Wil je meer lezen over het nestje bordercolliepups en hun ontwikkeling de eerste 8 weken kijk dan eens op www.hettysite.nl weblog 1 vanaf 1 juni 2007. Het was zo mooi om mee te maken dat ik er een kinderboekje over schreef. Dit dierenprentenboekje is te koop. Scotty vertelt over wat hij beleefde vanaf het moment dat hij geboren werd tot hij zich op z'n gemak voelde bij z'n nieuwe baas. Meer informatie over "Ik ben Scotty" en hoe je het unieke boekje kunt bestellen, is op de website www.hettysite.nl te lezen onder het kopje Kinderboekjes. Welkom!
De pups van Tessa en Scott waren een geweldige ervaring!
Een paar pagina's uit het kattenprentenboekje IK BEN MONIEK. www.hettysite.nl
of de belevenissen van een Achterhoekse in Drenthe
15-03-2015
Kleintjes worden...
'Zie ik je vanavond nog?' De jongelui overleggen even waar ze 's avonds heen zullen gaan. Eva is jarig geweest en vanavond gaat ze met haar vrienden en vriendinnen Emmen in. Als je 17 bent is dat een logische besteding van de zaterdagavond. Zo leuk om te zien dat je als volwassenen met elkaar kunt praten. Wat gaat de tijd snel. We halen nog herinneringen op aan de tijd dat ze samen regelmatig bij ons waren. In elk geval elke woensdagmiddag als we ze beiden uit school haalden en de rest van de dag met spelletjes, spelen met de honden, gras maaien, knutselen of een theater- of museumbezoekje doorbrachten. En wat hebben we een leuke dagjes uit met ze gehad. Nu Robin en Eva wat ouder zijn zien we ze niet zo vaak meer, maar een eenmaal opgebouwde band die blijft altijd. En ja hoor, ze wilden best even samen poseren voor me.
3e foto: 2007 Robin en Eva met de pups uit het laatste nestje van Tessa en Scott
En dan ben je alleen maar verwonderd over zoveel aandacht. Het was een dag voor ons tweeën zoals wij hadden gedacht. Geen kaarten, geen groot feest, nou ja... in etappes gaan we wel het een en ander doen. De stapel kaarten groeit nog steeds. Op Facebook, ja dat is wel een fenomeen, zijn er ontzettend veel felicitaties over ons heen gestort. Toen we dinsdag laat thuiskwamen stond er zelfs een voorjaarsbak van de 'Timmertjes', onze buren. 'Hebben jullie dan buren?', wordt vaak gevraagd. Ja, wij hebben buren, 400 m naar links en ook 400 m naar rechts. En ... betere vind je nergens. Hier staan we nog even naar de bloemen en de chocoladeverrassing te kijken. Ben en Niesje hadden een foto gevonden van ons 25 jarig huwelijk en bij A3 ingeleverd. Die maakte er een mooi chocoladeportret van. Te mooi om aan te beginnen. De boot is ook geweldig en doet me ineens denken aan de nog jonge Johan die me plaagde met mijn verkering met een zeeman. Hij zong dan telkens in het voorbijgaan: 'Op de kade stond een juffrouw....' en een regel verder het refrein: 'Janus, Janus, pak me nog een keer en als je dat nou niet doet dan kan je het niet meer'. Ik kan je vertellen... de ondeugd zit er nog steeds in. Ik mag geen voorbeeld geven want telkens als hij iets vertelt of doet in mijn bijzijn komt er meteen achteraan: 'En dat kump niet op de site heur'.
Het was eigenlijk mijn wens om deze dag met elkaar nog eens de route te rijden en te beleven zoals we dat 50 jaar geleden deden. De beide huizen waar we opgroeiden worden nog bewoond door de familie. De broers en zussen waren er voor in en zo begonnen we aan onze dag in Hattem met bloemen voor de gastvrouw en een doos gebak. Jammer dat Tonny er niet bij kon zijn. Die moest met haar broer Theo naar het ziekenhuis die na een val met een gebroken arm zat. En na de koffie ging het verder richting Apeldoorn, met bloemen en de chocolade creatie van A3 met onze foto er op. We namen een gedeelte van de oude weg zoals die vroeger gereden werd als Wim met z'n motor richting Vorden ging. We maakten wel een uitgebreide tussenstop bij Dick in Apeldoorn. Die herinnerde zich nog precies waar hij de felicitatiekaart voor ons had gekocht in Arnhem waar hij toen studeerde. Anda was toen ook al in beeld en die stond ook genoteerd op die kaart.
