Naar de inhoud

Vlaamse dialecten

seniorennet.beseniorennet.be

Nederlandstalige dialecten

 < De hoofdpunten van deze site vind je aan de linkerkant!

 Klik op onderstaande buttons voor dialect per Provincie of Gewest 
 ∇
mijn prentje

mijn prentje


mijn prentje


mijn prentje


mijn prentje


mijn prentje

mijn prentje


mijn prentje


mijn prentje


mijn prentje

P57-005b37df763ad60e8d8bbf923e32b7c6.jpg

 37162.jpg

mijn prentje

mijn prentje

mijn prentje

mijn prentje

mijn prentje

mijn prentje
 ^ Je bevind zich nu hier ^
mijn prentje

 mijn prentje
 


Senioren site

mijn prentje

mijn prentje


mijn prentje


 mijn prentje 

 ^ Wekelijks nieuwe evenementen Informatie! ^

Bertem - Bertem dialect Leefdaal - Leefdaals dialect

 

              
       Bertem


 

 

  

De naam Bertem is mogelijk afkomstig van het Germaanse berta, dat "schitterend" betekent, en van "heem". Bertem kan dus verklaard worden als schitterende woning. De naam Bertem kan ook verwijzen naar de moerassen van de Voer of naar de eigennaam Beert.
Uitspraak van Bertem: Beitem. 
Spotnaam van gemeente Bertem: Teussers (paardenhandelaars).
> Kaart van gemeente Bertem (www.google.be/maps)  
> Diverse informatie aangaande gemeente Bertem (wikipedia.org)   

 Bertems dialect

Wisselwerking tussen r en l in verschillende Zuid-Brabantse dialecten
- In woorden met –tel op het einde van een lettergreep en –r(s) op het einde van de voorgaande lettergreep verdwijnt de r. B.v. wortel -> weuttel, spartelen -> spettele, borstel -> beustel, worstelen -> weustele.
- Indien er tussen de –r en de –el een p of een v staat (of soms ook met nog een andere medeklinker) is er plaatsverandering van r en l. B.v. dorpel -> deulper, kervel -> kelver. Soms: orgel -> eulger.
Plaatsverwisseling van letters in een woord kan ook tussen andere letters dan tussen r en l. B.v. praline -> pernil (r gewisseld met klinker en l gewisseld met n).
- Op het einde van een woord wordt –el omgevormd tot –er indien er nog een l voorafgaat. B.v. sleutel -> sluiter, lepel -> leiper, vlegel -> vleger, vleugel -> vluiger. In een zeldzaam geval moet er zelfs geen l voorafgaan. B.v. bengel -> binger.
- Het omgekeerde kan zich ook voordoen. De eind-r wordt soms vervangen door een l. B.v. schorseneer -> schorseneil, jenever -> jenèvel.
- In de deelgemeente Bertem wordt de begin-l van “liberaal” vervangen door een r: “riberool”. Dit lijkt wel een unicum.
Vervanging van een dubbele d door een dubbele r
Opvallend in de deelgemeente Bertem is het vervangen van dd door rr. B.v. schudden -> schurre, wedden -> weurre. Of in twee stappen: heb je -> édde -> érre, doe je -> dudde -> durre, ben je -> zèdde -> zèrre, ga je -> goëdde -> goërre, sta je -> steudde -> steurre. Maar Bertem staat hier niet alleen. In het Pajottenlands is het verschijnsel nog veel meer uitgesproken. B.v. schudden -> schirren, kudde -> kirre, middel -> mirrel, midden -> mirren. Of in twee stappen: bed -> bedde -> berre, pad -> padde -> parre, klod -> klodde -> klorre, vod -> vodde -> vorre, wat -> wadde -> warre, dat -> dadde -> darre.
Bron: > http://korbeek-dijle.blogspot.be/ brabantse-dialecten   
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site) 


  

>
Bertem (www.youtube.com) 
 
> Bertem in beeld (www.google.com)   


 Leefdaal
Deelgemeente van Bertem.
Uitspraak van Leefdaal: Leidel.

128869.jpg

Wapenschild van gemeente Leefdaal.

De naam 'Leefdaal' is te herleiden tot twee Keltische deelwoorden. Het eerste deel, 'Leef' komt van de oude naam van de rivier de Voer, de Laban. Daal is dan weer te herleiden tot vallei. De naam kan dus verklaard worden als vallei van de Voer.
> Leefdaal (https://nl.wikipedia.org/wiki/Leefdaal)   

Leefdaals dialect 

Plaatselijk wordt het Leefdaals dialect ’t Leidels genoemd.
Leefdaals verschilt duidelijk van Bertems.
> Leefdaals (www.mijnwoordenboek.nl/dialect/Leefdaals)
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site) 
 

138464.jpg

Klik op de afbeelding om te vergroten.
> Gemeente Leefdaal in beeld (www.google.com)   
> Gemeente Leefdaal (www.youtube.com)   

 106859.jpg
>
Het Dijleland (www.wikipedia.org)  


 106903.jpg

>
Groene Gordel (www.wikipedia.org) 
 


button

Hoeilaart - Hoeilaarts dialect

 

 

 

   Hoeilaart

 

 

 

 

De naam zou van Gallisch-Keltische oorsprong zijn, met name van Ho-lar wat hoog gelegen open plaats in het bos betekent. De oude spelling is "Hoeylaert".
Hoeilaart noemt men ook wel eens ‘het glazen dorp’ vanwege de grootschalige teelt van druiven die er tot in de tweede helft van de twintigste eeuw in verwarmde serres gedaan werd.

Inwoners van de gemeente worden Hoeilanders genoemd.
Scheld of spotnaam van Hoeilaart: doenders, kolenbrander, eieruiper, spekdief, stoefers. 
> Kaart van gemeente Hoeilaart (www.google.be/maps)   
> Diverse informatie aangaande gemeente Hoeilaart (wikipedia.org)  

 

 

Hoeilaarts dialect

Inwoners van de gemeente worden Hoeilanders of Doenders genoemd. Het woord Doender komt uit het Hoeilaarts dialect waarin het woord doen vaker voorkomt in vergelijking met andere dialecten. 
> Hoeilaarts dialect (www.mijnwoordenboek.nl/dialect/Hoeilaart)   
> Het Hoeilaarts dialect (www.hoeilander.be)   
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site)  

 

 

> Hoeilaart (www.youtube.com)   
> Gemeente Hoeilaart in beeld (www.google.com)  

 

106859.jpg
>
Het Dijleland (www.wikipedia.org)   


 106903.jpg
> Groene Gordel (www.wikipedia.org)  


106599.jpg 

> Provincie Vlaams-Brabant (blog vlaanderen)  


button

 

Kortenberg - Kortenbergs dialect Erps-Kwerps dialect

 

     

 

   

     Kortenberg

 

 

 

 

 

 

 

Van oudsher is het de woonplaats van de Heren van Cortenberg.
Deelgemeente Erps was, zeker sinds 1286, de hoofdplaats van een meierij.

De aanleg van een steenweg van 1706 tot 1709 was een belangrijke gebeurtenis in de groei van de gemeente, evenals de aanleg van de spoorweg in 1866.
Bron: wikipedia.org

Ui
tspraak van Kortenberg: Keuttenberg
Spotnaam van gemeente Kortenberg: waterheren.
> Kaart van gemeente Kortenberg (www.google.be/maps)   
> Diverse informatie aangaande gemeente Kortenberg (wikipedia.org)  

 

138523.jpg

Klik op de afbeelding om te vergroten.
> Kortenberg in beeld (www.google.com)  
> Kortenberg (www.youtube.com)  


Kortenbergs dialect
 
> Kortenbergs (www.mijnwoordenboek.nl/dialect/Kortenbergs)   
> Kortenbergs dialect (www.facebook.com/kortenberg)   
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site)  

 

Erps-Kwerps
Dorp van Kortenberg.

Erps-Kwerps bestaat historisch uit twee aparte kernen: Erps en Kwerps (vroeger Querbs, iets later Querps). 
Bijnaam of scheldnaam van dorp Erps: ezels, de heren van Erps.
Bijnaam of scheldnaam van dorp Kwerps: boeren van Kwerps.
> Geschiedenis van de naam Erps-Kwerps (http://diep-rood-leen.blogspot.be)   
> Diverse informatie aangaande het dorp Erps-Kwerps (wikipedia.org)   

 

138511.JPG

Klik op de afbeelding om te vergroten.
> Erps-Kwerps in beeld (www.google.com)   
> Erps-Kwerps (www.youtube.com)   

Erps-Kwerps dialect 

Kennis van het dialect der beide gefusioneerde dorpen gaat gestadig achteruit.

