Onder de titel 'Secularisatie kan niet afgedwongen worden', verscheen enkele dagen geleden in de Nederlandse 'De Volkskrant' een commentaarstuk, waarin, weliswaar vanuit een nogal denigrerende invalshoek, gepleit werd voor tolerantie ten aanzien van 'sommige medeburgers die ideeën hebben (versta: religieuze), die ver van de liberale hoofdstroom verwijderd zijn.
Daarop kwamen heel wat reacties, waaruit nog maar eens te lezen viel (de situatie in Vlaanderen is niet wezenlijk verschillend), dat de herauten van de secularisatie zich vaak laten kennen door spot en beschimping van alles wat met geloof en kerk te maken heeft.
Intolerantie wordt in Nederland en Vlaanderen veel minder door mensen met een religieuze overtuiging gemanifesteerd, zeker wanneer het christenen betreft, dan door individuen en groepen die met aplomp en niet zelden agressie, de gelovigen beschouwen als de meest achterlijke specimen van de menselijke soort.
Nogal wat agnosten en atheïsten, ook op het academische niveau, zijn klaarblijkelijk gegrepen door een 'seculariseringsaandrang', die duidelijk de kenmerken vertoont van een fundamentalistische bekeringsdrift.
Wellicht speelt bij hen in essentie hetzelfde als wat volgens R. Hawkins ('God's Delusion'), bij gelovigen het Godsbegrip doet ontstaan: de mens die vanuit zijn existentiële angst en onzekerheid op zoek is naar een houvast.
Dat Hawkins e.a., hun opvattingen sterk mede laten bepalen door antireligieuze uitgangspunten, is in dat verband veelzeggend.
Nu er na 190 dagen een (asymmetrische) interimregering zit aan te komen, een voorlopige balans. En die is uitermate triest.
Van de communautaire beloften waarmee CD&V-NVA de verkiezingen won, is niks gerealiseerd. De splitsing van BHV, die de gemoederen zo beroerde, is in de diepvriezer gestopt. De eis dat een staatshervorming deel zou uitmaken van een regeerakkoord, is opgegeven.
De sociaal-economische deelakkoorden worden door de vakbonden en het ACW in grote mate als te liberaal en antisociaal beschouwd. De massale vakbondsbetoging in Brussel sprak in dat verband boekdelen.
Op het persoonlijke vlak werden ongetwijfeld diepe wonden geslagen. Milquet werd in Vlaanderen als 'madame non' gediaboliseerd en Reynders moet uiteindelijk de PS dulden en voelt zich opzijgezet. Leterme mislukte tweemaal als formateur, moet constateren dat Verhofstadt hem in populariteit voorbijsteekt en vooral dat zijn grote concurrent nu door vriend en vijand als 'redder des vaderlands' wordt opgevoerd.
Ten slotte: niets laat voorzien dat in maart of later, wanneer Leterme opnieuw de ring wordt ingestuurd, het bereiken van een communautair en sociaal-economisch regeerakkoord zeker zal lukken.
Het is een verdienste van Caroline Genez ervoor te zorgen dat voor het eerst in weken de aandacht getrokken wordt op inhoud. Zoals het ook al lang geleden is dat Yves Leterme positief in beeld komt door zich open op te stellen voor een belangrijke medespeler op het politieke veld.
De sociale voorwaarden die de SP-A-voorzitster stelt voor regeringsdeelname, zijn belangrijk en niet onrealistisch, zoals door de liberalen wordt verkondigd (heb je Somers al ooit iets horen zeggen over onrealistische topsalarissen en winstmarges?).
Ietwat christendemocraat, die naam waardig, moet voor dergelijke sociale bekommernissen, op zijn minst oor hebben. Leterme heeft dat klaarblijkelijk begrepen.
Yves Desmet stelt in 'De Morgen' dat het bij de huidige pogingen om een asymmetrische interimregering te vormen in hoofdzaak draait om persoonlijke ambities en persoonlijke vetes. Hij heeft gelijk. Het gaat inderdaad om personen en postjes.
Bekommernis om 'goed bestuur', 'de mensen', 'visie op de samenleving', is ver zoek. De formatie is een inhoudloze zoektocht, een banaal rekenspelletje geworden met als doel: hoe een tweederde meerderheid vinden.
Neem bv. de solidariteit met de zwakkeren (volgens 'Knack' leven er momenteel anderhalf miljoen Belgen, of het aantal inwoners van Brussel-Halle-Vilvoorde, onder de armoedegrens) en het behartigen van de werknemersbelangen. Dat zijn kernen, dacht ik, van de sociaaldemocratische politieke en maatschappijvisie. Hoe kunnen de zgn. 'linkse' partijen die visie op een consistente manier verdedigen met de PS in de regering en de SP-A in de oppositie?
De vergelijking tussen de RTBF, die een kandidaat-premier aanvalt, en Radio Mille Collines, die opriep tot genocide, kan alleen maar ontstaan in de overspannen geest van een superambitieuze politicus, die zich graag een martelaarsrol toebedeelt.
Alle verhoudingen zijn zoek in de vergelijking en ze kan terecht geïnterpreteerd worden als een provocerende minimalisering en bagatellisering van de gruweldaden die in Rwanda plaatsvonden.
Een kandidaat-premier doet dat niet en ik ben ervan overtuigd dat deze uitspraak Leterme, mocht hij eerste-minister worden, in de internationale media en op het politieke werelforum, zal blijven achtervolgen.
