Naar de inhoud

Beveren-Leie Beverse Weetjes

Berichten van 17 april 2010 tot 18 april 2010

Nieuw CM-kantoor in Beveren-Leie

Sedert eind maart kan u voor uw CM dossier in Beveren-Leie terecht in een volledig nieuw modern CM-kantoor. De inrichting van dit kantoor is volledig conform de visie van de nieuwe dienstverlening. De ligging is ook heel centraal, nl. op het Kerkplein zelf!

Na de fusie in 2002 tussen CM Kortrijk en CM ieper, die leidde tot het nieuwe verbond CM Zuid-West-Vlaanderen, werd immers geopteerd voor een nieuw dienstverleningsmodel waarin vooral privacy en de nodige tijd en ruimte voor de persoon en zijn dossier centraal staan…

VROEGER
Wie herinnert zich niet de tijd van de lange rij wachtenden in elk CM-kantoor? Wachtenden hoofdzakelijk voor het afgeven, laten uitrekenen en uitbetalen van de getuigschriften voor verstrekte medische hulp (dokter, tandarts…). Leden met een persoonlijk probleem of moeilijk of delikaat dossier moesten ook hun beurt afwachten en dan – soms nog rechtstaand aan de balie – alles uitleggen aan de CM-consulent terwijl een halve wachtzaal bij manier van spreken kon meeluisteren.
En daar bovenop nog eens de telefoon die steeds ongevraagd tussenkomt…

TIJD EN PRIVACY
De laatste jaren werd heel bewust de keuze gemaakt om alle verwerking van getuigschriften te weren uit het CM-kantoor. Hiertoe is er een uitgebreid net gecreërd van de gekende witte CM-brievenbussen. Deze bussen vind je in elke gemeente en worden elke nacht geledigd en binnen de twee werkdagen verwerkt door een aparte ploeg.
Hierdoor is er in het CM-kantoor tijd vrij voor de ingewikkelder dossiers maar vooral ook voor de persoon achter elk dossier. Ook de mogelijkheid ingebouwd om te werken op afspraak is er. Zo kan er heel concreet de woensdagnamiddag in Beveren op afspraak gewerkt worden. Dit is zeker aanbevolen bij moeilijke en/of delikate dossiers.
Ook het telefoonverkeer is gecentraliseerd. Voor de hele regio is er 1 nummer (056/62 11 80) – steeds bemand door twee CM-consulenten. Met andere woorden een telefonisch loket!

Ook via de website www.cm.be kunt u een groot deel van uw ziekenfondszaken regelen van bij u thuis. Via de link “UW dossier” kunt u zelfs dag en nacht uw persoonlijk dossier consulteren.

GLOEDNIEUW KANTOOR
Bij de uitbouw van het nieuwe kantoor is er vertrokken vanuit dit dienstverleningsmodel. Dit resulteerde in een fris, warm en modern geheel.
Zowel de CM-consulent als de maatschappelijk werker kan voortaan elke klant ontvangen in een apart bureel met het nodige comfort én privacy.

ERVAREN MEDEWERKERS
Achter het frisse en nieuwe kantoor heb je natuurlijk de aanwezigheid van de ervaren en deskundige medewerkers : Johan BUYLE, al jaren het vertrouwde CM-gezicht in Beveren-leie en Wouter BEHEYDT als maatschappelijk werker.

OPENINGSUREN
CM-loket

op dinsdagnamiddag van 14u tot 17u en
op vrijdagvoormiddag van 8u30 tot 11u30.
Maatschappelijk werk
op dinsdagnamiddag van 14u tot 17u.
Geschreven door Beverse Weetjes om 11:16 Reageer op dit bericht

Kroniek van zeven zonnige jaren (deel 35)

Pleckerke ligt op ons kerkhof begraven onder een berg ar­duin en processie en tuinfeest zijn weggedeemsterd tot al vager wordende herinneringen. Enkel De Leievrienden blazen nog, fleuriger en snediger dan ooit.

