
Het zou een verhaal kunnen zijn over twee landlopers, die met elkaar optrokken en ongelofelijke avonturen beleefden. Maar neen, het zijn gewoon twee aan elkaar rakende kanalen, het ene, gelukkig bevaardbaar, het andere jammer genoeg niet en gescheiden door een keersluis.
Er is vooreerst de "
Stinker" vroeger bevaarbaar voor beroepsvaart tot max 47m schepen (ca.350 t op de aangegeven diepgang), ook wel eens
Schipdonkkanaal genoemd. In Balgerhoeke stond er vroeger een silo, waar zelfs granen vanuit Duitsland werden aangevoerd. Ook binnenlands heb ik zelf nog schepen bevracht naar Balgerhoeke, maar toen al met verminderde diepgang van 1,80m, en voor een spits (38m schip) was dat max 250 ton. Bij schaalvergroting in de binnenvaart bleek deze geringe tonnemaat niet meer haalbaar tegenover de silogiganten in Gent en Antwerpen.
Het kanaal zelf werd gegraven in 1852 en diende als afleidingskanaal die het overtollige water van de Leie moest opvangen. Nu nog wordt er regelmatig gespuid, waardoor men ten zeerste moet opletten bij het invaren van de Schipdonksluis. Ikzelf ondervond het aan den lijve....
De bijnaam "Stinker" kreeg het kanaal ten tijde van de industrie in Eeklo en het vlasroten langsheen de Leie. Maar de Stinker stinkt al lang niet meer, de vissen zwemmen weer rond en voor ons, gegadigden van het bootje, is het een schitterende daguitstap. Aan het bijna-einde van het kanaal twee mogelijkheden om aan te leggen, de jachthaven Eeklo. Men moet dan, aan de windmolen rechtsuit het kanaal naar Eeklo, dat jammer genoeg doodloopt in Eeklo zelf.
Wanneer men het kanaal richting Balgerhoeke verder neemt, komt men aan V.V.W. Nieuwenrode, een schitterende club aan een gezellig taverne gelegen en dito fietspad dat naar Balgerhoeke loopt, en verder dan de keersluis van Balgerhoeke. Net er voor de antieke spoorlijn, met alle industrieeel erfgoed erbij horend.
Eénmaal voorbij de keersluis komt men aan de "
Blinker", ook wel
Leopoldkanaal genoemd.
Dit onbevaarbare kanaal werd gegraven in 1845 en loopt van Boekhoute (Braakman) tot in Heist. Het diende als ontwateringskanaal voor de omliggende polders. Dit kanaal werd gegraven door de jonge Belgische staat, die na de onafhankelijkheid in 1830, een niet al te best buurtschap hadden met de "hollanders". Vroeger gebeurde de ontwatering van onze polders via het "Lapscheurse Gat" , een kreek die nog steeds de grens vormt tussen België en Nederland, en naar de Noordzee afgevoerd wordt via Sluis en Cadzand. Bij de scheiding van de Verenigde Nederlanden sloten de Nederlanders alle sluizen af. Het gevolg liet niet op zich wachten en diverse landbouwgronden werden waterziek. Omdat het Leopoldkanaal het zuiverste was van de twee vaarten, kreeg het de bijnaam de "Blinker"
Beide vaarten bezitten een unieke bomenrij (populieren), die wel eens "de kathedraal van de bomen" genoemd wordt. Met de fietsen er bij is een uniek natuurgebied vlakbij.
In Oostkerke kruisen deze beide kanalen de "Damse Vaart", vroeger ooit bevaarbaar. Om deze drie kanalen elkaar ongestoord te kunnen laten kruisen bouwde men een technisch hoogstaand kunstwerk : "de siphon". De Blinker en de Stinker doken onder de Damse Vaart, zodat de scheepvaart op de Damse Vaart ongehinderd kon gebeuren.
Tijdens de tweede wereldoorlog werd de siphon door de duitsers opgeblazen en de Damse Vaart langs beide kanten afgesloten. Vandaar dat men in Damme het restaurant "de siphon" kent. Kortom, het is een mooi natuurgebied met kreken en grachten, een uniek watergebied ook dat door de vooroorlogse nijverheid nog gebruikt werd.
Er is sprake om in deze bedding een duwvaartkanaal neer te poten, om voor een binnenlandse ontsluiting te zorgen voor de Zeebrugse haven. Ik hoop dat het niet zo ver komt.
Geef mij maar het rijke krekengebied met al zijn ontspanningsmogelijkheden.