Een balhoofdplaatje is een logo van de fabrikant of het merk dat is aangebracht op de balhoofdbuis van een fietsframe. Balhoofdplaatjes werden al eind 19e eeuw toegepast en waren vaak gemaakt van metaal. Ter bevestiging aan de balhoofdbuis kunnen daarin nagels of schroeven zijn gebruikt. Bij moderne(re) fietsen kunnen tevens, al dan niet met lijm, balhoofdplaatjes van kunststof zijn aangebracht. Ook kan een balhoofdbuis voorzien zijn van een transfer/sticker.
ROCHET / CYCLES ROCHET ------ Paris & Albert----- France/Frankrijk
Cycles Rochet: Usine & bureaux, 74 Rue de la Folie-Regnault à Paris – France
Cycles Rochet: Fabriek & burelen, 74 Rue de la Folie-Regnault te Parijs -Frankrijk
Er waren twee Rochet-fietsmerken met identieke namen, die hadden niets met elkaar te maken: één in Lyon en de andere in Parijs. Het is opmerkelijk dat elke fabrikant zomaar zijn familienaam als fietsmerk kon gebruiken. Uiteraard heerst er vaak verwarring tussen de twee ROCHET-merken. Eerst was er het merk Rochet welke in Lyon werd gesticht door Jean-François ROCHET, die er in het begin van de 20e eeuw ophield. Daarnaast was er nog eentje in Parijs. Dit merk bestond tot in de jaren 60 en is het merk waar we het hier over hebben. Alle fabrikanten, bouwers en verkopers van fietsen hadden het recht om hun familienaam als handelsmerk voor hun fietsen te gebruiken. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er tegelijkertijd twee ROCHET’s waren. Misschien waren er elders in Frankrijk nog wel bescheidener exemplaren (op een Franse lijst van fietshandelaren staan er 4 met de merknaam Rochet vermeld).
ROCHET Paris werd opgericht in 1885 en er was dus geen verband met Rochet uit Lyon. Er werd onderzoek gedaan door verschillende specialisten en er werden documenten gepubliceerd, in het bijzonder door de nakomelingen van Jean-François ROCHET, die nooit de minste melding maakten van banden, noch familiaal, noch commercieel, noch technisch, noch financieel.
De fabrikant Rochet et Compagnie, gevestigd in het hart van Parijs aan de Rue de la Folie-Regnault, produceerde in de jaren 1890 fietsen en driewielers.
Het bedrijf verhuisde vervolgens naar de stad Albert in de Somme. De fabriek, de stad Albert en haar omgeving zou het zwaar te verduren krijgen in de loop van de Eerste Wereldoorlog. Na de Eerste Slag bij de Marne werd Albert ingenomen door de Duitsers op 29 augustus 1914. De stad werd heroverd door de Britten op 13 september, maar ze bleef echter op ongeveer 3 km van de frontlijn liggen. Het volledige stadscentrum, het station en de fabrieken werden in de volgende maanden vernield tijdens Duitse bombardementen. Vanaf juli 1916 verplaatste de frontlijn zich meer naar het noorden. Op 26 maart 1918 werd de stad heroverd door de Duitsers. Vanaf april 1918 was de stad nu het slachtoffer van Britse bombardementen. Op 23 augustus 1918 werd de stad, die volledig in puin lag, definitief bevrijd.
Het belang van de Eerste Wereldoorlog werd in de reclamecampagne van het merk benadrukt, op hun affiches zien we Franse soldaten met de typische roodkleurige broeken van 1914 die op Rochet-fietsen rijden. Omdat men met de fiets snel dringende informatie kon overbrengen werd de fiets essentieel voor de oorlogsinspanning.
De fabrieken van Rochet werden vervolgens herbouwd in de stad Amiens eveneens in de Somme gelegen. Rochet het merk dat ook gerepresenteerd werd door een leeuw, een andere leeuw zou je kunnen zeggen, een klein beetje anders dan Peugeot, bleef fietsen produceren en zelfs enkele bromfietsen. Volgens oude reclamedocumenten hebben ze ook automobielen verkocht.