Daarnaast zijn er enkele onbegrijpelijk kneuterige en puberale elementen in deze zaak. Leterme bekent namelijk dat hij de laatste reportage van RTBF, die -op basis waarvan?- een CdH-zender genoemd wordt, niet gezien had maar dat hij op de hoogte werd gebracht van een en ander door sluwe vos Reynders, de aartsvijand van Milquet. Of hoe de diabolisering van de RTBF zowel door Leterme als door Reynders geëxploiteerd wordt voor nog maar eens een rondje Milquet-bashing.
"Kom jij ook naar mijn klasje?", vraagt mijn kleinzoon.
Dinsdag is 'collegadag': wandelen en bij een stevig glas, herinneringen ophalen, de toestand in de wereld bespreken, onze naasten de revue laten passeren.
Ik antwoord dus: "Oma zal er zijn, jongen, en zaterdag kom ik naar het voetbal."
Hij speelt namelijk vol overgave bij de 'duiveltjes': massaal aanvallen en massaal verdedigen, is hun tactiek.
Ongeveer zoals bij de Rode Duivels, stel ik me voor.
Dat CD&V de koning over de hekel haalt omdat hij, na de tweede mislukking van Leterme, de premier te hulp roept, is onbegrijpelijk.
Het is precies het onvermogen van Leterme om een regering te vormen, dat het Staatshoofd er telkens weer toe dwingt, initiatieven te nemen om het formatietreintje opnieuw op de rails te krijgen.
Ik kan me voorstellen dat Albert II op zijn leeftijd wel interessantere tijdpasseringen kent dan oplossingen te bedenken voor ruziënde politici.
In een nieuw document van het Vaticaan wordt gesteld dat de katholieke scholen hun katholiciteit duidelijker moeten tonen en beleven.
Eigenlijk is deze vraag of opdracht de logica zelve. Wil het katholiek onderwijs zich 'katholiek' noemen, dan mag er verwacht worden dat deze vlag ook de lading dekt.
Slagen de scholen daar helemaal niet in of laat het ze volkomen onverschillig, dan doen ze er beter aan en is het eerlijker naar leerlingen en ouders toe, het etiket 'katholiek' in de prullenmand te gooien.
Omwille van de wervende kracht de naam 'katholieke school' blijven behouden zonder veel inhoud te geven aan het etiket, is hypocriet en schijnheiligheid zou in de opvoeding van jonge mensen toch zeker vermeden moeten worden.
Het 'ultieme voorstel' van Leterme slaat iedereen die de formatiepogingen volgt, met verbijstering.
Het ultimatum past niet in de mond van een federale formateur. Letermes vragen zijn uitsluitend gericht aan de Franstaligen en die kunnen niet anders dan afwijzend reageren.
Het is duidelijk dat Leterme beseft dat hij mislukt is. Hij wil zo vlug mogelijk het federale plunje uitschieten en zich in een leeuwenvlag hullen.
Lekker terug naar het veilige, rijke Vlaanderen waar 'bewindslieden' zich tenminste bezig kunnen houden met electoraal lonende en dankbaarheid genererende activiteiten, zoals het uitdelen van geld aan de gemeenten.
Als je, wat er nu op de communautaire onderhandelingstafel ligt, vergelijkt met de verkiezingsbeloften van CD&V-NVA, dan stelt het niet veel voor.
Het NVA pleegt politieke zelfmoord, indien de partij daarmee akkoord gaat. Om in de culinaire beeldspraak van De Wever te blijven: er liggen alleen maar enkele halfrotte sprotjes op een smerige tafel.
Maar wat nog meer opvalt: CD&V, die zichzelf graag een beleidspartij noemt, heeft in deze formatie al een bijzonder bochtig en inconsequent parcours afgelegd, in laatste instantie gerechten op de kaart geschrapt en formateur Leterme op het verkeerde been gezet of teruggefloten.
Allicht wordt Leterme premier maar het is nu al duidelijk: hij is aangeschoten wild, hij mist visie en zijn gezag is door de eindeloze formatie met al haar verwikkelingen, ernstig aangetast. En dat is niet uitsluitend de schuld van de Franstaligen.
Minister Frank Vandenbroucke heeft het klaargespeeld: de werkingsmiddelen zijn niet langer afhankelijk van het onderwijsnet maar worden bepaald door de sociale achtergrond van de leerlingen, naar welke school ze ook gaan.
Tot nu toe ontvingen de vrije scholen minder werkingsmiddelen dan het officiële net. Dat was een erfenis van het 'Schoolpact' uit de jaren '50 en zorgde geregeld voor zure oprispingen bij het katholiek onderwijs.
Dat het uitgerekend een socialist is die deze ongelijkheid ongedaan maakt en vooral ook, de nadruk legt op de sociaal zwakke leerling en zijn familie, zijn elementen die deze beslissing een bijna historisch cachet geven.
De kwalijke gevolgen van de liberalisering van de gezondheidszorg worden duidelijker en duidelijker.
250.000 Nederlanders zitten buiten de zorgverzekering. Tel daarbij de 200.000 illegalen die zich niet mogen verzekeren! De situatie zal in België niet fundamenteel verschillend zijn.
Tegen die achtergrond is het voorstel van de Nederlandse politicus Henk Kamp ronduit stuitend. Hij wil hulp aan illegalen strafbaar stellen.
Er is maar een conclusie mogelijk. Hoe rijker een samenleving, hoe hardvochtiger en onmenselijker ze zich opstelt ten aanzien van onmachtige, arme, in het nauw gedreven mensen, zowel autochtonen als allochtonen.
Zwijgen als vermoord over de grote humanitaire en christelijke tradities van het Westen, moeten zeker politici als Kamp voortaan doen.
Veel politiek doorzicht mag je het Vlaams Belang zeker niet toedichten. Deze partij, die zo vlug mogelijk België wil doen barsten, brengt precies nu een splitsingsvoorstel in het parlement ter stemming. Dat is ondertussen, zoals ook het VB wel had voorzien, weggestemd.