We hebben gisteren een prachtige dag gehad. Na 50 jaar hebben we de route afgelegd die we 50 jaar geleden regelmatig reden en zo ook op onze trouwdag. Onze broers en zussen maakten er een feestje voor ons van. Vanuit Apeldoorn werd de Boomgaard onze laatste pleisterplaats, de boerderij waar ik opgroeide. In Vorden aangekomen op de Boomgaard zaten de broers en zussen al te wachten. Henk zat al met z'n fototoestel in aanslag en maakte deze leuke foto's. Een schip vol bloemen staat symbool voor Wim z'n connectie met zijn vroegere baan als scheepswerktuigkundige èn onze huwelijksboot. Het boekje van Harry maakte het cadeau compleet. Johan en Joke stelden voor om toch efkes iets van de Vordense Chinees te halen en zo zaten we weer eens samen met broers en zussen, erg fijn.
Het is me wat. Een paar jaar geleden is onze vloer vakkundig geschuurd en in de olie gezet. Een gelakte vloer is ook niet alles. Ik weet nog dat onze eerste kennismaking met een gelakte vloer de twintig lange strepen op onze nieuwe vloer aan de Kuifmees was. De toen nog jonge Laska vloog de bocht om naar de voorkant van de kamer en zijn nagels waren scherp. Nu kozen we dus voor olie op de vloer. De parketteur deed dat de eerste keer. Werd heel mooi. Maar… je moet dat wel herhalen. Dat werd dus op de knieën op een kussen door de zo leeg mogelijk gehaalde kamer. Je moet het een dag later nog wel even uitwrijven. Ik wist meteen wat ik miste. De boenmachine die we in Hengelo hadden, daar hadden we dat ouderwetse parket dat in de was gezet werd. Helaas, die verkochten we aan de nieuwe bewoners. Nu heb ik wel een stuk schapenvacht, ooit was het de zitting van een autostoel, heel geschikt om te wrijven. Maar om weer op de knieën over de vloer te moeten? Dan maar vastmaken aan de bezem. Tja… hoe maak je die vast aan je bezem b.v. Ik kreeg toen de volgende tip. Een touw aan de vacht en met een kind of de hond er op trek je die door de kamer. Jammer, ik heb geen kind meer in huis en Storm zie ik dat niet ondergaan, hè Storm? Die komt aanlopen met een knuffel in de bek,.... mag ik mee gaan gooien.
28-10 2012. De Amerikaanse eiken bij de wei zijn prachtig in de herfst.
Het begint tijd te worden om het eikenblad dat in en bij de wei ligt op te ruimen. Eikenblad verteert niet. Eerder deed Robin dat nog wel eens in november met de zitmaaier want die zuigt ook wel bladeren op. Maar die is druk met huiswerk, vrienden en zijn bijbaantje als vakkenvuller bij de Jumbo. Maar nu liggen er toch hele ‘fotsen’ van bladeren vastgeplakt in het gras. Ik ken er geen beter Nederlands woord voor. Fotsen geeft het precies aan zoals het is. Eronder begint het gras al dood te gaan. Ik neem meteen de border achter maar mee. Telkens niet langer dan een uur. Dan vind ik dat ik even koffie verdiend heb en ga dan met de beentjes languit om bij te komen en, als het de tijd is, naar Escape to the Country te kijken bij BBC1. Intussen heb ik al heel wat bulten blad liggen. ‘A’j tied hebt mag ie vanmiddag dee bulten wel efkes wegwerken’, stelde ik Wim gistermiddag voor. ‘A’j elke dag twee kruuwagens vol wegsjouwd is et an ’t ende van de wekke veur mekare’. Intussen ging ik voor mijn wekelijkse bezoekje naar buurvrouw Wielens, die zaterdag 89 jaar hoopt te worden. Als ik terugkom is Wim al met het eten bezig en zie met een half oog geen bulten blad meer. Ik vraag hem: ’Wol ’t een betjen met dat blad en de kruuwagen? Kon ie ’t redden met de enkel?’ Ik had het kunnen weten. Alles weg, allemaal naar buiten het erf gebracht op de takkenwal
Een bruine Texelaar met twee witte lammeren samen in het lammerhokje.
