NIEUW: Blog reclamevrij maken?
Zoeken in blog

Foto
Foto
Over mijzelf
Ik ben Journée Wilfried , en gebruik soms ook wel de schuilnaam PAPOUM.
Ik ben een man en woon in LANDEN (België) en mijn beroep is gepensioneerde , slapen, goed eten en drinken..
Ik ben geboren op 04/06/1944 en ben nu dus 74 jaar jong.
Mijn hobby's zijn: wielersport en tafeltennis, geschiedenis, reisverhalen, chansons, humor..
Inhoud blog
  • EINDE
  • Adieu l'Ami - Au Revoir.
  • De Flandriens uit Limburg.
  • Les soldats russes venus en France en 1916 .
  • HISTOIRE DU TENNIS DE TABLE - FP.
    Foto
      EINDE
     VAN DEZE BLOG

      26 08 2012
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto

    J. BREL

    C'est plein d'Uylenspiegel
    Et de ses cousins
    Et d'arrière-cousins
    De Breughel l'Ancien

    Le plat pays qui est le mien.

    Tous les chemins qui mènent à Rome
    Portent les amours des amants déçus
    et les mensonges des anges déchus.

    Foto
    Foto
    Foto
    Pelgrim

    Wat zich gaande voltrekt
    in de ziel van de pelgrim
    is niet een toenemend verlangen
    naar het bereiken van zijn reisdoel,
    niet het vinden van het heilige
    aan het einde van zijn bedevaart,
    maar zijn overgave aan de ruimte,
    aan de kiezels op zijn pad,
    zijn besef van niet-weten,
    zijn afdalen in de leegte.

    Zijn benen worden zijn vrienden,
    de regen zijn lijden,
    zijn angst wordt gericht
    naar de honden langs de weg,
    het vele legt hij af en hij rust in het Ene.
    Al trekkend komt hij nergens,
    voortgaande bereikt hij niets,
    maar zijn vreugde neemt toe
    om een bloem en een krekel,
    om een groet en een onderdak.

    Zijn reisdoel en zijn thuis
    vloeien samen aan de horizon,
    hemel en aarde vinden elkaar
    op het kruispunt van zijn hart.
    Het heilige verdicht zich
    in de dieren en de dingen.
    Zijn aankomst ligt verborgen
    in de wijsheid van het Zijn.

    Catharina Visser

    Foto
    De Weg.

    In de verte gaat een pelgrim,
    eenzaam over het pad.
    Met een blik voorwaarts,
    eindeloos turen naar het pad.
    Het pad dat hem leidt,
    de wind die hem begeleidt.
    Samen èèn met de natuur,
    de geur,het geluid en omgeving.
    Daar toont de schepping hem,
    nederig dat het pad van zand
    zo hard als steen is.
    Soms ook warm,koud en nat.
    De pelgrim stapt over
    het harde pad,
    met als enige vriend
    zijn schaduw.
    Samen op hun weg.
    When we got to the sea at the end of the world
    We sat down on the beach at sunset
    We knew why we had done it
    To know our lives less important than just one grain of sand.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    En camino de Santiago
    Sur le chemin de St Jacques
    Iba una alma peregrina
    Allait une âme pérégrine
    Una noca tan obscura
    Une nuit si obscure
    Que ni una estrella lucia ;
    Que ne brillait aucune étoile ;

    Foto
    Foto

    Le patron de toutes les filles
    C'est le saint Jacques des Bourdons;
    Le patron de tous les garçons
    C'est le saint Jacques des Coquilles.
    Nous pouvons tous les deux nous donner un bouquet,
    Coquilles et bourdons exigent que l'on troque;
    Cet échange affermit l'amitié réciproque,
    Et cela vaut mieux qu'un œillet.

    Foto

    Dat een pelgrim bij terugkomst niet wordt herkend door de mensen thuis, is een geliefd thema in middeleeuwse pelgrimsverhalen. Waarschijnlijk wil de legende daarmee aanduiden, dat de pelgrim door zijn bedevaart een ander mens is geworden; hij is op Christus gaan lijken. Dat wordt uitgedrukt door de omstandigheid dat de mensen van vroeger de teruggekeerde pelgrim niet meer herkennen: hij beantwoordt niet meer aan het oude beeld, dat zijn nog hebben; de pelgrim is een nieuwe mens geworden.

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Betrouw geen pelgrim met een baard
    Die met een schooikroes geld vergaart
    Al beed'lend langs de wegen sjokt
    En met een deerne samenhokt.



    Priez pour nous à Compostelle - Barret et Gurgand - 1977.

    Par milliers, par millions, le besace à l'épaule et le bourdon au poing, ils quittaient les cités, les chateaux, les villages, et prenaient le chemin de Compostelle. Gens de toutes sortes et tous pays, ils partaient, le coeur brulant, faire leur salut au bout des terres d'Occident, là où la mer un jour avait livré de corps de l'apotre Jacques.
     
    Foto
    Foto
    Ik had het eerst
    niet in de gaten,
    en opeens
    zàg ik het spoor
    dat jij voor mij
    hebt nagelaten.
    Mon père .

    Assis dans un vieux fauteuil
    Recouvert d'un plaid usé,
    Il rêve de son passé,
    En attendant le sommeil.

    La fumée d'un cigare
    Flottant au-dessus de lui,
    D'une auréole, pare,
    Sa tête grise, de nuit.

    Vêtu d'un pantalon gris,
    Chemise de flanelle
    Sous le tablier bleu sali.
    Sa casquette est belle.

    Il sait déjà que demain,
    Sera le grand jour pour lui.
    Mais il ne regrette rien,
    Et partira seul sans bruit .

             
              ***
    Foto
    La mort .

    Le jour où tu viendras,
    A l'aube d'un matin,
    Me tendre les bras
    Me chercher par la main,
    Entre comme moi
    Par le fond du jardin.

    Tu essuyeras tes pieds
    Sur le grand paillasson,
    Pour ne pas marquer
    Tes pas dans le salon,
    Et n'oublie pas d'ôter
    Ton noir capuchon.

    La table sera mise
    Et le vin bien chambré,
    Quand tu sera assise
    Nous pourrons le goûter,
    Avant que je ne suive
    Ton ombre décharnée .

    Mais si tu préfères
    Par surprise me faucher,
    Au début de l'hiver
    Ou au soir d'un été,
    Pousse la barrière
    Elle n'est jamais fermée.

    Avant de m'emporter,
    De rendre ma valise,
    Laisse-moi griffonner
    Une dernière poésie
    Où je ferai chanter
    La beauté de la vie.

    Ce n'est pas ce matin
    Que je quitterai le port,
    Puisque de mes mains
    J'ai caressé si fort
    Ses lèvres de satin
    Que je t'oublie, la mort.


              +++
    Foto
    Foto
    Foto
    SEUL  SUR  LE  CHEMIN .

    J'ai traversé des villes,
    J'ai longé des cours d'eau
    J'ai rencontré des îles
    J'ai cotoyé le beau !

    Tout au long du voyage
    Rien ne m'a retenu
    Même pas un signe de croix
    Tracé d'une main tremblante.

    Le vent, la mer, la pluie
    M'ont façonné le coeur.
    Je suis leur propre image,
    Immuable douleur.

    Je fais signe aux oiseaux,
    Seuls amis de ce monde,
    Qui m'entraînent dans une ronde
    A m'en crever la peau.

    J'ai traversé des coeurs,
    J'ai rencontré des bras,
    J'ai caressé des fleurs,
    J'en ai ceuilli pour toi.
    Foto
    Foto
    Foto
    卓球
    Настольный теннис
    टेबल टेनिस
    Стони тенис
    เทนนิสโต๊ะ
    Bóng bàn
    탁구
    تنس الطاولة

    TENNIS DE TABLE
     MESATENISTA
    PING PANG QIU
     TISCHTENNIS
    TABLE  TENNIS


      photos courtesy  ITTF 


    乒乓球
    Stolni tenis
    Tenis Stolowy

    ITTF    TABLE   TENNIS 
        Classement mondial 
         26 - 08 - 2012  
    World  Ranking
    Weltrangliste
    Ranking Mundial
    Värlen Rangordning
    Classifica Mondiale 

    MESSIEURS :

    1. ZHANG Jike - CHN
    2. MA Long - CHN
    3. XU  Xin - CHN
    4. WANG  Hao -
    CHN
    5. MIZUTANI Jun - JPN
    6. MA  Lin  - CHN
    7.  BOLL Timo -  GER
    8. CHUANG Chih-Yuan - TPE
    9. OVTCHAROV Dim - GER
    10. WANG  Liqin - CHN
    11.  JOO Se Hyuk - KOR
    12. OH Sang Eun - KOR

    --    DAMES :
    1. DING Ning - CHN
    2. LI Xiaoxia - CHN
    3. LIU Shiwen - CHN
    4. GUO Yan - CHN
    5
    . ISHIKAWA Kasu - JPN
    6. FUKUHARA Ai - JPN
    7. FENG Tianwei - SIN
    8. KIM Kyung - KOR
    9. GUO Yue - CHN
    10. WANG Yuegu - SIN
    11. WU Yang  -  CHN
    12. TIE Yana - HKG

     

    Info  =  www.ittf.com 
    ( anglais,allemand,chinois).

    http://www.ittf.com/_front_page/itTV.asp?category=ittv_New

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    December 1990 - Pantoum.

    De noodklok belt slechts éénmaal
    Komt weldra de ultieme speeltijd
    Ademen voor de laatste maal
    Gelukkig geen haat noch nijd
    Toch af en toe een flater
    Een zorg is dit voor later
    Lopen van os naar ezel
    Toch af en toe een flater
    Niet knikkers tellen, wel het spel
    Lopen van os naar ezel
    Dagelijks goed aan de kost
    Niet knikkers tellen, wel het spel
    Verwachtingen zelden ingelost
    Dagelijks goed aan de kost
    De beste blijft mijn moeder
    Verwachtingen zelden ingelost
    Water is het kostelijkste voeder
    De beste blijft mijn moeder
    Om bestwil een toontje lager zingen
    Water is het kostelijkste voeder
    Op zoek naar de diepte der dingen
    Om bestwil een toontje lager zingen
    Komt het varksken met de lange snuit
    Op zoek naar de diepte der dingen
    Nu is dit pantoumeke bijna uit
    Komt het varksken met de lange snuit
    Ademen voor de laatste maal
    Nu is dit pantoumeke bijna uit
    De noodklok belt slechts éénmaal.

    Tibertyn.    ***
    Foto
    Kleine mensenhand
    strooit op winterse dag
    kruimels voor de mus.

    Schelpen op het strand
    die worden door de branding
    voor ons kind gebracht.

    Molens in de wind
    draaien, draaien, en draaien
    in het vlakke land.

    Kerstman in de straat
    borstelt met grote bezem
    sneeuw weg van de stoep.

    De dode takken
    breken af bij felle wind
    van de avondstorm.

    Kreten in de nacht
    van kikkers in de vijver
    lokken de reiger.

    Hulpeloos jong lam
    verloren tussen struiken
    waar de wolf vertoeft.

    De werkzame bij
    zoekt in de roze bloesems
    lekker naar honing.
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    The country with the biggest population in the world, the People's Republic of China, regards this sport as the most important.”

    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    De pelgrim.

    Hij is op de weg alleen 
    al weet hij nog niet waarheen
    maar ergens stond geschreven
    dat hij die richting moest gaan
    en aarzelt hij soms even
    langs de eindeloze baan
    terwijl hij in zijn hart voelt
    dat velen eerder gingen
    mijmerend over dingen
    terwijl een windje afkoelt .
    Verder dan Rome loopt de weg.
    Ervaringen van een pelgrim.
    31-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - Met geknipte baard over de Passo dei Mandrioli.
    Mercato Saraceno. Ik slaap hoe langer hoe beter onder de blote hemel. Zeven uur in de ochtend. Wat een heerlijk ontwaken. De klokken van een kerkje in de verte klinken mooi en zuiver. Ik blijf nog wat lungelen, nog wat genieten in mijn warme slaapzak.  Maar dan komt een witte Mercedes aangereden. Een man plakt een affiche op het aanhangbord nabij de ingang van het kerkhof. Gisteren of deze nacht is er weer iemand gestorven . Er hangen op de muur van dat kerkhof al vele gekleurde affiches met de foto van overledenen om uit te nodigen voor een begrafenis of zelfs voor een jaarmis. De man kijkt maar zuur in mijn richting alvorens hij terug in zijn wagen stapt. Ik begin te denken dat ik toch maar snel moet verdwijnen van deze plek, zwervers zijn niet welkom.  Ik spoel mijn kop goed met het water van de kraan zodat ik weer fit ben. Omdat ik een minimum had uitgepakt ben ik zes minuten later reeds klaar om te vertrekken.  Ik zeg vaarwel aan de boom waaronder ik zo goed heb geslapen, waar het mos zo mals was, waar de bloemen en de planten zo heerlijk ruikten. Na enige pedaalstoten ben ik reeds in het centrum. Ik koop er een tablet chocolade met nootjes, een blik cola, brood, een liter koele A-melk. Vanaf dan mag ik een mooie vallei volgen en zien hoe in een groen landschap de heuvels veranderen in echte bergen. Tegen 13km/u toer ik met mijn benen vlot, terwijl ik af en toe betonwerken zie, bruggen en afritten van de nabije autosnelweg.

    Sarsina. Zeer oude stad. 3700 inwoners. 243 m boven de zeespiegel. In de kerk uit de Xde eeuw offer ik 5000 lires , een beetje uit godsvrucht en eerbied, maar eigenlijk ook omdat het een verschrikkelijk vuil en versleten bankbriefje was. Daarna ben ik blut, maar wat later wrijf ik eens aan de tepels van Bancontact en zo krijg ik weer 300.000 lires.
    Ik wandel waar eens Tito Maccio Plauto , geboren in 254 voor Christus, had geleefd. Deze Latijns auteur schreef   komische toneelstukken om de mensen te laten lachen in een tijd toen de geschriften van anderen  politieke of godsdienstige bedoelingen hadden. Taalkundigen bestuderen hem zeer graag.  In de winkelruiten zie ik mijn verwilderde pelgrimskop, verwarde haren en borstelige baard. Nu dat ik de schoonheid van Toscanië nader mag ik er toch niet uitzien als een lelijke landloper. In de winkelstraat vind ik een kapper voor heren, waar ik mijn beurt afwacht op een stoel. Het duurt net de tijd nodig om een bladzijde in mijn dagboek neer te pennen.

