Donderdag 9 november 2006
tijdelijk sterven
draag met mij bakstenen
in de mist van de ochtend
de nazomer lijkt te wenen
als ik kniel in het zand
een pad wil ik bedenken
naar het naderend
kale bomenland
ik herken het jaargetij
dat over een zwoele grens
de zon dieper laat dalen
en licht vooruit schijnt
op tijdelijk sterven
zo vreemd
maar toch weer
mijn innige wens;
stilte te verwerven
Donderdag 9 november 2006
waarom geen condoom over mijn hoofd om stilletjes in mijn hoed zonder zoom de parade der hedendaagse ridders te aanschouwen in deze tijd is …
waarom geen condoom
over mijn hoofd
om stilletjes
in mijn hoed zonder zoom
de parade der
hedendaagse ridders
te aanschouwen
in deze tijd
is het de dame
die kleur geeft
aan het hoofd van staat
leve de koningin
wordt geroepen
maar kijk even naar
het schild op mijn pruik
voor u naar het
balkonnetje gaat
Donderdag 9 november 2006
de rust is weergekeerd
zo lijkt het dan
er was onverklaarbaar
veel te melden
niet dat het telde
of bijzonder was
dan wel laakbaar
…
de rust is weergekeerd
zo lijkt het dan
er was onverklaarbaar
veel te melden
niet dat het telde
of bijzonder was
dan wel laakbaar
de geest sprint
soms over ongekende
horden van woorden
al lijkt het vanzelf
als lava uit te barsten
een gevoel dat onzichtbaar
in diepten bevindt
en alle weerstanden
naar buiten toe
wil vermoorden
wat is de mens,
ik,
stuurloos soms
zo blijkt
waar zit de
ongrijpbare hand
die richting geeft
mij zo met
rusteloze
vingerbewegingen
overmant
uit "jezelf" geven,
om niet,
kan genegenheid
worden geboren
en zelden voor even
nog sterker
kan ik het zeggen
- dat je er bent …
uit "jezelf" geven,
om niet,
kan genegenheid
worden geboren
en zelden voor even
nog sterker
kan ik het zeggen
- dat je er bent -
is genoeg
het behoeft
geen duizend woorden
om zoiets uit te leggen
het was ook niet zo
dat je er om vroeg
ik aanschouw
de dode
een mens
als voorbode
voor mij,
plots,
een monument
doch hij leefde
in de eeuwigheid
een moment
ik aanschouw
de dode
een mens
als voorbode
voor mij,
plots,
een monument
doch hij leefde
in de eeuwigheid
een moment
het dauwt over
mijn gesprokkeld hout
het bos is kaal
de ziel rouwt
het zijn
vaal
het dauwt over
mijn gesprokkeld hout
het bos is kaal
de ziel rouwt
het zijn
vaal
ook al draag ik niet
aldoor jouw hand
en aanschouw je weinig
mijn aangezicht
dan toch verblijf ik
in jouw land
waar genegenheid
op…
ook al draag ik niet
aldoor jouw hand
en aanschouw je weinig
mijn aangezicht
dan toch verblijf ik
in jouw land
waar genegenheid
op elkaar is gericht
luister naar de woorden
die ik roep van verre
en zie mijn ogen
als blinkende sterren
een gevoel is
moeilijk te grijpen
maar wil intens
van binnen rijpen
slechts eenmaal
keer ik nog weerom
en zie reeds van verre
door glans omgeven
de weide van mijn jeugd
met de hoop in beleven
waar ied…
slechts eenmaal
keer ik nog weerom
en zie reeds van verre
door glans omgeven
de weide van mijn jeugd
met de hoop in beleven
waar ieder nog deugt
en ik liefde verwachtte
van verlichte sterren
als ik dat nu zo overzie
en de naaktheid ervaar
van mijn kinderdromen
is het heden zo vreemd
alsof alles mij is overkomen
zijn stoel was leeg het was nog zo pas dat hij daar in zeeg in zijn wereld met het zijden kussen; tot op de draad toe versleten en aftands m…
|
zijn stoel was leeg het was nog zo pas dat hij daar in zeeg in zijn wereld met het zijden kussen; tot op de draad toe versleten en aftands met zijn zetel nog slechts verbonden door twee lussen zacht met verloren glans
ik voel, hij is niet weg ruik de geur van zijn huid zijn ongewassen haren deel het verdriet van zijn verloren bruid de tranen door de jaren
ik zie nog zijn lach geschilderd op zijn gelaat lippen ondeugend krullend, woorden gevormd soms in stilte doorgepraat
hij is er nog
ja toch?
