Welkom bij saagje!
Foto
Inhoud blog
  • Het oude moedertje
  • De legende van de maïs
  • Mans van de Maone
  • De boer en de duivel
  • De twee advocaten(slot)
  • De twee advocaten
  • Het geitje Pak-me-dan
  • De natgeregende kabouter
  • De zeven heksen
  • Het aardmannetje van de Röhrerbühel 2
  • Het aardmannetje van de Röhrerbühel
  • Nikola staat borg
  • De vurige man van de Geute
  • De geschiedenis van de boerendochter Ketilrídur 2
  • De geschiedenis van de boerendochter Ketilrídur
  • Op reis gaan
  • De luie hasjverslaafde en zijn verstandige vrouw(vervolg)
  • De luie hasjverslaafde en zijn verstandige vrouw
  • Het toverfluitje en het toverhoedje (vervolg)
  • Het toverfluitje en het toverhoedje
  • Waarom de bomen in de herfst geel worden
  • Tijl Uilenspiegel en de paardenkoopman
  • De nimf Daphne
  • De geschiedenis van de reuzenkreeft
  • De toren van Medemblik
  • Theseus en Hippolytus
  • Duimedik
  • De vuurman van Soest
  • Maan, Djabu en de dood
  • De jakhals en de patrijs
  • Goudsbloempje
  • Afspraak is afspraak
  • Het spook van de Zeedijk
  • Rata's wonderbaarlijke reis-einde
  • Rata's wonderbaarlijke reis-vervolg
  • Rata's wonderbaarlijke reis
  • Waarom de hyacint maar zo kort bloeit
  • De citerspeler
  • Van een opgeverfde haan
  • Het land van moeder Soemba
  • Het zwanennest
  • De engel
  • De gebarsten emmer
  • De hondenmarkt van Boedapest (slot)
  • De hondenmarkt van Boedapest
  • Billy de coyote (slot)
  • Billy de coyote(vervolg)
  • Billy de coyote
  • Garuda
  • De dood van de sprookjesverteller
    Foto
    Zoeken in blog

    Beoordeel dit blog
      Zeer goed
      Goed
      Voldoende
      Nog wat bijwerken
      Nog veel werk aan
     
    Hoofdpunten blog waaroemni
  • Kerstgroet
  • Luchtballonvaart
  • Paulus Potter
  • Sint-Elisabethsvloed
  • Willem Tell
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Categorieën
  • aardgeest (21)
  • avonturenverhaal (6)
  • dierenverhaal (5)
  • duivels (46)
  • fabels (57)
  • gedichten (1)
  • geesten (griezellen) (12)
  • heksen (52)
  • historisch verhaal (13)
  • historische sagen (35)
  • legende (42)
  • Luchtgeest (30)
  • Mythe (24)
  • parabel (7)
  • Plaaggeest (10)
  • sagen (87)
  • Sinterklaasverhalen (4)
  • sprookjes (118)
  • Tovenaars (38)
  • toverboeken (13)
  • volkssprookje (40)
  • volksverhalen (140)
  • vuurgeest (26)
  • watergeest (19)
  • weerwolven (15)
  • Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    Foto
    'VOLKSVERHALEN'

    problemen
    Verhalen, sprookjes, fabels, mythen, sagen en legenden
    welkom!
    Problemen
    Er zijn nogal wat problemen met het lezen van de teksten, daarom volgende tip :
    Met de muis links klikken en over de tekst schuiven.
    De tekst verschijnt duidelijk leesbaar.
    23-09-2011
    nieuwsgierig héWaarom de bomen in de herfst geel worden
    Waarom de bomen in de herfst geel worden
    Waarom de bomen in de herfst geel worden
    - Een herfstverhaal over gele, rode en bruine vallende blaadjes -

    Heel lang geleden, toen de aarde nog niet zo lang bestond en de bomen altijd groen waren, ging een man op weg naar het noorden. De middagzon scheen op zijn rug en hij trok over bergen en rivieren, door bossen en woestijnen, tot hij in een prachtig sprookjesland kwam.

    Het was ongelooflijk, daar kwam de zon maar een heel klein stukje boven de horizon en ging hij heel vroeg weer onder, maar onder zijn stralen werd de wereld in allerlei kleuren gezet. De bomen hadden de meeste kleuren. Ze waren niet altijd groen, zoals bij hem thuis in het zuiden, nee, ze schitterden in verschillende kleuren geel, rood en bruin. In de verte staken de bergen er boven uit, die blauw waren met toppen wit van de sneeuw.

    Toen de man na enige tijd terugging naar het zuiden en aan de mensen uit zijn dorp vertelde wat hij gezien had, wilde niemand hem geloven.

    "Dat is een sprookje," zeiden ze tegen hem en ze lachten hem uit. "De bomen zijn toch nooit geel, rood en bruin."

