cafe's
“ De Dageraad “
Kortrijkstraat nu Rollegemseweg
cafe's“ De Dageraad “
Kortrijkstraat nu Rollegemseweg
cafe's

“De Dobbelen Arend “of wat later “Den Berg werd”.
Het café dat werd uitgebaat door Vanhasten Julien, broeder van Medard. Daarna door Houtekier Marcel. Vanaf 1900 Kortrijkstraat nu Rollegemseweg nr. 1.
Als we het mogen aannemen het oudste gehucht van Rollegem, Klijtgat.
De bewoners van het café rond 1900 waren Mathilde Lepoutre en Ysenbaert Prosper.
Jules Vlericq en Adrienne Tant leerden elkaar kennen, volgens eigen zeggen op hun zestigste huwelijks verjaardag op 15/12/2006, in het dans café “In den Bergh” in 1940.
Vroeger het café “In den Bergh” werd in het jaar 1969 aangekocht, door de op 7maart 1903 geborene te Kortrijk Helena Vandorpe. Ze was van vorming landbouwingenieur,
was 34 jaar inspectrice geweest bij het provinciaal technisch onderwijs en tot aan haar 42 lentes woonde ze bij haar ouders te Kortrijk. Na haar oprust stelling viel ze hier op dit hoevetje.
Door de aanleg van de autosnelweg en de nieuwe weg welke er werd aangelegd, werden er stukken van de grond afgesneden en juffrouw Vandorpe kocht ze aan. In het totaal 81 are, waarvan
ongeveer 75 laten bebossen met 17 soorten bomen, een gemengde bloeiende haag en sierstruiken door Tuinbouwkundigenbloemist Marcel Debie.
Op het einde van de weg die uitmondt op het containerpark, voor haar woning zou een loods gebouwd worden van 54 meter op 16 meter.
De nog zeer kwieke en rad van tongriem gesneden Juffrouw, heeft zich met hand en tand verzet, zodanig dat dit monster de natuur voor dit stukje mooi landschap niet te niet werd gedaan.
Intussen zijn de juffrouw en de tuinman overleden en is een groot stuk van het bos opnieuw weiland geworden. Zo zien we hoe snel alles evolueert,
wat gisteren nog café was is vandaag een stukje natuur . Nieuwe bazen nieuwe wetten, of de evolutie van de mens. Aan begin van de weg vinden we het kapelletje van Juffrouw Vandorpe.
cafe's

“In den Ezelhoek” “De Leeuw van Vlaanderen “
Het werd bewoond door een koolhandelaar, en was gelegen naast het kasteel nu garages. (kleinhuis)
Waar gebeurd aan den ezelhoek in het jaar 1951. Een fietser werd er aangereden door een personenwagen, en hup hij was weg. De gekwetste naar dokter Declerck, de fiets bleef ter plaatse:
Noordenwind, droog helderweder en stil, dat was de conclusie.
cafe's
cafe's

Schepenhuisstraat en den Ezelhoek
“Au Damier “
Naast de garage Brouckaert.
Vanneste Marie, herbergierster, geboren te Rollegem op 15/12/1886 hier gehuisvest Kortrijkstraat nr. 9. Nu het nr. 7 Schepenhuisstraat was “Au Damier “
De naam van het café werd niet veel gebruikt, aldus bewoners van de Kortrijkstraat men sprak over het café bij Vanneste Marie.
cafe's“ De Wandeling “
“ De Wandeling “ Schrijboomstraat nr. 46 We konden achterhalen dat 1928 er gestart werd met het oprichten van een vinkenmaatschappij en dat toen den uitbater, de heer Jules Dejonghe was.
De stichters Camiel Vallez, Jules Rondaert en Kamiel, Jules en Jef Vanhoe en Jozef Demeyere en hij die er in 1979 er nog altijd bij was Georges Vromant.
Het lokaal verhuisde in 1934 naar café “De Congo”.
Heel waarschijnlijk uitgebaat door Vandevenne Jerome Schrijnwerker. Ook Jules Dejonghe en Irma Verschaete, word er vernoemd de grootvader van Erna Vanhoe.
