Het moderne conservatisme
Het is boeiend Burkes opvattingen die De Wever sterk aanspreken, te lezen maar de visies en standpunten die de N-VA-voorzitter daaruit voor de huidige maatschappij afleidt, roepen heel wat vragen en bedenkingen op.
Dat een samenleving in wezen organisch is, akkoord. Maar niet uitsluitend. Doorheen de eeuwen hebben mensen, instellingen (en niet in het minst de politieke ) de maatschappij mee vorm gegeven. Als historicus weet De Wever beter dan wie ook, dat wat nu gemakshalve Vlaanderen wordt genoemd, geenszins het voorlopige eindstadium is van een organische ontwikkeling die al eeuwen bezig is. Veronderstellen dat die organische evolutie een eindstadium bereikt in een nieuw staatje, staat haaks op de fundamentele betekenis van ‘organisch’. En omdat Bart De Wever dat ook wel weet, is de politicus vol ijver bezig met het ‘maken’ van een zelfstandig Vlaanderen.
Met De Wevers kritiek op ‘een ongeremd en zuiver materialistisch egotisme’, ben ik het volkomen eens. Waarom hij alleen maar de staat in die kritiek betrekt, ontgaat me. Is het voor vele mensen niet eerder zo dat zij gedwongen klant worden van de financiële, commerciële en industriële instellingen en machten, eerder dan klant van de overheidswinkel? Overigens zie ik niet goed in hoe De Wever met zijn erg liberale visie op de economie, dat ‘materialistisch egotisme’ zal afremmen. Bovendien appelleert de N-VA al lang aan een sterk aanwezig ‘materialistisch egotisme’ van veel Vlamingen en suggereert de partij dat het welstellende Vlaanderen nog welstellender zal zijn als het maar zelfstandig is.
De cruciale rol die nog altijd weggelegd moet zijn voor de ‘civic society’ of het maatschappelijk middenveld, is ongetwijfeld de mening van vele mensen. Het verwonderde me wel enigszins dat, terwijl Burke in zijn lijstje van instituties en tradities, nadrukkelijk de kerk opneemt, De Wever dat instituut, rijk aan traditie en waarin doorheen de eeuwen de overdracht van waarden essentieel was, niet vermeldt. Als leerling van Burke en zelfbewuste moderne conservatief, zou Bart De Wever in het politieke discours en in de partij-ideologie veel meer aandacht moeten schenken aan kerk en religie. Al was het maar om consequent en geloofwaardig te blijven in de interpretatie van Edmund Burkes leer én in de historisch correcte evaluatie van de elementen en invloeden die de ‘Vlaamse cultuurgemeenschap’ gevormd hebben.





