staartje van Antoniuszwijntje
“Vriend soldaat, wanneer u aandachtig de eerste bladzijde van dit blaadje bekijkt, dan zie ik uw blik dromerig weggaan van de kazerne naar een dorpje, dat verwaande stedelingen minachtend “boerenparochie “ zullen noemen, maar dat ons duurbaar is omdat het van ons leven zo onafscheidbaar is. Midden dat rustig dorpje, staat als bindteken tussen de Rollegemse bewoners en als symbool van hun zin voor evenwicht, vrede en trouw aan de kerk, de sierlijke en kloeke romaanse toren. Zijn bronzen hart brengt ons de boodschap van al het lief en het leed, dat onze medeburgers treft. Terwijl de beiaard is vooizeke tokkelt en tussen onze gevels zendt, is het precies of de grote familiehorloge in de keuken slaat. Onder die toren strekt zich het kerkhof uit, het aards paradijs van de dood, waar de houten kruisjes en de arduinen monumenten de plaats aanwijzen, waar het stoffelijk overschot van onze voorouders ligt bewaard; en waar “Gusten Kanters” met zijn diepe kuilen, de gelovige zielen tot een krachtprestatie wil dwingen bij de verrijzenis des Vleses.
Een reden tot rechtmatige fierheid schenkt ons die kerk waarop onze toren de aandacht trekt. In dit gebouw dat als monument werd gerangschikt, hebben wij van jongsaf onze zondag leren heiligen om aldus aan God de eer te schenken, die wij Hem als schepsel Zijner handen verschuldigd zijn. Daar hebben wij met al de vurigheid en natuurlijkheid van een kinderziel onze eerste communie gedaan. Daar hebben wij, ter gelegenheid van zoveel eerste vrijdagen gebiecht en gecommuniceerd onder het waakzaam van de meesteer. Daar hebben we het lof gezongen van de “rode roos” en ons zodanig ingespannen om de meisjes door onze zang te overtroeven, dat enkel grote mensen die er aanwezig waren hun oren hoorden tuiten. In deze kerk ook zijn we in de lering geweest en deden wij onze plechtige communie; in deze kerk werden velen onder ons gedoopt en gevormd; velen putten er de kracht om schoon te leven.
In dit huis des “Levens” waar Gods aanwezigheid sterker werkt, ontloken de schoonste roepingen. Sinds Pasen namen dit jaar ook weer een heel stel jongens en meisjes, de verantwoordelijkheid en de schone taak op zich een christelijk gezin te stichten. Op 1 mei trad Mej. M. Madeleine Millecamps, regentes, in het klooster der kanunnikcessen- missionarissen van den H. Augustinus, waar zij zich voorbereid voor de missie. Op 12 juni werd E.H. Leplae Norbert, te Brugge subdiaken gewijd en wordt dit jaar nog priester. Zeg dan nog dat Rollegem een dode parochie is!
Vriend soldaat, ook gij zult weldra weerom komen toeven in de schaduw van uw kerktoren: beried u vandaag om morgen u verantwoordelijkheid tegenover het leven op te nemen. God zegenen uwe roeping.! De Redactie.
