NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Zoeken in blog

Foto
Foto
Over mijzelf
Ik ben Journée Wilfried , en gebruik soms ook wel de schuilnaam PAPOUM.
Ik ben een man en woon in LANDEN (België) en mijn beroep is gepensioneerde , slapen, goed eten en drinken..
Ik ben geboren op 04/06/1944 en ben nu dus 74 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: wielersport en tafeltennis, geschiedenis, reisverhalen, chansons, humor..
Inhoud blog
  • EINDE
  • Adieu l'Ami - Au Revoir.
  • De Flandriens uit Limburg.
  • Les soldats russes venus en France en 1916 .
  • HISTOIRE DU TENNIS DE TABLE - FP.
    Foto
      EINDE
     VAN DEZE BLOG

      26 08 2012
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto

    J. BREL

    C'est plein d'Uylenspiegel
    Et de ses cousins
    Et d'arrière-cousins
    De Breughel l'Ancien

    Le plat pays qui est le mien.

    Tous les chemins qui mènent à Rome
    Portent les amours des amants déçus
    et les mensonges des anges déchus.

    Foto
    Foto
    Foto
    Pelgrim

    Wat zich gaande voltrekt
    in de ziel van de pelgrim
    is niet een toenemend verlangen
    naar het bereiken van zijn reisdoel,
    niet het vinden van het heilige
    aan het einde van zijn bedevaart,
    maar zijn overgave aan de ruimte,
    aan de kiezels op zijn pad,
    zijn besef van niet-weten,
    zijn afdalen in de leegte.

    Zijn benen worden zijn vrienden,
    de regen zijn lijden,
    zijn angst wordt gericht
    naar de honden langs de weg,
    het vele legt hij af en hij rust in het Ene.
    Al trekkend komt hij nergens,
    voortgaande bereikt hij niets,
    maar zijn vreugde neemt toe
    om een bloem en een krekel,
    om een groet en een onderdak.

    Zijn reisdoel en zijn thuis
    vloeien samen aan de horizon,
    hemel en aarde vinden elkaar
    op het kruispunt van zijn hart.
    Het heilige verdicht zich
    in de dieren en de dingen.
    Zijn aankomst ligt verborgen
    in de wijsheid van het Zijn.

    Catharina Visser

    Foto
    De Weg.

    In de verte gaat een pelgrim,
    eenzaam over het pad.
    Met een blik voorwaarts,
    eindeloos turen naar het pad.
    Het pad dat hem leidt,
    de wind die hem begeleidt.
    Samen èèn met de natuur,
    de geur,het geluid en omgeving.
    Daar toont de schepping hem,
    nederig dat het pad van zand
    zo hard als steen is.
    Soms ook warm,koud en nat.
    De pelgrim stapt over
    het harde pad,
    met als enige vriend
    zijn schaduw.
    Samen op hun weg.
    When we got to the sea at the end of the world
    We sat down on the beach at sunset
    We knew why we had done it
    To know our lives less important than just one grain of sand.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    En camino de Santiago
    Sur le chemin de St Jacques
    Iba una alma peregrina
    Allait une âme pérégrine
    Una noca tan obscura
    Une nuit si obscure
    Que ni una estrella lucia ;
    Que ne brillait aucune étoile ;

    Foto
    Foto

    Le patron de toutes les filles
    C'est le saint Jacques des Bourdons;
    Le patron de tous les garçons
    C'est le saint Jacques des Coquilles.
    Nous pouvons tous les deux nous donner un bouquet,
    Coquilles et bourdons exigent que l'on troque;
    Cet échange affermit l'amitié réciproque,
    Et cela vaut mieux qu'un œillet.

    Foto

    Dat een pelgrim bij terugkomst niet wordt herkend door de mensen thuis, is een geliefd thema in middeleeuwse pelgrimsverhalen. Waarschijnlijk wil de legende daarmee aanduiden, dat de pelgrim door zijn bedevaart een ander mens is geworden; hij is op Christus gaan lijken. Dat wordt uitgedrukt door de omstandigheid dat de mensen van vroeger de teruggekeerde pelgrim niet meer herkennen: hij beantwoordt niet meer aan het oude beeld, dat zijn nog hebben; de pelgrim is een nieuwe mens geworden.

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Betrouw geen pelgrim met een baard
    Die met een schooikroes geld vergaart
    Al beed'lend langs de wegen sjokt
    En met een deerne samenhokt.



    Priez pour nous à Compostelle - Barret et Gurgand - 1977.

    Par milliers, par millions, le besace à l'épaule et le bourdon au poing, ils quittaient les cités, les chateaux, les villages, et prenaient le chemin de Compostelle. Gens de toutes sortes et tous pays, ils partaient, le coeur brulant, faire leur salut au bout des terres d'Occident, là où la mer un jour avait livré de corps de l'apotre Jacques.
     
    Foto
    Foto
    Ik had het eerst
    niet in de gaten,
    en opeens
    zàg ik het spoor
    dat jij voor mij
    hebt nagelaten.
    Mon père .

    Assis dans un vieux fauteuil
    Recouvert d'un plaid usé,
    Il rêve de son passé,
    En attendant le sommeil.

    La fumée d'un cigare
    Flottant au-dessus de lui,
    D'une auréole, pare,
    Sa tête grise, de nuit.

    Vêtu d'un pantalon gris,
    Chemise de flanelle
    Sous le tablier bleu sali.
    Sa casquette est belle.

    Il sait déjà que demain,
    Sera le grand jour pour lui.
    Mais il ne regrette rien,
    Et partira seul sans bruit .

             
              ***
    Foto
    La mort .

    Le jour où tu viendras,
    A l'aube d'un matin,
    Me tendre les bras
    Me chercher par la main,
    Entre comme moi
    Par le fond du jardin.

    Tu essuyeras tes pieds
    Sur le grand paillasson,
    Pour ne pas marquer
    Tes pas dans le salon,
    Et n'oublie pas d'ôter
    Ton noir capuchon.

    La table sera mise
    Et le vin bien chambré,
    Quand tu sera assise
    Nous pourrons le goûter,
    Avant que je ne suive
    Ton ombre décharnée .

    Mais si tu préfères
    Par surprise me faucher,
    Au début de l'hiver
    Ou au soir d'un été,
    Pousse la barrière
    Elle n'est jamais fermée.

    Avant de m'emporter,
    De rendre ma valise,
    Laisse-moi griffonner
    Une dernière poésie
    Où je ferai chanter
    La beauté de la vie.

    Ce n'est pas ce matin
    Que je quitterai le port,
    Puisque de mes mains
    J'ai caressé si fort
    Ses lèvres de satin
    Que je t'oublie, la mort.


              +++
    Foto
    Foto
    Foto
    SEUL  SUR  LE  CHEMIN .

    J'ai traversé des villes,
    J'ai longé des cours d'eau
    J'ai rencontré des îles
    J'ai cotoyé le beau !

    Tout au long du voyage
    Rien ne m'a retenu
    Même pas un signe de croix
    Tracé d'une main tremblante.

    Le vent, la mer, la pluie
    M'ont façonné le coeur.
    Je suis leur propre image,
    Immuable douleur.

    Je fais signe aux oiseaux,
    Seuls amis de ce monde,
    Qui m'entraînent dans une ronde
    A m'en crever la peau.

    J'ai traversé des coeurs,
    J'ai rencontré des bras,
    J'ai caressé des fleurs,
    J'en ai ceuilli pour toi.
    Foto
    Foto
    Foto
    卓球
    Настольный теннис
    टेबल टेनिस
    Стони тенис
    เทนนิสโต๊ะ
    Bóng bàn
    탁구
    تنس الطاولة

    TENNIS DE TABLE
     MESATENISTA
    PING PANG QIU
     TISCHTENNIS
    TABLE  TENNIS


      photos courtesy  ITTF 


    乒乓球
    Stolni tenis
    Tenis Stolowy

    ITTF    TABLE   TENNIS 
        Classement mondial 
         26 - 08 - 2012  
    World  Ranking
    Weltrangliste
    Ranking Mundial
    Värlen Rangordning
    Classifica Mondiale 

    MESSIEURS :

    1. ZHANG Jike - CHN
    2. MA Long - CHN
    3. XU  Xin - CHN
    4. WANG  Hao -
    CHN
    5. MIZUTANI Jun - JPN
    6. MA  Lin  - CHN
    7.  BOLL Timo -  GER
    8. CHUANG Chih-Yuan - TPE
    9. OVTCHAROV Dim - GER
    10. WANG  Liqin - CHN
    11.  JOO Se Hyuk - KOR
    12. OH Sang Eun - KOR

    --    DAMES :
    1. DING Ning - CHN
    2. LI Xiaoxia - CHN
    3. LIU Shiwen - CHN
    4. GUO Yan - CHN
    5
    . ISHIKAWA Kasu - JPN
    6. FUKUHARA Ai - JPN
    7. FENG Tianwei - SIN
    8. KIM Kyung - KOR
    9. GUO Yue - CHN
    10. WANG Yuegu - SIN
    11. WU Yang  -  CHN
    12. TIE Yana - HKG

     

    Info  =  www.ittf.com 
    ( anglais,allemand,chinois).

    http://www.ittf.com/_front_page/itTV.asp?category=ittv_New

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    December 1990 - Pantoum.

    De noodklok belt slechts éénmaal
    Komt weldra de ultieme speeltijd
    Ademen voor de laatste maal
    Gelukkig geen haat noch nijd
    Toch af en toe een flater
    Een zorg is dit voor later
    Lopen van os naar ezel
    Toch af en toe een flater
    Niet knikkers tellen, wel het spel
    Lopen van os naar ezel
    Dagelijks goed aan de kost
    Niet knikkers tellen, wel het spel
    Verwachtingen zelden ingelost
    Dagelijks goed aan de kost
    De beste blijft mijn moeder
    Verwachtingen zelden ingelost
    Water is het kostelijkste voeder
    De beste blijft mijn moeder
    Om bestwil een toontje lager zingen
    Water is het kostelijkste voeder
    Op zoek naar de diepte der dingen
    Om bestwil een toontje lager zingen
    Komt het varksken met de lange snuit
    Op zoek naar de diepte der dingen
    Nu is dit pantoumeke bijna uit
    Komt het varksken met de lange snuit
    Ademen voor de laatste maal
    Nu is dit pantoumeke bijna uit
    De noodklok belt slechts éénmaal.

    Tibertyn.    ***
    Foto
    Kleine mensenhand
    strooit op winterse dag
    kruimels voor de mus.

    Schelpen op het strand
    die worden door de branding
    voor ons kind gebracht.

    Molens in de wind
    draaien, draaien, en draaien
    in het vlakke land.

    Kerstman in de straat
    borstelt met grote bezem
    sneeuw weg van de stoep.

    De dode takken
    breken af bij felle wind
    van de avondstorm.

    Kreten in de nacht
    van kikkers in de vijver
    lokken de reiger.

    Hulpeloos jong lam
    verloren tussen struiken
    waar de wolf vertoeft.

    De werkzame bij
    zoekt in de roze bloesems
    lekker naar honing.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    The country with the biggest population in the world, the People's Republic of China, regards this sport as the most important.”

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    De pelgrim.

    Hij is op de weg alleen 
    al weet hij nog niet waarheen
    maar ergens stond geschreven
    dat hij die richting moest gaan
    en aarzelt hij soms even
    langs de eindeloze baan
    terwijl hij in zijn hart voelt
    dat velen eerder gingen
    mijmerend over dingen
    terwijl een windje afkoelt .
    Verder dan Rome loopt de weg.
    Ervaringen van een pelgrim.
    27-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.EINDE
                                                                  DE  WEG IS AFGELEGD




                                                      E I N D E

     STOP   MET  DEZE  BLOG


      

      



     

      

     



    27-08-2012 om 11:11 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Adieu l'Ami - Au Revoir.

      Gilbert Bécaud

    Adieu l'ami
    Faut se quitter
    Car tout s'arrête
    Avec l'été
    L'ami
    Les feuilles sont tombées
    Sur les routes gelées
    L'ami
    Quand on courait
    Sur les chemins
    Pavés de fête
    Mouillés de vin
    L'ami
    Nos chansons nous disaient
    Que cela durerait la vie
    L'ami

    Au revoir, au revoir
    Qui sait jamais
    Tout peut recommencer
    Au revoir, au revoir
    Il faut croire en l'été
    L'ami

    L'harmonica chante sans nous
    Il chante encore
    Nos quat'cents coups
    L'ami
    Si un jour il se tait
    C'est qu'on aura changé
    L'ami

    Au revoir, au revoir
    Qui sait jamais
    Tout peut recommencer
    Au revoir, au revoir
    Il faut croire en l'été
    L'ami







                                          

    26-08-2012 om 21:18 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    13-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.De Flandriens uit Limburg.

