What's in a name
Het hoogoplopende geruzie in de SP.A omtrent de licht gewijzigde invulling van het letterwoord en de hoogst subjectieve en op (politiek) eigenbelang gerichte commentaren van de 'buitenwereld', zeggen meer over de ondraaglijke intellectuele lichtheid en de kwaadaardige intriges van een aantal bekende politieke en mediafiguren, dan over hun democratische ingesteldheid en bekommernis om ons politieke systeem.
In essentie gaat het bij de SP.A (ook bij de diehardsocialisten, veronderstel ik) toch om een progressieve, sociaaldemocratische visie op de samenleving. Maar het is duidelijk: een aantal individuen en machten in en buiten de SP.A, bezondigen zich bewust aan woordfetisjisme om de positie van de voorzitster te ondermijnen.
In de eerste plaats het orakel van Leuven, dat vaker en vaker ronduit domme en chagrijnige uitspraken produceert. Wat bezielt de bejaarde salonsocialist Tobback,om de jongere garde in zijn partij, om een hoe dan ook uiterst banale reden, in het publiek voor schut te zetten? Dan zijn er natuurlijk ook de politieke tegenstanders en een belangrijk deel van de media, die om diverse redenen garen spinnen bij de herrie in het 'rooie' kamp, en nu schijnheilig hoog opgeven over trouw aan het 'echte socialisme'.
En last but not least is er topfetisjist Bert Anciaux. Bert wil wel politiek onderdak bij de SP.A maar hij kan het woord 'socialist' niet verdragen. Als hij dan enige genoegdoening krijgt, is hij zo dom, brutaal en mediageil om als eerste de wereld daarvan kond te doen. Verstandige diplomatie en gepaste discretie zijn klaarblijkelijk niet aan Anciaux besteed.










