Naar de inhoud

dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

m.a.w. de weblog van Greta en boB
akke.beakke.be

de bloemige blog die de avonturen van Greta en boB in BEELD brengt in België, Spanje, Frankrijk, enz.
De foto´s zijn meestal van Greta en de tekst van boB.
Ook eigen (makkelijk na te maken) ervaringen in het cuisineren worden neergezet,
ter streling van het virtuele gehemelte van de kijker/lezer of amateurkok.

Archief

Via El Greco in Toledo (2) naar Riofrio

 

Een wandeling maken door Toledo, de oude hoofdstad van Spanje,

is alsof je 500 jaar teruggekaatst wordt in de tijd.

In de oude binnenstad is er weinig of geen verkeer te zien.

Alleen oude straatjes, binnenplaatsen, en een massa winkeltjes

met armaturen, wapens, en allerlei oude (namaak)dingen waar

het blanke staal voor wordt gebruikt.

 

 

 

 

Een van de bekendste ex-inwoners is de schilder El Greco, uit de glorietijd

van Spanje, toen er heel veel geld was (ergens anders geplunderd natuurlijk,

zoals in Vlaanderen bijvoorbeeld) en geen twintig percent werklozen, zoals nu.

Nochtans zag El Greco, afgaande op zijn zelfportret, er niet zo stralend uit.

 

 

 

Domenikos Theotokopoulos (what’s in a name?) is zijn echte naam.

De Spanjaarden vonden dit wat lastig om uit te spreken, en hij werd dus

terecht algemeen bekend als El Greco (Spaans voor de "De Griek").

Het schrijven lag nog iets moeilijker, wat denk je van Δομήνικος Θεοτοκόπουλος.

Onleesbaar voor de meesten, maar omdat ik bij de nationaliteiten

van mijn lezers zie dat er toch één Griek tussen zit, wil ik deze persoon

toch ook de volledige originele naam geven.

 

El Greco werd geboren in Heraklion op Kreta in 1541 en hij was

een getalenteerde kunstschilder die voornamelijk in Spanje werkte.

Net als Greta en ikzelf was hij al een echte Europeaan.

Na een opleiding op Kreta in de kunst van de iconen reisde El Greco

naar Italië, en in Rome studeerde hij onder de schilder Titiaan.

In 1577 emigreerde hij naar Toledo in Spanje, waar hij zijn

grootste hoogte bereikte, tot aan zijn dood in Toledo op 7 april 1614.

Hij was erg geliefd onder hoogwaardigheidsbekleders en schilderde

vooral religieuze werken en portretten.

De schilderijen van El Greco onderscheiden zich door de langgerekte vormen

en de expressieve kleuren. Zijn werken doen werkelijk erg modern aan.

Hier zie je het schilderij “De doop van Christus”, geschilderd rond 1610.

 

 

 

 

Na zijn dood werd El Greco eeuwenlang niet meer als belangrijk

kunstenaar gezien.

Aan het eind van de 19e eeuw ontstond echter een hernieuwde belangstelling

in zijn hoogst persoonlijke expressie.

El Greco bevrijdde zich van de exacte vorm, licht en kleuren van zijn onderwerpen

en inspireerde kunstenaars als Pablo Picasso en Jackson Pollock in hun

inspanningen om de kunst te transformeren

De meeste kunstcritici bestempelen hem als een moderne schilder ‘avant-la-lettre'.

Hij slaagde erin zijn schilderijen licht te laten uitstralen, wat totaal ongewoon

was in de  jaren 1600. Als voorbeeld zie je het zicht op de stad Toledo,

van op de plaats waar we verblijven in hotel Eurostar.

 

 

 

Deze historische en artistieke bespiegelingen veroorzaken dorst en honger.

Dus gaan we op zoek naar de beste bar van Toledo: de Gambrinus. Niet te missen!

Bemerk de frappante gelijkenis tussen de kraag die El Greco rond zijn nek draagt,

en de kraag van de pint die Greta in haar knuistje neemt.

De Spanjaarden weten waar Joost de mosterd en de pils vandaan haalt.

 

 

 

De Gambrinus serveert Cruzcampo bier, en dat zullen we geweten hebben.

 

 

 

Aan de zijkant van de bar ligt een driehoekig pleintje, waar Greta snel haar

plaatsje vindt. Merk op dat ook hier het spel van licht en schaduw volop

tot zijn recht komt. El Greco vergezelt ons.

 

 

 

Na de bestelling van enkele natjes en droogjes neem ik even tijd

voor persoonlijke hygiëne.

Dat geeft me de gelegenheid eens rustig het interieur te bekijken.

Op één plaats hangen de lekkerste hammen te drogen aan de haak,

met onderaan het druippotje om resterend vocht op te vangen.

 

 

 

 

Even verder staan een aantal gezellige tafeltjes klaar om gasten te ontvangen.

Het is nu rond 4 uur, zowat de kalmste periode van de dag.

 

 

 

 

De Cruzcampo pils wordt hier hoog in het vaandel en in de vrachtwagen gedragen.

 

 

 

Spanjaarden eten tapa’s altijd aan de toog. Geen probleem hier.

 

 

 

Er was een tijd dat deze plaats ook een huisbrouwerij was.

De bewijzen zijn nog aanwezig.

 

 

 

Intussen is de bestelling toegekomen. Eigenlijk wilden we een kleine tapa

eten, maar de hoeveelheden die men neerzet zijn aan de ruime kant.

Mijn probleem is dat ik nauwelijks kan weerstaan aan al die lekkere dingen.

De kelner heeft dus niet veel moeten afruimen.

’s Avonds bij het romantische diner kunnen we geen pap meer zeggen,

en eten we maar enkele kruimeltjes.

Er is nog een sappige story aan verbonden met een steak en een hond,

maar het zou me te ver leiden om dat hier en nu uit de doeken te doen.

 

 

 

Na de heerlijke maaltijd in de Gambrinus werpen we nog een laatste blik

in het interieur. Geen blik in staal natuurlijk, hoewel dat in Toledo ruim

voorhanden is, zoniet zouden we de barjuffrouw achter de toog

te veel doen schrikken van het lawaai.

 

 

 

De tijd is gekomen om oud Toledo te verlaten, met zijn pittoreske straatjes

en dito winkeltjes met  Armas Historicas.

 

 

 

We rijden het laatste stuk naar Malaga door een monotoon landschap.

Een ultieme stop voor een kleine snack en een smeerbeurt voor de keel

voeren we uit net voorbij Granada.

Er is daar een piepklein dorpje, Riofrio. Door het dorpje loopt een rivier,

eveneens genoemd Riofrio natuurlijk, wat zoveel betekent als “koude rivier”.

Bij onze aankomst ziet het er nogal verwilderd uit, en er is geen levende ziel.

 

 

 

We zitten hier in de uitlopers van de Sierra de Loja, met zicht op de hoogste

toppen van de Sierra Nevada.

Sinds 1664 wordt hier op forel gevist. Dat is toevallig ook het jaartal van het

ontstaan van het bier 1664 van Kronenbourg, maar verder is er geen verband.

Onlangs werden hier forelvangsten gedaan tot 5.2 kg!

Je moet wel over een stevige barbecue beschikken om dat visje te braden!

 

 

 

Het visseizoen loopt hier het hele jaar, waarbij men verse forel serveert

van de barbecue in de talrijke restaurants.

Het oogt hier niet zo aantrekkelijk als normaal.

Gisteren is hier een zware storm gepasseerd, en alles ligt overhoop.

 

 

 

De hoofdattractie hier is nochtans niet meer de forel, maar de steur.

Na drie en een halve eeuw forellen vangen was men er wat op uitgekeken,

en is er een familie gestart met het kweken van steur.

Niet de vis is op zichzelf heel interessant, maar wel zijn eitjes,

met andere woorden gezegd: het draait allemaal rond kaviaar.

Kaviaar mag sinds enkele jaren niet meer ingevoerd worden

in de Europese Unie, enkel als eitjes, om zelf te kweken.

Wil je er meer over weten, dan kan je naar http://www.caviarperse.net.

Persoonlijk vind ik de smaak van kaviaar maar niks.

 

 

 

Vroeger werd de steur in het wild gevonden in de Guadalquivir, die ook Sevilla

en Cordoba bespoelt. Maar sinds die werd afgedamd voor drinkwater

en elektriciteit, is het visje in Spanje bijna uitgestorven.

In Riofrio bevindt zich nu een van de grootste steurkwekerijen in de wereld.