Door de jaren heen heb ik een hele verzameling doodsprentjes bij el­kaar geharkt. Je zou er zeker meer dan een meter hebben, moest je ze alle­maal netjes na elkaar rechtop zetten. Sommigen vinden dit maar een lugu­bere collectie. Ze bekijken me eens vragend als ik daarvan vertel. Als ze durfden zouden ze eens veelbetekenend op hun voorhoofd tikken. Ik ver­moed dat ze het laten omwille van de vriendschap. Er is nochtans niets akeligs aan die hobby. Alleen moeten we daaruit besluiten dat ook ons ei­gen doodsprentje misschien ooit in dergelijke verzameling zal steken. Wat is daar nu voor afschrikwekkends aan?

Slechter ware als we hier moesten blijven rondlopen met onze kwalen en hinken en hijgen als versleten paar­den. Sommige van die doodsprentjes zijn reeds oud. Honderd jaar en er­boven. Ja, in die tijd stierven de mensen ook. De doodsoorzaken? Vuur in de buik. Verknoopte darm. Cholera of tyfus. Bloed dat in water veranderd was van het verschot. Sommigen kwamen doodgewoon om van honger, of omdat ze te oud geworden waren om nog verder te leven. De doodsoorza­ken zijn nu moderner, maar ze maken een mens evengoed dood als een eeuw geleden.

Als schooljongens hadden we natuurlijk een afschuw van dode mensen. Niet van doodsbeenderen echter. Dat zijn twee heel verschillende zaken. Als we er kans toe zagen, maakten we op het kerkhof jacht op bovenlig­gende doodsbeenderen.
Het eerste lijk dat ik gezien heb, was dat van pastoor Lebbe zaliger. We moesten met de hoogste klassen gaan kijken toen hij gestorven was. Ze hadden hem een albe en een kazuifel aangetrokken en hem op een schoon praalbed gelegd in een kamer van zijn Van zijn pastorie. Lebbeke lag vreemd stil en zijn gelaat stond streng. Strenger dan we het bij zijn leven ooit gezien had­den. We waren blij toen we weer buiten stonden, want dat was ons Lebbe­ke niet meer.
Photobucket
Hoe dikwijls hadden we pastoor Lebbe niet gezien, toen hij op een of andere kant van het dorp een stervende ging berechten. De koster of een misdienaar stapten voor hem uit met brandende lantaarn en lieten helder belgetingel over de stille velden en wegen huppelen, Waar ze voorbijtrok­ken kwamen de mensen uit hun huis en knielden eerbiedig voor het Aller­heiligste dat Lebbeke op zijn borst droeg. Voor wie zou het deze keer zijn. Ze vroegen het zich meewarig af en oogden de in het wit geklede gestalten na, tot ze aan de hoek of een kromming van de weg verdwenen waren.

Als de zieke in kwestie zijn pijp nog niet uitgeklopt had tegen de vol­gende zondag, werd hij op de preekstoel gerikmendeerd (nvdr in de gebeden aanbevolen). Lebbeke schoof dan zijn bril op het voorhoofd, neep zijn ogen toe en zei dat een ge­bed gevraagd werd voor die of die, onder de gerechten van onze Moeder de Heilige Kerk. Dat van die gerechten was een zonderling iets en we snapten het eigenlijk niet zo goed. We wisten echter drommels goed dat je een vo­gel voor de kat was, als ze dat woord voor jou bezigden.

Wij schoolkinderen maakten er ons echter geen zwaar hoofd in en de grote mensen eigen­lijk evenmin. Na de hoogmis filosofeerden die maar wat over de berechte, onder het drinken van druppels en pinten in een der dorpsherbergen. Jaja, hij heeft zijn ogen maar meer toe te nijpen. Hij ligt op zijn laatste en zal algauw zijn pak gaan maken. Och, we moeten er allemaal komen. Er leven gene meer van over honderd jaar. Doe ze nog maar eens vol, Suzanne!
Weldra meer
Geschreven door Beverse Weetjes om 12:47 Reageer op dit bericht

Meer van Beveren-Leie Beverse Weetjes

↑ Terug naar de berichten