
't Is vrijdagavond 13 juni. We zitten thuis, en donkere wolken drijven voorbij ons raam. Wordt dit de zomer van 2008 ? We vragen het ons af. Mistroostig staan we beiden voor 't raam. We overleggen of we naar de boot zouden gaan. 't Is een spelletje van welles-nietes. Eigenlijk hadden we afgesproken met onze vrienden Karel en Leon, maar Leon blijkt grieperig te zijn.Het liefst gaan we natuurlijk met beiden en we besluiten dit tochtje uit te stellen. Of misschien toch niet.
We pakken snel alles in, en zouden graag de tweede wedstrijd meepikken van het europees kampioenschap voetbal. Beide zijn we voetbalminded. De tweede wedstrijd is Nederland - Frankrijk, en die willen we zeker niet missen. Onze noorderburen spelen immers onaards voetbal voor 't moment.
Snel is alles klaar en met een waterzonnetje arriveren we op spanjeveer. Alles uitgepakt en voor het scherm. Ondertussen zijn we beide akkoord, mocht het een beetje weer zijn, dat we alleen naar Lokeren varen. Later zullen we dit eens overdoen met Karel en Leon.
Zaterdagmorgen schijnt er zowaar een flauw zonnetje. We zijn toch geen watjes ze, varen potverdorie.
De regenkledij wordt bovengehaald, en in de machinekamer haal ik de vetpot met een draai aan, zodat de leidingen terug vol zitten. Het oliepeil geeft ok en onze motor wordt gestart rond de klok van negen.
Immers, om tien uur moeten we aan de Overledebrug in Wachtebeke zijn. Langsheen de Moervaart (22 km) tussen Tildonk en Daknam, vroeger ook wel eens Moererivier of Noord-Lede genaamd, varen we richting Wachtebeke. De bevaarbaarheid van de Moervaart dateert uit de 15e eeuw en werd hoofdzakelijk gebruikt voor het vervoer van turf, aal en bouwmaterialen. Later werd er ook bieten vervoerd, maar ook dat is geschiedenis. Het suikerfabriek van Moerbeke legde immers enkele maanden geleden het bijltje er bij neer. Terug naar de
Overledebrug, één van de zeven te draaien bruggen. Reeds jaren wordt deze job uitgevoerd met een buitengewoon enthousiast team brugdraaiers. Mensen die stuk voor stuk
MEER DOEN dan gewoon hun job.
We zijn met twee bootjes. De Enya ligt vlak voor de Octopus uit Gent te wachten aan het wachtsteigertje , als onze brugdraaier vriendelijk lachend als altijd en in korte broek ons tegemoet komt. Beide krijgen we een boekje met het verhaal van een kanaal en een rivier en de dorpjes en mensen er omheen.
Als de brug opent, vaart de enya er onderdoor met in zijn zog de octopus. Kijkend naar een hemel die je enkel maar inVlaanderen vind, en waarover Brel zo prachtig zong : "mijn Vlaanderland, mijn vlakke land, le pays qui est le mien...
't Geluchte wordt steeds dreigender wanneer de volgende brug, de
Kalvebrug, zich aandient. We gaan regen krijgen, zoveel staat vast, in welke hoeveelheid dat wachten we af. We varen nu door het hart van de Moervaartdepressie, een poldergebied dat zich uitstrekt met de woonkernen van Tildonk, Desteldonk, Ooidonk en Mendonk. Het verbindt de Durmevallei met de Kalevallei (de voormalige bovenloop van de Durme). We verlaten Wachtebeke en gaan nu richting Moerbeke. De drooglegging van alle buitendijkse gronden destijds is hier het werk van de monniken van Baudelo en Wulfsdonk. Zij toverden de moerasgronden om tot landbouwgronden. Net voor we het oude suikerfabriek voorbijvaren passeren we aan sb* de zwaaikom waar we tal van oude werkbakken zien liggen oproesten. Moerbeke is twee bruggen rijk, met de
Terwestbrug en de
Dambrug. Eens deze twee bruggen en het centrum van Moerbeke voorbij, valt het ons op hoeveel Moerbeke veranderd en vernieuwd. Wonen aan 't water is trendy en duur geworden.
Voorbij het centrum van Moerbeke en op de grens tussen Moerbeke en Sinaai ligt de
Coudenbornbrug. Hier ligt het Hof van Coudenborne, een vroegere tiendenschuur met een watermolen van de Baudelo-abdij.Hier op het rechte stuk tussen Moerbeke en Sinaai, ligt de Stekense Vaart. We hopen ook daar ooit te kunnen varen tot Stekene.
Als laatste brug op de Moervaart varen we onder de
Sinaaibrug. Onze volgende brug zal de eerste brug van de Durme worden,
Daknambrug. Zeven km. scheiden ons van Lokeren, onze thuishaven.
Wanneer we in Lokeren aangemeerd liggen hebben we honger, we duiken de "Postiljon" in en eten Lokerse paardenworsten met frieten. We zijn echte toeristen.