Naar de inhoud

Altijd in beweging met van alles en nog wat...

seniorennet.beseniorennet.be

herfstwind

Een gedicht van Jacob Slauerhoff 1898-1936

Herfstwind

Herfstwind verdrijft de witte wolken,
Ganzen trekken langs het lege zwerk,
Nog geuren chrysanten en bloeien orchideeën,
Kon ik mijn vroeger lief nu vergeten,
Bijna was ik gelukkig,
Met mijn bloemenboot op de Fen-rivier,
Wit schuimt de stroom langs de boeg,
Fluit en trom houden maat met de riemslag,
Onder 't rumoer broeden sombre gedachten,
Jeugd jaagt voorbij, dood staat onwrikbaar.

Yoeng Poe Tsjoeng (1930)

schrijver

Geschreven door Dora om 11:36 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

najaar

Een gedicht van Edward Koster 1861-1937

Najaar III

III

'k Geniet met dankbaarheid de zachte dagen
En de geleidelijke gang der weken,
Waarin geen stoot de teed're rust komt breken,
Geen winterleed de najaarsstilte plagen.

'k Hoor nòg in 't hout der woudduif innig klagen,
En dool gelukkig langs de bocht'ge beken,
En in mijzelve loop ik zacht te spreken
Bij schoon herdenkens weeld'rig welbehagen.

'k Doorleef het alles weer, de stille weg,
Omgroeid met wazig-blauwe slee, de heg,
Waardoor zich 't rood gestip van vruchtjes wond;

Ik treed weer in gedachten langs de grond,
Waar stapklank zich in 't fulpig gras verloor,
Doorgroefd van 't diepe, zwarte wagenspoor.

schrijver

Geschreven door Dora om 11:05 Reageer op dit bericht

najaar

Een gedicht van Edward Koster 1861-1937

Najaar II

II

De meeuwen scheren langs 't verlaten strand,
Hun witte buikjes glimmen even op,
En nederwaarts gestrekt met spitse kop,
Zo laten zij zich vallen op het zand.

De najaarsstilte ligt al over 't land,
Het bos vergoot zijn loof, als drop na drop
Van bloedend blad vervloot, wijl groene knop
Zich zwellend zette aan ronde takkenrand.

De zee is eenzaam, slechts een vage schim
Van zeilend schip staat tegen lichte kim,
En gaat, nauw-merkbaar glijdend, zacht vooruit.

De zee lacht zilvergrijs getint,
Met zoet bekoren van een spelend kind,
Zacht boezemdeinend als een blanke bruid.

Tonen en tinten

schrijver

Geschreven door Dora om 11:17 Reageer op dit bericht

uchtend

Een gedicht van Louis Couperus 1863-1923

Uchtend

De mist, uit zilverpeerlen als geweven,
laat in de rozige uchtendschemering,
de helling langs der grauwe heuvelkling,
zijn golvend waas naar 't Westen toe verzweven.

Ter kimme heeft, uit donzen wemeling,
een rozewolk heur gouden wiek geheven.
Door 't dorre hout, waarin de druplen beven,
schiet de eerste schicht zijn schelle schittering.

En sidrend beuren slanke populieren
zich op uit kille dauw, die langs de vliet
in flarden zijn sluier af laat slieren.

Geen leeuwrik orgelt er een morgenlied;
op loden vleuglen schijnt de stilt te hangen;
slechts in de verte ruist de zee haar zangen...

schrijver

Geschreven door Dora om 11:14 Reageer op dit bericht

najaar

Een gedicht van Edward Koster 1861-1937

NAJAAR I

I

De zon bestraalt het rosse beukengoud,
Dat in het water glanst met felle pracht,
En beukenstammen in licht-grijze dracht
Verheffen schitt'rende armen boven 't woud.

Zie hoe de wolkeloze hemel blauwt,
En door 't verwelkend takkenweefsel lacht,
En zomerdromen weer to brengen tracht,
Beloften, o hoe gaarne nog vertrouwd!

Maar 't vreemd geheimvol-stille van den tijd,
Der voog'len zwijgen en de diepe rust,
Die als een angst beklemmend alles sust,

Doen voelen dat een macht'ge wordt verbeid,
Die langzaam nadert, en de vlammendos
Verniet'gen zal van 't nu nog pralend bos.