Devilliers cycles --- La Ferté Loupière – Yonne------ France/Frankrijk
La Ferté-Loupière is een gemeente in het departement Yonne in Bourgogne-Franche-Comté in het noord-centrale deel van Frankrijk. Het dorp is beroemd om zijn danse macabre (de dans van de dood) in de kerk van Saint-Germain. De muurschilderingen ‘Danse Macabre', dateren uit de late 15e eeuw, strekken zich uit over de muren en tonen 19 paren van levenden en doden in een fascinerende processie. De muurschilderingen die in 1910 werden ontdekt zijn schilderingen op droog pleisterwerk, geen fresco's. Deze schilderingen zijn een venster op de middeleeuwse mentaliteit. Elk personage, van de paus tot de boer, danst met zijn skeletachtige evenbeeld en herinnert ons aan de vergankelijkheid van het leven.
Le Globe ( 1889 / 1969 ) ---Georges Hetley & Léopold Delys ---- constructeur, 28 rue Chevreul in Choisy le Roy & Paris/Parijs -----------France/Frankrijk
Léopold Delys richtte zijn fietsenbedrijf op in 1889, maar hij moest ongeveer tien jaar wachten voordat hij de zaak van Georges Hetley, de maker van de "Le Globe"-fietsen, kon overnemen om het merk te registreren. Le Globe-fietsen waren vanaf hun oprichting rond 1892-1894 aanwezig op verschillende beurzen, aanvankelijk dankzij Hetley, en later dankzij Léopold Delys.
Het merk Le Globe kende ook sportieve successen in wielerpeloton, dit onder ander in de Tour de France.
Magnat-Debon ---- Joseph Magnat & Louis Debon ---- Grenoble -----France/Frankrijk
Magnat-Debon was een Franse fabrikant van motorfietsen en fietsen. Het bedrijf werd opgericht in 1893 en staakte de activiteiten in 1962. Magnat-Debon - Etablissement Magnat-Debon werd geboren uit de samenwerking van de heren Joseph Magnat en Louis Debon, fietsen- en motorfietsbouwers, 69 Cours Jean Jaurés in Grenoble. Filiaal : Maurer- 160 Rue de la Pompe in Parijs. Na de overname door Terrot; Magnat-Debon, 51 Bis Boulevard Thiers in Dijon.
Magnat-Debon was een gerenommeerd Frans merk van fietsen en motorfietsen. Het bedrijf gebruikte verschillende slogans, waaronder « La marque du connaisseur », « La marque de qualité », « La première marque du tourisme », « La motocyclette de qualité », ou « La première marque de tourisme ». (“Het merk van de kenner”- "Het keurmerk"-“Het eerste merk van toerisme”- "De kwaliteitsmotorfiets"- "Het eerste toerismemerk").
Op het merkframeplaatje stond een wereldbol afgebeeld, met de contouren van de continenten, rustend op een wolk doorsneden door drie banden met het opschrift: "Cycles Magnat & Debon Constructeur" (Magnat & Debon Fietsenfabrikant).
Het partnerschap tussen Joseph Magnat en Louis Debon, opgericht in 1893, richtte zich aanvankelijk op de productie van fietsen, in een tijd waarin er al 256.000 fietsen in Frankrijk in omloop waren.
Het bedrijf werd in 1893 in Grenoble opgericht door Joseph Magnat, een autodidactische horlogemaker, en Louis Debon, een werktuigbouwkundig ingenieur. Ze zagen de fietsenmarkt als veelbelovend, dat in afwachting van de toenemende populariteit van de auto.
De twee mannen kenden elkaar al sinds Joseph Magnat rond 1890 de bouw van een driewieler toevertrouwde aan Jay, Jallifier & Cie, waar Louis Debon voorman was. Samen richtten ze in Grenoble een enorme moderne fabriek op, uitgerust met talloze precisiemachines die de indruk wekten van een horlogemakers werkplaats. Dat was niet verwonderlijk, aangezien Joseph Magnat, na als handschoenmaker te hebben gewerkt, een gerenommeerd juwelier en horlogemaker was geworden. Deze zoon van een metselaar, een briljante uitvinder en een ware autodidact, was ook een fervent fietsliefhebber en nam deel aan talloze wedstrijden. Louis Debon, zoon van een herbergier en van beroep monteur, bleek vindingrijk en georganiseerd. Een prachtige complementariteit van karakters verbond deze twee mechanische genieën. Er ontstond vanzelf een wederzijdse bijdrage op professioneel niveau tussen hen, waarbij ieder in de ander de kwaliteiten vindt die nodig zijn om hun respectievelijke talenten volledig te ontplooien.
