toponiemen
Rollegemhoek
Atlas der Buurtwegen: cfr. Situering op dit plan
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 13, blz. 678: wijk te Rollegem
toponiemenRollegemhoek
Atlas der Buurtwegen: cfr. Situering op dit plan
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 13, blz. 678: wijk te Rollegem
toponiemenRollegem
De naam Rollegem zou afkomstig zijn van de naam, Rollo, een jongensnaam die onder de Germaanse volkeren werd gegeven. Die naam wordt nog gebruikt in Friesland en in het noorden van Duitsland. Rollo is de afkorting van Roland. Oorspronkelijk was dei naam Rodland of Hrodland.
Met de gemeente Rollegem staan in verband: Rollingen, onder Looz, in Limburg. Rollingen, in Luxemburg. Rollingshausen en Rollshausen, in Hannover. Rolshofen en Rollsbroich in de rijngewesten.
Rolligsweer en Rollemastate, in Nederland.
toponiemenDen Robeert
Monografie van Rollegem: blz. 55: een stuk landbouwgrond heette : “ den robeert”.
Oorkondenboek van de Groeningeabdij: OUD SAK 1202 blz. 250 n° 62: palende met de oosteijde jegens de straete leedende van de screyboom naar Tombrouck, met de westzijde jegens zijn narstvolgende elfhonderd landt
Cartularium en kroniek van de abdij van Groeninge: (1650) stick landte……. Ghenaempt d’en Rubeert. 250 v
Bezittingen Groeningeabdij: (1616): stick lande ghenaempt den rubeert……. Palende met’er noordzijde tegen thelle straeken. 220
Als personennaam terugevonden in: Studie van persoonsnamen in de Kasselrij van Kortrijk door Frans Debrabandere. Robeert: de Rom. Vorm van de Germaanse naam Robrecht.
toponiemenHet Rent Huus
Aanwinsten VI 6914; beschrijving en vermelding van de naam het Renthuus (een hofstede) echter geen situering.
Monografie van Rollegem: blz. 100: Langs de Rollegemseweg bezaten de Jezuïeten van Kortrijk onder de heerlijkheid van Moorenacker de hofstede het Renthuys, in 1663 omschreven als geheel vervallen.
toponiemenHet Raemke
Aanwinsten VI 6848 ( 1761) heerlijcken renteboek der Heerlijckhede van Polliere of pomerie geleghen in de prochie van Rolleghem.
Bartholomeus Herbaut, Heere deser heerlyckhede een stuk landts palende van oosten Jacobin Canaertt, zuyt den heere deser heerlyckhede, west de straete, ende noord Messiaen, genaemt het raemke.
toponiemenHet Putstukske
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 13, blz. 136: een stuk land te Rollegem.
Een stuk land in een diepte gelegen in een soort put?
Of een stuk land dat oneffen is, vol putten?
toponiemenDe Priesterage
Monografie van Rollegem: de pastorij heette men priesterage.
Fonds D’Ennetieres: Situering op plan 2400 (1764)
Fonds D’Ennetieres: 2408: de priesteraige van Rodelghem up eenen behuisde hofstede, bogart en de lant. Abouterende met de oostzijde jegens de straet loopende van Rodelghem naer Tombrouck,
Met de zuidzijde jegens het lant Adrian de Smet, met de westzijde jegens Jan Cannaert, met de noordzijde jegens de straet loopende naar de paddebrouck.
De priesterage of pastorij (Monografie van Rollegem: blz. 86)
toponiemenDe Praiterie
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 12, blz. 1170: een Bosch, zijnde leengoed te Marcke en Rolleghem.
toponiemenDe Poorteman
Monografie van Rollegem: blz. 51: onder Mosscherambacht viel de hofstede de “ poorteman”, dat ten westen lag van de straat van Rollegem – plaats naar Tombroek.
Studie van persoonsnamen in de Kasselrij van Kortrijk door Frans Debrabandere blz. 353, n° 1583: 1399: Jan Poertmanne up den selven dach……. van den gaten te stoppene die in den steenput waren. SR 6 f 6 v.
De naam poortman blijkt in verband te staan met de stadspoorten. Poortman = poortwachter.
toponiemen

De Poorte Ferez
Monografie van Rollegem: Beschrijving en situering.
Atlas der Buurtwegen: Situering
Fonds D’Ennetieres 2400: Situering
Kaarten en plannen, 37 : vermelding en situering.
Bruine pakken 6160: cfr. Situering op het bijhorende plan
Raad van Vlaanderen, 31201: rekening heerlijkheid Rollegem (1685-87) Joospart du Mortier kocht het goed la Porte Ferré aan de erfgenamen van Florence de Chambry.
RAK Kasselrij, 37: het goed te Ferré (1789)
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 1075: Porte Ferreé: hofstede.
toponiemen