Dialectwoorden
aardhorzel: eiruzel ; fietsversnellingen: derailleurs, vitessen ; gemaskerde of vermomde persoon; mombakkes ; pier: spiering ; wesp: lodder : zout: zaat ; 
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site)  

106859.jpg
>
Het Dijleland (www.wikipedia.org)   


 106903.jpg

> Groene Gordel (www.wikipedia.org)  

106599.jpg 

> Provincie Vlaams-Brabant (blog vlaanderen)  


button

Overijse - Overijses dialect

 

    
   Overijse

 

 

 

 

De eerste vermelding van de gemeente Overijse is terug te vinden in een oorkonde van 832 en dit onder de naam “Isca”. Het woord Isca is van Kelttische oorsprong, werd gelatiniseerd en betekent water. Overijse dankt zijn naam aan de rivier die door de gemeente vloeit: de IJse .
De gemeente ligt in het hart van de Druivenstreek en maakt deel uit van de landstreek Dijleland.
Bron: wikipedia.org en http://overijse   
Spotnaam van gemeente Overijse: doenders (= koeksoort).   
> Kaart van gemeente Overijse (www.google.be/maps)   
> Diverse informatie aangaande gemeente Overijse (wikipedia.org)  

 

135537.jpg

> Overijse in beeld (www.google.com)   
> Overijse (www.youtube.com)  

 Overijses dialect 
Plaatselijk wordt het Overijses dialect Eizers genoemd.
> Overijses dialect (http://www.mijnwoordenboek.nl)   
> Vlaams-Brabant dialect (info op deze site)  


106859.jpg
>
Het Dijleland (www.wikipedia.org)   


 106903.jpg

>
Groene Gordel (www.wikipedia.org) 
 

 

106599.jpg 

> Provincie Vlaams-Brabant (blog vlaanderen)  


button

Brussel Hoofdstedelijk Gewest Brussels dialect

 

     
     Brussel Hoofdstedelijk Gewest


       > Informatie Brussel - Hoofdstedelijk Gewest (blog belgië)     



Spotnaam van Stad Brussel
:
kiekenfretters, ketjes.

 

 107006.jpg

Klik op de kaart om te vergroten. 
> Kaart Brussels Gewest (www.google.be)   
 > Info Brussel hoofdstedelijk Gewest (blog belgië)   

 


> Brussel (www.youtube.com)  

 

Brussels dialect

Het is de naam voor het Brabantse dialect dat men vanouds in Brussel spreekt.
Sedert de late achttiende eeuw werd het geleidelijk aan vervangen door het Frans, en na de Tweede Wereldoorlog in geringere mate ook door het Algemeen Nederlands, waardoor nu nog slechts een klein deel der Brusselse bevolking deze taal spreekt.
Thans staat de "platte" volkstaal van weleer echter in hoog aanzien en maakt het een revival door.

De term Brussels slaat in correct gebruik eigenlijk alleen op de taal van Brussel-Centrum, maar vaak wordt ermee verwezen naar alle dialecten uit het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Men geve zich er rekenschap van dat in de voorsteden van Brussel (inclusief Laken, Neder-Over-Heembeek en Haren, die deel uitmaken van de gemeente Brussel) andere dialecten worden gesproken, die soms zeer duidelijk van het Stad-Brussels afwijken.
Hieronder zal op die verschillen worden ingegaan; wanneer er van Brussels sprake is wordt steeds het dialect van de binnenstad bedoeld. 
> Lees meer op www.wikipedia.org 

Taaleigen  

Onaangekondigde overgang van de ene taal in de andere
Ei kreig va zainen adversaire ne coup d'tête in zain moegt. (Hij kreeg van zijn tegenstander een kopstoot in zijn maag.)
Ei aa gienen débouchonneur. (Hij had geen ontstopper.)
Il est kroemmeneil zat. (Hij is stomdronken).
K'em a carrément de woeraait gezeit. (Ik heb je vierkant de waarheid gezegd.)
De quinze ei gedérailleid on den aiguillage van den Avenue Louise. (De vijftien is ontspoord aan de wissel van de Louizalaan.)
C’est une onnuzel treis. ('t Is een dwaze trien.)
Ge zai nen imbécile. (Je bent een dwaas.)
Il sort manger avec sa mokke. (Hij gaat uit eten met zijn liefje.)
Tu deviens peike, tu sais, kameroet. (Je wordt een oud ventje, hoor maat!)
Tu es un dikken broebeleir. (Je bent een grote blaaskaak.)

Specifieke woordenschat (vooral scheldwoorden)
ne pei, e peike: een (oudere) man
en mei, e meike: een (oudere) vrouw
ne pottepei: iemand die graag een biertje lust (niet zo erg als drankorgel)
ne labbekak: iemand die eerder flauw, vreesachtig van aard is
caliche: zoethout
calichezap: eig. sap van zoethout, d.i. een minderwaardige drank (vb. koffie) die niet lekker smaakt
zievere: schertsen (het niet ernstig menen) > Da's giene ziever! (Dit is geen lachertje.)
e mokke: een liefje (mokkel), vandaar een aardig meisje
daštere (> nen daštereir): knoeien of treuzelen
ne fafoel: iemand die houdt van snoeven, hovaardige
kažoebere (> ne kažoebereir): in vuilnisbakken scharrelen

Rijke variatie aan scheldwoorden
skieve lavabo, skieve archetec (onbekwaam architect), amelaiken dojker (heimelijke duiker, gluiperd), tallurelekker van ’t gasthois (bordenlikker van het ziekenhuis).

Franse stam + Vlaams suffix of omgekeerd
fils-ke: jongen
débouchonn-eiren: ontstoppen (vb. Ei aa gienen débouchonneur vi da fleske te débouchonneire)
ne zwanz-eur: een lolbroek

Letterlijke vertaling van een Nederlandse uitdrukking naar het Frans (zelden omgekeerd), waardoor groteske fouten ontstaan:
J’espère que ça va pas continuer à rester durer. (Ik hoop dat het niet gaat blijven duren.)
Je fais faire mes grosses courses, hein motje. T’as rien besoin? (Ik ga mijn wekelijkse inkopen doen, hoor meisje. Heb je niets nodig?)
Il a une pièce dans ses bottes. (Hij heeft een stuk in zijn laarzen). d.i. Hij is stomdronken)
Arrive une fois, filske! (Kom 'ns, jongen!)

Op basis van dit laatste worden bij wijze van grap wel eens fictieve zinnen bedacht, zoals:
Nous sommes chemin. (We zijn weg)

Een van de albums van Kuifje, waarvan de auteur Hergé in Brussel opgroeide, is vertaald in het Brussels.
Luister naar een liedje gezongen in het Brussels door Jef van Maria, verschenen op de cd 100% ambiance en getiteld : "Op den tram"
Luister naar een liedje gezongen in het Brussels door Bobbejaan Schoepen, oorspronkelijk uitgegeven in 1962 en getiteld : "Pompier van Brussel Zuid" 
> Lees meer op www.wikipedia.org  
> Brussels dialect spelling (http://bebrusseleir.be/ pdf)  
> Brussel dialect - Brusselse Spraute (http://home.scarlet.be/brusselsSpel)   
> Brussel – Brussels dialect (www.mijnwoordenboek.nl)  

 





Luister naar het Brussels dialect.

> Brussels dialect (www.youtube.com)  

Van een klein muisje en fles cognac 
> Brussels dialect (powerpoint) 

> Afbeeldingen en kaarten Brussel Hoofdstedelijk Gewest   

button

Zeeuws Vlaanderen Zeeuws dialect


     
   Zeeuws-Vlaanderen


         > Informatie Zeeuws Vlaanderen – Zeeland (blog vlaanderen informeert)  

 

 

 104469.jpg

Klik op de kaart om te vergroten. 
> Zeeuws-Vlaanderen kaart (www.google.be)   

 107014.jpg

 > Zeeuws Vlaanderen – Zeeland (blog vlaanderen informeert)   

 



> Zeeuws-Vlaanderen (www.youtube.com)  

 

Zeeuws dialect

Het Zeeuws is een samenvattende benaming voor een samenhangende groep dialecten in het zuidwesten van Nederland, met name in de provincie Zeeland.
De naam Zeeuws is al oud: het woord stamt uit de Middeleeuwen en is zélf een zuidwestelijk dialectwoord.
In de talige betekenis treft men het ook al vroeg aan.
Een door promotors van het Zeeuws vaak aangehaald citaat van Jacob van Maerlant (uit zijn heiligenleven van Sint-Franciscus) luidt:
Men moet om de rime te souken
Misselike tonghe [verscheidene talen] in bouken:
Duuts, Diets, Brabants, Vlaemsch, Zeeus;
Walsch, Latijn, Griex ende Hebreeus