Maar op deze manier geeft het Vlaams Belang aan de Vlaamse onderhandelaars van CD&V-NVA en VLD de kans zich uit te spreken tegen separatisme. En dat is een van de signalen die de Franstaligen wilden krijgen vooraleer zij opnieuw ernstig over de vorming van een federale regering wilden onderhandelen. Het VB als hulpje bij het opnieuw op de rails brengen van oranje-blauw!
Misschien wilden De Winter en co. vooral De Wever en het NVA jennen en verloren ze daarbij uit het oog dat ze een belangrijk glijmiddel bezorgden aan de Vlaamse onderhandelaars om de formatiebesprekingen weer aan te vatten.
Een en ander versterkt me in de overtuiging dat het Vlaams Belang al langere tijd het noorden kwijt is. En daar zullen de tegenvallende verkiezingsuitslagen en opiniepeilingen wel een grote rol in spelen.
Letermes buiklanding zit eraan te komen. Van het onverantwoorde maar electoraal lonende communautaire CD&V-NVA-spierballengedoe blijft bijna niks over. Integendeel. BHV voor lange tijd in de koelkast en -duidelijk in het verschiet-meer faciliteiten voor de Franstaligen in de Brusselse rand.
Wat meer is: ik ben ervan overtuigd dat de aanhechting bij Brussel van enkele Vlaamse randgemeenten wordt voorbereid. Het is overigens te opvallend en te onacademisch om niet verdacht te zijn: Bruno De Wever, broer van, vindt aanhechting van gemeenten met een Franstalige meerderheid, de logica zelve. Bart zwijgt als vermoord.
Het weze nogmaals herhaald: je hoeft geen politiek genie te zijn om te weten dat voor het vormen van een federale regering, compromissen nodig zijn. Wat nu wordt voorbereid, behoort dus allicht tot 'de logica zelve'. Maar het cynische kiezersbedrog waarmee het kartel de Vlaamse kiezer lijmde en de verkiezingen won alsmede het voorstellen als een historische Vlaamse overwinning, van de eenzijdig Vlaamse beslissing BHV te splitsen, waardoor juist die splitsing in de koelkast (nog waarschijnlijker: in de diepvriezer) belandde, dienen blijvend aan de kaak gesteld.
Vlaams minister Van Mechelen werd tot nu toe door de media beschouwd als een ernstig en competent vakminister.
Met zijn voorstel om uit de klaarblijkelijk rijk gevulde Vlaamse vetpotten, iedere gemeente te bedenken met honderd euro per inwoner ( een cadeau van 600.000.000 euro), slaat hijzelf dat imago aan gruzelementen.
Dat Van Mechelen zijn voorstel verpakte als een reeds genomen beslissing en dus prompt teruggefloten werd door de minister-president, betekent hoe dan ook politiek gezichtsverlies.
Maar de nonchalance en het volkomen gebrek aan ethische verantwoording en beleidsvisie in zijn voorstel, tarten elke, met uitzondering allicht van de diepblauwe, politieke verbeelding:
-Steenrijke belastingparadijzen krijgen hetzelfde bedrag als armlastige steden en plattelandsgemeenten.
-Op het Vlaamse niveau heeft in het bijzonder de zorgsector een enorm tekort aan mensen en middelen. Zou onze liberale excellentie er niet beter aan doen in overleg met zijn collega's meer centen te voorzien voor de opvang van bejaarden, zieken, mindervaliden? Zijn de wachtlijsten al weggewerkt?
-Van Mechelen bewijst met zijn onverantwoord sinterklaasgedoe nog maar eens dat de Vlaamse regering in het geld zwemt maar de sociale bewogenheid mist om die middelen genereuzer ten bate van degenen die het meest behoefte eraan hebben, aan te wenden.
-En je kan die hebzuchtige opstelling van het welstellende Vlaanderen (een van de rijkste regio's ter wereld) zonder veel moeite doortrekken naar het Belgische en mondiale niveau. Want waarmee slaan bepaalde politieke partijen ons al jaren om de oren, wanneer het gaat over meer zelfstandigheid voor Vlaanderen: de transfers. Meer centen in Vlaanderen houden. Om er wat mee te doen? Ze uitdelen, blijkt nu. Niet op basis van rechtvaardigheid, solidariteit en duidelijk in kaart gebrachte noden in de verschillende regio's van België en van de ontwikkelingslanden. Neen, de minister wil het zo eenvoudig mogelijk houden (en binnen de Vlaamse gemeenten, die hij beschouwt als eenheidsworst).
me reeds dagen het hoofd gebroken over een passend woord voor driekwart eeuw vriendenpaar
vanmorgen weer op weg van postel huistoe in de mist aangenaam geprakkiseer maar bijna een botsing met een eend aan brug twee dus ik realiseer me met een schok ook uit lijfsbehoud eenvoud is een zeer hoog goed wat is er mooier dan
gelukkige verjaardag
wat in deze context hoe dan ook naar ik hoop een bijzondere glans krijgt
In 'Molenijzer', het contactblad van de Postelse abdij, schrijft abt Lasters in de rubriek met de eenvoudige titel 'Woordje van de Prelaat', vaak behartenswaardige dingen.
In het oktobernummer heeft hij het over de belangrijke evangelische houdingen 'dienstbaarheid' en 'liefde'. De abt constateert dat spontane hulp van mens tot mens in onze huidige samenleving een flinke deuk heeft gekregen door anonimiteit en individualisme binnen onze samenleving. En prelaat Lasters stelt de lezer daarbij een aantal pertinente vragen: Durf je het evangelie naast jouw leven leggen? Is het zo dat mensen bij je terecht kunnen met hun eerlijke vragen om hulp? Steek je spontaan een hand toe? Kun je iets gratis doen?...
