NIEUW: Blog reclamevrij maken?
'PATATI PATATA
Een ontroerend verhaal over een liefdevolle relatie tussen dochter en haar dementerende moeder

The Breast Cancer Site
Klik deze site elke dag aan en help borstonderzoek betaalbaar houden

Archief per maand
  • 04-2010
  • 12-2009
  • 09-2009
  • 08-2009
  • 07-2009
  • 06-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 02-2009
  • 12-2008
  • 11-2008
  • 10-2008
  • 09-2008
  • 08-2008
  • 07-2008
  • 06-2008
  • 05-2008
  • 04-2008
  • 03-2008
  • 02-2008


    Feel good in TITI's elektronisch kletscafé waar het leven gezien wordt door een Oiljsterse vrouwenbril...en feel je niet good, dan retour à domicile!

    11-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 12


    Hoe onvergetelijk, goddelijk zalig, inniger en almaar vernieuwender hun woensdagnamiddagen de volgende maanden ook waren, het gevoel van onbehagen, telkens hij ‘Maison Magnolias’ naderde, raakte Max maar niet kwijt.

    Zijn denkduiveltje bleef doordrammen, telkens weer: achteraan, Max, de parking is achteraan. Numero uno nu en nummer hoeveel op de schaal van vroeger? Kind aan huis is ze daar. Vraag het haar, durf toch, broekschijter!

    ‘Zullen wij eens uitkijken naar een ander adres in de buurt, of een knus appartementje huren. Wat denk je?’

    Max vroeg het quasi nonchalant.

    ‘Waarom? Ik zou echt niet weten waarom. Enfin, Max, ons nestje, ons plekje van de eerste keer! Trouwens, ik ben daar graag. Wij zijn er bij wijze van spreken thuis. Mevrouw Céline kent ons. Heel goed zelfs. Ik begrijp niet…’

    ‘Bah! Kwestie van variatie.Verandering van spijs doet eten, nietwaar.’

     

    Losjes rolden de woorden over zijn lippen. Losjes maar té cru en echt ongewild. Hij verwachtte weerwerk, kreeg echter vuurwerk:

    ‘Zeg, wat heeft ze jou opgegeven vanmorgen? Amper drie weken geleden kreeg ik je prachtig gedicht over dat villaatje en wat het voor ons betekende. Nu komt de aap uit de mouw, zie. Meneer moet nodig verandering van spijs hebben. Besef je wel goed wat je…foert!’

    Marianne kruiste de armen en bleef door het zijraampje naar de voorbijgangers kijken. Mokkende vrouwen zijn òf op de zere teen getrapt òf ze gaan menstrueren, wist zijn denkduiveltje.

    ‘Liefje, komaan, forget it. Boos om zo’n futiliteit? Beetje kinderachtig toch?’

    ‘Wablieft? Kinderachtig! Merci! Weet je wat? Stop, kom, stop maar.  Ik zal vragen waar meneer kan neuken. Want meneer moet dringend variatie hebben. Jij…jij rotzak. Allemaal dezelfden, die mannen, allemaal.’

     

    Bingo! Nu doorgaan, vriend, meteen gaat ze aan het snotteren, niet week worden, hé! Wagen parkeren en doordrammen. ’t Is nu of nooit, hoor je mij?

     

    Max parkeerde kalm de wagen. De daverende vrachtwagens. De rijdende disco’s. Zijn denkduiveltje. Niets hoorde hij. Zintuigen verlammen als de ogen van een vrouw, die liefheeft, zeggen dat ze vermoedt dat het voorbij is, alle hoop verloren heeft. Terwijl toch niets minder waar was. Hij zou verdorie zijn leven geven voor haar. Ze was er altijd en overal. Hij stond ’s morgens met haar op en ging ’s avonds met haar slapen. Zij wist dat hij zonder haar niet kon.

     

    Had hij zijn liefde voor haar al niet honderdvoudig beschreven, bezongen, uitgeschreeuwd? Wat bezielde haar toch? Liefde stoelt ook op trouw, respect en eerlijkheid. Nooit leugens, recht voor de raap. Dat was de afspraak. Zij was een open boek voor hem. Maar enkele pagina’s ontbraken en ook die wou hij lezen.

    Hij had geen geheimen voor haar. Hij had zich nooit met andere vrouwen ingelaten. Mogelijkheden zat, maar te trots, te veel eigenwaarde. Wablieft, te veel eigenwaarde hoonde denkduiveltje. Gedegouteerd ja! Je vergeet zeker die  keer jaren geleden in die goedkope pied-à-terre met dat telefonistje. Haar kut stonk als de pest. Daardoor gebeurde er niets, door de stank. Heeft Marianne hier ook weet van, jaloerse meester-masturbist?

    Wat bezielde hem?
     
    Wordt vervolgd

    Reageer (0)

    10-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 11


    Halfeen. Max wachtte op de parking van Darcy. De Mégane niet te bespeuren. Natuurlijk zou ze komen. Trouwens, met mobieltjes had niemand nog een valabel excuus. Haar vader zal toch niet…? Hij had haar sedert woendag niet meer gehoord. Wou wel bellen, maar dan was daar zijn verwittigend denkduiveltje: slow down, don’t move too fast, old chap.  Materiaal ophalen of afleveren bij klanten zat ook in haar takenpakket. Gebeurde meermaals per week, had zij hem verteld. Dus dat kon het zijn. Shit, het verkeer op dit uur zat al evenmin mee.

    Eindelijk, la voilà. Ze had zijn Audi herkend en wuifde hem vrolijk toe.

    Zo meteen zou hij zich spiegelen in de groene pretlichtjes van haar ogen, haar discreet parfum ruiken en de prikkelende weldaad van haar aanwezigheid ten volle ondergaan. Wat een vrouw! Die wiegende stap. Dat prachtig blauwzwart haar, zwierig dansend rond haar fijngevormd gelaat en dat gave gebit in dat vranke mondje.  Nee, Max, niet vergelijken met zuster Synforosia thuis. Thuis is de Sahara, nog twee meter en je wordt overspoeld door de Niagara, maande denkduiveltje.

     

    ‘Hallo, here I am!’

    ‘Dag Marianne, je ziet er schitterend uit. Je wagen…waar staat je Folieke?’

    ‘Ik heb vanmorgen de trein genomen. Je brengt me toch wel naar het station?’

     Ze legde haar roestbruine regenmantel en paraplu netjes op de achterbank. Het viel hem op dat ze opnieuw haar crèmekleurige Escada jasje droeg, geen jeans zoals woensdag, maar een halflange, hazelnootkleurige suède rok met split tot net boven de knie. Ze nestelde zich in de zetel. Zelfs het zwarte leder zuchtte van genot bij de aanraking van dit goddelijke lichaam, dacht Max

     ‘En nu …en route!. Wil je de oude steenweg nemen?’

    Zij beval en Max gehoorzaamde, ook aan zijn denkduiveltje dat hem aanraadde niet naar dat lange, gebruinde been met fijngevormde enkel te kijken, noch naar de lichtroze gelakte teennagels en zeker niet naar die knie en die half ontblote aantrekkelijke dij met zijn hand vlakbij. Pook vasthouden,  vriend, de hand aan de pook en het oog op de weg.

     

    ‘Hier ergens moet het zijn, Max, beetje afremmen. Voilà, daar, de oprit met de hoge dennen. Oprijden en dan achteraan, Max. Daar is de parking.’


    Een kleine villa met rieten dak, enkele vensterdeuren vooraan, maar geen ingang, denkelijk opzij. Een wagen op de parking, een Jaguar in de openstaande garage. Achteraan een zware eikenhouten deur met kijkkastje, afgesloten met traliewerk. Daaronder, heel discreet, een koperen plaatje met  ‘Maison Magnolias – Sonnez s.v.p./Bellen a.u.b.’

     Nee, Marianne, dit toch niet meteen. Een vrouw zoals jij toch niet. Daareven nog de Niagara, nu de afgrond, zo leek het hem. Een diep donker gat, ijskoud met stalagmieten die zijn lichaam priemden. Hij volgde haar zonder een woord. Hij hoorde haar vaag cognac en koffie vragen. Ze bleef staan op de eerste traptrede, keek hem uitdagend aan. Liet een sleutel voor zijn neus bengelen en zong hees lispelend:

    “Happy birthday, mister editor, happy birthday to you”.



    Omstreeks tien uur kwam hij die avond thuis. Liet de Audi op de oprit staan en de malse lenteregen zijn huid koelen. Maakte enkele tapdanspasjes in de hal en zong luid:

    “ …what a glorious day, I am happy again.

              I’m singing and dancing in the rain

              Papiripidoe paah!”

    en klakte met de hielen.

     

    ‘Awel, ben je maboel geworden, ketterszoon! Er was zeker weer iets te doen aan de overkant. ’t Zou me niet verwonderen, juist vandaag. Dat vermaledijde  gazettenvolk!’

     

    De krijsende kraaienstem van Gerda, dat afschuwelijk donkere haarnetje tot vlak boven de wenkbrauwen, die benige neus en daarop de hoornen bril. Als een wandelende tak in blauw flanel bovenaan de trapleuning. Max kon het niet aan. Nu zeker niet.

    ‘Jij, jij, verderf van mijn leven, de wereld treurt en bidt. En jij..., Heer vergeef hem, hij weet niet wat hij doet, jij zingt en jij danst, jij…’

    Zij volgde hem naar de keuken, briesend, stampvoetend.

    ‘ Ook zin in tapdansen?’ spotlachte hij.

    ‘Jij schoft, jij ketter, Heer waarom, waarom moet ik dit aanhoren?’

    Haar handen trilden en de houten bollen aan het touw van de paternoster, een familie- erfstuk, kletterden tegen elkaar.

    ‘Olé, olé’, antwoordde hij en wenkte een denkbeeldige stier met de keukenhanddoek.

    ‘Onze Lieve Heer is vandaag gemarteld en gekruisigd, moest je het nog niet weten. Het is Goede Vrijdag, hoor je mij, Judas, Goede Vrijdag!’

    ‘Veel meer dan dat, Gerda’, schetterde zijn stem in triomf, ‘het is de beste, de schitterendste, de meest waanzinnige vrijdag ooit, zeker voor mij. Hop, naar je kapel, jij, en ik naar bed.’



    Wordt vervolgd 

    Reageer (0)

    09-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Speciaal voor Thea, het beste wat Zeeland voor mij te bieden heeft...

    HOLLANDSE MAATJES!!



    Gefopt!! Neen, lieve Thea, ik ga het niet hebben over jullie overheerlijke, doch prijselijke delicatesse. Waarover dan wel? Gewoon over jullie, onze bovenburen.

    “De Standaard” dat is een van de betere kranten in Vlaanderen. Meerwaardekrant heet dat hier. Nou ja een van, we hebben er in feite maar twee van dat soort, drie met “De Tijd” erbij doch voor mij iets te hoog gegrepen deze laatste. Té economisch, té financieel getint. “ De Tijd” is er voor de CEO’s, de yups and the yawns. Wat een yawn is? Nieuwe term om de jongere grootverdiener, die lak heeft aan elke materialistisch zichtbare vorm van verworven welstand te omschrijven. Een yawn tuft rond in een solide tweedehands, draagt geen merkkledij, drinkt in het openbaar pilsjes en thuis Dom Perignon of Kruger m.a.w. opgestoken middenvinger in het openbaar tegen het establishment, eens thuis in zijn bescheiden fabrieksloft…laat hem maar los!

    Wel, Thea, de redactie van “De Standaard” heeft dus besloten om ons Nederland en de modale Nederlander te leren kennen. Het echte ding dus. Misschien willen ze ons afhelpen van enkele stereotiepe waanbeelden die wij over jullie nog altijd hebben: tulpen en kaas, schaatsen en grote bek, Oranje gekte, slecht eten, Bolletje en fluitjesbier dat soort ideeën dus. Drie weken lang worden wij overspoeld à la Hollandaise. Vanaf 14 juni ek. Waarom? Logisch toch vanaf half juni vangt de komkommertijd in de media aan. Gazetten moeten verkopen en de betere kranten zien geen brood in de sexperikelen van een of andere BV ( BV, Thea, staat voor bekende Vlamingen, babes met siliconentits, nichterige zangers, politici die met de moed der wanhoop trachten dit landje te besturen en voetballers die slechts own goals kunnen maken en door geen enkele interland raken).

