Geen dementie
Twijfel
Ik hoor stemmen in een hoek van de kamer;
stemmen uit een voorbij verleden
die de weg naar mijn huis waren verloren:
Hij hoort ons niet, maar ik voel hun woorden
die ik miste toen ik ze vergeefs geroepen heb.
Stemmen die ik ooit beter heb gekend
toen mijn handen nog niet beefden,
mijn benen hen rusteloos vergezelden
op de door hen verzonnen reizen
naar onbereikbaar gedroomde paleizen.
Iemand heeft mijn code ontcijferd en het slot verbroken
dat de weg bevrijdt naar volatiele doelen
met tijdelijke en eindige euforieën..
Er echoot een requiem tussen mijn oren,
er davert een zucht van opluchting naar mijn besef
dat niemand mijn antwoord verlangt op hun vragen,
en niemand verwacht dat ik hun besluit zal nuanceren
sinds een sterrenbrein hun zei dat dementie synoniem is
van de blik in de ogen van een schaap dat klaar is
om gekeeld te worden voor het offermaal.
Ik koester mezelf in mijn ziel
en verlaat het gezelschap van bloed en adem
maar aanhoor met weemoed het occulte gesprek
dat de toekomst van mijn lijf bepaalt
waarin mijn geest gevangen zat.
Ik reis verder weg dan ooit tevoren
ver van moeders uit wie ik ben geboren
van dromers die liegen, verbergen en slijmen
terwijl alleen nog deze verzen rijmen.
Tegelijk blijft mijn ziel discreet aanwezig
als een regenwolk die voor geen wind wil wijken
en zal spoken tot de hypocrisie wgesmelt
in de doolhof van vals zelfbehoud.
4 oktober 2026

