Naar de inhoud

J.V.E. Dreyfsandt zu Schlamm: Gedichten 4

akke.beakke.be

Archief

HUGO CLAUS - als een meester gaat-

 

 

ik ga
ik ga dan als het middag is
vraag niet naar de dag, mijn vrienden

mijn tijd en morgen
zijn reeds van slag door de dwaling
in mijn hoofd

bijna naar gister gebracht
of nog verder in de eeuwige vergetelheid
geborgen

zo moet hij hebben gedacht
in heldere momenten

het scheppen
is hem door geboorte ingehaald
op zoek naar een nieuwe lente

slechts het sterven heeft hij nog
vertaald

onder witte lakens der dramatiek
op een aards baldakijn van staal

de meester van verbeelde woorden
van kijken omzetten in linnenbeelden
en van woorden naar strofen

hij koos voor een spoedige dood
en teelde een leven lang
mijn moedertaal

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:09

ik draag jou

 

 

ik draag jou
tot aan de kale rotsrand
een gapend gat
beheerst ons zicht

zeer nabij, naar omlaag
een steile wand
verder weg toont de hemel
zijn immens gewicht;

een oneindig uitdijend gewelf
dat mijn bestaan verengt,
ongrijpbaar voor mij als mens

mijn gedachten worden
allengs, als gedwongen,
naar binnen gericht
op zoek naar een laatste wens

het afscheid valt zwaar
niet alleen in de geest
of in je ogen
doch ook in de laatste stap
op het onvolkomen pad

ik ben klaar,
jij nog het meest




(fictie)

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:08

De buurtavond

 

 

"ga niet weg roep ik naar de gebochelde vrouw
wij nemen je er gewoon bij, zien je als normaal
we loensen wat naar links en hijsen je met een touw
naar de tiende verdieping",
aldus opent de verteller zijn verhaal

een geroezemoes verspreidt zich door de zaal
is hier nog wel sprake van fatsoen en respect
begeven wij ons wellicht op een glijdende schaal
als wij een medemens noemen bij,
in dit geval, haar gebrek

een stoel nadert het podium in vliegende vaart
geschreeuw uit alle hoeken van het wijkgebouw
zelfs de koffiejuffrouw, tot op heden fijn besnaard
schreeuwt naar de acteur " krijg de klere"
in een gepruttel dat eindigt in een venijnige snauw
'jij wordt hier tot Persona Non Grata verklaard"
zei de met haar op de tanden uitgedoste kenau

de zaal kijkt haar verstomd doch vol bewondering aan
welke wijze woorden laat zij hier zweven
zelfs het nobele lokaal bestuur is het niet ontgaan
hier wordt nog eens verbale daadkracht bedreven

op het toneel, stilaan gevuld met gebroken meubilair
overgoten met zwarte koffie en lauwe thee
roept de aangeslagen kunstenaar "dit is niet fair,
de ongelukkige vrouw waarover ik wilde spreken
is een travestiet, hij draagt een kussen met zich mee"

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:07

opstandig

 

 

zou me blij moeten voelen
maar dwingen is niet vrij

zo bedoelt de doodgewaande
wanneer ik even de oude eik raak
waarachter ik mij verschuil
het winters wit weer aan mijn zij

in de dageraad met een waas
over de vijver gespreid
zoals de doffe echo
van Pasen die de leegte
in mijn hart verraadt

stil ben ik na gister:
is dat nu de opstanding
die ik bemin
en waar ik mij zo op verlaat


Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:06

zo anders gelijk

 

 

als ik niet ben gelijk jij wilt,
in jouw spiegel;
een bloem die eeuwig weerkaatst,
tot onophoudelijk bloeien bereid

raak ik verstild,
word ter plekke geplaatst
achter in de rij der verscheidenheid

zal je mij dan nog zien
als ik verdwaal in de tuin
van de verschraalde mildheid

ook mijn denken wordt vertroebeld
door ontkende geluiden
mijn ziel door hartstocht
naar het aardse bezoedeld
of afgedekt door vergrijsde
gepantserde huiden

toch kijk ik verder, hoe kan ik anders
als ik weet hoe ik, zo de mens is
groots in de schepping doch kwetsbaar
in zijn bestaan

is het niet zo dat we van nature,
erkenning zoeken en dezelfde weg
in willen slaan

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:05

gespletenheid

 

 

soms als een ja
- immers je ogen zijn nog toe -
op zich laat wachten

durf jij al de handen
te ontvuisten in kwetsbaarheid
verkrampt als zij waren

de geest moe
door duistere gedachten

weerbarstig
neergedaald ter helle
die door stemmen
daar henen geleid werden
om jou te tarten, te kwellen

al snij je diepe wonden
om te gehoorzamen aan de
satanische dwang

het leidt slechts
tot een tijdelijk uitademen
van verwrongen lucht
gedragen door spookgezang

soms als een ja
op zich laat wachten
- immers je ogen zijn nog toe -
de leden zwaar, te moe

kunnen aardse engelen
je toch even dragen,
het uitzicht verzachten


Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:02

de laatste kranige druppel

kennelijk had hij de boot gemist
gelijk een achtergebleven spermadruppel
die ietwat kleverig uitgerekt hangt

of wellicht, als laatste eer,
zich wat opgeblazen manifesteert
en de uitgestoken fallus als enige dankt

misschien is men hem al
tijdens de laatste stroom
door de leiding gaan haten

maar kan ook door
een mensenhand
slordig zijn achtergelaten


plons, daar valt hij,
nog onverwachts

zo snel had hij toch niet
aan de aflossing
van de wacht gedacht

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:01

ontboezeming

 

 

een lyrische ontboezeming
en dan nog wel kort samengevat
vraagt van de rede
een vroegtijdig bedijken

vaak bezat door overvloeiende
gevoelens, zo willoos bereden,
wordt van mij
het bovenmenselijke gevraagd

immers het stoppen van
innerlijke weerbarstigheden
is vaak ook nog dubbel gelaagd

al heeft men weet van een doofpot,
verstandelijk opgebouwd

ooit worden de sluizen overmatig belaagd
en wat dreigt wordt ontegenzeglijk
uit mijn overtollige boezem gedouwd

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 22:00

twee gezichten

 

 

mijn kamer kent twee ramen
zover ik nu kan overzien
ik kijk thans van voren
naar buiten en zie
de staart van een gier

nog hangend in de lucht
een aanvalsplan beramend
op het stervend lijf
van een te vroege mier

gister zag ik
door de ruit aan achterkant
het uitzicht op schitterende
gele narcissen
zij hadden al vroeg
mijn achtertuin bemand

in de vervagende jaargetijden
wilden zij, weliswaar onbewust,
wat eens het voorjaar heette,
de naweeën van een winter bestrijden

om het komen en gaan
te aanschouwen
ben ik met ogen toegerust
en zie dat de natuur met
het tonen van twee gezichten
de schaduw en het daglicht kust

Geschreven door julius dreyfsandt zu schlamm om 21:59

Meer van J.V.E. Dreyfsandt zu Schlamm: Gedichten 4

↑ Terug naar de berichten