    Anderzijds, Thea, begint het links en rechts te stinken in ons landje. Meer rechts dan links dat wel, vooral met jullie zot uit Venlo en diens natte droom van aanhechting bij jullie, kwestie van de historische vergissing van een paar eeuwen geleden ongedaan te maken. Aangezien wij in onze Brusselse Wetstraat met een bende navelstaarders en grootsmoelknikkers zitten die van geen hout pijlen weten te maken en nog een maand te gaan hebben vooraleer knopen dienen doorgehakt, is het wellicht geen slecht idee in het vooruitzicht van een dreigende definitieve boedelscheiding even na te gaan hoe veilig het bij jullie wel is. Een verwittigd mens is er drie waard en je bedje opmaken vooraleer slapen te gaan is een goeie zaak. Vandaar dus.

    Onze kennismaking met het echte Nederland komt er dus aan, anders gezegd hoe “Holland” voor de Vlaming “Nederland” wordt. Al jullie facetten worden belicht, dus jullie gaan met de billen bloot, Theaatje. Ben ik benieuwd ja! Vooral jullie life style intrigeert me, want, en nu op risico dat alle banbliksems over mijn hoofd komen, voor de doorsnee Vlaming heeft de Hollander van levensstijl weinig kaas gegeten. Doch errare humanum est, Joost mag weten welke markante feiten jullie voor ons in petto hebben. Een voorsmaakje, voor mij veeleer een achterovervallertje, ondekte ik gisteren heel toevallig op een Nederlandse site:

    “Fijn dat u belangstelling hebt voor refdag.nl, de nieuwssite van het Reformatorisch Dagblad. Vandaag is het zondag. We wijden deze dag in het bijzonder aan de dienst van God. Wij beschouwen de zondag als een rustdag, een opdracht van God en een geschenk, waar we dankbaar voor mogen zijn. Om die reden actualiseren we onze site vandaag niet. Staat het nieuws dan stil op zondag? Nee, dat niet - we leven in een jachtige tijd waarin het verschil tussen zondagen en werkdagen helaas steeds kleiner wordt. Morgen brengen we u graag weer op de hoogte van de dagelijkse gebeurtenissen, voorzien van achtergronden, commentaar en opiniërende artikelen. Zoals u dat van ons gewend bent. Hoofdredactie Reformatorisch Dagblad”

    Of Nederland …waar de tijd soms lijkt stil te staan, toch?





    Reageer (3)

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 10


    Hij parkeerde zijn wagen naast de Mégane. Keerde zich naar haar toe, greep dit keer niet haar hand.

    ‘Mag ìk je nu een zoen geven?’ vroeg hij geamuseerd.

    Geen neen ook geen ja. Enkel een verlegen glimlach als antwoord. Zijn lippen bereikten bijna haar wang, wat trouwens de bedoeling was, maar zij drukte met een voorzichtig  aftastende, streelzachte beroering haar mond op de zijne.

    ‘Marianne…’ verder kwam hij niet, hoefde ook niet. Zij kwam hem   tegemoet. Met een passie die geen tegenspraak duldde. Dierlijk hongerend, bijtend, de beten van het wijfjesdier dat haar prooi verdooft en totaal verlamt. Marianne hapte erbij naar lucht. Hij zag haar halsslagader trillen. Hij verwachtte in haar groene ogen victorie te zien stralen. Niets daarvan. Verwonderd en opgetogen ja, lichtjes ontroerd maar zo verrast, keek ze hem aan en floot daarop zachtjes tussen de tanden.

    ‘Nooit gedacht dat een man van jouw leeftijd nog zò kan kussen, Max, nooit.’

     

    Hij staarde haar verbluft aan. Het overkwam hem zelden, maar zij had hem flink van zijn stuk gebracht. Hij had haar verdorie niet gekust! Een zoentje ja, vriendschappelijk, ook teder. Dát had hij gewild, meer niet. Zij, zij had zijn tong, zijn lippen, zelfs zijn zinnen gewoon verkracht!

    Had hij te maken met een bijzonder ervaren en geraffineerde vrouw of  met een  schat van een meisje, in de ban van een onverwacht romantisch rendez-vous en twee kopjes warme chocolade in een voor haar nooit geziene omgeving?’

     ‘Wanneer, Marianne?’

    Hij hoorde zijn  weifelende stem, was zich niet bewust wat de reactie van zijn vraag bij haar zou kunnen teweegbrengen… kunnen doen vermoeden wat hij helemaal niet bedoelde, of nu nog niet bedoelde. Draaien de brains vierkant, Max, dan wordt de stem ratio,  giechelde zijn denkduiveltje.

    ‘Vrijdag! Kom je me ophalen aan het agentschap? Eén uur stipt. Oké?’

     

    Voor het eerst dacht Max er niet aan  de deur van haar wagen te openen. De Mégane was al geruime tijd weggereden toen hij uiteindelijk besloot terug te keren naar de redactie. Hij had behoefte aan muziek, aan een heftige Wagner, aan pauken en cimbalen, aan hoorngeschal. Marianne had echter aan de zenders geprutst. Ze wou absoluut de sterkte van de tuners horen tijdens de rit van de Méridien naar de parking.

     ‘Kom op Klara ,wo bist du’ , riep hij lichtjes geërgerd.

    ‘…ook Donna kan haar niet vergeten, hoe zouden we… een grootst talent, Vlaanderens prachtigste stem,  Ann Christie beklijft , ze blijft …’

    Anneke, dat klein musje. Ze verscheen op zijn netvlies. Anneke in de ziekenkamer van het AZ in Jette. Hij zag haar verloren lijfje, de ingevallen bleke wangen, de blauwige lippen. Doch vooral haar ogen, haar fantastische ogen, dankbaar stralend, niet voor de journalist maar voor de vriend die haar bezocht. Ook Max bracht haar nu een hommage. Hij zong samen met haar, voor haar, maar vooral voor de vrouw die zich zo pas in zijn leven had vastgebeten :

    Dat heet dan gelukkig zijn,

     een deur die soms opengaat.

    Dat heet dan gelukkig zijn

    ’t gevoel niet alleen te zijn…”

     

    Wordt vervolgd afhankelijk van het weer en...mijn humeur!

    Reageer (0)

    08-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 9


    ‘Zullen we de begroeting overdoen, Marianne?’

    Ze knikte en zoende hem op de wang. Kort maar hartelijk. De handkus van Max verwarde haar zichtbaar, want ditmaal niet volgens de etiquette en tè lang

     

    ‘Prachtig, wat een luxe hier! Had ik nu maar mijn fototoestel bij!’

     Marianne bleek onder de indruk van de omgeving..

     Het intrigeerde Max dat een jonge vrouw met zo’n allure, zo stijlvol gekleed, zo ogenschijnlijk werelds, rondkeek met het enthousiasme van een kind, dat voor het eerst de poorten van Disneyland ziet opengaan.

    ‘Niet te geloven! Die planten! Die zachte kleuren van de  fauteuils en die luchter, Max, zo’n stuk heb ik nog nooit gezien. Hoe die ramen bekleed zijn!’

     Nu pas merkte hij dat ze, op het fijn gouden kettinkje na, helemaal geen juwelen droeg, Zelfs geen nepdingetje.

    ‘Wat mag ik je aanbieden, Marianne?’

     

    Hij reikte haar de kaart aan. Zij kon van het interieur niet genoeg krijgen. Daardoor nam ze de kaart ondersteboven aan, vond natuurlijk niet wat ze wou, boog voorover en fluisterde eerder timide:

    ‘Warme chocolade, lukt dat hier?’

    ‘Hier lukt alles, Marianne, en zeker voor jou.’

    Hij wenkte lachend de ober.Ze nam een brochure van het tafeltje en stopte ze in haar tas.

    ‘Souvenir! Mijn budget laat geen viersterren toe, zelfs geen drie.’

    Wat bedoeld was als luchtige opmerking, eindigde in een duidelijk hoorbare zucht.

    ‘Tiens, betaalt de reclamesector niet zo best?’

    ‘Goed is anders. Ik werk deeltijds en bij Darcy, allez, door Michèle, heb ik eigenlijk bepaalde faciliteiten. Full-time zit er voor mij niet in, laat staan carrière maken… omwille van mijn vader.’

    ‘Je vader?’

    ‘MS. Papa heeft mutiple scelerose. Dus…’

    ‘Hoelang al?’

    ‘Toen ik mijn diploma middelbaar haalde, redde hij het nog met een stok. Daarna volgde het looprek en nu… al jaren rolstoel.’

    Marianne trommelde nerveus met de vingers op het tafeltje. Max nam haar hand en streek zachtjes over de fijne knokkels.

    ‘En je moeder?’

     Een schril, honend lachje volgde. Ze schampte:

    ‘Foetsjie! Al jaren. Met onze magazijnier dan nog wel. Plus een serieus pak geld van de overname van onze bierhandel. Geen mens weet waar ze uithangt. Ik moet het trouwens niet  weten…Papa treurt nog steeds… een infarct heeft ze hem nagelaten …maar ik.. voor mijn part mag ze… creperen.’

     

    Max liet haar hand niet los. Zachtjes ging haar wijsvinger nadien over zijn knokels heen en weer.

    ‘Je hebt prachtige handen, Max. Lange slanke vingers, sierlijk voor een man en zo… troostend.’

    Marianne strengelde in een opwelling haar vingers tussen de zijne.

    ‘Kom op, kindje, ik luister.’

     

    Ze schetste rustig, met chronologische preciesheid haar tienerjaren, beheerst door de MS-kliniek in Melsbroek. Hoe haar droom, de studio Teirlinck volgen, opging in rook. Hoe ze door de scheiding van haar ouders, nadien te vlug had toegehapt op het aanbod van hun notaris uit een naburig dorp. Een rotjob, een echte catastrofe. Uitbuiting vier jaar lang. Haar dagelijkse timing: ontbijt maken, opruimen, op de verpleger wachten, de wagen in, naar kantoor, terug naar huis, avondeten , papa voeden, zijn avondtoilet samen met iemand van de gezinszorg, tussendoor zijn  kine-oefeningen  die ze na jaren vrij goed onder de knie had, helpen uitvoeren.

    ‘Hoe speel je het dan klaar? Elke dag, Brussel heen en weer?’ wou hij nog weten.

    Ze had gelukkig hulp van haar naaste buren. Een echtpaar, zestigers en beiden gehoorgestoord, zwaar zelfs. Schatten van mensen, zeer betrouwbaar en bijzonder hulpvaardig. Altijd paraat. Uiteraard vergoedde ze hen, een welgekomen aanvullend inkomen.

    Sinds vorig jaar had ze meer ademruimte. Jenneke, de enige nicht van papa, was met brugpensioen. Ze woonde vlakbij. Een kordate vrouw die van aanpakken wist. Ongehuwd. Zijn troost en haar stuwkracht. Een beetje vervangmoeder, veel vervangmoeder eigenlijk.

     

    ‘Gisteren is ze blijven overnachten. Het gebeurt zo zelden, Max. Als het dan gebeurt, ga ik soms uit de bol, allez, in feite  domme dingen voor een vrouw van vijfendertig. Dit hier nu… je weet niet wat het voor mij betekent…Dit heeft geen naam, zo’n luxe!’

    Luxe was ook de aankoop van de Mégane geweest, haar enig folieke, tevens de naam van haar wagen, haar troetelkind. Overgenomen van Angie,  een zwangere collega, die een gezinswagen nodig had, en vooral dank zij de financiële hulp van Michèle. De afbetaling was bijna rond.

    ‘Michèle wou geen intresten verrekenen. De dag van vandaag vind je nog zelden zo’n mensen. Af en toe  werkt ze wel op mijn systeem,  maar allez, al bij al is ze toch een goeie ziel…  En je vrouw heeft problemen met haar zei je gisteren?’

    ‘Gerda, mijn gade’, repliceerde hij korzelig-spottend, ‘heeft problemen met iedereen die niet volgens haar normen leeft. Normen opgelegd door Rome. Een vrouw zoals Marietta leefde bijvoorbeeld volgens die normen in zonde, want geen kerkelijk huwelijk.’

    ‘Allez,  Max,  wie denkt nu nog zo?’