Tonen en tinten

schrijver

Geschreven door Dora om 12:20 Reageer op dit bericht

eenheid

Een gedicht van Willem de Merode 1887-1939

Eenheid

Hoe helderder licht, hoe duisterder.
Hoe duisterder hoe meer sterren.
Hoe meer sterren hoe groter heelal.
Hoe groter heelal, hoe leger.
Hoe leger, hoe stiller.
Hoe stiller, hoe nader het midden.
Hoe nader het midden, hoe meer leven.
Hoe meer leven, hoe sterker hart.
Hoe sterker hart, hoe aardser.
Hoe aardser, hoe verder van het midden.
Hoe verder van het midden hoe duisterder.
Hoe duisterder, hoe dichter bij de zon.
Donker en licht, aarde en hemel is één.

Ruischende bamboe (1937)

schrijver

Geschreven door Dora om 11:02 Reageer op dit bericht

morgenroep

Een gedicht van Aart van der Leeuw 1876-1931

Morgenroep

Ik bid U, vriend, maak mij niet wakker,
Wanneer gij vroeg, in lentetijd,
Met snelle tred voorbij mijn akker,
en juublend langs mijn drempel schrijdt.

Mijn van de arbeid bloed'ge handen
Hebben dit hechte huis gebouwd,
Ook deze groene korenlanden
Zijn mijne tot waar de einder blauwt.

Ik ben ze moe die verre tochten,
Slechts met ons hart als reisgezel,
Waar waaiend stof bleek wat wij zochten,
En ieder welkom een vaarwel.

Ik bid U dus, mijn jonge makker,
Stap zacht en demp Uw vreugdgeschal,
Want róept Uw lokkend lied mij wakker,
Ik vrees, dat ik U volgen zal.

schrijver

Geschreven door Dora om 10:06 1 reactie Reageer op dit bericht

rozen

Een gedicht van Jan Engelman 1900-1972

Bij de rozen

‘Zij zijn voor sterven en vergaan geboren,’
zo dacht ik vluchtig toen ik bij de rozen was.
Maar schrok, en hoorde dreunen in mijn oren:
wat is u zelve, ijdel mens, beschoren,
zo kort als gij hier wandelt bij de rozen op het gras?

Tuin van Eros (1932)

schrijver

Geschreven door Dora om 10:44 Reageer op dit bericht

hartenkreet

Zomaar een gedicht

Hartenkreet

Je leest ze van dag tot dag
En van week tot week
Soms zijn er mensen
Die in het leven
Zoeken naar een ander
Ja, men wil dat graag in de levenswandel
Het missen van een bekende
Dat lijkt soms het einde
Maar het leven is gegeven
Om te zoeken niet naar wat op aarde is gegeven
Maar wat dient tot het eeuwige leven

 

PinkRose.gif
Geschreven door Dora om 11:29 Reageer op dit bericht

de herfst

Een gedicht van Henriëtte Roland-Holst van der Schalk 1869-1952

De herfst

De herfst talmt nog tussen de blauwe lande' en
buigt over ze met zegenende groet,
als warmte hangt lang over avondstranden
of vreugde nazingt in een klaar gemoed.

Zijn heldre, toch gedempte zegeningen,
doordrenken het hart met zó zoete kracht,
dat het de last der allerzwaarste dingen
voelt slinken tot veerlichte vracht.

De ziel, bevrijd van angsten, rekt haar leden:
zij ademt lichter, immers zij vertrouwt:
zij buigt zich heen over haar eigen vrede
als naar een hemel, die inwendig blauwt.

schrijver

Geschreven door Dora om 11:21 Reageer op dit bericht

kind

Een gedicht van Albert Verwey 1865-1936
Bij de dood van een kind

Zij kwam een poos en zag met open oog
De wereld aan.
Toen is zij heengegaan.
Wij wisten nooit wat haar het meest bewoog.

Soms is het of een kind
Verdwaald is naar het leven.
Het gaat alsof het zich bezint,
En denkt: waar is mijn vroegre huis gebleven?
Wie weet of ik het straks niet vind.

Soms schijnt het bij zijn komst alreeds volgroeid.
Gelijk een zoete vrucht.
Beweegt het schomlend door de voorjaarslucht.
De huid is warm, die een rijp bloed doorvloeit.
Het sterft, zo weinig nog vermoeid?
Maar 't raadsel dat het in zich sloot
Was de nabije dood.

Gevallen in de chaos als een vonk,
Heeft haar gestalte ons kort bekoord.
Een vonk - die weer verslonk.
Nu tasten wij naar verf en woord
En voeden onze herinnering
Met een gedicht of tekening.