    Wat ben ik toch grijs geworden. Dat zie ik nu duidelijk in de spiegel, wanneer ik zit op de plaats van zij die hun kopje toevertrouwen aan de oude barbier van Sarsina. De man wringt een groot wit laken rond mijn nek, en ik maak hem duidelijk dat hij volledig zijn gang mag gaan voor 30.000 lires, shampoo, capelli, barba, voor de prijs die op het bordje aan de muur duidelijk staat vermeldt zodat ik niet méér betaal omdat ik een buitenlander ben. Deze coiffeur heeft niet zo dikwijls een kerel met blote bruine benen uit Belgio in zijn zaak en wanneer ik zeg dat mijn naam Rik Van Steenbergen is , doet hij nog meer zijn beste.

    Ik had echt wel veel te veel haren op mijn kop.  Nu past mijn rennerspetje veel beter. Vlot fiets ik tot  San Piero in Bagno, waar ik probeer een fietsenmaker te vinden want ik kan toch niet blijven rijden zonder remmen. Ik reed langzaam bergop tot dan en realiseerde me zelfs niet meer dat remmen noodzakelijk zijn na de top van iedere helling of wanneer er toch wat met enige snelheid wordt gefietst. Ik vind geen fietsenmaker, maar wel een vishandelaar op de markt. De mensen schuiven bij hem aan . Voor  7.000 lires kunnen  250 gr  in olie gebakken scampis en inktvis worden gekocht.  Op dat marktplein is te veel volk.  Ik rijd wat verder en zoek een rustig plekje om het bakje dat ik heb gekocht op te eten . In die ogenblikken verlaat de lucht mijn achterste band. Ik ben lek gereden. Eerst eet ik rustig, het smaakt me goed, en daarna herstel ik. Mijn fietst poets ik eens flink met een oude handdoek. Ik haal ook wat overbodige rommel uit mijn fietstassen. Grote kuis. Alles terug in orde, maar niet mijn remmen, niet mijn voorlicht. Al wat ik weg wil gooien, deponeer ik met propere manieren in een publieke vuilbak .
     
    Bagno di Romagna is een kuuroord met veel wandelaars en verschillende hotels, een ideale plaats voor een rustdag.  Maar ik moet verder. Moed bijeen en vooruit, ...  op de pedalen duwen opwaarts naar de Passo dei Mandrioli. De weg klimt van 500m naar 1173m in 12 km. Dat betekent een gemiddeld stijgingsprocent van  5,6 . Het is een aardig bergje. Ik voel dat ik er gemakkelijk over zal geraken, ondanks mijn zwaar lichaamsgewicht en mijn bagage, op voorwaarde van regelmatig even te stoppen.  Maar met die nog niet verteerde schotel van de vishandelaar in mijn maag heb ik toch vlug wat problemen. Ik parkeer Olive Green tegen de rotswand aan de rechterzijde van de weg waar een netwerk van stevige ijzerendraad de weggebruikers beschermt tegen afvallende stenen. Ik drink een slokje water, ontspan mijn rug eens door wat te bewegen met mijn schouderbladen en ik stap over de weg heen tot aan het muurtje links van de weg. Ik meende daar een uitzicht te hebben over het dal, maar dat valt tegen omdat ik nog niet hoog genoeg ben geklommen. Alleen enige rotsen , struikgewas, en een met onkruid overwoekerde ravijn is er te zien. Ik wandel daarom na een minuutje terug naar mijn tweewieler. Ondertussen adem ik langzaam en diep in.  Ik voel dat mijn buik toch niet happy is. Vandaag heb ik nog mijn grote behoefte niet gedaan. Wat is het dwaas om met een zwaar gevulde dikke darm een Passo op te willen rijden  ! 

    Bij gebrek aan sanitaire voorzieningen  in deze col zal ik in de vrije natuur de oplossing moeten zoeken.  Ik heb ook geen enkele soort toiletpapier bij . Met het scherpe steakmes dat ik te Thann had gevonden, snijd ik daarom de pijpen van mijn pijamabroek af en maak er wat lapjes mee die ik recycleer tot WC-papier. Ik stap terug naar en  zelfs over het muurtje in de hoop daar wat privacy te vinden. Daar is een weelderige struik met daarachter een klein platform. Maar tot mijn verwondering stel ik vast dat iemand deze plaats reeds vroeger dan ik had gebruikt en het is er niet proper. Daarom daal ik nog wat dieper richting ravijn tot ik een geul ontmoet waar, na onweders of in tijden van dooi,  het water zich een weg naar de diepte zoekt. Daar plooi ik me. Alhoewel ik meestal vlug mijn vuil kwijt geraak, gebeurt er op dat moment niets. Ik kan niet.  Ik ben verstopt. Ik probeer nogmaals, maak bolle wangen, blaas, druk, pers, ... maar er komt niets. Koppig als ik ben, en niet zonder nog eens diep in te ademen en te zuchten, probeer ik bikkelhard nog een derde poging.   Plots ... gaat het licht voor mij uit. Ik zie zwarte sterretjes, en ik voel dat ik ga flauw vallen.  In een reflex doe ik een stap voorwaarts, gooi me naar voren in een struik en klamp me vast. Als een drenkeling tijdens een schipbreuk haak ik me zo aan iets dat niet aan het zinken is. Ik hou me stil, adem goed, en gelukkig verlies ik mijn bewustzijn niet. Oppassen, ouwe jongen, wat is hier aan het gebeuren  ...  ? Bijna schoof ik langs de geul de ravijn in, daar veel lager in het niets op de stenen.
     
    In afgrond der vermisten zou ik gelegen hebben  en reeds de volgende nachten zouden beesten, vogels, mieren en pieren aan mijn lijf komen wreten. Mijn Olive Green zou als een wees zijn achtergebleven. Maar weldra ben ik terug wakker en fit.  Onkruid vergaat zo maar niet. Ik drink water en ik loop wat te voet rond.  Ik voel me terug beter  en ondertussen heb ik een beter geschikt plaatsje ontdekt waar er ook privacy is en geen gevaar. Ik wacht nog wat tot twee klimmende auto's voorbijgereden zijn. Ik doe wat bewegingen om de krampen uit mijn buik te verjagen. Na een tijdje is de natuur weer mijn bondgenoot. De verlossing komt.  Oef ... !

    Alzo ontlast kan ik terug de fiets op en kom ik weldra op 3km van de top van de Passo dei Mandrioli, waar een nieuwe bandbreuk me tegenhoudt. Dat gebeurt precies voor de ingang naar een berghotel en ook als er  regendruppels beginnen te vallen. Met een fiets met platte band stap ik naar dat hotel in de hoop van de rit van de dag te kunnen afvlaggen met daar een kamer te huren. Ik voel me niet meer zo lekker om nog lang verder te fietsen.  Helaas, het kleine hotel is gesloten omwille van uitgebreide werken met verf en papier en de eigenaars zijn afwezig. Ik kan er aan de bar toch een fles mineraalwater gratis krijgen van één van de arbeiders. Tijdens de regenbui die bezig is, herstel ik daar onder een afdak mijn band. Ik ledig de fles water door te drinken en door mijn bidon te vullen, zodat ik de glazen fles daar kan laten. Het blijft maar regenen. Niet zo fel meer als bij het begin van de bui. Ik doe mijn regenjasje aan.  Ik bereik wat later het hoogste punt van de Passo dei Mandrioli.

    Toch wel wat beleefd tijdens deze klim. Maar nu moet ik over een natte gladde weg dalen. Ik rem met mijn voet op het voorste wiel. Acheraan kan ik met niets remmen. Om mij te beschermen draag ik op mijn rug mijn sporttas gevuld met met kledij, dat zou een soort buffer kunnen zijn bij eventuele valpartij.  Zeer langzaam laat ik me zo zakken naar het volgende dal, terwijl het nog steeds een beetje regent. Het is gevaarlijk want de weg slingert naar beneden. Ik verlaat zo Romagna. Mijn hart jubelt, want na deze ellendige natheid in bossen en bergen, komt weldra het land van schoonheid en van kunstenaars, het land van Gino Bartali, Lorenzo di Medici, Leonardo da Vinci, het land van olijfolie, wijn en ijskreem, het onvergelijkbare en unieke Toscanië. 

    Te Badia Prataglia op de Via Nazionale 15 vind ik weldra Hotel Giardino waar ik boek voor avondmaal, kamer, en ontbijt voor 70.000 lires. Er zijn een dozijn pensiongasten. Het is er een voudig en goed. Op de kamer heb ik uiteraard een televisie, maar tijdens het zappen vind ik geen enkel programma dat mij boeit . De avond wordt in Italië gevuld met calcio en met praatprogramma's waarin halfzotte mannen  praten met half blote blonde vrouwen in een taal die ik niet begrijp, vooral omdat de woorden als druppels water in een waterval te snel voorbij kletsen.



    31-05-2009 om 23:59 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 2/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    28-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - De moeilijkheden op weg naar Mercato Saraceno.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Terwijl ik in de ochtend mijn tentje afbreek en geniet van de verse zonnestralen komen drie poesjes mij gezelschap houden, jonge lieve katjes uit éénzelfde nest . Weldra vertrek ik uit het  Centro Turistico en zonder medelijden gaat de weg weg weer verschrikkelijk naar omhoog. Mijn klimmersbenen zijn zeker nog niet wakker. Na enkele decameters ben ik al aan het hijgen en aan het zweten. Aan het eerste winkeltje stop ik voor een mezzoliter koude melk en dat is dan mijn ontbijt. Niet forceren. De dag zal nog lang duren.

    Ik loop even binnen bij een wapenhandelaar. Er is veel keuze in handwapens en ook in kruisbogen, een  specialiteit van San Marino. Maar ik ben een vredelievend mens die geen wapen nodig heeft. Net wanneer de verkoper op mij af komt, laat ik hem mijn hielen zien. Met een lage gemiddelde snelheid bereik ik uiteindelijk toch Borgo Maggiore.  Te voet maak ik er een verkenningsrondje. Ik vind ansichtkaarten waarop ik de mooiste postzegels van San Marino plak. Iedere verzamelaar wil deze immers graag in zijn bezit hebben. Dit betekent ook dat ik deze kaarten moet schrijven en hier naar het postkantoor brengen.  Op een terras begin ik met deze taak.  Eerst eet ik een broodje en een groot glas bier zorgt voor de inspiratie. Ik kan rollende zinnen schrijven naar zij die op het thuisfront graag wat nieuws van mij willen hebben.  Met de teleferiek is het mogelijk  nog verder naar het hoogste punt van de dwergstaat te stijgen.  Dat is dan op 743 m boven de zeespiegel op de Monte Titano. Mijn fiets achterlaten doe ik niet graag en daarom blijf ik rustig genieten op dat terras. Ik lees nog wat over het landje waar ik ben.  Zo leer ik dat ook 13.000  San Marinezen buiten de grenzen van San Marino wonen en dat is dan meestal in Italië, USA, of  Argentinië.  De Republiek San Marino bestaat uit 9 castello's of gemeenten , en  uit  43 wijken of gehuchten.  De levensverwachting van de mensen die hier wonen,  78, 57 jaren,  is de hoogste ter wereld door gezonde voeding, goede lucht en weinig geweld.  In Mexico is Speedy Gonzalez de snelste. Te San Marino is Davide Gualtieri ook een snelle. Hij was een voetbalspeler die na het fluitsignaal bij het begin van een match tegen Engeland maar 8,7 seconden nodig had om te gaan scoren. De weg wacht op mij en ik moet uit San Marino vertrekken.

    Te San Leo gekomen, besef ik dat mijn remmen niet goed meer werken. Ik probeer deze situatie te verbeteren.
    In volle zon ben ik een sukkelaar van een mekanieker die eigenlijk meer ontregelt dan herstelt. Mijn handen zijn  vuil, maar gelukkig heb ik nog altijd dat stukje zeep bij en water uit mijn drinkbus om mijn pootjes terug proper te krijgen. Het landschap verandert nu snel. De weg stijgt en daalt voortdurend. De percentages zijn te hoog voor mij en mijn zwaar bepakte fiets. Vele rustpauzes zijn nodig . De reiziger die van de Adriatische kust naar het prachtige Toscanië wil rijden, moet een harde prijs betalen. Het is warm op het middaguur. De hitte weerkaatst en trilt op het asfalt. Als een groene oase daagt voor me het zoveelste dorpje op. Op een plein waar vrachtwagens staan en ontdek ik een dorpsrestaurant met een eetzaal vol bruine mannen en vrouwen. Dit is het echte Italië van de zuivere tafelgenoegens.  Voor 20.000 lires komt iedereen daar de dagschotel eten en op deze 17de september is dat risotto, varkenskotelet, fruit, agua minerale. Aan de tafel naast mij zit een koppel New-Yorkers die hier te Montemaggio komen zoeken naar hun roots. De man is dol gelukkig omdat hij een oude jeugdkameraad heeft teruggevonden. Hij geeft een " tournée générale".  Zij praten zoals de Brusselaars, maar dan wel in een hutsepot van Amerikaans en Italiaans.