Twee jaar later, in 1895, werd de fabriek uitgebreid en kreeg de naam Manufacture Française de Bicyclettes. Pas in 1902 hoorden we voor het eerst over een Magnat-Debon motorfiets. Het bedrijf groeide echter vooral rond de productie van fietsen en daarnaast was er ook een autoreparatie activiteit.
Magnat Debon was een van de van de grote fietsfabrikanten. Het merk innoveerde op het gebied van fietsversnellingen. Het nam aan het begin van de 20e eeuw deel aan het beroemde "Concours de Bicyclettes de Tourisme", georganiseerd door de Touring Club de France. In 1902 nam Magnat Debon deel met een Retro-Direct model. In 1905 won Magnat Debon op dezelfde wedstrijd een gouden medaille met een fiets met drie versnellingen in een versnellingsbak. Deze fiets met een trapas met versnellingen was succesvol en bleef lange tijd in de catalogus van het merk, hoewel dit systeem een op maat gemaakt frame vereiste.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog nam het bedrijf deel aan de oorlogsinspanning, dat deden ze door munitie en een motorfiets voor koeriers, genaamd Aviation, te produceren. Na de Eerste Wereldoorlog zou de economische terugval van het land, en dat in combinatie met de dood van de belangrijkste leidinggevenden, het bedrijf ondermijnen. Het was opmerkelijk dat beiden heren, door een kennelijk toeval, allebei in 1918 binnen enkele maanden na elkaar overleden.
Joseph Séraphin MAGNAT werd geboren in Villars-de-Lans (Isère) op 15 mei 1850 en overleed op 6 december 1918 in Grenoble.
Louis Auguste DEBON werd op 25 maart 1862 geboren te Grenoble, hij overleed op 10 september 1918 in La Tronche (Isère).
Een fascinerende beschrijving over Magnat-Debon werpt licht op de arbeidsomstandigheden in de fabriek en later op het tekort aan arbeidskrachten tijdens de oorlog: "De fabriek functioneerde zoals alle bedrijven in die tijd. Er was geen behoefte aan een enorme gebouwstructuur, aangezien een deel van het werk thuis of 'in de etalage' werd gedaan, zonder dat er gespecialiseerd personeel nodig was (zoals bijvoorbeeld lijstenmakers). Bovendien werd dit werk zeer slecht betaald, per stuk. In de fabriek was er geen lopende band; het werk bleef grotendeels ambachtelijk en was verdeeld over 'volwaardige monteurs' of koudmonteurs, branders die later lassers zouden worden, en emailleerders . Zodra de lijsten waren gemonteerd en gelast, kwamen de 'lijstenmakers' ze ophalen om 'in de etalage' verder te werken en brachten ze afgewerkt en 'wit geverfd' terug." Na inspectie werd de lijst in een grote kuip bedekt met een "zwart preparaat" en vervolgens, na het uitlekken, in de oven gebakken. Al snel werd de kwast vervangen door een persluchtpistool . De standaardoven werd vervangen door een roterende oven, die het emailleerproces versnelde. Over het algemeen wordt het bouwen van wielen toevertrouwd aan de "kleine handjes": kinderen, meisjes en vrouwen. Joseph Magnat en Louis Debon voeren in elke fase van de assemblage strenge controles uit.”
In 1924 werd Magnat-Debon gekocht door Terrot, ze werden samengevoegd en werkten samen in een commercieel partnerschap met Peugeot. In de jaren 1950 was het hoofdkantoor van Magnat Debon, gefuseerd met Terrot, gevestigd op 51 bis Boulevard Thiers in Dijon, met een verkoop- en tentoonstellingswinkel op 30 avenue de la Grande-Armée in Parijs.
