ik heb hem vooraan in de kerk zien staan. een grote sterke man te midden van verdriet. zijn priesterschap verklankte in zijn woorden een ein…
ik heb hem vooraan in de kerk zien staan.
een grote sterke man te midden van verdriet.
zijn priesterschap verklankte in zijn woorden
een eindeloos mededogen. hij vroeg waarom
zijn God niet zichtbaar was vandaag. hij sprak
de zeven namen warm en heel zacht uit. hij wist
dat zoveel leed niet draagbaar was voor moeders
en voor vaders die hun kind naar hier hadden gebracht.
zijn arm rond wie het moeilijk had om dag te zeggen
omvatte heel de kerk waarin het sprakeloos bidden
en het onbegrip in betraande ogen en de radeloosheid
bij dit afscheid geen uitweg vond. zijn stem brak ook
wanneer hij zegenend hun weg bereidde naar de overoever.
Herman
de stilte weegt loodzwaar wanneer de moeders en de vaders afscheid nemen. in zoveel witte kisten ligt hun droom. de woorden stokken en de tr…
de stilte weegt loodzwaar wanneer
de moeders en de vaders afscheid
nemen. in zoveel witte kisten ligt
hun droom. de woorden stokken
en de tranen druppen zilt
op de betonnen grond.
wie er is schrijft hun verhaal
en blijft verweesd naar al dat wit
staan kijken. scala zingt en bart
vertelt. de kinderen en hun meester
leven en spelen weer één
ogenblik. dan valt het doek.
nu pas begint de leegte en het gemis.
de schreeuw om het waarom. de lege
kamer die open blijft. de kilte van
verloren lopen zonder kind dat
er nog altijd is.
Herman
de onrust overviel me als een plotse sneeuwvlaag. ik voelde ze verspreiden in de cellen van mijn verkrampend lijf. en ik wist waarom deze pl…
de onrust overviel me als een plotse sneeuwvlaag.
ik voelde ze verspreiden in de cellen van mijn verkrampend lijf.
en ik wist waarom deze plotse verandering zicht voltrok.
ik bood geen weerstand, ik gleed langzaam in het duister.
ik deed wat ik helemaal niet wou dat ik deed. zelfdestructie
kan zoet zijn en je totaal weerloos maken. ik nam het kwaad
met beide handen aan. dronk het gulzig tot de bodem leeg.
en stopte god in mijn broekzak en de hel waaierde open
rond mijn verstard en gevangen bewustzjn. ik rende door
de vlammen van het kwaad naar een vuurzee van schreeuwend
onbegrip voor mezelf. tot aan de afgrond waar ik niet in sprong.
ik knielde voor de zoveelste keer. en herbegon met duizend
beloftes aan mezelf. vandaag begint de ommekeer voor
de zoveelste keer.
je maintiendrai!!!!!
Herman
ik wil mezelf leren kennen ik kan meer dan ik denk maar hoe mijn geest werkt is voorlopig nog een raadsel. daarom wil ik doordringen in de h…
ik wil mezelf leren kennen
ik kan meer dan ik denk
maar hoe mijn geest werkt
is voorlopig nog een raadsel.
daarom wil ik doordringen
in de herkenbaarheid van
transcendentie. ik geloof
dat wij meer zijn dan stof
en water. ik geloof in de
evolutie en de kennis van
de wetenschap. maar er is
meer dan dat. kennis en
wetenschap spreken het
onbekende niet tegen. het
raadsel bevindt zich daar
juist buiten. blijkbaar
ongrijpbaar. vermoed en
denkbaar maar nog niet
leesbaar. als ik ooit mijn
ogen sluit moet ik weten
waar naartoe.
Herman
ik ben op zoek naar mezelf ik ben op zoek naar God ik ben op zoek naat transcendentie ik ben opzoek naar bewustzijn. bewustzijn wil ik ervar…
ik ben op zoek naar mezelf
ik ben op zoek naar God
ik ben op zoek naat transcendentie
ik ben opzoek naar bewustzijn.
bewustzijn wil ik ervaren
trascendentie wil ik kennen
God wil ik ontdekken
mezelf wil ik beheersen.
ik grijp terug naar oude geschriften
ik zoek wijze mensen hun kennis
ik wil getuigen ontmoeten
die verder gegaan zijn dan mijn
ontoereikende pogingen
om mezelf te zijn.
