Naar de inhoud

Altijd in beweging met van alles en nog wat...

akke.beakke.be

Archief

lam

Een gedicht van Anton L. de Rop 1837-1895

 

't Verdwaalde lam.

De schapen hadden heel de dag
Gegraasd in 't geurig kruid;
Maar bij het scheiden van de zon
Was 't met dat pretje uit; 
Al vonden zij 't ook buiten mooi,
Nu moesten zij terug naar kooi.

Doch bij de hoeve weergekeerd,
Daar zag de herder, dat 
Eén lammetje aan de troep ontbrak -
Waar 't arme diertje zat? - 
‘Pas’ - zei de herder tot de knecht -
‘Op de andren; 'k breng het gauw terecht.’

En haastig liep hij weer terug,
En riep en floot en keek 
Dan links, dan rechts in veld en wei,
Langs waterplas en beek, 
En toen hij bij het bosje kwam
Vernam hij 't blaten van het lam.

‘Och zit je’ - zei de goede man -
‘Hier in de doornen vast?’ 
En hij verloste 't kleine dier,
En met die lieve last 
In de armen, liep hij meer dan vlug
Weer naar zijn kameraad terug.

En 't schaap, de moeder van het lam,
Kwam blatend naar hem toe; 
En 't was als riep het lammetje
Heel zacht: ‘hier ben ik, moè! 
‘Mijn hartje klopt zo blij, zo blij!
‘'k Zal nooit meer dwalen van uw zij.’

In 't vrije veld (1885)

schrijver

Geschreven door Dora om 21:41 Reageer op dit bericht

heisa

Een gedicht van Emanuel Hiel 1834-1899

Heisa.

Heisa, lustig moet men zijn
bij gezang en koele wijn,
want waarom toch beven?
lach de duivel in 't gezicht,
vrees de schaduw noch het licht
en bemin het leven.

Nu welaan! alleen de vreugd
kent geen list, vereer de deugd
en durf 't goede wagen;
want wie lustig is, is braaf
en blijft nooit gelijk een slaaf,
't juk der smert verdragen.

't Vrolijk leven, 't vrije woord
hebben altoos hen bekoord,
die voor 't ware blaken.
Dwazen zijn 't die anders zijn,
Heisa, bij gezang en wijn,
laat ons vreugde maken!

Gedichten 1861-62

schrijver

Geschreven door Dora om 21:35 Reageer op dit bericht

eens en nu

Een gedicht van Frans Bastiaanse 1868-1947

Eens en Nu.

Wel ben ik blijde om 't Leven, maar de extase
Der Jeugd was nu sinds lang niet meer voor mij,
Gegaan ook 't nauw doorworsteld noodgetij,
Waarmee der wereld stormen om ons razen!

En 'k zie het Leven als door koele glazen:
Een blauwe stroom, een zonbeglansde wei,
Waar 't bruine paard en blanke koeien grazen,
En een wit zeil drijft, achter 't groen, voorbij.

Maar, dankbaar om het schoon, dat is gebleven,
Zie ik der jaren staêge wisselingen,
't Najaar in goud, de Lente in bloesem staan,

Niet wetend, of ik leefde of eerst ging leven,
En of de storm'ge dagen, die vergingen
Wel schoner waren, dan dit nieuw bestaan.

Gedichten

schrijver

Geschreven door Dora om 18:59 Reageer op dit bericht

Een gedicht van Guido Gezelle 1830-1899

‘k Hore tuitend' hoornen

‘k Hore tuitend' hoornen en
de navond is nabij
voor mij:
kinderen, blij en blonde, kom,
de navond is nabij,
kom bij:
zegene u de Alderhoogste, want
de navond is nabij,
komt bij:
‘k hore tuitend' hoornen en
de navond is nabij,
voor mij!




(8/8/1860)

XXXIII Kleengedichtjes

schrijver

Geschreven door Dora om 19:09 Reageer op dit bericht

anders

Een gedicht van Multatuli 1820-1887

Anders.

Leer dit van mij, o mensen, leef broederlijk onder elkander: 
Partijhaat is 'n afschuwelijk ding... in 'n tegenstander.