Uitbaatster zeker in het jaar 1951 Decorte Elisa geboren te Tielt den 3/6/1906 zij was getrouwd met Houtekier Alphonse hij was van Schuyfferscapelle afkomstig en er geboren op 24/7/1998,
de man was fabriekwerker van beroep.
Het café werd in november 1965 door Lisa verlaten om in te trekken bij Vanhoutte in de reisduif.
Nabor Degroote met Vandeputte Maria woonden in het toen Schreiboomstraat 14 de vroegere wandeling . Het was ook een café van Jozef Vandeghinste.
1989 februari deze woonst is eigendom van Patrick Vandeghinste zoon van Lucien opdat ogenblik ging er een bouwaanvraag om het café te mogen afbreken en een nieuw huis te mogen bouwen.
Wat intussen gebeurt is.
cafe's“De Vink “
Aan den oostkant van de straat stond het café “ De Vink “ een café welke afgebrand is.
Van Nieuwenhuise Elza Vanasten Julien Schreiboomstraat 48.
cafe's
cafe's“ t Haantje forest weg
“T Haantje” bij Fiene
cafe's“Huis Caus “
Op het Forest is ook nog bekend “Huis Mevrouw Caus”
cafe's
cafe's
cafe's
cafe's

“ St. Elooi “
“St. Elooi” Werd vroeger bewoont door de ouders van Lucien Libeer
Het was in 1958, de vinkenmaatschappij werd overgebracht naar de herberg “ St. Elooi ” bij Willy Soens, waar zij de grootste bloei kende.
Het bestuur werd vernieuwd en enkele jongeren kwamen de rangen versterken.
Met kermis van 1979 was het bij Willy ; golfbiljart en allerhande vermakelijkheden. Op vandaag nog steeds Café.
cafe's
cafe'sFrans Labarre gebruyckt een woonhuys als wijnckel ende vercoopt genevre
cafe'sPierre Merchier gebruyckt een woonhuys als herberghe, wesende geheel oud vercoopt bier, win ende brandewin
cafe'sTombroekplaats:
Dit gehucht strekt zich uit over een deel van de gemeenten Rollegem en het Waalse Luinge.
Een 400-tal inwoners, dat het liefst als Tombroeknaars bestempeld worden zij vormen er een hechte leefgemeenschap. Het ligt een drietal kilometer verwijderd van de beide dorpscentra;
en is altijd een zelfstandige wijk geweest. Kaarten en schetsen uit vroegere eeuwen tonen aan dat er sedert lang een belangrijke concentratie van boerderijen en woonhuisjes bestaat.
Tegenwoordig heeft het gehucht nog vele kenmerken van een dorp een eigen centrum(Tombroekplaats), een slager een kerk en gebruikelijke dorpscafés.
Tot voor kort nog een kruidenierszaak en een textielzaak, zelfs een schooltje.
Sinds enkele decennia behoord een deel bij Wallonië, en is het voelbaar dat het Luinge gedeelte meer en meer verfranst. Het is geen faciliteiten gemeente doch vind men alles tweetalig,
plaatsnaamborden, verkeersborden.
De straat welke Rollegem van Luinge scheidt heeft twee namen, iets wat nogal vreemd overkomt bij een toevallige voorbijganger de ene zijde is “De Tombroekmolenstraat” en langs de andere
zijde “Robert Sprietstraat” een Rollegemse Tombroeknaar. Of de Candelestraat en aan de over zijde “Rue de Tombroek”
Om nu kermis te mogen houden moet het bestuur het zowel aanvragen aan het stadsbestuur van Kotrijk of dat van Moeskroen. Toch wel een eigenaardige situatie klinkt het vaneen inwoner,
ik ben een Waal en kan geen woord Frans. Nu nog kent men kermis Tombroek Ze hebben er Tombroek vrienden. Met de kermis houdt men een Fakkeltocht of iets voor kinderen, vuurwerk,
verrassingskoers of dergelijke meer.