    ‘Nu? Logisch denkende mensen niet langer, maar Gerda en haar clubgenoten nog altijd. En vroeger, kindje, dertig jaar geleden, in de kleine dorpen bijna iedereen. Mijn vrouw is, bij wijze van spreken, met, nee wat zeg ik, in wijwater grootgebracht. Soms denk ik dat ze religieuze visioenen heeft, zelfs op de minst religieuze plaatsen. Iedereen in haar familie heeft bindingen met de kerk. Ze hebben er blijvende roepingen en roepingen, die na een tijdje forfait moesten geven, zogezegd om te gaan en zich vlug te vermenigvuldigen. Name it they’ve got it: pastoors, nonnen, paters-oblmaten diakens. Ofwel zitten ze in de kerkfabrieken, ooit ook drukker-kosters, en  als kers op de taart, laveert  er eentje al jaren in het Vaticaan. Mijn zoon Francis bijvoorbeeld heet officieel Franciscus, Johannes, Serafinus. Franciscus, naar mijn vader François, en Serafinus naar vader Vanbesien. ’t Zal je maar overkomen, zo’n naam als jochie, zelfs als volwassene. Enfin! Mijn zoon kennende, kadert dit nu perfect in zijn imagebuilding. Zie je zijn naamkaartje al: Francis  J.S. Cijnens!’

     

     ‘Maar jij bent zo te zien toch van een ander kaliber. Gezellig, zeg, tussen…’

    ‘…tussen die apostolische bende? Dat is leven en laten leven, kindje, en niets toegeven, bijna zevenendertig jaar lang!’

    ‘Wablieft?  Ben jij al zo…zo…’

    Marianne aarzelde en keek hem verrast-ongelovig aan.

    Ja, hij was inderdaad al zo oud, peinsde hij er koeltjes bij.

    ‘Nu ben ik er, Max! Weet je aan wie je mij doet denken, aan  die Nederlandse acteur, hij heeft ook in Hollywood gezeten….ook zo’n schandalig  knappe vent, maar jij bent een stuk slanker, misschien een beetje grijzer… Hij speelt dikwijls de elegante versierder,…allez, zijn naam ligt op mijn tong…’

    ‘Jeroen Krabbé zeker, heb ik al vaker gehoord. En ja, Marianne, ik ben al zó oud. Vandaag nog zestig, vrijdag komt er een jaartje bij… En  nu  ga ik je naar de parking voeren. Je vader wacht. Oké?’

    Reageer (1)

    07-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 8


    De redactievergadering verliep zoals verwacht: veel geblaat weinig wol. De kindertuin was in haar nopjes en laaiend enthousiast. Het volgende nummer zou integraal gewijd zijn aan de intro-party van “Jool’s”, dus veel foto’s en weinig tekst. De prachtige close-up van Marianne gleed ongemerkt in zijn map. Max liep naar zijn bureau en belde Darcy&Masius op.

    ‘Darcy en Masius, goeie middag. Met Marianne Dries.’

    Heerlijk toch die stem, dacht Max.

     ‘Met Max. Goed thuisgeraakt?’

     ‘Max! ’t Is niet mogelijk, zeg! Allez, dat is nu echt telepathie, zie. Ik wou je net een mailtje sturen om je nog eens te bedanken voor die fantastische avond, gisteren. Heb ik genoten, zeg! Toen Michèle vanmorgen binnenkwam zag ik je one-man schow opnieuw.’

     

    ‘Mag ik de eer hebben je vanavond nogmaals te laten genieten, Marianne?’

    Hij schrok van zijn lef, Marianne blijkbaar ook. De lijn leek even dood.

    ‘Tja, Max, vanavond…allez, ’t is altijd moeilijk voor mij ’s avonds. Gisteren was een uitzondering, een grote uitzondering. ’s Woensdags en vrijdags stop ik om één uur, sorry, echt waar.’

    ‘En nu, ná dertien uur? Een kwartiertje? ’t Is toch woensdag. Gewoon ergens een slaatje eten of een koffie  drinken ? Je stopt toch.’

    ‘Oké waar?’

    ‘Laat eens kijken … de lounge van de Méridien? Ja, tegenover het Centraal Station… Half twee? …. Nee, hoeft niet. Ik breng je met de wagen terug naar de Keizerinlaan en dan kan je meteen doorrijden.

     

    Het was behoorlijk druk in de grote hal van het hotel. Aan de balie, een vijftigtal Aziaten, tussen een berg reistassen en valiezen, drukdoende met hun camera’s. In de anders zo knusse en rustige Jermyn’s Street Bar keken een achttal Britten gepassioneerd tv. Ook te druk.

    Gelukkig was er achteraan in de lounge, tegen het vensterhalfrond, plaats zat. Max koos bewust een tafel met zicht op de ingang, bestelde een Ricard en wachtte.

     

    De chauffeurs buiten keken de jonge vrouw in de draaideur na. De kwetterende Aziaten verplaatsten ongevraagd een deel van hun reistassen. Marianne liep er elegant en gehaast omheen.

    Net een plaatje uit Vogue, dacht Max en ging haar tegemoet. Ze liet de zachtglanzende roestbruine regenmantel van de schouders glijden, kwam eerder moeizaam lachend op hem toe.

    ‘Max, ik moet …waar is het toilet hier?’

    Ze bloosde beschaamd en klonk een weinig buiten adem. Had ze gelopen? Toch niet door opwinding om hun afspraakje? Ze duwde haar regenmantel, paraplu en handtas in zijn armen en keek wanhopig rond.

    ‘Die gang door en achteraan rechts, naast de gymzaal. Ik haal het deurpasje bij de barman.’

    Hij besloot op haar te wachten en ging een eindje verderop staan. In de spiegeldeur zag hij hoe een rijzige man met damesregenmantel, paraplu en handtas in de armen hem geamuseerd aankeek. Gisteren pispaal, nu óók kapstok. Het kan verkeren, Max. Hij knipoogde tegen zijn spiegelbeeld.


    Wordt vervolgd

    Reageer (1)

    06-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 7


    ‘Nog  zo’n  vijf kilometer, voorbij de overweg, rechts  houden.’

    Max trachtte de stilte te verbreken. Marianne schraapte de keel, zei vlakjes:

    ‘Merkwaardig, ik had vanavond niet de indruk dat Michèle tot jouw intimi behoorde!’

     ‘Vriendschappen kunnen verwateren, Marianne. Zelfs goeie. Eerlijk gezegd, ’t Lag aan Gerda. Ze kon Marietta gewoon niet luchten.’

    ‘Gerda? Je vrouw?’

     ‘Jep…Ik heb een vrouw, een zoon, een schoondochter, jouw leeftijd of iets ouder, geen kleinkind, nog niet, jammer, ook geen hond of kat, wel twee kippen omwille van de eitjes bij het ontbijt. Tiens, dat Marietta-Michèle je dàt niet heeft verteld.’

    Zij stak schalks de tong uit, net  een zevenjarige die  het vertikt ongelijk toe te geven en parkeerde de wagen ietsje verder dan het  villaatje, dat hij had  aangewezen.

     

    Max klikte zich los, draaide zich naar haar toe en legde zijn arm op de hoofdsteun van haar zetel. De veiligheidsriem naast hem klikte ook.

    ‘Ik ben thuis, maar jij, jij moet nog een ommetje doen,  toch?’

    Ze knikte, voelde de onopzettelijke druk van zijn knie tegen haar dij. Ze bewoog niet, de Mégane liet niet veel ruimte. Een vinger liftte haar kin. Ze rook vaag een aangename mengeling van dennenappels en kruiden aftershave. Voelde zijn adem. Shit, dit had ze niet verwacht, van hem toch niet. After all, why not. Vooruit met de geit en dan wegwezen!

    ‘Niet liegen, hoor. Dat ommetje van jou, hoelang? Zes of vijftien minuten, kom op, eerlijk zijn tegen de meester!’.

    ‘ Zes plus vijftien.’

     Ze giechelden als twee uitgelaten tieners.

    Max nam hoffelijk haar hand. Na zijn ‘ Gestatten Sie, gnädige Frau?’ volgde een handkus, perfect uitgevoerd volgens de regels van de etiquette, ei na en toch net niet.

    ‘Bedankt, Max, bedankt voor de schitterende avond. En ja, je hebt gelijk Michèle is een ingoed mens. Vader en ik, wij… wij bellen elkaar toch nog een keertje?’

    ‘Tuurlijk, gordel niet vergeten, klikvast is veilig’.

     

     

    Nog vier jaar en geen dag langer had Max zich voorgenomen. Vier jaar en met drastische wijziging van werkinstelling en -tempo. Zinde het de groep niet, so what. De boom in!

    Zijn zoon kwam zondag op bezoek. Perfect, dan had hij alle tijd om met hem de diverse contracten, die hij in de loop der jaren met de groep had afgesloten, onder de loep te nemen. Bovendien zou Francis, met al zijn netwerken, beslist een raadsman kunnen aanduiden beslagen in die materie. Safety first! Met een wijf als Simonne, nu ook in de raad van bestuur, wist je maar nooit.

     

    Eefje, zijn secretaresse, bracht de correspondentie, de kranten en natuurlijk een espresso en wees erop dat hij verwacht werd voor de redactievergadering.

    Max gaf op dat ogenblik geen moer om budgetcontrole noch om die redactievergadering. Hij klikte met de muis tot hij op het scherm de database van marketing vond. Hij noteerde het algemeen agentschapnummer en besloot Marianne in de loop van deze of volgende week een telefoontje te geven. Hoe zei ze het ook weer? Noblesse oblige. Precies.


    Wordt vervolgd

    Reageer (0)

    05-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 6


    ‘Opgelet. Oversteken!’

    Max nam haar onderarm en duwde haar de straat over.

    ‘Al maanden zijn we dit account aan het bewerken, intensief zelfs en…’

    ‘Geen mens die daaraan  twijfelt, Marianne!’

    ‘Ja, goed, ik weet wat je denk. Maar die vader, die ouwe zak is zo vreselijk oerconservatief…’

    ‘Tiens, niets van gemerkt, integendeel’, spotte Max.

    ‘Auw, Max  je doet me pijn. Kan jij knijpen, zeg! Kijk, daar staat mijn wagen, die Mégane. Even de sleutels…et voilà.’

    Max hoorde de elektronische ontgrendeling en haastte zich, zijn aangeboren hoffelijkheid getrouw, om het portier voor haar te openen.

    ‘Heerlijk, zo’n gentleman.’

    ‘Graag gedaan.’

    ‘Max, toe, wees niet koppig, allez, stap verdorie in. Ik heb zo’n zin in jou als gesprekspartner. Bovendien is de taxistandplaats nog een eindje lopen. Thanks. Dat is gewerkt! Eerst vastklikken en dan Max, wil ik niet alles, maar wel heel, heel veel over jou weten.’

     

    Ze startte de wagen, schakelde iets te vlug en stoof weg.

    ‘Soft music, Max?’

    ‘Ik dacht dat je wou praten. A propos, wie heeft je verteld waar ik woon?’

    ‘Domme vraag! Michèle natuurlijk, de wandelende ‘Who’s Who’ in de pub-business. Wil je weten wie, wat, waar of wie met wie, go and see Michèle.’

    ‘Ken ik niet. Was die er ook vanavond?’

    ‘Enfin, Max, zij heeft ons samengebracht, allez voorgesteld… Voorbij de lichten links zeker?’

    ‘Ja… Marietta. Bedoel je. Is zij die Michèle? Jongens, jongens!’ Max kraaide het van pure verbazing  uit.

    ‘Da’s Edmond, typisch Edmond!’ Max bleef maar schokschouderend lachen.

    ‘Edmond?’

    ‘Haar man, Marianne, haar man. Lang overleden. Michèle verdorie! Zelfs  haar naam heeft hij veranderd, die sakkerse franskiljon. Niet te geloven!’ Opnieuw schaterend gebulder van Max.

    ‘Weet je, Marianne, dieu créa la femme, maar Edmond, hé, Edmond schiep de zijne en geloof me, Mariettaatje wist van aanpakken. Zo’n koppel! Nooit meegemaakt. Zelfs een kind kan er een trilogie over schrijven.’

     ‘Allez, Max, hij moet toch ooit haar echte voornaam gebruikt hebben.’

    ‘Neen. Echt niet. Trouwens van Marietta naar Michèle, dat zou me toch gefrappeerd hebben, zoiets als Marieke, Marieke die Margot werd. Weet je, die twee gebruikten geen voornamen, koosnaampjes ja. In alle talen, behalve in het Nederlands. Bij mijn weten heeft hij me zelfs nooit aangesproken met Max…. Voyons, cher ami, voyons … mais enfin, mon très cher,…- en afhankelijk van het gesprek-…  et vous,  monsieur le journaliste, qu’en pensez- vous…’

     

    Max  had zijn studentenstokpaardje van stal gehaald : een imitatie van de franstalige Brusselse bougeoisie, eind jaren 70 vorige eeuw, in accentloos, bekakt Frans, met aangepaste gebaren. Nu bracht hij Marianne aan het gieren, bijna aan het huilen van het lachen zelfs.

