Naar de inhoud

Rollegem blogt ...

seniorennet.beseniorennet.be

Berichten van 1 mei 2013 tot 31 mei 2013

Parochie Pastoor

1801 – 1803 Mullier Pieter Jos. (Dessew), word vermeld in een bron waar van de naam

                     Onbekend, volgens deze bron is pas sprake van af  1803 Verlinde. Bij Pastor

 

1803 - 1808 Zijn opvolger was J.B. Verlinde, zoon van Pieter Joseph en Anna Theresia Van Caillie, geboren te Beveren, bij Roeselare, den 14 januari 1746; opvolgentlijk, leraar in College van Kortrijk, na het afschaffen van de Jesuiten in 1773,( H. Vercruysse. Les anciens établissement d’enseignement moyen, à Courtrai. Courtriai, Vermaut 1908, II. CXCI.)

Hulppriester van M. Maes, opderpastor op dezelfde prochie; onderpastor te Moen 1778-1783; onderpastor te Bellegem, 1783-1785 ; Onderpastor te Menen in 1785. Samen met zijn Pastor M. Teirlinck, en zijn ambtgenoot, M. M. Brugghe en Verdavaine weigerde hij er de Eed ( Emm.Teirlinck, die zijn mis te Kaster deed op 11 mei1760, stierf te Menen op 28 mei 1812. Denijs Brugghe, van Spiere, priester gewijd te Doornik 13 juni 1778, stierf als pastor te Zandvoorde, bij Menen, 14 februari 1825.Michel Verdavaine, van Rosult, werd priester gewijd door de bisschop van  Amiens op 18 december 1790, en stond als pastor te Orroir, en te Calonne. Hij overleed aldaar 19 januari 1832.) Hij gerochte in het gevang; ontsnapte en vluchte over de Leie, en werd eindelijk  pastor van Rollegem, van waar hij met reden nar de pastor van Beveren mocht schrijven; Transivimus per  ignem et aquam et eduxisti nos in refrigerum. Wij gingen door vier en water, en Gij bracht er ons uit, en hebt ons verkwikt(Psalm LXV, 11.

Hij ontsliep in de Heer op Rollegem de 29 oktober 1808, na aldaar 6 jaar de herderlijke bedieninger, te hebben waargenomen.( Betrouwt dan het Necrologium van de Gentse Kalendarium Liturgicum, die geheel ernstig drukt; I.B. Verlinde;;;per 32 annos pastor Ecclesœ Succursalis de Rollegem, Districtûs Menenensis!)

Uit ontmoedigheid wilde hij voor de kerkzulle begraven worden. Zou hij zich wel  gespiegeld hebben aan die pastor van Leers, die enige tijd te voren ook voor de zulle had willen ter aarde besteld worden? (“Je soussigné, maître Georges Fauvel, prêtre et pasteur de Leers, dans le dicocèse de Tournay, ayant devant les yeux let riste et  redoutable moment de la mort, recommande principalement pour cette heure mon âme àDieu, Père, Fils et Saint-Esprit, priant la Saint Vierge, mere de Jusue-Christ, mon bon ange gardien, mes patrons Saint Georges et Saint Vaast. J’abandonne volontiers mon corp à la terre, à la

 pourriture et aux vers pour être inhume vis-à-vis la Pierre de dessous le grand portail dans le cimetière de Leers, où il sera foulé aux pieds par les fidèles selon mon mérite” Histoire de Leers par G. Monteuuis, curé de Leers, 1905. blz 136.

Nader onze tijd, besprak pastor Lanssen te Ernegem, dat ze hem in een withouten kiste in de gene reke zouden begraven.  En over vele eeuwen, wilde de H. Suithinus, bisschop van Winchester, zelfs

onder de gote zijner hoofdkerk liggen. Peist eens! Van daar komt het dat Suithinus in Engeland de weersplete is van onze St. Medar, een waterheilige, die  volgens het zeggen van het volk, 40 dagen schoon weder geeft of regen.

