De voorbeeldfunctie van de presentatrice?
Het was te voorspellen. De kritiek van vele taalbekommerde kijkers op het 'particuliere' taalgebruik van Natalia bij de uitreiking van MIA's -Kempens werd het genoemd-, moest weggezet worden door een min of meer bekende figuur, die het allemaal verantwoord en prachtig vond. Schrijver Marc Reugebrink was de 'taalspecialist' van dienst, en die kreeg van de krant de vermelding van de uitgave van zijn nieuwe boek 'Het Belgisch huwelijk' cadeau.
Reugebrink schrijft wel enkele behartenswaardige taaloverwegingen. Maar waar hij het vandaan haalt dat een programma als de MIA's 'geen Algemeen Nederlands verdraagt', is me een raadsel. 'Stel je voor', schrijft Reugebrink, 'dat Jan Becaus de MIA's zou presenteren. Of Kathleen Cools.' Klaarblijkelijk gelooft schrijver Reugebrink niet echt in de vlotheid en de kracht van een algemene taal, of durft hij niet resoluut de verdediging van de algemene taal op zich nemen. Dan nog liever het gebruik van allerlei nep- en tussentalen -creaties van de gebruikers zelf-, verdedigen. Want dat zgn. 'Kempens' van Natalia, is inderdaad extreem 'particulier', artificiëler dan de algemene taal, en wordt niet gedragen of gesproken door een taalgemeenschap. En meer dan waarschijnlijk tot stand gekomen uit onvermogen of luiheid om zich een vlotte, algemene taal eigen te maken.
De vraag kan ook gesteld worden of de openbare omroep, wat taal betreft, geen voorbeeldfunctie heeft. Talloze ouders, onderwijsmensen, ambtenaren... doen al decennia pogingen om een vlotte algemene taal aan te leren en te gebruiken. De omroep was daarin altijd een sterke bondgenoot. De laatste jaren is het evenwel alsof vooral de televisie allerlei tussentaaltjes propageert, die vis noch vlees zijn: geen algemene taal maar ook geen streektaal. Op die manier werkt de VRT met ons geld de inspanningen van zovelen en het gebruik van een vlotte algemene taal in allerlei omstandigheden tegen.