     ‘Hou op, Max, alsjeblief, hou op, man, ik moet sturen, hoor.’

    Max was op dreef. Zij genoot van zijn nummertje, hij nog meer. Alle remmen los. Weg “Jool’s”, weg ouwe Griek, weg tergende salsa. Alles overboord. Vrij, zorgeloos, dartel, ongebonden, speels, Pallieter…  in een cabrio en dat goddelijke kind naast hem.

     

    Hij vertelde over dé Eliza Doolittle en dé professor Higgins, die hij jarenlang had meegemaakt. Over Marietta Marriman, knap snoetje, rank lijfje, vranke tong, eentalig Vlaams, lager middelbaar en daarna de destijds habituele dactylolessen bij Meysmans. Arbeidersmilieu, geboren en getogen onder de klokkentoren van een dorp in het Pajottenland, oud-chiroleidster want thuis katholiek. Over haar droom ooit een grote vis aan de haak te slaan en over haar doel dat alle middelen heiligde. Over haar durf: weg vriendje-tandarts in spe, welkom groot-industrieel.

     

    Over Edmond Vandam, dertig jaar ouder, eigenaar- zaakvoerder van een gerenommeerde drukkerij en enkele aanverwante kmo’s, ongehuwd, meertalig, bourgeoismilieu, vermoedelijk logebroeder, zeker liberaal. Over hun zakenrelatie, die vriendschap en ware genegenheid werd na de overname van de drukkerij door hun mediagroep. Over het afkeurend geroddel in bepaalde kringen. Over zijn uitgedund haar dat hij voortdurend zorgvuldig liet bijkleuren om het leeftijdsverschil een beetje weg te werken. Een Edmond, die stapelgek was op Marietta. Haar een metamorfose liet ondergaan via Channel Parijs, een taalleraar Frans, skilessen in Gstaad, haar stulpje in St. Genesius-Rode, haar knalrode Alfa-Romeo Sport, haar pertes-totales, haar geklieder met kreeft à l’amoricaine en afkeer voor oesters. Haar hang naar cigarillo’s en Veuve Cliquot Brut.

     

    Hij vertelde hoe een vrouw maandenlang onverdroten haar verlamde man verzorgde na een zware hersentrombose. Hoe ze zelfs enkele dagen vóór zijn dood, teder voorzichtig, de plukjes haar aan zijn slapen met een wattenstaafje bijkleurde. Zijn stem werd zachter:

    ‘...zijn blik,  Marianne , zijn  dankbaar glinsterende  ogen, elke beweging van haar volgde hij. Ze las hem voor, ze zong, ze kuste hem, nog steeds dankbaar en echt verliefd, zelfs hem kietelen deed ze, verdorie. Daar, Marianne, in die ziekenkamer heb ik voor het eerst liefde gezien. Wat een vrouw, Marietta toen, een hart tè goed en tè groot, veel te groot voor deze wereld’.

     

    Max zuchtte diep. En jij, wat een man ben jij, dacht Marianne  Nooit eerder had iemand haar zo lang en intens kunnen boeien. Zelden had een stem haar zo gefascineerd en vooral ontroerd. Beter dan de beste Decleir in zijn beste monologen. Die stem en haar verteller, een duo waar ze maar niet genoeg van kreeg. Ze zwegen allebei. Er zijn momenten waarbij elk woord er een te veel is. Dit was er zo een.

    Marianne nam een tissue van het dashbord en wreef over haar neus.

     ‘Sorry, hoor, Max, maar dat verhaal van Michèle en dan de manier waarop jij dat vertelt! Alsjeblief, zeg! Voel ik mij nu kleintjes, allez, geëmotioneerd eigenlijk. Zie, ‘k begin er weer mee.’

     ‘Waarmee, Marianne?’

    ‘Mijn allez-taal.  Vader wordt er horendol van!’

     ‘En  ik, kindje,  ik vind jouw allez-taal  en je stem, vooral je stem, als hemelse harpen die elke man naar dromenland begeleiden.’

    Max kneep  zachtjes  even in haar dij, wou haar in feite opnieuw aan het lachen brengen door de opzettelijk theatrale tremolo’s in zijn stem.Ze lachte niet, omklemde het stuur met beide handen en concentreerde zich voor het eerst totaal op de weg.

    Reageer (1)

    03-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 5


    Wat een geraffineerd schepseltje toch en dan de manier waarop zij theatraal haar jasje uittrok om haar charmante leugen te bevestigen! Te drukkend hier? Met een airco die op maximum draaide? Fris was het, eerder kil. Alleen het personeel liep er verhit bij. Zelfs de giechelkonten hadden een vestje of sjal over de schouders.

    Hij was haar dankbaar voor dat naïeve leugentje. Stel dat zij gevraagd had wat er loos was. Wat dan, meester in creatief denken en schrijven, maar archislecht wanneer het om een aanvaardbare uitvlucht gaat.

    Zo terug bleek een méér dan rekbaar begrip voor haar. Ze bleef maar weg. Max twijfelde. Zou hij haar tegemoet gaan? Liever niet. Marianne leek hem een creatuurtje van wie je niet met zekerheid kan zeggen wanneer, hoe en waar het zou opdagen. Hij ging op de toppen van de tenen staan.

    ‘Zal ik je even omhoog tillen, Max?’ grijnsde Gerard, personeelchef van de groep.

    ‘Kijk eens aan, prachtig jasje. Escada, beslist Escada en dat parfum. Weet je wat La Monroe er ooit over zei? The only thing I wear in bed is Channel Cinq en de avond is nog jong, vriend. Tot overmorgen zeker?’

     

    Hij kneep Max in de arm, knipoogde samenzweerderig en grijnsde opnieuw. Die zelfingenomen kwal, de overjarige gazettendekhengst! Geen zinnig mens begreep waarom de uitgeverij zo’n hufter in dienst nam, laat staan bleef houden! Er circuleerden geruchten over hem en Simonne, doch geruchten zijn in elk groot bedrijf schering en inslag. Wie weet, misschien kwam hij nu aan de beurt door dat jasje en die handtas. So what! Verdorie, waar blijft ze

    ------

    Max vond zichzelf voor pispaal staan. Hij rekte zich opnieuw, keek rond en zag dat prachtig glanzend blauwzwart haar. Nonchalant langzaam liep hij op haar toe.

    Ze was omringd door drie bijzonder knappe mannen, dertigers, eerder meridionale types in driedelig maatpak. Tiens, dat hij hen niet eerder had opgemerkt. Max observeerde haar fronsend. Ze ratelde onafgebroken, gesticuleerde met de handen. Vuur in de ogen, schouders en borsten accentueerden nog feillozer haar lichaamstaal. Zo te zien genoten de dertigers en hoe!

     

    Hij vond haar tè bewust koketteren. Dit was op het randje van het flirten af, puur opzwepen, met liefst drie mannen tegelijkertijd. Toen pas merkte hij een plomp, oud heertje op. Marianne toornde boven hem uit. Hij leek wel het voorwerp van al haar aandacht, het doelwit van haar bodylanguage.

    Wat moet een vrouw zoals zij met dat gedrocht? Haar plagerig lachje bracht hem en de dertigers aan het gieren. Hier en daar keken mensen op. De dwerg staarde haar echt dweperig aan, gulzig zelfs.

    Nog even en het kwijl loopt uit zijn mond, dacht Max. Ze zet die ouwe geilaard aan tot hoerige gedachten.

     

    Hij ontdekte een andere Marianne. Hij stond perplex, was echt geshockeerd. Dit dametje was duidelijk niet aan haar proefstuk. Idioot, idioot die hij was. Amper een kwartier geleden had hij zich licht, zelfs merkwaardig prettig gevoeld. Een verademing na die sombere weken. Hij had geneuried, bijna luidop gezongen. De pijn uit zijn lichaam geperst, verlangend, ja, om dat prachtige mensenkind terug te zien. Tuurlijk had haar nabijheid hem die kolieken bezorgd. Wat anders?

    Hij hoorde de maffioso en zijn acolieten bulderen. Marianne wiebelde bevallig met dat prachtige kontje van haar. En maar katoen geven! Ze greep zowaar de kweilende bulldog vast en maakte enkele danspasjes met hem. Hij gaf haar onmiddellijk hoffelijk door aan één van zijn dertigers.

     

    Salsa. Zij dansten godgebetert een salsa! En hoe! De dertiger kleefde zijn gespierd lichaam aan het hare. Streelde haar schouders, boetseerde, opgezweept door de muziek, de lijn van haar lichaam met zijn handen.

     En zij wreef wulps een perfect gebruind been tegen het zijne. Omstanders klapten ritmisch in de handen. Toegegeven, een schitterend koppel. Tja, hij zuiders met zonovergoten temperament en zij, alles behalve sanseveria! Zie haar genieten als stralend middelpunt van de belangstelling!

    ‘ That’s it’, zei Max.

    Hij wrong zich tussen de kijklustigen door en tikte Marianne op de schouder.

     ‘Moet weg, taxi wacht’, sprak hij sec. Zij keek hem echt verbaasd aan, vertraagde het dansritme en wou beslist iets opwerpen. Doch de dertiger sleurde haar extatisch glimlachend mee in de zoveelste sensuele salsadraaikolk of hoe ze dat gemanoeuvreer ook mogen noemen. Max hing haar jasje op de schouder van de ouwe.

    ‘Kapstok, oké’, beet hij en verdween.

     

    In de lounge werd hij tegengehouden door de portier.

    ‘Excusez-moi,  monsieur, madame vous fait signe.’

    ‘Max, hé Max, je vergeet iets.’

    Die stem en voor het eerst zijn naam door die stem. Tergend langzaam draaide hij zich om en daar stond ze. Marianne zei eerst niets. Alleen haar wijsvinger wees naar zijn hand en het tasje. Zij nam het rustig aan en begon dan wat nerveus:

    ‘Taxi, Max? Mijn wagen staat vlakbij. Kan ik je een lift geven? ’t Is maar een ommetje voor mij, allez, amper tien minuten en op dit uur misschien zes. De taxistandplaats is …’

    ‘Neen, hoeft niet.’

    ‘Max, please!’

    Zij plantte zich pal voor zijn neus en vouwde haar handen in gebed, vervolledigde het plaatje met een Bardot- pruillipje en ratelde door:

    ‘Allez toe, als compensatie voor de gemiste toast. Eigenlijk heb jij het laten afweten bij de eerste keer en voor de tweede keer beken ik schuld. Belangrijke prospects, die Grieken. Ze bezitten…’

    ‘Waar staat de wagen?’ Zijn stem klonk koel professioneel.

    ‘Verderop, een eindje de Broekstraat in.’


    Wordt vervolgd

    Reageer (2)

    01-06-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 4

    ‘Hallo, meneer Cijnens, leuke party, leuk blad, alvast succes, hoor’. Stereotiepe woorden, maar wat een stem! Ook dat nog, kreunde Max binnenin. Een harp, leek het hem, meesterlijk bespeeld; neen, veeleer Chopin, ja Chopin’s Ballade nr.1 in G mineur Opus 23. Bevallig, lieflijk, monter, aangenaam ontspannend en bijzonder onderhoudend. Haar lichaam, haar stem, gans haar verschijning, niet het geniaal grandioze, maar een uiterst verfijnd in elkaar vloeiend geheel.

     

    Max kreeg het benauwd. Dit loopt mis, dacht hij, misschien zelfs goed mis. Zweet parelde tegen zijn halsboord. De stress, de strijd, de wekenlange hoogoplopende ruzies met Simonne en haar pippo’s, die zenuwslopende onrust bij zijn team, dat wreekt zich hoe dan ook. En nu die vrouw, een vrouw die Chopin en Shamoshko platwalste. Die gevoelsgeladenheid en gewaarwordingen die zij opwekte in zijn onderlichaam, zijn zwakke plek: zijn endeldarm.

    Max vloekte binnensmonds. Hij herkende al te goed de afschuwelijke voortekens: aanhoudende vreselijke krampen, en dat onmiskenbaar rotelend geluid binnenin. Zou zij het ook horen, vroeg hij zich kleintjes af.

     

    Hij moest weg vooraleer hij zich onsterfelijk belachelijk maakte. Weg, weg! Uitgerekend toen wenkte zij de ober, nam twee coupes van het dienblad, reikte hem een glas aan.

     ‘Zullen we samen toasten op het blad en, waarom niet, ook op onze ontmoeting, meneer Cijnens?’ vroeg zij vrijpostig en uitdagend. Opnieuw die melodieuze stem!

    ‘Sorry, sorry’, stamelde hij, duwde de champagne terug in haar hand en baande zich haastig en met dichtgeknepen billen een weg tussen de menigte.