    Marcel Kerff  is een Limburgse sportheld die we moeten blijven eren .


    Op het einde van de XIXde eeuw .

    Het zou totaal verkeerd zijn te beweren dat de langzame Limburgers later dan elders de fiets en de wielersport hebben ontdekt. Inderdaad, terwijl elders de eerste dure fietsen van ver uit Frankrijk en Engeland werden ingevoerd, konden de Limburgers gemakkelijk per trein de industriestad Luik bereiken waar het afwerken van metalen en wapens reeds eeuwen een specialisatie was. Reeds in 1885 rolden duizenden tweewielers te Luik en omgeving de straten op. Uit de ateliers van Bovy, Legia, Sarolea, F.N., Gilet, Soleil, Pieper en Bayard kwamen hoogwaardige producten en wisselstukken. Oscar Englebert die reeds in 1877 rubber verwerkte tot banden voor koetsen en andere tuigen met wielen was voor de fietsenconstructeurs de gepaste partner. De hoge lonen die in de agglomeratie Luik werden uitbetaald, de bloei van handel en nijverheid, tijdens de jaren van voorspoed voor de hogere klassen van toen, maakte het mogelijk dat fietsen die volgens hedendaagse normen minstens 10.000 € zouden kosten voor vele jonge kerels bereikbaar werden.
    Die sportievelingen uit de hogere burgerij begonnen al vrij vlug zich met mekaar te meten. Dit gebeurde meer op gebied van snelheid en dan op gebied van weerstand. De wedstrijden gingen door in publieke parken, op de openbare weg, maar nog meer op de wielerbanen waar de plaatselijke kampioenen door een talrijk publiek werden bewonderd en toegejuicht. Vele Zuidlimburgers vonden hun broodwinning te Luik en daar kwamen zij ook in aanraking met de fietsmanie uit die jaren van  ' fin de siècle à Liège ' .
    Op de Luikersteenweg te Hasselt opende begin 1897 en nieuwe velodroom met een fraai programma en vooral met de nieuwe sensatie , machienen die zullen zorgen voor de gangmaking . Ontelbare toeschouwers stromen dan ook samen wanneer te Hasselt de renners op de wielerbaan kunnen worden bewonderd. Maar ondanks het enthousiasme en de vele tweewielers die reeds in het bezit van Limburgers zijn, deint de jonge wielersport reeds rond 1902 weg in een crisis en leegloop. Twee feiten moeten echter nog vermeld worden :
    - Zoals Maaseik belangrijk was in de vroegste schilderkunst door de gebroeders Van Eyk , zo stapte deze stad ook in de wielerhistorie binnen door drie Kampioenschappen van België op de weg voor beroepsrenners. La langue française was de taal van de fietsende burgerij in Limburg, en van Borgloon tot Hasselt en nog verder, was Limburg eeuwenlang een deel geweest van het Prinsbisdom Luik. Omdat het te moeilijk was van veilige en verharde wegen te vinden om op 16 september 1894 een wegkoers over 100 km te houden, kozen de drie wielerclubs uit Luik om dit eerste nationale wielerkampioenschap voor beroepsrijders te houden in lijn op wegen tussen Smeermaas (Lanaken) en Maaseik, verlengd met twee rondjes over Kinrooi,Vucht, Maasmechelen, Lanklaar. De Luikse organisators, bondsmensen, renners en supporters konden gemakkelijk per trein naar het sportief gebeuren sporen, en met hen op de trein gingen mee muzikanten, verzorgers, mekaniekers, gangmakers, en anderen, mensen die zich allemaal daar graag toonden met hun prachtige Safety-fietsen voornamelijk van Luikse makelij. De meeste Luikse wielrijders kenden trouwens goed " la Vie au Grand Air" op die wegen langs de Maas, want in de fabrieksbuurten en in de heuvels kwamen zij niet graag.
    Met gangmaking van zijn fietsende helpers won de oersterke Leon Houa, winnaar van de eerste Spa-Bastogne-Spa 1894, de titel tegen een gemiddelde 30,193 km per uur. Voor Vlamingen, Walen, Brusselaars, werd Houa toen dus te Maaseik duidelijk de vaandrig van de Belgische wielrennerij over de lange afstand. Een jaar later op 8 september 1895 stonden de Reus van Boechout Henri Luyten en de Leuvenaar Jozef Berckmans als favorieten genoteerd, maar deze laatste werd uitgeschakeld door bandbreuk zodat Luyten met ruim een kwartier voorsprong won. Op 6 september 1896 waren de Luikse wielerfanaten door de onwil van plaatselijke overheden ook een derde maal verplicht om uit te wijken in de richting van Maaseik. Henri Luyten won nogmaals dit kampioenschap tegen stoere mannen uit de burgerij, kerels die liefst onder schuilnamen de wielersport beoefenden. Zelf waren Luyten en zijn gangmakers ondertussen beroemd in heel Europa nadat zij door Nicolaas II, de Tsaar van Rusland, waren uitgenodigd om daar in hoog gezelschap te bewijzen dat de Luikse fietsen ( en geweren) van goede kwaliteit waren .

    -Marcel Kerff  had tien (10) broers en twee daarvan Charles en Leopold waren zoals hijzelf ook zeer sterke fietsers met een stalen uithoudingsvermogen.Wonende op het drielandenpunt evolueerde deze familie vlot over de grenzen heen. De broers Kerff reden met de fiets vaak naar Parijs (600km) en terug op twee dagen om daar in de groothandel grote stukken vlees te kopen, die nadien met winst in de familiale beenhouwerij werden verkocht. Op de eerste dag van Wereldoorlog 1914-18  reed Marcel, de ex-wielrenner die toen de persoonlijke knecht was van Graaf de Secillon op het Kasteel van Teuven, met zijn motorfiets in de richting van de grens om te zien wat daar gaande was. Hij botste er op 25.000  Ulanen op oorlogspad. Die Pruisen namen hem als spion gevangen. Toen hij uit protest schreeuwde werd barbaars zijn tong uitgesneden. Wat later werd deze pionier van de Tour de France opgehangen met andere burgers en gedumpt in een massagraf. De binnendringers uit Duitsland waren toen woedend omdat niet-militairen op hen hadden geschoten.

    Zoals zijn broer Marcel had Charles (Karel) met zijn sportieve verrichtingen de wereld ontdekt, tot ver buiten van het Drielandenpunt. De jongere Leopold  stopte reeds na zijn tweede marathonkoers op de wielerbaan van Verviers. Charles Kerff  moest kort na de start tijdens de nacht van de memorabele marathonrit Marseille-Parijs 1902 om onduidelijke redenen naar een hospitaal afgevoerd worden, waar hij overleed terwijl de andere renners (zijn broer Marcel inbegrepen) en de organisators van niets afwisten. Zij waren verder gereden in verschrikkelijke weersomstandigheden. Er werd toen beweerd dat uitgelaten Franse supporters Charles van zijn fiets hadden geduwd na vechtpartij met zijn gangmakers. Er werden echter nooit schuldigen aangehouden. Deze klasrijke Charles had in 1896 te Menen gewonnen, werd 2de in de 24u van Roubaix en 3de op de wielerbaan van Friedenau (Berlijn). Hij was in 1901 Belgisch kampioen 100km met gangmaking en 7de in de marathon Parijs-Brest-Parijs (1200 km). Deze sportman uit de Voerstreek werd toen ook uitgenodigd om samen met Alfons De Roeck te New-York de Zesdaagse te rijden in 1901, maar door pech van die flandrien uit Stekene was het voor hen daar slecht afgelopen. 

    Tot mijn verbazing stelde ik pas vast dat Karel Van Wijnendaele in zijn beroemd boek Het Rijke Vlaamsche Wielerleven op blz 36 dit schreef  :  'Marcel Kerff stierf een andere geweldige dood. Bij den uitzet van Marseille-Parijs, zijnde 1000 Klm. viel hij bij het afrijden van een berg, en kwam zoo ongelukkig terecht op de rotsen bezijden de baan, dat hij enkele uren nadien bezweek aan eene dubbele schedelbreuk! ' - Het gaat hier wel echt over de  920 km lange Marseille-Paris 1902 gewonnen  door Lesna en waarin Marcel vierde werd op 16 uren en 4 minuten van de geweldige Lesna  ( - zie elders op deze blog op datum van 8/4/2009  -) .

    Door op de toen befaamde wielerbaan van Zurenborg te Antwerpen de 48uren te winnen en toen zonder gangmaking 997 km af te leggen had Marcel Kerff  in 1900 bewezen dat hij een toprenner was , een beroepskoeräör uit het verre Oosten van het Vlaanderen van vandaag. Maar alhoewel een beetje bekend  te Stekene was hij dat nog niet te Torhout in het land van de zuivere flandriens. Toch kreeg hij van le journal  l'Auto rugnummer 9 om op die historische ochtend van 1 juli 1903 te starten te Montgeron aan l'Auberge Le Reveil Matin in de eerste rit Parijs-Lyon 467 km van de eerste Tour de France. De vroegere beenhouwersgast deed het zeer goed want hij bereikte Lyon op een zesde plaats, te Marseille zou hij wat later zevende worden, en nadien tiende te Toulouse,  zestiende te Bordeaux, achtste te Nantes, en zestiende te Parijs. Hij reed die eerste Ronde van Frankrijk  van 2428 km uit  in een totaaltijd van 100 uren 25'38" op de zesde plaats. Samson, alias Julien Lootens uit Wevelgem, was zevende en  dat was twee uren minder goed.

    Marcel Kerff was dus de eerste Belg  in de eerste Tour de France.  Met volle ernst beweer ik in 2012 dat deze Limburgse sportheld van ons wielerlievend volk gedurende meer dan een eeuw te weinig aandacht heeft gekregen.


    Wielersport in tijden van wereldoorlog, of daarvoor, daartussen en daarna.

    De burgerij verminderde plots haar interesse voor de fiets want de mannen van goeden huize hadden meer aandacht voor vrouwen, motoren, auto's, en vliegtuigen, terwijl ook de Olympische Spelen een nieuwe werkelijkheid was geworden. De industrie bracht goedkopere fietsen op de markt die moesten dienen om de arbeiders naar het werk te brengen. Het leger ook begreepen  soldaten zich snel en strategisch kunnen verplaatsen met stevige militaire tweewieler.

    Veel jongere mannen krijgen of erven een fiets die zij aanpassen en verbeteren na enige knutseluren met nieuwe onderdelen. Zij zijn zonen van boeren en arbeiders die uit armoede het in de wielrennerij proberen waar rond de kerktorens, van café tot café, redelijk schoon geld valt te verdienen. Er komt op deze manier een revival van de wielersport door de instap van de gewone man.  

    We kunnen op 24 juni 1908 vaststellen dat er een Ronde van Limburg over 160 km  wordt gehouden op de Kuregemse Steenweg te Hasselt. Twintig Limburgers met wegfiets nemen aan deze koers deel. Het podium van deze eerste Ronde van Limburg 1908 voor amateurs mocht zeker gezien worden.
    Eerste - Fons Lauwers uit Wezemaal (23 jaar) de grote crack van toen, pionier van zijn sport in Vlaams-Brabant, Kempen en Hageland, deelnemer Tour de France 1913 en 1914, Nationaal Kampioen van de Onahankelijken in 1912.
    Tweede - Plilippe Thys uit Anderlecht (19 jaar) de eerste wielerkampioen die driemaal de Ronde van Frankrijk zou gaan winnen, alsook enkele grote ééndagskoersen .
    Derde - Victor Linart uit Floreffe (19 jaar) - Victor Linart, zowel als jonge sportman als zeventig plusser, was een heer waarvoor men alleen bewondering kon hebben. Hij had zwart haar, een bronzen kop, ogen om van te schrikken, en er stak iets nobels van een ander ras in die kerel (daarom zijn bijnaam ). Terwijl gedurende de sportieve loopbaan van Le Sioux 55 wielrijders en gangmakers de dood vonden tijdens halsbrekende en oorverdovende races achter zware motoren werd Linart méér dan 88 jaar. Tot op hoge leeftijd was hij op natte winterzondagen in Normandië nog de raadgever van jonge cyclocrossers. Vermits hij als wereldkampioen de gouden jaren heeft gekend van de wielerbanen werd hij rijk.  Ook te Tongeren op de grote jaarlijkse kermis 1909 kwam Linart aan de start in een koers over 120 km tegen de koersende toppers van toen  zoals Van Hauwaert, Defraye, Buysse, Lambot.
     Dit toont aan dat in Limburg toen al, zoals vandaag en volgend jaar ook nog, er altijd mensen waren en zijn die wielerkoersen organiseren. Dit met de medewerking en samenwerking van trekpaarden die zowel boven als beneden op de ladder van de maatschappij staan. 