    "En toch is het waar. Ik heb het met mijn eigen ogen gezien," zei de man. "Als jullie me niet geloven, ga dan zelf kijken." Maar de dorpsbewoners waren gemeen, en zeiden: "Als je wilt dat wij je geloven, ga dan zelf nog een keer en neem dan een tak van zo'n rode, gele en bruine boom mee."

    "Dat zal ik doen," zei de man en hij ging opnieuw de lange weg naar het noorden.

    Er was een hele tijd voorbijgegaan, en de man was nog altijd niet terug. De mensen waren hem al bijna vergeten. Maar op een dag werden ze aan hem herinnerd. In het dorp kwam een prachtige gekleurde vogel aanvliegen die in zijn snavel een tak met gele, rode en bruine kleuren had. De vogel wierp de tak in een boom en op hetzelfde ogenblik werd de boom helemaal geel, rood en bruin.

    De gekleurde vogel was de man die naar het noorden was gegaan. Toen de mensen allemaal kwamen kijken, krijste hij, alsof hij hen uitlachte en hij vloog weg. Maar de tak met de herfstbladeren liet hij liggen. Vanaf die tijd verloren de bomen in de herfst gele, rode en bruine blaadjes.

    * * * einde * * *

    Bron : - "De betoverde tuin" door Marie Mrstikova. Nederlandse vertaling van Els Nuijen.
               Uitgeversmaatschappij Holland, Haarlem, 1978. ISBN: 90-251-0297-2
               - www.beleven.org

    23-09-2011 om 04:43 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:volkssprookje
    » Reageer (2)
    14-09-2011
    nieuwsgierig héTijl Uilenspiegel en de paardenkoopman
    Tijl Uilenspiegel en de paardenkoopman
    Tijl Uilenspiegel en de paardenkoopman
    - Een Uilenspiegel-verhaal uit Duitsland -

    Een tijdlang verdiende Tijl Uilenspiegel de kost met de paardenhandel, en zo wou hij eens in Hildesheim bij een boer een paard kopen. De eigenaar vroeg er dertig gulden voor, maar Tijl vond het te veel, en bood twintig. Na veel loven en bieden werden ze het eens over de prijs: vier en twintig gulden.

    "Je vindt het zeker wel goed," zei Tijl zo langs zijn neus weg, "dat ik direct twaalf gulden betaal en je die andere twaalf gulden schuldig blijf?"

    "Best," zei de ander; hij pakte de twaalf gulden aan en Tijl nam het paard mee.

    Maar Tijl liet niets meer van zich horen en op een goeie dag kwam de boer bij Tijl en vroeg, wanneer-ie nu eens eindelijk van plan was die twaalf gulden te betalen. Tijl keek hem stom verbaasd aan. "Je weet toch, wat we afgesproken hebben?"

    "Zeker," zei Tijl, "dat weet ik nog precies, en daar houd ik me aan."

    "Nou, betaal me dan die twaalf gulden!"

    "Geen denken aan," sprak Tijl, "als ik je die twaalf gulden betaalde, dan zou ik ze je toch niet meer schuldig zijn? Nou, en we hebben afgesproken, dat ik ze je schuldig zou blijven! Nee hoor, dat zou woordbreuk zijn en daarvoor ben je bij mij aan het verkeerde adres."


    * * * einde * * *

    Bron : - "Boek van de jeugd"
               Uitgeverij de Arbeiderspers, Amsterdam, 1937.
               www.beleven.org

    14-09-2011 om 10:15 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:volksverhalen
    » Reageer (2)
    08-09-2011
    nieuwsgierig héDe nimf Daphne
    De nimf Daphne
    De nimf Daphne
    - Een mythe uit Griekenland over de nimf Daphne -

    Daphne was Apollo's eerste liefde, hem niet bezorgd door 't blinde toeval, maar door boze wraak van Cupido. Apollo immers had hem kort tevoren zijn boog met strakke pees zien spannen, en nog pralend met die Python-moord geroepen: "Zeg, wat doe je daar, kwajongen? Zo'n vechtersboog! Die past toch beter bij mijn schouders, hier, ik kan er feilloos dier en vijand mee verwonden, feilloos... Ik heb onlangs een giftig slangenlijf van meters lang, de Pythondraak, met meer dan duizend pijlen neergeschoten! Pak jij nu braaf je fakkeltje en stook je liefdesvuur waar je maar wilt, maar meng je liever niet in mijn triomfen!"

    Het Venusjong riep terug: "U schiet, Apollo, altijd raak, mij best, maar ik raak u, en net zo goed als alle dieren voor goden onderdoen, moet u nu buigen voor mijn macht!" Na deze woorden vloog hij vleugelwiekend door het luchtruim en landde schielijk op de donkere Parnassustop en trok een tweetal pijlen uit zijn koker, elk verschillend van doel: de één dooft liefdesvuur, de ander wekt het op.

