Het Atomium is 102,705m. hoog. Het heeft de vorm van een ijzerkristal, dat 165 miljard keer uitvergroot werd. Binnenin is er een lift die u tegen 5m/seconde naar de bovenste bol brengt. In de bovenste bol bevind er zich een restaurant, en een uitkijk-niveau. Nog drie andere niveaus bevinden zich in deze bovenste bol. De ontwerper van dit kunstwerk, André Waterkeyn overleed in 2005, en beleefde de eindfase van de twee jaar durende opknapbeurt niet meer. De platen van het Atomium werden nu vervangen door inox, hetgeen meer weerbestendig is en langer bestand tegen alle mogelijke gure omstandigheden. Zijn familie geniet tot 2075 een auteursrecht dat rust op alle afbeeldingen van het Atomium. Voor het jaar 2008 werd een uitzondering gemaakt op dit recht.
Mensen, wat gaat het snel. Met de hype rond expo '58, en aangezien we toch zonder bootje zitten (nog altijd op de werf), besloten we om vandaag, zondag te gaan "brusselen". Hoe meer beelden we van de expo te zien krijgen, des te meer iedereen van onze generatie spijt krijgt dat zoveel moois tegen de grond ging. Voor mij persoonlijk staat nog altijd het Amerikaanse en Russische, maar ook het Thaise paviljoen mij fel voor de geest, samen met de watertrap de "teleferikskes" de gemotoriseerde bakskes waarin men rondreed, Oud-België waar we gezellig tafelden en ik van mijn vaders schuimende pint mocht drinken, "de pijl" en natuurlijk het Atomium. In het Amerikaanse paviljoen stond ik als 13-jarige in bewondering voor de eerste kleuren TV, thuis hadden we nog geen wit-zwart, die kwam pas in 1960 met de Olympische Spelen in Rome. Recht er tegenover stond het Russische paviljoen met de verbijsterende "Spoetnik" die aan het plafond hing en waar ik met wijdopengesperde mond naar het raadselachtige bip-bip geluid stond te luisteren. Het Thaise paviljoen was het exotische dat me aantrok. Ik had nog nooit zo'n gebouw gezien in pagode- vorm met fel gekleurde en gouden tinten. Ook de vrouwen en mannen die er rondliepen vormden samen met het Congolese paviljoen voor mij de openbaring. Er waren ook anders gekleurde mensen ! Ik heb nog naar andere wereldtentoonstellingen geweest, maar deze van '58 was voor mij een totaal nieuwe wereld, die qua architectuur en design sindsdien zijn gelijken niet meer kende. Jammer van die teloorgang. Wat hadden onze kinderen en kleinkinderen versteld gestaan bij "de pijl". Hadden ze hun niet geamuseerd in Oud-België ? Hadden ze niet plaatsgenomen in de bakskes en er overal mee rondgereden of een ritje gemaakt in te teleferikskes ? Neen, ze zouden het niet gedaan hebben, want ze hebben teveel. Ieder kind kijkt nog nauwelijks op van deze dingen. Op 13 jaar zijn er andere dingen aan de orde. En niet altijd ten goede. Waar hebben we gefaald ? Ligt het aan ons ? 'k Geloof het niet. Wij waren nog kinderen van 13 jaar en als we niet luisterden, kregen we een draai rond onze oren. Nu gaat men daarvoor naar de rechtbank en wordt veroordeeld voor slagen en verwondingen. Ligt het dan aan ons ? Eén van de enige dingen die ons nog resten, is het 102- meter hoge Atomium. Nog snel gered van de ondergang, want het was vijf voor twaalf. Het ijzer-kristal dat 165 miljard keer uitvergroot werd, stond symbolisch voor Belgiës negen provinciën. Ook dat is voorbij, want het zijn er nu tien. En toch was ik blij dat ik er nog eens was, ik was weer even dertien geweest en liep in korte broek langsheen de watertrap, zag bij de Amerikanen de kleuren TV spelen en er recht tegenover hoorde ik de bip-biptoon. Ik dronk weer uit mijn vaders grote pint en voelde hoe het schuim langs mijn kinnetje liep. Ik hoor nog hoe mijn moeder mijn vader berispte om zoveel gegeven vrijheid. Ik zag bruine, zwarte en gele mensen die rustig keuvelend over de esplanade wandelden en in het park voetbalden. 't Was een droom, ik was nu drieënzestig en enkel het atomium en het Amerikaanse paviljoen, nu VRT, stonden er nog. De rest was verdwenen. Jammer, doodjammer !