Idee 972

schrijver

Geschreven door Dora om 21:32 Reageer op dit bericht

nel

Een gedicht van Constantijn Huygens 1596-1687

Engelsche Nel

Jan malde wat met Nel, en 't was wel met haar wil;
Nochtans en deed ze niet als roepen: Stil, Jan, stil.
Maar Jan kon meer dan Diets en hield haar bij haar pak:
Nel was van Londen, en 't was Engels dat ze sprak.

Gedichten (1671 - 1687)

schrijver

Geschreven door Dora om 16:41 Reageer op dit bericht

getijde

Een gedicht van C.S. Adama van Scheltema 1877-1924

Langs het Getijde

Het schemert, en
Waar 'k peinzend langs de golven ga
En peinzend naar hun ruisen hoor,
Ruist al hun vloed mij schuimend na
En wist mijn spoor.

Het schemert, en
Waar 'k wijkend het getij beleef,
Ruist het getijde op mij aan
En wist wat 'k in mijn hart beschreef -
Wat 'k heb gedaan.

Het schemert, en
In 't ruisend wit getijde zie 'k
Een bleke, vreemd geworden geest -
En 'k peins naar wie ik was - naar wie 'k
Eens ben geweest!

Zingende stemmen (1916)

schrijver

Geschreven door Dora om 22:21 Reageer op dit bericht

rust

Een gedicht van Paul van Ostaijen 1896-1928

Rust

Leg uw hoofd zo in mijn arm
dat van uw voorhoofd naar uw mond mijn blik schuive
over de kam van uw neus
Leg uw hoofd zo
ik leg op uw mond mijn hand
                  wees rust

Gedichten (1935)

schrijver

Geschreven door Dora om 17:31 Reageer op dit bericht

Een gedicht van Frans Bastiaanse 1868-1947

Blijde Mijmering

De lucht wordt ijler, de eindeloosheid schijnt
Door 't eindig huis, waarin wij, aardsen, wonen
Uit een ver dorp rijzen de stille tonen
Van de avondklok, hoog in de lucht verreind.

Zie: voor mijn blijde blikken baadt nu heind'
En ver de wereld in de glans van 't schone,
Hier: bomen met de zilv'ren bloesemkronen,
Aan d'einder: 't scheem'rend bos, waar 't licht verdwijnt.

En achter 't groen der wijde tarwelanden
Staan blanke hoeven in de donkre hoven
Omtogen door een zachte schemering;

Maar schoner dan al 't schone op aarde, branden
Hóóg de eerste starren; maar nòg schoner boven
Al 't zichtb're stijgt mijn blijde mijmering.

Gedichten (1918)

schrijver

Geschreven door Dora om 23:15 Reageer op dit bericht

raadgeving

Een gedicht van Hendrik Tollens 1780-1856

Raadgeving

Minnaars, wilt ge uit vrijen gaan,
Trek de stoute schoenen aan,
Schud de kindse blooheid uit,
Maakt ze, die ontvlieden, buit;
Neem het kusje, voor gij 't vraagt:
Nimmer wint hij, die niet waagt.

't Vrouwenhart is koel en wreed
Voor ons zuchten en ons leed;
't Wordt niet week door vrees of hoop;
't Is voor tranen niet te koop;
Hem-alleen, die 't eist en rooft,
Neemt het aan als heer en hoofd.

Overvallen we onverwacht
Dat oproerig schoon geslacht;
't Is manmoedig, zijn wij laf,
't Is bloohartig, zijn wij straf;
Geef uw krachten, zijt ge wijs,
Aan haar zwakheid niet ten prijs.

Op, te wapen! op, ten strijd,
Minnaars, zo gij mannen zijt!
Niet de lafheid - wel de moed
Steek u lauwren op de hoed;
De overheerser - niet de slaaf
Dwingt de vest tot overgaaf.

Gezamenlijke dichtwerken (1856)

schrijver

Geschreven door Dora om 21:57 Reageer op dit bericht

Meer van Altijd in beweging met van alles en nog wat...

↑ Terug naar de berichten