"Toen ik eten gaf aan de armen noemden ze mij een heilige.Toen ik vroeg waarom de armen niets te eten hadden, noemden ze mij een communist."
- Helder Câmara
Dom Hélder Pessoa Câmara (Fortaleza, 7 februari1909 – Recife, 27 augustus1999) was een Braziliaansekatholiekebisschop. Câmara werd in de jaren '60 en '70 bekend als tegenstander van de militaire dictaturen in Brazilië. Hij keerde zich ook tegen de onsociale politiek van de regeringen. Kort na zijn benoeming tot aartsbisschop organiseerde hij de eerste Latijns-Amerikaanse bisschoppenconferentie (CELAM). Deze conferentie mag een doorbraak worden genoemd. De Latijns-Amerikaanse bisschoppen besloten hun beleid radicaal te wijzigen en begonnen zich, krachtig gesteund door Câmara, op te werpen voor de armen en verdrukten in Zuid-Amerika.
De kinderen zijn voor het eerst weer naar school gegaan. De klassen schijnen overvol te zitten omwille van de vele vluchtelingengezinnen in Qâra. Fier komen de kinderen terug met allemaal nieuw schoolgerief dat ze daar gekregen hebben: schooltas, pennenzak met een overvloed aan pennen, twee gommen, drie puntenslijpers en 8 gewone potloden “made in China”! De directeur van de school in Quosseir, een vurig christen die nu bij ons leeft, kreeg in een telefoon vanwege de regering de vraag waarom de school in Quosseir niet open ging. Met pijn in ’t hart antwoordde hij dat er geen leerlingen meer zijn.
’s Avonds projecteer ik de foto’s van ons verblijf in België en de ontmoetingen die we gehad hebben. Daarna wordt een komische videootje getoond die gemaakt werd voor de verjaardag van een van de mannen, nl. degene die verantwoordelijk is voor binnentuin. Omdat zijn tomaten beter zijn dan die op het terrein, werd daar een hele parodie rond gemaakt en ziet men hoe hij, zogezegd, zijn tomaten stiekem rood verft. De verrassing en het plezier waren compleet. Hij zelf begreep pas bij zijn verjaardag dat het gepruts voor een video de voorbije dagen voor hem was.
Vrijdag 21 september.
Gisteren zijn we tevens met vier kandidaten begonnen met het 1ste jaar theologie, fundamenteel. Ook Johannes-Paulus II heeft een deel van zijn priesteropleiding, werkend in een Solvay-fabriek in oorlog doorgebracht. Waarom zouden wij het niet doen? Het gebeurt nog in het Frans of het Engels en eentje maakt er een Arabische vertaling van. Het is tevens een aansporing om onze woordenkramerij te beperken. Trouwens, als God zulke praatzieke wezens als mij (en sommigen van u wellicht) geschapen heeft, zou het dan niet de moeite zijn om ons af te vragen of Hij zelf ook niet iets te zeggen heeft? En daar is stilte goed voor.
In de voormiddag wordt er verder gewerkt op het terrein: tomaten, boontjes, appelen, amandelen, olijven, nieuwe aanplantingen, water geven... Er is werk in overvloed, voorlopig nog in de brandende zon (terwijl het ’s avonds al flink afkoelt). ’s Morgens doet ieder persoonlijk gebed, ’s middags of ’s avonds is er meestal eucharistie. ’s Namiddags is er eerst een ruime tijd rust en dan tijd voor theologie en Arabisch. ’s Avonds is er eucharistie of vespers. Na het avondeten is het heel de tijd gezamenlijke recreatie, waar ieder wel verder de dingen kan afwerken die hij wil klaar krijgen. De jongens hebben op het dak een gezellige tent gemaakt waar ’s avonds thee gedronken wordt.
Tegen de avond ga ik met mijn tolk uit Quosseir op bezoek bij de twintig moslims uit Quosseir die hier als vluchtelingengezin onderdak gevonden hebben. Ze hebben laten weten dat ze graag hadden dat ik op bezoek kom. Voor mijn vertrek ben ik er geweest en heb gebeden voor hun oude moeder die zo ziek was. Nu vertellen ze dat hun moeder genezen is en weer buiten wandelt. Ze zijn zo dankbaar en blij. En wat een respect hebben deze moslims voor het christelijk geloof en voor een katholiek priester, die niet eens hun taal spreekt (op enkele woordjes of zinnetjes na, waarna ze aanmoedigend applaudisseren)..Met vreugde hebben ze het pausbezoek in Libanon op tv gevolgd en zijn boodschap gewaardeerd. Ze willen nu alles weten over de hiërarchie in de Kerk. Zulk een geloof hebben we in meerdere christelijke middens niet gevonden! Ondertussen komt een van de moeders binnen met zes meisjes. Ze hebben aan onze amandelen oogst gewerkt. Ze vertelden ook dat ze tijdens mijn afwezigheid eens op een zondag alleen in de kerk zaten te bidden terwijl niemand van de gemeenschap kwam opdagen. Abouna Georges had namelijk laten weten dat het te gevaarlijk was om op weg te gaan en dat hij dus niet kon komen, wat zij niet wisten. Moslims die ’s zondags naar de kerk gaan en christenen die afwezig blijven! We hebben er allen hartelijk om gelachen. Deze avond vieren we speciaal de eucharistie uit dankbaarheid voor de aanwezigheid van deze mensen en de geest van vrede vol en liefdevol samenwonen. Moge deze geest zich terug over heel Syrië verspreiden.