Vandaag rij ik voor de eerste keer naar de werf om de stand van zaken op te volgen. Ben benieuwd wat er reeds gebeurd is. Ik was al gelukkig dat er "iets" gebeurd was. De schilder was bezig met de eerste grondlaag. Het was een gouden kleur en er zouden twee lagen van deze verf gezet worden. De reden is, dat de derde laag, een afstotende verf is, antifouling* genaamd, niet hecht op bloot ijzer, maar wel op de verf die als grondlaag gezet wordt. antifouling = aangroeiwerende verf, vooral voor plantjes en kleine diertjes die zich snel aan de boot hechten, en zodoende de boot afremmen qua snelheid, met ook een groter brandstofverbruik tot gevolg, en de evidentie sneller roesten.
Het kondigde zich zo mooi aan, die dag midden april 2008. Voor de eerste keer dit jaar zou ik met mijn bootje varen. Een schitterende zon spoorde ons aan om te vertrekken. François was reeds ter plaatse. Ik had de motor al laten draaien en controleerde een laatste keer alle details. Lage slierten nevel kwamen van de velden en hingen over de moervaart. Gewoon prachtig. Een mens zou bij al dat mooie poëtisch worden en misschien wel onzin uitkramen. Dus hield ik het maar bij mijn bootje. De motor had zijn temperatuur bereikt en rond 08.45 uur maakten de "Enya" zich los uit een kluwen van touwen. Piepend richting kanaal Gent - Terneuzen kwam ze van tussen de twee jachten voor en achter. Fijne rimpeltjes op het water achter me en een zacht gebrom van de motor en weg waren we. We rekenden op een dik uur tot aan de werf Carron in Zelzate. In Mendonk ging ons toerental omlaag, want er lag misschien wel een collega-watersporter van de naburige clubs in Mendonk nog tussen de lakens, zalig dobberend op 't water. Bij het naderen van het kanaal minderden we vaart, want hier snorren de binnenschepen voorbij en houden zich niet altijd aan de opgelegde snelheid. François riep dat het kon, en ik gaf vol gas. Het kontje wat dieper in 't water en een flinke snor vooraan gingen we direct aan de rechterkant van het vaarwater, want er kwamen een paar schepen achterop. Aan de overkant een paar slepers met een flinke put achter hun. Ons bootje ging fel tekeer en dobberde over de golven. Onder de brug van Zelzate kwam langszaam de werf in 't zicht. François ging naar voor om te kijken waar we konden aanleggen, want het lag er kompleet vol. Tegen een woonbootje aan, want het was toch maar voor even. Eens aan de wal spraken we af, er ging een jachtje uit en dan mocht ik in de slings*. Eerst moesten drie binnenvaartuigen die naast elkaar lagen, eventjes met de kop van de wal, om toe te laten dat de jachtjes er uit en er in gingen. De kraan stond al op zijn plaats en een polyester jacht van ca 9m hing al in de slings. We starten de motor en tuften even later naar de plek waar de slings in 't water hingen. Eens de slings aangespannen kwam de Enya zachtjes aan uit het water. Aan de boordsteen gingen we beiden aan de wal. 't Is tenslotte altijd gevaarlijk om aan boord te blijven tijdens de hijs. Zonder moeite zette hij mijn bootje feilloos op een rijdende bok*, die hem naar de spuitplaats trok. Tussen de middag nam ik aan een armeluis-restaurant (frituur) mijn middagmaal. Terug naar de werf, dus. Afspraken werden er gemaakt met de man die buiten alles regelt, en Diederik die binnen alles regelt van motorgedeelte enz... Rond drie uur bolde ik tevreden naar huis, wetende dat het bootje in de hal stond en in goede handen verkeerde. Met die wetenschap sliep ik 's avonds, rustiger in dan de dag ervoor. *slings = zijn platte banden die onder een stacker hangen (is een in kruisvorm ijzer-gewrocht waar aan de vier uiteinden de slings vastgemaakt worden, zie foto) *bok = rijdend of niet-rijdend gestel waar de boot op rust met flexibele aangebrachte steunpunten.