Herman
ik omarm elke ouder die een kind verloor. de stilte is ondoordringbaar. het verdriet onpeilbaar. de leegte eindeloos. de toekomst één zwart …
ik omarm elke ouder die een kind verloor.
de stilte is ondoordringbaar. het verdriet
onpeilbaar. de leegte eindeloos. de toekomst
één zwart gat. de bergen een nachtmerrie.
de tunnel verzonken in een eeuwige nacht.
duizend vragen zonder antwoord. met lege
handen en een beminde dode naar huis terugkeren,
zoveel keer in zoveel verdoofde harten.
één nooit vermoed moment, ver van huis.
kameraadjes tot in de dood. leraars nooit
nog voor de klas. chauffeurs hun laatste
reis. hier eindigt alles. de nieuwe morgen
vol zon en warmte weent in het lied van de nachtegaal.
Herman
ik zou graag van alle pijn verlost zijn en lachend naar de lente lopen. een hoofd zonder hoofdpijn een maag die niet krampt een lijf dat nie…
ik zou graag van alle pijn
verlost zijn en lachend
naar de lente lopen.
een hoofd zonder hoofdpijn
een maag die niet krampt
een lijf dat niet roest.
wakker worden en genieten
van het licht. de zon in mijn
handen naar buiten dragen.
blij zijn om het geluk
van anderen en samen
de dag opbouwen met
verwachtingen die jij invult
met het wonder. je vergroot
het telkens opnieuw tot
ik genees van mezelf.
Herman
de week begint. de lente poogt de winter weg te duwen. ik wroet de aarde om en mest de grond voor bloemen die ooit, hoop ik, zullen bloeien.…
de week begint. de lente poogt
de winter weg te duwen. ik wroet
de aarde om en mest de grond
voor bloemen die ooit, hoop ik,
zullen bloeien. ik snoei bomen,
ik steek struiken uit, ik dood
de oude tuinbewoners omdat
ik ze niet graag zie en om
jonge planten kans te geven
weelderig te groeien. voel
je dat ik in een spiegel schrijf?
ik word ook wel eens gesnoeid
of omgehakt als de lente opnieuw
begint. ik weet nog niet welke lente
na welke winter. de kou kruipt
dieper en de warmte voelt korter.
maar wat daar tussen ligt straalt nu!
Herman
de omonkeerbaarheid van de dood sluipt al een gif door mijn leven. ik wil ostentatief en bewust genieten van elk moment. na elke moment voel…
de omonkeerbaarheid van de dood
sluipt al een gif door mijn leven.
ik wil ostentatief en bewust genieten
van elk moment. na elke moment
voel ik het gif verdiepen. elk kind
dat speelt op straat of in mijn armen
glimlacht vertelt me de tijd tussen
haar en mij, tussen mij en mijn dood.
ik zal ze nooit zien opgroeien als
moeders en vaders. elke mens sterft
en elke mens sterft alleen. gaat er
alleen naartoe. hoe groot het raadsel
ook wordt, het blijft een raadsel.
ik zoek de weg naar transcendentie
en soms geloof ik in God. maar ik
ga alleen. ik kan nooit praten tegen
iemand die terug komt
met het wonder in zijn ogen!
Herman
ik ben grootouder en ouder aan het eerste beleef ik plezier aan het tweede soms ook, maar minder. mijn krakend lijf heeft pillen nodig en sp…
ik ben grootouder en ouder
aan het eerste beleef ik plezier
aan het tweede soms ook, maar
minder. mijn krakend lijf heeft
pillen nodig en spuiten waarvan
ik niet op voorhand weet of
alles wel in orde komt daarmee.
de jaren die nog komen worden
korter en soms de nachten ook.
van de goeie dingen geniet ik
intenser. ik heb lief en vrienden
die bekommerd zijn. duizend
boeken waar ik in herleef.
en poëzie die mijn wonden
heelt of mijn verlangen naar
de liefde nog vergroot.
alleen God vind ik niet. nog niet.
Herman