Voor en na de Tweede Wereldoorlog had Magnat-Debon een professionele wielerploeg: in 1939, 1940 en na de oorlog van 1947 tot 1955. In 1955 bewees de Luxemburger Charly Gaul de beste klimmer te zijn in de Tour de France en behaalde hij er, in de kleuren van Magnat - Debon (geassocieerd met het merk Terrot), de derde plaats in het algemeen klassement.
Het merk Magnat-Debon verdween in 1962 nadat Peugeot het bedrijf Terrot-Magna-Debon had overgenomen.
MAGNAT-DEBON FUT UNE BELLE MARQUE FRANÇAISE DE VÉLOS, ET DE MOTOS.
Magnat-Debon a été créée à Grenoble en 1893 par Joseph Magnat, horloger autodidacte, et Louis Debon, ingénieur mécanicien, ce qui vaudra à la ville de Grenoble le titre de « Capitale de la pédale » par la presse nationale spécialisée dans le cycle.
Pendant la Première Guerre mondiale, l’entreprise participe à l’effort de guerre en produisant des munitions.
La marque Magna-Debon disparaît en 1962 après le rachat des Etablissement Terrot-Magna-Debon par Peugeot.
L’entreprise a eu plusieurs slogans, « La marque du connaisseur », « La marque de qualité », « La première marque du tourisme », « La motocyclette de qualité », ou « La première marque de tourisme ».
La plaque de cadre représente le globe terrestre, avec les contours des continents, posé sur un nuage barré de trois bandeaux sur lesquels on peut lire : Cycles Magnat & Debon Constructeur ».
Saving cycles---- 13 Rue Corbeau ------ Paris (X)/Parijs (10e arrondissement) --------- France/Frankrijk .
Ook een adres op 143, Quai Valmy, Paris (X).
GABRIEL POULAIN
Het fietsmerk werd o.a. bekend door Gabriel Poulain. Gabriel Poulain (1884 – 1953) was een Frans kampioen wielrenner, piloot en luchtvaartpionier.
Gabriel Poulain werd geboren op 14 februari 1884 in Saint Helier op het eiland Jersey. Hij vestigde zich in 1901 in Parijs en woonde ook enkele jaren in Denemarken .
In 1905 werd hij op 21 jarige leeftijd Frans Kampioen snelheid. Hij won ook de sprint op de UCI Wereld - kampioenschappen baanwielrennen van 1905 in Antwerpen. Hij reed toen op een fiets van het Franse merk SAVING.
Zijn sportcarrière zou onderbroken worden door een ongeval. Zijn andere grote liefde was immers vliegen! Rond 1910 bouwde hij zijn eerste aviette (vliegende fiets), op 15 juli verkreeg hij het bijhorende patent. Hij deed verschillende pogingen om met door mensen aangedreven aviettes vluchten te realiseren. In 1911 op 31 juli raakte hij in de buurt van Friedrichshafen gewond bij een vliegtongeluk vanaf een hoogte van 40 meter, maar dat weerhield hem er niet van om zijn twee interesses te blijven combineren. Op 4 juli 1912 won hij 1000 frank voor een succesvolle zelf aangedreven vlucht in een aviette – een fiets met dubbeldekvleugels, die 16 kg woog. Toegegeven, de vlucht duurde slechts een meter, maar omdat beide wielen de grond verlieten, telde het toch mee.
De Eerste Wereldoorlog onderbrak zijn wielercarrière opnieuw! Vijftig maanden lang zou hij zich wijden aan het perfectioneren van oorlogsvliegtuigen en wapens.
Op 9 juli 1921 probeerde hij het opnieuw in het Bois de Boulogne, met de weg naar de renbaan van Longchamps als landingsbaan, en dit keer vloog hij 10 meter en 54 centimeter. Vervolgens, na te zijn omgedraaid op zijn landingsplaats, vloog hij een record van 12 meter en 32 centimeter in de tegenovergestelde richting. Bij elke poging bereikte hij een hoogte van 1,5 meter, waarmee hij het door Peugeot uitgeloofde prijzengeld van10.000 Franse frank verdiende.
