het landelijk leven te Rollegem

“Hof van Rollegem” Rollegemplaats 5
Meerzijdige gesloten hoeve met als oudste gegevens 1735 was vroeger omwald. Historische naam “ De Heerlijkheid van Rollegem” reeds in de 14de eeuw (1301 – 1400) vermeld.
Ze had in 1996 een oppervlakte van 28ha 49 a.
Hugo III van Halewijn was in 1260 eigenaar en hij was gehuwd met Fressende van Rollegem. Hij overleed in 1287 en zijn weduwe was toen eigenaar. Ridder Wouter I van Halewijn volgde haar op . Het was 1365 en toen volgde Wouter II van Halewijn welke heer werd van Rollegem. In 1420 werd Perceval van Halewijn eigenaar, hij werd door neef Jan I van Halewijn opgevolgd. Jan I stierf in 1441 en werd door zoon Perceval II opgevold. Door wanbetalingen moest Perceval II van Halewijn de heerlijkheid verkopen aan Joris van Halwijn in 1476.
Het was vanaf 1496 dat de hoeve verpacht werd aan Willem de Smet daar Joris Stierf in 1535. Zijn zoon Jan, heer van Komen werd de opvolger eigenaar maar hij overleed in 1544. Zijn weduwe Jossyne de Lannoy werd de eigenares en verpachte de hoeve in 1552 aan Nikolaas Desmet. Hij was de zoon van de voormalige pachter Willem. De dochter van eigenares Jossyne, Johanna trouwde met Philippe Decroy in 1559 en erfde het goed. Zij stierf in 1581 en haar zoon Karel Decroy werd eigenaar. Karel verkocht in 1585 het hof aan Philippe du Chastel de Blangeval. De hoeve lag in puin na meerdere vernietigingen door onder ander de Geuzen en vrijbuiters. Maximiliaan du Chastel, de opvolgende eigenaar overleed in 1622.
Het was zijn zoon Charles -François welke de hoeve erfde, hij stierf in 1637. De nieuwe eigenaar werd Jeronimo Ph. Du Chastel, Heer van Rollegem. Uit zijn derde huwelijk in 1699 was de nieuwe opvolger Frans- Gilbert . En in 1712 werd Maria Ph du Chastel de eigenares. In 1716 pachtte Jan Parent het hof aan Fr. GJ. Du Chastel. En in 1725 was Joost Parent de pachter. In het zelfde jar werd het goed verkocht aan de minderjarige graaf van Moeskroen, Engelbert-Frederik d’Ennetières welke in 1758 overleed. Albert d’Ennetières werd de opvolger, hij overleed in 1758. Het was broer Albert, Jozef d’Ennetières welke hem opvolgde in 1761. Een tweede broer volgde in 1786 op J.B.A. d’Ennetières, deze stierf in 1817.
Zijn zoon Frederik jozef was erfgenaam en bleef tot 1875 eigenaar. De hoeve telde in dien tijd ,1834 een bedrijfsoppervlakte van 33 ha. De hoeve gebouwen vertoonden toen reeds de nog bestaande structuur van meerzijdige gesloten hoeve met een achtvormige omwalling. De prachtige toegangspoort, ook de Rollegempoort genaamd, dateert van 1735.
De sluitsteen van de poort stelt het wapenschild van de familie d’Ennetières voor, geflankeerd door 2 leeuwen of tijgers. Tussen het woonhuis en de schuur bevind zich de Bellegempoort. De grote driebeukige bergschuur van 1835 is een zeldzaamheid in onze regio. De schuur telt 3 poorten en 11 gebinten, afgedekt met wolvendak. De Datumsteen in witsteen vermeld opschrift “Constant V.D. Mersch 1835” . De enige dochter van Frederik Jozef d’Ennetières Marie- Rose trouwde met Oktaaf d’Oultremont de Duras. Hun zoon Adhemar verkocht het hof in 1895 aan Edward en Gustaaf Nys uit Kortrijk. Eind 19de eeuw (1801- 1900) kwam Vermeersch op de hoeve, en in 1909 ging hij Failliet. Constan Brourkaert werd de opvolger uitbater en pachtte aan Edward Nys. Welke in 1915 stierf. Zijn erfgename waren M. Doutreligne, zijn weduwe, Gustaaf Nijs en Richar Snouk. Constand werd in 1953 opgevolgd door zoon Andre. In 1990 werd vader Andre opgevold door zoon Marc. Welke tot op heden de uitbater is .
Op de mote, welke eveneens omwald was stond vermoedelijk de woning van de heren van Rollegem. Rond 1900 werd de wal achter de woning gedempt
























