Affectieve breuk
Op reis
Ze treurden beide achter 't hek
en klaagden schrijnend steen en been.
Ze leden blijkbaar groot gebrek
en gingen door met hun geween.
Twee slanke dames bij de poort,
ze keken droevig naar de lucht.
Maar ik stapte ongenadig voort,
negeerde 't huilen en 't gezucht.
Verlaat ons niet, was d' enige vraag
kom laat ons nu toch niet alleen !
Maar ik liep verder langs de haag
tot eindelijk ik gans verdween.
Mijn hart werd week van spijt en rouw
omdat ik van hen weg moest gaan.
Als ik wou reizen met mijn vrouw
was mijn geluk met hen gedaan.
Nog tien minuten stonden ze daar,
toen gingen ze weer naar binnen
en kropen heel dicht bij elkaar
want elders viel er niets te winnen.
Terwijl de ene rustig wat ging eten
bewoog de tweede wat opzij,
Ze ging warempel bijna zweten
en toonde trots haar mooie ei.
30/7/2009