In 1924, op 40 jarige leeftijd werd Gabriel Poulain opnieuw Frans kampioen en tweede op het wereldkampioenschap. Zijn terugkeer naar de top van de wielersport was te danken aan zijn intelligentie, harde werk en wilskracht. Na zijn sportcarrière werd hij zakenman, en ging hij zeilen als hobby. Hij was 68 jaar toen hij op 9 januari 1953 in Nice overleed.
Etablissement Rivolier Père & Fils – van nummer 17 tot 25 Rue Cesar-Bertholon in Saint Etienne --- France/Frankrijk
Het fietsenmerk FURIA was ook een merk van Rivolier Père et fils.
Rivolier Père et fils wapen- en fietsenfabriek
Rivolier is een bedrijf dat al bijna twee eeuwen, sinds 1830, gevestigd is in de regio Saint-Étienne. Oorspronkelijk opgericht als fabrikant van wapens en fietsen, ontwikkelde Rivolier zich geleidelijk van fabrikant tot importeur/distributeur. Onder leiding van de heer van Robais, die sinds 1989 aan het roer staat van het bedrijf, beleefde dit destijds worstelende bedrijf een ware bloeiperiode met de ondertekening van samenwerkingsverbanden met de grootste merken in de sector.
Enkele data:
1830 - Rivoliers: wapenfabrikant.
1903 - Het bedrijf was gevestigd aan de rue César Bertholon 21 en 23 in Saint Etienne.
Clément Louis cycles (..1919/1926..) ------ 132 Rue de Silly ------ Boulogne sur Seine (Boulogne- Billancourt ) ---- France/Frankrijk.
Usines/Fabrieken ---- Boulogne sur Seine , Lyon & Bordeaux.
Stand d'exposition ---- 134 Avenue Malakoff --- Paris/Parijs.
Louis Clément, geboren in 1905 (wiens achternaam geen verband houdt met Adolphe of Fernand Clément), is een sleutelfiguur in de Franse luchtvaartgeschiedenis, maar wordt vaak over het hoofd gezien (hij was de fabrikant van het eerste volledig metalen vliegtuig, zweefvliegtuig en dubbeldekker). Hij waagde zich in 1919, vlak na het einde van de Eerste Wereldoorlog, ook aan de productie van motorfietsen en zijspanwagens, en aan de productie van fietsen, die plaatsvond in dezelfde vliegtuigfabrieken.
Hoewel de onderlinge verbondenheid van weven, sloten maken en wapenproductie de opkomst van een fietsenindustrie in de regio Saint-Étienne verklaart, was er ook sprake van gedeelde expertise tussen de fiets- en luchtvaartindustrie, met name op het gebied van materialen zoals gestempeld plaatmetaal en vormen zoals driewielige landingsgestellen.
Op het frameplaatje was een vogel afgebeeld die zich in een spaakwiel nestelde.
Het merk met het haanlogo was ongetwijfeld de grootste fietsenfabrikant van Frankrijk aan het einde van de 19e eeuw. De verkoopcijfers van fietsen, zoals te zien in een van de catalogi van het merk, laten zien dat er in 1884 1589 fietsen werden gebouwd en tien jaar later maar liefst 12.814.
Adolphe Clément, geboren in 1855, ontwikkelde al vroeg een interesse in mechanica. Op zestienjarige leeftijd trok hij door Frankrijk om zijn opleiding tot smid te voltooien. Deze leerling-smid had maar één obsessie: een fiets bezitten. Hij werkte onvermoeibaar, spaarde geld en bouwde zijn eigen fiets, maar dat was niet genoeg. Met zijn spaargeld lanceerde hij in 1877 zijn eigen fietsenmerk.
Clément Cycles , La Société des Vélocipédes Clément , Clément & Cie was een Franse fietsenfabrikant, opgericht door de industrieel ondernemer Adolphe Clément (vanaf 1909 bekend als Clément-Bayard). Van de beginjaren als fietsenmaker in Bordeaux, via de vestiging als fietsenwinkel en werkplaats in Parijs tot de massaproductie van een breed scala aan fietsen in de speciaal daarvoor gebouwde, ultramoderne fabriek in Levallois-Perret , Parijs, combineerde het merk altijd een flair voor reclame en marketing met kwaliteitsproducten.