                     
    Victor Lenaers is een vergeten uit de vroege twenties  - Willy Vannitsen de crack uit de fifties -  Carlo Bomans de bekwame bondcoach van vandaag.


    Renners komen en gaan in het wielerminnend Limburg dat blijft bestaan.

    Toen op 16 januari 1960 te Waterschei  wijlen Armand Thewis op zijn duivenkot dood werd gevonden, toen vernam de generatie van de pas geboren gouden sixties dat deze kleine man uit het mijnwerkersmilieu eens 'De Sperwer' was geweest. Hij was een weesjongen die te Klein-Gemen bij een oom verbleef. Reeds vanaf 1912  liet hij zijn talent zien in de harde wielrennerij. De oorlog en omdat hij maar niet kon binnen geraken bij een merk, maar ook zijn gebrek aan opvoeding, beperkten zijn palmares. Maar er zijn dagen geweest dat deze temporijder, zowel op de velodroom als op de weg, met zijn snelle en krachtige jump iedereen kon kloppen. Met rugnummer 211 vertrok Thewis in de Tour 1921. In de eerste rit Parijs-Le Havre 388 km dronk hij veel wijn en zo geraakte hij niet aan de meet. Kampioen van België bij de Onafhankelijken 1914, Winnaar van de Ronde van België voor Onafhankelijken 1920, en winnaar in 1925 van één van de 8 edities van de verdwenen klassieker Brussel-Parijs , bewijzen dat Thewis in die dagen evenwaardig was aan Vermandel en aan  Gerard De Baets. Pas toen hij 32 jaar was werd hij als prof betaald, maar al vlug fladderde hij weg in een flamboyante levensstijl waar drank steeds aanwezig was. 
    Tongeren.  In 1921 werd een tombola ingericht om de plaatselijke renner Victor Lenaers te laten deelnemen aan de Tour de France. Die had reeds enige bewonderaars verzameld in 1914, maar verbleef jarenlang in krijgsgevangenschap. Toen hij terug thuis kwam en zijn gezondheid in orde kwam, won hij in 1920 de Grote Schelde Prijs. Met ereplaatsen in de klassiekers Luik-Bastenaken-Luik en Parijs-Brussel bewees deze renner ook in 1921 dat hij de Tour de France kon betwisten. Volgens de sportmannen van toen moest hij dat dan ook doen.
    Zij waren met 123 vertrokken. Victor droeg rugnummer 139,  en in vijf ritten  ( 388 km + 364 km + 405 km + 412 km + 482 km) bereikten de grote wegrenners Bayonne. Na de eerste bergrit  van 326 km naar Luchon bleven zij nog maar met 48 kampers in koers. In die zesde rit was de onverzorgde tweedeklasser Victor Lenaers komen bovendrijven. De dappere Eburon reed Luchon binnen als zevende en dat slechts drie minuten na favoriet Firmin Lambot. Op vele minuten en zelfs op uren volgden concurrenten zoals Despontin, Christophe, Mottiat, Sellier, Deloffre, Ernest Paul. Bij het vernemen van dit sportnieuws werd de oude Ambiorixstad volledig wielergek. Lenaers kon zich handhaven, schoof op in de rangschikking, werd tweede in de rituitslag te Nice en te Metz. Te Parijs kreeg hij de zesde plaats in het algemeen eindklassement, maar vooral won hij het aparte B-klassement van de onverzorgden. Op een warme zomerdag werd Victor Lenaers te Tongeren bij zijn terugkeer door duizenden Limburgers gevierd. Bijgenaamd  'De Kaporaal' , omdat een familielid in het leger van Napoleon had gediend, werd deze rustige man op enkele weken tijd een bemiddeld burger. Zijn faam was zo groot dat op kermissen en markten de liedjeszangers over hem niet uitgezongen geraakten. 
    Victor kon zich het volgend wielerseizoen klasseren in de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, Parijs-Brussel  en hij won de tweedaagse van Parijs naar Clermont-Ferrand. In de Tour van 1922 , met rugnummer 8 en als eersteklasser, bevestigde hij. Na zes ritten, te Luchon werd Victor Lenaers slechts voorafgegaan door Christophe en Alavoine. Zijn regelmatigheid, tweede plaatsen te Bayonne en te Luchon, maakten van hem een kanshebber om die Tour te winnen. In het begin van de rit Briançon-Genève echter, tijdens een bergaf in duisternis en sneeuw, brak plots zijn ketting. Zoals het reglement voorschreef moest hij dat probleem zelf oplossen en dat heeft hem veertig minuten gekost. Hij werd vijfde in het eindklassement op maar 45' 32" van de winnaar. De oud-krijgsgevangene  was dus een toprenner in het grote Rondewerk geworden. In 1923 vertrok hij met rugnummer 22. Heuseghem kreeg 21, de heren Henri en Francis Pélissier 23 en 24, Lucien Buysse 25 én Ottavio Bottechia 26.  Ik meld dit graag om te laten zien in welk gezelschap die Limburgse klimmer vertoefde. Maar  tijdens Brest - Les Sables d'Olonne (412 km) sputterde zijn motor tegen en reed hij maar als 37ste over de lijn met 57'28" achterstand. Tijdens de volgende ritten ging het nog veel slechter. Tussen Toulon en Nice moest hij opgeven. Alhoewel hij pas hersteld was van een schedelbreuk na valpartij op een Franse wielerbaan stond hij een jaar later met rugnummer 30 weer aan de start te Parijs,  maar hij bereikte die dag Le Havre pas als 101-ste met al méér dan twee uren verlies. Cherbourg zag de onherkenbare Ambiorixzoon finishen als 43ste, dat was in die rit wel nog beter dan Defraeye, Despontin en Thys. Er kwam geen verbetering noch troost. Bretagne zag Lenaers voorbij sukkelen in  47ste positie. De journalist Albert Londres schreef toen zijn beroemd stukje wielerproza ter gelegenheid van de opgave van Henri en Francis Pélissier. Ook Victor Lenaers verliet daar de grote koers. Hij had 41 van die kanjers van ritten van toen uitgereden. Hij besloot van al zijn tijd, kennis en energie te gebruiken in zijn fietsenwinkel Cycles Caporal te Tongeren.
     
    Tussen de eerste opmerkelijke prestaties van Thewis en Lenaers en vandaag is zowat een eeuw voorbij gegaan in de tijd. Er zijn tijdens die periode ( laten we afronden )in aantal duizend min of meer renners geweest  die wat hebben bijgedragen tot de bloei en de handhaving  van HET RIJKE LIMBURGSE WIELERLEVEN . Ik wil daarbij ook nog duizend anderen vermelden,  bekenden en onbekenden , die liefde, tijd, werk, geld, organisatietalent, aandacht, glimlach, steun, applaus, toelatingen, ... hebben gegeven aan de wielersport. En aan zij die ik nog zou vergeten zijn ...  toch ook ...   Veel Dank ... !

    Neen, ik ga hier nog niet eindigen met mijn schrijfsels over de Limburgse velocipedie. Dit loopt dus nog verder  ... !. 

    LODE MULLER  uit Gingelom.

    Reeds in 1923 bewees de mijnwerkerszoon Lode Muller dat hij niet naar de mijn zou moeten. Hij won toen in het voorjaar op een rij 16 koersen. Mentaal geholpen door Armand Thewis werd hij onafhankelijke. Weldra stond deze Limburger aan de start van de Tour 1927. Van hem werd knechtschap gevraagd, doch dat vond Lode te frustrerend. Hij bewees zijn capaciteiten en  haalde een mooie 12de plaats voor Alcyon. Gingelom ontving haar zoon als een held, met een groot feest. Verschillende bazen van velodrooms lieten hem contracten tekenen. Het zat dus kits met de loopbaan van Muller die nog jaren lang als volbloed pistier overal mocht meedraven  terwijl hij ook in de wegkoersen nog zijn mannetje kon staan. Nadien fungeerde hij als afgevaardigde, ploegleider,en raadgever van verschillende generaties jonge Limburgse renners,  en verdiende hij als handelaar goed zijn brood.

     HENRI AERTS  uit Sint-Truiden.
    Als oudste zoon van een groot gezin werd Henri Aerts door zijn vader verplicht van geld binnen te brengen. Voor de jonge Aerts, die sportief zich goed kon weren op de wielerbanen waar dat geld kon worden gehaald,  was dit het belangrijkste. Snel had hij begrepen dat pistiers konden kopen en verkopen. Op een zelfgemaakte piste oefende hij thuis veel zodat hij weldra zijn vak goed kende. Gekoppeld aan  Lode Muller of  aan Armand Haesendonckx uit Herentals verdiende hij schoon geld op de kleine pistes. Maar ook internationaal werd  'Poeke'  gevraagd. Zo vinden wij hem terug in 1927 op een derde plaats van de klassieke ploegkoers Prix Dupré-Lapize te Parijs en dit gekoppeld aan de campionissimo Alfredo Binda ! 
    Hij was een koppig mannetje. Hij werd bijgenaamd ' De Luis'.  Vooral in eigen Sint-Truiden op de wielerbaan Het Vissegat was hij steeds in zijn element, en dat was hij nadien ook op de markt waar hij handel dreef en vertelde over al zijn toeren en amoeren  rond en op de piste ... !


    GERARD LONCKE   uit Overpelt .

    'Karke Loncke' won telkens een rit in de Ronde van Frankrijk in 1931 en in 1932. Hij herhaalde deze prestatie ook twee keer in de Giro d'Italia. Dat bezorgde hem de grote naam van eerste Limburger die ritoverwinningen in de grote rittenkoersen had gewonnen. Met grote ambitie had Loncke toegeleefd naar de WK's op de weg 1933 en 1935. Te Monthléry werd hij geklopt door pech (4 bandbreuken) en voor Floreffe werd hij eerste reserve. Dit ontgoochelde hem erg en zo begon hij zich nog uitsluitend toe te leggen op de piste. Hij verzilverde contracten in de zesdaagsen van Chicago, New-York, Amsterdam, Brussel,en Antwerpen .Hij was een talentrijk en veelzijdig renner die overal prestaties heeft gebracht.


    ANTOON DIGNEF    uit Landen (geboren te Velm)

    Over deze renner staat elders veel op deze blog . Te vinden via  'Google op Blog' -  Rechterkant. - Dignef moet volgens mij geplaatst worden bij de renners uit de provincie Luik , vermits in de jaren dertig Landen behoorde bij de provincie Luik  . Die man was trouwens lid  ( en kampioen ) van wielerclub Pesant Liège . Telkens als de Vuelta weer begint mag de naam Antonio Dignef worden geciteerd omdat hij wielergeschiedenis schreef in de eerste  Vuelta van 1935.


    BROERTJES UIT LIMBURG

    In deze London-2012- tijd waar  Kevin en Jonathan Borlee nog in het licht staan, is het een leuke bezigheid van eens gebroeders uit Limburg te citeren die, na de pioniers Marcel, Charles en Leopold Kerff ,  in de harde sport van het veloke naam maakten. Deze leden uit éénzelfde huisgezin  werden door ons volk graag gezien. 

    Gerard Loncke  en Antoine Loncke, de renners  ... o maar nee ... zij waren de zonen van aparte vaders Theophiel en Pophyle , kerels met roots in West-Vlaanderen die voor het werk en voor de liefde hun clan verplaatst hadden diagonaal dwars door België naar Limburg en Luik. 
    Gerard en Antoine waren dus neven, maar wel ook kameraden en ploegmakkers op de piste.

    Pierre Cardeynaels, Mathieu Cardeynaels, en Albert Cardeynaels  uit Opglabbeek . De jongste en de sterkste  was Mathieu die als 21 jarige dicht bij de overwinning kwam in Luik -Bastenaken-Luik 1934 . Twee broers reden voor het merk Victory van de kleine constructeur Schaeken uit Maaseik.Tijdens de korte periode tot aan de oorlogsdreiging was Mathieu de kopman van dit team.Winst in de GP van Haspengouw te Hoegaerden 1933 en met tien topdrie plaatsen bewees hij zijn kunde als beroepsrenner op de weg maar ook op de kleine velodrooms zoals die van Maaseik. Albert de jongste werd nooit prof maar hij maakte levenslang furore in de mijnstreek overal waar met de fiets werd gereden.


