Het ballonnetje van Martens
In de verzuurde kolommen van de Morgen doet Wilfried Martens de suggestie om de NV-A volledig te laten opgaan in de CD&V. "De tijd van het kartel is voorbij", zegt de oud-premier en partijvoorzitter van de vroegere CVP die nauwelijks verschilt van de huidige CD&V.
"De partijen moeten hun programma's naast mekaar leggen en de verschillen uitpraten. En op communautair vlak is het ook vrij eenvoudig : de NV-A moet begrijpen dat het geen zin heeft in het centrum van Europa drie mini-staatjes te laten ontstaan. En zonder de medewerking van de Franstaligen is er geen staatshervorming mogelijk, tenzij je een staatsgreep zou plegen."
Dat is de opvatting in 2007 van Wilfried Martens, de voorzitter van de Europese christen-democraten, de man die in 1958 tijdens de Wereldtentoonstelling opriep tot Revolutie als België niet inging op de eisen van de Vlaamse Beweging.
De CD&V verschilt inderdaad geen haar met zijn voorgangers, de Christelijke Volkspartij of daarvoor de Katholieke Partij. Al die semi-Vlaamse staatskatholieke politieke partijen werden steeds bestookt door Vlaams-nationale horzels : er kwam zelfs een soortement akkoord (bewerkstelligd door Gaston Eyskens) in 1936 met het VNV dat echter niet lang heeft stand gehouden. En na de repressie werden een aantal niet te fel aangebrande VNV-ers gerecupereerd in de CVP : Leemans en Custers waren de gegadigden die ingingen op de voorstellen. Victor Leemans bracht het zelfs later tot senaatsvoorzitter. Die twee waren natuurlijk de kop van jut bij de Vlaams-nationalisten. Ook in de gloriejaren van de Volksunie, die de CVP veel electorale migraines heeft bezorgd, waren er bestendig contacten. Ex-kolonel Herman Candries liep over van de VU naar de CVP en op lager echelon waren er ook vaak transfers.
De Vlaamse Beweging heeft altijd aan de moederborst gelegen bij de staatskatholieken en beiden hebben in een onmiskenbare haat-liefde relatie geleefd. Ook nu nog is dit het geval, zij het dat het overgrote deel van de Vlaams-nationalisten, al dan niet wijs geworden door de exploten uit het verleden, onderdak hebben gezocht bij het Vlaams Belang, dat compromisloos voor de volle 100% zelfstandigheid gaat," de Vlaamse Staat of géén Staat".
Als Wilfried Martens nu een ballonnetje oplaat om de twee kartelpartijen in mekaar te laten opgaan, doet hij niet meer dan de oude wens van de Katholieke Partij terug op te rakelen en vermoedelijk zou de politiek hierdoor duidelijker worden. Vlaams-nationalisten horen alleen thuis in een partij die een nationalistisch programma nastreeft zonder schaamte voor eigen symbolen, met respect voor alle mensen en zonder vreemden meer rechten toe te kennen dan de eigen bevolking.
Natuurlijk is het net voor 11 juli niet zo verstandig om een dergelijke oproep te lanceren, maar Wilfried zal daar niet aan gedacht hebben in zijn grote wijsheid.
Ray