Sindsdien is het woord "Zeeuws" voor de tongval van Zeeland in gebruik gebleven.
Er zijn evenwel veel andere benamingen, waarvan er sommige gebruikelijker zijn.
De spreker kan naar zijn dialect verwijzen met de naam van zijn streek (Walchers, Zuud-Bevelands) of woonplaats ( Oôskappels, Eintjessands).
Die gewoonte komt waarschijnlijk van de idee dat men in elk dorp een ander dialect spreekt, dat een plaats verderop al niet meer te verstaan is, en dat "het" Zeeuws al helemaal niet bestaat (voor een behandeling van dit vraagstuk zie onder).
Een spreker van Goeree-Overflakkee zal zijn taal ( Goerees en Flakkees) zelfs nooit als Zeeuws aanduiden. Vanouds noemen de Zeeuwen hun eigen taal "boers" en het Nederlands "(op z'n) burgers"; deze benamingen raken uit de mode.
Ook de naam plat komt voor, echter minder dan in bijvoorbeeld het oosten van het land.  
> Lees meer op www.wikipedia.org  
> Geschiedenis van het Zeeuws (http://taal.phileon.nl)   
> Over ‘t Zeeuws dialect (http://people.zeelandnet.nl)   

> Het Zeeuws (http://nl.wikibooks.org)  
> Zeeuws klanken en uitspraak (http://nl.wikibooks.org)  
> Zeeuws/Grammatica (http://nl.wikibooks.org)  
> Zeeuwse taalsite (http://people.zeelandnet.nl)   
> Zeeuws dialect (www.mijnwoordenboek.nl)   
> Het dialect van het land van Ravenstein - Uden en Zeeland (www.arnoldzegers.nl)   

  


>
Zeeuws dialect (www.youtube.com) 
 

mijn prentje

button

Frans-Vlaanderen Frans-Vlaams dialect


      

      Frans-Vlaanderen

          > Frans-Vlaanderen (blog vlaanderen informeert)     

 

 

 

104561.jpg

>
Kaart Frans-Vlaanderen (www.google.be/maps) 
  

 

107087.jpg

> Geschiedenis Frans-Vlaanderen (www.wikipedia.org)  
> Frans-Vlaanderen algemene info (blog vlaanderen)  
> Vlaanderen - België (blog vlaanderen)  



Taalgebruik in Frans-Vlaanderen
Frans-Vlaams dialect


In een gebied in Noord-
Frankrijk wordt door een deel van de bevolking als moedertaal nog een variëteit van het West-Vlaams gesproken.
Dit gebied loopt even ten oosten en zuiden van
Duinkerke met een boog tot aan Hazebroek (Hazebrouck), en verder oostwaarts tot aan de Belgisch-Vlaamse grens.
Het wordt in
Belgisch-Vlaanderen aangeduid als de Franse Westhoek, en staat ook bekend als Frans-Vlaanderen in enge zin. 
> Lees meer op www.wikipedia.org  

Frans-Vlaams dialect
Het Vlaams in Frankrijk is de meest zuidwestelijke groep van de Nederlandse dialecten en is eigenlijk een onderdeel van het West-Vlaams, dat zelf met het Zeeuws in veel opzichten een homogene groep vormt en waar de interne verstaanbaarheid groot is. 
> Lees meer op www.variatielinguistiek.ugent.be  
> Afbeeldingen taalverhouding in de Franse Westhoek (http://nl.wikipedia.org)  
> Mooi Frans-Vlaanderen waar ooit het Nederlands bloeide (www.roepstem.net)  
> Taalschrift - Het Nederlands rukt op in Frankrijk (http://taalschrift.org)   
> Forum Frans-Vlaanderen (http://forum.politics.be) 
 

't Is morgen Karnaval!
 
Moeder "pannekoekte" mee schoone witte bloeme
Die kwaam van de terve van de velden rond 't huis
Emalt in 'n Steenmeulen nie vare van myn huus
Een zak bloeme in dien tyd was lyk een goude bloeme

Ze schounk een lytje bier in d'oude ronde komme
In de plekke van melk om zedder te kun bakken
Miek er twee op e keer voor nuuze gulzig monden
En se kunde ze draeien ze was daerom nie dom!

Mee bruune potsuiker m'aet toen vele te vele
Die suiker kwaam assan van djuuste over de schreve
Beter en gekopper in velo op de dreve
Zon'er kommyzekotche geen rysche of nie vele.

Op vasten Dyssendag en 'n dag van Lichtemesse
't Was 't eten van 's navers mee kaffie of mee bier
Karnaval overtyd was een groote feeste hier
In Duunkerke en Belle nog assan kerremesse!
                                                      

 
 





> Frans-Vlaanderen dialect (www.youtube.com)  

button

Bargoens Geheimtaal Dieventaal



      Bargoens

   Ook wel geheimtaal of dieventaal genoemd
      

 

Het Bargoens, in de woordenboek van Daele omschreven als : geheimtaal van dieven, landlopers, rondtrekkende handelaren, is een erg kleurrijk en mysterieus taalfenomeen.
Het ontstaan ervan is onduidelijk maar toch kunnen er bepaalde invloeden opgespoord worden.
Een aantal elementen uit het Bargoens zijn door de zigeuners aangebracht .
Dat geheimzinnig volk noemde zich Egyptenaren - vandaar het Engelse gipsy of het Spaanse gitanos - en was reeds in de 5de eeuw op trektocht.
Nadat bijna overal het verband werd vastgesteld tussen de komst van de zigeuners en het verdwijnen van allerlei kostbaarheden, werd dat volk vanaf het midden van de 15de eeuw in gans Europa als heidenen vervolgd.
Wat men hier als Gods straffen in huis had, viel hen ten deel : geselingen, brandmerken, radbraken, vierendelen en nog allerlei moois zorgden ervoor dat de zigeuners verdwenen.
Ze kwamen echter steeds weer en drukten hun stempel op de taal van de rondtrekkende handelaren. 
>
Lees meer op http://users.skynet.be/dial/BargOntst.htm   
> Woorden in Bargoens (www.xs4all.nl) 
> Bargoense tekens (www.wikipedia.org)  
> Bargoens dialect (www.mijnwoordenboek.nl)   
> Bargoens kamptaal dialect (www.mijnwoordenboek.nl)   
> Bargoens in Nederland (www.wikipedia.org)   
> Leuke Bargoense woorden (www.leuke-teksten.nl)   
> Afgeleide woorden van het Bargoens (www.waterloopleinmarkt.nl)  
> Bargoense taal (www.youtube.com)   


button
 
Zie codetaal inbrekers!
∇

Codetaal inbrekers (dieven) Gebruiksnamen voor stelen

 

Codetaal inbrekers (dieven)

Stelen_logo 


In gebruik zijnde benamingen met betekenis voor Stelen:  
- Achterover drukken

- Bietsen 
- Chappen 
- Choppen
-  Dieven 
- Gannefen of Ganneven 
- Gappen
- Jatten 
- Kapen 

- Kieren 
- Lenen zonder te vragen ( eufemistisch) 
- Meetsjoepen 
- Moeftisch 
- Schoepen, skoepen 
- Sjkachten 
-  Snaaien 
- Nakken 
- Pikken 
- Proletarisch winkelen ( eufemisme) 
- Rippen 
- Roven 

- Sijsen 
- Snieren 
- Stuiven 
- Tiffen 
- Tsjoeken
- Verdonkeremanen 
- Weghalen, wegnemen 
- Zwijntjes jagen (fietsen stelen; een 'zwijntjesjager' is een fietsendief).
Bron: Wikipedia

> 
Codetaal van inbrekers (www.google.be)  


Zie eventueel ook:
> Bargoens – Dieventaal (info op dit blog)  
> Inbraakpreventie (blog vlaanderen informeert)  
> Kleptomanie – Steelzucht (blog vlaanderen informeert)   


button

Jongerentaal Het alfabet Chattaal Opmerkelijke dialect uitspraken

Jongerentaal

Jongerentaal is het taalgebruik van jongeren, ook wel jeugdtaal genoemd. Voorbeelden van jongerentaal zijn straattaal en het Murks in Nederland.
> Lees meer op wikipedia.org/wiki    

Keitof vertaalwoordenboekje voor jongeren.
Voor volwassenen om jongeren beter te begrijpen.

158213.jpg

 
Klik op de tekstafbeelding om te vergroten.

Het alfabet
 
159509.jpg

Klik op de afbeelding om te vergroten.