Reageer op dit bericht

parochie pastoors

1761 - 1662 P. P. F. Van Haesendonck, S. T. L. , geboren te Sint- Pieters-Leeuw, in Brabant15 okt. 1723, en daar overl. 14 maart 1803. Hij ontving zijn benoeming voor Rollegem den 26 mei 1761. Hij stond er maar voor een voorbij, en wist dat er geen twee jaar te reke Sint- Hubertsbrood zou eten. Hij kwam van Leuven, en keerde er weder als voorzitter van het Malderus-college  den 10 april 1762.Naderhand werd hij Kanunnik-theoloogaal der hoofdkerk van Doornik, en Vicarisgeneraal van de bisschop de Salm-Salm. Hij weigerde kloekmoedig de Eed, en speelde een grote rol onder de geestelijkheid, (Naar aantekeningen van Pastor Samyn, van Rollegem-Capelle ) tijdens het Franse schrikbewind. De“Sous-préfect” schilderde hem af bij den nieuwe bisschop Hirn als een “Homme bien imbu des principes des évêques d’Outre-Rhin“ Veelzijdig was zijn geleerdheid. Zijn bisschop belastte hem met het uitgeven van de „Rituale Tornacense“ , en met het bezorgen van de rijke oorkonden des bisdom.

Luidens zijn kerstbrief, moet hij te “Leeuw” uit deftige stam gesproten zijn. Wij lezen er immers; “ 1723. 15 Octobris” Eodem die baptizatus est Petrus Philippus Franciscus filius legitimus Egidii Van Haesendonck et Patrnillœ Waelraeven conjugum; Susceperunt Philippus Vander sprot, pastor et archibresbyter hujus parochiœ, nomine prenobilis Domini Petri Philippi Francisci Roosen, Baronis hujus loci,etc. et Anthonetta Vander Perren. ( zie Chanoine vos. Le Clergé du diocese de Tournai. Zech. Braine-le-Comte, 1893, V, bl 159, en van de zelfde schrijver: Les dignités de l’ancien chapitre de Tournai.Desclée, De Brouwer; Bruges. 1898, II, 243

 1762 – 1772 Jan Francis Cusenelle, van Wervik zoon van J. B. en van Maria Francisca  Willaert. De bisschop van Doornik gaf hem de kruine in de kerk van Wervik de  6 september 1735, en Mgr. O’Dally( Jac. O’Dally, bisschop van Fenbor, in  Ierland  door de ketters op de vlucht gedreven, viel te Doornik toe in 1727, en  stierf er 20 Oegst 1749, na veel dienst aan de bisschoppen van Doornik en Kamerijk bewezen te hebben. Hij verbleef drie lang te Kortrijk, en wijdde er de kerk van het Hospitaal. Zie: Chanoine Vos. Les dignités de l’ancien chapître de Tournai. Bruges. Desclée. 1898,I, 411.) de Heilige priesterwijding in de kapel van het Seminarie van Doornik, den 22 maart 1738. Lange jaren bediende hij met ijver de onderpastorij van Ingelmunster

1772 – 1801 F. F. Rutgeerts Wegens hem vernemen we uit Lier:”Schepen Jan Gommaar Rutgeers trouwde met Elisabeth of Isabelle Rosmans, dochter van de doctor van Putte. Hij won, onder andere kinders: 1° Jan Joseph, geboren 24 februari 1741, pastoor van Rollegem. 2° Pieter Hendrik, geboren 4 mei 1754; priester gewijd 30 mei 1779; leraar in het koninklijk College van Maria Theresia, te Gent,den tijd van 12 jaar . Overleden, te Lier op 9 februari 1833. 3° Cœcillia, waarvan grafschrift naast de Calvarieberg van Rollegem.

         

                                                    Hier vooren light begraeven

                                                      Jouffrrauw Cœcillia, Rutgeerts.

