeveer 3’ op 600W zijn de paddenstoelen zacht

citroensap

roer ze halverwege de kooktijd even om

1 kleine ui, klein gesneden

bestrooi de paddenstoelen met de bloem en schep om

1 stuk selder, klein gesneden

zet de schaal onafgedekt opnieuw  1’ in de microwave

½ groene paprika, klein gesneden

roer de kippenboeljon en citroensap door dit mengsel

1 lookteen, fijn gesneden

zet de schaal opnieuw 2’ in de microwave op 600W

50 g brood croûtons

roer het gerecht halverwege de kooktijd goed door

1 ei, losgeklopt

haal de champignons eruit met spaan en zet opzij

2 kipfilets

doe alle kleingesneden groenten in de ovenschaal

 

zet dit afgedekt 3’ in de microwave op 600W

 

tot alle groenten zacht zijn; roer goed om halverwege

 

snijd de kipfilets in dunne plakken

 

schep de croûtons en het ei door het groentemengsel

 

spreid het croûtonmengsel over elke kipfilet

 

rol de filets voorzichtig op en steek vast met een prikker

 

leg de kiprolletjes in de schaal

 

zet ze onafgedekt in de microwave, 5’ op 600W

 

als je een grill hebt, zet die ook op, voor de kleur

 

giet het paddenstoelenmengsel over de kip

 

zet de schaal  30”onafgedekt opnieuw in de microwave

 

om het volledige gerecht op te warmen

 

 

 

Hieronder een blik op het eerste (ingewikkelde) dier.

 

 

 

Voor het tweede gaan we in zee (figuurlijk) met de “Catalaanse kikkererwten”.

Een combinatie groenten en wat vlees uit Noord Spanje en/of Zuid Frankrijk.

In dit stadium is het al uitgesudderd en rijp voor het keelgat.

 

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

olijfolie

spoel de kikkererwten onder water en laat uitlekken

½ ui, liefst een witte (Spanje)

verhit de olie in een pan, fruit 5’ de ui, paprika en look

½ groene paprika, in fijne reepjes

roer het mengsel tot de groenten zacht zijn

2 lookteentjes, heel fijn gesneden

doe de tomaatstukjes er bij, fruit nog een paar minuten

1 tomaat, gepeld, ontpit, fijngehakt

roer de rest van de ingrediënten er door

200g kikkererwten uit blik

kruid met pezo

100g hespblokjes, eventueel Serrano

zet het vuur laag en laat 15 à 20’ sudderen met deksel

1 el peterselie fijngehakt of diepvries

roer nu en dan om

1 el kappertjes, afgespoeld, uitgelekt

kook intussen de rijst

rijst (lange korrel in zakje)

 

pezo

 

 

TIP: met “gevulde kiprolletjes met champignonsaus”

 

WW Snel en Slank pag. 46

 

(dan is de rijst overbodig)

 

 

 

op zichzelf kan het gegeten worden met

 

een dikke schijf gebakken hesp

 

 

 

 

 

Ik heb er dan nog wat rijst bijgekookt, wat niet nodig is.

Ook het overschot van de kippenvulling mag mee op de tafel.

Tja, een mens heeft van die dagen.

 

 

 

 

We kunnen dit nu alles rustig verwerken op het terras, in de avondzon.

Onze jonge gast Yente ziet het wel zitten. Hij lust nogal veel.

Toch neem ik liever vooraf de foto, vóór iemand het gesmaakt heeft.

Je weet maar nooit.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

↑ Terug naar de berichten