Naast forel kan men er ook de steur zelf eten in de plaatselijke restaurants.

Dat zal bij ons volgend bezoek dan ook gebeuren.

 

 

Steuren zijn grote, primitieve vissen met een bepantserde kop.

Hij is een van de weinige dieren die de prehistorische tijd heeft overleefd.

Kenmerkend is de lange snuit met een soort uitstulpbare slurf.

Ze worden tot 6 meter lang, 500 kg zwaar en maximum 100 jaar oud.

Steur is een vis die heel zuurstofrijk water nodig heeft.

Bij een tekort aan zuurstof, zal de vis krom groeien en uiteindelijk sterven.

Het pure zuivere water dat rechtstreeks van de Sierra Nevada komt is

uiterst geschikt voor deze vissen, die volledig ecologisch gekweekt worden.

Deze viskweek valt wel buiten het gewone.

Alleen al het feit dat de oude knarren heel gevoelig zijn voor hun leefmilieu ,

is er ook nog een groot praktisch probleem.

Mannetjes worden pas geslachtsrijp na 7 tot 15 jaar en vrouwtjes na 8 tot 20 jaar.

Wie een kwekerij start moet een heel aantal jaren wachten op de eerste eitjes,

en om iets tastbaars terug te zien van zijn investering.

Vandaar dat er weinig steur wordt gekweekt in de wereld en dat de eitjes

een heel duur exclusief product blijken te zijn.

Dit inloopstadium zijn ze hier intussen al wel voorbij.

 



De ei-afzetting vindt normaal plaats in diepe rivierdelen met stenige bodem,

of ook wel boven zandbanken in ondiep water bij de monding van rivieren.

Het vrouwtje verspreidt daarbij de eieren (tot 800000 stuks, bij grote exemplaren)

over een oppervlakte van honderden vierkante meter.

Enkel op enkele plaatsen in Europa leven nog wilde steuren.

In de Dordogne bijvoorbeeld zijn ze nog niet helemaal weggevist.

 

 

 

Na enkele tapa’s nemen we afscheid van deze interessante plek.

Het laatste dat we zien is een wilde eend, dicht tegen de weggespoelde oever.

Dit lekkere beestje legt natuurlijk al de link naar een mogelijk volgende

hoofdstuk in de kokeneten rubriek.

Come and see next week.

 

 

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: ingrediënten uit alle continenten

 

 

 

De kalkoen is een gedomesticeerde vogel oorspronkelijk afkomstig uit Yucatán,

 waar hij door de Maya's gehouden werd. In de 16e eeuw werd de vogel

in Europa populair op het menu, na import door de Spanjaarden.

Het Nederlandse woord kalkoen is afgeleid van de stad Calicut in India.

In Denemarken, Estland, Noorwegen is het kalkun, in Zweden kalkon enzovoort.

De naam in de meeste andere Europese talen wijst op een exotische origine.

Het komt voor een deel voort uit de misvatting dat Columbus naar India was gevaren,

toen hij Amerika ontdekte. Vandaar ook in het Frans: dinde (in feite d’Inde).

 

De Pilgrim Fathers, Engelsen die twee eeuwen later naar Amerika trokken,

om het land te exploiteren namen kalkoenen mee. Dat was echter onnodig,

 aangezien daar een grote, wilde soort kalkoen bleek voor te komen,

namelijk de "wild turkey".  Wij wisten dat natuurlijk intussen.

Zie foto hieronder.

Deze soort wordt in de VS traditioneel verorberd op Thanksgiving Day.

Een kalkoen wordt gekenmerkt door zijn naakte rode kop, met lellen

aan beide kanten van zijn snavel.

 

 

 

Vandaag gaan we een (klein stukje van dit) beestje bereiden en opeten.

Als toemaatje denken we daarbij aan gegrilde tomaten, altijd lekker.

Je kunt het topje er af nemen, ofwel ze in twee snijden, zoals ik

deze keer deed, in tegenstelling tot het recept.

 

 

Ingrediënten voor 2

bereiding

4 grote rijpe tomaten

Verwijder het harde kroontje van de tomaten, snij er de kapjes af

45g vers broodkruim

Schep er de zaadjes uit

3el gehakte peterselie

Rangschik ze op een ingevette ovenschotel

2 tenen look, grof gehakt

Meng het broodkruim, peterselie en look; kruid met peper en zout

pezo

Vul er losjes de tomaten mee

olijfolie

Besprenkel de tomaten met olie

 

Zet de schotel 15´in een oven van 200º

 

 

 

Dan is de tijd gekomen voor het vogeltje, dat al een tijdje  (ten minste vier uren)

in de koelkast staat sappig te worden in een Oosterse marinade.

Het recept staat te boek als: Kalkoenfilet met koriander.

Maak het eens voor een ander (maar ook voor jezelf).

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

400g kalkoenfilet

snij de kalkoenfilets in repen

voor de marinade:

doe de marinade met al de rest, gesneden waar nodig

2 eetlepels vissaus (nam pla)

leg de kalkoen in de marinade, dompel ze onder

2 el sake (of gin)

zet dit afgedekt ten minste 4 uren in de koelkast

sap van ½ limoen of citroen

bekleed de bakplaat van de oven met aluminiumfolie

1 el milde currypasta

leg de kalkoenreepjes erop, of op een schoteltje

2 el kokosmelk of lichte (soja)room

zet 10’ onder de grill en dien op (Oosterse smaak!)

2 teentjes look (of 2 tl lookpasta)

 

1 chilipepertje (of piment d’Espelette)

bereid met gegrilde tomaten (samen 10’ onder de grill)

1 bosje verse koriander, fijngesneden

en “amandelsaus voor kalkoen” uit “Sauzen”

 

En dan gaat het samen gezellig onder de grill met de tomaten.

De Spaanse terracotta schoteltjes doen weer hun dienst.

 

 

 

Het geurige en smeuïge kalkoenfiletje mag na 10’ de tafel op, voorzien van

een takje lekkere verse koriander uit de grote pot op het terras.

 

 

 

Nu heb ik toch wel een sausje gevonden zeker, dat uitgevonden is

om bij kalkoen te geven (almond sauce for turkey).

Weer een geluk bij een geluk.

Dit makkelijke sausje kan rustig gemaakt worden terwijl het vogelbeestje

zich te pletter amuseert met de tomaatjes in de oven.

Foelie heeft natuurlijk de voorkeur op nootmuskaat.

Het is de gemalen schil van deze specerij, en is fijner van smaak.

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

voor 10 cl saus:

smelt de boter in een kleine steelpan

30g amandelpoeder

roer het amandelpoeder erdoor tot het blond is

(of de noten geblancheerd en fijngehakt)

doe de bloem erbij en doe de fond erbij en water

10g boter

kruid met een snuif zout, suiker en foelie

1 el bloem

breng de saus aan de kook, klop op met een garde

8 cl kippenboeljon, of een beetje -fond

de saus moet niet gezeefd worden

zout

roer er voor het opdienen de room door

suiker

 

foelie (of nootmuskaat)

 

1 el (soja)room

 

 

 

 

 

De kok van dienst komt even de filetjes op de tafel zetten, en hij lijkt

nog een beetje onzeker over het resultaat. Greta is soms een hard jurylid!

 

 

Over de tomaatjes wordt nog wat verse basilicum gelegd (zalig!), en alles .

staat klaar voor de definitieve hap.

Ingrediënten uit alle continenten zijn vandaag de revue gepasseerd.

De vino tinto heeft intussen ook al zijn weg gevonden naar het wijnglas merk ik.

Een van de betere dagen in mijn kokleven is dit . Alles is gelukt. Smakelijk.

 

 

 

 

Bereid naar :

De kalkoen komt uit de Libelle (althans het recept)

De tomaten zijn te vinden in TimeLife Groenten, pag.131

Het sausje drupte uit TimeLife Sauzen, pag.115.

 

Geschreven door grob om 00:00 Reageer op dit bericht Stuur door

Cupido in Toledo (1)

 

Na een heerlijk ontbijt in hotel Cuatro Postes in Avila poetsen we de plaat

naar Toledo, voor een extra uitstap in het binnenland, die niet gepland was.

De afstand is 250 km, voornamelijk langs autoweg, dus heel comfortabel.

Onderweg komen we langs een Embalse, een kunstmatig meer dat drinkwater levert.

Rechts in het midden van de foto is de brug waar we net over reden.

 

 

 

 

Ook de andere kant van het meer ziet er voldoende fotogeniek uit,

maar de waterstand mag wat hoger zijn.