'Je moet hem wel warm houden’, hield dokter Harrie, de veearts, me voor na een zware bevalling van een van onze vroegere Texelaars. Het lam was wonder boven wonder in leven gebleven dankzij de hartmassage en mond op bek beademing van onze vasthoudende dierenarts. We hadden nog niet zo lang schapen en ook nog geen warme lamp. Die nacht hielden moeder ooi en ik met een dikke deken het lam warm. De warme lamp werd ogenblikkelijk aangeschaft en heeft vaak dienst gedaan. Dokter Harrie leerde ons de beginselen van het af lammeren . ‘Je houdt eerst moeder en lam een dag apart in een hokje zodat ze aan elkaar kunnen wennen’, was de tweede les. ’s Avonds om half 10 gingen Wim en ik altijd nog even de stal in om te kijken of alles goed ging met moeders en hun lammeren. Heel tevreden knabbelden de ooien aan het hooi en de kleintjes lagen lekker warm bij elkaar of bij hun moeder. Daar moest ik vanmorgen aan denken toen ik in paniek naar de stal snelde. Ik had alleen het rammetje bij de moeder en de andere ooien zien lopen. Ik miste het kleine donkere ooitje. Gisteren had ik nog met Rob gemaild over de kou en de nattigheid voor die kleintjes. Maar Rob stelde me toen gerust. Als de lammeren de eerste dag overleven gaat het goed met de Schoonebekers, dit oude oerras. Niks aan doen. Maar nu wist ik niet hoe gauw ik bij de stal moest komen en wist zeker dat er een dood lam zou liggen. Wat schetst mijn verbazing… en opluchting. De kleine stond net in de benen, keek me nieuwsgierig aan en leek zo levendig als wat. Ik kon het niet laten. Ik pakte de kleine met een vlugge beweging en met het lekker warme lam in mijn armen liep ik 100 meter verderop naar de moeder en de andere ooien. Opgelucht zag ik hoe moeder en kinderen verder liepen en even later doken beide lammeren onder de moeder voor hun volgende portie melk.
'Gefeliciteerd, Rob', kon ik vanmorgen melden. 'De eerste tweeling is er'.Toen Wim vanmorgen ging kijken stonden ze allebei al en dronken al bij de moeder. 'Kun je al zien wat het zijn?', vroeg Rob meteen. Vorig jaar had hij heel veel rammetjes, terwijl hij liever ziet dat er meer ooitjes geboren worden. Maar dat kon ik hem nog niet vertellen. Wel de foto sturen. 'En bij welke ooi?,' was zijn tweede vraag. Ik kon melden: 'Die met het witte stipje op de neus'. En hiermee zijn jullie ook weer op de hoogte van het begin van het lammerseizoen aan het Schoolpad.
Hij was de redder in nood voor onze vrouwengroep Passage Zuidbarge Rietlanden. Berend Pluister werd gisteravond nog gestrikt om vanavond een lezing te komen houden omdat de dame die aanvankelijk zou komen geen stem had. Berend deed het overigens met plezier want de Tanzania werkgroep, die naaimachines voor Tanzania verzorgt, betekent heel veel voor hem. Berend vertelde met passie over het ontstaan van deze werkgroep. Intussen zijn er al meer dan 4000 hand-, trap- en elektrische naaimachines naar Tanzania verscheept mèt een bijgevoegd naaipakket waar de naaisters na een training meteen mee aan de slag kunnen. Zo’n pakket bevat behalve een lap stof knopen, schaar, tornmesje , ritsen, naalden en naaigaren. Berend vertelde over de verschillende zusters zoals Zuster Anna Brigitta die veel goeds deed en meisjes opving zoals de te klein gebleven Victoria. Zuster Aquino die naaitrainingen verzorgt. Hij raakte helemaal goed op dreef toen hij vertelde over Josefien, een kiene dame maar ook een haaibaai die het wel redde om een opvang te regelen voor gehandicapte jongeren die anders verstoten worden uit de gemeenschap. Ze ving de leerlingen op in huis, zette een zangkoor en een theatergroep op. Ze zorgde dat ze een goed netwerk kreeg, dat leverde veel donaties op. Zo ontstond er een school voor vakonderwijs, les in landbouw, naaien, houtbewerken, elektrotechniek. Ze zorgde dat er een school voor communityworkers van de grond kwam en zelfs kwam er een dagopvang voor ouderen en verstandelijk gehandicapten. Geen wonder dat hij enthousiast over alles kon vertellen. Zijn vrouw Griba speelde hierbij een grote rol. Toen ze in 2000 vrij onverwacht overleed werd er een school voor aidswezen naar haar genoemd. Het werd het Griba Vocational Centre in Tabora. Door de videobeelden kregen we een aardig beeld van het leven daar in Tanzania, de cultuur en ook het enthousiasme waarmee hij ontvangen werd. Tot slot had Berend ook nog wat aardige anekdotes, over de 2e hands Volkskrant die hij had moeten kopen voor 2,75 dollar en de taxichauffeur die een aardig stukje omreed om hem bij familieleden inkopen te laten doen. Ach Berend, je bent een voorbeeld voor ons allemaal. Je doet wat op je weg komt en dat met zo’n passie! En zo zie je maar weer: passie heeft niets met leeftijd te maken! Op het ogenblik zijn er voldoende naaimachines, maar naaipakketjes blijven zeker welkom. Hartelijk dank voor de mooie avond!