Morgen, 15 april 2008 is het zo ver. Dan vaar ik met een vriend uit de club, François, naar de werf Carron in Zelzate. Aan de "Enya" moet er het één en het ander gebeuren. Ik deelde het in in vier categorieën : I. Wanneer de boot er uit getild wordt, is het evident dat het onderschip de eerste zorg is. Na het afspuiten, worden de anodes natuurlijk nagekeken, evenals het roer- en de roerkoning. Een algemeen nazicht van het onderschip moet aan het licht brengen of er een plaat onder het kombuis moet komen of niet. Bij het nazicht van het onderschip zal ook naar de boegschroef gekeken worden. Bijkomend moet ook langs de binnenkant gekeken worden, want daar is er roestschade.
II. Eens dit achter de rug is, zal de motor een algemeen nazicht krijgen, waarbij filters en olie vervangen worden. De besturing zal in het bijzonder nagezien worden op vibraties. De boiler wordt terug met koelvloeistof gevuld. De watertank moet gecheckt worden, want er is ergens een lek, dat tot in het voorschip loopt. Het gebeurd enkel wanneer de pomp aanslaat. As en roerkoppeling beëindigen het werk in de machinekamer.
III. Bij de binnenbesturing moet de tweede marifoon aangesloten worden. De toeren- en uurteller moet nagezien worden, en indien nodig vervangen.
IV. Bij de buitenbesturing wordt een ruitenwisser aangebracht. De leiding en bedieningsknop werden al door een andere werf aangebracht, maar die kon door omstandigheden zijn werk niet afmaken.
Ik reken er op dat alle werkzaamheden op het einde van de maand achter de rug zijn, maar op een werf, weet je nooit ! Als dit moest lukken, varen we na een klein oponthoud, op vakantie voor een tiental dagen. Duimen jongens, maar geloof me, na deze werfbeurt krijgen jullie een reeks foto's waar ge de "ENYA" niet meer zult herkennen. Het bootje zal dan in prima conditie zijn, en terug goed om vier jaar verder te varen, met als klap op de vuurpijl, eind dit jaar, ne gepensionneerden oan buert. Nie te gelueven !
Wanneer de weersomstandigheden ons tegenzitten, gaan we misschien naar 't land van Sarkozy en Bruni. Neen, niet omdat we er beiden zo'n fan van zijn, maar wind en golven spelen op 't grote water een rol. Een vignet van het VNF (voies navigables de france) kost in de uitvoering "vacance" voor ons schip, net geen 40m² de ronde som van € 55,40. Daarvoor mag je 14 opeenvolgende dagen in 't land van mooie Carla verblijven. De toer die we voor ogen hebben is 509,3 km en telt 32 sluizen. Vanaf ons vertrekpunt Spanjeveer gaat het de eerste dag over Gent naar Oudenaarde, en de tweede dag van Oudenaarde over Doornik naar Antoing. We zijn dan dicht tegen de Franse grens. De derde dag varen we door een industrierijk gedeelte van Frankrijk. Immers deze regio is met zijn overslaghavens Valenciennes, Denain en Douai de bevoorrading voor de ganse regio. We passeren Valenciennes, gaan richting Douai waar we hopen in de jachthaven een plaatsje te vinden. De volgende dag varen we naar Pont a Vendin, waar we de "port de plaisance la Gare d'Eau"aandoen. Vanaf deze jachthaven gaan we de volgende dag naar La Houlle, een plaatsje waar we beiden een beetje verliefd op zijn, met een rustige ligplaats en een schitterend restaurant. La Houlle ligt in de Audomarois, een streek waar vroeger alles, en nu nog zeer veel per bootje gebeurd. We zagen er onder andere de facteur zijn ronde doen en ook de bouwondernemer kwam met een zeer lange soort prouw aangevaren met bakstenen en cement. Achteraan stond de man te wrikken.