De Getilde Last (1929)

schrijver

Geschreven door Dora om 10:57 Reageer op dit bericht

roosje

Een gedicht van J.J.L. ten Kate 1819-1889

Het roosje en het graf

Het Graf sprak eens het Roosje aan:
- Wat moet er met de dauw gedaan,
Waarvan uw blaadjes blinken? -
- En gij, hernam het Roosje toen,
Wat wilt gij met de doden doen,
Die in uw diepte zinken? -

Het Roosje zei: - Ik zal te nacht
De dauw, die mij de morgen bracht,
Tot honigdruppels menglen! -
- En ik, lief Roosje! zei het Graf,
De doden, die de Heer mij gaf,
Verander ik in Englen. —

De dichtwerken (1872)

schrijver

Geschreven door Dora om 10:24 Reageer op dit bericht

online shoppen

Naar aanleiding van een krantenartikel over online shoppen
Ook zo iets zeg gewoon digitaal winkelen op internet
Ja, het is wel iets langer... maar eigen taal blijkt tegenwoordig ook niet
meer geschikt voor het internetverhaal
Dus ik hanteer gewoon mijn eigen taal!

Online shoppen

 

De mens heeft geen tijd!

Of wordt gemakzuchtig

en gaat online shoppen

Maar ze vergeten dat de buren

De pakjes aan moeten pakken

Een vrachtvervoerder komt aan de deur

En zo’n man stel je dan niet teleur

Je neemt het pakje aan

Maar jij moet steeds naar de deur gaan

Want er wordt een briefje afgegeven

En zo komen de buren hun pakje bij je afhalen

In het andere geval moet je het brengen

Is dat erg?

Voor een keertje niet

Maar tenslotte ben je geen leverancier van pakjes

En laten al deze mensen voor hun eigen zaken zorgen

Wil je online shoppen

Dan moet je wel met werken stoppen

Zodat je overdag thuis bent

Ja, ik haat al deze zogenaamde naastenliefde

Want je wordt zo tot slaaf gemaakt van je buren

Ja, dat gaat wel wat de ver

U bent heus mijn slaaf niet

Maar indirect word je dit dus wel

De mens vermaakt zich op internet wel

Alle technologie

Zorgt voor allerlei waandenkbeelden

Het normale leven is geheel in de war

En bij menige internetgebruiker vliegt alles naar z’n knar

Want je ziet zoveel

En je denkt dat is makkelijk

Dat wat ik heb gezien wordt mijn deel

Maar de buren zien scheel van de man achter de te bezorgen pakjes

Omdat de mensen houden van hun internet gemakjes!

De bezorger sprak van de week

Zo zijn gedachten erover uit

Hij moest soms wel tien keer ergens bellen

Om de pakjes af te kunnen geven

Want er was een hele straat niet thuis

Ik zou ze allemaal terugsturen

En menigeen moet dan maar zien

Maar dat ging natuurlijk niet lukken

Want hij is het depot

En de pakjes komen uit heel Nederland

Meneer vroeg of ik het vrachtbriefje wilde ondetekenen

Ja zei ik,  maar wat heeft dat voor mij te betekenen

Nou, dat u het van mij hebt aangepakt

Anders als het zoek raakt wordt ik gepakt

Ja, dan doe je het maar voor een keer

Maar dit was nu echt de laatste keer

Ook al is het een aardige buur

En je kunt per ongeluk wel eens op pad zijn

Maar voor de rest ophouden met die rotgein!

 

 

 

Geschreven door Dora om 09:59 Reageer op dit bericht

avondwandeling

Een gedicht van P.C. Boutens 1870-1943

Avondwandeling

Wij hebben ons vandaag verlaat!
Pas bij de laatste brug
Waar 't voetpad tussen 't gras vergaat,
Daar keerden wij terug.

Achter ons dekt de witte damp
De schemerende landen.
Zó zijn wij thuis. Wij zien de lamp
In loveren warande ...

Wat gingen wij vanavond ver,
Het werd alleen tè laat:
Nog verder dan de gouden ster
Aan blauwe hemelstraat!

Zo saam doen twee een korte poos
Over een wijd gebied! ...
Nog liggen wegen eindeloos
Voor morgen in 't verschiet! ...

O konden we eens zo samen staan
Aan de allerlaatste brug,
En saam en blij er overgaan -
Wij kwamen nooit terug!