    Ik rijd nog wat verder. Aan het volgende kruispunt bestudeer ik de wegkaart. Het wordt moeilijker . Er zijn slechts kleine wegen. Ik moet over twee cols.  Moedig vorder ik . Ik zweet fel.  Tweemaal verander ik van onderlijfje. Klein verzet. Borstkas goed recht. Wanneer mijn hartslag te hoog wordt , stop ik even. Dan kijk ik naar de Apenijnen en naar al het schone dat zich verbergt in die bergen. Uur na uur draait voorbij. Ik begin dit land reeds lief te hebben.  Het is ruw en schoon, met burchten en kloosters in de verte, of dorpjes als arendsnesten, fantastische panorama's met goud en groen, en omdat ik verkeerd ben gereden kom ik terug korter bij de zee. Het zonnelicht  is zo sterk dat ik van in de hoogte nog steeds de grijze watermassa  kan zien van op meer dan 30 km.

    In een dorp stop ik. Mijn ogen zijn vol stof en zweet, en zijn kleiner geworden door de zon. Ik draag geen goede bril. Ik neem uit mijn natte koerstrui een vodje papieren geld om een fles water te betalen en zie niet dat ik 50000 lires gaf in plaats van 10000 lires. Maar in dit bergland wonen eerlijke winkeliersters en de vrouw profiteert niet van mijn belabberde toestand.  Nadat mijn dorst is gelest mag ik hellingen afrijden van 11% en van 14% . In het dal gekomen stel ik vast dat er van mijn remblokjes bijna niets meer over blijft.  De stukken vlogen er van af tijdens het dalen en als een acrobaat heb ik met mijn voeten geremd, linkervoet op voorwiel en rechtervoet op achterwiel. Deze techniek vraagt veel concentratie en een eigenaardige houding op het zadel.  Een vaart van maximum  20km/u  was zo nog een tijdje mogelijk. 

    Ik kom aan het kerkhof van Perticara. Vele graven zijn er echte kunstwerken. In de schaduw van de hoge bomen rust ik en probeer ik me op de kaart te situeren. Hoe heerlijk moet het wel zijn om op zo'n prachtig kerkhof te genieten van eeuwige rust en vrede. De parfums uit de natuur, de krekels  en de eekhorentjes zijn overvloedig aanwezig op deze plaats.  Maar ik vervolg mijn route. De dag vordert en de lust tot stoppen komt reeds in mij op, ook al heb ik nog maar 50 km afgelegd.  Ik verplicht mezelf om door te gaan.

    Nu fiets ik langs grote velden waar het stro is verzameld in grote rollen.  Zou het niet heerlijk zijn in mijn slaapzak op zo'n stapel rollen stro te overnachten ?  Op andere plekjes kan ik ook veilig mijn tentje opstellen.  Nu volgt een lange bergaf. Zonder remmen ben ik weer verplicht van stuntman te spelen op mijn fiets.  Plots ..... kraak ...   en daar ligt de crack die ik nogmaals wilde zijn op de grond.  Mijn snelheid is nu nul. De velg van mijn achterste wiel is helemaal geblokkeerd door de remboog. Op een boogscheut naast de weg staat een verlaten boerderij, half overwoekerd door struikgewas, een ruïne. Ik stap er naar toe want er is daar een verharde en propere oppervlakte,  blote rotsen. Ik kan mijn wiel terug normaal laten draaien , maar wat betreft mijn remmen is de toestand te erg. Ik kan niet meer remmen, noch vooraan, noch achteraan. De reserve remblokjes die ik had proberen te plaatsen heb ik al vlug verloren. De lust om verder naar beneden te rijden op levensgevaarlijke manier kan ik verjagen.  Ik beslis van mijn tentje op te stellen en van te overnachten waar ik me bevind op dat ogenblik. Ik maak mijn bagage reeds los, kies de gepaste plaats uit, maar plots zie ik dat de hoeve toch niet onbewoond is. Bij nader toezicht stel ik vast dat een bijenkoningin het door mensen verlaten pand tot haar paleis
    heeft gekozen . Hele eskaders vliegende beestjes bevolken het erf.  Ik meen niet dat het wijs is van daar nog één minuut langer te blijven. In spoedlooppas neem ik afstand van het gezoem  en vooral van het gevaar van gestoken te worden.  Mugjes prikten mij al, maar zulke grote wilde bijen wil ik zeker niet beter leren kennen vooral omdat ik  me al genoeg ongelukkig voel door de pech met die remmen. Wat verder op de weg voel ik me weer veilig. Ik controleer of ik niets heb achtergelaten, doe mijn wandelschoenen aan ,en met mijn fiets vastgehouden door mijn sterke rechterarm stap ik voorzichtig tot aan het volgende dorp.

    De avond valt reeds stilletjes over de Apenijnen. Een verkeersplaat met  " Attenzione 14% " bewijst dat ik me slim gedraag door wandelend naar beneden te glijden. Af en toe verstoren blaffende honden mijn doortocht wanneer ik de eerste landhuizen bereik.  In de verte zie ik de autosnelweg E45. De felle lampen van de wagens vormen een mooi lichtspel dat zich aftekent tegen het zwarte scherm van de beginnende nacht. Krekels, die heel de zomer hebben gevierd en gevreten, zijn naast de auto's en de honden ook nog lawaaimakers van dit uur. Grote witte kalkletters op de weg wijzen weer dat 14 % de moeilijkheidsgraad van de klim is. Dat is zowel voor klimmers als voor dalers een zware opdracht. Gelukkig niet meer voor mij want bij het binnenkomen van Mercato Saraceno stap ik over de startlijn van een koers die voorbij is. Het is me niet duidelijk  of de sportievelingen hier waren gekomen om zich te meten te voet, met rolschaatsen , per fiets, op een motor,of met een auto. Italie is immers een land van vele  Brood-en- Spelen. Ik ben onder de hoge snelwegbrug door gestapt wat dieper in het dal en ondertussen ook wat later. Het is kalmer, stil, en heerlijk als ik kom langs tuinen en boomgaarden, langs trappen, lichten, bomen, en zitbanken. 

    Ik zie een container vol verwelkte bloemen, een grote muur, een poort die open staat, een kraan met lopend water waarmee ik mijn gezicht wat verfris. Ik ben gekomen aan het kerkhof van Mercato Saraceno. Een reusachtige dennenboom siert de omgeving. Onder deze boom parkeer ik mijn fiets.  Ik vouw mijn bedje open . Ik loop in mijn blootje terug naar de waterkraan en was me daar met een grote hoeveelheid water.  Daarna wrijf ik me droog, trek mijn pijama aan, ledig nog een potje yoghurt en dan begin ik de doden te imiteren die na een rijk leven op dit kerkhof werden achtergelaten door hun families.  Diep en rustig adem ik.  Het zandmannetje komt vlug, want de warmte, het fietsen en het stappen,  hebben me zeer moe gemaakt. De maximus den is niet gewoon van een vreemd gesnurk te moeten horen, want de overleden Mercato Saraceners zijn 's nachts veel stiller dan zo'n mislukte pelgrim-coureur uit het land van campionissimo Eddy Merckx.

    28-05-2009 om 01:07 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    26-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - De Republiek San Marino.
    De weg naar het binnenland klimt steeds. Met klein verzet ga ik vooruit naar het onbekende dat me geenszins afschrikt want er is een spreekwoord dat zegt " Ga naar San Marino, je komt als een gelukkig man terug ...".
    Terwijl ik langzaam naar omhoog krabbel op de eerste flanken van de Monte Titano, daagt achter mij in de verte de grijze massa van de Adriatische Zee weer op. Ik stop dikwijls om naar dit schouwspel te kijken , maar ook om slokjes water te drinken, en om mijn benen en mijn hart niet te fel te belasten. De S72 is breed en wordt druk gebruikt door alle soorten vierwielers met motoren.  Ik fiets voorbij de Mercato Uno, een bekende sponsor in het Italiaanse wielrennen. Eerder zag ik ook al gebouwen van Gewiss  en van Carrera.  Liever zou ik toch  een route volgen die fietsvriendelijker is, maar er loopt maar één enkele grote weg naar de Republiek San Marino. Ik heb geen andere keuze. Mijn ogen krijgen maar weinig te zien.  Weldra dwalen mijn gedachten af voor de zoveelste keer naar herinneringen, mijmeringen. Nog altijd niet ben ik bevrijd van mijn werk, ondanks mijn pensionering. Ik denk aan toestanden,  aan stress van vroeger, toen ik nog bankbediende was. Ik wil die oude spookbeelden uit mijn kop,  maar ergens blijven er littekens, door de jarenlange slijtage van hersens, zenuwen, gevoelens.

    Aha, ...   zie, daar is de douanepost en met nog wat stoempen, stoempen, zijn we in  San Marino. Ik mag zo binnen, zonder stoppen, geen douanier maakt zich zorgen omdat ik de grenspost ben voorbij gereden. Nu ben ik niet meer in Italië, maar in een ander land waar 23.000  San Marinezen wonen  Napoleon erkende deze republiek in 1797 en in 1815, op het Congres van Wenen, aanvaardden de andere Europese mogendheden de onafhankelijkheid van deze kleine staat van  61 km²  oppervlakte.  Omdat mijn benen gepijnigd worden door de bergop heb ik de indruk dat San Marino veel groter is dan er wordt geschreven en verteld. Mijn oude motor verdraagt de hoge stijgingspercentages niet  van de straat die ik probeer te volgen. Ik moet van mijn zadel af.  Ik kan niet meer. Overal is er handel in computers en ander hoog technisch materiaal. Op vlakkere gedeelten kan ik nog even wat fietsen, maar ik blijf dan maar op mijn voeten en kom aan Camping Centro Turistico di San Marino, waar ik kan Frans spreken, en dat is wel gemakkelijker voor mij. Weldra staat mijn igloo opgesteld en kan ik onder een douche het opgedroogde zweet van mijn lijf afspoelen. Ik wandel wat rond. In de nabije Market Pizzeria eet ik een "quattre stazione" en geniet ik van een fles rode streekwijn. Dit was weer een schone dag. Ik kwam  88 km verder , ik voelde mij gelukkig en vrij.  De uren vlogen voorbij.








    26-05-2009 om 21:32 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    24-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - Over de Rubicon, zo besliste het lot.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen

    Rimini. Een pleintje om wat te wandelen, een ijsje om wat te smullen, een plasje  op een bouwwerf  waar archeologen bezig waren.  Ik zou wel naar de stranden van Rimini willen, doch ik weet niet zeker of dat een goede bestemming zou kunnen zijn..  Het zal wel identiek zijn of wellicht wat groter dan in de andere badplaatsen die ik vandaag al zag. Grijs weer. Ik fietste zelfs een tijd in de regen. Tweede helft van september . Einde van de zomer. Dan zijn te Rimini toch nog vrouwelijke toeristen en baadsters die zich aan de Adriatische Zee vervelen zonder vent, zo van die single dames die in een vrouwenblad hotelkamers aan sterk verlaagde prijzen hadden gezocht en gevonden, of zij die voor een boeking van twee weken nog een derde week er nog gratis bij kregen, deze week uiteraard wanneer alles leeg loopt zelfs de zoetwaterzwembaden en de ijssalons. Ik zag reeds zulke ladies  zitten op terrasjes, Duitse rijpere schonen die wellicht nog een laat vakantielief willen vinden. De zeilen van vele bootjes zijn reeds opgeplooid, de strandstoelen liggen op hopen en de parasols zijn verdwenen. Wanneer de meeste zonnekloppers van Rimini weg zijn kunnen de stranden weer op adem komen. De Riviera Romagnola is een van de meest populaire strandbestemmingen van Europa. Ik denk aan Amarcord maar na een verkenning van meerder kilometers hebben noch ik noch Olive, in het Rimini van Fellini  nog geen enkele Miranda, Volpina, of Aldina gezien die het stoppen waard is. Terwijl wij ook niet zoals Titta de eer kregen van de vrouw met de grote borsten te ontmoeten of te begluren.

    La Terra di Francesca. Zo wordt deze stad ook genaamd omdat Dante in de hel een Francesca uit Rimini ontmoette. Met haar 15 km strand en met haar hoge hoteltorens is Rimini een mengsel van modern en van antiek.  Reeds voor de geboorte van  Rome was Ariminum, op het kruispunt van de Via Emilia en de Via Flaminia, een nederzetting van bijzonder strategisch en commercieel belang.  Nadien hadden de Malatesta's,  een verschrikkelijke familie, hier lang alle macht. Maar ik vind Rimini in september toch mooi.  Heerlijk is het hier om lange strandwandelingen te maken met alleen je trouwe hond als gezel. Gaan kijken naar het water dat onder de Ponte di Tiberio voorbij stroomt is ook de moeite waard. Rimini is verbroederd met twee Franse steden, maar ook met Seraing nabij Luik, en met Sotchi in Rusland.

    Maar dan begin ik terug te denken aan een belangrijk moment tijdens de voormiddag van deze dag. Ik was gestopt aan een brug, ergens tussen zee en land, op de hoofdweg die me naar Ariminum zou moeten brengen. Er liep een riviertje onder die weg door. De waterplanten overwoekerden de bedding en de oevers waren niet te betreden door hoog gras en verwilderd struikgewas. Volgens mijn documentatie moest die waterloop niet meer en niet minder dan de Rubicon zijn. Voor mij zal die Rubicon altijd doorstromen naar de zee op de plaats waar ik mijn fiets tegen dat betonnen muurtje even liet rusten, want het is zo dat in de loop der eeuwen de Rubicon op andere plaatsen werd gesitueerd zowel door leugenaars als door onwetenden.

    Door roem beladen na zijn veldtochten in Gallië had de Grote Generaal Julius Caesar met zijn manschappen nabij  de Rubicon gekampeerd. Als hoofd van zijn legioenen was hij de baas geworden van gebieden die zich uitstrekten van de Pyreneeën en de Middellandse Zee tot aan de Rijn. Behalve dan in die enkele dorpen waar Asterix en Obelix het voor het zeggen hadden of elders ook nog Ambiorix en andere dappere Belgen, was de wil van Caesar ook de wet. Maar enkele mijlen ten Noorden van Ariminum stond er langs de heirbaan een paal die daar was geplant door de Romeinse Senaat. Dit merkteken duidde aan tot waar precies de macht van de politiekers uit Rome kwam en dus ook waar die van de bevelhebber van het leger stopte.

