De berg heeft een muis gebaard
Ze heeft er maandenlang over gedaan. In het nieuws kwam ze vooral toen bisschoppen en andere kerkelijke gezagdragers gehoord werden, waarbij sommige parlementsleden het niet konden laten kardinaal, bisschoppen en ordeoversten, over de hekel te halen, ze veeleer als schuldigen te beschouwen. Het waren ook bijna altijd dezelfde politici die door de media waardig bevonden werden om beluisterd en bekeken te worden: op de eerste rij zaten Landuyt en Bracke.
Het waren ook vooral deze heren die beklemtoonden dat de parlementaire commissie zo'n fantastisch werk geleverd had. Een gênant voorbeeld van zichzelf op een piedestal plaatsen was dat.
En wat kreeg nu de meeste aandacht in dat commissierapport? Money. Een van de belangrijkste doelen van die commissie is en blijft: de Kerk doen betalen voor aangericht leed. En niet alleen bij niet-verjaarde, bewezen feiten van misbruik. Verre van zelfs, de kamerleden zien het bijzonder ruim. Verjaring mag geen rol spelen; de dader hoeft niet meer in leven te zijn; zelfs als het slachtoffer overleden is, zou er gearbitreerd moeten kunnen worden: de nabestaanden zouden dan een financiële vergoeding kunnen krijgen. Bovendien wordt ‘schade' door de bedenkers bijzonder ruim geïnterpreteerd: er is het morele, er is het lichamelijke, er is misschien loonverlies door arbeidsongeschiktheid, er zijn therapiekosten.
Als je dat allemaal leest, kan je het voorstel van de commissie niet anders dan een draak noemen. Landuyt wordt de architect ervan genoemd. Hij zou als jurist het schaamrood op de wangen moeten krijgen. Juridisch is het geen parel, het is een onding, raakt geen grond. De commissie heeft iets in mekaar geknutseld buiten een juridische basis of context om. Dat bewijst juist de bevooroordeelde antikerkhouding en/of de onkunde van de meeste commissieleden.
Wat ligt dan uiteindelijk voor? Iets wat flagrant een aantal uiterst belangrijke rechtsprincipes negeert. De bedoeling is voor de zoveelste keer duidelijk: het kerkinstituut nu ook financieel treffen. Uitgaande van een gesuggereerde maar juridisch gezien niet bewezen schuld, oefent de commissie een morele chantage uit. Ze verengt bovendien het wijdverspreide seksuele misbruik tot een geldzaak in de perceptie van velen, en focust in hoofdzaak op de pedofilieschandalen, de meeste uit een ver verleden, binnen de kerk.
Na de publicatie van het eindrapport, dat door Bracke en Landuyt -hun eigen werk(?), weet je wel- een magnifiek werkstuk genoemd werd, is er een oorverdovende stilte over neergedaald. Sporadisch zal het nog wel eens opduiken. Maar een echte aanzet tot een systematische bestrijding van seksueel misbruik in alle sectoren van de samenleving, zal het rapport niet betekenen. Waarom niet? Omdat te veel figuren in die commissie hoofzakelijk bezig geweest zijn met hun agenda: bestrijding van de Kerk.





Waarop volgende pittige reactie van Gerd D. uit Keerbergen online kwam:
'Vurig Vlaams ros? Er zal wel een stevig Brabants trekpaard voor nodig zijn om de Grote Leider te torsen.' Inderdaad.