* In de 3km-vaart naar La Houle ligt er een stoombootje "le petit beigneur", een begrip voor iedere Louis de Funès liefhebber. De dag er op varen we het smalle kanaaltje uit en begeven ons richting Calais. De oude Vlaamse stad Kales ligt in het département Nord Pas-de-Calais, rechtover Dover, de Engelse aanloophaven bij uitstek. We verblijven er zeker een dagje. Veerdiensten, Hovercrafts, en de ingang van de Franse kant van de "chunnel" nabij Sangette zullen we zeker bezoeken. Maar ook de oude ingang van een vroegere poging om een tunnel te graven, wil ik zeker zien.. 75.000 inwoners telt Calais en jaarlijks vertrekken er meer dan tien miljoen mensen richting "The British Isles" . We bevinden ons volop in Vlaanderen en varen van Kales naar Broekburg, ofwel van Calais naar Bourbourg, de Franse benamingen.In de stedelijke jachthaven kan men rustig liggen op een boogscheut van het kleine ingedommelde dorpje. De volgende dag varen we aan de achterkant van de haven van Duinkerken ofte Dunkerque. Namen zoals Spyker, Grande en Petite Synthe zijn deelhavens van de noordelijkste haven van de Atlantische Oceaan. Nog noordelijker begint immers Het Kanaal. Via een kanaaltje gaan we in Ghyvelde de grens over naar België. We varen voor Veurne, geboortestad van Arthur Blanckaert ofwel Will Tura. Zeer mooie markt met prachtige gebouwen. Kortom een mooi stadje, een bezoek waard. Oudenburg, op het kanaal van Plassendale , is de volgende overnachtingsplaats. We gaan, telkens we hier komen, eten in de mooi gerestaureerde middeleeuwse hoeve. De ligplaats en de elektriciteit zijn hier gratis. 'k Weet trouwens weinig steden of dorpen die zoveel doen om aan de pleziervaart iets aan te bieden. Bedankt, zou'k zeggen. We gaan nu naar het einde van onze reis en gaan op het kanaal Gent -Oostende, Beernem voorbij, de meest onvriendelijke en dure jachthaven die ik ken. We varen naar Nieuwenrode (Eeklo), passeren de Schipdonksluis, met een immer lachende, vriendelijke en behulpzame crew van sasseniers. Aan de windmolen kan je rechts op het kanaaltje van Eeklo, maar wij gaan richting Balgerhoeke en komen bij de nieuwe club waar vrienden van ons liggen met hun bootje. Het kanaal van Balgerhoeke en het Leopoldkanaal, vaste lezers van mijn blog herinneren zich misschien nog het verhaal van de Blinker en de Stinker zoals de bijnamen van deze kanalen. Hier broeit ook het plan om een duwvaartkanaal in deze bedding te maken, richting Zeebrugge. Maar vermits een zekere mijnheer Lippens iets zei van : "over mijn lijk", ben ik er tamelijk gerust in. De laatste dag is aangebroken, schone liedjes duren immers nooit lang. Langs de mooie Blinker, met zijn prachtige Bomen-kathedraal varen we rustig de Schipdonksluis tegemoet, bakboord uit voor Evergem sluis met daarna het kanaal Gent - Terneuzen, waar we aan de koeltoren stuurboord uitvaren om op onze vertrouwde Moervaart te komen. Spanjeveer, we're back ! * wrikken = met één roeispaan achteraan de boot, duwend en trekkend, terwijl draaiend met het roeispaan die in het wrikgat blijft zitten. Vroeger werden alle werkbootjes zo voortbewogen. Nu kunnen nog zeer weinig mensen goed wrikken. 't Is trouwens ook zware arbeid. Men kan het vergelijken met de gondeliers in Venetië, al doen die een andere beweging.