In 1876, na twee jaar wielrennen, werken en sparen, had Clément-Bayard genoeg geld om een bedrijf te starten. Hij opende op 21-jarige leeftijd een fietsenmakerij in Bordeaux. De volgende stap in zijn bedrijfsplan was een verhuizing naar Marseille, waar hij leerde hoe hij stalen buizen voor fietsen moest maken. Het jaar daarop verhuisde hij naar Lyon en begon hij met de productie van complete fietsen onder de naam 'Clément SA cycles'.
Clément-cycles
Het volgende jaar, rond 1878, verhuisde hij naar Parijs en opende een fietsenzaak, A. Clément & Cie , aan de Rue Brunel 20, vlakbij de Place de l'Etoile . Daar runde hij ook een wielerschool en nam hij deel aan wielerwedstrijden.
Eind 1878 vormde Adolphe een duo met wielerkampioen Charles Terront tijdens de 'Six-Days'-wielerwedstrijd in de Agricultural Hall in Londen. Hij opende ook een showroom op 31 rue 'du 4-September' in Parijs en begon een reclamecampagne met posters, een nieuw concept.
In september 1879 bouwde Clément een ijzersmelterij in Tulle, in de Limousin, waar een goede waterkrachtvoorziening was, maar hij had niet genoeg geld om de fabriek rendabel te maken en Tulle lag te ver van Parijs, dus moest hij de fabriek verkopen.
In 1880 telde de fietsenfabriek "Clément" aan de Rue Brunel circa 150 werknemers die fietsen bouwden. De rijwielen werden beschouwd als van hoge kwaliteit en in 1890 was Clément het toonaangevende fietsenmerk in Frankrijk. In 1889 kreeg hij het idee om luchtbanden in Frankrijk te introduceren door de Dunlop-licentie te kopen. De eerste fietsen met luchtbanden die hij produceerde, wekten vooral de spot van de omstanders. "Heb je de nieuwe fiets van pater Clément met zijn 'reddingsboei'-wielen gezien?” Nog geen vier jaar later fietst iedereen op fietsen met 'reddingsboei'-wielen."
In 1894 had het bedrijf 400 werknemers in dienst.
Clément-Gladiator-cycli
In 1896 kocht Adolphe Clément, die ondertussen de uiterst winstgevende productierechten voor Dunlop-banden in Frankrijk bezat, samen met een syndicaat onder leiding van Dunlop-oprichter Harvey Du Cros de Gladiator Cycle Company op. Ze fuseerden het bedrijf tot een groot fietsenproductieconglomeraat, Clement, Gladiator & Humber & Co Limited. Het assortiment fietsen werd uitgebreid met driewielers , vierwielers en in 1902 een gemotoriseerde fiets, en vervolgens auto's en motorfietsen. Zijn aangeboren zakelijk inzicht stelde hem in staat te profiteren van een snelgroeiende industriële sector: de fietsenindustrie, de auto-industrie en vooral de bandenindustrie.
Aan het begin van de 20e eeuw waren Clément-fietsen de meest prestigieuze, mede dankzij succesvolle reclamecampagnes.
Het fiets- en autobedrijf werd in 1922 verkocht aan Citroën. Adolphe Clément overleed plotseling. In 1928 was Adolphe Clément-Bayard een van de meest vooraanstaande industriëlen van Frankrijk. Hij produceerde fietsen, importeerde voertuigen, bouwde auto's en later ook luchtschepen.
Opmerkelijk is dat Adolphe Clément in 1894 wielrenner Henri Desgrange aanstelde als zijn sportdirecteur, omdat wielrennen diende als visitekaartje voor het bedrijf. Tien jaar later creëerde Henri Desgrange de Tour de France!
Tot slot heeft dit merk een uitgesproken Frans karakter, met zijn haan, zijn mannelijke wielrenners met snor en zijn elegant ontworpen damesjurken!