Chattaal
 

Chattaal is de taal en interpunctie die tijdens chatten gebruikt wordt. De taal kenmerkt zich door het gebruik van emoticons, afkortingen en spreektaal. De taal wordt ook wel msn-taal (naar MSN Messenger, de voormalige naam van Windows Live Messenger), sms-taal(naar short message service oftewel sms), twittertaal (naar Twitter) of shordjes genoemd. 
> Lees meer op wikipedia.org/wiki    

Enkele opmerkelijke dialect uitspraken

160438.jpg

Klik op de afbeelding om te vergroten.


button

Latijnse taal



         Latijnse taal

 




 

Latijn, een Italische taal, is oorspronkelijk de taal van de Latijnen, een volk dat vanaf het eerste millennium voor Christus in de streek Latium (het huidige Lazio, Italië) woonde.
Het was de stad
Rome die na 500 voor Christus in dit gebied haar politieke en militaire invloed vergrootte en zo haar taal buiten de stadsgrenzen verspreidde.
Rome werd de hoofdstad van het
Romeinse Rijk, dat bleef groeien tot het in de tweede eeuw na Christus haar grootste omvang bereikte.
Het Latijn werd de voertaal in het westelijke deel van dit rijk (terwijl
Koinè-Grieks dat in het oostelijke deel was en bleef). 
>
Lees meer op www.wikipedia.org  

Latijnse woorden vertaald naar het Nederlands
> Woordenlijst (http://users.skynet.be/woordenlijst_latijn.htm)  

 


·  Vertaalstrategie voor Grieks en Latijn

> Latijnse taal (www.youtube.com)   

button

Woord van het jaar Vlaanderen Nederland


Woord van het jaar

107152.jpg

 

Vlaanderen 

- 2025: Woord van het jaar België en Nederland = Hallucineren 
 'Hallucineren' van AI-modellen levert Woord van het Jaar ... 
- 2024: 'Hangmatbeleggen' 
 "Hangmatbeleggen" is verkozen tot Woord van het Jaar 2024
- 2023: Graaiflatie > wiktionary.org/wiki/graaiflatie   
- 2022: Klimaatklever > (wiktionary.org/wiki/klimaatklever)"   
- 2021: Knaldrang > Woord v/h jaar 2021 (wikipedia.org)   
- 2020: Knuffelcontact  Naar aanleiding van de Covid-virus pandemie > Woord van het jaar 2020   
- 2019: Winkelhieren Bij lokale bedrijven en winkels kopen.
- 2018: Moordstrookje
Definitie van moordstrookje: fietspad dat vlak langs een weg ligt en daardoor zeer gevaarlijk is.
- 2017: Koesterkoffer  
Een koffer met tastbare herinneringen om een jong gezin te ondersteunen na het verlies van een kind: dat is de definitie van een "koesterkoffer"
- 2016: Treitervlogger 
Een treitervlogger is iemand die filmpjes maakt van zijn vrienden terwijl ze ongein uithalen en waarbij de vlogger ze zelfs stimuleert. 
- 2016:  Samsonseks  
Seks terwijl de kinderen naar de televisie kijken (genoemd naar het kinderprogramma 'Samson en Gert'). 
- 2015: Kraamkost 
Is een verse maaltijd, die kersverse mama's cadeau krijgen van visite, zodat ze zelf niet hoeven te koken. Zo kunnen de pas bevallen mama's (en de rest van het gezin) weer op krachten komen, zonder dat ze meteen weer in de harde realiteit van het huishouden gekatapulteerd worden.
- 2014: Flitsmarathon   
Politieactie waarbij de hele dag intensief geflitst wordt. 
- 2013: Selfie 
Een selfie is een gefotografeerd zelfportret, doorgaans gemaakt met een smartphone of webcam. > Selfie woord van het jaar 2013 (www.wikipedia.org)   
- 2012: Frietchinees  
Naar Chinese uitbaters van frietkotten  (wikipedia.org)
- 2011: Stoeproken 
Het roken buiten op straat op de stoep door het rookverbod. 
- 2010: Tentsletje 
Meisje dat bijvoorbeeld op een festivalweide met verschillende mannen seksuele betrekkingen heeft om zo een slaapplaats (meestal een tent) te hebben.
- 2009: Ontvrienden
Ook internetvriendschappen kunnen weer eindigen, en zo is ook 'ontvrienden' een mogelijkheid. Ontvrienden is het verwijderen van eerder toegevoegde vrienden van iemands contactenlijst op sociale netwerksites.  > wikipedia.org/wiki/Internetvriendschap   
- 2008: Swaffelen 
Is het aantikken met de penis, vaak met herhaalde bewegingen, van andermans lichaam of een voorwerp. 
Swaffelen gebeurt veelal in een plagende, zwart-humoristische of vernederende context, maar ook wel als seksuele handeling. Bij de op een persoon gerichte variant wordt vaak de wang aangetikt. De penis is daarbij gewoonlijk slap of niet volledig geërecteerd. 
> wikipedia.org/wiki/Swaffelen  
2007: Bokitoproof 
bestand tegen (de gevolgen van) vernielzuchtig gedrag (van dieren) en vandalisme (van mensen). 

Nederland 

- 2025: Woord van het jaar België en Nederland = Hallucineren
- 2024: polarisatie 

- 2023: Graaiflatie > wiktionary.org/wiki/graaiflatie   
- 2022: > Energiemoede (https://nl.wikipedia.org/wiki)"   
- 2021: Prikspijt > Woord v/h jaar 2021 (www.vandale.nl   
- 2020: Anderhalvemetersamenleving 
Woord van het jaar (wikipedia.org) naar aanleiding van de Covid-virus pandemie
- 2019: Boomer  Persoon met gevorderde leeftijd.
- 2018: Blokkeerfries 
Elk van de personen die in Friesland een wegblokkade hebben opgezet om anderen te verhinderen te demonstreren tegen een aspect van de sinterklaastraditie, door sommigen beschouwd als verdediger daarvan.
- 2017: Appongeluk

Van Dale omschrijft 'appongeluk' als "een ongeval waarbij een verkeersdeelnemer betrokken is die tijdens het ongeval aan het appen was". 
- 2016: Treitervlogger 

Een treitervlogger is iemand die filmpjes maakt van zijn vrienden terwijl ze ongein uithalen en waarbij de vlogger ze zelfs stimuleert.
- 2015: Sjoemelsoftware
 Met het woord "sjoemelsoftware" wordt software aangeduid die bedoeld is om een auto bij emissietesten betere testresultaten te laten bereiken. Een auto getest (met aangepaste "sjoemel"software) voldeed wel aan de milieunormen, terwijl dezelfde auto bij dagelijks gebruik (zonder de gebruikte software) niet voldeed aan de gestelde eisen.
> wikipedia.org/wiki/Sjoemelsoftware   
- 2014: Dagobertducktaks 
Het woord 'dagobertducktaks' werd in oktober 2014 voor het eerst gebruikt door de Nederlandse vakbond FNV, die er een voorstel mee aanduidde voor een verhoging van de belasting van spaargeld boven de honderdduizend euro.    > wikipedia.org/wiki/Dagobert_Duck  
- 2013: Selfie 
Een selfie is een gefotografeerd zelfportret, doorgaans gemaakt met een smartphone of webcam.  > wikipedia.org/wiki/selfie   
- 2012: Project X-feest 
Project X Haren (ook wel bekend als het Facebookfeest) was een gebeurtenis op 21 september 2012 in het Groningse dorp Haren. Het begon met een uitnodiging voor een verjaardagsfeest van een meisje op de sociale media, maar mondde uit in een bijeenkomst van duizenden jongeren en rellen. 
> wikipedia.org/wiki/Project_X_Haren   
- 2011: Tuigdorp
 Tuigdorp verwijst naar een plek waar veelplegers geïsoleerd van de samenleving kunnen wonen, bijvoorbeeld in wooncontainers. 
> wikipedia.org/wiki/Tuigdorp   
- 2010: Gedoogregering  
Minderheidsregering die voor besluitvorming op bepaalde beleidsterreinen gesteund wordt door een gedoogpartij, dat wil zeggen een partij die niet tot de regering behoort, maar een gedoogakkoord met de coalitiepartijen heeft gesloten.
2009: Twitteren 
Korte berichtjes van maximaal 140 tekens sturen naar je vrienden op een online sociaal netwerk. 

> Woord van het jaar (www.wikipedia.org)   
>
Van Daele woordenboek (www.vandale.nl)  
> Woord van het jaar (https://onzetaal.nl)    

button

Leestest Geheugentest Coördinatietest Visuele test


  Leestest





 

Onderstaande tekst is geen dialect, wel een tekst waar de woordletters door elkaar gehaald zijn met uitzondering van de eerste en laatste letter.

Je kan ongetwijfeld de tekst lezen?
Alle silme msenen knunen dit lzeen. Ik kon het neit glevoen teon ik het zag. Het fnemoeanl pwoer van je hrenesen deot alels op de jiutse vlogodre. Vloegns een sutide van de Unvireisadde van Cmabrigde, het maakt neit uit de vlogodre van de ltretes in een wrood, je meot aeleln zrgoen dat je de ereste en de latsate lteter op jisute pelk zet. De rset mag je een zoojte van mkaen. Dat kmot odmat je hrenesen neit lteetr per leettr, maar wel de gorep lteters bij eaklar. Luek he? Als je dit kan lzeen suutr door naar je virednen.