     

    Max haalde nipt de men’s room. De winderige salvo’s vlogen in het rond. Verdorie toch, hoe bestaat het. Zo lang geleden en uitgerekend nu!

    Hij besefte pas dat hij luidop sprak door een beleefd waarschuwend gekuch achter een van de deuren. Max bleef zitten tot de salvo’s afnamen en de pijn uit zijn lichaam gleed. Die verdomde borborygmi! Beslist te veel ijsgekoelde troep gedronken en dan die charade hier. Hij verdrong de tweede optie: die jonge vrouw en alles wat zij uitstraalde. Te gek om los te lopen.

    Een ontmoeting van hoelang? Amper enkele minuten. Een gesprek van hooguit twee zinnen. Heel even haar hand vastgehouden. Komaan zeg! Doch die sprankelende melodieuze stem, dat zweempje zwoel, prikkelend parfum bij elke beweging, de gracieuze manier waarop zij hem met haar persmap koelte toewaaide net vóór zijn spectaculaire afgang.

     

    Max waste zoals altijd, dit in tegenstelling tot het merendeel van zijn seksegenoten, zorgvuldig de handen, inspecteerde zijn uiterlijk in de spiegel, dasje zat goed, het haar viel mee, de ogen ietwat vermoeid. Dju, die baardstoppels. Hoe laat was het? Kwart voor acht? Even paniek, zijn wagen bij de garagist, rats vergeten! Dan maar een taxi straks.

     Hij keerde terug naar het atrium. Zijn ogen zochten instinctief Marianne. Hij stak heel bescheiden even de hand op. Zij knikte en lipte ‘Ik kom’. Tenminste, hij veronderstelde dat, neen hij hoopte het.

     

    Ze verliet lachend wuivend haar gezelschap en kwam naar hem toe. Wat een charme, wat een charme, dacht hij vertederd. Niet zijn hart bonsde sneller, bij hem zongen de hersenen: een aria uit South Pacific, “Some enchanted evening, you may see a stranger across the crowded room”.

    ‘Beter, meneer Cijnens? Jawel, stukken beter zo te zien. Niet langer pips, hé? Eerlijk gezegd, ook ik vind het hier te drukkend en ik ben pas rond zessen gearriveerd. U, al uren neem ik aan? Tja, noblesse oblige! O ja, die uitgestelde toast! Zullen we? Nu? Even kijken wat ik voor ons kan vinden. Ben zo terug Dit keer geen sorry, sorry!’

    Prompt duwde ze haar jasje en handtas in zijn handen. En fladderde weg.


    Wordt vervolgd

    Reageer (4)

    30-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 3


    Tot nu toe had hij slechts een vijftal mannen in driedelig maatpak opgemerkt. Net “fossielen” in dit snobwereldje, hij was er één van. Zij paradeerden in charmant gezelschap, hij kankerde alleen.

    ‘Max, Max, cher ami’.

    Een verroeste stem, het gerinkel van armbanden, een schorre, doorrookte, geforceerde lach en een rochelige hoestbui, dat kon alleen Marietta zijn. Max draaide zich richting stem.

    Zij kwam op hem af, afgewaggeld eigenlijk. Ach, la veuve joyeuse en haar Veuve Cliquot Brut. Goeie ouwe Marietta! De jaren hadden wel vat op haar lichaam, niet op haar garderobe. Channel all the way, begon aan de oren eindigde aan de tenen.

    Marietta, de rechterhand in de hoogte met haar onafscheidelijke cigarillo in het even onafscheidelijke goudzwarte kokertje, was nog zo’n vijftien voetstappen van hem verwijderd. Het zou op z’n minst nog  enkele minuten duren vooraleer zij zich zou vastklampen aan zijn armen en haar onderkaak aanbieden voor een net-niet zoen.

     

    Nog zo’n fossiel, dacht Max en genoot van haar mimiek en aanpak. Zo kende hij haar al jaren. Ze deed perfect wat het agentschap van haar als medebeheerder verwachtte, haar corebusiness: recepties aflopen, handjes geven, kushandjes werpen, kaaksbeen aanbieden, gezien worden en weetjes vergaren. Scherpe nagels priemden bijna door zijn jas en overhemd, kin naar boven, de weeïge geur van een overdosis Nr. 5 en de cigarillo te dicht bij zijn slapen.

    ‘Alors, cher ami, ça va?’

    Max gaf geen antwoord, hoefde niet. Marietta verwachtte nooit enig antwoord, iets wat hij bijzonder apprecieerde. Bij Marietta kreeg je daar trouwens niet de tijd voor. De cigarillo ging meteen de hoogte in, de gouden armbanden rinkelden, hét Marietta-signaal dat ze meteen wou doorfladderen naar een andere cher ami. Alleen dit keer niet.

     

    ‘Marianne, chère enfant, viens donc! Ah, la voilà, Max, je te présente Marianne Dries, elle s’occupe…’

    Max hoorde nog vaag iets over administratie en audio-visueel in het agentschap. Een hand werd hem aangeboden, een frêle, goedverzorgde hand, om de pols een ragfijn gouden kettinkje. Max keek op en zag DE vrouw. Adembenemend. Niet de klassieke schoonheid in al haar perfectie, maar een jonge klassedame. Slank, verzorgd en bijzonder smaakvol gekleed. Weelderig blauwzwart haar. Flitsende groene ogen. Heerlijk sensuele lippen.

     Alles bij elkaar, zoals hij een tijdje later ondervond, een charmant-brutaal, zelfverzekerd en onweerstaanbaar verleidelijk schepseltje, dat hem terzelfdertijd wat verschrikt afstootte en onzeglijk tergend aantrok.


    Wordt vervolgd

    Reageer (1)

    29-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Mijn restaurant
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

      Pot

    + Pot

    + Patat

    EXQUIZA wordt de winnaar!

     

     

    Natuurlijk gaan de twee jonge meiden de wedstrijd winnen. De kaarten liggen al lang in hun voordeel. Televoting bepaalt. Televoting dat is de kijker, de honderduizenden die vanavond met een zakje chips, pindanootjes en pils uitzonderlijk niet in hun zetel luieren, doch  tot de laatste seconde aan het vingeren gaan.

    “Kom op mensen, drukken, drukken! Laat komen jullie sms-jes want jullie bepalen. De winnaar hangt van jullie mobieltjes af”.

    Het meisje met de pepermolen kent haar vak. Zij is niet aan haar proefstuk toe. Een opjutster van jewelste professioneel en privé, maar toegegeven, heel charmant.

     

    VTM kleurt niet alleen onze dagen. VTM daagt meer dan ooit uit. Zet ons provinciegewijs tegen elkaar op. Kanakna, het productiehuis, heeft met “Mijn Restaurant” een serieuze hoofdvogel afgeschoten, een kijkcijferkanon hors classe en…gefundenrs Fressen voor de zender, aanverwante krant en magazines. Die mediagoeroe’s  weten verdomd goed hoe de kijkerssnaren te bespelen. Dat uitgerekend die meiden geselecteerd werden heeft niets te maken met het feit dat je op tweehonderd manieren een patat weet op te dienen, maar alles met hun geaardheid. Vervang de meiden door twee homo’s, een flamboyant nichterig geval in de zaal en een ruige gast achter het fornuis, daar hebben wij toch niets aan?. Vlaanderen is al jaren vertrouwd met de janettenkeuken. Maar twee vrouwen, die tussendoor elkaar een tong draaien of bij het kontje pakken, die hun hetero hulpje jennen en ten behoeve van hun clientèle als prijsstier verloten…dat is ander eten! En vanavond na het binnenhalen van de prijs, als kers op de taart een… huwelijksaanzoek! Vlaanderen valt van ontroering in katzwijm en de holibi-scène juicht. Wedden dat de patriarchale uitlatingen van ene Bart de Wever een historische dreun krijgen? Maar goed ook want zoals eerder geschreven de derde emancipatiegolf komt eraan, alle baten helpen. De pot op met die onruststoker en zijn archaïsche klokkentorenmentaliteit!

     

    Ja, de twee Barbiepotjes zijn geboren winnaars. De “culinaire” genoegens aldaar zijn niet bepaald aan mij besteed, het zijn de meiden die het hem doen. Er zit schwung. Het zijn lefgozers. Ambiance troef en daar gaat het hun bij hun publiek om, ambiance à volonté en Limburgse gezelligheid. Zelfs indien moeder en zoon Leuven het via de beroepsjury zouden halen, ze hebben geen schijn van kans om een dergelijke zaak te runnen. Hoe La Mama ook haar “devoren” doet, het mens heeft hèt niet en zal het nooit hebben. Een moeder Theresa figuur zet je niet in een zaal waar getipt wordt op de betere clientèle. Dat zet je in de refter van een of ander klooster.

     

    Ja, Titi en huisgenoot hebben enkele afleveringen gevolgd, aanvankelijk op verzoek van een kennis – leraar aan een kokschool- en nadien echt voor de lol. De man in kwestie heeft een montage gemaakt van de bloopers als studiemateriaal, hilarisch tot en met en zeer gegeerd door de studenten.

    Alles behalve hilarisch, zelfs afgrijselijk voor ons is de “verbouwing” van “ De Barbarie” tot “Matizze”. Waarom chef Caraels er na anderhalf decennium de brui  aangeeft hoeven wij niet te weten, doch de misdadigers die er aan de slag zijn gegaan verdienen de dood met de kogel. Een van de prachtigste eettempels van ’ t Stad gewoon kapot gemaakt. Weg zilverkasten, weg kroonluchters, weg savoir-faire. De huisspecialiteit “ Barbarie met acaciahoning”, net engeltjes die je tong en gehemelte strelen…

    Wat de would-be uitbaters trendy noemen is voor mij gewoon modernistisch verval, zoiets als De Colvenier ombouwen tot een Mac Donalds.

     

    Rond  zevenen open ik “mijn restaurant”: kabeljauwhaasjes op vel gebraden op een bedje van groene linzen, jonge wortelen en mini spekjes, krokant koekje van puree afgewerkt met saus op basis van een oude Lussac en als dessert een tipje Savoietaart, het overgrote deel heeft ons ventje al mee.

     

    Reageer (3)

    27-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 2


    Max verdroomde in herinneringen…

    Ruim vier jaar waren zij samen. Het leek of het pas gisteren was. Als er één cliché is dat zijn recht van bestaan mag opeisen dan is het dit. Max mocht er niet aan denken hoe het hem zonder haar zou vergaan zijn.

    Zij wandelde zijn leven binnen en de drenkeling, die hij toen was, greep haar als een reddingsboei.

    Bestaat er finaal toch zoiets als lotsbestemming? Een opper-iets dat mensen op de meest cruciale levensfase samenbrengt? Stom toeval dan? In zijn euforie na hun eerste ontmoetingen had hij heel, heel even maar, met de gedachte gespeeld de freelance-astrololoog van “De Klapper” hierover voorzichtig te polsen. Dom natuurlijk. Een hoofdredacteur kan dit niet maken, temeer omdat hij zich in de loop van de jaren vaak smalend had uitgelaten over dat sterrenbeeldengedoe met al die huizen, graden en de ganse santenboetiek. Dan die hilarische taferelen opgevoerd door zijn redacteurs bij de selectie van de lezersbrieven hieromtrent. De huizen rond Venus, Mars en Pluto bleven het immers goed doen bij de Vlaamse stieren en maagden. Zo goed zelfs dat de twee kolommen van “De Klapper” nu, na de facelift, uitgebreid werden tot liefst één pagina.

     

    Facelift, restyling! Die zeveraars van marketeers toch! “De Klapper” was amper vijftien en had al twee verjongingskuren ondergaan

     ‘Oubollig’ orakelden de wizz-kids van de groep.

    ‘ Max, dat magazine van jou, sorry to say, ouwe troep. Jezus man, alleen de naam al.’

    ‘In oude ketels wordt nog altijd de beste soep gekookt’, repliceerde Max bitsig. Hij verwees naar de laatste CIM cijfers: 135.000 gecontroleerde exemplaren, naar hun verkoopstatistieken, naar de advertentiebudgetten in portefeuille, naar zijn reeds afgeslankte, doch goeddraaiende hechte redactie, naar zijn abonnees en zijn stevig opgebouwde netwerken in tal van milieu’s.