    De pijl die opwekt is van goud en schittert met zijn pijlpunt; de pijl die dooft is nogal stomp, de schacht loopt uit in lood. Die laatste nu schoot Cupido op Daphne af, de eerste beschadigde Apollo's hart, tussen de ribben dringend. Hij is terstond verliefd, zij wil van geen verliefdheid weten en wijdt zich aan de jacht, vindt haar geluk in stille bossen, in dierenprooi, een zuster van de kuise Artemis; een strakke band omsluit haar ordeloos verwaaide haren. Veel minnaars dingen naar haar gunsten; allen wijst zij af, wegsnellend, diepe bossen door, wars, onbekend met mannen, zich niet om Amor, Hymen, huwelijkswoord bekommerend.

    Vaak had haar vader al gezegd: "Geef mij een schoonzoon, meisje," vaak had haar vader ook gezegd: "Geef mij toch kleinzoons, kind," maar zij, de huwelijksfakkels hatend als een boze misdaad, toonde hem dan haar meisjesmooi gelaat vol blozend schaamrood en met haar vleiend zoete armen om haar vaders hals smeekte zij: "Laat mij, lieve vader, voor mijn hele leven een maagd zijn, net als Artemis - háár vader stond dat toe." En hij stemt toe, dat wel, maar juist haar meisjesschoon verbiedt haar te blijven wat zij wil, haar gratie strookt niet met haar wens. Bij 't eerste zien begeert Apollo haar, droomt hij van Daphne, jaagt die begeerte ook na en faalt in eigen zienersgaven... Zoals na 't oogsten dunne halmen worden weggebrand, zoals soms heggen laaien, wanneer reizigers hun fakkels te dicht erlangs doen gaan of achterlaten 's ochtends vroeg, zo raakte onze god in vuur en vlam, zo stond hij gloeiend in lichterlaaie en gaf zijn hopeloze liefde hoop. Hij ziet haar onverzorgde lokken langs haar schouders vallen en denkt: "Hoe fraai als zij die opbond." Ziet de gloed die uit haar sterrenfonkelende ogen straalt, en ziet die lippen die meer te bieden hebben, prijst haar vingers, handenpaar, haar armen die tot bijna aan de schouders onbedekt zijn; wat wel bedekt is, droomt hij zich nog mooier. Maar zij vlucht sneller dan lichte wind en blijft niet staan, als hij haar aanroept: "Daphne, mijn nimf, ik smeek je, blijf! Ik volg je niet vijandig! Je vlucht, mijn nimf, zoals een lam een wolf ontvlucht, een hert een leeuw, of duiven voor een adelaar onrustig wieken, dieren die voor een vijand vrezen; maar ik jaag uit liefde,ik arme... Pas toch op, je valt... de doornstruiken schrammen je benen - zulke benen! - en dan krijg ik nog de schuld... Waar jij nu loopt is ruw terrein, maak minder haast, ik bid je, vlucht niet zo snel, dan zal ik minder haastig achtervolgen! En kijk dan, wie je zo het hart op hol brengt: heus, ik ben geen bergbewoner, ook geen onbehouwen herder die zijn kudden in het oog houdt. Denk toch na, je weet, je wéét niet wie je ontloopt, en daarom loop je. Ik ben heerser van Delphi en Clarus, Tenedos en Patara's paleizen. Jupiter is mijn vader! Ik duid aan wat is, wat was en wat zal zijn. Door mij ook klinken lier en dichtkunst samen. Mijn pijlen treffen altijd doel, maar nu, nu schoot één pijl beter dan die van mij en trof mijn hart, een open mikpunt... Ik ben het die geneeskunst uitvond, alom klinkt mijn naam als de 'Genezer', ik beheers de wonderkracht van kruiden, maar, arme ik, er is geen kruid dat tegen liefde helpt! Die kunst van mij, die anderen beter maakt, verzaakt zijn meester.

    Veel meer nog wou hij zeggen, maar zij liep met bange voet ver van hem weg, ver van die niet-meer-uitgesproken woorden en leek wel dubbel mooi: haar ledematen waaiden bloot, haar kleren joegen door de wind in tegenwaartse richting, een zachte bries blies lange lokken van haar schouders op. Door 't vluchten groeit haar gratie en de jonge god verliest zich niet langer meer in vruchteloze liefdespraat, maar volgt nu met versnelde pas, zoals zijn liefde zelf al ingaf. Wanneer een windhond in een open veld een haas ontwaart, schieten ze beide weg, belust op buit, belust op leven; de hond, zo lijkt het, heeft de ander bijna in zijn greep, met zijn vooruitgestoken snuit raakt hij de achterpoten, terwijl de haas, onzeker over eigen lot, nog net de beet ontspringt en aan die hete bek weet te ontsnappen. Zo renden ook de god - uit liefde - en de nimf - uit angst.