De norbertijnerabt stelt dat het evangelie oproept tot een andere manier van mens-zijn die het egoïsme en de zelfgenoegzaamheid doorbreekt, en tot grote openheid en solidariteit.
Einde augustus schreef ik in dit blog: Albert II wordt al weken van hot naar her gedirigeerd en heeft in feite met veel discretie alle mogelijke rollen al moeten vervullen: bemiddelaar, informateur, verkenner, verzoener, formateur.
Het is er ondertussen niet beter op geworden. De officiële (politieke) formateur is door de onderhandelende (!?) partijen zo goed als technisch werkloos gemaakt en een deel van de Vlaamse onderhandelaars stelt een onmogelijk in te willigen voorwaarde om opnieuw rond de tafel te gaan zitten. Onmogelijk, zelfs indien Reynders, Milquet en Mangain akkoord zouden gaan. Die voorwaarde, garanties voor een grote staatshervorming, vereist namelijk een tweederde meerderheid en die heeft oranje-blauw nu eenmaal niet.
Dus moet onze bejaarde en goedmoedige koning nog maar eens opdraven en proberen via een zgn. 'Raad van Wijzen' een oplossing te vinden voor de communautaire crisis.
Het valt niet te verwachten dat het Staatshoofd voor al die inspanningen (die eigenlijk door de beroepspolitici zouden moeten geleverd worden) veel dank en respect zal krijgen. Nu reeds kan je in sommige krantencommentaren lezen dat de koning te sterk ingrijpt in de politiek.
Begrijpe wie kan. Albert II wordt er door de ruziënde politici precies toe gedwongen telkens opnieuw het ontspoorde formatietreintje op de rails te helpen. Ik kan me voorstellen dat een man van 73 met de bonhomie die de koning eigen is, wel andere dingen weet te verzinnen om zijn oude dag door te brengen.
Nog enkele dagen kan je langs Retiese wegen twaalf mooi gekalligrafeerde profetische, troostende, hoopgevende, confronterende, tot bezinning stemmende citaten uit de zgn. 'kleine profeten' lezen.
Als de logica van de winst domineert, dan vergroot zij de afstand tussen de armen en de rijken, en veroorzaakt zij een catastrofaal gebruik van de planeet.
Vijf maanden na de verkiezingen blijft van de onverantwoorde maar electoraal lonende communautaire stoerdoenerij zo goed als niks over: BHV afgevoerd naar het drijfzand van eindeloze procedures, de 'grote' staatshervorming losgehaakt van een eventueel regeerakkoord en geparkeerd bij enkele 'wijze' en oude staatsmannen.
Dat het kartel, opgeschrikt door de vernietigende commentaren in de Vlaamse media en de stormvloed van negatieve kritiek op de internetfora, zich haastte om garanties i.v.m. een staatshervorming te eisen vooraleer CD&V-NVA opnieuw aan de onderhandelingen wil deelnemen, verandert niets aan het feit dat zowel de kwestie BHV als de staatshervorming, geen deel zullen uitmaken van een regeerakkoord.
Leterme mag een antisociale (de zgn. vakbondsvleugel van CD&V geeft geen kik), centrum-rechtse regering leiden. De realisering van de communautaire beloftes wordt naar ergens in de toekomst verschoven. NVA verliest zijn bestaansgrond en verdwijnt bij de eerstvolgende verkiezingen van politieke toneel als de partij al niet eerder ophoudt te bestaan.
Het kartel had zijn verkiezingsoverwinning te danken aan het enorme communautaire beloftepakket. Dat wordt zo goed als helemaal in de papiermolen gegooid. Daarmee houdt ook de politieke geloofwaardigheid op te bestaan.
In de ogen der kinderen was reeds het verlangen naar de avond. Zij sleurden met takkenbossen. Driftig belden zij aan en zongen met schelle stem het oude lied. Het herfsthout stapelden zij op, zo hoog als hun droom was geweest. En zij vergaten de vlag in top niet en de rubberbanden. Het plechtige moment van de vlam in het hout en het gejuich wanneer ze grillig doorheen de takken schiet. Het reuzenvuur, de gloed waarin wij, stil geworden, staren naar de oerkracht uit een ver verleden. Het vuur dat onze jeugd verlicht en even heimwee wekt naar de blije drukte van elf november, lang geleden.
Enkele dagen geleden met familie en vrienden een wandeling gemaakt in Holsbeek en Kessel-Lo.
Eerst trokken we door de Wingevallei waarvan een deel beheerd wordt door 'Natuurpunt'. Het was aangenaam wandelen langs de Winge en door de broekbossen naar het zestiende-eeuwse 'Geesthof' toe. Met het Chartreuzenbos begon het steviger stapwerk. Maar wat een pracht! Majestatische beuken langs steile hellingen, lieflijke dalletjes, diepe holle wegen met ijzerzandsteen en natuurlijk in deze tijd van het jaar de kleurenpracht van de herfst. De Kesselberg waar jaren geleden nog motorcrossen werden georganiseerd, is nu een mooi wandelgebied geworden waar ook een vrij groot heideveld te vinden is. Vanop het plateau heb je een fraai uitzicht over Leuven en omgeving.
Binnen de muren van de voormalige abdij van Vlierbeek is er de gezellige taverne 'In den Rozenkrans' waar de honger gestild en de dorst gelest kan worden. Via heel wat 'trage wegen' -opvallend hoeveel al dan niet verharde wandelpaadjes er in de omgeving van Leuven nog zijn- leidde de wandelroute ons naar het Ronde Bos en het Bleekbos in Hoog Linden.