    Frans Schoubben en Jaak Schoubben uit Tongeren. Deze broers speelden hoog en hard mee bij de profs op het einde der fifties en wat eerder bij de onafhankelijken en in de jeugdreeksen. 
    Het palmares van Frans is  driemaal dit waard van broer Jaak die meer pechvogel is geweest. Frans staat ondermeer in 1957 met Germain Derijcke eerste-gelijk in Luik-Bastenaken-Luik, en dat is een unicum in de wielergeschiedenis van de klassieke wedstrijden. De twee broers reden hun hele profloopbaan voor het grote Franse merk Peugeot.

    Ivo Molenaers  en Roger Molenaers  uit Herderen . Na een triomf in een klassieker van 215 km bij de onafhankelijken was het duidelijk dat in 1956 de twee broers Molenaers bij de beroepsrenners konden koersen. Ivo had in 1952 reeds zijn strepen verdiend in de rit Hoeselt-Eisden van de Ronde van Limburg voor liefbebbers door Grondelaers ( medaille OS Helsinki), en andere kleppers te kloppen. Terwijl vele Italianen een schone pree kwamen verdienen in de Limburgse mijnen, ging de oudste van de Molenaers bij Carpano de stiel van gregario leren in Italië . Tweede in Milaan-San Remo 1962 , en dertig keren een lange klassieker uitrijden dat betekende veel. Ivo Molenaers zette te Riemst zijn Hotel-Restaurant Malpertuus neer , werd de schoonvader van Valerio Piva, en alle toppers uit het Italiaanse wielrennen komen bij hem graag logeren.

    Jean Baptiste Claes en Ludo Claes  uit Lommel. Ludo was veel jonger . In 1964 won hij bij de onafhankelijken de 188 km lange GP du Printemps en het jaar nadien klopte hij als prof Jos Dewit ( de latere motorrijder van de VRT) te Tessenderlo. Broer Jean-Baptiste was een voorbeeld voor alle jonge renners van het toen zo machtige Sport en Steun Leopoldsburg. In de Vredeskoers van 1960 eindigde hij door zijn regelmatigheid tweede. Zijn supporters hoopten dat een nieuwe Stan Ockers was aangekomen, iemand die de Tour de France zou winnen. Maar de kwaliteiten van deze Claes bloeiden vooral open tijdens zijn reconversie als bedrijfsleider van  JBC kleding.  Dit familiebedrijf runt thans 90 winkels en Jean-Baptiste is een miljonair geworden. 

    Gert Steegmans  en Piet Steegmans uit Diepenbeek. Gert en Piet waren toppers in de jeugreeksen . Piet ,die niet de grote klasse had, werd onderschat . Bij de beloften was hij nog altijd even sterk als tijdsgenoten Boonen, De Volder, Coenen, doch hij werd geen prof. Gert , die prachtatleet van 1m90, realiseerde (nog) niet wat van hem werd verwacht. Zijn ritoverwinning op de Champs-Elysées in de Tour de France 2008 was toch wel schitterend. Als lid van het hedendaagse internationale peleton kon hij wel jaarcontracten verzilveren die niet te vergelijken zijn met wat wekelijks in de offerblok bij het Paterke van Hasselt steekt, en bovendien vond hij op de koers ook een levensgezellin.

    Eric Vanderaerden, Danny Vanderaerden, Gert Vanderaerden
    , uit Herk- de- Stad.  Als we denken aan Amerikaanse frisdrank dan zeggen we Coca-Cola  ...  en als we denken aan Limburgse koereurs dan komt onvermijdelijk de naam Vanderaerden op onze tong. Het palmares van Eric Vanderaerden neemt enorme afmetingen aan indien we ook de zes jaren van 1977 tot 1982 bekijken. Eric won 74 koersen op de weg bij de nieuwelingen, 94 koersen bij de juniores, en 61 koersen bij de liefhebbers, was wereldkampioen bij de militairen. Het getal 138 zou bij de beroepsrenners passen. De Ronde van Vlaanderen 1987 en Parijs-Roubaix 1985 zijn monumenten op dat palmares, maar ik vind het mooi dat hij in 1980 als junior De Ster van Zuid-Limburg won en als bijna gepensioneerde prof op 27/7/1996 het Criterium van Dilsen. Eric VDA is de beste Limburgse renner die er ooit is geweest . Zijn 2 jaar jongere broer Danny werd na zijn overwinning in Challenge de Hesbaye 1985 prof, maar dan is hij gestopt. Nog 10 jaren jonger was Gert , die wel veel koerste en won, maar niet bij de profs. Opnieuw zonder contract in 2005 mocht hij Elite/.z.c. rijden en toen, met nieuwe motivatie, werd hij Kampioen van België op dit lager niveau, hetgeen hem nadien toch maar weinig financieel voordeel bracht. Ondertussen 34 geworden was het al tijd om te stoppen.

    Paul Wellens, Johan Wellens en Leo Wellens uit Hasselt. Tijdens zijn vrij lange loopbaan ( nog verlengd met wat Triathlon) blonk Paul uit in de rittenkoersen. Hij won de Tour de Suisse 1978 en bereikte een dozijn maal de eindmeet in Tour,Vuelta of Giro. Door in 1975 Ferdi Van den Haute te kloppen in de Omloop Het Volk voor Liefhebbers was hij welkom in een grote profploeg.
    Johan klopte Daniel Gisiger,  vandaag coach en lesgever voor de U.C.I., in de Omloop van de Vlaamse Ardennen 1980. Leo  reed zoals Marc Sergeant de 100 km ploegentijdrit mee op de O.S. van Moscou 1980 en presteerde sterk in de Ronde van de Toekomst. In de ploeg van Sunair- Sport80-Colnago reden  deze drie broers samen de Tour de France 1981 uit. Dat is een unieke prestatie, een soort wereldrecord, want deelnemen en zo met drie Parijs bereiken dat was prachtig. Door de sensationele terugkeer van Freddy Maertens in die Tour van 1981 ging te weinig aandacht naar de Limburgers die de familienaam Wellens droegen. Spijtig ! -

    Jelle Vanendert en Dennis Vanendert   uit Peer. Geklopt door Van Avermaet in Spa-Hasselt-Spa 2005 , maar beter dan Thomas De Gendt in de GP Joseph Bruyère 2006  toonde Jelle al zijn mogelijkheden als belofte. Pech en kwetsuren, maar ook omdat het hooggebergte niet in Limburg ligt, zijn redenen die hem niet toelieten van veel te bewijzen. Dat mocht hij wel bij Lotto waar Philippe Gilbert kon profiteren van zijn diensten en hijzelf het publiek veroverde. Toen hij op 17 juli 2011 de hele wereldtop versloeg in de bergrit Saint-Gaudens- Plateau de Beille werd hij voor altijd een bekend Limburgs wielerkampioen. Dennis die jonger is en van wie we nog veel zullen zien, is al beroemd te Aalst-bij-St.Truiden waar hij in 2010 tweemaal scoorde. Tijdens zijn opleiding in Italië in 2011 stond deze Vanendert al naast Moser en Battaglin op het podium van de Giro del Medio Brenta. Beide broers zullen uiteraard tijdens de komende wielerseizoenen nog lange stukken breien aan hun volwaardig palmares.




              
                              
      
    Wilfried Nelissen was een prachtige nationale kampioen -  Eric Vanderaerden in zijn sterkste jaren -  Johan Vansummeren en zijn verloofde veroverden op één zondagnmiddag alle harten.


    Enkele hoogtepunten uit het rijke Limburgse wielerleven .

    - Het werelduurrecord te Sint-Truiden.
    De wielerbanen verschenen en verdwenen sedert vijftig jaren reeds en ook die renners die er faam en fortuin op verdiend hadden. Zelden duurden de schone tijden plaatselijk langer dan 5 jaren. Wanneer dé lokale wielerheld zijn supporters misnoegde volgde terugval, gebrek aan onderhoud, en financieel failliet. Tijdens het interbellum kwam er echter een nooit eerder geziene bloei in 1933/1934, want op niet minder dan 69 velodrooms zowel in stedelijk als in landelijk gebied werd er in ons land gekoerst en getraind. Alhoewel de oostelijke kant van ons land dunner bevolkt was konden wat kleinere wielerbanen er toch ook tijdelijk bloeien zoals te Maaseik, Leopoldsburg en te Zwartberg.
    Bamps, Bangels,Hommers,Vanhulle, zijn namen van Sportvrienden uit de regio van Sint-Truiden die het aandurfden Vissegat te moderniseren door het loopvlak van deze bestaande velodroom met houten latten te bekleden. Dat heeft die mannen toen veel geld gekost, een investering die verlieslatend was maar sportief schitterend. Omdat goed geld werd betaald aan de pistiers, de sportmannen er het voetbal nog niet hadden ontdekt, zijn daar grote sportmomenten geweest met als absolute top het wereldrecord over één uur zonder gangmaking met stilstaand vertrek op 29 augustus 1933. Maurice Richard was 23 jaar en hij kwam uit Parijs om op de 300 m lange houten baan het uurrecord van Oscar Egg aan te vallen. Dat stond toen op 44,247 km en werd gevestigd op de Velodrome Buffalo van Parijs op 18 juni 1914. Door de tamtam was niet alleen de renner  Poeke Aerts, maar ook de kwaliteit van piste, publiek en organisatie, te Sint-Truiden bekend tot in de Franse hoofdstad. Daarom probeerde de recordjager Richard daar het eerste van zijn vele records te vestigen. De Hollanders rond hardrijder Jan Van Hout uit Eindhoven speelden een smerig spel. Zij staken een stok in het wiel van de geplande poging en hun renner ging nog vlug ook een recordpoging doen op de piste van Roermond. Na jaren discussie wegens het verkeerd opmeten van de gebruikte piste werd dan toch officieel geboekt dat Van Hout feitelijk ook gedurende vier dagen wereldrecordman was geweest. Ondertussen lukte Richard zeer mooi 44,777 km op de piste Vissegat te Sint Truiden en dat was een bijzonder sterke prestatie toen. De volgende jaren op de Vigorelli, te Arcachon en te La Croix Berny , vervolgde hij zijn sportloopbaan met het vestigen van allerlei andere wereldrecords vooral op een tandem.
    --   Eén augustus 1948 -   Te Deinze wint Karel Van Dormael uit Montenaken  Het Kampioenschap van België voor Onafhankelijken.
    Om te begrijpen wat dat toen betekende leze men eerst het volgende. De zondag eerder had Gino Bartali de Tour de France gewonnen, maar behalve dan aan de sportmannen die toen Franse wielermagazines kochten en konden lezen, was dat nog niet eens bekend. De Olympische Spelen te Londen waren pas begonnen en bijna niemand had toen al gehoord van Fanny Blankers-Koen, Ernest Gailly of Zatopek. Pas op 22 augustus zou Briek Schotte te Valkenburg wereldkampioen worden. Maar op die bewuste zondag te Deinze na een eindsprint van 1000 m pakte de in Vlaanderen onbekende Zuid-Limburger de kampioenentrui. Bij het ingaan van de laatste ronde was hij nog even tussen het publiek gestopt om wat aan zijn zadel te sleutelen maar dat was eigenlijk toen om stiekem van bidons te veranderen zodat hij versterkt met fris water en met versgetapte pils gemengd met bruine suiker van Oreye de finale kon induiken. Zijn supporters waren niet zonder reden meegekomen. Zij wisten dat deze elektrieker sedert dat hij besloten had van koereur te worden twintigduizend kilometers had getraind met inbegrepen tweehonderd maal de beklimming van de Vinalmont toen nog met kasseien belegd. Van Dormael reed immers op zijn sportieve herenfiets dagelijks naar zijn werkplaats te Luik en ging op zijn terugweg nog wat bergop rijden  tot wanneer het bijna donker was. Karel klopte te Deinze trouwens de sterke Bolly, de winnaar van Brussel-Luik 1948 die ook op dezelfde helling zich afpeigerde, en Jos Verhaert uit Morkhoven, veelwinnaar tijdens dat wielerseizoen. Verder bij de geklopten waren jongens van hoog niveau zoals Jos Van Staeyen, Alex Close, Armand Baeyens, Marcel Demulder en ook Maurits Stroobants de winnaar van Brussel- Walshoutem 1948. Dat gebeurde precies op 1 augustus 1948 , een tijdstip in de eeuwigheid dat lag in een windstilte, een vacuum, vermits de namen van vooroorlogse sportvedetten al vergeten waren en de nieuwe namen nog niet gekend. Karel Van Dormael viel als een joker op de tafel.  Van nihil  tot  heroe met één enkele verwoestende sprint. Hij verscheen als een nieuwe volksheilige aan de hemel en was voor altijd onsterfelijk in Groot- Gingelom en omstreken. Tijdens de weken nadien waren er op de zondagnamiddagen daar geen manspersonen meer ! Van na de offer in de hoogmis verzamelden in det sportcafés alle opa's, nonkels, vaders en zonen om per fiets, of op vrachtwagens goed geladen met vrouwen en bakken bier, om te gaan supporteren waar  ' onze Charel '  koers reed. Zij dronken veel bier, rookten de toen in de publiciteit aanbevolen sigaretten voor sportmannen,  maar dan dat allemaal  nog wel op een fatsoenlijke manier
    .---   Het Wereldkampioenschap te Zolder 1969   .
    Nadat in zovele Limburgse steden en dorpen koersminnende mannen schone wielerwedstrijden hadden ingericht, vooral tijdens de fifties en de sixties, mocht Belgisch Limburg op 10 augustus 1969 de belangrijkste ééndagsrit op de weg voor beroepsrenners organiseren. Er werd aan de 93 profs van 13 nationaliteiten gevraagd van te transpireren en te pedaleren op het lichtlopend parcours van het autocircuit van Terlaemen en daarbij kwam ook telkens een klimmetje over de Bolderberg. Na 30 ronden betekende dat 262 km. Jan met de pet en de tienduizenden anderen kwamen zien naar Eddy Merckx, toen al en vandaag nog bekender dan de kosmonauten die op de maan waren gaan wandelen. 
    Onder de loden zon rijden een dozijn renners op kop. De Belgen Godefroot en Stevens houden de zaken onder controle bij deze vluchters. Na 100 km koers begint Roger De Vlaminck zich te roeren. Hij is nog jong en met Karstens en Ottenbros zwoegt hij één uur om ook in die kopgroep te geraken. Swerts en Ocana , alsook nadien  Merckx, versnellen maar stellen een hardnekkige reactie vast van het hele peleton.  Dancelli, aan de leiding helemaal vooraan, rijdt alléen met 1 minuut voorsprong.  De Vlaeminck verspeelt nogmaals zijn krachten in een tegenaanval. Wat later reageert niemand uit de kopgroep wanneer Julien Stevens ontsnapt. Deze knecht kan de vluchter wel inhalen zodat er twee leiders zijn.  Het dikke peleton met Van Looy, Anquetil, Altig, Adorni, Van Springel , e.a. heeft nog weinig goesting  en volgt op 5'35" . Wat later knakt de kopgroep van 14 vluchters in twee delen. Zes man vervoegen de eerste twee, zodat een groep van 8 dapperen verder de aanval toetert en 8 gelosten volgen. Na 230 km valt Julien Stevens aan terwijl het wat eerder scheen alsof hij doodmoe was na het afgeleverde werk op deze warme dag. Harm Ottenbros is nog de enige achtervolger die lang genoeg kan harken om terug te komen in het wiel van de leider in deze koers. Op dat ogenblik verdwijnt Eddy Merckx misnoegd en roemloos uit het schijnbaar verslagen peleton. Onzekerheid, weinig informatie, vele kleine groepjes, gedubbelden die niet zijn afgestapt, en eer de toeschouwers terug weten wat er echt aan het gebeuren is toeren Stevens en Ottenbros rond met bijna drie minuten voorsprong.  Al wat nog krachten heeft versnelt op dat ogenblik en zorgt voor hergroeperingen. Stevens begint al van ver te sprinten en gelooft dat Ottenbros kapot is. Op 150 m perst de Arend van Hoogereinde echter er nog alles uit om met klein verschil de wereldtitel te veroveren. In de warmte en over 262 km won hij tegen een gemiddelde snelheid van 41km100.  Soms wordt Harm Ottenbros wel eens vergeten op een lijstje met de grote wielerkampioenen uit Nederland. Volgens mij is dat een fout  !  .