Er bloeit iets moois tussen die twee. Op de leuning van mijn terras kijken ze elkaar diep in de ogen en zeggen 's morgens allebei wel honderd keer : roekoekoe, roekoekoe, enz.... 'k Word soms kwaad om zoveel liefde. Niet dat het stoort, maar we liggen er beiden wel wakker van. Maar als je dan ziet hoe vertederend ze elkaar bejegenen, denk ik : " vandaar het dierenrijk en het mensdom.
Binnenin zijn enkel alle gordijnen vernieuwd, alsook alle kussens overtrokken. Na de nieuwe machinekamer-vloer en de nieuwe TV, hebben we ook een nieuwe matras besteld. De oude had zijn beste tijd gehad na 24 jaar en was aan vernieuwing toe. Volgende week zou alles af moeten zijn. Op 11 april ga ik boven op de werf en wordt de rest perfect in orde gemaakt. Ik hoop dat einde de maand april alles achter de rug is. Mijn ganse bootje zal dan nieuw ogen en klaar zijn om verdere avonturen tegemoet te varen. U krijgt van dit alles ten gepasten tijd de nodige foto's. Tot gauw, varende vrienden.
Een vraag die ieder jaar weer terugkeerd, wanneer we ons verlof plannen, betreft de keuzemoeilijkheid. Alles staat of valt ook wat met het weder samen. Is het betrekkelijk kalm, dan prefereren we Nederland, omdat onze noorderburen nu éénmaal een eeuw voorsprong hebben wanneer het komt op werking van bruggen en sluizen. 509 km verder en 32 sluizen is ons nederlands alternatief. We vertrekken richting Terneuzen op een donderdagnamiddag en overnachten er. De volgende dag zou de enige zware dag zijn. Bedoeling is om in één ruk de westerschelde over te steken om via Hansweert en Wemeldinge aan de Oosterschelde en het Zijpe te beginnen. Via de Krammer en de Volkerak gaan we naar het Hollands Diep. Iets meer dan 100 km en vier sluizen verder ligt de Lage Zwaluwe, onze tweede halte. Op zaterdag dwarsen we het Hollands Diep, varen de Biesbosch in en komen via het kleine sluisje in Werkendam. Het zou kunnen dat we zondag houden in de Biesbosch omdat alle sluizen in de buurt toch niet op zondag werken. De meeste mensen zijn kerks en de zondagplicht is er heilig. Geen enkele winkel is er open, en ook alle sluizen en bruggen in de buurt zijn zondaghouders, zoals men ginder zegt. Via de Boven Merwede gaan we richting Gorkum uit (Gorinchem), de Waal op, naar het kleine verbindingskanaaltje van St. Andries. We varen voor 's Hertogenbosch en gaan er zeker eens aanleggen. We komen op de Zuid-Willemsvaart met Veghel als voornaamste stad en varen tot Beek. We maken de kromming en de tegenovergestelde richting uit op het Wilhelminakanaal met Tilburg als einddoel. Na Oosterhout komen de sluizen er aan, die ons op het Markkanaal en de Mark brengen met Breda als overnachtingsmogelijkheid. We varen nu verder op de Dintel helemaal tot Heijningen, waar we bakboord uitgaan richting Volkerak. Via het Mastgat, de Keeten en de Zandkreeksluis beland ik op het Veerse Meer en overnacht in Kortgene. We passeren 's anderendaags Veere, nog altijd de Koninginnestad in Nederland en komen er na de sluis op het Kanaal door Walcheren. We hopen te overnachten in Middelburg, maar de vrije plaatsjes zijn op je één hand te tellen. De dag nadien gaat het huiswaarts, de oversteek van de Westerschelde richting Breskens en langs het kleine vaarwater naar Hoofdplaat en Terneuzen. 't Zal wel terug de Oostsluis worden, die ons op het kanaal Gent - Terneuzen brengt, en ons terug zal voeren naar ons ligplaats op de Moervaart, aan de Spanjeveerbrug. Hoe het Franse alternatief er uit ziet vertel ik jullie in een volgend blogje. Ongeveer gelijk qua kilometers, iets meer sluizen, maar minder druk op de vaarwegen. Tot dan.
