Gedicht bij een foto

Gedicht bij een foto
China
China
De wereld van mijn ouders,
mijn wereld,
valt in puin.
Het nieuwe China
raast vlakbij voorbij.
Mijn oude ogen zien,
begrijpen doe ik niet.
Nog even zal ik langs de straat
de laatste groenten
uit de laatste tuin
te venten staan.
Angst grijpt mij aan:
mijn oude China ligt in puin.
Maïs
Het versgeploegde veld bezaaid
was vlug al omgedraaid
in vinnig groene stengels.
Toen ving het huis
in d' andre straat
langzaam te verdwijnen aan.
Nog even dreef de zwarte klink
en ook de boer zijn bovenhelft
boven het mobiel gewelf.
Een week nadien, 't was wasselijk weer,
bewoog nog slechts zijn norse kop
boven de wiegende maïszee.
En opgelet! nu volgt het dak,
het zinken zet zich door.
Hulpgeroep wordt niet gehoord.
Nog eenmaal meen ik iets
van hand of hoofd te zien.
Verzwolgen is het huis nu helemaal,
vergaan met man en muis, zowaar.
Gelukkig is verrijzenis in dezen zonneklaar.
Vakbonden zijn broodnodigNu Verhofstadt oppert dat de vakbonden zich meer zouden moeten bezighouden met het activeren van de werklozen dan met het uitbetalen van de werkloosheidsuitkeringen, wordt er zowel in de vraagstelling van heel wat krantenforums als in de reacties daarop gesuggereerd of geponeerd dat de enige taak van de vakbonden bestaat in die uitbetaling. En die zou inderdaad ook door een overheidsinstantie kunnen gebeuren.
De essentiële opdracht van de vakbonden is evenwel het verdedigen van de werknemersbelangen en in ons kapitalistische economische systeem een voldoende sterk tegenwicht van de arbeid tegen het kapitaal vormen.
Het verwondert me telkens opnieuw dat ook werknemers de vakbonden verketteren en luid verkondigen dat ze in het verleden wellicht nodig waren maar tegenwoordig helemaal overbodig, ja zelfs nadelig zijn.
Alsof aandeelhouders en managers, wier enig streven het maken van topwinsten is, vanuit een door het christendom of het humanisme geïnspireerd idealisme, voortdurend bekommerd zijn om het materiële en geestelijke welzijn van de werknemers.
De woordbreuk van LetermeEnkele jaren geleden beschuldigde CD&V'er Leterme , VLD'er Dewael van woordbreuk toen deze opstapte als Vlaams minister-president om minister in de federale regering te worden. Leterme beloofde bij zijn aantreden in de Vlaamse regering uitdrukkelijk dat hijzelf en de andere CD&V-ministers 5 jaar op post zouden blijven en hoogstens in een ondersteunende rol aan de federale verkiezingen zouden deelnemen.
De senaatslijst trekken, beklemtonen dat je je verantwoordelijkheid niet zal schuwen, en toch jezelf geen kandidaat-premier willen noemen, is de schijnheiligheid ten top drijven.
Leterme bakt het nog bruiner wanneer hij Dewael verwijt dat deze zich liet leiden door de ambitie om minister van Binnenlandse Zaken te worden. 'Maar bij mij', aldus onze oerdegelijke en bescheiden Vlaamse minister-president, 'gaat het niet om de functie of het postje'.
En het klapstuk van de hele vertoning, hét stuitende voorbeeld van normvervaging en van kiezersmanipulatie is de uitspraak: 'De kiezer zal oordelen of dit al dan niet woordbreuk is'.
Leterme en de CD&V zouden beter de verantwoordelijkheid over hun vroegere uitspraken op zich nemen, erkennen dat ze een belofte breken, maar dat ze van oordeel zijn dat de overstap van Leterme en Vervotte naar het federale niveau, politiek verantwoord is.
Met kronkelige redeneringen en een hoge graad van jezuïtisme, van 'zwart', 'wit' willen maken, is een zelfverklaarde 'normen- en waardepartij' als de CD&V, onwaardig.
Tanka
Wandelen in de Hunsrück
De witte dorpjes
rusten in de glooiingen.
De Hunsrück schittert
onder het stralende blauw.
Stille schoonheid om ons heen.