Wil je meer lezen over het nestje bordercolliepups en hun ontwikkeling de eerste 8 weken kijk dan eens op www.hettysite.nl weblog 1 vanaf 1 juni 2007. Het was zo mooi om mee te maken dat ik er een kinderboekje over schreef. Dit dierenprentenboekje is te koop. Scotty vertelt over wat hij beleefde vanaf het moment dat hij geboren werd tot hij zich op z'n gemak voelde bij z'n nieuwe baas. Meer informatie over "Ik ben Scotty" en hoe je het unieke boekje kunt bestellen, is op de website www.hettysite.nl te lezen onder het kopje Kinderboekjes. Welkom!
De pups van Tessa en Scott waren een geweldige ervaring!
Een paar pagina's uit het kattenprentenboekje IK BEN MONIEK. www.hettysite.nl
of de belevenissen van een Achterhoekse in Drenthe
03-06-2011
Over een gaffel en zei- spreuken....
Zö-w es efkes bie Jans en Geesje gaon kieken?, stel ik Wim voor. Op mooie deze Hemelvaartsdag zitten we opnieuw bij de wei. Als het mooi weer is, is dit het mooiste plekje om te zitten. Volop zon en altijd genoeg schaduw door de enkele boom die ook hier nog staat. We zien heel wat mensen voorbijfietsen, dauwtrappen kun je het niet meer noemen. Wanneer er een man voorbij komt joggen in zn blote bast, het shirt in zn hand gepropt, applaudisseren we nog even wat met een zwaai beantwoord wordt. Dan gaan we even buurten. Jans en Geesje zitten op de vlonder voor hun chalet, een daalders plekje. Jans hoeft ook nooit weg:t Is nergens zo mooi als hier, placht hij te zeggen. Wij kunnen het best vinden met elkaar. We praten ieder onze eigen taal, wij de mix Achterhoeks/ Hattems en zij natuurlijk Drents en Kanaols, zoals dat genoemd wordt als we het over de streek richting Nieuw Weerdinge en Stadskanaal hebben. Jans wil even weten: Wet jullie ok wel wat een gaffel is? Bie-j ons ( ja zo noem ik het nog steeds als ik aan Vorden denk) zekt ze gavel tegen een heujvörke. Nee Jans bedoelt zon vork om worsten mee in en uit de wimme te halen. Ach gaffel wordt voor meer dingen gebruikt met dezelfde vorm, volgens Bartjes.
1.tweetandige vork; 2.hooivork; van de gaffel in de greep vallen van kwaad tot erger komen; 3.ook benaming van verschillende voorwerpen die de vorm van een gaffel hebben, o.a. op schepen: voorwerp aan de mast ter bevestiging van een zeil.
Het brengt me op de zei- spreuken :
Op de Achterhoekse kalender vind ik ze soms: zei-spreuken. Deze week vond ik er wat over in het Nieuwsblad van het Noorden, want ook het Drents kent ze. Abel Darwinkel vertelt: Een apologisch spreekwoord is een bezunder spreekwoord in dizze trant: Beter laot as nooit, zee de boer, toen zien zeun van zestig jaor trouwen gung. Zun apologisch spreekwoord wordt ok wel zei- spreekwoord neuimd, omdat der altied eein in veurkomp die wat zeg. Een zei- spreekwoord besteeit oet dreei deeilen: een spreekwoord, een spreker en een grappige, vaok letterlijke oetleg. Ze maokt echte spreekwoorden een beetie belachelijk, deur zeein te laoten dat ze in een bepaalde situaotsie niet kloppen.