Deze week is "den Eddy" aan boord geweest om enkele opmetingen te doen. Hij is het, die de nieuwe houten vloer over de machinekamer moet timmeren. Den Eddy, is ne fantast, daar bedoel ik niets slecht mee, maar wel letterlijk. "Noa heb ik geenen tijd", orakelde hij in 't antwerps.. Aan boord bekeek hij alles grondig, zoals hij dat altijd placht te doen, en zei na een kwartiertje. Ok, volgende week zen ik er. Twie dagen weirk en alles is kleir, joeng. Ik probeerde voorzichtig nog een vouwmeter aan te reiken, maar "den Eddy" zei dat hij dat niet nodig had. "Hier, dréken, hier, 't koppeke, doar moet het zitte "! Geluidloos en vol schaamte stak ik de vouwmeter terug achter mijn rug. "Zeker, Eddy, zeker" : memmerde ik terug. Ik begeleide hem daarna terug naar zijn wagen, hij nam zijn notaboekje en pende feilloos alle afmetingen die hij nodig had om hout, geluids-isolerende platen en bekleding te bestellen. "'k Zen toch wat ouwer oant 't weurre, joeng" weerkaatste hij in 't algemeen beschaafd antwerps". Toen ik daarna de poort opende van de jachtclub voor "den Eddy" buiten te laten, kwam ik al fluitend terug. Bij het aan boord- komen zong ik zowaar. Enigszins verwonderd over zoveel vrolijkheid moest Petra er het fijne van weten. In 't kort vertelde ik dat ik dat zelf niet meer zou kunnen, zo alles van buiten, maar toen Eddy kort erna alles neerpende, was ik gerustgesteld. Ik kon dan toch nog mee, dacht ik. 's Avonds toen we naar huis reden, speelde die glimlach nog altijd rond mijn mond, zei Petra. Op z'n antwerps antwoordde ik toen, 'k zen wat ouwer geweurre, maar hier mut het just zitte, 't koppeke, schat, 't koppeke. Beiden zijn we scha-te-rend naar huis gereden.
Telkens er trammelant is op 't één of ander automerk, gewoonlijk zijn 't stakingen of zo, hoor ik klagen over de te hoge werkdruk en montage van teveel auto's met te weinig mensen enz... Groot was dan ook mijn verbazing, toen ik deze wagen bestelde op het autosalon 2007. We hadden zes auto's in gedachten, en dit was volgens ons de beste koop. Het was dus januari wanneer we hem bestelden, en op onze leveringsbon stond mei/juni. Opgelucht gingen we dan ook kijken eind mei om te zien wanneer we hem konden afhalen. We hadden ons terug een cabrio gekocht, omdat onze vorige wagens ook cabrio's waren en we graag openrijden tijdens de zomer. In de garage had men slecht nieuws. Het zou juli/augustus worden, vertelde men. Ontgoochelend terug naar huis. Wanneer men zich ergens op instelt, en door één of andere reden gaat het niet door, is de ontgoocheling soms groot. Men had ons gezegd begin augustus en eigenlijk waren we best tevreden, want dan konden we met onze nieuwe wagen naar Italië op vakantie. Eind juli was het al uit met de pret. We hoefden er niet op te rekenen. Het zou oktober worden. Een vlammende brief geschreven naar de garage, met daarin wat ik dacht over gegeven woorden en afspraken. Niet dat dit helpt, maar het lucht op tenminste.Eind oktober is tenslotte een te late levering voor een cabrio, de zon en de zomer zijn voorbij. Toen men in oktober dan nog maar eens vertelde dat het november zou worden, hebben we beiden bij een bezoek aan de garage niet enkel ons gedacht gezegd, maar hen ook verteld dat er compensaties moesten komen. De garagehouder keek bezorgd, maar durfde niet direct nee zeggen. Desnoods, zei ik, breng ik wel mijn advocaat mee. De man verbleekte. We zijn eind november onze wagen gaan bekijken, hij was eindelijk aangekomen en hebben alles bekomen hetgeen we supplementair gevraagd hadden. Wanneer ik de goedbetaalde werknemers van de verschillende automerken hoor met hun geleuter over te hoge werkdruk of te weinig bestellingen moet ik lachen. Overal geldt er een wachttijd wanneer men een nieuwe wagen koopt. Begrijpe wie kan.Want zeg nu zelf, een jaar wachten op een nieuwe wagen, alles heeft zijn grenzen.