    Zij hadden gedurende jaren samen gevochten tegen de Galliërs, de Belgae en de barbaren. Duizenden van hun tochtgenoten waren gesneuveld of verminkt geworden. Toen zij terug naar huis kwamen  en naar het Rome wilden dat zij levenslang dienden, waren zij er niet welkom. Zij mochten niet dichter komen naar het hart van het Rijk  omdat de macht van de voorlijn die de hunne was de macht zou kunnen schaden van de achterlijn en van het centrum die hun wortels te Rome hadden. Het was een probleem dat in andere tijden en op andere plaatsen  nog zou voorkomen. Na elke oorlog stellen de helden van het slagveld vast dat zij als burgers niet veel betekenen, en dat anderen tijdens hun afwezigheid groot profijt hebben genomen. Het gebeurde toen op een dag, een uur, een minuut, die belangrijk is geweest in de Westerse geschiedenis. Caesar heeft gezegd   ALEA  JACTA EST.  Hij had besloten dat zijn leger zou voorbij de mijlpaal aan de Rubicon stappen. Die ene eerste stap betekende de start van een nieuwe oorlog  waarin Romeinen zouden vechten tegen Romeinen. Caesar won die oorlog. Hij werd gedurende enkele jaren de machtigste man van de wereld, tot wanneer ook zijn ster verbleekte en hij door combines en samenzweringen  werd opzij geduwd en vermoord.

    Ik koop in een winkeltje een paar flessen San Pellegrino, waarvan ik er een met weinige slokken ledig,  soldaat maak, legioensoldaat, en dat heerlijke water zorgt dat ik niet langer één enkele saus maak in mijn gedachten van het antieke verleden, het heden van mijn dag, historische wetenschap, fictie en wanorde in mijn grijze hersencellen.
    Alea jacta est,  zal ik ...  zoals ten tijde van mijn laatste Latijnse jaren op school in het Oostende van de sixties ... naar de te Rimini aanwezige Germaanse vrouwen zoeken,  geverfde blondjes van veertig, vijftig jaren, en met hen Martini drinken. Ik moet me dus te Rimini inkwartieren, om er vanavond en vannacht op stap te kunnen gaan. 

    Ik ben aan het fietsen midden in een stroom van wagens.  Onweerstaanbaar word ik meegezogen.  Zonder het eigenlijk te willen ben ik weldra aan het rijden op de grote steenweg die me naar de kleine republiek San Marino voert. Ik besef dat ik niet lang genoeg ben te Rimini gebleven, maar ik voel me tevreden op de route die me van het nachtleven van Rimini verwijdert. Ik draai nu naar het binnenland op een vals plat, lekker toerend op klein verzet.  Verder dan Rimini ben ik gekomen en die stad was een mijlpaal op mijn tocht die me naar Rome zal brengen.

    24-05-2009 om 21:03 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    14-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - Ravenna.
    Valle di Comacchio. Ruimte om te ademen.  Aan een bruggetje stop ik.  Als een wegwippende watervogel verdwijn ik tussen het riet. Een dringende behoefte van natuurlijke aard verplicht mij tot een gebogen houding.  De kikkers in de sloot gluren naar me. De zon schijnt op mijn huid, op mijn billen. De moerasgeur van de waterkant, de libellen die voorbijvliegen,  de stilte, wat is dit toch een toppunt van Pallieterse extase. Dit is één zijn met de natuur. Zo'n reuzedrol uitdraaien in open lucht geeft me terug dat gevoel van grote vakantie uit mijn jeugd, toen ik als tienjarige langs de beken, in de bossen en in de velden op ontdekkingstocht ging. Hier zijn geuren, maar er ligt geen zwerfvuil, geen stof, geen smog, en geen industriele giftigheid stoort mijn reukorgaan. Ik plons mijn achterste even in het water van het kanaal, droog het af met wat WC-papier dat ik met het natte laat meedrijven, en ik trek een propere koersbroek aan met een goed zacht zeemleer.
     
    Zo verloopt het fietsen beter, sneller en gemakkelijker in de richting van San Alberto. Ik moet over kiezelwegen rijden die nog dateren uit de tijd van Ganna. Naast een paradijs voor de vissers is dit ook een belangrijk reservaat waar de natuurliefhebbers met hun verrekijkers vogels komen observeren. Plots staan we voor een veerpont. Ik moet 1000 lires betalen. Een veerman in een cabine zorgt dat ik over het diepe water kan op een vlot. Ik denk dat het zaterdag is, maar weldra ontdek ik dat het al zondag is en dat ik vergeten ben naar huis te telefoneren om te laten horen waar ik ben. Mijn schoonouders zijn thuis op visite en er wordt daar goed getafeld. Mijn jongste dochter klaagt dat zij haar vader mist. Ik ben toch al zolang weg. " Dat duurt nogal, papa, vooraleer ge in Rome zijt ... !"

    Ik vertrek terug na dit telefoongesprek. Verdorie, wat later besef ik dat ik mijn nieuwe Telecomkaart in het apparaat heb laten steken. Die ben ik dus kwijt. De korte telefoonverbinding heeft me het ronde bedrag van 10000 lires gekost. Pech komt nooit alleen. Pftttt...  bandbreuk. Reeds vijfmaal sedert dag 1.  Ik blijf kalm en herstel  zonder spoed. Mijn plastieken grondzeil leg ik open op de grond om alles wat in mijn tassen steekt eens in het zonnetje te brengen. Een vriendelijke boer stopt en vraagt me of ik problemen heb. Indien nodig kan ik bij hem in een atelier aan mijn fiets werken. Zo'n grote panne is dit niet. Ik dank die boer en hij rijdt met zijn wagen verder. Een nieuwe binnenband,  alles terug ordelijk ingepakt, en ik mag weer fietsen. In de zinderende hitte van deze dag des Heeren kan ik met soepele pedaalstoten nog veel km's vooruit geraken tot wanneer  in de verte, omringd door acacia's, wilgen, en olmen, Ravenna op me wacht.  Er is maar één eenzame zot op de wegen en dat ben ik, want om 14u op een zondag zijn alle Italianen aan tafel  met pasta, pan e vino, of in hun slaapkamers voor siesta e amore. Op het eerste zicht is Ravenna niet zo bekoorlijk, maar opgepast, na vele uren tussen land en zee, ga ik in deze stad botsen op dingen die ik niet had verwacht.

    Zowat omstreeks het jaar 100  kwam een man uit Antiochië naar deze oorden om de mensen te overtuigen van de waarden van een nieuw geloof.  Hij was de Heilige Apollinaris die dicht volgde op de apostelen en nog een tijdsgenoot was van de basisleggers van het christendom. Als wielrijder met dorst dronk ik uiteraard veel Spa,  Coca Cola, Tönisteiner Sprüdel,  Aqua San Pellegrino  en ook Apollinaris, het water dat zelfs bakstenen in je maag verteert. Maar de Mechelse Catechismus van de pastoor van mijn dorp in Haspengouw had me nooit verteld over San Apollinare, de belangrijke heilige die in het vroegchristelijke Ravenna  had geleefd. Deze Sint wordt afgebeeld als bisschop gekleed in een kazuifel bezaaid met gouden bijen, en hij draagt een kroon vol parels. San Apollinare was een sterk man met veel verstand. Hij was een schild voor het volk dat in deze omgeving leefde, mensen die uitzinnig waren geworden van angst voor het geweld dat binnensijpelde toen allerlei barbaren Rome naderden. Vandaag zou zo'n man verkozen worden tot president, maar toen werd van iemand met zijn kwaliteiten een bisschop gemaakt. In de chaos van die tijd was de bisschop de morele leider, die iedereen kalm houdt  en die geen wapengeweld gebruikt. Hij die dat kon was een heilige, zoniet dikte hij spoedig de rangen van de martelaren aan. De beste tussen de bisschoppen zou de Paus worden. In deze context begon te Ravenna het Pausdom dat twintig eeuwen later nog altijd bestaat.

    Ik stop aan de kerk in de Via Roma. - ook Eddy Merckx  stopte in de Via Roma, als winnaar zeven maal, telkens na een rit die in Milaan was begonnen. Eddy is nooit verder gereden tot Marseille.- Gekleed in mijn bezweet rennerstruitje betaal ik de nodige lires aan de ingangspoort  van de Basilica di San Apollinare Nuovo om binnen te mogen. Een minuut later sta ik op mijn twee benen in het midden van die kerk. Ik voel dorst en ik heb een zware maag van de fagioli die ik heb gegeten. Een flesje apollinaris zou nu welkom zijn,  maar zelfs het water in de wijwaterpotten is in die erg oude kerk opgedroogd. Maar ik word kalm, koel af, en ik voel me goed en gelukkig.

    Op de muren zie ik de oorspronkelijke mozaïeken, drie rijen boven elkaar, uit het jaar 500. Onbekende meesters, die een onbesmeurd geloof hadden, verdienen heden nog de grootste bewondering.  Zelfs de menselijke domheid  en natuurrampen hebben nooit verwoest wat die grote kunstenaars te Ravenna hadden gemaakt. Breugel, Picasso, Van Gogh, Hergé, Morris, ja ... maar die heren van toen ontwierpen en realiseerden in hun tijd zeer unieke doeken en stripverhalen, puzzels van veelkleurige steentjes en glasscherven. Met het hardste materiaal slaagden zij er in zelfs de zachtheid van schapenwol, de frisheid van linnen, de ruwheid van een hertenvacht, het transparante van de hemel, op een muur te zetten waar het vijftien eeuwen later nog staat alsof het werkelijkheid is. Deze taferelen uit het Evangelie gelijken op kinderlijke tekeningen. Daaraan moet worden toegevoegd dat zuiver zijn als een kind, toch het beste is wat er kan zijn.  In zo'n mozaïek komt het daglicht uit de hemel samen met het licht van de menselijke geest en met het licht van de energie die in de steentjes zelf zit .In sommige mozaïeken komen veertig verschillende kleuren voor. Ik sta voor kunstwerken die geen gelijken hebben, noch in de antieke tijden, noch in de moderne tijden, en die in andere delen van de wereld niet bestaan en niet hebben bestaan. Een merkwaardigheid  is ook dat de meesters van Ravenna op hun kleurtekeningen van steen ook hebben willen laten zien dat het eeuwige leven er zal zijn niet alleen voor de mens maar ook voor alle andere goede diersoorten. Dat is toch wel iets om nog even over te mediteren.

    Wat groggy geslagen wandel ik terug naar buiten. Ik volg een groep toeristen met gids in  San Vitale , een andere kerk opgetrokken in de typische bakstenen van Ravenna. De gids gaat  te ver in zijn uitleg , alle details wil ik niet weten, mijn kop is te klein. Als een roeier in zijn bootje drijf ik tussen het volk verder. Mijn ogen observeren de schoonheid van gewelven, muren en vloeren.
      

    Eens was Ravenna de hoofdstad van de wereld die de onze is. Dat gebeurde tussen de jaren 404 en 751 van onze jaartelling. Samen met Rome, Venetië, Florence, is Ravenna één van de vier grootste oude kunststeden van Italië. Ravenna is een heilige plaats,  waar je iets speciaals voelt, waar iets is dat je aanspreekt, maar dat je niet begrijpt. Te Ravenna vonden in verre duistere tijden mengelingen plaats van meerdere grote culturen en hebben vroeger mensen gewoond met talent, creativiteit en met een vreemde scheppingsroes. De Romeinse strengheid, het Byzantijnse raffinement, de barbaarse frisheid, hebben mekaar niet uitgemoord op dit punt van de planeet Aarde maar zijn hier samen gebleven. Tegelijk met een religie bloeide te Ravenna een prachtige stad open.

    Ravenna werd niet gebouwd op een opvallende plaats, begenadigd door de natuur en door de Goden, boven op heuvels of op een belangrijke oever. Ergens in de vlakte duikt het plots sober en discreet op, zich nog wat verstoppend waar de grond werd weggehaald om stenen te bakken. Deze stad lijkt slechts een opstapeling van bakstenen en oude pannen te zijn. Haar schuren, stallen, boerderijen, onopvallende woningen met triestige muren, verklaren waarom de stroom van wilde volkstammen, huurlingenlegers, roverbendes, en andere veroveraars, die zovele oude steden vernielde  - zelfs het eens zo machtige Rome - nooit met hebzucht hier kwam plunderen en vernielen. Gelukkig zijn wij die in de XXIste eeuw te Ravenna nog schoonheid uit de Vde eeuw kunnen zien.

    Terwijl ik enkele minuten moet wachten achter een fluwelen koord om op mijn beurt binnen te mogen in een laag gebouw dat even goed een ruimte zou kunnen wezen voor het opbergen van werktuigen of van tuinmeubelen en tuinkabouters, besef ik  als pelgrim- zonder-naam nog niet dat ik plots zal kennis maken met een vrouw die evenwaardig was aan de allerberoemste vrouwen die ooit bestonden en van wie ik    - Hoe weinig steekt er eigenlijk onder dat rennerspetje van mij ? - nog nooit de naam had gehoord.

    Mijn simpele woorden volstaan niet om meer daar over te schrijven, daarom gebruik ik de woorden die de grote Dante gebruikte betreffende  het   MAUSOLEUM  VAN  GALLA PLACIDIA .

    Galla Placidia, de machtige keizerin, was een edele vrouw die in een duistere periode door haar geloof en door haar schoonheid het licht in haar handen voor ons allen heeft trachten te bewaren.

    De niets vermoedende reiziger die ik ben schuift in de nooit ophoudende rij het mausoleum binnen van Galla Placidia waar hij het sterk beeld ontmoet van de vrome rust na de dood. Schaars verlicht door de albasten ramen, geheimzinnig en stemmig, in een verstillend en verkoelend blauw dat domineert, zijn er een rijkdom aan saffieren verstopt en schitteren er onder het dak, zoals in het heelal, in geometrische orde, achthonderd gouden sterren.  De zeer oude mozaïeken, de laatantieke sarcofagen, en zeker het meesterwerk van de mozaïekkunst  ' de waterdrinkende duiven ' maken een grote indruk op mij.

