Naar de inhoud

Altijd in beweging met van alles en nog wat...

akke.beakke.be

Archief

droomstad

Een gedicht van Albert  Verwey 1856-1936

Granada: droomstad

De straten van Granada waar in 't donker
Gitaren gonzen en van 't lang gefluister
Van minnaars aan de traliën de duister
Nacht warm wordt, - gaan met graden naar 't geflonker
Van 't sterrenbeeld. En op de top wat wonk er
Rode lantaarn van het Alhambra? ruiste er
Wening uit rode muren? of wel, huisde er
Morenkoning nog eens en wat zo klonk er,
Was 't het gespeel van alle zijn fonteinen -
Droppengeklater in de zilvren zalen -
Vrouwengepraat van die in kanten sjalen
Gehulde en parelen? - De starren straalden
Klaarder dan ooit, ook kalmer, toen ik daalde
Naar de stad leeg en de verlaten pleinen.

Geschreven door Dora om 21:20 Reageer op dit bericht

aan

Een gedicht van Constantijn Huygens 1596/1687

Aan Mevrouw Van Merode

Zoet vrouwtje, wier gebed gebod is over mij,
Verwacht gij nog in dicht hoe 't afgelopen zij
Met mijn uitheemse reis? Ik zal z' in 't kort vertellen.
Zo heb ik omgezwierd met mijn drie jonggezellen:
Ter Goud' heb ik vernacht en in ons Monnikland,
En op mijn Zuilichem, en aan de overkant
Ten Bosch en t' Eindhoven, te Bree, te Maastricht binnen,
Te Luik, de grote stad van ongeruste zinnen,
Te Maastricht andermaal, te Aken eens in 't bad,
Te Spa vier weken lang eens daags door en door nat,
Te Butgenbach, Sint Vijt, en Dasburg en Vianden,
Te Echternach en Trier, en langs de Moezelstranden,
Te Kobelenz, te Bonn, te Keulen, Dusseldorf,
Te Moers, te Krefeld, weer te Moers en met een korf
Vol voedsel op de Rijn voor Wesel, voor Nijmegen,
Voor Monnikland, en thuis, door Gods gewenste zegen.
Waar ik geslapen heb, is afgekerfd; hoe lang
Zal best bij monde gaan. In rijm viel 't mij te bang.
In 't gros zeg ik ervan, als 't iemand kwam te vragen:
‘De reis is net gedaan in viermaal twintig dagen.’
Houdt gij u dan voldaan, zo ben ik 't meer dan gij,
Zoet vrouwtje, wier gebed gebod is over mij.

---------------------------------------------------
reisverslagje, gedicht op 22 september 1654

drie jonggezellen:
zijn zonen Christiaan en Lodewijk en een neef
Monnikland - buitenverblijf van Huygens bij Loevestein
afgekerfd - kort opgesomd

Geschreven door Dora om 20:59 Reageer op dit bericht

meisje

Een gedicht van Willem de Merode 1887-1939

Het meisje

Egyptische grafschildering

Zij is een nauw ontloken lotos,
Maar veel hulplozer en droever.
Zij is als een smalle boot, los
Van de nog nabije oever.
Zij is niets dan een kleine leegte
In dit boordevol heelal,
Want zij smachtte, maar verzweeg te
Zeggen, wat haar vullen zal.

Spiegelbeelden (1937-1938)

Geschreven door Dora om 17:48 Reageer op dit bericht

de weg

Een gedicht van Helene Swarth 1859-1941

De weg in 't woud

Indien gij weet wat leven is en lijden,
en welk een zee van weedom in een traan ligt,
laat mij die holle weg in ’t woud vermijden,
verg niet, dat ik mijn schreden naar die laan richt!

Daar sluipen schimmen rond van vroeger tijden,
een geestenheir, doodsbleek in ’t zilvren maanlicht.
O laat geen lach die stille plek ontwijden,
geen ruwe spot, waarvoor de zoete waan zwicht.

Zacht zingt de wind een lied van eeuwig scheiden
en, voor mijn voeten, dwarrelt van de takken
-een gouden regen- geel en rossig lover.

Vrij moge ’t bos een nieuwe lente beiden!
De blaadren, die in ’t slijk der wegen zakken,
zijn dood, voor eeuwig. Dan, wie treurt daarover?

Blauwe bloemen (1884)

Geschreven door Dora om 21:45 Reageer op dit bericht

op

Een gedicht van J. Antonides van der Goes 1647-1684

OP HET VERJAREN VAN Mejuffrouw SUZANNA BORMANS.

Het zonnelicht verrijst zo vrolijk als uw wezen.
Als lachte 't u op uw verjaardag toe,
Begaafde maagd, zo zacht van aard, zo uitgelezen,
Wier liefelijk gezicht ik nimmer moe
Lang wens te zien verrukt en opgetogen.
En mij nog lang te spieglen in uw ogen.

1675

VERJAERGEDICHTEN.

Geschreven door Dora om 22:53 Reageer op dit bericht

hoed

Een gedicht van Koos Speenhoff 1869-1945

De hoge hoed

Er was een lelijke meneer,
Waar niemand graag naar keek,
Omdat ie met z'n scheef gezicht,
'n Slechte kerel leek
Maar, toen ie op een goeie dag
Ook graag een meisje kreeg,
Toen maakte ie, om mooi te zijn,
Z'n hele spaarpot leeg
Voor een hoge hoed, voor een hoge hoed.