Blijf kijken en na enkele momenten kun je onderstaande tekst lezen!
D323 M3D3D3L1NG L44T J3 213N T0T W3LK3 GR0T3 PR35T4T135 0N23 H3R53N5N 1N 5T44T 21JN. 1N H3T 83G1N W45 H3T 23K3R N0G M031L1JK D323 T3K5T T3 L323N, M44R NU K4N J3 H3T W44R5CH1JNL1JK 4L W4T 5N3LL3R L323N 20ND3R J3 3CHT 1N T3 5P4NN3N. D4T K0MT D00R H3T 3N0RM3 L33RV3RM0G3N V4N 0N23 H3R53N5. KN4P H3? D323 M3D3D3L1NG M4G J3 K0P13R3N 3N V3RD3R V3R5PR31D3N.


Neem ongeveer 10 seconden voor deze test, niet meer want dat is niet de bedoeling.
Kijk daarna hieronder voor het antwoord: Hoeveel keer zie je de letter 'F' in het volgende stukje tekst :

FINISHED FILES ARE THE RE-
SULT OF YEARS OF SCIENTIF-
IC STUDY COMBINED WITH THE
EXPERIENCE OF YEARS

Dat is het..

Nog niet naar beneden scrollen als je nog niet klaar bent met tellen hoor!

OK?
Hoeveel? Drie?
Fout, er staan er zes – Het is geen grapje !
Lees het nog maar een keer en tel nog eens en kijk daarna hier onder.
Hier komt de uitleg: De hersenen kunnen het woord 'OF' niet bevatten.
Ongelooflijk he?
Degene die de zes F's wel telt is een genie, vier of vijf is zeldzaam, en 3 is normaal.
Minder dan 3? Dan heb je een nieuwe bril nodig!

> Leestest (www.google.be)    
> Leestest (www.youtube.com)    


Geheugentest
Het is niet altijd waar wat je geheugen waarneemt! 
> Doe de geheugentest (PowerPoint)  

Einsteins strikvragen! 
> Einsteins strikvragen (powerpoint)  

Puzzel met vierkanten
> Puzzel vierkanten tellen (powerpoint)   

Geheugentest 
> Geheugentest (http://lereniseenmakkie.nl)    


> Diverse geheugentesten (www.youtube.com)   

163309.jpg


Coördinatietest hersenen, hand, voet

Je moet dit even proberen! Het is een oefening van een orthopedische chirurg........... het zal je verstand doen schrikken en je wilt het keer op keer weer over doen om je voet niet de verkeerde richting op te laten gaan, maar.... het gaat niet. Het is voorgeprogrammeerd in je hersenen.
Hier komt de oefening:
1. terwijl je nu achter je computer zit: til je de rechter voet van de vloer en maak kloksgewijs cirkels (dus rechtsom).  
2. En nu, terwijl je voet nog bezig is teken je met je rechter hand het cijfer 6. En zie daar, je voet zal van richting veranderen......... 

> Coördinatetest (www.google.be)    
> Coördinatetest (www.youtube.com)    

Geheugen rariteiten

150757.jpg
150758.jpg
150759.jpg
150760.jpg
150761.jpg
150762.jpg

button

Cijfers - Ontstaan van cijfers Hoeveel cijfers zie jij? Leg het eens uit!

Cijfers


175555.jpg 

> Cijfers (https://nl.wikipedia.org)   

Het ontstaan van cijfers
> Het ontstaan van cijfers (powerpoint)    
 > Het ontstaan van cijfers (www.google.be)  

 Hoeveel cijfers zie jij?

Kijk goed Hoeveel cijfers je kan waarnemen!  
Klik daarna op onderstaande link of je het juist aantal cijfers waargenomen hebt.

166088.jpg

> Waarneembare cijfers (word-document)   


Leg het eens uit!

 166074.jpg

> Leg het eens uit (powerpoint)   

 button

Gemeente spotnamen en hun ontstaan (deel 1)

 

Gemeente spotnamen en hun ontstaan (deel 1)
 
Spotnamen, spotverhalen, domme gezegden en geestigheden hebben
altijd bij de mensen in een hoge gunst gestaan. De mens heeft steeds
heel gaarne met zijn nabuur gespot! Zulks was reeds het geval in de
oudheid. Tijdens de middeleeuwen en later ging het er al even erg
aan toe. De naijver en afgunst die onze gemeenten bezielden was
misschien wel de hoofdoorzaak van de gegeven spotnamen. Een tweede
reden waaraan het ontstaan van spotnamen te wijten is, was de
afzondering van de verschillende plattelandsdorpen. Er was gebrek
aan gemeenschapswegen en er waren ook geen verkeersmiddelen. Onze
voorouders bleven steeds binnen de perken van hun eigen gemeente en
ze kwamen zelden of nooit in contact met de bewoners van andere
dorpen, zodat ze mekaar voor vreemdelingen aanzagen. Dit alles gaf
aanleiding tot wederzijds wantrouwen en onderlinge vijandschap. Om
met de bewoners van de nabij gelegen dorpen te schimpen, nam men
alles te baat. De kleinste gebeurtenis, het minste feit, werd
verdraaid, vergroot en rondgebazuind. Deze feiten lagen dan meestal
aan de basis van de spotnaam. Onze voorouders waren beslist niet
kieskeurig met het kiezen van hun namen. Sommige schimpnamen waren
wel wat plat en realistisch. Eens de spotnaam in voege, werd deze
dan overgeleverd van geslacht tot geslacht.  

De bijnaam van de Bruggelingen is Brugse zotten. Deze bijnaam danken
ze aan volgende legende: nadat ze Maximiliaan I van Oostenrijk voor
een tijd gevangen hadden genomen, verbood deze het houden van een
jaarmarkt en andere festiviteiten. In een poging om hem te sussen,
hield Brugge voor hem een groot feest en vroeg daarna voor de
toelating opnieuw een jaarmarkt te houden, belastingen te mogen
innen én ... het bouwen van een nieuw zothuis. Hij antwoordde: Sluit
alle poorten van Brugge en je hebt een zothuis!.
 
Tussen haakjes aanduiding van de provincie.
Onder de link schuilt het ontstaan van de spotnaam.

A
Aaigem (O): Aaigemse boeren
Aalst (L.): tijlozen
Aalst (O): ajuinen, de draaiers, voile janetten.
Aalter (O.): gekkers (= spotters)
Aarschot (B.): kasseistampers.
Aartselaar: kleiboeren.
Achterbroek (Kalmthout-Wuustwezel) (A.): kwarten
Akkergem-Gent (O.): koolkappers
Alken (L.): vliegeneters
Alsemberg (B.): trapschijters, klokluiers.
Alveringem (W): Anderlecht (B.): boeren van Sint-Wijen
Antwerpen (A.): sinjoren, pagadder.
Anzegem : gapers.
Appelterre (W): toebakboeren
Ardooie (W.): " steek de mood "
Arendonk (A.): telouwerel'ers (bordenlikkers), tsjoeker, kousenwevers.
Asse (B.): kazakken, koekenvers
Assenede (O.): kasseibijters, saluuts (= vissoort)
Avelgem (W.): ruggenaars
Averbode:
 
B  
Baaigem (O.): rotzitters (= krot, armoede)
Baal: kiekenfretters
Baardegem (O.): varinkdorsers (= varensdorsers)
Baasrode (O.): kalfeters (in verband met scheepswerf)
Balegem (O.): haringeters.
Balen (A.): messevichters, kerkenkruiers.
Bambrugge: geitenmelkers.
Bassevelde (O): ezels
Bavegem: (toren)schijters
Bavikhove (W): bruieters
Bazel : bazelse bulten
Beaumont: de rovers van Beaumont
Beek (L.): de "gruun", Duivel verhindert man toverboek in den ove te
gooien.
Beernem (W.): beren
Beerse (A.): zatlappen, paret ters
Beersel (B.): kèèsboeren, paret-ters.
Beerze (A.): brekken (= grote mieren)
Bekkerzeel (B.): broodfrèters
Bekkevoort: terpentijntrekkers.
Bellegem (W.): waterratten
Bellem (O.): papeters
Belsele (O.): klokkelappers.
Berendrecht (A.): reigers.
Beringen (L.): pintvegers (= drinkers)
Bergen-op-Zoom: krabben.
Berlare (O.): heikrekels, puitenslagers, kantgaarders.
Bertem (B.): tuisers (paardenhandelaars)
Beselare (W.): toveressen, heksen.
Bever (H.): stoefers
Beveren (A.): puitslagers.
Beveren-aan-Leie (O.): bonenklakkers
Beveren-Waas (O.): geitekoppen,puitslagers
Beverst (L.): koekenbakkers
Bilzen (L.): pootsteerters, stoepenkijkers,trotwaarlopers.
Blankenberge (W.):duinenslapers, butten, geernaarts
Bocholt (L.): torenkruiers.
Bonheiden (A.): grote mannen
Boom (A.): hondenfrètters
Boorsem: jutten
Borgloon (L.): strooplekkers,appelvreters, appelstoters, appelstokers.
Bornem (A.): boskrabbers.
Bosvoorde (B.):bezembinders .
Bouwel (A.): bladerendabbers
Bovekerke (W.): ratten
Branst (A.): vliegende geiten, zandstuivrs.
Brasschaat (A.): kapittelmakers.
Brecht (A.): mastentoppen,struiven.
Bree (L.): langoren, kwaartjeslimmers, stoepluipers.
Breendonk (A.): mëttens (jonge kalveren)
Breivelde-Grotenberge (O.): steenezels
Brugge (W.): Brugse zotten., hanze.
Burst: stro-ze(i)kers
Brussegem (B.): afkloppers
Brussel (B.): kiekenfretters, ketjes.
Brustem (L.): lijnen broeken
Buggenhout (O.): bosuilen
Buvingen (L.): lawijdmakers