Hoewel er wel wat wolken hangen in de heuvels, gaat het zeker niet regenen.

 

 

 

Toledo is de hoofdstad van de gelijknamige provincie, in de autonome gemeenschap

van Castilië-La Mancha in Spanje. De stad is gelegen aan de rivier de Taag (El Tajo),

ten zuidwesten van de hoofdstad Madrid.

De rivier omspant de oude stad volledig, en was in de middeleeuwen natuurlijk

makkelijk te verdedigen. De stad heeft een rijke geschiedenis en cultuur,

en staat dan ook op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO.

 

 

 

We hebben onderweg via internet geboekt in het prachtige Eurostar hotel,

dat op een heuvel ligt buiten de stad.

Vanuit onze kamer hebben we een prachtig overzicht over de oude stad.

 

 

 

Toledo, een van de oudste steden van Spanje werd in 192 voor Christus

door de Romeinen veroverd, die haar 'Toletum' noemden.

Onder de Visigoten was de stad van 534 tot 712 hoofdstad en werden er talrijke

concilies gehouden.

Toen waren dat de vergaderingen die het politieke en religieuze leven beheersten.

 Ze zijn vandaag vervangen door Toppen van de Europese Unie.

 

In de Moorse tijd was de stad tot 1035 de zetel van een emir onder het opperbevel

van de kalief van Córdoba; daarna beleefde de stad als zelfstandig koninkrijk

een bloeitijd door de wapenfabricage, en ook door de wolnijverheid.

Zelfs nu kan je in elke toeristenwinkel alle soorten (nep) snij- en hakwapens kopen.

Het blanke staal maakte Toledo bekend doorheen alle tijden.

Ook de wetenschap werd op hoog niveau beoefend.

In 1085 bezette de Castiliaanse koning Alfonso VI de stad. In 1087 werd ze

de residentie van de koningen van Castilië en tevens het kerkelijke centrum

van heel Spanje.

Toen Philips II, zoon van Keizer Karel de residentie naar Madrid verplaatste,

verloor de stad haar politieke betekenis. In de Spaanse burgeroorlog

werd Toledo beroemd door de verdediging van de Alcazar.

 

Hier zie je de rechts kathedraal en links het Alcazar, dat is het kasteel.

 

 

 

Vooral ’s avonds komt de schoonheid van het Alcazar tot zijn recht.

 

 

 

Toledo heeft een oneindig aantal smalle middeleeuwse straatjes.

In een ervan sta ik (links) rustig tegen een muur mijn puntzakje frieten te eten.

 

 

 

Verbindingen tussen paters- en nonnenkloosters waren ook al voorzien,

om samen de Heer te loven en peren te stoven.

 

 

 

Weinig straten zijn vlak te noemen.

De toerist kan sightseeing combineren met fitness.

 

 

 

Oude kerkjes met wanordelijke structuren bepalen het stadsbeeld.

Toledo bezit geen echte toeristisch bekende blikvanger.

Het is een stad om te verkennen door de smalle straatjes,

die je vijfhonderd jaar terugzetten in de tijd.

 

 

 

Deze volgende foto is niet bewerkt.

Het is gewoon een reflectie in een etalageraam

van een van de talloze winkeltjes met snijapparaten.

 

 

 

Onze wandeling leidt ons langs het Alcazar.

Vandaar heb je een ruim zicht over de omgeving, met de Taag

en een reeks middeleeuwse gebouwen op de achtergrond.

Toledo is in feite een kleine, maar niet overzichtelijke stad.

 

 

 

Poorten en deuren in de oude stad zijn meestal nog origineel en onverwoestbaar.

 

 

 

Toledo is ook de stad van de hertog van Alva (of ook wel Alba, want in het Spaans

klinkt dat hetzelfde). Wij kennen hem onder deze verkorte naam.

Don Fernando Álvarez de Toledo, was een Spaans generaal en landvoogd

van de Nederlanden aan het begin van de Tachtigjarige Oorlog.

Zijn bewind leidde tot een verheviging van de opstand in de Nederlanden

en uiteindelijk tot het ontstaan van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden.

In de Nederlanden was hij bijgenaamd de IJzeren Hertog en in Spanje de Grote Hertog.

 

In 1566 werd Alva door de toenmalige koning Filips II (zoon van Keizer Karel V)

vanuit Italië naar de Nederlanden gestuurd.

Hij kreeg een leger van 10 000 man en onbeperkte bevoegdheid.  

Directe aanleiding voor de benoeming van Alva was de Beeldenstorm.

Volgens een anekdote had Alva tegen Filips II gezegd dat hij maximaal

zes maanden nodig zou hebben om de opstand neer te slaan

en dat er "enkel wat koppen moesten rollen".

Aan zijn eigen kop kan je al zien dat hij geen koorknaapje was.

Zelfs de schilder van het portret had dat al (letterlijk) in het snuitje.

 

 

 

Vrijwel direct na zijn aankomst in Brussel richtte deze schurk 

de Raad van Beroerten (=onlusten) op, die in de volksmond

al snel bekend stond als "de Bloedraad".

Zijn komst deed veel edelen als Willem van Oranje op de vlucht slaan.

Deze besloot in overleg met zijn broers om een inval te wagen in de Nederlanden.  

In de Slag bij Dalheim werd hij verslagen door Alva's soldaten.

Alva was woedend en liet 18 edelen onthoofden op de Grote Markt van Brussel.

Twee populaire edelen, graaf van Egmont en Graaf Horne, werden later eveneens

als voorbeeld publiekelijk onthoofd in Brussel.

Willem van Oranje had daar ook bij moeten zijn,

maar doordat hij tijdig gevlucht was, ontkwam hij eraan.

 

De Raad van Beroerten was naar de maatstaven van die tijd erg efficiënt.

Tijdens de vijf jaar van Alva's bewind werden zo'n 8950 personen uit alle lagen

van de bevolking ondervraagd en veroordeeld wegens verraad, ketterij of beide;

 verbeurdverklaring van goederen bij vermogende veroordeelden kwam veel voor.

In totaal werden er meer dan 1000 dwarsliggers letterlijk een kopje kleiner gemaakt.

 

Op 2 oktober 1572 plunderden en moordden de Spanjaarden onder de leiding

van deze wreedaard in Mechelen, nadat er daar in de maand september voordien

even een niet-katholiek bestuur aan het bewind was geweest.

Op 15 november van dat jaar onderging het Noordelijk Zutphen een dergelijk lot.

 

De Watergeuzen verweerden zich succesvol in een drietal zeeslagen

tegen Spaanse schepen.

Vanwege deze tegenslagen en zijn kwetsbare gezondheid diende Alva

bij Filips II zijn ontslag in.

Na zijn terugkeer werd hij aanvankelijk als held binnengehaald door Filips II,

maar door een liefdesaffaire van zijn zoon Frederik werd ook Alva zelf

in opspraak gebracht.

Alva werd verbannen van het hof en bracht zijn tijd door in het kasteel van Uceda.

 

Hij vervult de rol van slechterik in het Suske en Wiske album “Het Spaanse Spook” .

In Spanje wordt deze meedogenloze katholieke moordenaar beschouwd als

 "de beste van zijn tijd en een van de besten in de geschiedenis".

Alles is relatief.

 

 

 

De kathedraal van Santa Maria de Toledo was, zoals die van Antwerpen, gepland

met twee torens, maar waarschijnlijk ontbraken de nodige financiële middelen.

Niks nieuws onder de zon dus.

Vermits we de uitzonderlijk mooie kathedralen van Sevilla en Burgos in detail

bezochten, de absolute top dus, laten we deze links liggen.

 

 

 

We komen dus uit aan de rechterkant, en wie zit daar?

Een ingetogen muzikant, die zorgvuldig en beheerst Aziatische klanken

produceert tegen een kleine vergoeding.

 

 

 

Aan de Torre de San Nicolas springen de Moorse invloeden zo in het oog.

 

 

 

Een muzikaal meisje haalt onvoorstelbare klanken te voorschijn

uit een merkwaardig instrument, met bijhorende strijkstok.

 

 

 

 

 

In de omgeving is er nog het Monasterio de San Juan de los Reyes.

Er zijn in Spanje evenveel middeleeuwse kloosters als tapabars.

Meestal beperken we onze bezoeken tot de laatste categorie.

Dat komt omdat de openingsuren ons beter liggen.

 

 

 

Na het uitgebreide bezoek aan de stad keren we met de bus terug naar het hotel.