    Hij herinnerde Simonne, in een vorig leven marketingmanager van de uitgeverij, aan de stuipen die ze kreeg bij de gevreesde fenomenale groei van televisiereclame. Toen werd van zijn weekblad méér dan dankbaar gebruik gemaakt om de persen draaiende te houden en de technische werkloosheid enigermate te beperken. Had “De Klapper”, samen met de populaire krant van de groep, haar niet uit de stront getrokken toen bleek dat haar nieuwe producten quasi  een voor een stilzwijgend uit de markt werden gehaald?

     

    Een geluk meiske, dat de familie-aandelen je aanzien gered hebben. Welk normaal gerund bedrijf zou die windeieren van jou en je yups hebben geduld ? Simonne gaf geen krimp. Ze liet Max uitrazen.  ’t Was allemaal boter aan de galg, wist hij. Hij besefte dat hij verloren had. Het verdict was gevallen. Zijn “De Klapper” was nostalgie. De laptopbrigade had gebaard: “JOOL’S”.

    Hun lichtgewicht werd vandaag boven de doopvont gehouden. Het had niet één, doch liefst drie G-spots: glossy, glamour en glitter. Instant bevrediging van de geslaagde druk-druk singles en tweeverdieners, met of zonder 1,75 kinderen. Een illusiewereld waarmee de mens voor gek wordt gezet

     

    Het atrium van het Brusselse Radisson-SAS hotel was tsjokvol. Simonne, dat gefacelifte kreng, begaf zich als een vorstin onder haar gasten. In de hand een glas champagne, in haar kielzog haar flemerige, verwijfde woordvoerder-secretaris en het pas geïnstalleerde marketing-wonder, de zoveelste erfenis na de zoveelste bedrijfsovername.

    Voor Max geen champagne. Water, plat water en ijskoud om het brandend maagzuur te bedwingen. Hij ontweek wie hij ontwijken kon. Drie grote videoschermen brachten wat soelaas, hielpen de tijd doden. De spraakmakende interviews van “Jool’s”, peinsde Max,. Een gewezen Gouden Schoen in pooierskledij en de goudblonde Afrikaanse middenvelder van Club in thalassotherapie, geflankeerd door twee blanke halfnaakte grietjes. Vooruit, vinden ze het doel niet, dan toch de weg naar de goudkranen. Op het andere scherm volgden een fluorroze en grasgroen bankstel elkaar in flikkertempo op. Design!?

     

    ‘Chef, daar mag een mens toch niet te lang naar kijken en zeker niet op zitten’.

    ‘Dat, Fred, heet visueel prikkelende reclame en met dat materiaal mag jij voortaan op de lay-out naar hartelust jongleren’.

     Fred, ex-“De Klapper”, kruiste beide armen boven het beginnend hangbuikje. Zijn vlezige onderlip krulde afkeurend.

    ‘Afwachten, chef, afwachten. Bon, ze zullen wel weten wat ze doen, maar Düren is een schone stad, zegt het spreekwoord.’

    ‘Komaan, Fredje, zo zwaar moet je er ook niet aan tillen.’

     Max ondersteunde zijn woorden met een schouderklopje.

    ‘Ik heb mijn twijfels, chef, serieus, hoor’.

    ‘Hoezo twijfels?’

    ‘Ze hebben geen waspoeders, tiens. Geen Dreft, geen Dixan en zeker geen Omo en  wasverzachters. Ik versta dat niet. Wij zaten er vol van. Allez, chef, ge weet toch wat voor toeren wij soms moesten uithalen om al die waspoeders niet te dicht bij elkaar te zetten. Geef toe, ge hebt er ook soms op gevloekt. En dan verleden jaar, heb ik van die van hierboven onder mijn jezuïeten gekregen! Chef, dat was mijn beste dag niet, hoor. Miljaar. Weet ge wat die pekelteef mij toen verweet? Iets van geen waspoeders geen weekblad. Allez, ’t kwam erop neer ofwel Omo ofwel den dop. En nu, chef, nu zitten wij met de helft méér volk, maar zonder Omo. Zie, dat versta ik niet. Pas op, ik ben niet alleen, hé. Dat moet ze mij nu eens uitleggen. Jaren kon het blad niet zonder en nu mag, wat zeg ik, nu moèt het zonder.’

    ‘Zonder wat, Fred?’

    ‘Zonder Omo godomme! Neen, chef, ik heb er geen goed oog in. Een geluk dat gij er nog zijt. Iedereen zegt dat. Gij zijt  een chique type, geen gemakkelijke, dat wel. Maar uw hart zit op de juiste plaats. Dat kan van die van hierboven met haar jannet niet gezegd worden!’

    ‘Woordvoerder, Fredje, spin doctor eigenlijk’ .

    ‘’t Blijft al gelijk, chance dat haar vader vóór haar geboren is. Zo’n vedetten in een bedrijf, dat is de ondergang van de werkman! Geld bonjourt ge niet buiten, dat verplaatst ge. Zo simpel is ’t. Chef, ik ga zien of er nog ergens een pint te krijgen is. Anders salut en de kost.’

     

    Opnieuw alleen. Vreemd, ooit kende Max haast iedereen op zo’n party en nu, met uitzondering van eigen personeel, haast niemand. De achtergrondmuziek werd harder. Metaalachtige, krassende geluiden. De gasten rumoeriger. Mobieltjes gingen van de zakken en handtassen naar de oren, werden gewisseld en de berichtjes op gekraai onthaald.

     Waren deze lui de gesofistikeerde media-accounts en hun precieuze high-class adverteerders? Die giechelkonten met uitgerafelde en gescheurde jeans? Die gebruinde, geparfumeerde hanglummels met gegeleerde haarpieken, die graatmagere designfalsetjes met geëpileerde wenkbrauwen?

     Jonge vrouwen, bijna nog schoolmeisjes, blootsvoets, de teennagels blauw en zwart gelakt, gewikkeld in verfomfaaide lange rokken, splitten vooraan, achteraan, opzij en daarover hesjes en jakjes en gedrapeerde lappen stof. Laagjesmensen. Eenvormigheid troef. Was dit het potentieel waarop “Jool’s” joeg? Hij pezen voor dit zooitje? No way! Nog vier jaar en geen dag langer.

    Wordt vervolgd

    Reageer (1)

    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Wellustelingen 1


    LENTE 2008

     

    Werk in de tuin, confituren voor twee gezinnen en enkele vrienden,  pakken krantenknipsels klasseren, diepvriezer vullen met seizoengroenten, ons terras heeft een likje verf nodig om te zwijgen van de kelder, fotoalbums dienen absoluut bijgewerkt, alle pvc-ramen wachten op hun jaarlijkse intensieve opknapbeurt, zomerkledij opstrijken, meneer heeft buiten mijn weten om voor enkele concerten gereserveerd, dochter en schoonzoon zien af van hun jaarlijkse reisje dus rekent ventje op zijn oudjes om de komende twee maanden verlof voor hem op te leuken, liefst samen met zijn vrienden etc… etc… Dit alles, liever lezers, om jullie erover in te lichten dat iets zal te lijden hebben onder deze activiteiten: mijn blogje.

     

    Of ik dacht dat jullie hierdoor moord en brand gaan schreeuwen, bijlange niet. Zoveel lezers heb ik echt niet, niet langer. De meesten hebben al maanden geleden afgehaakt. Titi en haar streken kunnen best gemist worden, want soms onverenigbaar met de normen en waarden van braaf Vlaanderen. Uitgerekend die streekgebonden normen en waarden, de Vlaamse geplogenheden heb ik in een verhaal gegoten. Een roman is het niet, noem het een blog-novella, met alle kruidige ingrediënten vandien : driehoeksverhouding, betuttelende geestelijkheid, hebzuchtige volwassen kinderen, gladjanussen in de uitgeverswereld, passie en seks, een behoorlijke portie zelfs. Zal ik eraan beginnen ? Ja ? Here we go !

     

    Wellustelingen

     

    Lente 2005

     

    « A faire pâlir tous les Marquis de Sade

    A faire rougir les putains de la rade

    A faire crier grâce à tous les échos

    A faire trembler les murs de Jéricho

    Je vais t’aimer »

    (M. Sardou – Thibaut/Revaux))

     

     

    Loom en voldaan lagen ze in bed. Uitgeteld van nazinderende lust. Hun bleke naaktheid glinsterde van de zweterige en zurige geur van lichaamsvochten. Ze hadden alweer zo verdomd zalig gevrijd. Kreunend, hijgend, briesend en soms huilend als wild parende dieren, die een laatste offer aan zichzelf willen brengen en dat besef ondergaan als een herrijzenis.

    Marianne en Max zwegen al een hele poos. Net of dat totaal opgaan in elkaar, die dubbele ontlading, die bijna pijnlijk intense bevrediging, alle gedachten en gevoelens hadden verlamd. Zo was het al jaren tussen hen. Week na week. Iedere woensdagnamiddag, soms ’s vrijdags, in dat afgelegen rustiek villa-hotelletje, waar de oudere, stijlvolle eigenares méér dan een complice was geworden.

     

    ‘Don’t touch me, nu nog niet’, had Marianne sloom gefluisterd toen ze van hem was afgegleden, helemaal van de kaart, beverig bevangen van de kloppende stroom adrenaline, die haar als het ware van de haarwortels tot de tenen elektriseerde.

    Max voelde zich opnieuw in haar en ervoer dat waanzinnig genot alsof haar heftig krijsende passie hem de huid afstroopte. Alsof hij in haar zuignappen verdronk. Hij stopte. Bij een vrouw als Marianne geen zelfzucht. Alsof ze een harmonieuze eenheid vormden, werd zij opnieuw bovendeel van hem. Hij likte haar tot zij hem bevrijd ondersproeide en hij even later in haar opnieuw levend stierf .

    « A se croire mort et  refaire l’amour encore, je vais t’aimer »,  haar ogen zongen Sardou.


    Wordt vervolgd

    Reageer (2)

    26-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.When bluejeans no longer talk!!


    Pfoeh..die jaarlijkse zelfkwelling

     

     

    Kleerkasteninhoudcontrole. Ik kijk er meer en meer echt tegen op. Het werk an sich stoort me niet, wel de beslissingen:“ Wat kan nog en wat kan niet langer?”. Met andere woorden “Waarmee zie ik er nog plus minus convenabel uit deze zomer?”.

     

    “Met alles” beweert hij enthousiast. Nu indien ik één iemands oordeel over mijn  zomerse outfit met vijf kilo zout neem, dan mio marito, mijn brildragende, onrealistische en steeds overdrijvende trooster. Een geluk, de mode kan mij vierkant gestolen worden. De Hollandse ketens verdienen aan mij geen eurocent. Geef mij maar de betere boetieks, liever nog een vakkundige naaister. Ja, ik ben en blijf een ijdeltuit en neen ik spendeer jaarlijks geen hopen geld aan mijn garderobe. Meer nog, ik draag nog steeds enkele fijne spulletjes van vijf, tien, zelfs vijftien jaar geleden: een zoom wordt in- of uitgelegd, een schoudervulling aangepast, een neepje verwijderd of aangebracht. Sporadisch komt er nu en dan een nieuw hebbedingetje of accessoire bij, maar uitsluitend combineerbaar met de rest en vooral toon-in-toon. Het gekke is dat kennissen hoogst verwonderd staan wanneer ik als bewijs oude foto’s toon. L’histoire se répète wordt gezegd, wel mode evenzeer. Probleem is natuurlijk alles opbergbaar te maken en vooral naarmate je als vrouw de zestig overschrijdt, te weten kan dit nog of kan het echt niet meer!

     

    Het gewicht speelt mij geen parten, de kilo’s blijven stabiel zonder noemenswaardig dieet,vergt wel een flinke dosis discipline om aan bepaalde culinaire verleidingen te weerstaan. Maar het is de rest verdorie! Mijn vel! Ik heb niet langer een perzikhuidje, doch een vel. Wat doet zo’n vel? Dat begint te hangen, dat zakt, dat wiebelt, dat zwaddert, dat trekt plooien enfin de rek raakt eruit. Tot overmaat van ramp ontwaar ik een drietal lichte aanzetjes tot verkleuring. Lentigo of zonnevlekken, zei de dermatoloog, een verzachtende naam voor ouderdomsvlekken. Een normaal wezen krijgt die voornamelijk op de lichaamsdelen die blootgesteld zijn aan de zon. Ik niet. Trouwens ik verdraag geen zon en dat ik niet mainstream ben is al lang een vaststaand feit. Ik krijg ze op delen die alleen blootgesteld zijn aan de ogen van intimi, in feite alleen mijn huisarts, mijn andere en enige intimus merkt ze niet, nog niet.