    Toch is haar achtervolger met zijn vleugels van verliefdheid sneller, hij kent geen rust, hij komt steeds dichter in de rug van 't vluchtend meisje, hijgend in de lokken langs haar schouders. Haar krachten zijn ten eind, ze ziet doodsbleek, is uitgeput van 't snelle gaan, en omziend naar het water van Peneius roept ze: "Ach, vader! Help me! Een riviergod heeft toch macht? Bevrijd me van dit lichaam dat me veel te mooi deed zijn!"

    Haar klacht weerklinkt nog, als een starre stijfheid haar bevangt: uit tot takken en haar haar tot loof, haar voeten, eerst zo snel, zijn nu verstokt tot trage wortels, haar hoofd wordt kruin. Haar gratie is het enige wat rest.

    Nog steeds bemint Apollo haar, zijn vingers langs de boomstam voelen haar hart nog sidderen onder de nieuwe bast en met zijn armen om haar takken heen, als om een lichaam, kust hij het hout, maar zelfs dat hout buigt van zijn kussen weg. Dan spreekt de god haar toe: "Omdat je niet mijn vrouw kunt worden, zul je in elk geval mijn boom zijn, en jij zult voortaan mijn haar omkransen en mijn lier en pijlenkoker sieren. Jij zult Romeinse overwinnaars begeleiden, als hun blijde zege klinkt en 't Capitool de lange stoeten ziet naderen. Gij zult een zeer getrouwe wachtpost zijn vlak voor Augustus' poort, dicht naast de eikenboom in 't midden, en evenals mijn jeugdig hoofd steeds lange lokken draagt, zul jij voorgoed gelauwerd zijn en nooit meer zonder lover." Aldus Apollo. De laurierboom knikte met de nieuw ontstane takken en bewoog haar kruin of het een hoofd was.

    * * * EINDE * * *

    Bron : - Ovidius’ “Metamorphosen” vertaald en toegelicht door M. D’Hane-Scheltema, met een nawoord van Imme Dros.
                 Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam, 2009.
                 - www.beleven.org

    08-09-2011 om 20:37 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:Mythe
    » Reageer (1)
    06-09-2011
    nieuwsgierig héDe geschiedenis van de reuzenkreeft
    De geschiedenis van de reuzenkreeft
    De geschiedenis van de reuzenkreeft
    - Een Italiaans sprookje over een door een fee betoverde prins -

    Er was eens een visser die hard moest werken om de polenta voor zijn vrouw en zijn drie kinderen op tafel te brengen.

    Op een dag werd tijdens het vissen zijn net zo zwaar, dat hij het nog maar nauwelijks uit het water kon krijgen. Hij spande al zijn krachten in en trok en trok, tot hij uiteindelijk een reusachtig grote kreeft in zijn boot had. Thuisgekomen toonde hij vol blijdschap zijn prachtige vangst aan zijn vrouw. "Zet jij maar vast het eten op, dan ga ik intussen dit beest verkopen. Ik zal er zeker een mooi bedrag voor krijgen."

    Daarop gooide hij zijn vangst over zijn schouder en ging naar het paleis van de koning. Daar werd hij binnengelaten. Hij maakte een diepe buiging en zei: "Majesteit, ik ben gekomen om u deze prachtige kreeft aan te bieden. Mijn kinderen hebben honger en ik heb geld nodig."

    "Wat moet ik daarmee?" bromde de koning. "Maak dat je wegkomt en verkoop dat beest maar ergens anders."

    Nu had de koning een dochter van wie hij heel veel hield. Niets kon hij haar weigeren.

    "Lieve papa," riep ze, "koop die kreeft toch voor me, dan zetten we hem in de vijver."

    Natuurlijk kreeg de prinses haar zin, want voor haar bestond er niets mooiers dan in de tuin aan de rand van de grote vijver te zitten, waarin de prachtigste vissen rondzwommen. De visser was tevreden. Hij kreeg een goede prijs voor zijn kreeft, zodat hij voorlopig geen zorgen meer had.

    Vanaf dat moment wilde de prinses niet meer van haar geliefde plekje wijken en zo merkte ze dat de reuzenkreeft elke dag rond het middaguur een poosje verdween, zonder dat ze begreep waar hij bleef.

    Op een dag verscheen er een bedelaar en vroeg om een aalmoes. "Hier, oudje," zei de prinses, die altijd iets over had voor arme mensen. Ze wierp hem een goudstuk toe, maar de bedelaar greep er zo onhandig naar, dat de munt in de vijver viel en in de diepte wegzonk. De bedelaar sprong er direct achteraan. Hij wilde tot op de bodem duiken, maar toen hij in de diepte kwam, opende de wand van de vijver zich voor zijn ogen tot een smalle doorgang. Hij volgde een lang, onderaards kanaal en kwam tenslotte midden in een ruime zaal weer boven water.