Vergeten liedjes (1909)

schrijver

Geschreven door Dora om 11:07 2 reacties Reageer op dit bericht

volkren

Een gedicht van W.L. Penning 1841-1924
Volkren-broederbond bevrij 't Mensdom van zijn schande.

Volkren-broederbond bevrij
't Mensdom van zijn schande.

Volkren wensen de' oorlog niet
Laat uw Wil beslechten!
Wraak- en roemzucht dreige of vlei' -
Voert de duivel Heerschappij
Als 't hem faalt aan Knechten?


Herfstmaand 1914.

TIJDVERZEN TEGEN DEN OORLOG

schrijver

Geschreven door Dora om 10:32 Reageer op dit bericht

ach

Een gedicht van C.S. Adama van Scheltema 1921-1947

Ach waar ik ga

Ach waar ik ga en wat ik leve,
En wat ik schrei en wat ik lijd —
ik ben datzelfde kind gebleven
Van vroeger tijd!

Ach ik ken ál diezelfde zonden,
Ach ik lijd ál diezelfde smart —
Diezelfde 'andre kindren' wonden
Mijn kinderhart!

Ach 'k kom die tijd niet meer te boven,
Hoe ik ook doe en wat ik wens —
Ik moet toch altijd weer geloven
In een 'groot mens'!

Ach 'k ben niet voor 'groot mens' geboren,
Ik leef en lijd als in die jeugd —
Ik heb maar één lief ding verloren —
Die kindervreugd!

O! laat mij dan nog 't leven wanen
Zo mooi als 'k toen het leven zag —
En laat mij met die kindertranen
Die kinderlach!

Eenzame liedjes (1906)

schrijver

Geschreven door Dora om 10:47 Reageer op dit bericht

vleeshouwer

Een gedicht van Jan luyken 1649-1712

De Vleeshouwer.

Onbedacht, Slaat geen acht.

Het Beest treedt in zijn makkers bloed
En weet van schrikken noch van mijden,
Gelijk het onbedacht gemoed;
Al sterft zijn naasten aan zijn zijde,
En dat hij ziet een kwade vrucht,
Noch geeft hij zich niet op de vlucht.

schrijver

Geschreven door Dora om 11:27 Reageer op dit bericht

baden

Een gedicht van P.L. van Kasteele 1748-1810

Het baden in zee

Avondzang aan de rede van Texel

Op! Texelbewoner!
Geen avond ooit schoner;
't Loopt alles ons mee.
Op! jeugdige knapen!
De zon wil gaan slapen;
Kom! baadt u in zee!

Het westelijk luchtje
Doorgolft met een zuchtje
Mijn flodderend haar.
Twee zeeën begroeten
Mijn kletsende voeten;
Ze omarmen elkaar.

Zie 't Noorderzout blinken!
De zon gaat er zinken,
Zie ginds in het Oost
De Zuiderzee dartlen,
De Maan haar ontspartlen;
Zij beeft, en zij bloost.

Rondom zich die glansen
Op zee te zien dansen,
Hoe lacht dit ons aan!
Wat vreugd! onbeladen
In zee zich te baden
Met zon en met Maan!

schrijver

Geschreven door Dora om 16:44 Reageer op dit bericht

de dood

Een gedicht van Jacobus  Bellamy 1757-1786

De dood

Gelijk een man, die van verlangen gloeit,
om bij zijn vriend te zijn,
Die op het land, aan de andre zij des meirs,
zijn stille woonplaats heeft;
op ‘t zien der zee, die hevig bruist en woedt,
Een koude sidd’ring voelt;
zijn angstig oog ziet starend op het schip,
dat sling’rend rijst en daalt;
De stormwind giert en snort door ‘t hoge tuig
en beukt het dond’rend zeil;
De stuurman wenkt – de man verwint zijn schrik,
Hij denkt aan zijne vriend,
en stapt gerust in ‘t worstelende schip,
En steekt naar de and’re zij!

Zo zal ik ook, wanneer de koude hand
des doods, mijn boezem drukt,
een lichte schrik gevoelen in mijn ziel
doch, die verdwijnen zal,
In Jezus onze vriend.

Werken van J. Bellamy (1917)

schrijver

Geschreven door Dora om 10:32 Reageer op dit bericht

Meer van Altijd in beweging met van alles en nog wat...

↑ Terug naar de berichten