C
D 
Dadizele (W.): pompeschitters.
Daknam (O.): hottentotten.
Damme (W.): zuipers.
Deftinge (O.): raapeters
Deinze (O.): koordenmakers
Denderbelle (O.): koeien
Denderhoutem (O.): turfboeren
Denderleeuw (O.): scheepstrekkers.
Dendermonde (O.): kopvleesfretters, makeleters (= vissoort),
flauzenmakers, knaptanden, polydoorkes, scheepstrekkers.
Dentergem (W.): papeters .
Dessel (A.): wolspinners, heikneuters
Destelbergen: niks bekend
Desteldonk (O.): trotters (trot = appelmoes)
Diegem (B.): marktboeren
Diepenbeek (L.): schoverik, aanjagers
Diest (B.): mosterdschijters, loterbollen
Diksmuide (W.): beutereters (= boter)
Dilbeek (B.): konijnenfretters.
Dilsen (L.): gekken
Dormaal (B.): weervolven, vuurmannen
Drogenbos (B.): kèèskrabbers
Duras (L.): slaven
Dworp (B.): bosuilen, drankstoempers.
De Haan (W.): dennelopers
De Klijte - Reningelst (W.): keien
 
E  
Edegem (A.): afrijders, zonneblussers.
Edingen (H.): tietjes (van Jan-Baptist)
Eeklo (O.): dobbelgebakkenen, grebbeschijters, herbakkers.
Eikevliet (A): grote zwiet ze hebben een toren maar ge ziet hem niet.
Eindhout (A.): Enderste tutten
Eine (O.): wevers
Eisden (L.): bosberen
Ekeren (A.): bierpruvers.
Eksaarde (O.): blauwbuiken , witvissen
Eksel: bougezoekers
Elen (L.): vrijeleers (= twisters)
Elene (O.): dommeriken.
Elsene (B.): hondeknagers
Elversele: rostekoppen
Ename (O.): kletskoppen
Erondegem: plekkers.
Erpe (O.): palokeneters.
Erps: ezels, de heren van Erps.
Ertvelde (O.): peerdesaucieseters
Erwetegem (O.): pikkels, tekkers
Essegem (B.): Essen (A.): papeters, blazen (van vechten met
varkensblazen)
Essenbeek: zoavelkoppen
Essene (B.): papeters
Etterbeek (B.): botermelkzakken
Eupen: belgier
Everbeek (H.): bosuilen, kerkuilen
Everberg: perslekkers.
Evergem (O.): taatjespapeters (= aardappelpap)
Ezemaal (B.): ezels
 
F 
G  
Gaasbeek (B.): heren .
Galmaarden (B.): Brabantse patatten .
Geel (A.): zotten
Gellik (L.): heiklieten (= vogel)
Geluwe (W.): gapers.
Genk (L.): heikneuter
Genoelselderen (L.): loerjägers
Gent (O.): stroppen (stropdragers).
Geraardsbergen (O.): giezbaargen, bergkruiers
Gestel (A.): kloonsociëteiters
Gijzelbrechtegem (W.): bezembinders
Ginglegom: groenhalzen.
Gistel (W.): hovelingen
Godveerdegem: picarren , flierefluiters.
Gooik (B.): botermelkzakken, hespendrogers, teljoorlikkers, vechters.
Goteringen: moorkrabbers
Grembergen (O.): zandeters
Grimbergen (B.): kraaischutters
Grimde (B.): hanemannen
Grote-Brogel (L.): briemsnieërs ( braamsnijders)
Grotenberge (O.): ezels, savooistekken
Grote-Spouwen (L.): kalveren
Groot-Gelmen (L.): genannen.
 
H 
Haan (De) (W.): dennelopers
Haasdonk (O.): rostekoppen, kasseidieven.
Haaltert (O) stoefers, chiprioten
Halle (A.): pieren, vaantjesboeren
Halle (B.): vaantjesboeren.
Hamme (O.): wuiten , (= vogel) winten (= roetaard)
Hamont (L.): poelvulders, linnentoeters
Harelbeke (W.): scheepstrekkers, ratten
Hasselt (L.): lekkebaarders, vinstermikken,ossekoppen.
Hechtel (L.): koeketers
Heestert (W.): toveressen
Heist (W.): keuns (= konijnen), verzeilders, Heistse zwanen
Heist-op-den-Berg (A.): achterblijvers, telaatkomers.
Hekelgem (B.): hopboeren, verkens, smeerders.
Heks : heksen
Heldergem (O.): lekkers
Helen-Bos (B.): berrevoetlopers
Hemiksem (A.): niks bekend
Herderen : koeien
Herdersem: meiviskoppen, walen.
Herderen: Herent (B.): bezetenen
Herentals (A.): klokkeververs, pee stekers, nestbedervers,
toefelaars, melkteilen, papscheten, papklossers, nestzitters.
Herenthout (A.): stoeters.
Herfelingen (B.): langoren
Herve: boeren
Herzele (O.): ganzenwachters, markaangasten.
Heule (W): de kouden.
Hillegem (O.): potlekkers
Hingene (A.): eters .
Hoboken (A.): strontscheppers, beerschippers
Hoeilaart (V-B): doenders , kolenbrander, eierzuiper, spekdief,stoefers
Hoelbeek (L.): heksen.
Hoestel (L.): doornkappers
Hoevenen (A.): gansrijders
Hoogstraten (A.): spilzakken .
Horpmaal (): titers.
Houthalen-Helchteren (L.): luizenverkopers
Houtvenne (A.):stekkebijters.
Hove ( A.):kèèskoppen.
Huizingen: de heren van Huizingen.
Hulste: rijstpekkers
Hulsthout (A.): vichters,torenboeren.
Humbeek (B.): brassers
 
I  
Ichtegem (W.): kakkernest
Iddergem (O.): tovenaars.
Idegem (O.): zweetvoeten
Ieper (W.): kinders, het gaperke, keikoppen, kattekoppen
Impe (O.): omleegvallers.
Ingelmunster (W): brigands
Izegem (W): pekkers.
 
J  
Jette (B): spiegelmannen.
 
K  
Kachtem (W.): rosten.
Kalken (0.): hunkerboeren, unkerzakken, (- pap met roggebrood)
Kalmthout (A.):heikneuters.
Kanegem (W): niet-weters.
Kanne (L): witters.
Kapellen (A): randgevallen.
Kapel-op-den-Bos (B.): neusmakers
Kaprijke (O.): groeningen.
Kasterlee (A.): pompoenpapeters.
Kaulille (L.): slippendragers
Keerbeergen (B.): riemers (= messenvechters), zandjannen
Keiem (W.): keikoppen
Kemmel (W.): gapers.
Kerkom (B.): schreeuwers van den boskant
Kessenich:ertesjieters.
Kester: boenstriepers
Kiel: ratten.
Kieldrecht (O.): koutermollen
Kleine Spouwen (L.): Geiten
Kinrooi (L.): duvelskoel.
Klerken (W.): reizigers.
Klinge (De) (O.): dodden, koutermollen, lomporen, voddenrapers.
Kluizen (O.): guêrtrekkers (= slijktrekkers)
Kluisberg: valsmunsters.
Klijte (De) - Reningelst (W.): keien
Knesselare (O.): moordenaars.
Knokke (W.): Duinenslapers, Duinezeekers, Polderasten, Wulloks
Kobbegem (B.): koppigaards
Koksijde (W): brasser.
Komen (W.): drapeniers
Koningshooikt (A.): houtrovers
Koninksem (L.): saladeboers
Kortenaken (B.): kinderen
Kortenberg: waterheren.
Kortijs (L.): kappermans (drinken bier met kappers), ennebsiters
Kortrijk (W.): pastei-eters, Leiepissers,ennebiters
Krombeke (W.): bosketen
Kuurne (W.): ezels.
Kwaadmechelen (L.): krèmers
Kwaremont (O.): luizen
Kwerps: boeren.
 