    Ik zwerf verder door Ravenna, per fiets en te voet, op zoek naar mijn vriend Dante Alighieri. Niet lang voor zijn dood, op 14 september 1321, schreef hij het volgende:  
    " Om de wereld te bekeren en hem uit de duisternis te halen, waarin hij zo diep is verzonken, zal ook de hedendaagse mens moeten beginnen - of opnieuw moeten beginnen-   met lief te hbben, zoals de personnages op de mozaïeken van Ravenna , die allen kijken naar een aanbiddelijke Persoon die wij niet zien en die zelfs wanneer ze naar ons kijken die Persoon lijken te zien in elk van ons ... "

    Ik lees dit op 15 september 1996.  De woorden van Dante zijn precies 675 jaren oud.

    Ja,  Dante Alighieri, is en blijft een onsterfelijke dichter.

    Ik slenter door de Zona Dantesca in Ravenna.  Ik benader, ik betast, de Tomba di Dante, de urn met het gebeente van de dichter, en op een binnenplein flaneer ik rond in een tentoonstelling over het werk van de vader van de Italiaanse taal. Ik schaam mij omdat ik bijna niets van deze taal machtig ben. Maar ik ben vandaag toch geworden  een fan van  Dan   te  Ravenna.
        
     


     






    In het grote lege Ostello Dante te Ravenna is op deze zondagavond toch zoveel plaats. Daarom meen ik dat het weinig belangrijk is waar ik ergens mijn bedje kies. De herbergmoeder had mij aan de balie wel een nummer gegeven, maar ik weet niet meer of zij nu eigenlijk 403 of 304 had gezegd. In de andere hoek van de kamer waar ik ben binnengestapt,  werd reeds een enorme rugzak neergelegd en ik vermoed dat alleen een sterke kerel met zo een gewicht op reis zou kunnen gaan. Ik ga me wassen . Na de lange dag die voor mij voorbij is, kruip ik onder de dekens en weldra ben ik al aan het slapen . Rond 23 u stap ik weer efkens uit mijn bed om te gaan plassen op de WC  wat verder op de gang . Ik ben nog half in slaap en reageer niet wanneer een jongen en twee meisjes in het Engels me iets zeggen over mjin aanwezigheid in pijama daar op de gang. Zij zeggen iets over ' Damesafdeling ' en over zondigen tegen de regels van het huis.  Maar ik ben eigenlijk aan het slaapwandelen en duik , zonder aandacht te geven aan wat zij zeggen, terug in mijn bed.  Enkele uren eerder had ik al een douche genomen achter een klapdeurtje in een van de waszalen,  en daar kwamen ook drie meisjes die nergens anders warm water hadden gevonden dan in het lokaal waar ik al was. Verder biedt het gigantische gebouw  plaats voor wellicht duizend gasten terwijl er maximum twintig personen voor de komende nacht hadden geboekt.  De reusachtige rugzak  staat nog altijd eenzaam aan het venster, en diagonaal aan de andere kant van de kamer in de donkerte  in een krans van fietstassen , kledij  en een drogende grote handdoek , lig ik te snurken terwijl mijn vermoeid mannenlijf als een mummie helemaal in de lakens is gewikkeld.  Zelfs mijn kop en mijn baard zijn verstopt omdat er toch ondertussen wat muggen in de kamer zijn komen rondvliegen, vrouwelijke bloedzuigende muggen van Ravenna.

    Na middernacht, voorbij het sluitingsuur van de jeugdherberg, komt er uiteindelijk toch iemand anders binnen, een mens van vlees en bloed die totaal onbekend voor mij is. Het licht wordt wegens het late uur niet aangedraaid. Maar de schim die is komen binnensluipen heeft me toch wakker gemaakt. Het is zo dat iemand als ik die bijna een maand op vreemde bodem of in de vrije natuur slaapt, getraind is als een waakhond en gewapend is met een soort alarmsysteem dat direct wakker maakt wanneer iets of iemand naderbij komt. Ik besef, ondanks dat slechts één van mijn ogen open is, dat het geen dief is maar wel mijn onbekende bijslaap uit de andere hoek van de kamer. Omdat ik ondertussen wakker ben snurk ik uiteraard niet meer. Stilte in de kamer. Er gebeurt niets in de volgende momenten.Ik zink terug weg ik mijn slaap. Alles is in orde. In de kamer van de jeugdherberg zijn acht kleine bedden, en ik bezet er maar vier met mezelf en met mijn have en goed. Plots  volgt een hevige reactie van de nieuwe bewoner van de slaapkamer. Ik zie de rugzak met twee benen gehuld in een lange jeansbroek de kamer uitstormen. Lang zwart haar, kleine gestalte, precies een Japanse. Nu stel ik duidelijk vast dat het niet een ' hij'  is maar een  'zij' , en  zij is in paniek uit onze kamer gevlucht. De kamer is nu  100 % van mij en van de muggen. Ik slaap gewoon heerlijk verder, want ik ben een pelgrim met een gerust geweten, een eerlijk en kuis man, en iedere lastige pedaalstoot was al penitentie voor alle schuldige daden uit mijn verleden én uit mijn toekomst.

    De eerste auto's die door Ravenna rijden wekken mij. Het is nog vroeg, maar ik ben fit en uitgeslapen. Aan het voorval van vorige avond laat denk ik al niet meer. Ik wil vroeg terug op pad en berg alles weer goed samen in mijn fietstassen. Een nieuwe week begint en ik voel me vol energie, sterk om alles te trotseren wat gaat komen.
    Ik sta daar in mijn koersbroek met bretellen en met bloot fris gewassen bovenlijf.
    Plots... " Tok, tok,tok, ... ? " op de deur van de kamer. Het is de jeugdherbergmoeder. Zij is nog altijd even jong en schoon als zondag in de vooravond. Volgens mij  is zij een dubbelgangster van de zangeres Vicky Leandros. Maar nu staat zij daar vroeg in de ochtend zo recht als een kaars en wit van 'koleire' voor mij. Zij begint met een Engels-Italiaanse woordenvloed met hoge decibels  ' This is the woman section ... dont you know  ...!    .... ?  . " Mijn meervoudig  ' sorry... sorry ... ' brengt haar amper tot bedaren. Wanneer ik haar zeg dat ik reeds binnen enkele minuten de kamer zal verlaten,  dat ik mijn vergissing nu pas inzie na haar uitleg en dat ik me al gewassen heb en terug heb ingepakt, zakt haar bloeddruk en voelt zij dat ik onderdanig haar reglementen wil respecteren. 

    Enkele minuten later vind ik Vicky terug op haar kantoortje waar ik me nogmaals verontschuldig en haar ook mijn onschuldige glimlach goed laat zien. ' Ik zal het goedmaken met dat meisje. Doe me teken als zij in de eetzaal verschijnt , want ik weet niet wie zij is. Ik heb haar niet eens gezien en nog veel minder heb ik haar aangeraakt.  Ik ben een reus van een vent met een baard, maar met de dames ben ik zo zacht als een pluchen beer.'

    In de eetzaal ga ik bij de groep zitten die al aan het ontbijten is. Het zijn één jongen en drie meisjes uit Engeland die al weet hebben dat ik op de damesafdeling had geslapen. We eten, drinken koffie, thee, chocolademelk en we praten en we lachen. Een grote gedachte kan ik reeds tijdens deze breakfast brengen. " It is better to sleep in a bed with a good man, than to sleep all night alone with bad dreams ...". Alzo een  nieuwe Engelse wijsheid van mij, misschien geïnspireerd door de grote Dante.

    Wat later verschijnt ook   'zij'  in die eetzaal, net wanneer mijn Engels gezelschap vertrekt. Zo kom ik dan alléén met haar te zitten, ook al ging zij eerst aan een andere nog ongebruikte en ongedekte tafel zitten, waar noch brood noch beleg was. Ik stel mezelf voor en vraag in welke taal wij wat kunnen spreken. Zij spreekt ook Frans en dat laat mij toe mijn  ' excuses' aan te bieden. Vierentwintig jaar oud is zij en zij komt uit Rome, waar ik naar toe wil. Als rugzaktoeriste met het openbaar vervoer wil zij na Ravenna ook Venetië bezoeken. Gedurende heel de zomer had zij moeten werken , zonder één enkel uur rust, want zij werkt als monitrice in een tuinbouwschool, waar zij zorg draagt voor mentale en motorisch gehandicapten. Zij is niet onknap met haar lang zwart krulhaar. De rugzak leende zij van iemand. Alles steekt daar in, zelfs eeen tentje en kookgerief, maar hij is inderdaad veel te zwaar voor haar. Gelukkig kan zij hem ook rollen. Zij is geboeid door mijn fietstocht en hoopt dat ik Rome zal bereiken. Na een uurtje nemen wij afscheid. Ik wens haar ' le Grand Amour ' te ontmoeten in Venetië.

    Zo in de nabijheid van jonge en knappe loslopende vrouwen, komt de gedachte wel op dat grootvader en vijftigplusser zijn toch ook zijn nadelen heeft, maar met één zuchtje gaat dat wel voorbij . Vrij zijn en helder denken is nog beter dan verstoord te worden door heupwiegende individuen van het andere geslacht. Voor ik vertrek ga ik toch nog eens bij Vicky Leandros. Wuivend handje.  Mille scusi. Grazie. Arrivederci.  Ik zeg haar dat als zij kwaad was ik haar nog mooier vond . Zij glimlacht en ik krijg mijn lidkaart van de jeugdherbergen terug.

    Adieu Ravenna. Op weg naar Rimini. De zeelucht prikkelt weer mijn neusgaten. Ik drink nog ergens een liter frisse melk.  Ik doe nog ergens een kakje in de vrije natuur, want met al dat vrouwvolk in die jeugdherberg was ik het doen van mijn grote behoefte vergeten. Op de gele Michelinweg langs de kust en op de S16 vorder ik in het zonnetje. Af en toe verlaat ik de hoofdweg en zwenk ik richting zee om door badplaatsen te rijden. Zo zwerf ik door Pinarella, Cesenatico, Gatteo a Mare, Bellaria, Igea Marina. Op een parking in de zon staan drie zwarte prostituees te lonken naar de mannen in de auto's en in de vrachtwagens. Een grijze man op een fiets, met blote benen, vinden zij maar niets.  Even wil ik stoppen om aan die meiden mijn golden Eurocard te tonen, doch in mijn oor fluistert mijn wijze engelbewaarder dat ik dat maar niet moet doen. 
     
    Even na 13u bereik ik een restaurant voor de ' routiers' . Veel volk op de parking.  Dus niet twijfelen. Stoppen en een flink hapje eten, honger of geen honger. Spaghetti met mosseltjes. Salata mixta. Vis. Als dolce krijg ik citroenwaterijs met munt. Ik ben nu op enkele boogscheuten van Rimini, waar ik de stranden wil zien en de heuvels , langs de zee en in de pineta, waar hij had gezworven de grote dichter , wiens geest nog aanwezig zou zijn op deze plaatsen.

    "Ontgoocheling over de dingen van deze wereld,
    het aanvaarden van het mislukken van onze eigen aspiraties
    neerzitten, hier, als een voor zijn tijd gebroken man
    een mislukkeling die verkeerd uitkwam in alles wat hij beproefde
    die de ondergang zag van alles wat hij meende noodzakelijk te zijn
    voor de redding van zijn land, van de Kerk en van de wereld,
    zonder have of huis, tot de bedelstaf gebracht en mager geworden,
    van slapeloze nachten. Hier zo zitten en toch overwinnen,
    daar waar alleen de overwinning werkelijkheid wordt
    door op te schouwen, Beatrice, naar uw glimlach  ... "
                                                                                                     ( Dante )




    14-05-2009 om 00:00 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 5/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    13-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - De visgeur van Porto di Garibaldi en Commachio.
    In het gras onder de bomen blijf ik liggen tot het weer dag is. Als de zon opkomt pak ik vlug in, en langs de zee fiets ik verder. Vorige dag werden 120 km afgelegd. Vandaag moet het dus niet zoveel zijn. In de frisheid van de ochtend is de Adriatische Zee prachtig. Op de promenade van Lido di Scacchi, een oord waar de toeristen graag komen, stop ik om me te wassen.  Een halve liter mineraalwater is voldoende voor mijn kop, mijn bovenlijf en mijn intieme delen. Ik haal nu ook uit de diepte van een van mijn reistassen een flesje gevuld met een mengsel van Eau de Cologne en pure ontsmettingsalcohol. Daarmee wrijf ik mijn borstkas eens goed in, zodat ik heerlijk ruik. Vroege wandelaars met honden kijken nieuwsgierig naar de verkleedpartij van de vreemdeling die ik op hun zeedijk ben. Ik sta daar bijna in adamskostuum, op een ogenblik wanneer de zonnestralen nog te zwak zijn om te bruinen  en wanneer zwemmen nog is verboden vermits de baywatchers nog niet op hun post zitten. Daarom is mijn doen in hun ogen wat abnormaal.Ik spring terug op mijn fiets en rijd nu met mijn brede banden in het schuim van de branding, over de aangespoelde mosseltjes, het zeewier en de zeesterren. Strandjutter zijn moet toch nogal een heerlijk gezond vak wezen,  zo in de sterke lucht nabij de golven ! 