    De Belgische ploeg van Zolder 1969 : Roger De Vlaeminck, Walter Godefrroot, Eric Leman, Eddy Merckx, Guido Reybroeck, Jozef Spruyt, Julien Stevens, Roger Swerts, Rik Van Looy, Herman Van Springel.


    ---- Ode aan de Belgische kampioenen en in het bijzonder aan Carlo Bomans die in 1989 bij de beroepsrenners op de weg heeft gewonnen te Waregem.

    In het jaar dat de bekende Limburgse dame uit Beringen Ingrid Berghmans voor de zesde maal wereldkampioene in het judo werd en ook nogmaal Sportvrouw van het Jaar 1989, toen realseerde Carlo Bomans een niet geringe prestatie. Ik heb de grote Ingrid er bij gehaald om eens te kunnen schrijven dat áchter, náást, en vóór, er altijd dames zijn geweest die hebben gezorgd dat onze mannen goed presteerden op de fiets en dat onze mannen konden vergaderen en pintjes drinken met het oog op de organisatie van wielerkoersen.  Dat mag nog eens worden geschreven !

    Carlo Bomans uit Opglabbeek was reeds te Diegem in 1981 nationaal kampioen geworden bij de juniors en te Sint Truiden in 1983 bij de militairen. Na zijn zege in Brussel-Zepperen 1985 kon hij als prof te Cras-Avernas in 1988 een derde plaats scoren in La Flèche Hesbignonne, maar gedurende vele maanden was hij door knieproblemen uit de koersen gebleven. Eindelijk ging het op die zomerdag in West-Vlaanderen weer goed met hem. Met 14 beklimmingen van de Nokere berg werd er 242, 2 km gereden en het was in die laatste 0,2 km dat Carlo Bomans het klaarspeelde om Eddy Planckaert zuiver te kloppen. Ja, het gaat wel over dezelfde Eddy Planckaert die ons op televisie al zo dikwijls kwam tonen hoe slim en grappig hij toch wel is.
    Na stortregens van aanvallen mocht René Martens uit Hasselt zijn kans gaan van zijn teamgenoten van ADR en van zijn sportbestuurder José Decauwer. Sterk maar onhandig begon hij aan een solo op 10 km van het einde. Maar plots door zenuwachtigheid trekt hij zijn ketting van het kamwiel zodat hij ten val komt. Favoriet Eddy Planckaert komt zo aan de leiding, maar even na de top van de laatste helling kan Bomans weer bij Planckaert komen. Samen vlammen zijn goed door. Carlo geeft de indruk een drenkeling te zijn die zich vastklampt aan de kajak van Eddy. Maar, dicht bij de meet vindt Bomans diep in zijn lijf nog nieuwe krachten. Hij neemt weerwraak op alles wat hij kreeg te verduren tijdens de vorige wielerseizoenen en met een tijgersprong bereikt hij eerst de meet tot verbazing van iedereen. Te Waregem werd de Limburgse wielereer op die dag ook nog verdedigd door Ronny Vlassaks uit Hamont, Koen Vekemans uit Lommel, Rik Mannaerts uit Lommel , Jos Haex uit Meeuwen, Rudi Dexters uit Genk, en last but not least Johan Capiot uit Rijkhoven. Sedert 2006 heeft Carlo Bomans een belangrijke sportieve functie bij de Koninklijke Belgische WielrijdersBond.

    In de provincie Limburg werd,  na de eerste drie edities in de vorige eeuw, pas opnieuw een NK op de weg voor profs georganiseerd te Heusden in 1954, nadien volgden Zolder (1963), Dilsen (1976), Hoeselt 1984), Peer ( 1992).

    Eerder dan  Carlo Bomans in  1989 was Eric Vanderaerden in 1984 nationaal kampioen, en dan kwamen de twee seizoenen ( 1994 en 1995) van Wilfried Nelissen.


                                 
    Tom Boonen,  Peter Sagan, Jelle Vanendert , amuseerden de toeschouwers op het criterium van Lommel 2012  -  Tim Wellens heeft een leuke glimlach  en hij wordt wellicht de beste Limburgse renner in de nabije toekomst.


    ANDERE  LIMBURGERS DIE ZORGDEN VOOR PALM EN  KAMPIOENENTRUI IN HUISKAMER OF IN SUPPORTERSCAFE .

    Bij de liefhebbers  :
    Frans GIELEN 1947- Lode WOUTERS 1948-Martin VAN GENEUGDEN 1950-Jos GEURTS 1960- Rudy DEXTERS 1983-Johan CAPIOT 1984-Johan REMELS 1989- Wilfried NELISSEN 1990- Mario MOERMANS 1994-Kenneth MERCKEN 2000-Gert VANDERAERDEN 2005

    Bij de Beloften
    Rolf VERHAEGEN 1996- Maarten Wynants 2004 - Jorne CAROLUS 2012

    Bij de Juniors  :
    Gerard LONCKE  1926 - Jean LINDEKENS 1966- Luc PELS 1969- Carlo BOMANS 1981-  Johan MASSET 1985- Peter HOYDONCKX 1986

    Bij de Nieuwelingen :
    Willem VANDEBOSCH 1949- Willy VANNITSEN 1951- Valere PAULISSEN 1954- Edward PELS (1970)- Eric VANDERAERDEN (1977/1978)- Wilfried NELISSEN (1986)- Kurt VAN DE WOUWER (1988) Gert STEEGMANS (1996)

    Bij de Veteranen  :
    Lucien VANDERAERDEN  ( 1971/1972)

    Bij de Juniors in Cyclo-Cross :
    Eric VANDERAERDEN  ( 1980/1981)- Gerry WERCKX (1990)- Dennis VANENDERT (2006)
     
    Bij de Nieuwelingen in Cyclo-Cross :
    Eric VANDERAERDEN ( 1979) -

    Bij de Liefhebbers in Cyclo-Cross:
    Marc JANSSENS  ( 1990/1995) )- Ben BERDEN ( 1996)

    Bij de Cyclo-crosser Elite met Contract :
    Marc JANSSENS ( 1998/1999 )-

    Bij de beroepsrenners in snelheid op de wielerbaan :
    Eric SCHOEFS  ( 1993/1994/1995)

    Bij de dames nieuwelingen op de weg :
    Kristel WERCKX (1986)

    Bij de Dames Juniors op de weg :
    Ingrid MEKERS (1979)

    Bij de Dames Elite op de weg :
    Ingrid MEKERS (1983) - Kristel WERCKX ( 1991/1993) .


    ERE AAN WIE ERE TOEKOMT  !   Bravo aan zij die de ontelbare koersen hebben georganiseerd  !

     

    Iemand die zoals Nico Emonds uit Hasselt vanaf 1976 eerst 42 koersen bij de nieuwelingen, daarna 55 bij de juniors, en 44 bij de liefhebbers heeft kunnen winnen, was natuurlijk een rappe en sterke jongen op de koersfiets. Het moet echter worden gezegd  dat er eerst vrijwilligers moesten zijn die voor het geld hebben gezorgd en voor de helpers om deze vele kleine koersen te laten bestaan. Er is, naast gelukkig zovelen die we niet noemen, in Limburg zo'n bijzondere man die zorgt dat het koers is in onze Limburgse straten en doorheen de dorpen . Hij heet Omer Bovy uit Borlo. Zij heten hem daar niet Henri Desgrange maar gewoon The Beatle omdat hij in zijn jeugd een dubbelganger was van een muzikant uit Liverpool. Zelf is Omer sedert 1980 reeds Orkestleider van de koersen met of zonder uurwerk te Borlo, en op andere plaatsen. Hij is de grote bezieler van Het Vliegend Wiel. Om zijn jaarlijkse internationale vierdaagse rittenkoers te organiseren schuwt hij noch het werk noch het in de clinch gaan tegen wie hem tegenwerkt. Maar na 33 edities kwam steeds rond Pasen toch het toptalent van de 17/18 jarigen hoe langer hoe liever naar De Ster van Zuid-Limburg. Op het geweldige palmares met hoofdprijzen en nevenklassementen staan in het begin eerst voor de interclub de teams Sport en Moedig Genk, Sport en Steun Leopoldsburg, De Motten Tongeren en ook de individuele zege de onvermijdelijke Limburgse flandrien Eric Vanderaerden en de toen zo sterke Roger Six. Nadien werd het moeilijker en moeilijker om uit te kiezen welke teams zouden mogen starten, want er kwamen toch zoveel clubs en zelfs landenteams zich aanmelden. Stijn Devolder, Michiel Elijzen , Jurgen Van den Broeck, Nicolaas Maes, kwamen bij de juniors te Borlo de vierdaagse winnen. De Koninklijke Balen Bicyle Club toonde de laatste jaren haar grote sterkte. De Ster werd in 2012 gewonnen door Emil Vinjebo Nygaard uit Denemarken.