    Het hele gewelf was behangen met schitterende zijde. Aan de ene kant stond een rijk gedekte tafel. De bedelaar besloot de zaak verder te onderzoeken. Hij verstopte zich achter een kist en wachtte af.

    Op het middaguur dook uit het water een reusachtige kreeft op, met een stralend mooie fee op zijn rug. De fee raakte de kreeft aan met haar staf en daarop kwam uit het pantser een knappe jongeman tevoorschijn. Het tweetal nam plaats aan de tafel. Weer deed de toverstaf zijn werk. De borden en schalen vulden zich met de heerlijkste gerechten en in de glazen fonkelde kostelijke wijn. De twee geheimzinnige bezoekers aten naar hartelust. Daarna verdween de jongeman weer onder de kreeftenschaal, de fee sprong op zijn rug en ze gingen weg zoals ze waren gekomen.

    De slimme oude bedelaar zwom terug naar de prinses, die nog geduldig bij de vijver stond te wachten.

    "Dat wil ik zelf wel eens zien," zei ze toen ze had gehoord wat de ander had meegemaakt. "Morgen gaan we samen."

    En zo gebeurde het. Verborgen achter de kist waren de bedelaar en de prinses getuige van dezelfde gebeurtenissen als de voorgaande dag. Het meisje kon haar ogen echter niet van de jongeman afhouden. In zijn kreeftengedaante had ze zich al tot hem aangetrokken gevoeld, maar zo beviel hij haar nog veel beter en ze werd op slag verliefd op hem. Ongemerkt glipte ze onder het kreeftenpantser. Toen de jongeman zijn schuilplaats wilde betrekken, deinsde hij terug van schrik.

    "Wat doe jij hier?" fluisterde hij. "Als de fee je hier ontdekt, dan is het met ons beiden gedaan."

    "Ik zal je uit deze betovering verlossen," antwoordde de prinses heel zachtjes. "Zeg me maar wat ik moet doen."

    "Dat is onmogelijk. Het meisje dat mij kan verlossen, moet bereid zijn haar leven te wagen."

    "Dat ben ik."

    "Als je me werkelijk wilt redden," zei de prins - want een prins was hij, "luister dan goed. Je moet op een rots aan zee gaan zingen en spelen. De fee is dol op muziek. Ze zal uit het water opduiken en je toeroepen: 'Wat speel je prachtig, mijn kind. Speel verder.' Jij geeft haar als antwoord: 'Ik speel graag voor u, maar geef me daarvoor dan de bloem uit uw haar.' Dan zal zij zeggen: 'Haal hem maar, als je kunt.' De bloem zal ze ver in zee gooien. Pas als je deze bloem in handen hebt, ben ik verlost, want die bloem is mijn ziel. Maak nu echter voort, want de fee komt eraan."

    De prinses glipte ongezien weg, de fee ging op haar plaats zitten en het tweetal verdween.

    De prinses en de bedelaar zwommen terug. Ze beloonde de man rijkelijk en liep toen naar haar vader. "Papa, ik wil graag luit leren spelen er leren zingen."

    Direct ontbood de koning de beste musici van zijn rijk. Zijn dochter was een snelle leerling en zodra ze de kunst meester was, bracht ze haar volgende wens naar voren. "Lieve papa, ik wil graag op een rots aan zee zingen en luit spelen."

    De oude koning geloofde zijn oren niet. "Op een rots aan zee? Heb je je verstand verloren?"

    Hij had zijn dochter echter nog nooit iets geweigerd en dus gaf hij ook deze keer toe. In gezelschap van acht in het wit geklede hofdames liet hij haar gaan, maar hij stuurde er voor alle zekerheid wel een troep bewapende soldaten achteraan. De prinses liep met haar gevolg langs de kust. Ze beklommen een hoge rots die ver in zee uitstak en daar gingen de hofdames in een kring om de prinses heen zitten. Deze begon zo lieflijk te zingen en op haar luit te spelen, dat zelfs de op afstand geposteerde ruwe soldaten werden geroerd.

    Het duurde dan ook niet lang of de golven weken uiteen en de fee vertoonde zich.

    "Wat speel je prachtig. Je muziek maakt me gelukkig."

    "Ik wil graag nog meer voor u spelen," riep de prinses, "als u mij in ruil de bloem uit uw haar wilt geven."