    Maar na 3km kan ik niet zo verder vorderen omdat mannen met kleine bulldozers de stranden schoonmaken, alles oprapend wat tijdens de nacht is aangespoeld . Ook krabben zij het zand terug los want het strand  moet mooi zijn voor de bezoekers die tegen de middag weer zullen verschijnen. Mijn  Schwalbe 35  zijn  hard opgepompt  en zakken nu weg in een spoor dat te diep wordt, zodat ik weldra te voet verder moet in het mulle zand. Wat verder kan ik die Lido verlaten en terug op macadam rijden. Maar zandkorrels plakken op mijn velgen en op mijn ketting. Dat kraakt en is slecht voor Olive's onderdelen  Ik kantel daarom mijn fiets, schud en klop, en met een versleten onderbroek wrijf ik alle restjes zand zorgvuldig weg, waarna ik een vuilbak zoek om mijn vuile vod achter te laten. Het is toch schadelijk zo fietsen op de rand van zee en land.  Vocht en vuil,  zout en zand, komt overal tussen te zitten op de fiets en op de man, en dat allemaal goed verwijderen alsook de fietsketting terug smeren, vraagt veel tijd .

    Nu kom ik voorbij te Porto di Garibaldi. Scheepjes. Netten.  Geuren van de zee, van rotte en van verse vis. Winkels met allerlei materiaal voor de beroepsvissers.  Plezierboten.  Karren waarop bakken met ijs en vis, met verschillende soorten schelpdieren. Om dit alles te bekijken slenter ik daar wat rond. Ondertussen  ben ik beginnen te zweten. Ik voel nu op vele plaatsen van mijn lijf onaangename prikkels. De muggensteken van gisteravond en het zweet van vandaag teisteren mijn lichaam op vele punten. Ik haal terug mijn eaudecologneflesje uit mijn reserve en ontsmet waar dat nodig is.  Vier weken reed ik verder met dat superflesje voor eerste hulp bij ongeval en deze voormiddag heb ik het in één uur opgebruikt. Maar het was nuttig want ik voel nu minder van die ellendige steken.

    Mijn fiets staat tegen een muurtje op een parking. Een verlaten auto staan op enkele passen afstand. Binnen in deze auto op het dashbord  zie ik een enorme rat rondsnuffelen. Dat beest is helemaal niet bang van mij. Het loopt niet weg zelfs als ik mijn neus tegen de voorruit van de wagen druk. De algemene staat van deze vierwieler met verkeersplaat laat me vermoeden dat de rat gewoon het tamme troeteldier is van de man met de grote pet die wat verder aan het vissen is met enkele lijnen.  Och, het is een tamme rat , die tot de bonte dierenwereld behoort . Ratten zijn talrijk in deze gewesten. Ook gisteren zag ik er al verschillende. Ook dikke groene rupsen kruipen vaak over het wegdek , en dan zijn er natuurlijk nog zovele andere kleine wezens zoals mieren, hagedissen, slakjes, kevers , enz. . Het gebeurt dat ik ze met mijn wielen plat rijd,  maar eigenlijk wil ik dat niet.
     
    Commachio. Ik heb de indruk dat ik te veel naar rechts ben blijven vorderen.  Mijn wegkaart toont me dat. Maar het landschap van Emilia-Romagna is nu zo melancholisch mooi dat ik niet kan denken dat ik ben afgeweken van de route die ik zou moeten volgen. Polderlandschap. Zoutmeren. Landruggen. Immense lagune. Ik voel me gelukkig terwijl ik door dit alles langzaam aan het glijden ben zonder mijn spaken te pijnigen. Omdat ik altijd  proviand in mijn tassen wil hebben stop ik aan een winkel. Ik koop er A-melk, een pot fagioli, twee verstrengelde broden, een salami. Honger lijden zal ik vandaag niet. Aan de kassa ben ik verstrooid en ik weet niet hoe het kon gebeuren, maar ik scharrel toch wel de melkfles mee van de vrouw die achter mij in de rij stond. Incident !
    Ik bied mijn verontschuldiging aan. De kassierster had gelukkig gezien dat ik nog veel lires in mijn portefeuille had zodat zij toch vermoedde dat ik geen fles melk van die vrouw moest pikken. Om de zaak nog beter af te ronden ga ik nog andere twee flessen melk halen, geef die aan de vrouw en maak aanstalten om ze te betalen, maar dat wordt niet aanvaard  en we scheiden van mekaar met de glimlach. Op onze hielen sluit de winkelierster haar deur. Het is zondagmiddag.

    Nog 23 km volg ik een prachtige route. Veel water en veel rust. Heerlijk. Soms zit ergens een enkeling rustig op paling te vissen, want voor paling is dit  'the place to be' .  Maar dan staan er plots overal wagens geparkeerd.  Ik kom midden in een hengelwedstrijd terecht.  Zeer officieel.  Met veel vrouwelijke arbiters die met een fluitje tussen de tanden rondlopen om de spelregels toe te passen.  Een manche duurt een half uur. Daarna moeten de haakjes met aas uit het water, wordt er gepauseerd, gewogen en geteld, en worden er goede punten gegeven. Ondertussen praten, drinken, eten , de vissers tot wanneer een fluitsignaal hen toelaat weer hun lijnen uit te werpen.  Langs het brede kanaal, op een genummerd stoeltje, zitten al die mannen met twee vislijnen op 40 m van mekaar. Zij zitten zo op een rij van zeker 10 km . Dat betekent dat meer dan tweehonderd vissers aan deze wedstrijd deelnemen. Ik volg de dijk waarop deze visklassieker zich afspeeld, of noemt zoiets tornooi  of kampioenschap. Alles is me niet duidelijk. Ik werd in deze sport nog niet ingewijd. Waar de dijk veel breder is, en waar vele tientallen wagens en andere voertuigen zijn geparkeerd, zie ik nog veel meer mensen. Zij vissen niet. Ik denk dat zij familieleden, supporters, kinderen, echtgenotes zijn  van de competitievissers.  Zij zitten in zon, luisteren naar de radio, zeveren en babbellen. Op verschillende plaatsen is er drank te koop. Ik zie ook een keuken waar vrouwen vis bakken,  en paling klaarmaken. Vooral  la Zuppa di Pesce wordt aanbevolen op grote uithangborden . Er zijn stoelen en tafels, parasols, borden, flessen, glazen.  Velen zijn er met hun vingers gulzig aan het eten  en wat verder wachten de reigers tot wanneer de menigte vertrekt want ook zij zouden een visje willen opeten.





    13-05-2009 om 04:27 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 4/5 - (1 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    08-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Rome 1996 - Fietsen tot later dan middernacht.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen Mezzogiorno. Goed gegeten. 36.000 lires. In een restaurant voor de mannen van het zwaar vervoer. Taglatella in overvloed met tomatensaus en een entrecote. Geen middagrust, maar wel met lichte pedaalstoot verder op klein verzet.  Soepele benen kweken voor de hellingen die nog zullen komen.
    Chioggia.  Sottomarina. Ik ben nu echt aan de Adriatische Kust.  De ijsjes smaken er nog lekkerder dan elders.  Het strand ligt proper, verdeeld in percelen, en voor alles moet flink worden betaald , ligzetels, zonneschermen, drankjes, strandpaviljoenen, hotelkamers met zicht op zee. Ik zie dames en kindjes die van de zon genieten . Ik zie mannen die glazen heffen  en sigaretten smoren en ik zie ook een poedel die aan het plassen is tegen een terras. Nadat ik deze lieflijke badplaatsen heb gezien, rijd ik weer met wat snelheid op de grote weg.  Stilaan zie ik daar meer en meer carabinieri verschijnen.  Opeens staan zij gewapend met mitrailettes, spuitkanonnen, en versperringen dwars over de weg.  Ik moet geen uitleg geven en mag mijn weg vervolgen.  Helicopters doorkruisen nu het luchtruim.   Wat is er gaande ?   Hier moet iets ernstig bezig zijn.  Revolutione ?  Krachtmeting met de maffia ? Ik buk mijn kop wat lager en verhoog bewust het tempo van mijn pedaalstoten.

    Nu zie ik ook affiches en spandoeken.  Ik had al gelezen over de Legia Norte, maar bezigheden van deze politieke strekking die Noord Italië wil afscheiden van Zuid Italië, zijn mij totaal vreemd.  Zij wil een nieuwe natie die Padania zal worden genoemd,  een utopisch thuisland met alleen de hard werkende mensen uit het Noorden en zonder de verschillende soorten profiteurs die de andere delen van het schiereiland bevolken.  Honderden wagens met manifestanten zijn op weg naar het strategisch punt waar de Po, stroom die de levensader van het Noorden is,
    uitmondt  in de zee.  Alle verkeer ligt  twee dagen vast  omdat de politie de manifestatie niet heeft toegelaten.  Dit smaakt naar rebellie maar ook naar fascisme. Scheiding van Noord en Zuid .  Liep dat niet al meermaals 
    slecht af ?.  

    Ik voel me niet goed.  Na studie van mijn wegkaart weet ik precies waar ik ben.  Nergens zie ik de Adriatische Zee, maar overal voel ik dat zij niet ver af is door de geur van de lauwe wind.  Laat in de namiddag ben ik blij omdat ik kleinere wegen kan volgen nabij Bosco Mesola.  Fietsen is daar veel aangenamer, want ik doorklief een groen landschap, dat rijk is aan bossen, moerassen, rietvelden, waterplassen.  Zo'n gebied is een paradijs voor jagers en vissers.  Caccia  e Pescha.  Over de vlakke kuststreek valt de avond veel vroeger.  In het midden van september vermindert het licht reeds opmerkelijk vanaf  20 uur. Ik kan nu echt doorvlammen, midden fauna en flora, op de oevers van kanalen en van vijvers. Miljarden beestjes van alle soorten, met of zonder vleugels of staart, zwemmen, kruipen, vliegen,  verstoren de kalmte van de avond. Vervelende muggen achtervolgen mij. Insecten die door mij niet gekend  zijn, zoemen en brommen. Zij zijn steeklustig of willen komen likken aan het zweet op mijn armen en benen,  in mijn nekhaar en in mijn baard.  Dit is ook uur van de avond waarop de weerwolf zich klaar maakt om een te laat op weg zijnde maagd te pakken, of om te springen op een reiziger, op een pelgrim die verloren is gereden.

    Dan bega ik de fout van tijdens het verdwijnen van de zon niet af te slaan naar een dorp en de wegwijzer met  "Rifugio, specialità frutta di mare" niet te volgen. Daar, in Volano, had ik wellicht aangenaam nog de avond en de nacht kunnen doorbrengen. Maar ik lust geen schelpdieren en ik vind de avond nog te mooi om hem niet met Olive te delen. Ik stop niet, maar dan kom ik in te verlaten gebieden waar ik het akelig vind in de duisternis.Ik fiets nog altijd met een lamp op mijn voorhoofd, met een goed achterlicht en met fluorescerende strips op mijn fietstassen, maar het kapotte lampje van mijn voorlicht is helaas nog niet vervangen.

    Op weg dan maar naar Lido dei Nazione. Enkele wagens storen mijn vooruitgang, omdat ik toch liever stop en hen laat voorbijkomen terwijl ik even opzij van de weg ga staan. Heerlijke avond. De weerkaatsing van de maan op de spiegels van de wateroppervlakten, grote vogels die maar nipt boven mijn kop voorbij vliegen, nog laat gekwetter  van eenden, vormen een geheel met de natuur en met mij, op het einde van deze zevenéntwintigste dag onderweg. Door een geheimzinnige omgeving van maneschijn en diepe schaduwenbeweeg ik mij terwijl uilen, vossen, otters en vleermuizen op jacht gaan.

    Op een parking staan zes motorhomes. Dat is een mogelijkheid om mijn tentje op te stellen. De zee ligt op vijftig meter achter een muur van takken die een windscherm vormt bij stormweder.  Ik verken die plaats even en dan stap ik toch maar op mijn fiets want ik ben nog niet moe. De maan schijnt zo flink waardoor mijn ogen nog kunnen zien. Aan een verlaten manege stop ik opnieuw.  Er is veel zand.  Een leeg vakantiedorp.  De paarden zijn weg en de mensen zijn weg. Alleen ik maak er een toerke.  Het is een soort ranch,  alles ruikt er naar paardenstront  en dat is toch niets voor mij. Alhoewel, ...  onder een goed dak in mijn slaapzak ... zou het toch kunnen. Maar dit is privé  en niet in de natuur. 

    Nog maar wat verder. Trouwens, ik heb nog altijd heel goede benen.  Dus kan ik nog kilometers afleggen. Plots denk ik dat in de natuur waar de beestjes leven, de wilde konijnen en eenden , er ook 's nachts stropers rondlopen. Ik wil niet met lood uit een geweer kennis maken . Misschien , per vergissing, zou mijn gesnurk  en mijn beharing, in de maneschijn  me op een everzwijn doen gelijken. Wellicht schieten illegale cacciatores nog sneller dan ...  en ja,  ik zag vandaag de vreselijke schietgeweren van de carabinieri reeds.

    Terwijl dit alles door mijn kopje loopt , kom ik op deze late zaterdagavond aan in Lido dei Nazioni, een lokaliteit met veel uitgangsmogelijkheden voor jongeren.  Ik ben er eigenlijk niet op mijn plaats, maar niemand let op mij.  In een snackbar eet ik een pizza en een bakje groene prinsessenbonen. Wat later ontdek ik dat de lokale ijskreemkroeg bijzonder populair is te Lido di Nazioni, zelfs rond middernacht in september. Natuurlijk trakteer ik mezelf op enkele koude bolletjes. Ik vervolg wat later mijn weg in een keurige wijk  met nieuwe vakantiewoningen, bungalows, appartementen.  De meeste panden zijn reeds leeg en afgesloten, want de vakantie is voorbij voor de Italianen.
    Soms zijn er trappen die naar boven leiden, naar een terras of een balkon op de eerste verdieping.  Het zou daar  veilig zijn om te slapen,  en met enige inspanning neem ik Olive wel mee naar boven. Zal ik een kraker worden ?  Ik twijfel. Ik durf niet. Dit lijkt me te ongepast.  Ik heb toch geen nood om zo iets te moeten doen. Ik verwijt mezelf dat ik geen lef heb, dat ik een bangerik ben. Om deze troebele gedachten  kwijt te spelen  spurt ik dan maar snel weg uit die mooie wijk aan de zee. Deze woningzone was een oord van verleiding , maar ik luisterde niet naar wat de Duivel me in mijn oor wilde blazen. 