't Is maar de griep, zegt men, en daarbij houd men blijkbaar geen rekening met de impact van de ziekte op het lichaam. Ik heb er in ieder geval mijn deel van gehad. Griep is natuurlijk in grote mate overdrachtelijk, en of je het nu wil of niet, iedereen staat er open voor. Ten tweede vergemakkelijkt ook ons milieu de overdracht van ziektekiemen door het jaargetijde. Een grote periode van droogte, met veel fijne stofdeeltjes in de lucht dragen bij tot wat wij allemaal inademen : "lucht". Maar welke lucht. Zeker in meerdere mate, reeds gedeeltelijk besmette en vervuilde lucht. Petra was eerst. Drie dagen later had ik prijs. Ik heb dan ook vier volle dagen in bed gelegen, zowat de enige plek waar ik mij in dergelijke omstandigheden goed voelde. Met iedere dag koorts, pijn in al mijn ledematen en gewrichten, met regelmatig hoofd- en keelpijn erbij, voelde ik echt ellendig. Maar gelukkig na deze periode van miserie komt het einde van de tunnel in zicht. Ik ben vandaag voor het eerst deze week naar buiten gewandeld, en het voelde goed. Nu wat op krachten komen, zodat ik maandag weer aan de slag kan. 't Is maar een griep, jaja......
Ieder jaar weer kijk ik er naar, en 'k weet niet waarom ! 't Is of het zich naar de klokken toetrekt. Maar ieder keer weer staat pal achter mij de realiteit die zegt : "dat komt in mijn huis niet" ! 'k Ga dan verder en droom stilletjes : misschien volgend jaar wel, lieve koekoek !
Met bubbels graag, James zei de Engelse Lord en schraapte zich de keel. James, die zijn baasje kende vroeg : in 't bad of in 't glas. De Lord schudde het hoofd om zoveel onwetendheid. Champagne, stelde de Lord en schraapte nogmaals de keel. James goot met stevige hand het glas tot waar het moest. Er zijn natuurlijk ook mensen zoals wij twee, die van beide houden. Maar was er ooit niemand die zei : dat trop, teveel was ? oostvaarder
'k Heb nog altijd een droom, en dat is met hem gelijk welk bergje op de ski's af te komen. Of het lukt weet ik niet, maar 'k blijf er van dromen. Deze droom pakken ze me alvast niet af.
De binnenkant van de Enya is volledig vernieuwd en opgesmukt. Alle kussens werden opnieuw bekleed en nieuwe gordijnen sieren ons bootje, met dank aan Petra's mama. Het bootje is nu volledig nieuw qua interieur. 't Was nodig want de oude gordijnen waren echt versleten. De volgende stap werd deze week gezet. De vloer van het woongedeelte gaat er volledig uit en wordt vervangen door een lichtere uitgave onderaan versterkt met geluids- en warmtewerende panelen. Dit moet leiden tot een betere toegang van de motorruimte.Rond 11 maart komt de schrijnwerker langs om opmetingen te doen. Ondertussen werd ook een flatscreen - televisietoestel aangeschaft om aan boord BVN te kunnen bekijken.U ziet het, kosten noch moeite zijn gespaard om ons bootje in een topkonditie te houden. Wanneer de bodemplaten terug vervangen zijn, kan ik contact opnemen met de werf. Op de werf wil ik in eerste instantie duidelijkheid over de kielplaat onder de keuken. Of de ruimte onder de vloer wordt versterkt langs binnen en opnieuw geschilderd, ofwel komt er nieuwe plaat onder de kiel als versterking. Het meten van de dikte van de plaat moet geschieden op een werf. Het kan zijn dat ik daarna alle dekken nog eens laat schilderen, waarna een aantal kleine aanpassingen nog dienen te gebeuren. Vooreerst een ruitenwisser plaatsen bij de buitenbesturing en aansluiten op het buitenpaneel. Daarna de toerenteller en uurteller op de binnenstuurstand nazien en eventueel vernieuwen. De boiler nakijken en terug voorzien van koelvloeistof. Dan is hij klaar om terug te varen naar de ligplaats en de mecanicien te laten komen om een algemeen motoronderhoud te laten uitvoeren. Daarna staat de Enya weer voor jaren in orde en is er ieder jaar enkel het motoronderhoud voor en na de winter dat telt. Eind april zou alles moeten gedaan zijn, want op 1 mei zijn we 12 dagen met verlof. Die twaalf dagen worden zeker een vaarverlof, naar waar en hoelang is een vraag. Van onze vrienden, die varen met ons vorig bootje "El Verde", kregen we ook al een aanlokkelijk voorstel om samen iets te doen. Iets waar we beiden wel oortjes naar hebben ! Het uitkienen van een vaarroute moet dan in beider overleg.Met onze PC-navigo, geen probleem. Deze reisplanner op computer kan alle mogelijkheden in een seconde de baas. We zien wel wat het wordt. Ondertussen geniet van de beloofde foto's van onze wintersport-vakantie.