In dit reusachtige moderne etablissement zijn we praktisch alleen als hotelgasten.

Deze periode in de herfst is het laagste van het laagseizoen.

We hebben dan ook een romantisch arrangement kunnen boeken voor een prijsje.

Onder meer zijn inbegrepen: halfpension  en ontvangst met Cava op de kamer.

In het romantische pakket zijn eveneens de twee aparte bedden

vervangen door een kamerbreed dubbelbed (!).

In het restaurant voor het diner is een rode roos voorzien voor de aanwezige dame.

 

           

 

Deze roos moet ik dan ook op een passende wijze aanbieden aan Greta.

Cupido komt uit Toledo! Wat een interessante ontdekking!

 

Het moet geen Valentijn zijn om je liefste plezier te doen.

Daarenboven heeft ze haar halve fles wijn ook nog…

 

P.S. waarom we nauwelijks iets gegeten hebben van het nochtans lekkere menu

 komen jullie volgende keer te weten.

 

 

 

 

           

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Alle begin is makkelijk!

 

Voor ik het vergeet moet ik toch nog even iets kwijt over de activiteiten,

of het gebrek daaraan op 1 januari 2010.

In het kort: net als vorig jaar bewandelen we de zeedijk van Fuengirola.

Iets gemakkelijk dus om het jaar mee te beginnen.

In het begin van januari mag je niks forceren. Het begin moet makkelijk.

 

Het weer is tot ieders tevredenheid min of meer bevredigend.

We vertrekken aan de kant van de plezierhaven, en stappen richting Malaga.

Er is een vaste plaats waar zandwerkers hun visuele producten aanbieden.

Ditmaal hebben ze natuurlijk als thema: de drie koningen, Los Tres Reyes.

Deze drie wijzen zijn erg populair in Spanje, vooral bij de kinderen.

Ten eerste omdat ze op 6 januari nooit naar school moeten, maar vooral

omdat ze dan geschenken krijgen. Hoewel Sinterklaas vanuit Spanje

al zijn verplaatsingen doet met de stoomboot, is hij hier helemaal niet bekend.

We zien hier een st(r)andwerker die de laatste hand legt aan een zanderige inwoner

van Bethlehem, terwijl de ezel smaakvol de inhoud van zijn trog verorbert.

 

 

 

 

Met man en macht wordt gewerkt om de openluchtstal af te wroeten.

De os, op de voorgrond, lijkt jammer genoeg meer op een Bouvierhond

met horens dan op een stier zonder kroonjuwelen.

 

 

 

De heilige maagd Maria ziet er ook niet op haar best uit, maar wellicht

komt dat door een zware bevalling. Het is verbazend dat ze al rechtop kan zitten.

Als je ziet dat het kindje Jezus, enkele dagen na zijn geboorte, al heel flink uit

de kluiten gewassen is, is het niet te verwonderen dat Maria er wat krampachtig bij zit.

Bij de geboorte was dat zeker een baby van 20 kg en een lengte van 80 cm.

Jozef zit er ook wat verweesd bij. Als timmerman laat hij er geen gras over groeien

en daarenboven heeft al een stuk hout gevonden om mee te knutselen.

Ofwel houdt hij het gereed om mee te slaan als er nog eens een witte duif

in de buurt van Maria komt.

Kijk even goed naar de heilige Jozef. Ik heb de indruk dat hij een dikke tong heeft.

 Mogelijk heeft hij gisteravond te lang aan de fles whisky gehangen,

toen de drie koningen op bezoek waren.

 

 

 

Het strand is grotendeels verlaten. De visserssloepen blijven binnen vandaag.

Een paar inboorlingen lopen of rijden toch rond op een zandfiets.

Onder een tent gebeuren de voorbereidingen om zo dadelijk sardines te grillen.

 

 

 

Slechts enkele mensen doen de stap tot aan het water, waar nochtans

het meeste zon schijnt, en waar het zicht over de baai het mooist is..

 

 

 

De grens tussen Fuengirola en Los Boliches wordt gevormd door een rivier.

Door de december regens loopt er heel wat drinkwater (verloren) in de zee.

Net als vorig jaar is er een serieuze geul in het strand, waar de rivier

zich een weg heeft “gebaand”, alleen is hij nu weer anders van vorm.

 

 

 

Meer volk te vinden langs de barretjes aan de zeedijk.

Na een slopende wandeling wordt het hoog  tijd om wat op krachten te komen.

Bij het binnenkomen van Los Boliches is er de Italiaanse tearoom Valentino.

Greta heeft onmiddellijk de geschikte tafel gevonden.

 

 

 

Om het nieuwe jaar goed in te zetten nemen we naast de gewone koffie

ook wat straffer spul, om ook onze binnenkant te verblijden.

 

 

 

Terwijl we rustig van de omgeving genieten worden we muzikaal onderhouden

door een Hongaarse student. Op de achtergrond zien we dat de heilige maagd

zich ondertussen in verticale positie heeft weten te hijsen.

Het kindje had in zijn bedje gedaan, en terwijl Jozef het stro ververst,

houdt Maria het "kleintje" overeind.

Dank zij de goede ingeving van de drie wijzen beschikken de nieuwbakken ouders

nu over voldoende voorraad wierook en mirre om de onaangename geurtjes

deskundig te kunnen neutraliseren.

 

 

 

 

De Hongaar staat te popelen om een gezamenlijke foto van ons te nemen,

en we laten hem zijn gang maar gaan. Vorig jaar was het warmer zie ik.

Dan droeg ik een hemd met korte mouwen, en nu met lange.

Maar verder hebben we geen klagen.

 

 

 

Een eindje verder is er een plein met een fontein.

Vorig jaar stond hier een reusachtige kerstboom.

Nu is hij in de kast blijven staan.

 

 

 

Op de dijk staat gans het jaar een mooie paardencarrousel opgesteld.

De grote hotels houden in januari de zon weg van de paardenmolen.

 

 

 

De brave viervoeters huppelen vrolijk rond en worden begeleid door

nostalgische orgelmuziek.

 

 

 

Vorig jaar vonden we een leuk (Engels!) restaurantje met de naam “Mañanas”.

Het eten was eenvoudig, maar lekker.

Waarom zouden we hier dus niet opnieuw ons namiddagbuikje vullen?

Laten we de lunch beginnen met een verfrissing voorzien van een witte kraag.

 

 

 

We kiezen allebei dezelfde bereiding als vorig jaar. Ook de kok is dezelfde.

We zien hem in de open keuken en herkennen hem aan zijn piratensjaal.

 

 

 

Nu moet je eens goed kijken, onder en boven.

De volgende foto is precies een jaar ouder.

Zoek hieronder de zeven verschillen met de vorige foto.

Greta telt niet mee bij het zoeken, want die ziet er nog hetzelfde uit (even jong ).

De volgende foto heb ik hier gewoon geplukt uit deze weblog.

Als je het wil controleren, of onze actiepunten van vorig jaar (nog eens) wil zien,

klik dan bovenaan in de rechterkolom bij “Archief per maand” op “01-2009”.

Voor diegenen die het niet zouden geloven: hier vind je nu het echte bewijs

van de economische crisis in Spanje!

Het volume van dit gerecht, gebaseerd op een gevulde aardappel, is dit jaar

nog maar een derde, terwijl de prijs met een derde is toegenomen.

Dit is hetzelfde gerecht met één jaar verschil. Dit bewijs is onomstotelijk!

 

 

 

Een eindje verder komen we nogmaals de heilige maagd tegen.

Deze maal met een uitbeelding van een andere periode in het jaar:

rond half maart zowat.

Het is een uitbeelding van de Onbevlekte Ontvangenis.

De Maagd Maria helpt een afgepeigerde witte duif op een boomtak,

na het waarmaken van het gekende verhaal uit de bijbel.

 

 

 

Wanneer we terug ter hoogte van de jachthaven van Fuengirola komen,

doet Greta (rechts in het donker) een poging om het aantal spitse torentjes

van het havengebouw te tellen. De alcohol heeft zich (nog) niet volledig meester

van haar gemaakt  Ze telt er “ten minste twee”. Ook het einde is dus gemakkelijk.

 

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: een turbo(t) voor de Fransen

 

 

 

Een Meunière saus hoort meestal bij een zeetong, maar voor de andere

populaire platvis, de tarbot, komt ze evengoed in aanmerking.

 

Tarbot is een interessante vis, en lekker ook nog.

Voor de Fransen en de Engelsen is het een turbot, zoals hier regelmatig

te lezen is op de menukaart van de plaatselijke restaurants.