    Vijf minuten later kom ik voor een camping met vier sterren. Het is nog open. Zal ik een plaatsje huren ?  Dat zal wel wat gaan kosten. Als ik het ene niet doe, doe ik het andere ook niet.  Het wordt altijd maar later en niemand loopt nog op straat wanneer ik te Lido di Pomposa arriveer, een volgende badplaats aan zee. Ik zie nog vele weekendhuisjes en strandcabines, maar nergens probeer ik binnen te dringen. Zelfs niet  in een verlaten vakantiehuis met een grote haag waarachter ik had kunnen slapen in mijn slaapzak op de planken van een grote tafel. Ik blijf maar passen omdat ik niet durf. Ik ben een schrikbroek. Maar Lido di Pomposa wil ik toch niet verlaten. Hier trek ik een lijn onder deze te lange dag.

    Op een plein,  met bomen waar het gras 40 cm hoog is opgeschoten, achter de kazerne van de pompiers stop ik en kies ik mijn plaats om te slapen. Het gebouw levert een grote vierkante schaduw terwijl rond deze square de hoge lantaren de nette huizen en de straat in volle licht laten zien heel de nacht door , zonder te letten op de kosten van electriciteit. In de schaduwzone en in het hoge gras vleien Olive en ik ons neer. Het plastieken grondzeil volledig opengespreid, de Karrimors als hoofdkussen,  onze donzen slaapzak , en zo vertrekken we uit het bewustzijn, voor slaap tot de volgende ochtend.

    08-05-2009 om 00:00 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)
    06-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Roma 1996 - Van Zitelle naar Lido di Pomposa.
    Klik op de afbeelding om de link te volgen Giacomo Casanova ontwaakte hier weleer in deze stad, meestal in de armen van een schone Venetiaanse na een nacht gevuld met zonde en ontucht. Nadien zou hij echter eenzaam in het snikhete cachot en onder het loden dak van het dogenpaleis op de ochtenden moeten wachten. Maar de geniale avonturier die hij was kon steeds ontsnappen zowel aan de omarmingen, de lusten, de muren, de kwaadsprekerijen, het wegslibben van de laguna, als aan elke andere benarde situatie waarin hij was gekomen. Casanova was een eigenaardige kerel, een geniale vrouwenversierder, die eigenlijk in een voor hem weinig passende periode van de geschiedenis te Venetië was beland . Gelukkig dat hij uit zijn cachot kon ontsnappen om verder te leven en prestaties te leveren die tot op heden werden beschreven en getoond in minstens tweehonderd boeken en twee dozijnen films.

    Marco Polo, de legendarische reiziger en koopman, zag niet dikwijls de zon opkomen over Venetië  vermits hij zovele jaren langs de Zijderoute  en rond China trok. Ook hij verstikte een tijd  van zijn leven in een cachot te Genua waar hij aan een medegevangene alles wat hij  had gezien tijdens zijn wereldreis vertelde en liet optekenen.
    Vele andere beroemde mannen en vrouwen , uit alle tijden, werden hier wakker  en voelden aan hun voeten dat het water nog niet begonnen was met het  terugnemen van een gebied dat eigenlijk tot de zee behoort. Maar wat een privilege is het voor een fietsende zwerver uit Haspengouw om hier ook zijn ogen te mogen openen na een goede nachtrust.  

    Weer een pover ontbijt. Ik monteer de bagagezakken terug op Olive Green en pomp haar Schwalbe banden op met authentieke lucht uit wonderbaar Venetië. Aan de kade van Zitelle vraag ik aan een Amerikaan of hij met mijn wegwerpcamera een panoramische foto wil maken van mij, Olive en de skyline. No problem, de yankee doet dat goed en met een smile.Hij zou graag met mij meefietsen naar Rome, want dat moet fantastisch zijn. Ik zeg hem dat ik al een heel leven heb gewacht om dit te kunnen doen, en dat hij nog jong is  en nu in deze tijd de hele wereld nog kan verkennen met verschillende middelen. Maar ik raad hem aan van het toch ook maar eens op een bicycle te proberen.

    Eerst mag ik niet op de barstensvolle vaporetto. Fietsers zijn immers onbekend, onbemind en niet thuis te Venetië. Misschien moet men hier komen met een kromme rode carnavalfiets en met een masker op  tijdens de zotte kuren van halfvasten , ofwel verkleed als een renner van het Giro peloton wanneer de roze trui hier verblijft. Dat zijn dan momenten wanneer  maestro velo wel wat betekent.
    Gelukkig was het de verkeerde tramboot.  Op de volgende vaporetto mag ik wel.  Hetzelfde meisje van donderdagavond is baas op dit schip en helpt de passagiers bij het instappen.  Aan de overkant moet ik wachten op verbinding naar Fusina. Nummer 16 moet ik nemen. Hoe heerlijk is deze wachttijd te Zattere , in de vroege zonnestralen, met rondom mij de zachte schittering van het water en van de stad.  Dit prachtige sprookje loopt op zijn einde.  Zal Venetië ook ooit eens verdwijnen , vergaan, wegzinken, zoals vele andere steden uit het verleden, zoals Alexandrië, Babylon, Troje, Atlantis, ...  ?

    Ik ben gelukkig dat ik hier was. Dit bezoek was kort, maar zeer intens. Onvergetelijk wellicht. Ik ben maar een pelgrim die voorbij komt, even stil staat, en weer verder gaat. Niet teveel van Venetië eten.  Zich niet overladen , even wat proeven.  Beter iets te missen , dan te moeten braken na overdaad.  De kunst van het pelgrimeren is onderweg het belangrijkste zien en onthouden. Vergankelijkheden en de bijzonderheden zijn maar even op te snuiven.  Venetië vergeet je nooit meer .  Terwijl in overige grote steden vreselijke dingen gebeurd zijn, zoals brandstapels oprichten om mensen of boeken te verbranden, is dit nooit het geval geweest in de Dogenstad Venetië  omdat de wijdsheid van de lagune laat ademen, vrij denken, en een vizier is op heel de wereld.

    Nog even wuifden zij naar de kades van Zitelle en Zattere, de Venetiaanse kooplui, en dan vertrokken zij vol energie om de verre zee te bevaren tot op het einde van de gekende wereld, tot in finibus terrae. Spijt om weg te gaan heb ik niet, want ik ben zeker dat het mooiste van de weg naar Rome nu pas echt gaat beginnen. Mijn Vlerick fiets mag nu stuk gaan of gestolen worden, of ik kan gewond in een hospitaal geraken, deze toertocht is nu reeds voor 60% geslaagd. Al wat er nog meer komt zal met superlatieven mogen worden beschreven.

    De boot om Venetië te verlaten  is bijna leeg. Olive en ik, alsook een Italiaanse playboy met een dure Oakley op zijn bruin gezicht, varen met de beide bemanningsleden mee. Het is zoals op een lege metro, maar dan op het water. In de verte stijgen vuile rookpluimen op boven de buizen en de petroleumhaven van Porto Marghera. Nieuwe haven, oude haven . Daar het beest en ginds die schone !

    Op de S309 Romea begin ik terug kilometers te malen. De lucht smaakt wat naar de zee. Het zijn lange rechte stukken, biljartwegen, dwars door de brede deltavlakte waar Po, Adige en andere waterlopen de zee proberen te bereiken. Dit merkwaardige landschap, vol goede lucht, wordt de Polesina geheten.  Het land door slibafzetting verovert zeer langzaam een deel van de zee. Dit is een ecologisch paradijs , een uitgestrekt reservaat, voor ontelbare soorten vogels, reigers, eenden, steltlopers.  Het is een vlak en teder land temidden van de wateren, met sloten en kanalen doorsneden, met populieren, mensen en dieren, die leerden leven met de voortdurende bedreiging van overstromingen. In geïsoleerde boerderijen met veel levensruimte wonen er nog gelukkige en gezonde families, vissers en boeren.

    06-05-2009 om 23:30 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (1)
    02-05-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.ROME 1996 - Ik ben niet Giacomo Casanova.
    VENEZIA.
    Verzadigd en moe besluit ik om weer op de overzet te stappen naar  Zitelle, terug naar Olive en mijn bed in de jeugdherberg. Daar is het even druk als de dag voordien. Alle kamers zijn bezet . Ik neem een douche, en zoals ik nu reeds gewoon ben , was ik onder dezelfde waterstralen ook nog twee T-shirts, een badhanddoek, en de sokken die vandaag mijn voetgeuren hebben opgeslorpt. Ik heb geluk, want ik kan nog net een overblijvend bonnetje bekomen voor het avondeten. Wat later koop ik een brik fruitsap, en om mijn dagelijkse bladzijden te schrijven in mijn dagboek ga ik in een kalme hoek aan een tafeltje zitten. Mijn kop werd op deze dag overbeladen, want ik mocht zoveel waarnemen en ervaren.  Naast mij komt een vrouw zitten. Zij schrijft ook wat in hààr schrijfboek.  De gemeenschappelijke bezigheid brengt ons tot elkaar. Een conversatie start en zal meer dan twee uren duren.  Deze lady komt uit Australië. Ouderdom  midden in de dertig. Zij is al acht maanden op reis om overal wat te leren over kunst met glas. Zij is een bekende kunstenares en reist met een studiebeurs van het Ministerie van Cultuur van haar land. Af en toe  werkt zij wel ergens, meestal als helpster van andere glaskunstenaars. Voor kost en inwoon, en om in het vak beter te  worden, brengt zij dan haar dagen door met het stoken van een vuur, om glas te smelten, te bewerken, om te toveren tot schoonheid.  Met haar beurs van artieste  en met een uitkering van invalide is het haar mogelijk nog levenslang op reis te blijven.

    Dit schone leven van reizende artieste was er gekomen  nadat zij op weg naar haar werk van secretaresse werd verpletterd door een auto. Zij werd zwaar gewond naar het ziekenhuis gebracht. Een zeer lange lichamelijke en geestelijke revalidatie volgde. Tijdens deze periode herschoolde zij zich via zinvolle handenarbeid . Zij werd langzaam een kunstenares in glaswerk.  De schoonheid van het glas laat haar die hele zwarte periode uit haar jong leven vergeten. Zij verklaart mij dat zij naar Venetië is gekomen omdat er een tentoonstelling loopt, verspreid over verschillende paleizen , waar befaamde kunstenaars hun glazen creaties exposeren. 

    Inderdaad, in het Dogenpaleis zag ook ik vandaag kunstgedrochten uit glas in alle kleuren. Ik  beken aan de schone van het schone glas, dat een beest als ik, tijdens mijn observatie van Venetiaans erfgoed,  tussen oud meubilair, wapens, tapijten, kaarten, schilderijen, en beelden ,  weinig interesse had voor dat glas.  De kunstenares uit het kangoeroeland legt me daarom uit wat kunst is,  en wat in 1996 glas betekent in de kunst. Zij raadt me aan om de boot te nemen naar het eiland Murano en daar zullen mijn ogen dan wel open gaan.  Daar kan ik het schoonste glas ter wereld bewonderen. 

    Nadat ik haar mijn tocht heb uitgelegd, begrijpt zij mijn drang om de volgende dag al weer verder te fietsen. Het aanbod in Venezia is grenzeloos  en  het is niet mogelijk dat de bezoekers er nog langer blijven plakken dan voorzien   -  dat willen zij trouwens allemaal - want er is al te veel volk te Venetië.  Door het gewicht van mensen, gebouwen, jaren, kunstwerken, geschiedenissen, romances, muziek, carnaval, zonden,  ... en wat ook nog,  zakt deze stad langzaam maar zeker weg in de moerasbodem waarop zij staat.

    We delen koekjes, kaasjes, knabbelen en babbelen nog over vele onderwerpen. Zij praat veel,  is niet dom  en niet gevaarlijk voor een eenzame man, want in haar ogen blinkt kunst en geen lust. Om 23u30 hebben we mekaar nog alles niet verteld, maar het lokaal wordt gesloten.  We nemen afscheid.  Ik geef haar mijn adreskaartje in België . Zij is niet van plan Brussels te bezoeken.  Maar haar leven is vol van  veranderingen. Zij leeft als een  vogel. Enige dagen eerder woonde zij nog  rustig in Minnesota en plots vloog zij dan naar Venetië voor de Tentoonstelling.
    Op haar vijfentwintigste was zij al bijna dood en nu wil zij intens leven, zonder banden of verplichtingen.
    Mijn taalgebruik in het Engels liet me niet in de steek.  Wij verstonden mekaar heel goed. Ik ga naar mijn kamer en ik heb het gevoel dat er een dag in mijn leven zal komen dat ik ook eens naar Australië zal vliegen.

    Die rare Iraniër uit Hamburg is niet meer op de kamer. Allemaal andere gezichten.  Rugzakken. Wandelschoenen; Kledij  met een reukje.  Iedereeen slaapt reeds.  Doodmoe. Acht bedden op één kamer. Naast mij ligt een Japanner met een brilletje. Slapen in Venetië. Venetië de schone die slaapt.
    Het  is te uitputtend om  veel van Venetië op korte tijd te willen zien. Ik zag te weinig schilderijen.  Zelfs de Kuise Susanna van Tintoretto heb ik niet gezien. Ik zag geen markten, geen arsenaal, weinig kerken, amper een paar paleizen, geen patriciërswoningen. Een maand, een jaar, de rest van mijn leven , zou ik hier kunnen blijven.
    Het is te uitputtend om een loslopend kangoeroe vrouwtje uit Minnesota te willen versieren, zelfs in de omgeving waar Giacomo Casanova  en anderen het voorbeeld gaven.

    Mijn tocht loopt verder. De weg is belangrijk;  Ik ben een pelgrim.
      

