Rik van Cauwelaert (met een C en niet met een W, drukker) schreef een wijs artikel in zijn weekblad. Met wederzijdse toestemming nemen wij het over. Ook de foto, waarop u Rik uitbundig ziet lachen. Binnenkort fuseren we toch.
4 miljoen uitkeringstrekkers en het tapijt van Cassatie
Intussen hebben we ze allemaal gehad: de Aldi-filosofen met hun opstellen en vrije tribunes in kranten waarin ze de formatiegesprekken reduceren tot een discussie over het al dan niet bestaan van een Vlaamse identiteit, het verwerpelijke nationalisme, over natievorming en het multiculturele voorbeeld dat Brussel kan zijn. Om de ernst van hun geleerde, veelal vermanende betogen te onderstrepen wordt er kwistig gestrooid met citaten en voetnoten uit geschriften van Ernest Gellner, John Lukacs en, omdat dat altijd goed staat, de verlichtingsdenkers.
Sinds kort zijn er ook de politiek altijd weldenkende éminences grises met hun waarschuwingen. We zouden ons met die aanslepende formatiecrisis onsterfelijk belachelijk maken in het buitenland, zo heet het. Er wordt gezwaaid met vooraanstaande buitenlandse bladen waarin, soms op lacherige wijze zoals in The Economist , het einde van België wordt voorspeld. Dat de meeste van die artikelen zo te lezen door een debuterende nachtredacteur zijn opgesteld, want rammelend van de feitelijke onjuistheden, is dan geen punt meer.
En dan is er zo'n voorzitter van het Hof van Cassatie, Ghislain Londers, met de waarschuwing dat Justitie helemaal dreigt stil te vallen als gevolg van de politieke impasse. Wat blijkt? Cassatie kreeg geen geld voor een nieuw kamerbreed tapijt om het nakende koninklijke bezoek de volle luister bij te zetten.
Voorzitter Londers, die voor één keer het journaille tot zich liet komen, waarschuwde parmantig dat in geval van aanhoudende politieke malaise de wil tot verandering die de magistratuur ineens overvalt, zal doodbloeden.
Waar haalt zo'n voorzitter van het Hof van Cassatie de arrogantie vandaan? Decennialang al fnuikt de magistratuur elke poging tot hervorming. Zou zo een Londers beseffen dat talloze rechtzoekenden al veel langer wachten op een uitspraak van de Belgische justitie dan de Cassatierechters op hun tapijt?
Een hilarisch hoogtepunt in het debat rond de formatiecrisis werd afgelopen weekend bereikt door Brussels minister-president Charles Picqué, die in de hobbeligheid van de Waterloosesteenweg ter hoogte van Sint-Genesius-Rode het bewijs vindt dat Vlaanderen Brussel in een verstikkende wurggreep houdt.
Met een haast suïcidaal plichtsbesef heeft koninklijk verkenner Herman Van Rompuy zich de voorbije vier weken vastgeklampt aan zijn taak. Alsof hij bang was te worden aangewezen als de man die het einde van België bespoedigde. Maar op geen enkel moment is hij erin geslaagd de formatiegesprekken naar de kern van de zaak te brengen: de financiële ontwrichting van de Belgische federale staat. Want allengs kost het bijeenhouden van België meer dan de opsplitsing ervan.
Momenteel telt de federatie ruim 4 miljoen uitkeringstrekkers, onder wie de gepensioneerden. Met die 4 miljoen heeft de Belgische staat een contract dat hij binnen afzienbare tijd niet meer kan naleven. Een gevolg van de financieringswet, uitgewerkt onder Paars, en het ontbreken van doortastende maatregelen om de openbare financiën uit het rood te houden.
En alsof dat nog niet volstaat, verspilt de Belgische staat met zijn inefficiënte overheidsapparaat nog eens 34 procent van zijn middelen - die pijnlijke mededeling komt van de Europese Centrale Bank.
Door in de financieringswet elke rem weg te nemen op de overheveling van grote delen van de opbrengsten van de personenbelasting en de btw naar gemeenschappen en gewesten, zwemmen de deelgebieden momenteel in het geld, waardoor de financiering van de federatie compleet verstoord raakt.
Na 2011 beginnen de kosten van de vergrijzing, die voor 90 procent ten laste vallen van de federale staat, snel toe te nemen. In Knack deze week heeft het hoofd van de studiedienst van de socialistische ziekenfondsen het over een nakende uitdroging van de ziekteverzekering.
In dat licht is de eis van MR-voorzitter Didier Reynders dat de Vlamingen een symbolisch gebaar zouden stellen in ruil voor de afwerking van de staatshervorming ronduit ontstellend.
Misschien moet Van Rompuy, alvorens zijn eindverslag aan de koning te overhandigen, aan de Franstalige partijen eens uitleggen dat het moment snel nadert waarop zelfs de rijke maar vergrijzende Vlamingen zich dit België niet meer kunnen veroorloven.
Rik Van Cauwelaert