    "Haal hem maar, als je dat kunt," antwoordde de fee. Ze gooide de bloem zo ver mogelijk in zee en verdween. Vanaf de rots zag de prinses de levensbloem van haar lief ver weg op de golven dobberen. Vastbesloten sprong ze in het water en zwom er met krachtige slagen heen. Meer dan eens ontzonk de moed haar, want de bloem scheen steeds verder weg te drijven. Uiteindelijk werd hij haar echter door een bereidwillige golf in de hand gespoeld. Op hetzelfde ogenblik klonk er een stem uit de diepte: "Wees niet bang. Je hebt me uit een boze betovering bevrijd. Daarvoor zul je mijn vrouw worden. Verraad echter nog aan niemand iets. Binnen een dag kom ik om je hand vragen."

    Het uitgeputte meisje voelde hoe ze door een onzichtbare kracht werd opgetild en aan land gedragen. Daar legde ze haar gevolg de strengste geheimhouding op. Haar goedgelovige vader vertelde ze dat ze zich uitstekend hadden geamuseerd.

    De volgende dag klonken voor de poort van het paleis luide trommelslagen, schallende trompetten en vele trappelende paardenhoeven. Een hofmaarschalk verzocht om audiëntie voor zijn meester. De jongeman die daarop binnentrad, was niemand anders dan de prins uit het kreeftenpantser. Hij vertelde wat zich had afgespeeld en vroeg toen officieel om de hand van de prinses.

    Eerst kon de oude koning de loop van de gebeurtenissen niet helemaal vatten. Toen hij echter zijn dochter had laten roepen en zag hoe ze haar geliefde om de hals viel, werd de rest hem ook duidelijk.

    Acht dagen lang werd het bruiloftsfeest gevierd en de prinses en haar kreeftenprins werden het gelukkigste paar ter wereld.

    * * * einde * * *

    Bron : "Venetiaanse sprookjes" verzameld door Herbert Boltz.
               Uitgeverij Elmar, Rijswijk. ISBN: 90-389-0855-5
               - www.beleven.org

    06-09-2011 om 16:29 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:volkssprookje
    » Reageer (1)
    04-09-2011
    nieuwsgierig héDe toren van Medemblik
    De toren van Medemblik
    De toren van Medemblik
    - Een Noord-Hollandse sage over de moeizame bouw van een kerktoren -

    In oude tijden, toen men de toren van Medemblik bouwen zou, had de duivel nog grote macht aan de kusten van de Zuiderzee. Zo gebeurde het namelijk dat hij de grond waarop men de toren wilde bouwen in drijfzand veranderde. Dat was heel gemakkelijk voor hem want de zee was vlakbij. Hij verordineerde dus maar en het water gehoorzaamde hem.

    Maar eerst liet hij de lui van Medemblik een poosje bouwen en sjouwen. Hij liet stilletjes de funderingen leggen en zo, maar als ze goed en wel met de bovenbouw beginnen zouden, kwam hij in actie. Dan begon hij met z'n loze streken.

    Wanneer de bouwmeester en de werklui dan op een goeie morgen op het werk kwamen zagen ze tot hun verbazing, dat alles in het waterige zand verzonken was. Ergens, ver weg, hoorden ze dan een schel spottend gelach en soms roken ze duidelijk de stank van zwaveldamp.

    Nadat dit enige keren zo gegaan was begon men te begrijpen, dat de duivel de hand in het spel had. En zodra men er achter was, was de aardigheid er voor hem af. Hij kwam voor de dag met zijn bokkenpoot en lachte de bouwmeester in zijn gezicht uit. "Maar," zei hij toen hij uitgelachen was, "er is wel met me te onderhandelen. Ik sta niet altijd even stijl."

    En de bouwmeester, die tot elke prijs zijn toren bouwen wilde - want het kwam zijn eer te na wanneer hij bekennen moest daartoe niet in staat te zijn - vroeg wat hij te doen had om op stevige grond te kunnen bouwen. "Wel," antwoordde de duivel, "ik zal het je zeggen, het is maar een kleinigheid. Je slacht een aantal ossen en de vellen gebruik je om de fundering op te bouwen."

    "Wat zegt u?" wou de bouwmeester vragen, maar er kwam een boerinnetje aangelopen dat ijverig haar rozenkrans bad en op het gezicht daarvan verdween de duivel met een harde slag pardoes in de grond. Alleen wat zwaveldamp bleef er over.

    De bouwmeester deed echter wat de duivel hem aangeraden had. Hij verzamelde een groot aantal ossenhuiden en begon op een onderlaag daarvan de toren op te bouwen. En het gelukte buiten verwachting! Op die ossenhuiden verrees de schone toren, dezelfde toren die men tegenwoordig de toren van de hervormde kerk noemt.