Ik ben er al weer langsgereden’, zegt Wim als hij thuiskomt en ik zie een lichte twinkeling in zijn ogen. ’Hoe bedoel je?’, vraag ik dan. ‘Nou… toen jij weg was ben ik maar eens een rondje gaan rijden op de fiets. Dat gaat weer en ben meteen maar langs de plek gereden waar ik toen viel… Het was op een steil stukje voetpad dat onder de treinrails door ging. Nu was het in elk geval niet glad. Hij reed meteen maar verder door het dorp, even buurten bij Jan en Edith en heel voldaan kwam hij thuis. ‘Bedank Jantje nog maar eens, zei hij nog toen ik vanmorgen met een nieuw opgezet schilderij en een tas verfpotten en – kwasten richting Atelier Helderrood vertrok. Jantje en haar Koos hadden na Wim z’n onfortuinlijke val met zijn fiets een echt leuke kaart gestuurd als ondersteuning in de komende tijd. Je ziet al wat Jantje gevonden had. ‘Die is veur Wim’, had ze tegen Koos gezegd toen ze deze kaart met fiets tegenkwam. De meeste kaarten omstreeks oud en nieuw, verjaardag en brokken maken zijn richting de crea-groep van de kerk gegaan. Die maken er weer andere mooie kaarten van. Maar deze blijft hier en krijgt een ereplaats net als een paar andere die net wat extra’s hebben. Met dank aan de afzenders!
In de tijd dat ome Herman en tante Nettie nog leefden, en de meesten de kinderen groot hadden, begonnen de reisjes van onze ooms en tantes richting de USA. Dat werd door Herman ook sterk aangemoedigd. Zelfs Anton en Dinie Voortman waagden de oversteek, vader Hein en mama met tante Hermien en oom Sjoerd ook in 1975. Zelf bezocht Herman een keer of 13 zijn geboorteland tot op hoge leeftijd, soms met Nettie, maar ook een keer met zijn oudste zoon Harold. Het voelde als een oudere broer, zo apart. Harold stuurde me wat later de autobiografie van uncle Heurmen zoals zij hem wel noemen. Nu is het de beurt aan de volgende generatie want de bloedband blijkt sterker dan je zou denken. Ben en Diny zijn al een paar keer die kant op geweest, wij ook 2,5 jaar terug. Harold en Luella en ook Curtis en Berdena kwamen onze kant op. Tante Heintje, tante Jantje en oom Bram werden trouw opgezocht. En steeds hadden we het gevoel dat het meer zijn dan verre neven en nichten. Leuk is dat! Omdat Diny en ik net als Berdena de enige Egginks zijn noemden we ons zelfs de Eggink- sisters. Als mijn stem wat beter was gebleven zouden we zo een zang trio kunnen vormen. Afgelopen jaar kwam zelfs de nog nieuwere generatie aan bod. Abbie, de kleindochter van Berdena en Curtis woont met haar Haagse vriend Eduard in Den Haag en Pamela was dit voorjaar met Brett in Nederland en zelfs een dag bij ons in Drenthe. Nu is het zover dat Curtis en Berdena plannen hebben gemaakt om in september weer naar Nederland te komen en wat meer is…. Hij zou graag zijn 75e verjaardag met ons en Ben en Diny in Berlijn gaan vieren. Dat moet te regelen zijn. Dat is een kolfje naar Bens hand. De busreis naar Praag is ons 4 jaar geleden erg goed bevallen. Dus… mooie vooruitzichten!