De tarbot is een van de grootste platvissoorten. Hij kan tot 1 m lang worden,

maar 40 tot 50 cm lange exemplaren komen meer voor.

Vreemd dat de twee ogen aan dezelfde kant van de vis staan, maar dat komt

door zijn manier van bewegen, of is het omgekeerd?

In elk geval: hij schuurt continu over de zeebodem, op zoek naar wat lekkers.

Mocht hij aan elke kant een oog hebben, zoals jij en ik, dan zou hij aan de

 bodemkant niet veel te zien krijgen. De natuur heeft deze vis dus wat aangepast.

De ogen zitten op de oorspronkelijke linkerkant.

 

Hij komt voor in het noordoosten en het oosten van de Atlantische Oceaan

en de Middellandse Zee. De diepte waarop de soort voorkomt is 20 tot 70 m

onder het wateroppervlak. Hij kan ook gekweekt worden.

Maximum leeftijd: 17 jaar voor de mannetjes en 27 jaar voor de vrouwtjes.

De zoveelste vorm van discriminatie natuurlijk.

De tarbot van vierde leeftijd kan dus een lengte bereiken van 100 cm.

Gewoonlijk ligt hij al in de braadpan voor het zover is.

Wie heeft er nu een pan van een meter doorsnee?

 

 

 

Hij heeft geen schubben, is dus schoonmaakvriendelijk, maar heeft wel

een grote hoeveelheid wratachtige knobbeltjes, verspreid over de bovenkant

van het lichaam.

De lichaamsvorm is net een platte ronde schijf, maar ook is hij relatief dik.

Doordat zijn BMI-index aan de hoge kant ligt, is er wel ruim wat vlees aan.

De kleur is variabel; hij kan zich wat dat betreft enigszins aanpassen aan

de ondergrond.

Meestal grijsbruin met een olijfgroen waas erover, donkerbruin of zandkleurig

met vele donkere vlekken en stippen. Een sterke modekleur dus.

De onderkant (oorspronkelijk de rechterzijde) is vuilwit.

Deze roofvis eet voornamelijk andere vissen. Daarnaast versmaadt hij ook

garnalen en schelpdieren niet, vooral als hij nog jong is.

Hij verschalkt zijn prooien vanuit een hinderlaag, zoals op de foto.

De vis is zeer goed gecamoufleerd doordat hij zeer goed in staat is om

zijn kleur aan te passen aan die van de plaatselijke zeebodem.

Je ziet hem eigenlijk niet, maar dat is ook zijn bedoeling.

In de pan heeft hij gelukkig minder gelegenheid om zich te verbergen.

 

 

 

 

De tarbot die ik bereid heb, kocht ik vers. Het beest woog anderhalve kg.

De visdame nam mijn beest in behandeling onder mijn goedkeurend oog.

Na het schoonmaken was er precies de helft over.

Ik had dus twee dikke filets om mijn gang mee te gaan.

 

Wat ik er mee deed kan je hier in detail lezen: Tarbot Meunière.

De naam “Meunière” komt, zoals turbo(t), van het Frans, en betekent “molenaarsvrouw”.

Heel dichterlijk uitgedrukt, voor gewoon het lichtjes in bloem wentelen

van de platte zwemmer.

Citroen hoort er eigenlijk ook bij.

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

400g vis: tarbot, zeeduivel, …

doe de vetstof in de pan, en laat ze schuimen

 2 el boter

snijd de vis in twee even grote stukken

bloem

kruid ze aan beide zijden met pezo

pezo

wentel de stukken vis door bloem en schudt het teveel af

bloem

bak de vis aan beide zijden ongeveer 3’

sap van citroen

als de boter te bruin wordt, voeg dan koude boterklompjes toe

kappertjes

neem de vissen van het vuur en leg ze op een bord

 

voor de saus: voeg bij de boter 1 el water per stuk vis

 

goed mengen met het sap van een citroen

 

bestrooi de vis eventueel met groene kruiden, en kappertjes

 

 

 

serveren met groenten en aardappelpuree

 

 

 

 

Je kan evengoed op dezelfde manier tewerk gaan met zeetong,

zeeduivel of een andere platvis.

 

 

 

Mislukken kan dit recept nauwelijks, ook niet voor de beginnende kok (zoals ik).

Als je een profkok met dit gerecht aan de slag wil zien, klik dan op deze link,

of kopieer hem in je browser:

 

http://www.focus-wtv.tv/programma/vispa/vispa-tong-meuni%C3%A8re

 

Chef Bart Desmidt van restaurant Bartholomeus in Heist maakt het iets

 gesofisticeerder, met geklaarde boter en zo, maar voor mij hoeft het niet echt.

Hier is mijn afgewerkte bereiding, met een aardappelpuree en een salade.

Zonder franjes, maar lekker. Smakelijk.

 

 

 

Bereid naar een recept uit De Perfecte Keuken van Piet Huysentruyt.

 

 

Geschreven door grob om 21:55 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

LLuvia in Ávila

 

Vandaag doen we een korte rit. De stad Ávila ligt niet zover van Segovia.

Men kan nog kiezen tussen een autosnelweg of een schilderachtige route.

 

Ávila is naast een provincie ook de naam van de Spaanse stad en maakt deel uit

van de regio Castilië en Léon. Aangeduid in het rood op de kaart van Spanje.

Het ligt dus net in het centrum van het Iberische schiereiland, want Portugal

staat niet op deze kaart getekend.

 

 

 

 

De provincie Ávila ligt tussen de provincies Salamanca, Madrid en Segovia.

 

 

 

Ávila is de hoogst gelegen stad van Spanje, 1130 meter boven de zeespiegel.

Het hoogst gelegen dorp van Spanje ligt in Andalusië, in het Alpujarras gebergte,

tegen de flanken van de Siërra Nevada.

Het is ook een van de dorpen, waar de beste ham vandaan komt: Trevélez.

Maar dat was even terzijde; terug nu naar onze bestemming.

 

 

 

Het mooiste uitzicht op deze kleine gezellige hoofdstad, die in 1985

tot Werelderfgoed werd verklaard, heeft men vanaf het uitkijkpunt van

De Vier Zuilen aan de weg naar Salamanca.

 

Op dit machtige panorama heeft men een hotel neergepoot,

waar we gereserveerd hebben. Het is het uitstekende Sercotel Cuatro Postes.

 

Deze heuvel is een ideale plek om de beroemde middeleeuwse stadsmuur

te bewonderen, de best behouden gebleven stadswal van Europa,

en een die meer dan twee kilometer lang is.

 

In Ávila wordt de heilige Theresa meer dan vereerd. Volgens een legende

werden op deze plek de kleine Theresa en haar broer Rodrigo teruggevonden

toen zij in hun kinderlijke fantasie besloten van huis weg te lopen

om de marteldood te sterven in handen van de Moorse Saracenen.

We zijn nogal laat vertrokken in Segovia, en we komen pas aan na zes uur.

Een kleine verfrissing, en we vinden een gezellig restaurant pal naast het hotel.

Het voedsel is zeker niet de top, maar je kunt niet alles hebben.

Na de maaltijd is de duisternis ingevallen, en we gaan terug naar het hotel

bovenop de heuvel.

Het mooiste zicht op de stadsmuren heb je natuurlijk op het dak,

boven de zesde verdieping, waar een Romeinse fluitspeler ons opwacht.

 

 

 

Hier heb je het ideale en sublieme zicht op de versterkte middeleeuwse stad,

die zich aan onze voeten ontrolt.

 

 

 

‘s Morgens maken we kennis met een nieuw fenomeen: “Lluvia in Ávila”,

en voor de niet Spanjaarden: er vallen wat vochtige druppels uit de hemel.

 

 

 

We staan hier vóór het hotel, naast het Cuatro Postes monument.

Het panorama over de oude cité is anders dan in het duister, want je ziet

natuurlijk ook duidelijk het deel van de oude stad dat niet verlicht wordt.

 

 

 

De stad is omgeven door de best bewaarde machtige stadsmuren van Europa.

Ze zijn 2.5 km lang, 12 m hoog en 3 m dik, hebben 9 poorten en 90 bastions

met gekanteelde torens. De muren zijn in trapezium vorm opgetrokken.

 

 

 

 

We gaan van hier te voet afdalen naar de oude stad, en komen voorbij

enkele bruggen over een rivier. Naast de heilige Theresa (zie verder) is nog

een bijzonder iemand hier geboren: Isabella, koningin, naast Ferdinand,

en samen de Katholieke koningen.