L  
Laar: mouton
Laarne (O.): messentrekkers , ganzendrijvers.
Laken (B.): boeren
Lanklaar (L.): zavelknuipers.
Lauw (L.): gekken
Lebbeke (O.): voddemannen
Lede (O.): hovaardige boeren.
Leeuwergem (O.): stoefers, vortzakken (= rotzakken ), dommeriken.
Letterhoutem (O.): varkens
Lembeke (O.): savooien, gapers
Lennik: strobranders, windheren.
Leut ( L.): korenmussen
Leuven (B.): pietermannen, koeienschieters
Lichtaart (A.): kwezels
Liedekerke (B.): stad Berrevoets, messentrekkers
Lieferinge (O.):beddezekers
Lier (A.): schapekoppen.
Liezele (A.): pieren
Lillo (A.): krabbenvangers
Linkebeek (B.): moeile douwers.
Lippelo (A.): gedeisterde patatten (= gestampte)
Lissewege (W.): ezelboeren
Lo-Reninge (W.): composteters
Lochem: koolhazen.
Loenhout (A.): pezeriken.
Lokeren (O.): rapenbraders.
Lombardsijde (W.): duinkeuns (= konijnen)
Lommel (L.): bezembinders, heikappers
Londerzeel (B.): kiekenpoeliers
Lot (B.): pensen, plaaggeesten
 
M  
Maarheze: kattenuil.
Maaseik (L.): gapers, knapkoeketers , heksen
Machelen (B): gadeluineboeren.
Maldegem (O.): broodmessen, wildjagers
Malderen: papzakken
Malle (A.): joden.
Mariekerke (A.): de heren van Sint Amands.
Marollen: schieven architekt.
Massenhoven (A.): vliegenstovers
Mater (O.): vechters
Mazenzele (B.): bezembinders
Mechelen (A.): maneblussers.
Mechelen (L.):. muggenblussers.
Meer (A.): wringers
Meerbeek: papboeren.
Meerbeke (O.): gipsheren(= flierefluiters)
Meerdonk (O.): kletskoppen, stuifkoppen, stuifbollen..
Meerhout (A.): meerkatjes.
Meerle (A.): mastentoppen
Meeswijk (L.): briggelhanen (= brood uit onrijp koren)
Meeuwen: de alvermannekens van Meeuwen.
Mere (0.): papboeren.
Meise (B.): klotboeren
Melle (O.): dikke nekken.
Melsele (O.): pijpkens
Membruggen: waterratten
Mendonk (O.): palingstropers
Menen (W.): magenwielvangers
Merchtem (B.): houten ballekens, theedrinkers
Merksem (A.): stroboeren.
Merksplas (A.): spalkers, spetters
Mesen (W.): dikkoppen
Messelbroek (B.): kalotten
Merelbeke (O): achterworstigge
Meulebeke (W.) Turken
Meuzegem (Wolvertem) (B.): bosuilen
Michelbeke (O.): pronkers (= spaarders)
Middelburg (O.): ketelboeters (= ketellappers)
Mielen (L.): eters
Millen (L.): snuifdozen, kattenvillers
Minderhout: papboeren
Moerbeke-Waas (O.):smeerkoeketers
Moerzeke (O.): pruimen
Mol (A.): soepbeners, sopweikers, kortoren
Molenbeek: vaartkapoen.
Molenbeersel (L.): pierenland
Moorsel (O.): boksers
Moortsele (O.): platte borzen
Mopertingen (L.): papzakken
Mortsel (A.): zotten.
Munsterbilzen (L.): kabuiskoppen (van kabuiskolen)
 
N  
Namen (N.): escargots
Neeroeteren (L.): kolven (= knuppels)
Neerpelt (L.): wolvenschieters.
Nekkerspoel : mestrapers
Nevele (O.): moordenaars.
Niel (L.): kerk van Niel (betekent bij het kaartspel : kaarten
zonder één " beeldeken ")
Nieuwenhove (O.): grijzers.
Nieuwenrode (B.): toekkers (= wildstropers), visfretters
Nieuwerkerken (O.): schapenkoppen, lompe boeren
Nieuwkapelle (W.): muggenblusser
Nieuwkerken (O.): schapenkoppen
Nieuwpoort. (W.): schrobben (=vissoort)
Nijlen (A.): sparrijders.
Nijvel: aclots.
Ninove (O.): wortelmannen, kaffeegieters, wortelkrabbers,
steksesmannen, voddenmannen.
 
O
Oelegem (A.): Oelegemse brakken (= grote mieren).
Oevel: biechtstoel.
Okegem (O.): hoppewinders .
Olen: de boeren van Olen.
Onkerzele (O.): toverheksen
Oombergen (O.): gersbuikers
Oordegem (O.): polkaboeren
Oorderen (A.): karotenbuter (in verband met de teelt van
cichoreiwortels)
Oostakker (O.): savooistekers.
Oosteeklo (O.): geitenpoepers
Oostende (W.): platen, pladijzen (= vissoort.), Schollen
Oosterzele (O.): groenbuiken, zeiktelen
Oostmalle (A.): joden.
Oostvleteren (W.): smouteters
Opglabbeek (L.): brouwers.
Ophem: halve wilden
Ophoven (L.): kinderen van -.
Oplinter (B.): wannessen
Oppem-Wezembeek (B.): halve wilden
Opwijk (B.): drinkers
Orsmaal (B.): engwörpers (eendenwerpers)
Ossel: bèren.
Oten (A.): (lompe) boeren
Ottergem: advocaten.
Oudegem (O.): gierigaards
Oudekapelle (W.): muggenblissers
Oudenaarde (O.): boneknagers, kiekens
Overmere (O.): smouters .
Overpelt. (L.): blazers (baanvorm van toren)
Overijse (B.): doenders (= koeksoort)
 
P 
Pajottenland: kersenboeren.
Pamel: arjaunen.
Panne (De) (W.): puzzieschieters .
Park (B.): zwaantjes
Paulatem (O): Paulatemse puitenrijders.
Peer (L.): muggenblussers.
Perk (B.): wildstropers
Peutie (B.): slappe benen.
Pollare (O.): troteters (= appelmoes)
Poperinge (W.): krombenders,keikoppen, heisnijders, langoren
Poppel (A.): krombenders.
Pulderbos (A.): stokslagers
Pulle (A.): heikneutes
Putte (A.): mattenbreiers, verbrande Puttenaars
Puurs (A.): kipkapfretters .
 

Gemeente spotnamen en hun ontstaan (deel 2)

 

Gemeente spotnamen en hun ontstaan (deel 2)

R  
Ramsdonk (B.): opgeslagen broeken
Ramsel (A.): poleerddabbers
Ratte: kortoren
Ravels (A.): pieren
Rekem (L.): gekken
Relegem (B.): groenvinken
Ressegem: emmers, lompe boeren van Ressegem
Retie (A.): kortoren, klaplopers.
Riemst (L.): éénwinters (= éénjarig kalf), koeien, lepkens, loerjagers
Rijkevorsel (A.): papboeren,kleidabbers.
Riksingen (L.): kersenplukkers
Rode:voetbrander
Roeselare (W.): sulferdoppers, vechters.
Rollegem (W.): bot Rollegem.
Ronse (O.): slekkentrekkers, (in verband met de Fiertel) ,zotten.
Rossem (Wolverlem) (B.): bosuilen
Ruisbroek (A.): kaballen. (oude versleten paarden)
Rummen: boeren.
Rumst (A.): lazaruskens (vereniging H. Lazarus)
Rupelmonde (O.): muggenblussers
 