GLADIATOR / GLADIATOR CYCLES --- Aucoq et Darracq ----- Pré-Saint-Gervais (regio Parijs) --- France/ Frankrijk
La compagnie des Cycles Gladiator, Clément-Gladiator (vanaf 1896), was een Franse fabrikant van fietsen, motorfietsen en auto's, gevestigd in Le Pré-Saint-Gervais , Seine. In de jaren 1890 was de Gladiator-fiets een van de meest prestigieuze machines van Frankrijk.
Het merkplaatje van de Gladiator-fiets toont een jockey met een zweep in de hand, zittend op een steigerend paard dat de wereldbol omklemt. Wat het verband is met een gladiator is me niet heel duidelijk, diverse bronnen spreken over een ruiter met een zwaard in de hand??
Het bedrijf Gladiator was dus gevestigd in Pré-Saint-Gervais, een voorstad van Parijs, en werd in 1891 opgericht door twee mannen, Aucoq en Darracq. Pierre Alexandre Darracq begon zijn carrière als industrieel tekenaar bij het Arsenaal van Tarbes en richtte in 1891 zijn eerste fietsenfabriek op.
Vervolgens werkte hij voor Hurtu en Hautin, destijds fabrikanten van naaimachines. Zijn carrière bracht hem daarna naar verschillende machinebouwbedrijven, waar hij gedegen ervaring opdeed in de industriële productie, met als doel de dominantie van Engelse fietsen aan te vechten.
In 1896 werd Gladiator overgenomen door een Engelse financiële groep, die het bedrijf fuseerde met Adolphe Clément. De fusie in 1896 van drie toonaangevende Franse fietsenfabrikanten – Gladiator, Clement en French Humber – was een keerpunt in de automobielindustrie, en de Gladiator werd na de eeuwwisseling een van de bestverkochte auto's in Groot-Brittannië.
In The Illustrated London News van 10 oktober 1896 stond te lezen: “…De ‘Gladiators’ verdienen absoluut een plaats naast de Humber- en Clement-fietsen. De opkomst van de Société Française des Cycles Galdiator is werkelijk wonderbaarlijk geweest. In 1891 was dit inmiddels beroemde merk eigendom van de heren J. Aucoc en Darracq, van wie de laatste een bekend gezicht is bij alle wielerwedstrijden. De faam die de Gladiator Company verwierf, is grotendeels te danken aan de volhardende inspanningen en de grote technische en mechanische vaardigheden van de heer Darracq, die drie-, vier- en vijfwielers tot in de perfectie heeft gebracht. Nauwelijks twee jaar na de oprichting was de Gladiator Company genoodzaakt haar fabriek en het aantal werknemers navenant uit te breiden, terwijl zij in haar fabriek in Nantes tegelijkertijd de uitstekende ‘Phebus’-fiets produceerde.”
Van 1891 tot aan de opheffing in 1920 was het bedrijf in handen van de oprichters Alexandre Darracq en Paul Aucoq. Het werd opgericht onder de naam Société des cycles Gladiator.
In 1894 hebben de volgende wielrenners deelgenomen aan de Gladiator-race: Marius Allard , Édouard de Perrodil , Jean-Marie Corre.
In 1895 produceerde Gladiator zijn eerste gemotoriseerde driewieler waarvan de verbranding gebaseerd was op nafta.
In 1896 verwierven Adolphe Clément, Charles Chetwynd-Talbot en Harry John Lawso, in samenwerking met Harvey du Cros, eigenaar van Dunlop, aandelen in het bedrijf en begonnen ze een conglomeraat op te bouwen. In Londen werd het bedrijf Clement Gladiator & Humber Limited opgericht en genoteerd aan de beurs, maar de fusie mislukte. In Parijs breidde het bedrijf zich uit onder de naam Clément-Gladiator, hoewel beide merken bleven bestaan. Er werden slechts zeer weinig fietsen geproduceerd.
In 1897 richtte Alexandre Darracq ook een merk op dat zijn naam droeg: Darracq Automobiles .
In 1898 bouwden ze hun eerste auto en daarna motorfietsen.
In 1907 werden, nog steeds onder de naam Clément-Gladiator, vier typen motoren geïnstalleerd.
