|
TURIN-BRUXELLES / GRAND PRIX DU CENTENAIRE – 1930
TURIJN-BRUSSEL / GROTE PRIJS VAN HET EEUWFEEST - 1930
De wielerwedstrijd “Turijn – Brussel” 1930 was een bijzondere historische etappekoers die niet tot de reguliere klassiekers of bekende rondes zoals de Tour de France of de Ronde van Vlaanderen behoort.
In 1930 bestond België honderd jaar. In elke provincie stonden er indrukwekkende festiviteiten gepland, van internationale sportmeetings tot wereldtentoonstellingen in Luik en Antwerpen. Wie hield van optochten, vuurwerk en koud bier, ging een topjaar tegemoet …
De Koninklijke Belgische Wielrijdersbond wilde uiteraard ook al dat gefeest niet missen. De Ligue Vélocipédique Belge (LVB), zoals de toen nog sterk Franstalige organisatie ook bekend stond, was een baken van Belgisch nationalisme en koningsgezindheid. Het eeuwfeest was voor haar de ideale gelegenheid om zich op dat vlak nog meer te gaan profileren én haar werking in de kijker te plaatsen.
Trouwens, want wat was een Belgisch feest toen zonder een velokoers? De wielerbond wilde weliswaar verder gaan dan de razend populaire kermiskoersen die toen in elk dorp en in elke stadswijk plaatshadden. 100 jaar België moest en zou gepaard gaan met spectaculaire wedstrijden.
Om dat te verwezenlijken, had de LVB de juiste man in huis: sportjournalist Alban Collignon. Hij was de oprichter en directeur van Les Sports, de voornaamste sportkrant van Franstalig België. Sinds 1929 stond hij aan het hoofd van het machtige comité administratif van de wielerbond. Collignon was een geboren organisator, die ambitieuze wedstrijden als de Ronde van België voor onafhankelijken of de Omloop van de Slagvelden uit 1919 op zijn palmares had staan.
In de aanloop naar de Belgische verjaardag kwam Collignon met het idee van een uniek en bijzonder ambitieus wielerevenement: de Grote Prijs van het Eeuwfeest of Turijn-Brussel, zoals de rittenwedstrijd al snel genoemd werd. De duizend kilometer tellende velokoers moest voor heel Europa de wielerkwaliteiten van België nog eens in de verf zetten. De koers zou plaatsvinden tussen 18 en 23 juli en zou drie ritten tellen. Die etappes zouden samen een groot stuk van West-Europa bestrijken. Van startplaats Turijn naar het Zwitserse Zürich in de eerste etappe, om vervolgens via Zwitserland en Frankrijk verder te gaan naar Luxemburg-stad in de tweede, en naar eindpunt Brussel in de derde en finale rit. Collignon verwierf de steun van zowel de Italiaanse als van de Zwitserse, Franse en Luxemburgse wielerbonden voor zijn organisatorisch meesterstuk.
De organisatie was niet alleen ambitieus, ze was ook wel symbolisch. Dat ze net in Italië startte, had te maken met een gebeurtenis die in de eerste dagen van het jubeljaar had plaatsgevonden. Op 8 januari 1930 was de Italiaanse kroonprins, Umberto van Savoie, getrouwd met de Belgische prinses Marie-José. Het koninklijk huwelijk kreeg in Turijn-Brussel zijn sportieve tegenhanger en moest de band tussen beide landen verder aanhalen. Het was daarom niet toevallig dat de start in Turijn lag. Prins Umberto was niet alleen de officiële beschermheer van de koers, hij was ook hertog van Piëmont, de regio waarvan Turijn de hoofdstad was.
De Belgische sportpers was lovend over het initiatief. De timing was wel een uitdaging, want eind juli was immers ook het moment dat de Ronde van Frankrijk gereden werd… en dat zag men dan ook in het deelnemersveld. Er waren wel genoeg ingeschreven renners, maar weinig echte toppers. Onder de 69 deelnemers zaten bijvoorbeeld geen Belgische vedetten zoals een Georges Ronsse of een Jef Dervaes. Beiden hadden zich op het laatste moment teruggetrokken. Luxemburger Nicolas Frantz, als tweevoudig Tourwinnaar wél een grote naam, zat dan weer in de nadagen van zijn carrière. Een andere vreemde eend in de bijt was Maurice De Waele. De Lovendegemnaar had een jaar eerder nog de Ronde van Frankrijk gewonnen. Een topper dus, maar wel een die in 1930 geen deel uitmaakte van de Belgische Tourselectie. Had Henri Desgrange hem persona non grata verklaard? De doodzieke De Waele was tijdens de finale van 1929 namelijk zodanig veel geholpen door zijn ploeggenoten, dat de Tourbaas vond dat een lijk de koers had gewonnen.