Onze wintersportvakantie is terug voorbij. En terug werd het Seefeld. De Tiroolse mentaliteit ligt me wel. Ook ben je na een aantal jaren geen vreemde meer. Na meer dan 20 jaar Seefeld kom ik er nog altijd graag en ontdek nog immer nieuwe dingen. We gingen op de eerste werkdag dan ook een goeie dag zeggen op het stadhuis, waar we verleden jaar trouwden. Frln Sandra Auer was zeer verrast, en zelf waren we het nog meer. Immers, onze foto had wel een ereplaatsje gekregen aangezien we de eersten waren om door haar gehuwd te worden. De pralines werden in dank aangenomen. Betreffende de weersomstandigheden kan ik kort zijn. 's Nachts koud (-10/ -15) en overdag stralende zon (terrassenweer). De keuken in ons hotel was 100% verbeterd in vergelijk met verleden jaar. Dat was aardig meegenomen. En dan het skieën. Voor Petra verliep het niet zo best. Met een kleine verzwikking aan de knie, kon ze de laatste dag niet meer op de latten. Maar goed, dat hebben we dan vervangen door de twee laatste namiddagen wat sauna te doen en te gaan zwemmen in het ferienhotel. Ikzelf heb alle pistes gedaan. Ik was ook blij verrast dat de Rösshutte volledig vernieuwd was met nieuwe pistes + nieuwe zetelliften. Zo blijft het spannend. Voor de rest de batterijen effe opgeladen en van het leven genoten. We zijn niet voor niets Bourgondiërs. De foto's komen er aan !
Toen we in Seefeld verbleven, werden we noodgedwongen door "het knietje" van Petra, van de piste af gedwongen. Dan maar naar het zwembad, waar sauna en bubbelbaden koning zijn. En of we er van genoten hebben mag blijken uit bijgaande foto. Het was gewoon zaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaalig !
Telkens men mij op de hoogte brengt van een ziekte- en/of sterfgeval, denk ik direct aan mijn kleinzoon. In een flits probeer ik hem voor de geest te halen, hoe hij er uitzag bij onze laatste ontmoeting, een jaar terug. Hoe zou hij het doen op school ? Heeft hij veel vriendjes of al "vriendinnetjes" ? Is hij gegroeid ? Kan hij al skiën zoals zijnen opa ? Heeft hij opa's boot al gezien of zijn nieuwe auto ? Allemaal vragen waar ik jammer genoeg geen antwoord op ken. Met nieuwjaar en op zijn verjaardag verwacht ik hem altijd weer. Tot nog toe, tevergeefs. Jammer, want ook opa's tijd mindert, en bij overlijdens en ernstige ziektes van mensen uit mijn omgeving denk ik altijd hoe snel het wel kan. Ik hoop dat alles gauw veranderd en ik hem weer kan zien, mijne Wout.Dan vertellen we weer honderduit over alles wat ons zo samen hield. Ik mis hem, ieder dag, iedere minuut !