Naar de inhoud

Altijd in beweging met van alles en nog wat...

akke.beakke.be

Archief

vermaning

Een gedicht van Jan Jacob Slauerhoff 1898-1936

Vermaning

Vriend, herzie uw jeugdgezellin:
Eens te tenger voor de extase,
Zeg, veranderde zij snel in
Een welvarende bourgeoise?

Zij liet zich leiden door de avond,
Maar niet verleiden tot liefkozen;
Gelooft gij ook, dat zij haar gade
Liefde bewijzen blijft door blozen?

Nu geeft zij feesten vol genade
En baadt zich blank, den morgen lank,
Hult zich daarna in prachtgewaden
Die spannen - is zij nu nog slank?

Zij slaapt in zwaarvergulde bedden,
Levert haar lichaam uit tot dank.
Steek 't huis in brand om haar te redden!
Neen, gij snikt liever op een bank

Of speelt in 't ijle licht van Wega
Zuiver éénsnarig op uw citer.
Zij houdt zich slapend om haar eega
Of geeft u antwoord met een gieter.

Serenade (1938)

schrijver

Geschreven door Dora om 21:47 Reageer op dit bericht

aan

Een gedicht van Wilhelm van Focquenbroch 1640-1670

Aan Klorimene

Toen ik u lestmaal, by de leliën en rozen
Zo helder pronken zag, en met zo purpren bloos,
Zo dacht mij, dat uit spijt de roos verbleekte in 't blozen,
En dat meteen uit schaamt' de lelie wierd een roos.

Zo doet uw schone verf de roos en lelie duiken,
En maakt dat in uw hof, uit hartzeer en verdriet,
De bloemen altemaal verdorren op hun struiken,
Omdat men schoonder bloem op uwe kaken ziet.

schrijver

Geschreven door Dora om 22:46 Reageer op dit bericht

voor

 Een gedicht van Jan van Nijlen 1884-1965

Voor hem die al dees dagen

Voor hem die al dees dagen, zonder bate
voor zijn verdriet, zijn eigen ik ontvlood,
en langs de huizen liep met kaken rood
van drift en pijn in 't harte bovenmate;

Voor hem die, wankel, in zijn trotse nood
de moed niet vond om 't leven zelf te haten,
die beedlaars tegenkwam langs gore straten
en hun niet gaf hun luttel dagelijks brood;

Voor hem is reuk van rotte blaren zoet,
en d'avondwind een vriendelijke streling,
als 't laatste licht in sombre lucht verbloedt;

want hij, die al wat troost brengt heeft gemist,
wordt in dit uur zo liefderijk een heling:
uw nacht, oktober! en uw smoorge mist.

Naar het geluk (1911)

schrijver

Geschreven door Dora om 21:47 Reageer op dit bericht

snedig

Een gedicht van Hendrik Riemsnijder 1744-1825

Snedig antwoord

Een jonge knaap zag een boerinnetje, zo fris
Als melk en rozen, op haar blote benen lopen:
‘Meid’, sprak hij, ‘'k zal u een paar and're koussen kopen,
Zodra het paar, dat gij nu draagt, versleten is.’
‘Is 't zeker waar, mijn beste maatje?’
Hernam de flukse tas. ‘Dan dient geen tijd verspild;
Ga dan maar vrij ter markt: want, als je 't weten wilt,
Van boven hebben ze al een gaatje!’

Geschreven door Dora om 21:56 Reageer op dit bericht

aan

Een gedicht van Jacobus Bellamy 1757-1786

AAN JOHAN.

Gij ziet geen meisje,
of straks zult gij haar vleien, roemen,—
Dus mocht men u, met recht,
de a a p der juffers noemen!

Gedichten

schrijver

Geschreven door Dora om 22:04 Reageer op dit bericht

men

Een gedicht van Albert Verwey 1856-1936

Men kàn geen vlammen als een gouden vloed

Men kàn geen vlammen als een gouden vloed
Uit éen vaas gieten in een andre vaas:
Daarbinnen branden ze en een bevend waas
Gloeit door het hulsel heen met halve gloed.

