gesneuvelden
Moen gedurende de grote Oorlog 14/18
Ons grootmoeder Maria Decraene , en haar twee kinderen Clara en Gustaaf, waren met een groep Moenenaars in Geraardsbergen beland, dat kwam door de doornbraak van de geallieerden in het najaar van 1918 dat Moen moest ontruimd worden. Het werd een ware volksverhuis. Er waren er die vluchten naar Kooigem , door de leeggelopen vaart, de brug is in de vooravond van 19 oktober 1918opgeblazen en ook de sluizen op het kanaal. Velen van hen zijn dan doorgetrokken naar Moeskroen. Andere trokken richting Oudenaarde en verderop . Zo was Maria met haar kroost hier beland. Hier waren de Duitsers al verjaagd, en trokken duizenden Belgische soldaten bevuild, ongeschoren , vermoeid en uitgeput voorbij. Maria die dacht haren Ivo hier te kunnen ontmoeten was geen moment van de straat weg te krijgen. Het was reeds vier jaar dat hij weg was van huis, aan vele fronten had hij al slag geleverd. Zijn dochter, mijn moeder Clara vierjaar had hij nog nooit gezien. En wonder boven wonder , plots dacht meter Maria in een van de voorbij trekkende soldaten hare vent te herkennen. Zonder na te denken , maar bijna onhoorbaar riep ze Ivo, het stokte in haar keel. En zonder nadenken begon ze onlangs hoe luider te roepen Ivo! Ivo. En plots alsof er een engel uit den hemel hem wakker schudde, en alsof hij uit zijn mimeringen ontwaakte, prevelde hij onbewust: “Och, Maria! Wie we hier hebben. Wie had dat gedacht, en mijne zoon en mijn dochter, die ik nog nooit gezien heb.! “ Of ze in elkaars armen gevlogen hebben, zijn we nooit geweten ,maar als men er toch maar in geloofd , zijn er ook in oorlogstijd nog wonderen verricht. Dit verhaal welke we zelf nooit van iemand van de familie hadden gehoord werd opgetekend door Ignace Geurt in zijn : Moen en de grote Oorlog 14/18.