    * * * einde * * *

    Bron : - "Sagen en legenden rond de Zuiderzee" door S. Franke.
               W.J. Thieme & Cie, Zutphen, 1932
               - www.beleven.org

    04-09-2011 om 00:00 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:duivels
    » Reageer (1)
    02-09-2011
    nieuwsgierig héTheseus en Hippolytus
    Theseus en Hippolytus
    Theseus en Hippolytus
    - Een verhaal over vader en zoon uit de Griekse mythologie -

    De held Theseus - de zoon van de god Poseidon - werd koning van Attica nadat hij de Minotaurus had verslagen. Hij was een wijs en rechtvaardig koning, maar ongelukkig in de liefde, en de jaloezie ten aanzien van zijn eigen zoon zorgde uiteindelijk voor zijn ondergang.

    Theseus’ relatie met Ariadne was op de klippen gelopen en aan zijn huwelijk met Hippolyte kwam een einde door haar dood. En toen zij gestorven was, zocht de eenzame held nieuw levensgeluk in een huwelijk met de schone Phaedra, een jongere zuster van Ariadne. Al snel werd Phaedra verliefd op de jonge Hippolytus, de zoon van Theseus, een sterke en mooie jongen, die groter en krachtiger was dan zijn vader. Zij was zich bewust van het onrecht dat zij beging, en trachtte haar neiging te beteugelen, maar de hartstocht was sterker dan haar wil.

    Ook werd zij door haar oude voedster in het kwaad aangemoedigd. Deze wakkerde haar liefde tot de schone jongeling aan. Ja, de oude ging zelfs zo ver dat zij, toen Theseus eens afwezig was, de jonge prins in Phaedra's naam aanspoorde om zijn eigen vader van de troon te stoten en het koningschap met haar te delen. De onschuldige Hippolytus was over deze aansporing zo ontsteld dat hij met zijn stiefmoeder niet langer onder één dak wilde vertoeven. Hij spoedde zich naar het bos van de godin Artemis en besloot om daar de terugkeer van zijn vader af te wachten.

    De harde afwijzing door Hippolytus, de schaamte voor zichzelf, de vrees voor de toorn van haar man en de hartstochtelijke haat, waarin haar liefde was omgeslagen, dreven Phaedra in de dood. Ze hing zichzelf op, maar liet een brief aan Theseus achter, waarin zij de jongeling beschuldigde haar verkracht en in de dood gedreven te hebben. In grote ontzetting over deze onbegrijpelijke slag van het lot stond Theseus bij het lijk van zijn geliefde vrouw. Gedreven door verdriet en blinde jaloezie ten aanzien van zijn zoon, die hem overtrof in schoonheid en moed, smeekte hij de wraak van Poseidon - zijn beschermgod - af over de verworpen zoon: "Laat hem, bid ik u, op deze dag de zon niet meer zien ondergaan!"

    Op dit ogenblik keerde Hippolytus van de jacht terug om zijn vader de schandelijke handelswijze van zijn stiefmoeder te openbaren. Op Theseus' vervloekingen antwoordde hij met alle rust van een goed geweten. Maar zijn vader toonde hem de laatste regels, die zij voor haar dood had geschreven en wilde van geen rechtvaardiging weten. Hij verbande zijn zoon uit het land en herhaalde daarbij zijn vreselijke smeekbede tot Poseidon.

    Op de avond van dezelfde dag, voor de zon onderging, kwam de vervloeking van de vader tot vervulling. Toen de onschuldige Hippolytus aan het verbanningsbevel gehoorzaamde, de stad verliet en over de weg reed langs de zee, kwam daaruit een gruwelijk monster te voorschijn dat de paarden schuw maakte. In hun angst voor het gedrocht dat hun nu eens de weg versperde, dan weer aan hun zijde voortgleed, werden de paarden hoe langer hoe schichtiger. De wagen viel om en de ongelukkige Hippolytus, die toch een meester in het mennen was, werd over de rotsen meegesleept tot hij stierf.

    Terwijl Theseus het bericht van de dood van Hippolytus zonder ontroering aanhoorde, kwam de voedster van zijn gestorven vrouw bij hem binnengesneld. Gewetenswroeging dwong haar ertoe de zonde van de stiefmoeder bekend te maken. En zo verloor Theseus op één en dezelfde dag zijn vrouw en zijn zoon. Hij werd door de Atheners verbannen en kwam op het eiland Skyros, alwaar hij van een rots in zee viel en een eenzame dood stierf.

    * * * EINDE * * *

    Bron : - "Griekse mythen en sagen" door Gustav Schwab.
                 Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht, 2002.
                 - Bewerkt door www.beleven.org

    02-09-2011 om 09:46 geschreven door saagje

    0 1 2 3 4 5 - Gemiddelde waardering: 0/5 - (0 Stemmen)
    Categorie:Mythe
    » Reageer (0)


    Welkom bij saagje !
    Foto


    Laatste commentaren
  • Harden vol 1 (Rodolfo)
        op De mythe van Stinsterloo
  • Cheap Jerseys From China (Anthony)
        op De mythe van Stinsterloo
  • Lieve groetjes vanwege DEWESTHOEK (Annie & Rogier)
        op De boer en de duivel
  • Hallo Saagje,heel mooie story, (paolo)
        op De boer en de duivel
  • Piepelou Saagje (Jeske)
        op De boer en de duivel
  • Blog als favoriet !