     

    Lees ik dan een tijdje terug een lofzang op de armen “ want zij zullen het koninkrijk Gods makkelijker binnenkomen dan de armen van geest” schrijft de columnist. Opgelet hij, de man, heeft het over armen in de betekenis van ledematen. Over armen die optillen, omhelzen, beschermen en ontvangen. Over armen van mollige vrouwen kneedbaar als briochedeeg, over armen van tienermeisjes, dun en spichtig als uitschietende takjes, over malse babyarmpjes en mannenarmen staalhard en gespierd.

    Blote vrouwenarmen vind ik inderdaad iets speciaals hebben, ze vertellen veel over ons vrouwzijn. Volgens mijn huisintimus goddelijke tentakels die hem begeleiden naar de poorten van het paradijs. Het zal wel, maar hoe ouder ze worden hoe makkelijker ze forfait geven. Er komt sleet op, zit er geen arthrose in het schouderkapsel dan zit er reuma in. Met een tenniselleboog raak je geen bal meer aan. Waren ze ooit als wellustig kronkelende slangen, ze eindigen gegarandeerd als uitgerokken trekzakken, uit grofkorrelig struisvogelleder.

     

    Doorstaat onze boezem de potloodproef niet langer, krijgen wij een doorhangpoep, zitten wij zoals die lieve kleine biggetjes met hangbuikjes, geen onoverkomelijk probleem for every such problem there is ( more or less) a solution: aangepaste lingerie. Een kalkoenhals fleurt op met trendy halsbandjes…maar wat met onderarmen als een mislukte soufflé? Twee mogelijkheden: ofwel chirugische ingreep met alle lasten, pijnlijke en financiële, vandien ofwel doen zoals ik…niet aantrekken. Een mouwtje , een juist gedrapeerde prachtige foulard en olé, olé! Is bloot out, we’re still sexy at sixty. Anderzijds, mijn drie favoriete zomerse niemendalletjes, ooit mijn tweede huidjes, mijn snoezige pluimgewichtjes eentje met spaghettibandjes, mijn zijden panterprintje met iets te hoge zijsplit en mijn zwart voilen wapperjurkje met diepe V-halsuitsnijding ik kan ze best nog één, wie weet, nog twee seizoentjes aan. Heerlijk!

     

    Op zwoele zomeravonden, zitten wij dan op ons terras; een koele Chablis voor ons twee, voor hem enkele borrelhapjes, dan brengt hij mij een serenade met de mandoline van mijn grootvader. Hij kent geen noot muziek, heeft een stem als afgesleten schuurpapier, maar zijn kleines Kompliment doet het altijd weer:

     

    “Toch ben je 'n oma, een echte oma
    Zo'n oma waar ik trots op ben
    M'n kloek, m'n goed gebouwde hen
    Toch ben je 'n oma, een echte oma
    Met al een kleinzoon van tien jaar
    En opa in de twijfelaar”

     

    Bij leven en welzijn ciao

    Titipoes, dat ijdeltuiterig wicht

    Reageer (4)

    25-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Kom dat tegen!!!


    La mort maar niet Subite…

     

    Gisteren gelezen op de site van Knack online:

     

    “Twee prostituees moesten zich vandaag voor de Antwerpse strafrechter komen verantwoorden voor schuldig verzuim. Een 38-jarige zakenman was tijdens een SM-sessie met de dames overleden. Zijn weduwe eist nu een schadevergoeding van maar liefst 1,4 miljoen euro omdat de prostituees haar in nood verkerende man niet geholpen hebben. De procureur vond dat echter niet aangetoond en vorderde zelf de vrijspraak.
    Het slachtoffer was gedelegeerd bestuurder van een rederij. Op 23 december 2005 was hij na een bedrijfsfeest rond 19.00 uur naar Villa Tinto getrokken in het Antwerpse Schipperskwartier. Daar had hij een zes uur durende SM-sessie met twee prostituees. "Een van zijn geliefkoosde spelletjes was elektroseks, waarbij hij via tepelklemmen elektrische schokken kreeg toegediend", stelde de procureur.

    Een van de prostituees verliet rond 1.00 uur 's nachts de kamer, omdat ze de volgende dag naar Spanje zou vertrekken. Het slachtoffer had daarna nog seksuele betrekkingen met haar collega. Na afloop klaagde de man dat hij het warm had. "Ik zette de airco aan, maar kreeg het daardoor zelf koud. Terwijl ik een trui aantrok, hoorde ik hem snurken. Ik dacht dat hij in slaap was gevallen. Het was al laat en hij had ook behoorlijk wat champagne en cocaïne gebruikt", verklaarde de vrouw.
    Toen ze de man niet wakker kreeg, belde ze in paniek haar collega op. "Ik gaf haar de raad om een natte handdoek in zijn nek te leggen. Toen ik terug in de kamer kwam, voelde hij nog warm aan. Ik kreeg hem ook niet wakker en heb dan de conciërge verwittigd. Zij heeft de hulpdiensten erbij gehaald."

    Een MUG-team probeerde de zakenman nog tevergeefs te reanimeren. Volgens de wetsdokter is het slachtoffer mogelijk gestorven doordat de drugs een zuurstoftekort in de hartspier hadden teweeggebracht. Het valt niet uit te sluiten dat de elektroshocks het effect nog vergroot hebben.

    Beide prostituees worden vervolgd wegens schuldig verzuim, maar het openbaar ministerie vorderde voor allebei zelf de vrijspraak. Het slachtoffer had immers alleen maar gezegd dat hij het warm had. Volgens de procureur konden de beklaagden daaruit onmogelijk afleiden dat hij in gevaar verkeerde. Toen ze beseften dat er iets mis was, verwittigden ze meteen de conciërge.
    De advocaten van de prostituees sloten zich daar volledig bij aan en vroegen de rechtbank eveneens om hun cliënten vrij te spreken. De weduwe dreigt dan wel haar schadevergoeding te mislopen. Vonnis op 3 juni.

     

    Bron (belga/mvdb)”

     

    Het zal je maar overkomen, de flikken in je huis:

    “Madame, ga zitten, wij hebben droevig nieuws, uw echtgenoot is in benarde omstandigheden om het leven gekomen”.

    “ Goeie goden, benarde omstandigheden, hij is toch niet verm…”.

    “ Neen, nee madame, alleen den elektriek was niet al te katholiek aangesloten.”

    Reageer (1)

    20-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Passies en noodzakelijkheden


    Van krantenknipsels naar dressingcontrole

     

    Krantenknipsels. Mijn passie, beter gezegd  één van mijn passies. Ik knip me onnozel al ruim 18 jaar. Hij zucht. Ik weet het hij wordt er gek van. Gek van mijn stapels mappen, nog gekker van  de stapeltjes “Klassement” netjes thematisch opgeborgen in fardes. Hoelang ik die onzin ga aanhouden? Weet ik veel, beslist nog een drie, viertal jaartjes. Waarom? Om te herlezen, tiens, later wanneer ik de buik vol heb van internet, wanneer mijn ogen en mijn pc-scherm foert zeggen tegen mekaar en wanneer de kranten afglijden naar meer beeld dan woord.

     

    Goeie oefening trouwens in het updaten van mijn taalkennis en het reilen en zeilen in tal van- voor ons toch- postmoderne dus ongekende circuits. De jongerensubcultuur bijvoorbeeld en haar muziek. Nog zo’n vijf jaar en kleinzoon kleeft wellicht een of andere tijdsgebonden trendy hype aan. De digitale kloof tussen hem en mij is nu al groot. Grootmoeder wil kost wat kost op andere terreinen bijblijven.

     

    “ Ik ga tenminste met de tijd mee, vriend, allez soms toch!”sneer ik. Hij zucht opnieuw, onbegrijpend. Cybergothic, emospotting, shoegazer, cappucinosoulstem; krautrock en bumpersticksentiment daar heeft die man van mij geen greintje benul van en -om het op zijn Thea’s te zeggen- dat soort woorden bezorgt hem het apezuur. Ishtar kent hij als godin van de liefde, niet als Vlaanderens Eurovisionsong-vertegenwoordiger.Vraag hem naar de a cappella-Björk avant-gardepop met Afrikaanse ritmes en punk met paganisme, die een lofi spektakel bracht in het Koninklijk Circus, valt hij achterover. Weet niet wie dat worldwide knuffelpopje is. Onder ons gezegd, ik evenmin, alleen de pagina ligt hier voor mijn neus: een obees geval verpakt in oranje wikkels en multicolore haarslierten over ogen, neus en mond. Klaar voor mijn classement verticale zo’n wicht , recht de papiermand in

     

    Mio marito, té braaf om dood te kloppen maar zo oer-conservatief, zo oubollig. Leest zich verrot en blijft maar hangen bij Roth, Oz, Naipul, Grisham en konsoorten, zelfs bij Flaubert en de Shake. Dat koppige conservatisme van hem heeft vaneigens weerslag op zijn alledaags taalgebruik. Een voorbeeldje? Kakken! Wie kakt nu nog? Ik bedoel wie spreekt nog over kakken? Goed, het is een doewoord dat een normale dagelijkse noodzakelijkheid omschrijft, doch heden te dage omwille van de plastische associatie, om het half uur op commerciële kanalen door o.m. Danone omschreven wordt als het resultaat van een goeie darmtransit voornamelijk dankzij de actieve bifidus in hun papjes. Als ik Danone-analyses moet geloven zit half België verstopt. Niet mio marito. Voor hem geen darmflora stimuli, in zelden gevallen van nood enkele gedroogde pruimen of een koffielepel lijnzaad en hij kakt als vanouds, met verve. Terwijl iedereen, in navolging van de commercials dus na de nodige wachttijd en met verplichte dagelijkse spijzing van het Danone-aandeelhoudersrendement-  met een gelukzalige glimlach naar het kleinste kamertje zweeft, omschrijft mijn man het resultaat van zijn deugdelijke darmtransit -resulterend uit dagelijkse portie verse groenten, lekker brokje vlees of vis, huisgemaakte soepen en  veel fruit- als een gezonde jongen, ferm gedraaid of met plezier  gelegd.

     

    In gezelschap, jawel in gezelschap want de darmtransituitstoot is naar verluid een typisch Oiljsters gespreksthema tijdens het tafelen, zal hij het uiteraard hebben over ontlasting of stoelgang. Stoelgang godgebetert... nog zo’n woord uit de oudheid! Kakken, als woordje, neen  ik hou er niet van. Doe mij dan liever –voor een keer- het Hollandse “poepen”. Komt op hetzelfde neer maar ligt beter in de mond, klinkt niet zo platjes maar voor Vlamingen zit er wel en serieus verschil op.

     

    Kleerkasteninhoudcontrole, een tweejaarlijks gebeuren hier. Kijk, lieve mensen, daar word ik pas goed gek van. Waarom? Vertel ik bij leven en welzijn een dezer dagen. De piepkuikens en doorgestoken appeltjes wachten. Stukken smakelijker dan bifiduspapjes. En bovenal een  weldaad voor…de kak.

    Reageer (5)

    19-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Here I come!!!


    Jonge poezen en ouwe geiten…

     

    Mochten jullie het nog niet weten, de derde golf komt er aan: die van de feministen. Stonden ze in mijn “jonge tijd” op barricades, de postmoderne lichting zit meer dan confortabel :op platformen en cross-mediaal. Bovendien zien ze er stukken beter uit dan de vorige garde: hoge hakjes, gebruinde benen, sexy jurkjes, strakke kontjes, rad van tong en…zo vrouwelijk. Dat is andere koek dan die balorige, potige en pilszuipende manwijven zonder bh en met flanellen houtakkershemden aan in de zestiger jaren.

     

    “Wij, feministen, uit onze weg gulder!”schreeuwden ze in Gent. Feministen, mijn oor! Overwegend lesbische meiden en foeilelijke tantes, kansloos op de huwelijksmarkt, daardoor anti-make up,  anti-kuis en kook, anti-kind, anti-mannen, anti-alles. Neen, ik had er geen affiniteit mee.

    De enige markante herinneringen uit die tijd zijn de voordrachten in de Passage 44 of de Magdalenazaal met Marijke Van Hemeldonck; met Detiège, Lydia De Pauw en een jonge toffe Dorrestein. De grootste ontgoocheling: Simonne de Beauvoir, een drankorgel van jewelste, naar het einde van haar betoog toe onverstaanbaar haar gelal. Le deuxième sexe had meer dan één verre dans le nez die dag. En stinken! Ik wou haar autogram, doch de walm die van dat mens uitging, niet te harden: een mengeling van alcohol, eau de cologne en…urine.