Hoe is het nu in Syrië? Wij vragen het ons ook af. Buiten is het op dit ogenblik ijzig stil (behalve op de momenten dat de tien minaretten hun gebedsoproepen lanceren) en binnen zitten we voorlopig nog veilig. Alle deuren, ook binnen, zijn op slot en/of gebarricadeerd. Nu komt er ook nagenoeg niemand meer naar het klooster. Sinds de aanval op onze gebouwen weten de terroristen dat ze ook hier niet veilig zullen zijn en dat het klooster voor hen toch geen goede schuilplaats is. Laat dat dan nog een voordeel zijn.
De berichten in de westerse media, ook de zogenaamde katholieke, blijven ons wel verontrusten. Een bericht over een internationale conferentie over de opvang van de stroom van vluchtelingen lijkt wel edelmoedig maar gaat grotendeels voorbij aan het echte probleem. Er moet niet zozeer gezorgd worden voor de opvang van vluchtelingen, er moet voor gezorgd worden dat mensen niet op de vlucht moeten! Hillary Clinton is lang voor de Syrische crisis alle kloosters in Libanon gaan bezoeken om te kijken hoe zij voor vluchtelingen zorgen. Hoe vroom, denk je dan. Achteraf blijkt dat het dient om Syrië te kunnen “herschikken” en alle christenen uit het land te verjagen (of te laten uitmoorden). Deze westerse waanzin moet aan het licht komen en ophouden. Laat Syrië gerust. Het is volwassen genoeg om zijn eigen problemen, welke die ook zijn, op te lossen.
Na de plechtige slotviering vorige zondag had de paus in de namiddag nog een ontmoeting met de leiders van alle christelijke kerken. ’s Avonds vond het afscheid plaats op het vliegveld van Beiroet, waar de paus allen dankte voor dit ‘hartelijk’ onthaal. Het moet gezegd, Libanon heeft tot in de kleinste details willen tonen dat ze van de paus houden en hem uitbundig alle eer willen geven. De burgerlijke en religieuze hoogwaardigheidsbekleders kwamen de paus nog afzonderlijk de hand drukken. Ook verschillende moslimleiders wisselden duidelijk een vriendelijk woordje met de paus die telkens lachend knikte. Ondertussen bleef een flinke groep jongeren op de achtergrond met vlaggen en spandoeken zwaaien terwijl ze al dansend de naam Benedictus scandeerden. Ook de volgende dagen blijven de posters en vlaggen in Libanon nog hangen.
De boodschap van de paus is duidelijk geweest. Als ook Hesbollah grote welkomposters verspreidt en uitdrukkelijk met pausvlaggetjes staat te zwaaien weet je dat de paus wel degelijk als oprechte vredebrenger wordt erkend en begroet. Al zijn Libanon en Syrië erg verschillend, de meerderheid van het gewone volk toont zowel hier als ginder dat ze verzoening willen en in vrede met elkaar samen leven: een eenheid in de verscheidenheid van vele tradities. Als er onrust gestookt wordt is dit vooral door de grootmachten of, zoals de meester pyromaan van het Midden- Oosten, H. Kissinger, zelf eens heeft gezegd: 'Grootmachten hebben geen princiepen en geen waarden, ze hebben alleen belangen!'
Dinsdag word ik op opgehaald en naar Mar Yakub gebracht door Faycal. Hij komt met een volle terreinwagen met materiaal van Mar Yakub voor Adonis en we rijden terug met een overvolle terreinwagen met materiaal van Adonis naar Mar Yakub. Faycal had al laten weten dat de hoofdweg flink beveiligd is. Inderdaad, vanaf de grens tot thuis moesten we een achttal controleposten passeren en het was meer dan een formaliteit. Tegelijk besef je dat het land flink in oorlog is wanneer de hoofdweg zo zwaar moet beveiligd worden.