Open het nooit – het is zo schoon, en ’t moet
Zó schoon zijn, blijvend in die zelfde plaats:
Die vlam zal niemand zien: zij zal, helaas!
Zichzelf verteren, daar haar niemand voedt.

Brand niet zo luid, mijn ziel! waaróm zo luid?
Gij weet toch, dat ge alleen en stil moet zijn;
En veel begrijpen, daar me’ ú nièt verstaat;

Gloed bréngt geen gloed voort, ziel! úw gloed vergaat
Weldra, die grote, en zie, een schone schijn
Is om u, maar die ook dooft aanstonds uit.

schrijver

Geschreven door Dora om 22:04 Reageer op dit bericht

Een gedicht van Karel van de Woestijne 1878-1929

Over alle daken

Over alle daken
bloeit mijn bleke wake;
alle sterren toe
reikt ze, strak en moe.

Baart dan alle bangen
steeds een nieuw verlangen?
Is dan alle vrees
liefdes vrouwe en wees?...

- Over alle daken
bleek-gebloede bake;
over heel de wereld heen
liefde en leed, - alleen...

Stedelijke eenzaamheid

schrijver

Geschreven door Dora om 22:03 Reageer op dit bericht

arcadia

Een gedicht van Jan Jacob Slauerhoff 1898-1936

Arcadia

Langzaam kleedt zij zich uit in het lover,
Rilt verrukt en verlangt een rover,
Denkt aan nimfen en faunen.

Nimfen die zich genotvol over-
Gaven aan faunen, naakt onder lover,
Begrijnsd door oude alraunen.

't Rimpelend water spiegelt haar week:
Met haar voetjes in de ondiepe beek
Voeren de golfjes guerrilla.

Op een steen zit haar echtgenoot,
Ziet haar spelen, ergert zich dood
En zuigt op zijn manilla.

Serenade

schrijver

  

Geschreven door Dora om 22:35 Reageer op dit bericht

encore

Een gedicht van Geerten Gossaert 1884-1958

Encore

In het midden van mei, als de nachtegaals zingen
En de avondglans huwt aan de morgense schijn
Als de schuchtere geur van de late seringen
Zich mengt met de geur van de vroege jasmijn,

Toen hoorde ik uw lippen de woorden ontglippen:
(Ik was maar een knaap en gij waart nog een kind)
Hoe wrang is de smaak van verwinnende lippen
Zo innig het verlangen der ziel niet bemint!

En ik zag het gebed van uw hulpeloze ogen,
En ik voelde, beangstigd, de angstige klem
Van uw hande' om mijn hand, en mijn lippen bewogen,
Maar mijn machtloze wanhoop verstikte mijn stem.

Dan, uw schaamte bedwong het onstuimige hijgen
Van uw hart en de nachtwind verwaaide uw klacht,
En niets meer verstoorde 't oneindige zwijgen
Dan een zwaan die zich roerde in de roerloze gracht...

Maar nòg, op mijn hand die uw handen omvingen,
Herproeven mijn bevende lippen uw pijn,
Als de schuchtere geur van de late seringen
Zich mengt met de geur van de vroege jasmijn.

schrijver

Geschreven door Dora om 22:00 Reageer op dit bericht

voor

Een gedicht van Jan Hammenecker 1878-1932
Voor mijn zuster.

Als ik op haar peinze, o Jesu,
- en ik peinze op haar gedurig!
op mijn zuster Valentine,
op haar ziekte zo balsturig,
op haar heengaan zo gelaten;
Valentine, o Valentine,
lam dat leed, en niet wou blaten! -
Als ik op haar peinze, o Jesu,
die zó vroed was, zó goed was;
die zó liefhad, U zó liefhad,
ons zó liefhad; ach en zoet was,
zoet gelijk uw Harte, o Jesu! -
Als ik op haar peinze, o laat me,
laat me rouwen op uw Harte,
Meester, of de kracht ontgaat me
om te leven immer peinzend
aan mijn zuster, Valentine!...
Laat me, luisterend aan uw Harte,
weten dat zij rust daarbinnen:
in uw Harte, o goede Jesu!

schrijver

Geschreven door Dora om 21:19 Reageer op dit bericht

Meer van Altijd in beweging met van alles en nog wat...

↑ Terug naar de berichten