 

Isabella was uiteraard katholiek en voerde diverse politieke wijzigingen door.

Op 31 maart 1492 tekende ze samen met Ferdinand het Verdrijvingsedict.

Hierdoor werden de Joden gedwongen zich te bekeren tot het christendom

of te verhuizen uit Spanje. Hoewel velen zich bekeren en zo hun eigendommen

kunnen houden, vertrekken zowat 160 000 - 400 000 marranos (ook te vertalen

als zwijnen). Hun goud, zilver en geld worden in beslag genomen.

In 1499 worden ook de moslims voor de keuze gesteld om te zich bekeren

of te vertrekken.

Honderdduizenden vertrekken uit Spanje en anderen laten zich dopen.

Om even bij stil te staan hoe het er toen aan toe ging.

Een minderheid onder hen trekt naar het zuiden en vestigen zich in de Alpujarras,

een onvruchtbaar gebied, waar in de 16de eeuw de Spanjaarden liever wegblijven.

 

 

 

 

We trekken te voet door de oude stad, die (nog) helemaal niet toeristisch

is geëxploiteerd. In tegenstelling met het gelijkaardige Carcassonne

struikelt men hier niet over de toeristische prullaria.

Tegen het centrum komen we een aantal, vooral jonge, Spaanse macho’s tegen.

 

 

 

 

Ze keren op hun stappen terug, als ze Greta zien, want blijkbaar komen ze

graag in haar beeld. De regen is intussen bijna verwaarloosbaar.

Slechts 10% van de populatie bedient zich nog van een paraplu.

 

 

 

Blijkbaar is dit een bokkenfuif, waarbij de bruidegom als toreador moet rondlopen.

Hij heeft zijn bril thuisgelaten, want hij neemt mij voor een stier.

Misschien moet ik hem prikken met mijn paraplu, maar toch liever niet.

Ik reageer dus niet onmiddellijk op zijn flapperend gordijn en zijn aanmoedigingen.

Ik voel me momenteel niet zo bloeddorstig, alleen maar gewoon dorstig.

 

 

 

Op de kleinschalige Plaza Mayor zijn gelukkig enkele tapabars open.

Deze is blijkbaar geen moslimbar, want het wemelt hier van de vrouwelijke

menselijke exemplaren. Behalve die helemaal rechts, en ook die met zijn

 twee glazen wijn is geen vrouw, echt niet. Waarschijnlijk een Amerikaan.

 

 

 

We laten ons een paar typisch Spaanse tapas goed smaken, in het midden van

een typisch Spaans decor.

Neem nu bijvoorbeeld de lampenkappen, waarvan er geen enkele recht hangt.

 

 

 

Ligt het nu aan de wijn of aan mijn ogen, maar de lusters beginnen hoe langer

hoe meer te dansen en te zwaaien. Tijd om opnieuw een Ávila luchtje te scheppen.

 

 

Dicht tegen de Plaza Mayor situeert zich  een van de negen stadspoorten,

die je hier kunt zien aan de binnenkant.

We zoemen even in naar links, tussen de poort en de gevechtstoren.

 

 

 

Ávila is, zoals gezegd, de bedevaartplaats van Santa Theresa, hervormster

van de orde van de Karmelietessen. Zij heeft hier in de 16de eeuw geleefd. 

 

Spanjaarden doen niet liever dan feesten. De Semana Sancta neemt

een ganse week in beslag, maar het belangrijkste feest van Ávila is uiteraard

gewijd aan de alomtegenwoordige Teresa de Jesús.

Eveneens een hele week lang duurt deze verering, meer bepaald van

7 tot en met 15 oktober.

Dan wordt het leven van alledag onderbroken om de festiviteiten rond

deze grote heilige van de stad op gepaste wijze te vieren.

We zijn nu 18 oktober, en de feestpret is net achter de rug.

Hier is een vertikaal bloementapijt opgericht met de beeltenis van de maagd.

 

 

 

Bij haar standbeeld zijn massaal bloemenkransen neergelegd door de feestneuzen.

 

 

 

Buiten de muren van de stad bevindt zich het klooster van La Encarnación

waar Teresa de Jesús zevenentwintig jaar lang als kloosterlinge woonde

totdat zij dit in 1562 verliet om nieuwe kloosters te gaan stichten.

De nieuwe stad ligt volledig buiten de omwalling, zoals in Carcassonne trouwens,

maar het is een gewone doorsnee stad, niet direct geweldig interessant.

 

 

 

Dit is de kant langs waar we de stad zijn binnengegaan en ze ook opnieuw verlaten.

Greta vindt dat ze beter contrasteert met haar paraplu dan met het omringende groen.

In feite past Greta in elk prentje.

Intussen hebben we besloten onze genietvakantie met nog een dag te verlengen.

In plaats van direct naar het zuiden te gaan, hebben we nog on-line een extra dag

geboekt in Toledo.

Het verslagje zit in de pijplijn, en El Sol ook. Geen lluvia meer.Tot dan.

 

 

 

 

Geschreven door grob om 17:55 Reageer op dit bericht Stuur door

KOKENETEN: een verse ananas, uit zijn jas

 

 

De winter heeft recent ook toegeslagen in Marbella.

Vorige zondag was de maximum temperatuur maar 8°!

Intussen is deze winter weer voorbij en halen we terug de normale

temperaturen en toestanden, maar dit terzijde.

 

Laten we ons beter focussen op een gerecht, niet alleen voor de winter,

maar voor alle seizoenen: varkenshaasje zoetzuur, stevig, en lekker ook.

Een van de belangrijke ingrediënten zijn ananasblokjes of -schijven uit blik.

Er zijn enorm veel praktische dingen over dit fruit waar ik niets over wist.

 

Misschien geldt dit ook wel voor vele lezers. Tijd om informatie te geven!

Hieronder bulkt het dus van de ananastips.

Echt interessante dingen over aankoop, bewaring enzovoort bedoel ik.

Je kunt er maar je voordeel mee doen.

 

 

De ananas is een tropische plant, oorspronkelijk afkomstig uit Brazilië, Bolivia

en Paraguay, en werd daar reeds langs voor de komst van Colombus geteeld.

Tijdens Colombus' tweede reis naar Zuid-Amerika (1493-1496) kwamen er

al enkele planten mee naar Spanje.

 

De ananas groeit aan stekelige planten, die de oogst bemoeilijken.

De Indianen gebruikten de planten dan ook als omheining voor hun dorpen.

De Spanjaarden introduceerden de ananas in de Filippijnen, Hawaïi en Guam.

 

In Europa werd de vrucht in 1720 voor het eerst met succes gekweekt,

maar dan wel in broeikassen.

Momenteel worden ze overal in de tropen verbouwd op grote plantages.

 

Ananas rijpt moeilijk na. Daarom moet de vrucht zo rijp mogelijk worden geplukt

en zo snel mogelijk de winkelrekken bereiken. Het transport van ananas gebeurt

dan ook meer en meer met het vliegtuig (vandaar ook de naam 'vliegananas').

Erg CO2- en milieuvriendelijk is dit niet!

 

De plant behoort tot de bromeliafamilie, die ook kamerplanten levert.

De ananas is een grote samengestelde vrucht en ontstaat uit vele kleine besjes

die samengroeien.

Alle vruchtjes vergroeien samen met de bloeisteel tot een samengestelde vrucht.

Wanneer we een ananas opsnijden is dit duidelijk te merken.

Het centrale, vezelige deel is de bloeisteel.

 

Ananas wordt, zoals je weet, vers en ingeblikt aangeboden.

Verse ananas bevat een product, bromeline, dat inwerkt op dierlijke eiwitten.

Deze stof maakt de vrucht licht verteerbaar.

 

Zuivelproducten vermengd met verse ananas kunnen na enkele uren waterig

worden en een vreemde smaak krijgen. Combinaties van ananas met gelatine

 (bijvoorbeeld bavarois) verliezen na een tijdje hun binding.

De stof verliest wel haar werking als ananas enkele minuten wordt gekookt

 

Ananastip 1!

Vlees dat gemarineerd wordt in vers ananassap zal hierdoor zachter worden.

 

Uit de bladeren van de ananasplant worden ook lange, zijdeachtige vezels

 gewonnen, die in Taiwan en de Filippijnen verwerkt worden tot een fijnmazige

stof, piña genoemd.

Gewoonlijk drinkt men tijdens het verwerken dan een piña colada.

Een ananas kan wel 30 cm lang en meer dan 4 kg zwaar worden,

en heeft bovenop een rozet van bladeren.