    02-05-2009 om 00:29 geschreven door Papoum

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    >> Reageer (0)



    EINDE
    VAN DEZE BLOG
    26 08 2012

    Foto

    Foto

    Hoe sterk is de eenzame fietser
    Die krom gebogen over z'n stuur tegen de wind
    Zichzelf een weg baant


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Zoeken in blog


    Foto

    Foto

    Foto

    Een bescheiden blik in de geschiedenis van de wielersport is vaak al voldoende om de fascinatie te proeven.
    OLYMPIA 1981 YVES MONTANT   A BICYCLETTE
    http://www.youtube.com/watch?v=lOZPWpiNUWQ&feature=related



    La bicyclette

    Quand on partait de bon matin
    Quand on partait sur les chemins
    A bicyclette
    Nous étions quelques bons copains
    Y avait Fernand y avait Firmin
    Y avait Francis et Sébastien
    Et puis Paulette

    On était tous amoureux d'elle
    On se sentait pousser des ailes
    A bicyclette
    Sur les petits chemins de terre
    On a souvent vécu l'enfer
    Pour ne pas mettre pied à terre
    Devant Paulette
    Faut dire qu'elle y mettait du cœur
    C'était la fille du facteur
    A bicyclette
    Et depuis qu'elle avait huit ans
    Elle avait fait en le suivant
    Tous les chemins environnants
    A bicyclette


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    NATHALIE.

    La place Rouge était vide
    Devant moi marchait Nathalie
    Il avait un joli nom, mon guide
    Nathalie...
    La place Rouge était blanche
    La neige faisait un tapis
    Et je suivais par ce froid dimanche
    Nathalie...
    Elle parlait en phrases sobres
    De la révolution d'octobre
    Je pensais déjà
    Qu'après le tombeau de Lénine
    On irait au café Pouchkine
    Boire un chocolat...
    La place Rouge était vide
    Je lui pris son bras, elle a souri
    Il avait des cheveux blonds, mon guide
    Nathalie... Nathalie
    Dans sa chambre à l'université
    Une bande d'étudiants
    L'attendait impatiemment
    On a ri, on a beaucoup parlé
    Ils voulaient tout savoir, Nathalie traduisait
    Moscou, les plaines d'Ukraine
    Et les Champs-Élysées
    On a tout mélangé et on a chanté
    Et puis ils ont débouché
    En riant à l'avance
    Du champagne de France
    Et on a dansé...
    La, la la...
    Et quand la chambre fut vide
    Tous les amis étaient partis
    Je suis resté seul avec mon guide
    Nathalie...
    Plus question de phrases sobres
    Ni de révolution d'octobre
    On n'en était plus là
    Fini le tombeau de Lénine
    Le chocolat de chez Pouchkine
    C'était loin déjà...
    Que ma vie me semble vide
    Mais je sais qu'un jour à Paris
    C'est moi qui lui servirai de guide
    Nathalie... Nathalie


    Foto

    Foto

    Foto

    Marianne de ma jeunesse
    Ton manoir se dressait
    Sur la pauvre richesses
    De mon rêve enchanté

    Les sapins sous le vent
    Sifflent un air étrange
    Où les voix se mélangent
    De nains et de géants

    Marianne de ma jeunesse
    Tu as ressuscité
    Des démons des princesses
    Qui dans moi sommeillaient

    Car ton nom fait partie
    Marianne de ma jeunesse
    Du dérisoire livre
    Où tout enfant voudrait vivre

    Marianne de ma jeunesse
    Nos deux ombres enfuies
    Se donnèrent promesse
    Par-delà leurs joies et leur vie

    Marianne de ma jeunesse
    J'ai serré sur mon cœur
    Presque avec maladresse
    Ton mouchoir de pluie et de pleurs

    Foto

    http://nl.youtube.com/watch?v=lgUrlO6hku8
    Les Baladins
    http://nl.youtube.com/watch?v=75lFwcGucOA&feature=related
    Marie Marie
    http://nl.youtube.com/watch?v=AaXY59mg9QE
    Nathalie   - Spaanse versie

    http://fr.youtube.com/watch?v=27eWewocQm4&feature=related
    Nathalie mon guide avait des cheveux blonds

    Foto

    MON ARBRE
    Louis Amade 1964

    Il avait poussé par hasard
    Dans notre cour sans le savoir
    Comme un aveugle dans le noir
    Mon arbre
    Il était si petit
    Que c'était mon ami
    Car j'étais tout petit
    Comme lui
    J'attendais de lui le printemps
    Avec deux ou trois fleurs d'argent
    Un peu de vert, un peu de blanc
    Mon arbre
    Et ma vie s'accrochait
    A cet arbre léger
    Qui grandissait
    Comme je grandissais


    Foto

    Chanson de
    GILBERT BECAUD

    Quand tu n'es pas là
    Tous les oiseaux du monde
    Quand tu n'es pas là
    S'arrètent de chanter
    Et se mettent à pleurer
    Larmes de pluie au ciel d'été
    Quand tu n'es pas là
    Le silence qui gronde
    Me donne si froid
    Qu'un jour ensolleillé
    Me fait presque pleurer
    Larmes d'ennui malgré l'été
    La ville fait de grâces 
    La lune des grimaces
    Qui me laissent sans joie
    Les cantiques d'églises
    Malgré tout ce qu'ils disent
    Me font perdre la foi
    Quand tu n'es pas là
    Tous les oiseaux du monde
    La nuit sur mon toit
    Viennent se rassembler
    Et pour me consoler
    Chantent tout bas
    ' Elle reviendra ' 
    Quand tu reviendras
    De l'autre bout du monde
    Quand tu reviendras
    Les oiseaux dans le ciel
    Pourront battre des ailes
    Chanter de joie
    Lorsque tu reviendras !


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Le Pianiste de Varsovie
    Gilbert Bécaud

    Je ne sais pas pourquoi
    Cette mélodie me fait penser à Chopin
    Je l`aime bien, Chopin
    Je jouais bien Chopin
    Chez moi à Varsovie
    Où j`ai grandi à l`ombre
    A l`ombre de la gloire de Chopin
    Je ne sais pas pourquoi
    Cette mélodie me fait penser à Varsovie
    Une place peuplée de pigeons
    Une vieille demeure avec pignon
    Un escalier en colimaçon
    Et tout en haut mon professeur
    Plus de sentiment
    Plus de mouvement
    Plus d`envolée
    Bien bien plus léger
    Joue mon garçon avec ton coeur
    Me disait-il pendant des heures
    Premier concert devant le noir
    Je suis seul avec mon piano
    Et ça finit par des bravos
    Des bravos, j`en cueille par millions
    A tous les coins de l`horizon
    Des pas qui claquent
    Des murs qui craquent
    Des pas qui foulent
    Des murs qui croulent
    Pourquoi?
    Des yeux qui pleurent
    Des mains qui meurent
    Des pas qui chassent
    Des pas qui glacent
    Pourquoi
    Le ciel est-il si loin de nous?
    Je ne sais pas pourquoi
    Mais tout cela me fait penser à Varsovie
    Une place peuplée de pigeons
    Une vieille demeure avec pignon
    Un escalier en colimaçon
    Et tout en haut mon professeur
    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    What does not destroy us makes us stronger.
    Foto

    Foto

    Rondvraag / Poll
    Wie wordt wereldkampioen 2012 bij de profs ?
    Philippe Gilbert
    Greg Van Avermaet
    Ryder Hesjedal
    Johan Vansummeren
    Giovanni Visconti
    Alejandro Valverde
    Samuel Sanchez
    Joaquin Rodriguez
    Maxime Monfort
    Roman Kreuziger
    Vincenzo Nibali
    Peter Sagan
    Damiano Cunego
    Diego Ulissi
    Bradley Wiggins
    Rigoberto Uran
    Edvald Boasson Hagen
    Chris Froome
    Thomas Voeckler
    een andere renner ....
    Bekijk resultaat


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    À la claire fontaine

    M'en allant promener,
    J'ai trouvé l'eau si belle,
    Que je m'y suis baignée.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Sous les feuilles d'un chêne
    Je me suis fait sécher,
    Sur la plus haute branche,
    Un rossignol chantait.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Chante, rossignol, chante,
    Toi qui as le coeur gai,
    Tu as le coeur a rire,
    Moi, je l'ai à pleurer.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    J'ai perdu mon ami
    Sans l'avoir mérité,
    Pour un bouquet de roses,
    Que je lui refusai.

    Il y a longtemps que je t'aime
    Jamais je ne t'oublierai.

    Je voudrais que la rose
    Fût encore au rosier,
    Et que mon doux ami
    Fût encore à m'aimer


    Foto

    Archief per jaar
  • 2012
  • 2011
  • 2010
  • 2009
  • 2008

    Foto

    Foto

    Engelbert Humperdinck
    Les Bicyclettes De Belsize

    Turning and turning, the world goes on
    We can't change it, my friend
    Let us go riding now through the days
    Together to the end
    Till the end

    Les bicyclettes de Belsize
    Carry us side by side
    And hand in hand, we will ride
    Over Belsize
    Turn your magical eyes
    Round and around
    Looking at all we found
    Carry us through the skies
    Les bicyclettes de Belsize

    Spinning and spinning, the dreams I know
    Rolling on through my head
    Let us enjoy them before they go
    Come the dawn, they all are dead
    Yes, they're dead

    Les bicyclettes de Belsize
    Carry us side by side
    And hand in hand, we will ride
    Over Belsize
    Turn your magical eyes
    Round and around
    Looking at all we found
    Carry us through the skies
    Les bicyclettes de Belsize


    Foto

    Foto

    Julia Tulkens .

    Hebben wij elkaar
    gevonden in dit land
    van klei en mist
    waar tussen hemel
    en aarde ons leven
    wordt uitgewist  ?

    Ben ik nog schaduw,
    ben ik al licht,
    of is d'oneindigheid
    mijn aangezicht ?

    Treed ik in wolken of
    in hemelgrond ?
    Er ruist een hooglied aan
    mijn lichte mond.
    In uw omarming hoe
    ik rijzend ril ...
    Mijn haren wuiven en
    de tijd valt stil .
     
                                Julia Tulkens.

    Foto

    Foto

    SONNET POUR HELENE

    Quand vous serez bien vieille, au soir, à la chandelle,
    Assise auprès du feu, dévidant et filant,
    Direz, chantant mes vers, en vous émerveillant :
    Papoum me célébrait du temps que j’étais belle.

    Lors, vous n’aurez servante oyant telle nouvelle,
    Déjà sous le labeur à demi sommeillant,
    Qui au bruit de mon nom ne s’aille réveillant,
    Bénissant votre nom de louange immortelle.

    Je serai sous la terre et fantôme sans os :
    Par les ombres myrteux je prendrai mon repos :
    Vous serez au foyer une vieille accroupie,

    Regrettant mon amour et votre fier dédain.
    Vivez, si m’en croyez, n’attendez à demain :
    Cueillez dès aujourd’hui les roses de la vie.

    Regretting my love, and regretting your disdain.
    Heed me, and live for now: this time won’t come again.
    Come, pluck now — today — life’s so quickly-fading rose.


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Laatste commentaren
  • pilne oferta kredytów (Rev Mark Donand)
        op Het liedje uit het land van Pele.
  • Na een drukkende en zwoele nacht kom ik u een fijne nieuwe week wensen (Jeske )
        op De Flandriens uit Limburg.
  • Wens je een fijne zaterdag (Nikki)
        op De Wielersport in Denemarken.
  • Lieve midweekgroetjes . (bompa harry)
        op Charles Aznavour.
  • SPORTIEF HOOR MIJN TANDARTS RACED OOK (Ton)
        op Een eeuw geleden werd de Primavera 1911 gereden.
  • Maar dat is leuk (Ton)
        op Fietstocht naar Itzehoe - ( Week 1 ) .
  • Norbert Vande Walle (JP VANSTEENKISTE)
        op Une page d'histoire - Le tennis de table d'il y a 40 ans.
  • Lieve zaterdaggroetjes (Nikki )
        op Een stukje Zwembad Olympia nostalgie .
  • De beste wensen voor 2011 (Nikki )
        op Exode des forces russes de Sebastopol -  Bizerte 1920.
  • De laatste donderdag in 2010 (Nikki )
        op Exode des forces russes de Sebastopol -  Bizerte 1920.
  • Foto

    Archief per maand
  • 08-2012
  • 07-2012
  • 06-2012
  • 05-2012
  • 01-2012
  • 12-2011
  • 09-2011
  • 08-2011
  • 06-2011
  • 05-2011
  • 04-2011
  • 03-2011
  • 02-2011
  • 01-2011
  • 12-2010
  • 11-2010
  • 10-2010
  • 09-2010
  • 08-2010
  • 07-2010
  • 06-2010
  • 05-2010
  • 04-2010
  • 03-2010
  • 02-2010
  • 01-2010
  • 12-2009
  • 11-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 08-2009
  • 07-2009
  • 06-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 03-2009
  • 02-2009
  • 01-2009
  • 12-2008
  • 11-2008
  • 10-2008
  • 09-2008
  • 08-2008
  • 06-2008
  • 05-2008
  • 04-2008
  • 03-2008

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Gastenboek
  • Gry Dla Dziewczyn We Chłopców
  • Productos Y Servicios Bancarios Operativos
  • Bancarios, Noticias Sobre Bancarios
  • Servicios De Giros Bancarios
  • Popular Play Tents

    Druk oponderstaande knop om een berichtje achter te laten in mijn gastenboek


    Foto

    Foto

    Will Tura:
    Eenzaam Zonder Jou songtekst

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Niets kan mij binden bij mijn vrienden
    Bij hen kan ik het niet meer vinden
    Het liefste ben ik dicht bij jou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Ook als het dansorkest gaat spelen
    Want dansen gaat mij gauw vervelen
    Als ik jou niet in m'n armen hou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou
    Jij weet dat ik op jou zou wachten
    Maar leef ik ook nog in jouw gedachten
    En ben je mij nog altijd trouw

    Ik kan niet verder zonder jou
    Mijn leven zou ik voor jou geven
    In al mijn brieven staat geschreven
    Ik ben zo eenzaam zonder jou

    Ik ben zo eenzaam zonder jou



    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!