De hoogte punten van, Tombroek waren gelegen tussen de twee wereldoorlogen in, anders gezegd
In den tijd van de “Smesse”.De gebroeders Nijs, ze waren met zijn drieën, hebben in enkele jaren tijd Tombroek een ander uitzicht gegeven.
Begonnen als gewone hoefsmid, bijna alle paarden van de streek werden er beslagen. Met wat ze verdienden bouwden ze een wagenmakerij naast de smesse en nog iets later starten ze een
kolenhandel op. De smesse zelf werd uit gebreid en zij specialiseerden zich in het vervaardigen van stoomketels.
Welke geleverd werden aan de omliggende bedrijven; zelfs tot over de grens in Noord-Frankrijk.
Het bedrijf van de gebroeders Nijs was een trekpleister voor vele arbeiders er werden om en bij de 65 arbeiders te werk gesteld. Ook de kolenhandel was een groot succes,
elke dag trokken vier arbeider uit met vol geladen karren getrokken door paarden uit om de leveringen aan huis te brengen.
En alsof het nog niet genoeg was kochten ze nog vijf dorsmachines om te oosten in de streek en ze namen zelfs initiatief om steenovens te bouwen.
De Tombroekse bevolking breidde sterk uit De familie werd de rijkste van de streek. Haast alle huizen van de Tombroekmolenstraat behoorden hen toe.
Ze hadden een waterput van meer dan 20 meter diep die Tombroek van het nodige drinkwater voorzag. De bloeiende bedrijven brachten niet alleen werkgelegenheid en materiële
verbetering voor de inwoners, zij zorgden er ook voor de nodige feestemming. Er waren niet minder dan negen cafés op het gehucht waaronder één “La Chaudière”(de stoomketel)
Uiteindelijk bloeide het uitgangsleven zo sterk, dat er van werken niet veel meer in huis kwam. Er werd gedronken dag en nacht, niet één die nog aan het beheer van het grootgegroeide bedrijf dacht.
Een van de hoogte punten werd de nu nog bestaande septemberkermis op de eerste zondag van de maand.
Hele families van uit denomtrek kwamen er naar toe van Moeskroen, Dottenijs ja zelfs van Kortrijk. Men feestte er vier dagen vanaf den zaterdagnamiddag tot de woensdagavond.
De maandag en den dinsdag hoefden niemand te werken, tenzij de cafébazen. Men trok van de ene tapkast naar de andere. Een pintje bier kostte toen amper 10 centiem.
Er werd gekaart of gebold tot laat in de nacht. Van Tombroekplaats tot aan de molen was er zaklopen, met als inzet een paar pintjes.
De enige tijdsaanduiding die men had gedurende de kermis was het geschal van den hoorn. Hij werd geblazen om 7 uur s’Morgens en om 5uur s’avonds.
Er zou naar het schijnt meer gefeest zijn geweest te Tombroek dan te Rollegem en Luinge samen . Men zou op de beide gemeenten “ge- waterbekt” hebben van jaloersheid.
Maar zoals overal en altijd schone liedjes duren niet lang en langzaam doofde het eens zo bloeiende bedrijf uit. De gouden jaren van “ De smesse” gleden voorbij.
cafe'sHet Kanton van Tombrouck:
Arnout Notof de herberg “Het Crupelken”
Joos van Rameys “Den Berch”
Sarloet Barbe is herbergier “ Aen de plaetse van Tobrouck.
“De Hofstedebrouwerij”: Monografie van Rollegem: rechtover de kerk op de hoek van de Kortrijk-en Aalbekeweg bevond zich de “Hofstedebrouwerij ”Fonds D’Ennetieres 2400(1764)
van Jacques Vandenboogaerde zie 1572. In 1756 was dit huis gesplitst. Het gedeelte in de Kortrijkstraat was herberg en werd uitgebaat door Filips Vanneste,
de zuidkant “Scheedende in ’t midden van de cave” behoorde toe aan Antoon Tilleul.
cafe's“ De Vrede “
“De Vrede” huis L. Seynaeve.