Ondanks het tekort aan wielervedetten lieten verschillende Belgische sportkranten het niet na om verslag uit te brengen van Turijn-Brussel. Zo was Sportwereld prominent aanwezig met Willem van Wijnendaele (zoon van Karel)en oudgediende Constant Cleiren. Beide journalisten waren meteen onder de indruk van de eerste etappe, die zat zo vol met spektakel dat ze het relatief beperkte deelnemersveld snel vergaten.
Tijdens de 395 kilometer van Turijn naar Zürich moest er flink worden geklommen in de Alpen, het hoogtepunt was de Gotthardpas. Nog voor het peloton aan die laatste beklimming begon, barstte er een hevig onweer los. De wedstrijd veranderde in “één eindenlooze tocht…van last en miserie en lijden”, aldus van Wijnendaele junior. Terwijl de regen met bakken uit de lucht viel, strompelden de verkleumde renners te voet omhoog. De ene na de andere gaf op. Alleen de Italiaan Allegro Grandi deed zijn voordeel met al die ellende. Hij was nog voor de Alpen weggevlucht uit het peloton en slaagde erin om zijn voorsprong tot het einde te behouden. Maar zelfs hij kwam pas toe in Zürich toen het al donker was. Met zijn winst legde Grandi meteen de basis voor zijn eindoverwinning. De twee volgende etappes waren namelijk niet half zo spannend als de eerste. De rit van Zürich naar Luxemburg passeerde dan wel via de Franse Vogezen over de gevreesde Ballon d’Alsace, maar het uitgedunde peloton had niet veel zin meer om te koersen. Met Michele Mara was het terug een Italiaan die won. Hetzelfde rustige tempo zette zich door in de slotetappe, de eindstreep lag in het Brusselse park van Laken. De Belg Emile Joly won er in de sprint. Op het eindpodium stond jammer genoeg geen enkele Belg. Grandi won Turijn-Brussel en een flinke som prijzengeld, de Oostenrijker Max Bulla en Nicolas Frantz namen plaatsen twee en drie in.
De Belgische wielerbond was lyrisch over het eindresultaat. Volgens haar was Turijn-Brussel een nieuwe illustratie geweest van de sport als een school van morele en sociale kwaliteiten. Nog belangrijker was echter dat ze erin geslaagd was ‘haar’ wielersport in een bijzonder vaderlandslievend licht te plaatsen. Met kroonprins Leopold was de koninklijke familie prominent aanwezig geweest bij de aankomst van de laatste etappe, samen met de minister van Landsverdediging. Ook de randactiviteiten die Alban Collignon had georganiseerd in het park van Laken, in afwachting van de aankomst, blonken uit door hun patriottisch karakter. Zo was er een nationaal wielerkampioenschap voor militairen én een Marche de l’Armée, een wandelwedstrijd waarbij meer dan dertig legerregimenten het tegen elkaar opnamen.
In de sportkranten waren de reacties wat gemengd, er was zeker ook lof voor de vlotte organisatie door Collignon en de sportieve spankracht van de koers. Maar er was ook wat ontgoocheling over de magere Belgische prestaties in wat toch ook een toonbeeld voor de Belgische wielerkwaliteiten had moeten zijn.
In Sportwereld toonde Willem van Wijnendaele zich blij dat toch een Belg de laatste etappe had binnengehaald. “Want anders zou de Groote Prijs van het Eeuwfeest niet alleen gewonnen zijn door een Italiaan, maar ook de drie ritten zouden naar drie vreemdelingen gegaan zijn. En dat ware toch wat al te triestig geweest!" Tegelijk ergerde hij zich aan de "Italiaansche pretentie.” Hij erkende dat Grandi een sterke wedstrijd reed, maar hekelde het feit dat zowel de andere Italiaanse renners als de Italiaanse volgauto’s hem vaak ostentatief uit de wind hadden gezet.
Dat alle Italianen op twee en vier wielen aan hetzelfde zeel hadden getrokken, was nochtans niet zo verwonderlijk. Hoewel wielrennen niet het propagandamiddel bij uitstek was voor het fascistische regime – daarvoor was de sport té volks – greep het wel elke kans aan om Italië als een sterk en succesvol sportland te tonen. Een overwinning in Turijn-Brussel was daar ideaal voor. In het eerstvolgende nummer van Lo Sport Fascista, het geïllustreerde sportblad van het fascistische regime van Benito Mussolini, kreeg winnaar Grandi heel wat loftuitingen toegegooid.
Bron: Stijn Knuts
https://servicekoers.be/verhalen/van-turijn-tot-luik#jubileumkoers-met-koninklijk-tintje
Colectie PHD.




|