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto


    Kribbelboekboek
  • Fijne midweek toegewenst
  • Lieve midweekgroetjes blogmaatje
  • Het blijft hier stil
  • Een fijne Donderdag gewenst
  • Voor alle Papa's en Opa's een fijne vaderdag gewenst

    bedankt voor de trouwe bezoekjes
    saagje


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    E-mail mij


    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Archief per week
  • 08/07-14/07 2013
  • 01/07-07/07 2013
  • 24/06-30/06 2013
  • 07/05-13/05 2012
  • 30/04-06/05 2012
  • 05/12-11/12 2011
  • 31/10-06/11 2011
  • 24/10-30/10 2011
  • 10/10-16/10 2011
  • 03/10-09/10 2011
  • 26/09-02/10 2011
  • 19/09-25/09 2011
  • 12/09-18/09 2011
  • 05/09-11/09 2011
  • 29/08-04/09 2011
  • 22/08-28/08 2011
  • 15/08-21/08 2011
  • 08/08-14/08 2011
  • 01/08-07/08 2011
  • 25/07-31/07 2011
  • 18/07-24/07 2011
  • 11/07-17/07 2011
  • 04/07-10/07 2011
  • 27/06-03/07 2011
  • 20/06-26/06 2011
  • 13/06-19/06 2011
  • 06/06-12/06 2011
  • 30/05-05/06 2011
  • 23/05-29/05 2011
  • 16/05-22/05 2011
  • 09/05-15/05 2011
  • 02/05-08/05 2011
  • 25/04-01/05 2011
  • 18/04-24/04 2011
  • 11/04-17/04 2011
  • 04/04-10/04 2011
  • 28/03-03/04 2011
  • 21/03-27/03 2011
  • 14/03-20/03 2011
  • 07/03-13/03 2011
  • 28/02-06/03 2011
  • 21/02-27/02 2011
  • 14/02-20/02 2011
  • 07/02-13/02 2011
  • 31/01-06/02 2011
  • 24/01-30/01 2011
  • 17/01-23/01 2011
  • 10/01-16/01 2011
  • 03/01-09/01 2011
  • 26/12-01/01 2012
  • 20/12-26/12 2010
  • 13/12-19/12 2010
  • 06/12-12/12 2010
  • 29/11-05/12 2010
  • 22/11-28/11 2010
  • 15/11-21/11 2010
  • 08/11-14/11 2010
  • 01/11-07/11 2010
  • 25/10-31/10 2010
  • 18/10-24/10 2010
  • 11/10-17/10 2010
  • 04/10-10/10 2010
  • 27/09-03/10 2010
  • 20/09-26/09 2010
  • 13/09-19/09 2010
  • 06/09-12/09 2010
  • 30/08-05/09 2010
  • 23/08-29/08 2010
  • 16/08-22/08 2010
  • 09/08-15/08 2010
  • 02/08-08/08 2010
  • 26/07-01/08 2010
  • 19/07-25/07 2010
  • 12/07-18/07 2010
  • 05/07-11/07 2010
  • 28/06-04/07 2010
  • 21/06-27/06 2010
  • 14/06-20/06 2010
  • 07/06-13/06 2010
  • 31/05-06/06 2010
  • 24/05-30/05 2010
  • 17/05-23/05 2010
  • 10/05-16/05 2010
  • 03/05-09/05 2010
  • 26/04-02/05 2010
  • 19/04-25/04 2010
  • 12/04-18/04 2010
  • 05/04-11/04 2010
  • 29/03-04/04 2010
  • 22/03-28/03 2010
  • 15/03-21/03 2010
  • 08/03-14/03 2010
  • 01/03-07/03 2010
  • 22/02-28/02 2010
  • 15/02-21/02 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 01/02-07/02 2010
  • 25/01-31/01 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 11/01-17/01 2010
  • 04/01-10/01 2010
  • 28/12-03/01 2016
  • 21/12-27/12 2009
  • 14/12-20/12 2009
  • 07/12-13/12 2009
  • 30/11-06/12 2009
  • 23/11-29/11 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 02/11-08/11 2009
  • 26/10-01/11 2009
  • 19/10-25/10 2009
  • 12/10-18/10 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 14/09-20/09 2009
  • 07/09-13/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 24/08-30/08 2009
  • 17/08-23/08 2009
  • 10/08-16/08 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 27/07-02/08 2009
  • 29/06-05/07 2009
  • 22/06-28/06 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 08/06-14/06 2009
  • 01/06-07/06 2009

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Foto

    Welkom bij
    Foto

    Foto


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!