Na ongeveer 19 km bereikten we ons vertrekpunt, het dorpsplein van Holsbeek, een magnifieke wandelervaring rijker.
De uithaal van Vandenbroucke naar De Wever in 'De Zevende Dag' was niet nodig en lokt heel wat commentaar uit.
Dat neemt niet weg dat m.i. Vandenbrouckes analyse correct is maar hij had zich beter tegen het kartel CD&V-NVA gericht in plaats van de arme, zwaar belaagde, nog maar pas van zijn tweede excuusronde bekomen politicus De Wever over de hekel te halen.
CD&V-NVA is namelijk Reynders gevolgd in zijn obsessie om de PS-macht te breken. Bovendien heeft het kartel (niet de 'linkse' Vlaamse partijen) , gedreven door electorale overwegingen, BHV (...vijf minuten politieke moed volstaan...,zei Leterme) en de Grote Staatshervorming tot enorme symbooldossiers opgeblazen. Gevolg: een grote staatshervorming is onmogelijk omdat er geen tweederde meerderheid is en omdat er geen politiek draagvlak in Franstalig België gevormd kan worden.
Deze eenvoudige vaststellingen kon iedereen met een heel klein beetje politieke kennis, van bij het begin van de formatiegesprekken al maken. Dus ook het kartel, mag ik veronderstellen. CD&V-NVA koos evenwel voor MR, ging door met zijn communautaire stoerdoenerij en opteerde dus wetens en willens voor een 'staatshervorming' die niets zal voorstellen of waarvoor Vlaanderen een enorme prijs (zeker niet de 'lepel suiker' van De Wever) zal betalen. De publieke opinie iets anders blijven voorspiegelen getuigt niet van het 'respect voor de mensen', de mantra waarvan in het bijzonder CD&V tijdens de verkiezingscampagne en erna de mond vol had.
Bovendien wordt de vraag naar de finaliteit van een (grote) staatshervorming, laat staan naar de meerwaarde ervan (tenzij de centen?, voor wie?)voor Vlaanderen en voor Franstalig België al lang niet meer gesteld en zeker niet beantwoord. Ik herhaal wat ik op 6 augustus in dit blog schreef: Al iets gehoord of gelezen over de grotere intellectuele, culturele, sociale, kortom immateriële bloei van Vlaanderen als gevolg van een staatshervorming?
Ten slotte komt op de internetfora in vele lezersbrieven met commentaar op Vandenbrouckes politieke sneer naar De Wever, nog maar eens tot uiting wat wel vaker komt bovendrijven: scheldwoorden, misprijzen (in het bijzonder voor intellectuelen), kleinerende opmerkingen, op niets gesteunde beschuldigingen, gericht tegen politieke tegenstanders of tegen instellingen (de VRT is een klassieker), die men van allerlei 'linkse' drijverijen verdenkt. Want je kan niet anders dan constateren dat de zgn. weldenkende Vlaamse 'rechterzijde' over het algemeen veel ruwere taal uitslaat dan haar zgn. Vlaamse 'linkse broeders en zusters'. Een kleine bloemlezing: 'de sossen, een partijtje van niks; de sossen potverteren andermans geld, ze steken geen poot uit; ze hangen af van de ps-maffia; de rooie van dienst; dat Frankske de superintellectueel met zijn superioriteitsgevoel; de geldverbrander; onnozele praat; vuile zet; vunzige en oneerlijke manier; de nar van het forum; zielig niveau; enz.
Natuurlijk bestaat er geen twijfel over dat het stilistische en inhoudelijke niveau van de geciteerde briefschrijvers enorm zal stijgen, eens Vlaanderen een grotere onafhankelijkheid heeft verworven en het linkse gepeupel (waartoe uiteraard ook de intellectuelen behoren), voorgoed opgesloten zit in enkele 'gettopartijtjes van niks'.
voordat de reus met vlammende ogen dreigt ze te brandmerken en de kinderen joelend de smidse uithollen
zijn ze de halfduistere magische ruimte binnengedrenteld
langs de geblakerde mren tot bij de zwoegende blaasbalg tot bij het vuur tot bij het aambeeld waar het gloeiende ijzer vorm krijgt tot bij het sissende koelwater tot bij het rustige paard in het lichtvlak van de open deur
de reuk van geschroeid hoorn de doffe klop waarmee de hoefnagel ingedreven wordt
dat alles kleuren geuren geluiden gretig in zich opgenomen
voordat de goedmoedige reus dreigt ze te brandmerken en de kinderen joelend de straat oprennen naar school toe
De regeringsonderhandelingen zijn klaarblijkelijk zo slopend dat ze de luciditeit, het historische besef en het politieke inzicht van de NVA-voorzitter ernstig aantasten.
Wat je ook denkt over de eventuele achterliggende beweegredenen van de Antwerpse burgemeester om aan de joodse gemeenschap excuses aan te bieden, de verontschuldigingen waren correct geformuleerd.
Bart De Wever heeft dat gebaar verdacht en belachelijk gemaakt. Dat is een totaal onverantwoorde provocatie die uitermate dom is. Als historicus zou de NVA-voorzitter moeten weten dat excuses door vertegenwoordigers van instellingen die in de fout zijn gegaan, altijd een grote historische en symboolfunctie hebben gehad. En in deze fase van de regeringsonderhandelingen dergelijke uitspraken doen, getuigt niet van politiek talent.