Overdaod schaodt, zee aol Jopk, en hie schudde naober Haarm de appels van de boom.( Eext)
Een ei is een ei, zee de boer, en hij nam de dikste. ( Sleen)
Alles met maot, zee de snieder en gaf t wief met de elstok. ( Norg)
Geld sprek, zee de rieke boer en doe houwde hij met de geldbuul op taofel. ( Havelte)
Het giet niet um het gewin, mar um de aordigheid, zee Piepien, doe hij an de winnende haand was. ( De Wijk)
Wij zult hum dat klokkkern wel even ofleren, zee Jaan, en hie schönk de fles aal leger. ( Eext)
Vrogger kreiden de hanen, nou doet ze allend de bek nog lös, zee de dove boer. ( Nieuw Amsterdam)
Bron: dr G.H. Kocks- Woordenboek van de Drentse Dialecten
Soms is het lekker een dagje niks te hoeven doen. Wim is al op tijd weg naar zijn woensdagse zanggroep en als ik de krant uit heb ga ik even bij de wei zitten. Amber blijft bij mij in de buurt, meestal heb ik wel een stukje brood bij me. Ze kan nog steeds vanuit haar wei gewoon verder op het erf grazen en dat bevalt haar uitermate. Julia en Beertje het veulen zijn weer naar hun eigenaar en nu heeft ze meer belangstelling voor ons gekregen. In een andere weide lopen de Schoonebekers. De lammeren groeien flink. Het lam, de eenling, groeit wat harder dan de tweeling. Die krijgt ook meer melk natuurlijk. En in weide no drie staat de sproeier flink te spuiten. De bron die wat dichtgeslibd zat heeft Wim door er water in te pompen weer open gekregen. In de wei zie ik een kwikstaartje druk in de weer. Die is voedsel aan het zoeken in het gras en brengt dat dan naar één en dan naar een ander jong, waarschijnlijk zijn ze net uit het nest en worden nog gevoerd. Ineens vliegen ze alledrie op en gaan verderop. In de ponystal zit zoals ieder jaar een zwaluwennest met jongen. De vier overgebleven grote kuikens van de kriel scharrelen samen rond op het erf. Twee van de zes zijn door een dier te pakken genomen en lagen dood en aangevreten in het hok. Moeder Kriel heeft ze nu verlaten en heeft zich bij de grote kippen en haan gevoegd en nu moeten ze zelf hun kostje opscharrelen zoals moeder het hen geleerd heeft. Even later bij de vijver zie ik een dikke groene kikker, eindelijk blijven ze. De padden zijn er altijd maar even om te paren, meestal begin april. Wat later zijn ze dan weer verdwenen. Ook zijn de gekraagde roodstaartjes er weer. Omstreeks koninginnedag zijn ze altijd weer in de buurt. De natuur is prachtig. Als ik even later op het terras kom zie ik daar een grote vissenkop van een van de dikste goudvissen uit de vijver liggen. Dat is het werk van Loeder. Ook dat is de natuur.
'Hoe gaat het', vraag ik. Goed en niet goed, antwoordt mijn Marokkaanse taalmaatje. Niet goed door warmte, zegt ze nog. Mijn auto is niet warm, ik heb airco, stel ik haar gerust. Ik wapper wat met mn handen. Het blijft handen en voetenwerk. Vorige week had ik al aangekondigd dat we samen op stap zullen gaan en ik ben benieuwd of ze wel mee wil. Eén van haar dochters is er als ik kom en warempel er zijn geen bezwaren dit keer. En zo ga ik dan op pad, gearmd met een Marokkaanse in witte lange kleding mèt hoofddoek en een tatoeage op haar kin. Ik zal haar toch eens vragen waar dat voor is. Ik maak er een mooi ritje van en we komen uiteindelijk bij Kringloopwinkel het Goed terecht. Op ons rondje door de winkel trekt ze me ineens aan de arm en fluistert:Marokkaanse vrouw. En inderdaad is het een jonge Marokkaanse mèt hoofddoek die meehelpt in de winkel. Ik krijg mijn maatje zelfs mee het café in waar op dat moment niemand zit. We gaan aan de thee en koffie, heel gezellig. Ze lijkt ontspannen. Ineens voel ik haar verstijven . er komt een man binnen. Die gaat echter in een hoekje zitten en ze ontspant weer. Bij de uitstalling van alle keramiek en glazen voorwerpen kijkt ze vooral naar de gouden randjes, maar nee die hoeft ze niet. Ze vindt nog wel een prachtige grote platte schaal. Voor couscous.. en vlees.. voor bezoek. Ze tikt er een paar keer vakkundig tegenaan om eventuele breuk uit te sluiten. Uiteindelijk gaat ze heel tevreden met die mooie schaal naar huis. Bij de uitgang komt net iemand met een schootmobiel naar binnen. Ze stoot me opnieuw aan: Krijg ik ook. Ik ben benieuwd. Ze is 71, loopt slecht, kan niet meer fietsen vanwege de tia die ze gehad heeft. Maar of die schootmobiel er komt in deze tijd van bezuiniging ? Maar ik merk dat ze blij is met ons uitje en de afwisseling in haar bestaan. Het zou goed zijn om Nederlands te praten met je kinderen, stel ik haar voor. Ja, Karima doet, zegt ze.