Maar goed
Gelukkig maar
Als ik nu verliefd wou worden
op dat meisje uit mijn straat
is het vijftig jaar te laat
om haar naam te krassen in die borden.
Als ik mijn angst zou overwinnen
en haar vroeg mij te volgen,
zonder angst voor de gevolgen
van de uren met jou samen binnen
Als ik toen niet kon beseffen
dat ik zou relativeren
wat ik toen niet dorst riskeren,
om de schijnvloek op te heffen
Dan zou het mij nu nog niet spijten
dat ik haar vergeten wou,
ondanks drift en ondanks rouw
en kon ik niemand iets verwijten