Zowel De Wever als zijn partij, zijn hoe dan ook verliezer: zij krijgen de hele joodse gemeenschap over zich heen, de onderhandelaars van de andere partijen (inclusief zijn kartelpartner CD&V), en de media laten niet na zware kritiek te spuien, en vele buitenstaanders interpreteren De Wevers kritiek als een uiting van politieke jaloersheid ten aanzien van de Antwerpse burgemeester of als een poging om het VB langs extreem rechts te passeren.
Eens te meer zag De Wever zich gedwongen publiek zijn verontschuldigingen aan te bieden. Maar het gemak en de deemoed waarmee de NVA-voorzitter na weer eens een flater, woorden van berouw uit zijn mond laat rollen, dreigen die excuses ongeloofwaardig te maken.
Uit de chaos van klanken dringen woorden naar voor. Als een stormram rent hij erdoor en schaart ze energiek rond zijn onaantastbare 'ik'. Zij luistert bevallig, echoot 'ik ook' door het huis, neemt eigenwijs haar tijd voor een nieuw geluid. Moeizaam brengen ze woorden in het gelid, zinnetjes missen voorlopig een bit.
Wij omringen hen met zalvende klanken geen kwetsend lawaai, een woord een aai geen dolk, zinnen teder en licht geen drukkend gewicht. Zo vertalen wij hun dag.
Gewiegd door sussende geluidjes, in dekens van warme woorden gewikkeld, beschermd tegen loerend gevaar in een tent van taal, slapen zij in.
's Morgens hervatten zij hun veroveringstocht: geen woord is nog veilig.
De stappen die het 'Verbond van Vlaamse tandartsen' onderneemt tegen collega's die op de Filippijnen vele inwoners gratis behandelden, zijn een extreem voorbeeld van een volkomen achterhaald, stuitend en op afgunst gebaseerd egoïstisch corporatisme. In deze tijd nog zwaarder aan te rekenen dan de gelijkaardige gesloten en dictatoriale machtsuitoefening van de middeleeuwse gilden, bv. de roemruchte beenhouwersgilde in het Brugge van de 14de eeuw.
Uit een onderzoek blijkt dat in België 62% van de terminale patiënten tijdens de laatste drie maanden van hun leven nog overgeplaatst worden van eigen huis of rusthuis naar ziekenhuis en omgekeerd.
Dit is, ook vergeleken met de ons omringende landen, een onverantwoord hoog cijfer. Het is duidelijk dat bij deze talrijke overplaatsingen van doodzieke mensen, niet altijd de medische zorg of het respect voor een waardig levenseinde primeert, maar wel een onverantwoorde therapeutische hardnekkigheid plus de financiële inhaligheid van ziekenhuizen en artsen. De mens in zijn laatste levensfase en de ziekenfondsen (op materieel gebied) zijn daarvan de slachtoffers.
We mogen dan wel beschikken over een van de beste ziekenzorgsystemen, het gesol met doodzieke mensen werpt daarop hoe dan ook een serieuze smet.
Een schepencollege is een uitvoerende instantie, die wettelijk toegekende bevoegdheden heeft en voor de rest functioneert op basis van gemeenteraadsbeslissingen. Bovendien neemt een schepencollege -ook dat is zo voorzien in de gemeentewet- collegiale beslissingen.
Strikt genomen kan het dus niet dat burgemeester Somers, de andere Mechelse schepenen en de administratietop, geen weet zouden hebben van een aantal bedenkelijke contracten, die ook aan de basis liggen van de verwerpelijke corruptiepraktijken van een schepen. In die zin zijn alle leden van het Mechelse schepencollege mede verantwoordelijk.
Somers zou zich beter voltijds wijden aan zijn burgemeestersambt in een stad als Mechelen, dan zou hij vlugger en beter de onregelmatigheden in zijn bestuur in de smiezen hebben.
De beslissing van Freya Van den Bossche om een stap terug te zetten op het politieke veld, lokt op internetfora heel wat commentaren uit.
Wat heel wat vragen oproept wanneer ik de reacties lees, zijn de vele clichématige vooroordelen omtrent Freya Van den Bossche. Zij wordt door velen beschouwd als een dom politiek lichtgewicht.
Waarop baseert men zich om dat etiket op de politica te plakken? Wie van de briefschrijvers kan concrete bewijzen van die domheid geven? Want ook een analyse van het 'stookoliedossier' en de ministeriële verantwoordelijkheid daarin, leveren m.i. geen duidelijke voorbeelden van domheid en onkunde. Het zijn in hoofdzaak de media geweest die de strubbelingen omtrent de 'stookoliefactuur' enorm uitvergroot hebben en er de speerpunt van een heuse beschadigingscampagne 'Freya Van den Bossche' van gemaakt hebben.
Overigens is zij uiteraard volkomen vrij om haar politieke loopbaan al dan niet verder te zetten.
Je hoefde niet veel politiek inzicht te hebben om te beseffen dat voor de vorming van een federale regering wederzijdse toegevingen nodig zouden zijn. Nochtans heeft het kartel CD&V-NVA zijn verkiezingscampagne vooral opgebouwd rond communautaire stoerdoenerij en dat is electoraal erg lonend gebleken. Nu in lullige beeldspraak de toegevingen en de prijs voor een communautair akkoord verpakken, is gewoonweg klungelig boerenbedrog.
Dat bovendien De Wever ertoe gebracht (gedwongen?) wordt als eerste 'de Vlaamse capitulatie' onder woorden te brengen, bewijst twee dingen. De NVA-voorzitter is duidelijk aan rust toe en de hem toegedichte grote politieke talenten blijken niet zo veel voor te stellen. En twee: de CD&V denkt het tactisch slim te spelen door uitgerekend stoere Vlaming De Wever met de witte vlag te laten zwaaien maar dit spelletje is zo doorzichtig en zo typisch voor een 'machtspartij' dat het hele vertoon alleen maar misprijzen wekt.
