De luchtspiegeling van het 'thuisgevoel'
In heel Europa schuiven conservatieve politici steeds verder naar rechts op om kiezers van extreemrechts terug te halen. Dat vindt Caroline de Gruyter, Europacorrespondent met standplaats in Oslo, levensgevaarlijk. Zij doen dit door langzaam maar zeker het discours en de standpunten van extreemrechts over te nemen'.
Terecht waarschuwt Caroline De Gruyter voor deze evolutie. Want 'conservatief rechts maakt op die manier het gedachtegoed van politieke stromingen met antidemocratische tendensen geleidelijk aan mainstream'.
In dit verband is de overweging van de Nederlandse socioloog Duyvendak verhelderend (DS-Weekblad, 28 april 2018). Volgens hem is het gevaarlijk wanneer politieke partijen hun land als een ‘thuis’, een ‘huis’, voorstellen in hun program en propaganda.
'Je thuisvoelen doe je maar bij heel weinig mensen. Als een natie als een huis wordt beschouwd, dan is er maar heel weinig ruimte voor verschil: van familieleden verdragen we ook niet dat zij heel anders zijn, met heel andere gedachten en gedrag. Als we ons moeten gedragen als één grote familie, gaan we elkaar voortdurend op de huid zitten en opmerkingen maken over elkaars kleren (hoofddoek), begroetingsrituelen (handen schudden moet) of de manier van eten klaarmaken (slachten doen we zo). En dan krijg je dus de natives, de oorspronkelijke bewoners van een land, die claimen dat ze zich niet meer thuisvoelen door de aanwezigheid van migranten.'
Niet te verwonderen dat 'conservatief rechts' , en in Vlaanderen is dat NVA, erg geïrriteerd, soms ronduit agressief, reageert op dergelijke analyses en beschouwingen. Zij tasten op een rationele, logische manier, het sentimentele maar electoraal lonende identiteitsdiscours aan, dat gebaseerd is op een romantisch thuisgevoel. Het idyllische Vlaanderen waarin iedereen iedereen (moet) kennen. Dat zijn natuurlijk luchtspiegelingen, maar zeer effectief in een electoraal gevecht.