     

    Wie hadden we nog? Paula Semer met haar programma “ Penelope” en Maria Rosseels, zwaar katholiek van huize uit maar een en al vuur en vlam. Wisselde het naaien voor de journalistiek en schopte verbaal Van Roey (1) in het kruis. Rosseels tegen de stroom in om het leven van de nonnen te verbeteren, begin er maar aan in die tijd.

    Met Leona Detiège en ons make, dwars door Brussel gestapt, om dokter Peers vrij te krijgen. De fameuze “recht op abortus” betoging” en de slogan “Baas in eigen buik”gescandeerd. Tot daar mijn bijdrage aan de tweede golf. Nou ja bijdrage, ik stond erbij en keek er naar.

     

    Vandaar dat ik benieuwd ben hoe de derde emancipatiestrijd zal gevoerd worden, wij hebben nu internet maar evenzeer een conservatief gezinde en vooral xenofobe Westerse maatschappij. Tuurlijk zal ik dit keer mijn steentje bijdragen, tijd zat. Mijn inhalingsmanoeuvre. Een ouwe geit met jonge poezen, zij aan zij!

    “Je hebt alleen maar ongelijk als je berust, als je niets meer doet”

    Marijke van Hemeldonck



    (1) Kardinaal Van Roey: oefende tot eind 1950 een geweldige invloed uit op en via het koningshuis. Zou naar het schijnt mede-arrangeur zijn het "plotse" in  1941 in het geniep gesloten huwelijk van de toenmalige koning Leopold met de bloedmooie diplomatendochter-nurse van zijn kinderen. Huwelijk dat, in de volksmond toch, mede aan de basis lag van de fameuze koningskwestie, waardoor in dit landjebegin jaren 50 enorme rellen uitbraken tussen de voor- en tegenstanders van het koningshuis, te weten de Vlaming waren pro en de Walen anti, net zoals nu maar andersom.

    Reageer (4)

    18-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Keulen krijgt op z'n donder!


    Hoe komt dat nu toch!!??

     

    Samenzweringen? Gekonkelfoes onder Franssprekenden? Als het dat niet is, dan is het gewoon nijd. Punt uit!  Lees je nu op alle fora. Vorige week komt hier een Frans boerke uit Bretagne met twee acolieten een Serviër en een Zweed, rapporteurs van de Raad van Europa, voor twee dagen onze hoofdstad aandoen om met afgevaardigden van de gewesten te spreken en meteen worden wij, de Vlaamstalige bewoners van dit landje, voor separatisten , voor een stelletje extreme nationalisten afgedaan.

     

    Allemaal de schuld van Marino Keulen als je het mij vraagt. “Ze hebben er niets van begrepen!” fluimt hij, rood van koleire. En waarom hebben ze het niet begrepen, excellentie? Omdat u  het niet verkocht kreeg verdorie. Slecht gecommuniceerd. Natuurlijk leg aan een Fransman en een Zweed het probleem van de taalgrens maar uit. Vertel aan elk zinnig mens, onafgezien van zijn nationaliteit, dat alhier in drie dorpen  er bv drie gemeentelijke bibliotheken zijn die uitsluitend nederlandstalige boeken mogen  uitlenen, terwijl 80% van de dorpsbewoners Franssprekend zijn. Vertel verder dat die anderstaligen destijds over die taalgrens getrokken werden door uitgerekend Vlamingen, die hun landbouwgronden in residentiële kavels wisten te laten wijzigen en er aldus een meer dan schoon centje aan opstreken. Vertel ook dat de inwoners van de drie dorpjes, op enkele uitzonderingen na, daar geen problemen mee hebben. Vertel dat burgemeesters niet door ons kiezers, maar door gemeenteraden, door coalities en politieke partijen aangesteld.

     

    Wat moeten onze buurlanden nu wel denken? Door Fourniret raken Dutroux en de protestantse gezinskiller beetje bij beetje in de catacomben van het wereldgeheugen en lap nu worden wij verweten van kleinburgerlijk provincialisme, van kneuterigheid.

    Tot overmaat van ramp wordt aan de veruit schoonste stad van Vlaanderen, Antwerpen, onze metropool, door eigen volk geweld aangedaan. Eigenlijk de ganse provincie Antwerpen gewoon door een enquête van een of ander Gents onderzoeksbureau. Als dat geen schande is! Van eigen volk moet je het hebben.

     

    Ik weet het Antwerpenaren, hoe je het draait of keert, zijn  een ras apart. En dan? Dat is eigen aan inwoners van grootse steden, toch? Goed het zijn grote teuten, en ze lopen weleens een keertje naast de schoenen en hun taaltje is alles behalve correct maar ik zit heel wal liever uren te kouten met iemand van Hoogstraten dan met…jawel een Aalstenaar. Ik hou van die provincie en vooral van ’t Stad, stad van vrijdenkers en klokkentorens. “’t Stad is van A” lees ik overal. Bedankt Antwerpen, bedankt.

     

     

    Reageer (4)

    17-05-2008
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Goed gek, ja?


    “Fusioneren die handel….”

     

    Zegt de zotte pruik uit Venlo “ Want jullie hebben meer met ons gemeen dan met de Walen.”

     Dus gaat hij bij Jan Peter Balkenende aandringen om een klapke te houden met onze Chris Peeters, temeer omdat uit peilingen plots blijkt dat de meerderheid van de Hollanders en bijna de helft van de Vlamingen zo’n verstandshuwelijk wel zien zitten. Wel ik zie dat helemaal niet zitten. Dat komt niet omdat ik een averechtse Vlaming ben. Delen wij op de gorgelende keelklanken na en van ver dezelfde taal, Nederlanders of Hollanders, zoals wij liever zeggen, delen de grootste der Vlaamse typische eigenschappen niet.

     

    Waarom hebben wij jarenlang jullie grensgemeenten platgelopen? Rarara  Wilders! Sas van Gent, Hulst en Sluis…namen met hemelse echo’s in onze oren. Klonken als kassa kassaconcerto’s bij de ING en RABObank. Wij waren er kind aan huis. Tenminste als je tot de categorie hard- en zwartwerkende middenstanders of burgerij behoorde. De nieuw- en oudgeld aristocraten kwam bij jullie niet langs. Luxemburg stad en Geneve waren meer hun ding. Natuurlijk kenden ze Nederland, Breskens meer bepaald, hun sloepjes lager er bij trossen aangemeerd. Dan van Breskens naar hun stulpje in Knokke-Zoute eigenlijk het vernoemen niet waard.

     

    Dit komt omdat wij geboren foefelaars zijn ,sjoemelaars zoals ze boven de Moerdijk zeggen. Daarom! Zwartwerk zit in onze genen. Een generatiegebeuren van groot op klein. Wordt meegegeven met de moedermelk. Volgens de laatste gegevens van onze belastingdiensten wordt de huidige “zwart geld” kist op zo’n kleine 60 miljard euro geraamd. Wetende dat onze ambtenaren als wanhopige Don Quichottes aan de voordeur de financiële horizon afspeuren, terwijl bijdehandse accountants onmiddellijk de achterpoortjes openzetten, durf ik met quasi zekerheid er nog zo’n slordige 25 miljard aan toevoegen. Vandaar dat wij op de Europese ranking van zwartwerkcircuits zo maar eventjes op de vijfde plaats staan na Griekenland, Spanje, Italië en Portugal. Latinolanden, maffiagebieden en wij leunen er tegenaan! Kunnen de Hollanders niet zeggen. Daarom dat balorige jochies zoals Sam Klepper, Mieremet en de Escobar der lage landen, Eijk; destijds in Neerpelt neerstreken. Daarom dat de gorgelende g’s te horen zijn in de Brasschaatse villawijken.

     

    Weet je wat Holland voor de modale Vlaming betekent, Wilders? Bloembollen, molenwieken, te gekke familienamen, coffeeshops, lange mensen met blonde haren, balorige Antillanen, mooie grachten, water alom, schalkse eigentijdse prinsen, schaatsers, goeie voetbal, mooipraters en lawaaimakers, Oranje gekte, gezworen fietsers, uitstekende zakenlui, bitterballen, papat en kool, spelregels, Zeeuwse mosselen en heerlijke maatjesharing, kneuterige huizenbouw, zwarte en witte scholen, problemen met de gezondheidszorg, caravans met geel-zwarte nummerplaten op onze autowegen, plastic flessen vullen met ons leidingswater, Balkenende, ijzeren Rita, groen Femke en de ESGEEPEE!

     

    Staatskundig Gereformeerde Partij!

    Toen ik voor het eerst van die partij hoorde dacht ik meteen aan een vereniging van op rust gestelde krasse knarren. Betweterige opa’s met wit gesteven overhemden en stropdassen aan. Een rijtje mannen met druppelsgewijze afvoer en gehoorapparaten. Paternalistisch, anti alles wat het dagelijkse leven aangenaam maakt. Beslist anti-vrouw en anti-bedgenot, maar pro kweekmoeders. Altijd belerend vingertje en hopeloos achterhaald.

     

    Gereformeerd alleen het woord laat een vuige nasmaak. Dezelfde vieze smaak die Taouil Nordine en zijn soortgenoten nalaat. Nordine is een mediageile imam uit Antwerpen. Een reus van een vent, altijd in traditioneel lang gewaad, steeds met bidpots op. Om en bij de 130 kg, met de piepstem van een eunuch door testosteron tekort. Hij kan hand in hand gaan met de SGP’er Van der Vlies, beiden gezworen creationisten. De ene zweert bij Allah de andere kwijlt bij God. Volgens die Nordine is de eerste mens gemaakt van…klei en in die klei heeft zijn Allah een geest geblazen. De Van der Vliezen van deze wereld zweren bij het al even absurde scheppingsverhaal.

     

    En dan beweren dat wij veel gemeen hebben! Met wie kom je eigenlijk lachen, kameraad?

    Reageer (4)

    Inhoud blog
  • Zomaar
  • Liefst van hetzelfde laken een broek !
  • Kinderen of beestjes?
  • De duivel zit erop!
  • De nakomelingen van Boer Bavo
  • NJET
  • Ontmoetingen na bijna een halve eeuw
  • Olala
  • Op de vooravond van 21 juli...
  • 20-07-2009
  • 't Bakkerietje
  • Hilarische realiteit
  • Jammeren
  • A final curtain
  • Kamwielpaniek
  • Moederdagen
  • Impossible mais vrai!
  • Een zaterdagochtend
  • Omtrent Sarah en DeeDee.
  • Met de E van evolutie
  • In de nasleep van WO-lessen...
  • Mijn gedacht
  • Voor en spellen!
  • Smoelentrekkers
  • Titi is boos!
  • 't Groot Zot
  • Ik zie, ik zie...
  • Valentijn
  • Viva Leterme!
  • 18/12/2008
  • Voilà...
  • Sintje Merten in het land van Aalst
  • Vorstelijk eten.
  • Achtergesteld!
  • Voor mama

    Laatste commentaren
  • zeeppoeier-reclame (maart)
        op Wellustelingen 2
  • WO-16/05/2018 wordt het verhaal hernomen (maart)
        op Wellustelingen 1
  • sterk geschreven (maart)
        op Valentijn
  • paf (maart)
        op For every problem there's a solution...
  • Op wandel (Myette)
        op Zomaar
  • Levensverhalen (Joël)
        op Theomanistenclubje
  • kus (miekemuis en maatje)
        op Zomaar
  • Hoeraa... (ERnst)
        op Zomaar
  • Finalemente !!!!! (Chris (lilac))
        op Zomaar
  • Nogmaals ... (ERnst )
        op Liefst van hetzelfde laken een broek !
  • ....kus (miekemuis en maatje)
        op Liefst van hetzelfde laken een broek !
  • Jou ook... (jacqueline)
        op Liefst van hetzelfde laken een broek !
  • ? (miekemuis en maatje)
        op Kinderen of beestjes?
  • hallo titi, (redpoppy54)
        op Kinderen of beestjes?
  • Weet je Titi (thea)
        op Kinderen of beestjes?
  • Ja, (ERnst)
        op Kinderen of beestjes?
  • Grrrrr (Titi)
        op Kinderen of beestjes?
  • Hoi Titi (thea)
        op Kinderen of beestjes?
  • knuffel (miekemuis en maatje)
        op Kinderen of beestjes?
  • En ja... (ERnst)
        op De duivel zit erop!
  • dat mont er van (hercule)
        op De duivel zit erop!
  • weg en verdwenen (miekemuis en maatje)
        op De duivel zit erop!
  • varen ??? (Chris)
        op NJET
  • de slager (Chris)
        op 't Bakkerietje
  • Vele groetjes uit Zonhoven (sloefke)
        op De nakomelingen van Boer Bavo


  • Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!