In 1909 kwam het bedrijf onder de controle van Vinot & Deguingand, terwijl de bijbehorende naam Clément in 1907 werd opgeheven. De productie werd vervolgens overgeplaatst naar de fabriek van Vinot & Deguingand in Puteaux.
De werkplaatsen in Pré-Saint-Gervais bleven fietsen produceren, maar de productie van het 12 pk P- of PS-model uit 1908 werd ook overgeplaatst naar de fabriek in Puteaux. Vanaf dat moment was het P-model ook verkrijgbaar als de Vinot Deguingand en bleef het tot 1910 in productie. Het was de laatste auto die door Gladiator werd ontworpen.
De activiteiten van de fabrieken in Pré-Saint-Gervais werden in de jaren 1910 omgeleid naar de productie van wapens en geweren ter ondersteuning van de oorlogsinspanningen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog produceerde de fabriek in Pré-Saint-Gervais Chauchat- machinegeweren .
De naam Gladiator werd in 1920 niet meer gebruikt voor auto's.
Philippe cycles ----- Sotteville ---- France /Frankrijk
Sotteville-lès-Rouen (letterlijk Sotteville bij Rouen ) is een gemeente en spoorwegstad in het departement Seine-Maritime in de regio Normandië in Noord- Frankrijk.
ETABLISSEMENTS LE MAO FRERES / CYCLES ROOLD / ROOLD
Roold is een Bretoens fietsmerk uit Quimper, Frankrijk. Hun embleem op het merkplaatje was een eekhoorn
Het bedrijf was gevestigd in Quimper, een mooie kleine badplaats in NW Frankrijk en was als zodanig een van de weinige fietsfabrikanten in de regio. Niet al te ver ten noorden en ten zuiden van de monding van de Loire had je bedrijven als Stella en Gitane, waarvan het assortiment veel uitgebreider was dan dat van ROOLDS.
Toen het bedrijf net na WO1 voor het eerst actief werd, zou het zeer succesvol hebben gehandeld en een reeks utilitaire en sportfietsen aan het lokale publiek hebben geleverd, dat in een tijd waarin mensen de neiging hadden om lokaal geproduceerde goederen te kopen en landelijke distributiekanalen nog zeldzaam waren. Vermoedelijk heeft ARROW in de jaren 1960 de ROOLD-business overgenomen en de fietsen een minder 'regionale' naam gegeven. Er wordt verteld dat veel van de frames in de "standaardreeksen" werden geïmporteerd van fabrikanten uit St Etienne en mogelijks uit Remiremont in de Vogezen, maar dat bepaalde "topmodellen" toch ter plaatse werden gebouwd.
Het merk Motobloc, dat in de eerste helft van de jaren dertig van de vorige eeuw was verdwenen, dook in de jaren vijftig weer op.
Het tijdperk van Riva-Sport Industries
Hoewel de fabriek in Bordeaux niet volledig was uitgerust voor de productie van tweewielers, was ze perfect geschikt voor de massaproductie van motoren. Eind jaren veertig en begin jaren vijftig waren veel fietsfabrikanten op zoek naar een partner voor motoren. Dit gold ook voor SCCM in Vichy. Met de ondersteuning van de 44cc Motobloc-motor kwam het assortiment van de fabrikant uit Bordeaux tot bloei. SCCM en haar dochterondernemingen profiteerden van de reputatie van het merk uit Bordeaux en brachten hun bromfietsen op de markt onder de merknaam Motobloc, als aanvulling op het Riva-assortiment.
Samen ontwikkelden ze een revolutionair bromfietsontwerp met een motor in een laag buizenframe, gekoeld door een geforceerde luchtstroomtunnel. Het model heette de Sulky. Ondanks de duidelijke kwaliteiten wist het geen voet aan de grond te krijgen op een markt die ontwricht was door het vertrek van jongere generaties die in Algerije gingen vechten.
Ik ben Delameilleure Philippe
Ik ben een man en woon in Preshoekstraat 145 - 8510 Marke - België (België) en mijn beroep is Gepensioneerd.
Ik ben geboren op 27/09/1960 en ben nu dus 65 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: Wielrennen - Verzamelen van fietsmerkenplaatjes (balhoofdplaatjes) .