Het seizoen is begonnen. Ik bedoel het lammerenseizoen. Herder Kievit van het Veenpark kwam het eerste lam bij buurvrouw Anja brengen. Wat speet hem dat. Zijn beste ooi had een prachtig klein ooilam gekregen, kwam twee dagen later met de horens in het gaas en door de stress was het met de melk gedaan. Anja was al voorbereid en had vorige week al melk en een nieuwe speen ingeslagen voor het geval dat. Nu zit dat kleine ding in de grote door Alle getimmerde houten kist midden in de kamer, omringd door de goede zorgen van Anja en de jongens. Leuk hoor! Een paar jaar terug kwam Kievit bij mij met z’n lammeren, maar omdat bij Rob het lammerseizoen pas vanaf 1 april begint zat ik dan wel erg lang in de fleslammeren. Daarom schakelde ik Anja er bij in. Eerlijk verdeeld, zij de Drentse heidelammeren en ik de Schoonebekers. Ik mocht haar vanmiddag even vasthouden en knuffelen, kraamschudden noemden we dat vroeger bij de baby’s die op zo’n avond door iedereen even vastgehouden werden. ‘Kiek toch es wat een flink kind, hee hef ’t duumken al in de mond’. Ook nu kon ik beamen dat het een prachtig stevig ooilammetje is die bij Anja alle kansen krijgt. Succes ermee…
Ik wist niet dat ik zoveel in huis had. Ik kijk wat er allemaal op tafel verzameld is. Mijn hulp doet ‘de hoekjes’ en dat doet ze goed. Wat ze tegenkomt legt ze op tafel en dat mag ik uitzoeken. Af en toe zingt ze er bij. ‘Dat mag ik toch zo graag doen’, zegt ze. Ik bekijk de verzameling. Het meeste kan zo de vuilnisbak in. Gelukkig zijn het niet allemaal prutteltjes die ìk van me af gelegd heb. Er is ook een enorme schroevendraaier bij en een soort plakband dat in de schuur hoort. ‘Nu je been weer de goede kant op gaat, mag jij het kantoortje wel eens goed opruimen’, stel ik Wim voor. Hij reageert er niet erg op. Dat heeft meestal even tijd nodig. Ken je dat? De werkplaats in onze schuur wordt door ons nog steeds naar oud gebruik ‘het kantoortje’ genoemd. Ooit begon hier iemand met autoschades en had er in een aangebouwd stukje aan de schuur zijn kantoortje. Intussen heeft er al een fysiotherapeut gewoond en een ambtenaar en nu wij al 21 jaar en nog steeds heet de plek, nu met werkbank en gereedschappen, het kantoortje. Ik ben intussen in de schuur aan de gang met uitruimen, weggooien, schoonmaken en weer inpakken. We hebben in die 21 jaar veel te veel bewaard. Alles wat ik de laatste twee jaar niet gebruikt heb kan weg. De Kringloop is blij met me. Het heeft me al heel wat koffiebonnetjes opgeleverd.
Terwijl we 45 jaar geleden een paar weken extra op hem moesten wachten maakt Mark dat allang weer goed door regelmatig langs te komen. Het komt hem en ons goed uit. Hij zet Queeny bij ons achter het hek om haar ’s middags na zijn werk weer op te halen. Wij èn Storm vinden het leuk om haar om ons heen te hebben. Bovendien zien we in elk geval een van de drie jongens wat vaker en we praten meteen weer bij. Heel gezellig. Rick z’n bezoeken beperken zich tot eens per veertien dagen. Hij houdt van structuur. Bij uitzondering wijkt hij daar van af. Gerhard en Judith wonen op onze oude plek, gelukkig ook niet ver weg. Het scheelt dat hij af en toe de Tom tom nodig heeft, komt hij nog eens extra langs. Maar als er iets aan de hand is met een van ons staan ze alle drie paraat en dat doet weer goed. Vandaag is het dus Marks echte verjaardag. Gisteren werd er aan de Schaapstreek al feest gevierd. Wat hij wilde hebben voor zijn verjaardag, vroeg ik van te voren. Als ik dat eerder aan Gerhard vroeg was het antwoord altijd: Geen kleren, want zijn verjaardag de 10e december was dicht na de sint en na de spel- en speelgoedsint gaven we inderdaad vaak iets van kleding. Bij Mark ligt het anders. Die wil juist graag kleding. Daarom gingen we zaterdag gewapend met de foto’s van die speciale jeans, die via een app verstuurd waren, naar Friends om dat ene type jeans te scoren. Wim maakte een goede beurt bij de vlotte verkoopster: ’Zoo .... een appje….. oo en ook nog een I-phone!’ De broek viel gisteren in goede aarde.