Je kan je ten slotte afvragen waarom er een half jaar besteed moet worden aan 'onderhandelingen' over iets dat voor iedereen die tot de jaren van verstand gekomen is, vanzelfsprekend en onvermijdelijk is: een federale regering is maar mogelijk, indien er compromissen tussen Vlamingen en Franssprekenden gesloten worden.
Als de zwaluwen vertrokken zijn vergaat het land tot vlakken van kleur. Wij stappen door de bedding van droge rivieren, door blaren die ritselen. Op de oevers staan koeien op hoge poten weemoedig te kijken naar volle rapenvelden. Onder daken van beuken en eiken volgen wij de windingen van verdwenen water tot in de nevels van oktober plots oprijst voor onze ogen schoonheid van eeuwen onverminderd het stenen schrijn van Korsendonk.
Hans Van Temsche is terecht zwaar gestraft voor zijn afschuwelijke misdaden.
Maar de extreme en op den duur degoutante mediageilheid van Vermassen, die meer en meer die andere parel van het Vlaamse gerechtelijke wereldje, de gepensioneerde assisenvoorzitter Van Fraechem, naar de kroon steekt, werpt ook over dit proces een (Vermassen)schaduw.
De restricties die in het gerechtshof aan de audiovisuele media worden opgelegd, verduisteren klaarblijkelijk te sterk de schittering van deze topadvocaat. Vandaar dat hij wat graag voor de vele microfoons en camera's, niet gehinderd door enig gevoel voor discretie of besef van de grenzen van zijn vakgebied, zijn pleidooi en diagnoses met verve en met de nodige tremolo's herhaalt. De trappen van het justitiepaleis als veel interessantere locatie voor het volksgericht dan de plechtige rechtszaal met haar volksjury.
Vermassen zou moeten beseffen dat hij op die manier onze assisenprocedures uitholt en devalueert. De vraagstelling :'Vindt u ook dat Van Temsche een massamoordenaar is, zoals Vermassen poneert?', in een van de krantenfora, wijst al in die richting.
Het komt de rechtbank met haar rechters, advocaten, juryleden en experten toe, een beschuldigde criminele kwalificaties toe te dichten en te oordelen over schuld en straf. Niet het (krantenlezend of tv-kijkend) volk.
Prinses Maxima van Nederland stelde in een toespraak dat dé Nederlander niet bestaat. Ze voegde er geruststellend aan toe dat ook dé Argentijn niet bestaat.
Over die uitspraak is bij onze Noorderburen een heuse rel ontstaan met natrillingen tot in het parlement. Dat figuren als Verdonck en Wilders het voortouw nemen in het afkeuren van de prinselijke uitspraak, is evenwel veelbetekenend. Zij geven op die manier uiting aan een aftands en gevaarlijk nationalisme (met fundamentalistische kenmerken), dat klaarblijkelijk ook in Nederland weer de kop opsteekt.
Maxima heeft natuurlijk volkomen gelijk: dé Nederlander bestaat niet. Evenmin als dé Vlaming, dé Belg, dé Duitser. Ik zou het afschuwelijk en bedreigend vinden, mocht ik een menselijk wezen als DE VLAMING, enz. ontmoeten. Ook dé christen, dé moslim, dé jood bestaat niet. De sterke beklemtoning van een zgn. groepsidentiteit in dergelijke veralgemeningen, staat haaks op het respect voor iedere persoonlijkheid en kan leiden tot discriminatie van degenen die niet beantwoorden aan de 'nationale' clichés.
Bovendien geven de vele Nederlanders die nu Maxima omwille van die uitspraak verketteren, niet veel blijk van intellectueel niveau noch van socio-psychologisch en historisch inzicht.
In een uitgebreid interview in de krant 'De Morgen' geven de twee topfiguren van Janssen Pharmaceutica, Ajit Shetty en Paul Stoffels, toelichting bij de herstructurering van het bedrijf, waardoor bijna 700 mensen hun job verliezen.
De sanering is noodzakelijk, aldus Shetty en Stoffels, wegens patentverval, strengere veiligheidsvoorschriften, restrictievere terugbetalingwetgeving betreffende medicamenten. De twee topmensen beklemtonen sterk dat het er niet om gaat de aandeelhouders gelukkig te maken maar dat de herstructurering erop gericht is het bedrijf de volgende twintig of veertig jaar te laten overleven.
Dat is alleszins een achtenswaardige betrachting. Maar een antwoord op de vraag of ook de aandeelhouders moeten inleveren, wordt niet gegeven.En het feit dat de koers van Johnson &Johnson omhoog gegaan is na de aankondiging van de sanering heeft niets te maken met wat er bij Janssen gebeurt, want, aldus Stoffels: 'J&J telt wereldwijd 120.000 werknemers. Het aandeel van J&J beweegt niet op basis van de herstructurering bij Janssen Pharmaceutica'.
Die uitspraak maakt dan weer pijnlijk duidelijk dat het vlaggenschip van de Kempense en Belgische farmaceutische industrie, binnen de Amerikaanse holding niet echt een onvervangbare machtspositie inneemt en als het erop aankomt, overgeleverd is aan de aandeelhouders en hun winstverwachtingen.
Ook voor de opvolgers van Paul Janssen aan het hoofd van wat terecht, ook in sociaal opzicht, een modelbedrijf genoemd werd, moet dat gevoel van machteloosheid toch een ontmoedigend en ontnuchterend effect hebben.
In een lezenswaardig commentaarstuk hekelt De Volkskrant de, wat zij noemt, 'pavlovreacties uit liberale hoek' op het voornemen van het Nederlandse kabinet om de 'seksualisering van de samenleving' te bestrijden. Met de nieuwe Emancipatienota zou de overheid zich volgens de liberale critici opwerpen als zedenmeester.
