zomervakantie
Zomervakantie
We hebben vakantie
Of anders gezegd vrij van werken
Maar wat is zomervakantie?
Ik heb geen vakantie
Mijn werk gaat altijd door
En met vakantie gaan
Dat vind ik meer een slavenbestaan
Je moet dit en je moet dat
Nee, vakantie hebben is niet goed
op waarde geschat
Men heeft zich in de afgelopen jaren
steeds maar op laten naaien
Je moet hier heen
Je moet daar eens kijken
Soms kom je ze tegen in de vakantie
dat komt dan door ongelukken
Want dan zie je veel lijken
Nee, vakantie daarin moet je jezelf kunnen zijn
Maar toch vraag ik me af
Of een mens dat ooit eens kan zijn!
Tussen al het gehaast
Is men een beetje verdwaasd
Zomervakantie zie ik alleen met mooi weer
En nu gaan de plasregens op en neer
Gewone regen gaat over in stortregen
Vakantie is dan bepaald op een camping geen zegen
En toch zoeken we allerlei wegen
Om dan maar snel naar de zon te gaan
We gaan achter vakantieveilingen aan
Of we boeken snel een last minute reis
Dan heb je soms een goede prijs
Maar kom je daar aan
Dan was de vakantiedroom ijdele waan
Ja, de mens is op hol geslagen
Nergens vind men rust of behagen
Men moet, men moet en men moet
Oh…wat was de zomer zoet
Zonder een zonnesproet
Vind men het leven niet goed
Maar na twee weken werken
Kun je niets meer van de vakantie merken
Alles is weer over gegaan in de waan van de dag
En dat was dan het vakantiegelach
De portemonnee is rijkelijk lichter
Dat we steeds voor zoiets zwichten
Overal wordt het aangeprezen
Dat je hier of daar eens moet wezen
Maar ach het leven gaat als een sneltrein voort
En later weet je er niet veel meer van
Behalve als je er foto’s van hebt gemaakt
Maar die zijn soms ook zoek geraakt
Dus waar doet men het voor?
Het is de vicieuze cirkel
Waarin men draait en draait
En men is later geheel bekaaid
Want je hebt niemand meer om er over te kletsen
Niemand weet nog van jou reizen af
Ach, ik vind het geen straf
Als ik gewoon in mijn huis of tuin kan verkeren
Niet dat ik het erg vind om eens ergens lekker te kunnen genieten
Maar dat kan je ook al ben je dicht bij huis
De mens is op zoek maar vind zichzelf niet
Dat is nu het slavenverdriet
En dat doet geen mens teniet
Want men denkt dat men geniet!