S  
Schaarbeek (B.): ezels
Schaffen: koeistetten (koeienstaarten) Scheldewindeke (O.): platte
beurzen
Schellebelle (O.): maantjes (Reus heette maantje)
Schendelbeke (O.): jeneverdrinkers
Scherpenheuvel (B.): kaarskatten,kladder.
Schilde (A.): rakkers, rabauwen (vechtersbazen)
Schoonbeek: pettemboeren.
Schoonderbuken: bezembinders.
Schuiferskapelle (W.): naar S. gaan (= vertrekken)
Sinaai (O.): schinkeleters
Sint-Agatha-Berchem (B.): lastigen.
Sint-Agatha-Rode (B.): padden
Sint-Amands (A.): kipkap
Sint-Antonius: varkenskoppen
Sint-Antonius (Brecht) (A.): verkenskoppen , rakkers , houtmaaiers.
Sint-Denijs-Westrem (O.) : sint-Denijsers
Sint-Eloois-Winkel (W.): rijstkakkers.
Sint-Genesius-Rode (B.): bezembinders
Sint-Gillis (B.): kolenkappers
Sint-Gillis (O.): sprinters
Sint-Gillis-Waas (O.): eiertrappers .
Sint-Goriks-Oudenhove (O.): kraaienest, preibuiken
Sint-Huibrechts-Lille (L.): windmakers
Sint-Job-in-'t-Goor (A.): bosuilen
Sint-Joris-ten-Distel: lattenklevers.
Sint-Kattelijne-Waver (A.): (onversaagde Jan) kadodders
Sint-Kwintens-Lennik: windheren, strobranders.
Sint-Kruis-Winkel (O.): savooistekken
Sint-Kwintens-Lennik (B.): strobranders
Sint-Lennaarts (A.): leempikkers, kleipikkers
Sint-Lievens-Esse (O.): kwezels (met zwarte kousen)
Sint-Lievens-Houtem (O): broekwassers.
Sint-martens-Lennik (B): boeren
Sint-Niklaas (O.): rapenbraders, oliezekers, blauwselmannen
Sint-Pieters-Lille (A.): krawaten.
Sint-Truiden (L.): kiekeneters, bink
Stabroek (A.): ajuintrappers.
Stalhille (W.): beslagmakers
Stavele (W.): rosten
Steendorp (B.): mosterdpotten.
Steenhuffel (B.): klotboeren.
Steenokkerzeel (B.): kaasboeren.
Steendorp (O): mosterdpotten.
Stekene (O.): blauwbuiken, vechters, baanstropers
Stokkem (L.): mandenmakers
Stokrooie (L.): zo zuiver als de klater (kerkschaal) van S. (= bezit
niets meer)
Strijtem (B.): waterdrinkers
 
T  
Temse (O.): azijnzekers,tuysschers.
Teralfene (B.): Turken, zotten
Tergnée : vampieren.
Terhagen (A.): rotte-hondenvreters
Terheiden (A): torenboeren.
Ternat (B.):kalen,zomerheren, Stom Loummek, zot Wammek, kaal Ternat,
3 parochies van den hond zijn gat
Tielt (W.): lijnwadeniers.
Tienen (B.):boterpotten, kwèkers., verkensblussers .
Tisselt (A.): lijkenpikkers, raaien
Tollembeek (B.): hanezoekers .
Tongeren (L.): mussen, trullen (= ovaalvormige tarwekoekjes),
trullebakkers, vlaaieters, vlaaischijters.
Torhout (W.): boffers
Tremelo (B.): zandstuivers, messentrekkers, messen-vechters,
kiekenfretters.
Turnhout (A.): binken, muggenblussers
  
U  
Uitbergen: teutemensen.
Uitkerke (W.): dessers (= dorsers)
Ukkel (B.): rattenfretters
Ulbeek (L.): loerjagers
 
V  
Vaalbeek (B.): broodfretters
Val-meer: knabbeneire
Veldwezelt (L.): wortelzekskes, verkens
Velzeke-Ruddershove (O.): moordenaars, beneknagers, bedelaars
Verrebroek (O.): filippen, kerkschijters.
Veurne (W.): Veurnse slapers,, keikoppen
Viane (O): strontraper
Vichte (W.): zwijnkot
Vilvoorde (B.): pjeierefretters
Vinkt (O.): stinkers (Vinkt-stinkt)
Vlamertinge (W.): plaatsekraaien, brandhazen
Vlekkem (O): zop-eters
Vlezenbeek (B.): kersenboeren .
Vlijtingen (A): witte kamezollen
Vlimmeren (A.): peggers, Stad Worst.
Vollezele (B.): hengstemans (paardefokkers), boschverkens.
Voorde (O.): jeneverdrinkers, puitrijders
Voormezele (W.): paptelen
Vorst (A.): pootzakken .
Vorst (B.): hondenfretters
Vosselaar (A.): messenstekers .
Vrasene (O.): bulten
Vrijbos (Het) (W.): bosketen, buskanters (gemeenten waarover het
Vrijbos zich uitstrekte)
Vroenhoven: sokkeleire
 
W  
Waanrode (B.): torendraaiers.
Waardamme (W.): waaromme
Waarschoot (O.): brouweters (koeksoort), geitenpoepers
Waasmunster (O.): hespeneters
Wakken (W.): waterheren .
Waltwilder (L.): judaswilder
Wambeek (.): klaverboeren.
Wannegem-Lede (O.): kludde met zijn bellen
Watou (W.): schotters (= schutters)
Waregem (W): gèsloeties.
Weelde (A.) (zie Poppel)
Weert (A.): slijkneuzen, rogstekkers, heksen.
Welden (O.): Welle (O.): vrekken, duivetjes
Wellen (L.): bokkenrijders.
Wenduine (W.): ezels
Wervik (W)): slapers.
Westerlo (A.): kale heren
Westmeerbeek (A.):karleespoorders.
Westrem (O.): ophangers
Westvleteren (W.): kersemoeseters
Westerlo (O.):flierefluiters.
Wetteren (O.): mosselmans, haringfretters
Wevelgem (W.): lopers
Wichelen (O.): 1) schooiers.
2) schooiers.
Wiekevorst (A.): kiekenpoten
Wieze (O.): zotten, vliegeneters
Wijnegem (A.): "aambras "-makers (twisters)
Willebroek (A.): waterratten, lijkenpikkers, vaartkapoenen.
Wilrijk (A.): geitekoppen.
Wintam (A.): kazakken .
Wingene (W.): gouden ring
Wondelgem (O.): kerremelkzekers
Wortegem (O.): penen boeren
Woubrechtegem (O.): zotten
Wulveringen (W.): zottekot
Wuustwezel (A.): hörten (= moeszeikers) .

X 
Y 
Z 
Zaffelare (O.): beseboten.

Zandhoven (A.): mastentoppen.
Zandvliet (A.): kieviten .
Zegelsem (O.): ponkers
Zele (O.): kloddezak.
Zellik (B.): onstuimigen
Zelzate (O.): beseboten, polkaheren
Zemse-Laar (B.): honden
Zerkegem (W.): zandlopers
Zeveneken (O.): katoenpletsers.
Zevergem (O.): tsuurkenszuipers (= halve pintjes), appelmoesfretters
Zichem (B.): heren (de heren van Zichem)
Zichen-Zussen-Bolder (L.): schildpadden
Zingem (O.): wannemakers
Zoerle-Parwijs (A.): heksen
Zoersel (A.): houtdraaiers .
Zonhoven (L.): zon
Zottegem (O.): mergelspensen, zotten, stoofmakers,
beslagmakers,theezeikers, ,schoenmakers.
Zoutleeuw (B.): waterratten
Zuienkerke (W.): vlasbinders
Zutendaal (L.): (zoet)
Zwevezele (W.): paptelen
Zwijndrecht (A.): machuten.

 

Dialect moppen

Dialect moppen

♦ West-Vlaamse dilect moppen
Juul, 85 joar, ligt ip zin bedde in 't oedemannus. En ommetekè begunt ie do te roepen:

KOKSIEDE!!
.....
OSTÈNDE!!
.....
OOSTDUUNKERKE!!!
.....
BREININGE!!!
.....
DEN OANE!!
.....
MIDDELKERKE!!
....
en da goad azo mo deure toet da de verpleegstre komt aangestormd in zinne koamre.
Lap, Juul ad ol héil zin bedde ondergescheetn...
De verpleegster van: Moa Juul toch, aj nu achter de panne geroopn...
en Juul: godver, kkost er nie ipkomn!
**************************************************************************************
Tetten int westvlaamsch
Zoon:
"Moedre, oe skrievje tetten?"
Moeder:
"Emoa jongne, wuk nen parlee;
Woa voarn ejje gie da noadig?"
Zoon:
"Voar in mien ipstel van 't schole, kwille skrievn:
Voadre e nen nieuwn trekteur gekocht en
tetten nog niemand gezien".
**************************************************************************************
♦ Vlaams-Brabantse dialect moppen
Twee Brabanders
Zegt de een tegen de ander:

Zeg, lette gij ?gelijk wel us op oewn cholesterol?
Zegt de ander: Zekers wel, agg ik op de plee zit.
Aggij op de plee zit?
Joa, dan zit ik op de plee, k?k een bietje umme heen,
zie k gin pleepapier en dan denk k, goh... leste rol ...
**************************************************************************************
>>>
Je kent een goede mop in het Vlaamse dialect laat het ons weten: andreotte@hotmail.com

button

Meer van Vlaamse dialecten

↑ Terug naar de berichten