                                                      Oudt 39 Jaeren Gebortig van Lier

                                                                5 junii 1789

                                                    Bidt Godt voor de Ziele.

pastor Rutgeerts herbouwde de helft van de kerk, en zag veel af binst de Franse tijd. Hij weigerde de Eed, en bleef op zijn parochie verdoken. Hij wareerde rond, het zij als bakker, het zij als koopman in bakkerskolen en assen. Eens dat hij ten hove van Constantijn Vander Mersch te wege was de kinderen te Onderwijzen, vielen de gendarmen in het hof, om er, namens den perfhuiszoeking te doen en de pastor te vangen. “Kom maar mee” zei Constantijn Vander Mersch, alle kamers uit en in! “Kijkt” zei hij lachende, “moet ge  altemets den dien niet hebben? “ En hij wees naar de pastor, “het is een bakker,                    

die met mij op commerce staat van graan.” “Met den dien zijn we niets,”  antwoordde een gendarm. “ Het is de pastor die we willen, bakker, u gekend gij hem wel zeker?” “ Of ik hem ken, “ zei de pastor, “ zijt u er mee gediend, ik ga met u mee helpen zoeken!” en zij gingen, en zij zochten, doch vonden niets, en  aan de poort gekomen scheidden zij van elkaar met de woorden;” adieuskens! Tot dat het nog gebeurt”! En pastor en boer deden voort commerce. Onder last en kommer bezweek die goede herder het jaar 1801, weinige maanden vòòr dat de kerk wederom open ging

. Hij Ligt vòòr den Calvarieberg/

                                                   D.M.O.                                          Pastor deeser parochie van

                                   Hier rust den Eerw. Heer                              Rolleghem ten tijde van 30

                                      Joannes F. Rutgeerts               iaeren overl. 19 8br. 1801 oud 60 iearen

                              Gebortig van Lier in Brabant.                                      R.I.P.

Reageer op dit bericht

parochie pastoors

1714 – 1716 F.F. Vande Velde, wiens naam ons bekend is door een pachtbrief, beginnende als Volgt: Heden dezen dertigste juli 1714 kende heer Mre Jacobus Joannes Vande  Velde, pbre ende pasteur der      parochie van Rollegem in heure ende in pachte geheven te hebben zo hij doet bij dezen an en in profite van Phles Tettelain, Fus Walrand, in Rollegem….. Omtrent de zeven honderd lands competerend ande

cure van van het zelfde Rollegem gelegen in twee Partien.                  

                     

1716 – 1743 Karel Wallaert, van Kortrijk, korts na zijn priesterwijding in 1712, begon hij zijn geestelijke loopbaan te Izegem, en was een paar jaar onderpastoor te Bellegem.   Hij stierf te Kortrijk op 8 mei 1743, en werd twee dagen nadien in de kerk van Rollegem begraven.

Hij behoort aan een behoede familie toe, zo het te vernemen is uit deze zijn kerstenbrief: “ 1 Martii 1688 Baptisatus est CarolusIgnatius Fs legitimus D Joannis Wallaert, et Margareta Franciscœ Vandenberghe, coniugum, natus hodie  horà 3a pomeridiana Susceptores fuerunt Dus joannes Robette, quondam scabinus et Joanna Wallaert. R.D. Eesbeke Pastor.”         Het blijkt verder uit een stuk dat we voorhanden hebben dat hij, onder de geestelijke van het bisdom, een man van aanzien was, vermits hij door Z.H.Clemens tot de waardigheid van Protonotarius Apostolicus werd verheven. Dat stuk begint als volgt: Cajetanus De Comitibus Sfortœ, S.R.I. Princeps, Dux   Signiœ et Onani….Per-Illustri et adm. R.D.Carlo Ignatio Wallaert, pbro ac  Rectori Parochialis Ecclesia in Rollegem, Tornacen Diœces. SSmi D.N. Papae et Sedis Apostolicœ Notario Prothonotatario honoris nuncupato salutem et omne  Gaudium.    …. Datum Romœ, extra Portam Flaminiam Anno à Nativitat D.N. Jesu-Christi MDCCXVIII, die vero XIV Mensis Januarii”.