De Volkskrant is het terecht niet eens met die kritiek maar stelt even verder in het opiniestuk veralgemenend dat 'de overheid zich terughoudend dient op te stellen in morele kwesties'.
Dat doet toch wel de wenkbrauwen fronsen. Want geldt die terughoudendheid dan ook voor morele kwesties als oorlogsterreur, foltering, genocide, uitbuiting, slavernij, mensenhandel, sociale en fiscale fraude, racisme, discriminatie, maffiapraktijken, porno- en geweldbusiness, enz. ?
Klaarblijkelijk verengt De Volkskrant 'morele kwesties' tot de persoonlijke seksuele moraal en gedraging.
In ons democratisch bestel is de overheid de emanatie van politieke stromingen en partijen die een bepaalde maatschappijvisie voorstaan. Die visies hebben altijd zeer sterk met 'moraal', 'ethiek' te maken.
Mijn conclusie: de overheid kan niet omheen de morele kwesties lopen. Doet zij dat wel, dan is de regering niet meer dan een notariskantoor dat de boel bereddert.
Nog nooit had een formateur zo veel hulp nodig: informateur, bemiddelaar(s), Ministers van Staat, het Staatshoofd, en na een buis in eerste zit, een volle maand intens voorbereidend werk voor het herexamen van Leterme, door een ervaren verkenner. Mislukken zou het roemloze einde van de senator als toppoliticus betekenen.
Beweren, zoals sommigen doen op internetfora doen, dat het allemaal de schuld van de Franstaligen is, pleit niet voor het scherpe verstand en het politieke inzicht van die Vlamingen.
Leterme zelf heeft, opgejaagd door het NV-A, voor en na de verkiezingen, hoge communautaire eisen gesteld, precies alsof België uitsluitend door Vlamingen wordt geregeerd. Bovendien heeft hij door enkele domme uitspraken de Franstaligen emotioneel beledigd.
Maar niet alleen in Brussel en Wallonië bestaat er een groot wantrouwen ten aanzien van de toekomstige premier. Ook bij vele Vlamingen heeft zijn geloofwaardigheid een flinke knauw gekregen toen hij zijn belofte brak om niet over te stappen naar het federale niveau en bleef beweren dat er van woordbreuk geen sprake was. Gegronde twijfels aan zijn inzicht in de federale politiek rezen er ook toen hij de slogan 'Slechts 5 minuten politieke moed is nodig voor de splitsing van BHV !' lanceerde, en omdat hij tot nu toe ervan uitgegaan is dat een staatshervorming door de rijkste regio eenzijdig opgelegd kan worden.
Wil Leterme slagen, dan zal CD&V-NVA veel van de verkiezingsbeloften moeten inslikken, wat de politieke concurrentie extra munitie levert en de geloofwaardigheid bij de kiezers verder aantast.
Ondertussen hoor je, zoals Mieke Vogels van Groen! in een debat terecht opmerkte, al weken zo goed als niets over de belangrijke sociale en ecologische uitdagingen voor onze samenleving. Alle aandacht gaat naar BHV en de staatshervorming, terwijl het voor de overgrote meerderheid van de Vlamingen volkomen onduidelijk is wat die zgn. splitsing van BHV inhoudt. En heb jij, lezer, al ooit een gedegen studie gezien of gelezen over de culturele, sociale, ecologische, internationale meerwaarde van een staatshervorming?
Gaat het dan toch alleen maar om nog meer centen voor het rijke Vlaanderen? En mogen we verwachten dat er in een zelfstandiger Vlaanderen geen achtergestelde subregio's, geen wachtlijsten, geen sociaal en cultureel uitgestotenen, geen armoelijders meer zullen zijn?
Zopas de in 2006 uitgebrachte film 'Das Leben der Anderen' gezien. Indrukwekkend.
De film speelt in de vroegere DDR en behandelt op een sobere manier de afluisterpraktijken van de Stasi, de Oost-Duitse geheime dienst. Het hoofdaccent verschuift allengs naar de gewetensbezwaren van de geheimagent, die de opdracht gekregen heeft een toneelauteur en zijn vriendin af te luisteren. Uiteindelijk zal de Stasi-agent zich engageren om de arrestatie van de schrijver te verhinderen. Daardoor komt hij echter zelf in de problemen.
Na de 'Wende' komt de schrijver op het spoor van de vroegere Stasi-officier. Hij zal hem niet lijfelijk ontmoeten maar hij schrijft een roman 'Sonate für einen guten Menschen' en draagt het boek op aan HGW XX/7, de codeaanduiding van de geheimagent.
Ontroerend is het slot wanneer HGW XX/7 reclame ziet voor het boek, de boekhandel binnenstapt, de opdracht leest, het boek wenst te kopen en tegen de winkelbediende zegt, wanneer die vraagt of het boek ingepakt moet worden: 'Nein, es ist für mich.'
Op de laatste dag van september begonnen de machines te ratelen. Zij vraten gangen in het maïsveld en legden huizenstroken bloot. Als reuze-insecten gleden zij onstuitbaar over de akker.
Een vreemde angst zocht langzaam zijn weg in mij: zou na het verdwijnen van de geelgroene stengels de wereld aan mijn achterdeur nog herkenbaar zijn?
Het geratel rukte nu ongehinderd mijn hersens binnen. Wat bleef er anders over dan via de voordeur de straat op te vluchten waar ik slechts op het nippertje de truck met maïspulp ontwijken kon.
Verder hoorde ik gelukkig herfstvogels boven het nu doffere lawaai uit.