De kleur van de schil is groenachtig tot bruinachtig.

 

De ananas is rijk aan vitaminen zoals: bètacaroteen, vitamine A, B1 en E en

 mineralen zoals: kalium, magnesium, fosfor, ijzer, koper, mangaan, zink en jodium.

 Verder ook nog veel suikers en citroenzuur.

Alstublieft, weg met die commerciële pillen en voedingssupplementen!

 

De natuurlijke (of meest voorkomende) bestuiver van de ananas is de kolibrie.

Door bestuiving ontstaan zaden, maar omdat de aanwezigheid van zaden

een negatief effect heeft op de kwaliteit van het fruit, is in Hawaï, waar ananas

op grote schaal wordt gekweekt, de invoer van kolibries verboden.

 

Zoals bij alle bromelia's kan de bloei van de ananas kunstmatig worden opgewekt

 door middel van ethyleen. Het vroeg oogsten van de hoofdvrucht zorgt voor een

 tweede oogst van kleinere vruchten.

Na te zijn geoogst rijpt de ananas niet meer. Daarom wordt het vruchtvlees vaak

 ingeblikt. De andere variant is uiteraard de verse ananas.

Nu volgt een verdere reeks praktische tips.

 

Ananastip 2 tot 8!

Tekenen dat een ananas rijp is (check dit dus in de ananaswinkel) zijn:

 

2/ Middelste bladeren bovenop makkelijk los te trekken.

3/ Sterke ananasgeur (ethylacetaat).

4/ Stevig, veerkrachtig vruchtvlees (een ananas is rijp als het vruchtvlees

aan de onderzijde meegeeft bij een lichte druk met de vingers).

5/ De kleur van de schil zegt totaal niets over de rijpheid; ook een groene ananas

 kan goed rijp zijn.

6/ De ananas heeft glanzende "ogen".

7/ Als de ananas niet rijp is kan je hem versneld laten rijpen,

door de ananas samen met een banaan in een plastic zak te bewaren.

8/ Een te sterke geur, donkere knobbels en vergeelde kroonblaadjes

wijzen op overrijpheid. Ook vruchten met vlekken, beschimmelde plekken

of zachte schil zijn niet meer vers.
Verse ananas is het hele jaar door verkrijgbaar met een topaanvoer

van december tot april.

 

Ananastip 9! Eerst snijdt men de bovenkant weg met een mes, en dan hanteert

men de ananasschiller. Deze zorgt ervoor met een draaiende beweging dat de schil

en de weinig smaakvolle steel gescheiden wordt van het lekkere vruchtvlees.

 

Dames, laat de volgende foto van een ananas zonder jas je niet van de wijs brengen!

Het is gewoon het resultaat van het verwijderen van alle overbodige delen.

 

 

 

 

Ananastip 10! De tijdens het schoonmaken van de ananas verwijderde

bovenkant kan opnieuw in de bodem worden geplant.

Op dezelfde wijze waarop een aardappel of ui groeit uit een uitsnede

zal dan een nieuwe plant groeien.

Perfect te kweken voor wie een serre heeft!

 

Ananastip 11! Omdat verse ananas bromeline bevat, kan het niet

gebruikt worden in recepten met gelatine omdat het enzym

de eiwitten (en dus de gelatine) afbreekt.

Dit effect verdwijnt wanneer de ananas enkele minuten wordt gekookt.

Ananas in blik bevat geen bromeline meer.

 

Ananastip 12! Bewaar een ananas niet onder 8 graden Celsius (dus niet in de

 koelkast!). Eenmaal te koud bewaard kan bij de ananas het zogenaamde

lage-temperatuurbederf optreden.

De vrucht wordt niet meer rijp en gaat vaak van binnenuit rotten.

Bewaar een ananas bij kamertemperatuur.

Is de vrucht rijp dan is de houdbaarheid bij 12 graden Celcius nog 1 a 2 dagen.


Hieronder zie je de grootste ananasplant ter wereld, zoals recent opgenomen

in het “Guinness Book of Records”.

  

 

Nu dat je dit allemaal weet komt mijn varkenshaasje zoetzuur op de proppen,

waarin de ananas (en eventueel het sap) verwerkt wordt.

 

Hieronder wordt het haasje gekruid, terwijl ik “ananassap” uitspreek.

 

 

Greta zegt altijd dat ik meer moet proeven, en hier zie je het bewijs dat ik dat ook doe,

met pijn in mijn tong weliswaar.

 

Ananastip 13! (nog eentje dan maar, voor de bijgelovigen)

Let op dat je bij het uitspreken van het woord “ananassap” je tong goed binnen

in je mond houdt, want zoniet kan het wel pijnlijk zijn, zoals bij mij.

Probeer maar eens.

 

 

 

 

Het makkelijke recept vind je hier, met een variant voor risotto liefhebbers.

In plaats van de vloeibare kippenfond, kan je natuurlijk ook vaste kippenboeljon gebruiken.

Varkenshaasje Zoetzuur komt er aan. 

 

 

 

ingrediënten voor 2

bereiding

een varkenshaasje van 400g

snij het vlees in blokjes, laat de ananas uitlekken

3 lente-uitjes

snij de lente-uitjes in ringetjes

125g sojascheuten

bak de vleesblokjes rondom goed aan in hete olie

1 blik ananasblokjes of –schijven

kruid met pezo

150g blokjes tomaat (blik)

voeg er de blokjes tomaat, de fond en de chilisaus aan toe

koffielepel (vloeibare) kippenfond

eventueel ook ananassap (zie verder*)

een vijftal el zoetzure (chili)saus

doe de lente-uitjes in de pan en laat 10’ sudderen,

2 el olijfolie

doe er de ananasblokjes en de sojascheuten bij

pezo

laat goed doorwarmen

 

breng eventueel verder op smaak met zoetzure saus

 

indien nodig wat aandikken met maïzena express

 

lekker met gekookte rijst, lange korrel Uncle Ben in zakje

 

 

 

* een variant is:

 

al het ananassap toevoegen in de pan, samen met de rijst

 

de rijst zal het vocht opnemen, ananasrisotto als het ware

 

 

 

Het afgewerkte gerecht komt op de terrastafel.

 

 

Greta durft het schoorvoetend en met enige schroom aan om toch enkele schepjes

 op haar bord aan te brengen.

 

 

 

Na de eerste proeving lijkt het volledig in orde, en nu zet ze volledig door.

Ik heb het bereid met gewone witte gekookte rijst, en het heeft heerlijk gesmaakt.

 

Mocht er iemand me willen bedanken voor het geven van al deze tips, aarzel dan niet

om hier onderaan rechts op Reageer te drukken.

Veel pret met je ananas!

 

 

Bereid naar Libelle.

 

Geschreven door grob om 14:06 4 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Segovia (4): een glazen huis op het platteland

 

 

Mocht je toevallig (of doelbewust) in Segovia terecht komen, laat dan niet na

ten minste een halve dag door te brengen in de “Real Fabrica de Cristales

de La Granja” (Koninklijke glasfabriek van la Granja) op het grondgebied

van het dorp San Ildefonso. Wij zijn er twee dagen na elkaar geweest.

Het is niet meer dan acht kilometer verwijderd van de stad.

 

De eerste maal was de glasblazersschool gesloten (zie bezoek daaraan

in vorig verslag), maar het ticket was de volgende dag ook nog geldig.

De eerste dag hebben we enkel de enorm uitgebreide ateliers

en het grote museum bezocht.

De oude gebouwen zijn zeer attractief gerestaureerd, en het is een genot

rond te wandelen in de vroegere werkplaatsen tussen de duizenden

kunst- en gebruiksobjecten. Foto’s daarvan zie je hieronder.

 

Wie er zeker van is nooit in Segovia te komen (spijtig!) kan zich hierbij

een klein idee vormen van de schitterende originele stukken.

Het is zo overweldigend en groots, dat het niet te vatten is in de korte

fotoreportage die je hier vindt.

 

In de reusachtige fabriekshal in prachtig verweerde kleuren

staat een oven, waar zand gesmolten wordt tot glas.

Dit is geen fabriek, dit is een kathedraal.

 

 

 

 

De glazen voorwerpen die worden tentoon gesteld zijn

prachtig om zien, en moeilijk om te blazen denk ik.

 

 

 

 

 

Het gaat van de meest gesofisticeerde sieronderwerpen tot gewone

alledaagse flessen in alle denkbare kleuren, uit tijden dat de uilen

nog spraken, en water dronken.