Het stuk is gezegeld met de wapens der Sforza: een gulden leeuw op blauw veld. Pastor broeder, Pieter Mariaan Wallaert, geboren te Kortrijk 14 oktober 1681, was ten jaar 1726 kanonik van Harelbeke, en gaf aan ST.Maartenskerk van Kortrijk één der 12 apostels, die de pilaren van de middengang versieren, te weten St. Philippus. De wapens der Wallaert’s zijn: coupé d’azur et d’argent à trois cygnes de l’un

dans l’autre. Lambrequins: d’argent et d’azur. Ciier: un cygne issant. M. Wallaert’s wit marbelen zerksteen placht vóón zijn biechtstoel te liggen, schier onder den trap van O.L.V. altaar                    

 

D.M.O                                                                       

 

Hier voren licht begraven den Eerw. Heer ende Mr Carolus Innatius Wallaert,Fs Fans die 28 jaeren gheweest heft eenen goeden herder deser parochie,priester 31 jaeren, oud 55  jaeren, die heeft beset een eewigh jaerghetijde op sijnen sterfdag voor welke hy gegeven heeft eene rente van 25 ponds pares s’iaers in profyte van den gemeenen aermen in parochie.

 

Overleden den 8 mei 1743  Requiescant in pace .

 

                    

1743 – 1751 J. B. Wasteels.  Ander schrijven (oorsprong niet bekend) Wassseels Jaen Baptiest Van waar die man gekomen is of waar hij belonden, dat is God  bekend: nooit hebben wij die naam onder de priesters van het voormalig bisdom Doornik aangetroffen.- De Wasteels nestelen veel al Ronse.

 

1752 – 1761 Fattrez Jacob Joseph, geboren te Steenput of Estaimpuis 1723, zoon van Jac. En van Maria Elisabeth le Febvre, ontving de heilige priesterwijding te Doornik den23 dec. 1747, uit handen van een Ierse Bisschop, Mgr. O’Dally. Hij werd pastor te Rollegem 22 april 1752 en te Halwijn 10 april 1762.Binst den verdoken tijd deed hij dienst in de St. Joriskapelle, te Menen. Voorafgaandelijk zat hij verdoken te Ingelmunster. Een Etat officiel L’emigration du clergé français dans la Châtellenie de Courtrai vers le 20 Octobre 1792( Annales du comité Flamand de   France, V.) geeft de namen op van de priesters die dan gevlucht zaten te Dentergem, Deinze, Dottenijs, Harelbeke, Ingelmunster, Machelen, Meulebeke,  Moeskroen, Oostrozebeke, Pittem en Zulte. Onder deze vinden wij Ingelmunster: “un rapport des bailli, bourgmestre et échevins d’Ingelmunster, daté du 12 octobre 1792, et signé F. F. Libbrecht, greffier,porte que le sieur et maître Jacques Joseph Fattrez, curé d’Haelwyn(halluin) près Menin, agé de 69 ans, et ayant refusé le serment, se trouvais réfugié dans cette paroisse. Ce rapport ne fait pas mention de domicile.

Hij werd op 10 april 1762 vereerd werd met de pastorij van Halewyn. Hij weigerde den Eed aan het koningdom , en zat het 1792 gevlucht op Ingelmunster, alwaar hij vroeger tijd gestaan had als onderpastoor. Binst zijn afwezigheid werd de kerk van Halewyn opgehouden door vier intrus of beëdigde priester Te Halewijn menen ze dat pastor Fattrez tijdens „de vlucht“ op het vreemde gestorven is.(Rond Kortrijk blz. 426)

Reageer op dit bericht

Meer van Rollegem blogt ...

↑ Terug naar de berichten