Hij liep een kleine winkel in
En kocht een hoge dop;
Toen even nog naar z’n barbier,
Die knapte 'm wat op.
Door steegjes snapte ie naar huis,
Z'n hoed bracht 'm van streek;
Het was of iedereen 'm zag
En spottend naar 'm keek
Om z'n hoge hoed, om z'n hoge hoed.

Eerst ging die naar z'n moeder toe
En vroeg hoe of ze ’t vond;
Die zei, omdat ze van 'm hield,
Dat hém zoiets wel stond.
Maar toen ze 'm zo opgeruimd
Er mee op straat zag gaan,
Toen keek ze 'm verlegen na
En ging voor 't raam vandaan:
Om z'n hoge hoed, om z'n hoge hoed.

Toen vroeg ie an z'n beste vrind,
Hoe die er over dacht.
Die zei: "Jij wordt nog met dat ding
naar 't gekkenhuis gebracht:
Jouw kop is voor zoiets te lomp,
Te pokkig en te boers".
Toen dacht die lelijke meneer:
M'n vriend wordt al jaloers:
Op m'n hoge hoed, op m'n hoge hoed.

Maar hij ging naar 't meisje toe
Waarmee die trouwen wou;
Hij dacht dat zij hem nou misschien
Niet lelijk vinden zou.
Eerst liep-ie nog een straatje rond,
Bleef hier en daar wat staan;
Toen sloop-ie 't stoepje schuchter op
En belde zachtjes aan:
Met z'n hoge hoed, met z'n hoge hoed.

Z'n meisje keek door 't raampje heen
En lachte in de gang.
Maar niemand kwam 'm open doen,
Toen werd ie rood en bang.
Hij zag haar gillend van de lach
Weer in de kamer gaan.
Ze liet die lelijke meneer
Toen op 't stoepje staan:
Met z'n hoge hoed, met z'n hoge hoed.

Geschreven door Dora om 20:03 Reageer op dit bericht

tedere liefde

Een gedicht van Hermanus Asselberg(h) 1726-1792

Tedere liefde

Na lange droogte kwam een zachte en milde regen
Op 't kwijnend aardrijk neergezegen.
Dit zagen Jaap en Piet met vergenoeging aan.
Jaap sprak, door blijdschap ingenomen,
'Al wat in de aarde is, zal nu fris tevoorschijn komen
En onze wens zal zijn voldaan.'
''k Verlang geenszins - sprak Piet - naar zulke grote gaven,
'k Heb, vóór acht dagen eerst, mijn wijf daarin begraven.'

Geschreven door Dora om 21:51 Reageer op dit bericht

verstoord geluk

Een gedicht van G.W. Lovendaal 1847-1739

Verstoord geluk.

In mijn tuin een sijsje zat,
Dat zo'n aardig nestje had.
't Vleugelde in zijn groengeel pakje
Vrolijk in de bomen rond,
Van het takje op de grond,
Van de grond weer op het takje.
In het nestje zat zijn schat,
Die drie jonge sijsjes had.

Lustig ving met zoet gezing
't Kleine fijne kwinkelding
Al in d'ochtend aan te kwelen
Heel zijn zonnig hartje leeg,
Twinkelde of het perels reeg
Met zijn nebje uit zijn kele;
Keek maar naar zijn lieve schat,
Die drie jonge sijsjes had.

Nu is alle blijheid uit;
't Sijsje roept met droef geluid,
Treurig tuurt hij naar zijn nestje
Dat nu bengelt in de wind
Zonder wijfje, zonder kind;
Nog wat veertjes is het restje.
Nimmer ziet hij weer zijn schat,
Die hij zo heeft liefgehad.

Triest en eenzaam zit hij daar
Als een kluwentje in elkaar,
Voelt niet, hoe de winden woeden,
Ziet mijn kruimkens brood niet staan,
Staart alleen zijn nestje aan,
Voelt alleen zijn hartje bloeden.
En de jongen die het deed
Weet niets van zijn grote leed.

Kindergedichten (1914)

Geschreven door Dora om 21:59 Reageer op dit bericht

de luiken

Een gedicht van Willem de Merode 1887-1939

De luiken

Om hitte en onrust uit te sluiten,
Doen wij de zware luiken dicht.
Nu dringt uit het rumoerig buiten
Alleen de klaarheid van het licht,

Want zie, de harten zijn nog open,
En zon komt helder ingezeefd
En toont, van blanke glans omdropen,
Al wat er binnen staat en leeft.

Heer, doe de luiken van ons wezen
Voor werelds ijdelheden dicht.
En maak ons hart door Uwe vreze
Zo vol van helder zonnelicht.

De steile tocht (1924-1928)

 

Geschreven door Dora om 19:31 Reageer op dit bericht

Een gedicht van Albert Verwey 1856-1936 

BADERS HARTEWENS

Dwars door de tuinen
Van roos en ranken
Zich ’t pad te banen,
Dan door de lanen
Van zand en dennen
Vluchtig te rennen
Tot waar de kruinen
Van hoge duinen
In ’t blauwe blanken
En zo te naderen
Met zwellende aderen
In laatste loop
De harde golven
En, overdolven,
Hun koele doop.

Geschreven door Dora om 21:34 Reageer op dit bericht

Meer van Altijd in beweging met van alles en nog wat...

↑ Terug naar de berichten