    Eisden eens goed gelegen voor Dwars door Vlaanderen.

    De start  van de Vlaamse Wielerweek gebeurt in onze jaren met de voorjaarsklassieker Dwars door Vlaanderen te Waregem. Vroeger blijkbaar was het wel geweten dat Limburg in Vlaanderen en zelfs in België ligt, want toen was Eisden het keerpunt van deze wielerkoers dwars door ons land. Eisden is nu echt niet het Mekka van de koers in Limburg, maar toen waren te Eisden wel organisators die koersen voor beroepsrenners hebben gehouden in 1945-1949-1951- 1954- 1963-1964 en voor onafhankelijken in 1949. Er was in die jaren te Eisden ook de Drielandentrofee een ééndagskoers in 1954, 1955, en in 1958,1959, terwijl het daartussen ging over een Trofee over twee dagen langs Heerlen, Sint-Truiden en Bree. 
    Het feit dat die schone tweedaagse uit Waregem met een rit van telkens zowat 240 km finishte te Eisden en nadien terug naar het Westen trok over Limburgse en andere wegen betekende sportief toch wel veel. Te Sint-Truiden kampeerde die Waregemse tweedaagse in 1945/46 en te Genk in 1949 en 1964. Negenmaal kwam Eisden aan de beurt . Vermits bij de winnaars de namen Briek Schotte, Germain Derycke, en Raymond Impanis staan was dat absoluut een koers voor flandriens.
    Marcel Hendrickx, Lode Wouters, en Frans Gielen ,leverden mooie prestaties in de rit die te Eisden eindigde. Eerder in 1947/1949  waren er drie edities Dwars door Vlaanderen voor Onafhankelijken in twee ritten Maaseik-Mechelen- Oostende , totaal 402 km, en de laatste winnaar was Jan Storms een flandrien uit Tremelo.

    Een verdwenen wedstrijd van hoog niveau te Sint-Truiden  - DE LIMBURGSE DAGERAAD .
     
    -10/7/1927- Profs -  1. Philippe Thys (Opel- ZRIII )- 2.Jef Wauters (Thoman Dunlop)- 3. Aimé Dossche (Christophe Hutchinson) -  ... 8.Antoine Lox ( Tongeren) (Cycles Van Hauwaert)-... 10. Remi Van Impe...
    -15/6/1933 - Profs- Dit is waarschijnlijk de wegkoers die eindigde op de wielerbaan Vissegat en waarvan nog een mooie foto bestaat. 1. Fred Hamerlinck (Dilecta Wolber)- 2. Gerard Loncke (Ganna)- 3. Leon Louyet (Genial Lucifer) - 4. René Le Grévès (Fr)(Armor Dunlop) - 5. Albert Barthélemy (Fr)(Fr.Pélissier-Mercier-Hutchinson)- 6. Gustaaf Daneels ( 20 jaar) (Individueel)- 7. Frans Bonduel (Dilecta Wolber)- 8.Louis Hardiquest (Cycles Oscar Egg)- 9. Lode Muller (Individueel) -  Wat een deelnemersveld !
    -10/3/1952 - Onafhankelijken- 174 km - 1. Julien Van den Brande (Mortsel-  logeerde te Walshoutem om beter te trainen )- 2. Henri Kempeneers ( St-Truiden)
    -8/5/1953- Onafhankelijken- 177 km - 1. Pierre Lowie- 2. Gerard Deborre (Overrepen bij Tongeren) -3. Fernand Blockx- ..8.Oscar Medats (Walshoutem- ...10 Julien Vanden Brande .. 13. Jean Brankart- ...19. Alibert Delorge (Montenaken).
    ----------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------
    EINDE .

    Zoals ik ook niet met mijn emmertje al het water uit beken, vijvers, kanalen, rivieren en de Maas in Limburg kan leegscheppen kan ik ook niet schrijven over al de rest dat hier nog niet werd vermeld, want zelfs  nog 995 blz  zijn totaal onvoldoende om over alles en over allen wat te schrijven  vermits ook het LIMBURGSE WIELERLEVEN  zeer rijk was en blijft  .  Dank U voor uw aandacht. PAPOUM.

    13-08-2012 om 00:00 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (3 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    01-08-2012
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Les soldats russes venus en France en 1916 .

       Depuis que l'homme écrit l'Histoire
       Depuis qu'il bataille à cœur joie
       Entre mille et une guerr' notoires
       Si j'étais t'nu de faire un choix
       A l'encontre du vieil Homère
       Je déclarerais tout de suite:
       "Moi, mon colon, cell' que j'préfère,
       C'est la guerr' de quatorz'-dix-huit!"

       Est-ce à dire que je méprise
       Les nobles guerres de jadis
       Que je m'soucie comm' d'un'cerise
       De celle de soixante-dix?
       Au contrair', je la révère
       Et lui donne un satisfecit
       Mais, mon colon, celle que j'préfère
       C'est la guerr' de quatorz'-dix-huit

              Georges Brassens 

                      


    A la date du 27/12/2010 sur ce blog j'avais déjà amené certains fruits de mon étude sur la première guerre mondiale en Russie, un sujet qui depuis toujours me passionne. En ces moments-là  j'avais remarqué les aventures de ces soldats qui avaient été envoyés par le tsar pour aider l'armée française contre l'envahisseur allemand-austro-hongrois-turc.
    Sur notre ex-front national de la plaine de l'Yser, la Flandre de 2012 se prépare déjà pour organiser des festivités à caractère historique mais surtout touristiques qui devraient remettre beaucoup de lumière sur cette époque, cette terrible guerre qui débuta en Belgique le troisième jour du mois d'août 1914 .
    Mais il ne faudrait jamais oublier tous les combattants venus de divers pays lointains pour combattre à nos côtés. Parmi ces soldats-là, on dirait que les russes ont été oubliés. C'est pourquoi j'ai rassemblé ce qui va suivre .

     
       Leur voyage, le tsar et le général Joffre.

    A 427 km au Sud de Paris entre Clermont-Ferrand et Limoges se trouve à 800 m d'altitude la bourgade  La Courtine. Nous voilà arrivés sur le Plateau de Millevaches, au Sud-Est de la Creuse et à la limite de la Corrèze et du Puy de Dome. Peu de familles habitent en cette région et c'est pourquoi déjà en 1901 l'armée française y avait construit un camp militaire d'une surface de 6200 ha. Le Camp Militaire de La Courtine hébergeait en 1914 des milliers de soldats et officiers qui venaient faire leur instruction en vue d'actions sur les champs de bataille. En même temps, dès le début des hostilités, pour la sécurité de la république des civils de nationalité ennemie habitant en France et surtout des Alsaciens, d'éventuels espions et collaborateurs potentiels, y étaient gardés en prison. 
    Un certain jour de l'été 1917 cependant, presque tous les français avaient subitement quitté le camp pour faire de la place à des militaires russes. Ce mouvement de troupes alliés loin derrière le front, en France profonde, avait été du secret militaire. C'est pourquoi pour les historiens tout cela deviendrait une page de la guerre 14-18 qui est intéressante.

    En décembre 1915 le sénateur Paul Doumer, alors diplomate et plus tard président, se trouve à Saint-Petersbourg auprès du tsar Nicolas II.  En France en cette seconde année de guerre trop de soldats étaient déjà morts et les conflicts avaient pris des dimensions inattendues. Sur ordre du général Joffre, le patriote Doumer est en Russie pour négocier quelque chose d'énorme. La France pourrait fournir en grande quantité des armes au tsar, mais celui-ci devrait en échange expédier des régiments d'hommes frais au front de l'Ouest pour y remplacer les morts dans les rangs français. Le tsar de la Grande Russie est en partie d'accord pour essayer cela. L'empereur de toutes les Russies fait selectionner des jeunes de race européenne dans la région de Moscou. Dans le plus grand secret ces soldats et officiers, qui savent lire et écrire, prennent le train à travers la Sibérie et ensuite embarquent à Vladivostok sur des bateaux civils vers Marseille. Ce sont 10.000 russes qui arrivent après un long voyage, qui se montrent au défilé du 14 juillet 1916, mais qui n'ont encore aucune expérience face à un ennemi de la qualité de l'armée allemande . Quelques mois plus tard à Brest arrivent venant d'Archangelsk d'autres russes encore, mais ce sont des personnes bien différentes, car des moujiks, bergers et bucherons, qui viennent de la Russie profonde dans l'Oural. Les brigades russes partent au combat en Champagne. Ils sont courageux mais ils n'coutent ni ordres ni conseils et ne s'entendent pas avec les poilus français. Comme ils oublient leurs masques à gaz beaucoup seront vite éliminés. Quand pour quelque temps les russes sont mélangés aux troupes belges, ils s'intègrent mieux.

    Les deux brigades russes combattent en avril 1917 lors de la grand offensive du Chemin des Dames. Entre Craonne et Reims ils fonçent sur les nouveaux mitrailleurs allemands et perdent 4000 hommes. Les très grosses pertes pour la France, l' écartement du général Nivelle du commandement, installe un esprit de révolte contre l'ensemble de la guerre dans les rangs décimés. Dans les tranchées des socialistes de tous pays informent les russes que depuis mars 1917 le tsar a été écarté en Russie et que à Moscou et Saint Petersbourg le social-démocrate Aleksandr Kerenski a pris le pouvoir. L'espoir d'une nouvelle Russie voit  dès lors le jour chez ces garçons en terre étrangère, ces soldats blessés, malades, déracinés, fatigués et inaptes. Leurs chefs comprennent qu'ils ont besoin de repos et c'est pourquoi les russes peuvent aller se reposer au bon air à Neufchateau dans les Vosges, à Mailly près de Troyes, et à Baye sur la Marne. 

    La propagande bolchévique est présente partout en France. C'est d'ailleurs exactement alors que Vladimir Ilitch Oulianov (Lénine) quitte la Suisse où il habitait depuis sept ans. Lénine est aidé par les allemands qui espèrent la fin des hostilités sur le front de l'Est et qui veulent signer la paix avec les nouvelles forces politiques dominantes en Russie. En fait, exprimé simplement , il y a trois forces opposées en Russie : le tsar et les anciens,  le nouveau gouvernement, et les tendances révolutionnaires de Lénine. Les allemands espèrent qu'une paix avec Lénine augmentera grandement leur force sur le front de l'Ouest. 

    Mal informé de ce qui se passe réellement dans l'immense Russie les officiers et les soldats russes, de Neufchateau et d'ailleurs, veulent rentrer dans leur pays où selon des rumeurs toutes les terres seraient bientôt redistribuées entre les jeunes paysans, et où l'industrie restructurée se mettrait à donner beaucoup d'emplois à bon salaire. Dans un hopital des blessés et amputés, des hommes impressionnés par les tracts et les brochures en alphabet cyrillique, des héros décorés  pour leur courage au combat, s'organisent. Pour la première fois un soviet de soldats, un comité  dans lequel toute fonction et tout grade est représenté, et on y a crié à haute voix pour la première fois que les combattants des deux côtés des fronts n'étaient que de la chair à canons. Une telle prise de position ressemblait à une rébellion selon le haut commandement des généraux français et russes. Surtout  la brigade de Moscou était contagiée par les nouvelles idées, car la brigade de l'Oural ne réagit presque pas sur ce qui était en train d'arriver. C'est ainsi que le Corps Expéditionnaire envoyé par le tsar est  partagé en deux tendances. Il y a les loyalistes qui veut continuer la guerre ( 6000 hommes) et il y a  les communistes pacifiques. Ces derniers procédent à un vote et nomment  Baltais comme leur chef. Il vient de quelque part en Lettonie, est sans grade militaire, et il commande selon la volonté du peuple 10000 hommes très bien armés  . 

    Au 1 mai 1917 lors d'une inspection militaire des troupes les rouges chantent la Marseillaise et portent  à l'occasion de la Fête du Travail des drapeaux et des calicots avec les mots  SOCIALISME- LIBERTE- EGALITE . Les généraux  de Castelnau et  Palytzine sont obligés d'être témoins. Ils ne réagissent pas beaucoup car ils  pensent que avec le beau temps des mois de l'été les choses vont rentrer dans l'orde.

