Geachte mevrouw,
Ik kan mij voorstellen dat uw echtgenoot u ’s morgens aan de ontbijttafel regelmatig om raad vraagt. De vele banken waar uw Lorenz een vinger in de pap heeft, kreunen onder de last van wispelturige schuldenaars en roekeloze regeringen die sneller geld rondstrooien dan het gedrukt kan worden. Het kan niet anders of uw man vertrekt elke ochtend met lood in de schoenen naar een vergadering waar het hoofdpunt op de agenda andermaal het aanhalen van de buikriem is.
En dat terwijl u lichtvoetig naar een koffiegesprek vertrekt bij de banken die onder uw Hoge Bescherming floreren als nooit tevoren. De Belgische voedselbanken hebben immers meer klanten dan ooit. In 2018 kon jubelend gemeld worden dat er bij de voedselbanken maandelijks 150.000 unieke klanten passeerden. In 2019 werd het record ruimschoots opgetrokken naar 165.000 hongerlijders. Vorige maand stond de teller op 195.000. De banken van uw prins Lorenz kunnen alleen jaloers zijn op zo’n groeicurve.
Ik schrijf u deze brief omdat ik u een verfrissend plan wil voorstellen om uw voedselbanken nog populairder te maken. Zou het geen idee zijn om de tweehonderdduizendste klant, die zich ongetwijfeld kort na de nationale feestdag zal aandienen, te verrassen met een geschenkpakket? De officiële televisiezenders kunnen daarbij aanwezig zijn om de heuglijke gebeurtenis luister bij te zetten.
Uiteraard wordt het feestelijke pakket door u overhandigd, maar u kunt zich protocollair laten omringen door Sophie Wilmès en Wouter Beke, onze daadkrachtige minister van Armoedebestrijding. De cadeaumand zou bijvoorbeeld opgevuld kunnen worden met fleurig voedselbankfruit met daartussen enkele enveloppen die de echte extra’s zijn. Dat kunnen voorrangsbonnen zijn waarmee je binnen de maand naar een tandarts of een oogarts kunt gaan (u moet maar eens proberen om, zonder voorspraak, dit jaar nog een plekje op een tandartsstoel te krijgen).
Ik wil mijn schrijven eindigen met de beleefde vraag of u mij kunt laten weten waar en wanneer het verrassingspakket zal worden uitgereikt. Die voorkennis zou soelaas kunnen brengen voor de kloppende kiespijn die ik rechts achteraan heb en voor de troebele blik in mijn linkeroog. Het zou mij ook in de gelegenheid kunnen stellen om zowel mevrouw Wilmès als meneer Beke enkele persoonlijke vragen te stellen.
Met de meeste hoogachting,
Frederik De Meester,
ten paleize ook gekend als Dikke Freddy.
-------------------