Om halfeen vertrokken we in Libanon en om halfzeven arriveerden we in Mar Yakub. En daar heerste een uitbundige sfeer. De kinderen waren verkleed en deden sketches en dansjes, de volwassenen voerden de gekheid nog wat op. Er werd chocomelk geserveerd met snoepjes en cadeautjes werden uitgedeeld. Dan volgde een warme maaltijd. Hierna hadden de jongens nog enkele video’s voorzien die ze zelf gemaakt hadden, maar die werden tenslotte voor later voorzien. Iedereen was moe maar blij. Ondertussen liet men mij de schade zien die door de beschietingen en de obussen veroorzaakt waren wanneer het klooster door een legerhelikopter onder vuur genomen werd. Waarom is nog altijd niet duidelijk. Wil men beletten dat het klooster een schuilplaats zou worden? Een van de zusters laat de gaatjes zien in haar habijt, veroorzaakt door scherven. Toen ik op mijn vertrouwde kamer kwam in de Romeinse toren merkte ik dat ook ik een kleine souvenir van de aanval heb: een van de twee raampjes is gesprongen. Gelukkig allemaal beperkte materiële schade. Ondertussen leven we hier wel met verregaande zelf opgelegde veiligheidsvoorzieningen. De zalige vrijheid van voor de oorlog is voorlopig voorbij.
De jongens hebben afgesproken woensdagmorgen om 9 uur eens uitgebreid te gaan ontbijten in de tuin. En zo zitten we dan met zes rond de tafel (eentje is voorlopig naar huis om zijn moeder bij te staan). Het is voor mij een gelegenheid om eens de foto’s te tonen van ons verblijf in België en te vertellen wat we er allemaal hebben uitgespookt in die (veel te) lange tijd van twee maanden. Daarna gaat ieder aan het werk op het terrein, samen met de zusters. Ook dat gebeurt nu zoveel mogelijk in grote groep
Lezingen over de geschiedenis van de Sint-Martinus- en de Sint-Jobparochie
'Kerken is werken'
Paul Stappaerts en zijn neef, priester Paul Stappaerts, werken al geruime tijd aan een boek over de geschiedenis van de twee Retiese parochies: de Sint-Martinusparochie en de Sint-Jobparochie.
Het boek wordt uitgegeven door de Retiese heemkundige kring en verschijnt op 13 december 2012 .
Op woensdag 26 september geven de auteurs om 14 uur voor OKRA-centrum en om 20 uur voor Davidsfonds-Retie, een lezing over de geschiedenis van de twee Retiese parochies in GC Den Dries.
'Dat is tekenend voor een nationalist. Hij deelt de maatschappij op in het eigen volk en de rest. In een stad moet je net het omgekeerde doen.'
'Alle inwoners hebben de stad gemeen, met de rechten en plichten die daarbij horen.'
'Als de stad niet meer van die 230 jongeren is, van wie is ze dan nog allemaal niet? Hoeveel mensen hebben er niet al eens iets mispeuterd?'
'De Wever zegt: 't Stad is NIET van iedereen. Wat wil hij dan in de plaats ervan? 't Stad is van ons? 't Stad is van wie ik graag heb? 't Stad is van mij alleen?'
'Een burgemeester moet zijn stad verenigen, niet verdelen.'
Natuurlijk is 't Stad van iedereen, zoals elke stad, elk dorp van iedereen is, die er woont. Als men dat niet wenst en zeker als een bestuur of politici dat niet willen, proclameert men discriminatie en verdedigt men gettovorming.
Uiteraard moeten altijd en overal relschoppers aangepakt worden, of ze nu autochtoon of allochtoon zijn. Maar ook die onruststokers , blijven stads- of dorpsbewoners. Zeggen dat ze er niet thuishoren, is een extremistische en in het Antwerpse geval, racistische opstelling. Overigens waar willen die politici deze vandaaltjes dumpen?
De reactie van De Wever, die zich niet op het relterrein liet zien, is beschamend. 'Voor de NV-A is de stad alleen van die mensen die een inspanning leveren om ertoe te behoren', orakelde hij.
Aan welke voorwaarden en activiteiten een mens moet voldoen, om 'ertoe te behoren', maakte hij evenwel niet duidelijk. Wil hij die aub eens bekend maken, dan kan er ook eens nagegaan worden hoeveel 'blanke' Antwerpenaars geen enkele inspanning leveren 'om ertoe te behoren' en hoeveel 'echte' sinjoren het geen bal kan schelen 'om ertoe te behoren'.
Nee, wat in deze platvloerse reactie op een kleine groep herrieschoppers speelt, is electorale profilering. En meer en meer opschuiven in de richting van het Blok-Belang, om de concurrent op rechts de politieke doodsteek toe te brengen.