    D'autres toutefois ont peur de ces idées qui pourraient s'étendre comme la peste sur tout le front de l'Ouest et bien vite même parmi les combattants français. C'est pourquoi le Gouvernement de la France en guerre veut isoler tous ces russes,  dont on aura d'ailleurs plus besoin sur le territoire puisqu'en 1917 les américains arrivent en masse. La meilleure chose à faire est d'organiser le prochain retour des deux brigades russes. En attendant que cela se réalise, et avec la bénédiction du gouvernement russe au pouvoir, tous les militaires russes seront écartés du front et des villes où des individus incontrolés sèment la zizanie dans leurs rangs. Les alliés de Russie,  hôtes et amis de la France, doivent aussi retrouver l'ordre et la discipline. Un passage dans un centre d'instruction militaire en France serait bien utile et nécessare pour prouver au monde que la glorieuse armée française avait été capable de transformer en une seule année deux bandes d'ouvriers et d'agriculteurs en brigades de soldats d'élite.

    C'est ainsi que dès le 18 juin 1917 dans la petite gare de La Courtine , un lieu ignoré de tous  et situé dans la France la plus profonde, arrivent 300 officiers russes, 16.000 soldats russes, 2.000 chevaux , et  la mascotte de leur régiment, un ours brun . Mais ils sont aussi toujours en possession de toutes leurs armes. Un train blindé avec des fusils neufs, des mitrailleurs, des mortiers, des canons, et des munitions, arrive dans la même petite gare. D'autres trains suivent avec tout ce qui est nécessaire, avec tout pour les repas, et des caisses de monnaie pour l'argent de poche de tous ces 16.300 messieurs qui touchent une belle solde. Les généraux français les ont envoyé trop vite vers le Plateau de Millevaches. Ces messieurs trop haut plaçés n'ont pas compris que tous ces russes sont de tendances politiques tout à fait opposées et que lors de leurs réunions politiques de durées invraisemblables ils sont devenus des adversaires coriaces.



    ..  

    LES MUTINS DE LA COURTINE .

    Le corps expéditionnaire russe installé en France profonde loin du front  ne joue plus avec sur les tableaux du commandement  des armées. Mais bientôt les camarades russes tirent à nouveau l'attention sur eux.  Il y a des plaintes de la part de certains habitants de la région. Par contre d'autres ont fait du bon commerce avec la présence des militaire de l'Est. La fanfare du régiment russe  amuse toutes les fêtes et les soldats dépensent partout leur solde qui était de 20 francs par jour . Certains sont des beaux-fils ou maris potentiels et surtout de la main d'oeuvre bienvenue dans les fermes,  mais d'autres russes sont des voyoux qu'il ne faut pas rencontrer après le coucher du soleil. Tous les jours ont trouve des moujiks ivres-morts dans les bois, dans les granges et les fossés. Penser à l'exercice militaire ces invités de la France ne font plus. D'ailleurs il n'écoutent plus leurs officiers.  Ceux-ci et 2000 hommes logent sous tente  hors des casernes  et  14.000 autres écoutent les soviets et sympathisent avec eux.
    Les chefs de l'armée française, ainsi que des délégués du pouvoir à Moscou  décident d'intervenir.  Il est bientôt clair que le Camp de La Courtie est abandonné à son sort. Les soviets des soldats nomment alors Globa à leur tête. Il est originaire d'Ukraine, très charmant, intelligent et éloquent, et il parle le français de façon inpeccable. Dans les salons à Paris in rencontre des généraux français et russes, mais ceux-ci affirment qu'un soldat doit simplement connaître sa place au sein de l'armée. Les russes répliquent que leur place est en Russie en non en France. Mais voilà  Kerensky annonce qu'il ne veut plus en Russie ces 14.000 soldats bolchéviques de La Courtine, même s'il y avait des bateaux ou des trains pour les déplacer. La France reçoit ainsi la permission de s'occuper des allochtones qui faisaient partie d'un échange maladroit avec le tsar.  
    En aôut et en septembre 1917 les mutins ne réagissent pas sur des ordres qui n'admettent aucune contestation. Ils doivent remettre leurs armes. Mais des palabres sans fin suivent. Entretemps
    de plus en plus d'hommes deviennent communistes à La Courtine. Ce qui reste de loyalistes est envoyé à Bordeaux. Il faut savoir que en dehors du corps expéditionnaire, d'autres soldats russes étaient sur le front de l'Ouest, sur le front dans le Balkan, et en mer. Ainsi le gouvernement de Kerensky peut regrouper une brigade d'artillerie de plus de 5000 russes, force qui vient encercler le camp de La Courtine. Tous les civils sont évacués de leurs villages et de leurs fermes. Sur un deuxième cercle plus grand l'armée française s'est installée dans des tranchées pour intervenir si nécessaire.   
    Les mutins reçoivent leur dernier ultimatum.  Il doivent sortir du camp et remettre leurs armes avant le 16 septembre à 10.00  heures.  L'heure est grave. Vingt mille russes sont prêts à s'entretuer . Toute la nuit les soviets des soldats sont en réunion jusqu'à ce que dans le noir seulement les chants des soldats bolchéviques se font entendre. Le matin une minute avant l'heure la fantare des mutins commence à jouer  La Marche Funèbre de Fréderic Chopin. 



    C'est précisément sur le batiment occupé par la fanfare que les loyalistes tirent le premier obus à la minute même prévue par l'ultimatum. Directement après des dizaines de canons ouvrent le feu . Ensuite les visiteurs déagréables laissent une courte période de calme pour permettre à tous se rendre compte de la gravité de la situation.  Alors les mutins pensent  à leurs chevaux . Ces nobles animaux sont chassés hors du camp et vers le village où ils perturbent les rangs des assaillants . Ce 16 septembre durant toute la journée un par un  7500 soldats obéissent et se rendent.
    Mais il y a un problème d'arithmétique . Où sont les autres russes ?
    Depuis deux mois beaucoup de garçons ont disparu sans laisser de trace. Il est certain qu'il reste des vrais durs qui ne se sont pas rendus. Effectivement ceux-ci combattent le 18 et 19 septembre jusqu'à la limite de leurs possibilités.   Globa et cinquante hommes veulent se sauver in extremis, mais il sont arrêtés sur les routes.  Etait-ce la fin de leur Odysée  ?

       

    Novembre 1917 .  Les chefs de la mutinerie avaient été jetés en prison . Tous les soldats russes restaient à La Courtine, car il était impossible de rentrer à la maison à cause de la guerre partout en Europe, mais à cause de la Révolution d'Octobre 1917 qui a eu lieu en novembre  ( voilà ce qu'il faudrait en savoir au moins  ... ). L'issue de ces luttes fratricides qui se passaient à six mille kilomètres devrait d'abord être connue. Pas question de juger les actes des mutins devant les tribunaux militaires  !
    Entretemps les russes de La Courtine remettaient le camp en ordre pour les américains qui y viendraient. Certains travaillaient comme volontaire à salaire minimum dans les fermes, les usines et les mines. D'autres étaient déportés en Afrique du Nord et surtout les anciens loyalistes s s'engageaient à la Légion Etrangère sur le front de l'Ouest où en 1918 ils se sont distingués.  Beaucoup sont parvenus à rentrer en Russie en 1919 et 1920 , mais là-bas dans l'armée blanche ou dans l'armée rouge leur traces et leurs identités disparaissent, sauf celle du plus illustre des stratèges militaires russes de tous les temps, décoré par toutes les armées et après toutes les batailles,  Rodion Yakovlevich Malinovsky ( 1898-1967).  Il était venu comme caporal avec les bateaux de la lointaine Sibérie bienque déjà blessé au bras. Il a connu le front de l'Est et de l'Ouest,  les soviets des soldats le la Courtine, la Légion Etrangère, l' Armée Rouge, la Guerre d'Espagne, la Bataille de Stalingrad,  la Bataille de Budapest. Il occupa les plus hauts rangs dans l'armée et dans la politique. Il fut Ministre de la Défense Soviétique, un poste qui  n'était pas moins important que celui de Nikita Kroutchtchev lors de la guerre froide. Son corps est enterré dans la nécropole du Mur du Kremlin.   

    ____________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________________

    Tijdens de jaren 1959 tot 1964 gebruikte het leger van NEDERLAND het militaire kamp van La Courtine. Jaarlijks gedurende de vier zomermaanden verplaatsten zich ongeveer in totaal  10.000 jonge mannen van het Leger van Oranje naar dit toen avontuurlijk oord in diep Frankrijk om daar echte kerels te worden. Het begon steeds met een  zeer lange rit op en in de militaire voertuigen over de smalle wegen van toen  en dat was niet niks ... !   
    Om de 70 km werd er getankt. Hoeveel de benzine toen aan dat leger kostte is niet meer geweten, maar die zware harde vierwielers waren niet zuinig. Zij slikten samen wel zo'n 150.000 liters. Met 2400 soldaten en 460 voertuigen, en soms met 3300 soldaten en 760 voertuigen, was zo'n tochtje van het door koeien bevolkte Nederland naar het Plateau de Millevaches die rit zijn die kaasetende jongens nooit vergeten. 
    Ja,  ...  en vermits ikzelf op de grote steenweg tussen Hasselt en Namen woonde, weet ik ook vandaag nog dat er toen veel soldaatje-spelende-Hollanders te Walshoutem voorbij reden. Het duurde twee uren éér die legervoertuigen allemaal door ons dorp geraakten en soms zijn gestopt niet om Haspengouw te bezetten of om de taalgrens te verdedigen, maar gewoon om op ons gras en op onze kleigrond  te plassen.  Zouden die toen meestal nog brave jongens uit Nederland daar verder in Frankrijk wel overal fatsoenlijk en deftig zijn geweest ?  
    Tijdens de vrije uren zorgde het goede Leger van Koningin Wilhelmina ter plaatse voor sport, nut en vermaak. Er werd tegen  alle FC De Kampioenen voetbalploegen van La Corrèze en  La Creuse gestreden.  Meer nog, voor avondvullende shows   kwamen ook vermaarde cabaretiers naar La Courtine. Dit is hier dan ook een gelegenheid om Tonny Eyk te citeren, de grote wielerfanaat die een  thans verzameling van  minstens vierduizend wielertruitjes heeft, en ook  de geweldige Rijk de Gooyer van wie dit mooie liedje herinnert aan de prachtige tijd van toen op het  militair kamp te LA COURTINE.

         Beste ouders, lieve Ine
         Ik schrijf dit uit la Courtine
         Dat was lachen onder 't eten
         Onze generaal is door een slang gebeten

         't Stikt hier van de wilde dieren
         Een van onze officieren
         'n Zekere Aernoud Dendermonde
         Daarvan hebben ze alleen z'n bril gevonden

         Ik krijg strakjes weer visite
         Van een hele troep muskieten
         Zeven jongens, lieve moeder
         Zijn finaal vergiftigd door d'insektenpoeder

         Je kan niemand hier vertrouwen
         Zijn het rooien, zijn het blauwen
         En de Fransen staan te blerren
         Want die zien ons aan voor Duitse militairen

         Ik leer kruipen door de modder
         Schieten met 'n losse flodder
         En nog meer, dat volgens de majoor
         Ons straks te pas komt op kantoor

         Elke avond gaan we gokken
         Met de dorpelingen knokken
         En daarna hebben we 't allemaal
         Heel fijn in 't hospitaal

         Ik ben nou een kettingroker
         Ik speel heel goed vals met poker
         'k Zit hartstikke vol littekens
         En ik slaap met 'n pistool onder m'n dekens

         Daarom ouders, lieve Ine
         'k Zit nu een week in la Courtine
         Maar ik kan je nu al schrijven
         'k Zou hier best m'n hele leven willen blijven

              Brief uit La Courtine   ( Rijk de Gooyer )

    01-08-2012 om 00:00 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)



    EINDE
    VAN DEZE BLOG
    26 08 2012

    Foto

    Foto

    Hoe sterk is de eenzame fietser
    Die krom gebogen over z'n stuur tegen de wind
    Zichzelf een weg baant


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Zoeken in blog


    Foto

    Foto

    Foto

    Een bescheiden blik in de geschiedenis van de wielersport is vaak al voldoende om de fascinatie te proeven.
    OLYMPIA 1981 YVES MONTANT   A BICYCLETTE
    http://www.youtube.com/watch?v=lOZPWpiNUWQ&feature=related



    La bicyclette

    Quand on partait de bon matin
    Quand on partait sur les chemins
    A bicyclette
    Nous étions quelques bons copains
    Y avait Fernand y avait Firmin
    Y avait Francis et Sébastien
    Et puis Paulette

    On était tous amoureux d'elle
    On se sentait pousser des ailes
    A bicyclette
    Sur les petits chemins de terre
    On a souvent vécu l'enfer
    Pour ne pas mettre pied à terre
    Devant Paulette
    Faut dire qu'elle y mettait du cœur
    C'était la fille du facteur
    A bicyclette
    Et depuis qu'elle avait huit ans
    Elle avait fait en le suivant
    Tous les chemins environnants
    A bicyclette


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    NATHALIE.