Deze flessen zijn zo dik, dat ze (meestal) op de grond kunnen vallen

zonder te breken.

 

 

 

Naast rond glas zijn er ook alle soorten plat glas uitgestald.

Ook levensgrote brandglasramen worden hier vervaardigd.

Het koord onderaan hangt op ongeveer een meter hoogte, geen klein stukje dus.

Dit is een klassiek voorbeeld, zoals ze meestal ook te zien zijn in kerken.

 

 

 

Totaal andere technieken werden toegepast voor

deze kunstcreatie met glasdecor.

 

 

 

Brandglasramen in lood hoeven niet altijd in een kerk terecht te komen.

Er zijn ook mogelijkheden in publieke plaatsen, of bij particulieren.

Alle moderne ideeën en technieken komen aan bod, zoals hier op dit

reusachtige bloemenpaneel, los opgehangen in de ruimte.

 

 

 

Eeuwen geleden knutselde men hier al aan dagelijkse gebruiksvoorwerpen

voor de betere klasse van de bevolking weliswaar. Heel arbeidsintensief, sierlijk,

kleurrijk en mooi, maar als je goed kijkt zie je dat ze wel scheef in elkaar zaten.

Vandaag zijn dit natuurlijk uiterst zeldzame collector items.

 

 

 

Wat men destijds ook al nodig had waren objecten om voedsel en drank

of andere leuke dingen in te bewaren.

Niet alleen waren deze voorwerpen nuttig, maar tegelijk waren ze prachtig afgewerkt

en prestigieus als decor in een tijd dat er zeer weinig welstellende mensen waren.

 

 

 

De echte topcreaties waren voorbehouden voor de Koninklijke familie,

zoals deze prachtige reeks wijnkaraffen.

 

 

 

Een glazen karaf graveren is geen kinderspel, zodat men geschikte machines

probeerde te ontwikkelen om de zware klus tot een goed einde te brengen.

 

 

 

Vandaag staan de technieken om glas te modelleren veel beter op punt,

zoals blijkt uit deze vrouwenbuste uit massief glas.

Ontvreemden zal men dit niet gemakkelijk doen.

Je kunt gemakkelijker een klein olifantje in beweging krijgen.

 

 

 

 

 

Bekijk goed deze eeuwenoude fles. Het etiket eronder vermeldt:

”Botella Belga para agua mineral Spa”.

Hoeft geen vertaling denk ik. De Spa flessen van tegenwoordig

hebben wel een hele evolutie ondergaan.

 

 

 

 

 

En wat denk je van deze? Heb je al ooit de oudste Spa fles gezien?

Kijk dan maar goed. In het Spaans staat op het etiket:

 

Botella  (1724-1743)

Verde muy obscura soplado a molde fijo trabajada al puntil.

Botella Belga de agua mineral. Sello “Pouhon Spa” y escuido de Louis

Georges de Berghes, Principe Obispo de Lieja.

 

Vrij vertaald: heel donkergroen glas, gemaakt met een vaste gietvorm,

bewerkt met puntil  (kort puntig voorwerp).

Belgische fles voor mineraal water. Voorzien van zegel “Pouhon Spa”

en wapenschild van Louis Georges de Berghes, Prinsbisschop van Luik.

 

 

 

 

 

Dit rondt ons bezoek af aan Segovia en omgeving. Op naar Avila!

 

 

Geschreven door grob om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

Xmas party in tennis Club del Sol

 

Vorig weekend viel er niet te tennissen door onophoudelijke regen.

Goeie reden om een party te organiseren.

Een van de vaste loltrappers en muziekmakers is Dodo.

Ik dacht dat hij een Engelsman is, maar Greta houdt het op een Oekrainees.

Hier zie je hem stiekem in het halfdonker nog even wat muzieknoten

warmblazen op zijn trompet, vooraleer het volk toestroomt.

 

 

 

 

Wanneer de eerste gasten verschijnen, zien ze er nog wat onwennig uit.

Pas wanneer de muziek zich ontplooit, en voedsel en drank op de proppen

komen, gaan de poppen aan het dansen en de remmen los.

 

 

 

 

Ook de altijd fitte Kerstman is aanwezig.

De rendieren heeft hij gelukkig achtergelaten op de parking met een wortel.

 

 

 

 

De man aan wie we deze geslaagde party te danken hebben is

de manager van dit uitmuntend sportcentrum, José Kreijman.

Een geboren Nederlander, die zijn hersenen op de juiste plaats heeft,

want hij woonde de meeste tijd in Kapellen, bij Antwerpen.

Je kunt het er nog altijd aan zien 

 

 

 

 

Nederlanders zijn hier uiteraard altijd goed vertegenwoordigd,

zoals aan deze tafel. Links, met het rode hemd zie je Fred.

Fred is ook Nederlander. Hij woont permanent in Calahonda, is de huiszanger,

En een die trouwens wijd en zijd bekend geworden is in centraal Andalucia.

Vooraleer hij de micro vast neemt moet hij alleen nog wat autogrammen uitdelen.

 

 

 

 

Glazen en drank in overvloed.

De eerste bewegingen om in te schenken verlopen nog wat hoekig.

 

 

 

Keuze genoeg in de dranken, geschikt voor een publiek tussen 0 en 100 jaar.

Geen van beide extreme categorieën zijn evenwel aanwezig vandaag.

 

 

 

Dodo komt tot leven, speelt en zingt zoals de ware Oekrainese trompetter.

 

 

 

Het echte croonerswerk is toch wel weggelegd voor Fred.

 

 

 

Tussendoor even happen! Minipizza’s, rijstschotels…

 

 

 

…en lekkere salades. Nadien nog hapjes, belegde broodjes

en andere tapas met gamba’s, tonijn enzovoort.

 

 

 

Links zie je onze Engels/Italiaanse tennispresident Adrian,

die al onze groepswedstrijden plant en er de discipline in houdt.

Zijn Duitse echtgenote Ursula vecht een harde strijd uit

met een weerspannige gamba.

 

 

 

 

De strijd wordt grandioos gewonnen en iedereen is weer tevreden

 

 

 

Niet in het minst Joerg en Erika uit Berlijn

 

 

 

Intussen houden de muzikanten er vlotjes de sfeer in.

 

 

 

 

Louisa en Adrian laten de beentjes en armpjes gaan.

 

 

 

Ik rust even uit, van foto’s te nemen, maar zelfs van te dansen.

 

 

 

Tussenin houdt José even een mini speech om de gasten te bedanken,

maar vooral toch zijn vriendin Carol, die weer al het lekkers heeft bereid.

 

 

 

Dodo benadert stilaan zijn kookpunt en heeft zijn jas al aan de kant gelegd.

 

 

 

Soms wordt de trompet hem wat lastig om te bespelen.

Dan maar liever even de marimba’s hanteren, tot de concentratie terug is.

Zijn Engelse zangteksten worden wat moeilijk verstaanbaar,

maar niemand die daar over valt.

 

 

 

En José, hij wroet voort.

De laatste tapa’s worden in schaaltjes gelegd en rond gedeeld.

 

          

 

 

 

De dranken zitten ook al aan een lager peil dan een paar uren geleden.

(maar worden constant aangevuld, n.v.d.r.)

 

           

 

De ene zwenkt naar links, de andere zwenkt naar rechts maar Dodo

staat pal en ledigt zijn volgende emmer bier.

 

 

 

Aan de lol komt geen einde. Having a good time.

 

 

  

Greta is nooit diegene die het minst gedanst heeft.

 

 

 

Een prachtige party om de regen te vergeten.

Een zwierige avond, een herinnering om te koesteren, dank zij…

 

 

 

 

Geschreven door grob om 16:47 1 reactie Reageer op dit bericht Stuur door

happy Xmas van Greta en boB

 

Het is nu verschrikkelijk slecht weer in Marbella.

De temperatuur is OK, zo'n 19°, maar er is enorm veel wind

en regen. Veel beterschap is er zelfs niet onmiddellijk op komst.

In het plaatselijk strand waar we wonen is een gleuf ontstaan

van 60 cm diep en zeker 1 à  2 meter breed.

Greta is er tien minuten geleden een foto gaan nemen.

Rechts staat een vuilnisbak van 70 cm hoog, om een idee te geven.

 

 

 

Desalniettemin ...

 

 

 

Geschreven door grob om 13:23 2 reacties Reageer op dit bericht Stuur door

Meer van dit is de fameuze en mysterieuzeneuze GroB blog

↑ Terug naar de berichten