|
soms wordt licht als enige straal glansrijk verlicht zonder een letter van taal in het tegenlicht van engelengeduld gebundeld, wel duizendma…
|
soms wordt licht als enige straal glansrijk verlicht zonder een letter van taal in het tegenlicht van engelengeduld gebundeld, wel duizendmaal
het voelt voor mij als wezenlijk bovennatuurlijk het draagt in mij onschatbare gebaren ik ervaar datgene dat ik als mens wil vasthouden, bewaren
nu telt, zegt morgen tegen mij wees niet bevreesd voor het nog ongeschapene onderga onbaatzuchtig en zeker niet bedeesd jouw verloren maar toekomend deel dat zo plots daar is het doet je in tijdloze momenten diep voelen
ja, zeg ik, ik ben heel
|
ik zou je willen geven het kleine van het bestaan het echte beleven zonder visioenen van de onbereikbare doodse maan ik zou je willen geven …
|
ik zou je willen geven het kleine van het bestaan het echte beleven zonder visioenen van de onbereikbare doodse maan
ik zou je willen geven het grootse van het bestaan omvangrijk in bloemen gehuld maar ook het azuurblauwe zilte water van de oceaan of de dauwige weidevelden door dieren begraasd en alles met onvoorwaardelijke liefde gevuld
ik zou je willen schenken het wonder in jezelf onaantastbaar, niet te krenken ga dan je weg van milde stilte zonder gedachten te denken
|
ik laat mijzelf vloeien over een huid van gedachten het streelt de lijnen van het zachte verwachten naar hopende mildheid die de zuiverheid …
|
ik laat mijzelf vloeien over een huid van gedachten het streelt de lijnen van het zachte verwachten naar hopende mildheid die de zuiverheid verfijnen
ik laat mij glijden over brandende zuchten verlos de hitte van zuigende verliezen om de immer resterende as te mijden niet meer te duchten
ik zweef over dromen die van overdag het geeft genoegen van lichte tinteling ze mogen er komen scheppen allengs bij mij een beeldige verwondering
|
het was stil vandaag ik was niet alleen verwarmde me aan de zon in de schaduw van jou niets zeggen vertelt soms meer dan dreggen naar nuttel…
|
het was stil vandaag ik was niet alleen
verwarmde me aan de zon in de schaduw van jou
niets zeggen vertelt soms meer dan dreggen naar nutteloze woorden
het was stil vandaag
|
wat ik schrijf gaat jou niet aan het zal je immers toch niet raken je zult mijn gedachten niet kunnen verstaan als ik vertel van mijn droom;…
|
wat ik schrijf gaat jou niet aan het zal je immers toch niet raken
je zult mijn gedachten niet kunnen verstaan
als ik vertel van mijn droom; het zoeken naar gevoel, dan kan ik nog zoveel duiden jij zult nooit weten wat ik bedoel
zeg mij wat gaat er om in jou
ik weet, nu gaat het mij niet aan alleen jij kent de diepe waarde
als jij dan toch jouw woorden zucht verdampen zij als druppels en vallen later als verwaterde kreten terug op aarde
|
telkens als ik ga en zeg mijn tijd is daar, sluit jij snel je ogen alsof een knop wordt omgedraaid, jij naar binnen wordt gezogen diepte vez…
|
telkens als ik ga en zeg mijn tijd is daar, sluit jij snel je ogen
alsof een knop wordt omgedraaid, jij naar binnen wordt gezogen
diepte vezandt dan in een verkoeld gedag, verkleint al wat is gezegd
is het de pijn van verscheiden die je in vermeden woorden legt
|
al droog ik met tedere overgave een traan de weg naar jouw pijn kan ik niet gaan ook al raak ik zo nabij een hand eenzaamheid is voor mij ee…
|
al droog ik met tedere overgave een traan
de weg naar jouw pijn kan ik niet gaan
ook al raak ik zo nabij een hand
eenzaamheid is voor mij een onbereikbaar schaduwland
|
in willen begrijpen zit rijpen besloten als ik dat zo beleef ontdek ik mijzelf in jou en word jij in mij gesloten
|
in willen begrijpen zit rijpen besloten
als ik dat zo beleef ontdek ik mijzelf in jou
en word jij in mij gesloten
|
de gerijpte palm van mijn korte hand is als boezem van geschenken ze raken jou zonder te tasten of door afstandelijk wenken de slagen van he…
|
de gerijpte palm van mijn korte hand is als boezem van geschenken
ze raken jou zonder te tasten of door afstandelijk wenken
de slagen van het hart stemmen timide mijn vingers
zij vertellen van een zachtmoedige rust en verdunnen je smart
|
hoor mij leegtes vullen van letterloze schimmen die weerkaatsen tegen dik geplamuurde blinde muren het schaamteloos vallen van geschuurd gru…
|
hoor mij leegtes vullen van letterloze schimmen die weerkaatsen tegen dik geplamuurde blinde muren
het schaamteloos vallen van geschuurd gruis neem ik waar als neerstortende onthoofde woorden
zoveel lagen door de jaren heen geworden tot ontedeld gekunsteld eelt geraken tot stof van antieke beelden
de ziel tot naaktheid gedwongen door afgevuurde kanonnen die diepe laklagen als zekerheid zag
die ziel braakt en braakt de modder uit waarin verrotte palen als fundament de schijnvertoning opvoerden in vele bedrijven uitzichtloze bedrijven
ik zoek die leegtes te vullen dikwijls met vergrijsde dromen mijn klauwen vuisten bonzen op lege dozen van hoop
|
zing mijn dicht met rollende lippen als een golvende stroom langs milde oevers met sprietend gras voer mee met de waterige letters in noten …
|
zing mijn dicht met rollende lippen als een golvende stroom langs milde oevers met sprietend gras
voer mee met de waterige letters in noten gevangen en vind de melodie in een draaiende kolk
daar vormen zij benedenwaarts gericht een spiraal van klanken waar de echo luistert haast onhoorbaar naar prille woorden
zo vindt mijn dicht het lied van tongen worden nieuwe zinnen in het hart geboren opstomend uit de dragende buik
laat je dan glijden op de adem van het gevoel als in het stromend blauw van verlichte golven
|