    La place Rouge était vide
    Devant moi marchait Nathalie
    Il avait un joli nom, mon guide
    Nathalie...
    La place Rouge était blanche
    La neige faisait un tapis
    Et je suivais par ce froid dimanche
    Nathalie...
    Elle parlait en phrases sobres
    De la révolution d'octobre
    Je pensais déjà
    Qu'après le tombeau de Lénine
    On irait au café Pouchkine
    Boire un chocolat...
    La place Rouge était vide
    Je lui pris son bras, elle a souri
    Il avait des cheveux blonds, mon guide
    Nathalie... Nathalie
    Dans sa chambre à l'université
    Une bande d'étudiants
    L'attendait impatiemment
    On a ri, on a beaucoup parlé
    Ils voulaient tout savoir, Nathalie traduisait
    Moscou, les plaines d'Ukraine
    Et les Champs-Élysées
    On a tout mélangé et on a chanté
    Et puis ils ont débouché
    En riant à l'avance
    Du champagne de France
    Et on a dansé...
    La, la la...
    Et quand la chambre fut vide
    Tous les amis étaient partis
    Je suis resté seul avec mon guide
    Nathalie...
    Plus question de phrases sobres
    Ni de révolution d'octobre
    On n'en était plus là
    Fini le tombeau de Lénine
    Le chocolat de chez Pouchkine
    C'était loin déjà...
    Que ma vie me semble vide
    Mais je sais qu'un jour à Paris
    C'est moi qui lui servirai de guide
    Nathalie... Nathalie


    Foto

    Foto

    Foto

    Marianne de ma jeunesse
    Ton manoir se dressait
    Sur la pauvre richesses
    De mon rêve enchanté

    Les sapins sous le vent
    Sifflent un air étrange
    Où les voix se mélangent
    De nains et de géants

    Marianne de ma jeunesse
    Tu as ressuscité
    Des démons des princesses
    Qui dans moi sommeillaient

    Car ton nom fait partie
    Marianne de ma jeunesse
    Du dérisoire livre
    Où tout enfant voudrait vivre

    Marianne de ma jeunesse
    Nos deux ombres enfuies
    Se donnèrent promesse
    Par-delà leurs joies et leur vie

    Marianne de ma jeunesse
    J'ai serré sur mon cœur
    Presque avec maladresse
    Ton mouchoir de pluie et de pleurs

    Foto

    http://nl.youtube.com/watch?v=lgUrlO6hku8
    Les Baladins
    http://nl.youtube.com/watch?v=75lFwcGucOA&feature=related
    Marie Marie
    http://nl.youtube.com/watch?v=AaXY59mg9QE
    Nathalie   - Spaanse versie

    http://fr.youtube.com/watch?v=27eWewocQm4&feature=related
    Nathalie mon guide avait des cheveux blonds

    Foto

    MON ARBRE
    Louis Amade 1964

    Il avait poussé par hasard
    Dans notre cour sans le savoir
    Comme un aveugle dans le noir
    Mon arbre
    Il était si petit
    Que c'était mon ami
    Car j'étais tout petit
    Comme lui
    J'attendais de lui le printemps
    Avec deux ou trois fleurs d'argent
    Un peu de vert, un peu de blanc
    Mon arbre
    Et ma vie s'accrochait
    A cet arbre léger
    Qui grandissait
    Comme je grandissais


    Foto

    Chanson de
    GILBERT BECAUD

    Quand tu n'es pas là
    Tous les oiseaux du monde
    Quand tu n'es pas là
    S'arrètent de chanter
    Et se mettent à pleurer
    Larmes de pluie au ciel d'été
    Quand tu n'es pas là
    Le silence qui gronde
    Me donne si froid
    Qu'un jour ensolleillé
    Me fait presque pleurer
    Larmes d'ennui malgré l'été
    La ville fait de grâces 
    La lune des grimaces
    Qui me laissent sans joie
    Les cantiques d'églises
    Malgré tout ce qu'ils disent
    Me font perdre la foi
    Quand tu n'es pas là
    Tous les oiseaux du monde
    La nuit sur mon toit
    Viennent se rassembler
    Et pour me consoler
    Chantent tout bas
    ' Elle reviendra ' 
    Quand tu reviendras
    De l'autre bout du monde
    Quand tu reviendras
    Les oiseaux dans le ciel
    Pourront battre des ailes
    Chanter de joie
    Lorsque tu reviendras !


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Le Pianiste de Varsovie
    Gilbert Bécaud

    Je ne sais pas pourquoi
    Cette mélodie me fait penser à Chopin
    Je l`aime bien, Chopin
    Je jouais bien Chopin
    Chez moi à Varsovie
    Où j`ai grandi à l`ombre
    A l`ombre de la gloire de Chopin
    Je ne sais pas pourquoi
    Cette mélodie me fait penser à Varsovie
    Une place peuplée de pigeons
    Une vieille demeure avec pignon
    Un escalier en colimaçon
    Et tout en haut mon professeur
    Plus de sentiment
    Plus de mouvement
    Plus d`envolée
    Bien bien plus léger
    Joue mon garçon avec ton coeur
    Me disait-il pendant des heures
    Premier concert devant le noir
    Je suis seul avec mon piano
    Et ça finit par des bravos
    Des bravos, j`en cueille par millions
    A tous les coins de l`horizon
    Des pas qui claquent
    Des murs qui craquent
    Des pas qui foulent
    Des murs qui croulent
    Pourquoi?
    Des yeux qui pleurent
    Des mains qui meurent
    Des pas qui chassent
    Des pas qui glacent
    Pourquoi
    Le ciel est-il si loin de nous?
    Je ne sais pas pourquoi
    Mais tout cela me fait penser à Varsovie
    Une place peuplée de pigeons
    Une vieille demeure avec pignon
    Un escalier en colimaçon
    Et tout en haut mon professeur
    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    What does not destroy us makes us stronger.
    Foto

    Foto

    Rondvraag / Poll
    Wie wordt wereldkampioen 2012 bij de profs ?
    Philippe Gilbert
    Greg Van Avermaet
    Ryder Hesjedal
    Johan Vansummeren
    Giovanni Visconti
    Alejandro Valverde
    Samuel Sanchez
    Joaquin Rodriguez
    Maxime Monfort
    Roman Kreuziger
    Vincenzo Nibali
    Peter Sagan
    Damiano Cunego
    Diego Ulissi
    Bradley Wiggins
    Rigoberto Uran
    Edvald Boasson Hagen
    Chris Froome
    Thomas Voeckler
    een andere renner ....
    Bekijk resultaat


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    À la claire fontaine

    M'en allant promener,
    J'ai trouvé l'eau si belle,
    Que je m'y suis baignée.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Sous les feuilles d'un chêne
    Je me suis fait sécher,
    Sur la plus haute branche,
    Un rossignol chantait.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Chante, rossignol, chante,
    Toi qui as le coeur gai,
    Tu as le coeur a rire,
    Moi, je l'ai à pleurer.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    J'ai perdu mon ami
    Sans l'avoir mérité,
    Pour un bouquet de roses,
    Que je lui refusai.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Je voudrais que la rose
    Fût encore au rosier,
    Et que mon doux ami
    Fût encore à m'aimer


    Foto

    Archief per jaar
  • 2012
  • 2011
  • 2010
  • 2009
  • 2008

    Foto

    Foto

    Engelbert Humperdinck
    Les Bicyclettes De Belsize

    Turning and turning, the world goes on
    We can't change it, my friend
    Let us go riding now through the days
    Together to the end
    Till the end

    Les bicyclettes de Belsize
    Carry us side by side
    And hand in hand, we will ride
    Over Belsize
    Turn your magical eyes
    Round and around
    Looking at all we found
    Carry us through the skies
    Les bicyclettes de Belsize

    Spinning and spinning, the dreams I know
    Rolling on through my head
    Let us enjoy them before they go
    Come the dawn, they all are dead
    Yes, they're dead

    Les bicyclettes de Belsize
    Carry us side by side
    And hand in hand, we will ride
    Over Belsize
    Turn your magical eyes
    Round and around
    Looking at all we found
    Carry us through the skies
    Les bicyclettes de Belsize


    Foto

    Foto

    Julia Tulkens .

    Hebben wij elkaar
    gevonden in dit land
    van klei en mist
    waar tussen hemel
    en aarde ons leven
    wordt uitgewist  ?

    Ben ik nog schaduw,
    ben ik al licht,
    of is d'oneindigheid
    mijn aangezicht ?

    Treed ik in wolken of
    in hemelgrond ?
    Er ruist een hooglied aan
    mijn lichte mond.
    In uw omarming hoe
    ik rijzend ril ...
    Mijn haren wuiven en
    de tijd valt stil .
     
                                Julia Tulkens.

    Foto

    Foto

    SONNET POUR HELENE

    Quand vous serez bien vieille, au soir, à la chandelle,
    Assise auprès du feu, dévidant et filant,
    Direz, chantant mes vers, en vous émerveillant :
    Papoum me célébrait du temps que j’étais belle.

    Lors, vous n’aurez servante oyant telle nouvelle,
    Déjà sous le labeur à demi sommeillant,
    Qui au bruit de mon nom ne s’aille réveillant,
    Bénissant votre nom de louange immortelle.

    Je serai sous la terre et fantôme sans os :
    Par les ombres myrteux je prendrai mon repos :
    Vous serez au foyer une vieille accroupie,

    Regrettant mon amour et votre fier dédain.
    Vivez, si m’en croyez, n’attendez à demain :
    Cueillez dès aujourd’hui les roses de la vie.

    Regretting my love, and regretting your disdain.
    Heed me, and live for now: this time won’t come again.
    Come, pluck now — today — life’s so quickly-fading rose.


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Laatste commentaren
  • pilne oferta kredytów (Rev Mark Donand)
        op Het liedje uit het land van Pele.
  • Na een drukkende en zwoele nacht kom ik u een fijne nieuwe week wensen (Jeske )
        op De Flandriens uit Limburg.
  • Wens je een fijne zaterdag (Nikki)
        op De Wielersport in Denemarken.
  • Lieve midweekgroetjes . (bompa harry)
        op Charles Aznavour.
  • SPORTIEF HOOR MIJN TANDARTS RACED OOK (Ton)
        op Een eeuw geleden werd de Primavera 1911 gereden.
  • Maar dat is leuk (Ton)
        op Fietstocht naar Itzehoe - ( Week 1 ) .
  • Norbert Vande Walle (JP VANSTEENKISTE)
        op Une page d'histoire - Le tennis de table d'il y a 40 ans.
  • Lieve zaterdaggroetjes (Nikki )
        op Een stukje Zwembad Olympia nostalgie .
  • De beste wensen voor 2011 (Nikki )
        op Exode des forces russes de Sebastopol -  Bizerte 1920.
  • De laatste donderdag in 2010 (Nikki )
        op Exode des forces russes de Sebastopol -  Bizerte 1920.
  • Foto

    Archief per maand
  • 08-2012
  • 07-2012
  • 06-2012
  • 05-2012
  • 01-2012
  • 12-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 04-2011
  • 03-2011
  • 02-2011
  • 01-2011
  • 12-2010
  • 11-2010
  • 10-2010
  • 09-2010
  • 08-2010
  • 07-2010
  • 06-2010
  • 05-2010
  • 04-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 01-2010
  • 12-2009
  • 11-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 08-2009
  • 07-2009
  • 06-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 03-2009
  • 02-2009
  • 01-2009
  • 12-2008
  • 11-2008
  • 10-2008
  • 09-2008
  • 08-2008
  • 06-2008
  • 05-2008
  • 04-2008
  • 03-2008

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Gastenboek
  • Gry Dla Dziewczyn We Chłopców
  • Productos Y Servicios Bancarios Operativos
  • Bancarios, Noticias Sobre Bancarios
  • Servicios De Giros Bancarios
  • Popular Play Tents

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Foto

    Foto

    Will Tura:
    Eenzaam Zonder Jou songtekst

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Niets kan mij binden bij mijn vrienden
    Bij hen kan ik het niet meer vinden
    Het liefste ben ik dicht bij jou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Ook als het dansorkest gaat spelen
    Want dansen gaat mij gauw vervelen
    Als ik jou niet in m'n armen hou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Jij weet dat ik op jou zou wachten
    Maar leef ik ook nog in jouw gedachten
    En ben je mij nog altijd trouw

    Ik kan niet verder zonder jou
    Mijn leven zou ik voor jou geven
    In al mijn brieven staat geschreven
    Ik ben zo eenzaam zonder jou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou



    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!