Plaatsmolen
Bruine pakken I 6546: Klacht op de heerlijkheid en molen van Rolleghem wegens schulden.
Fonds D’Ennetieres: 2501: 1713: rekening molen
Acten en contracten reg. 1519-1520, f° 236: een windtmeulene staende inde prochie van Rolleghem.
toponiemenTen Polder
Geschiedenis der stad Kortrijk door Frans De Potter deel 1, blz. 275: te Rollegem: ’t leen ten Polder.
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 12, blz. 926: leengoed te Rollegem.
Woordenboek der Nederlandse taal, deel 12 blz. 3085: polder: een door aanslibbing boven water uitstekend stuk land, dat vervolgens ingedijkt werd.
toponiemenDen Platten Fosse
Bruine pakken I 6541: denombrement van de heerlijkheid Kooigem. Een achterleen van 1b te Rollegem, waarbij een tiende hoort op 8b rond de hofstede den platten fosse.
Een fosse is een kuil, een hol, een put (Westvlaams Idioticon de Bo, blz. 844)
toponiemenTe Polliere of ten Pomerie
Oud sak 860: Registre des fiefs et arrieres fiefs tenu du chat. De Courtray folio 443: daar spreekt men van “ ‘t heerschip te polliere (ten pomerie) gelegen in de prochie van roelegem west bij den kerken, gehouden door Baudewijn Ladessous.
Monografie van Rollegem: blz. 48: het fonsier en de rentelanden lagen ten westen van de straat van “ den smockelpot naar Tombroek” ( nu Lampestraat), ten oosten van de Schreiboomstraat en ten zuiden van de oude Aalbekestraat.
Fonds Colens: 204: leen ghelegen inde prochie van Rolleghem ghenaempt ‘t heerschip ter pollerie: ‘t heerschip ten pollenie.
Bruine pakken I 6546: leenverhef van een derde van het leen Te Polliere ofte Pommerie in Rolleghem. Gekocht door Jan van Neste aan Pieter Victor van Neste, de overige twee derden bezit Lowys van Neste september 1719.
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 959-973: Ter Pollerie: leengoed. Pomerie: hofstede, oud leengoed.
Aanwinsten VI 6848: heerlijcken renteboek der Heerlijckhede van Polliere of pomerie geleghen in de prochie van Rolleghem
P. Boncquet: Heerlijkheid en Leen in de roede van de dertien parochies blz. 130 Misschien is “polliere” een assimilatie uit “polderie” dat staat voor “poldere, ingedijkt land of door aanslibbing of indijking verkregen land”.
staartje van antoniuszwijntje

Een boer lag onder een eik. Volgens hem was de God, die zulke kleine eikels aan zo’n grote boom hing en zo ’n grote pompoenen aan zo ’n kleine plant, ver van verstandig. In slaap gevallen viel een eikel op zijn neus. Toen was ons boerke eerlijk genoeg om te bekennen: wat zou het geweest zijn moest er een pompoen op die eik gestaan hebben. Wat god ordent, boerke is goed geordend.
Dat de kalverliefde van een jonge sprinkhaan die verkeren niet zeer stabiel is blijkt uit geheel hun gedoe. Ze zijn gejaagd, moeten te veel bij elkaar zijn en vrezen te gemakkelijk dat het vlug zou kunnen gedaan zijn. Ze weten immers zelf dat hun gezworen liefde eden niet zo geweldig sterk in hun schoenen staan. Zij zien immers naar de meeste meisjes met een haast te grote interesse, en voelen zo een beetje spontaan dat het meisje ook gemakkelijk van adres kan veranderen. Vandaar dat de juiste betekenis van al die zinnekes als “ voor altijd” en om het in het Frans te zeggen “pour toujour” hierop neerkomt: “ Ik vind je reuze interessant tot op het moment, waarop ik een nog interessante schat vind:” De praktijk onderlijnt de waarheid van deze bewering. Hoe velen zouden er eigenlijk gehuwd zijn met het meisje dat ze voor de eerste maal eeuwige trouw hebben beloofd? Die eerste Crème-à-la-glace-liefde smelt nogal rap. Het is een artikel voor broekventjes en melkbaarden, voor mannen beter gezegd mannekens die nog hun eerste melktandjes hebben. Zo ’n liefde duurt normaal niet lang. En toch echte diepe , ware liefde blijft. Ze moet eeuwig zijn. De gedachte van een einde, van een stopzetten van de liefde is niet verdraagbaar. Daarom zegt men niet; “Ik bemin u nu” dat zou kunnen vermoeden; misschien zal ik u later niet beminnen, maar men zegt, zonder de minste beperking: “ ik bemin u”. Daarbij vroeger hebben wij uiteengezet hoe de liefde omwille van het kind blijvend moet zijn.
staartje van antoniuszwijntje

Grote belangstelling voor anderen ontbreekt hem in veel gevallen. Een lieve vrouw heeft een extra goed eten gemaakt, haar keuken zeer verzorgd, ze verwacht een complimentje, doch hij denkt aan zijn duiven. Ze is ongesteld en menheer ziet het niet. Hij vergeet zijn voeten af te vegen en smijt zijn sigaret op de grond. Direct uit hij zijn ontevredenheid. Aan tafel neemt hij ongegeneerd de beste en grootste brokken. De zondag vliegt hij uit en laat zijn wederhelft thuis. De leute voor hem, de last voor de vrouw. Natuurlijk zijn er ook andere mannen. Doch velen zijn besmet met de opgesomde gebreken. En zeggen dat die ook eens een vrouw zweerden haar op handen door het leven te dragen.
Een ander reden waarom te vroege verkering af te raden zijn is het gevaar dat zo vrijages bieden voor geslachtelijke betrekking. U weet het, goeie vriend, dat alle normale, gezonde mensen dragers zijn van de mogelijkheid om mede te werken aan de voortplanting van het mensdom. God, in zijn almacht, had het ook anders kunnen regelen. Zoals hij in een oogwenk duizenden en miljoenen sterren uit een niet zou kunnen scheppen, zo kon hij ook schikken dat de mens rechtstreeks geschapen werd zonder tussenkomst van de ouders. In zijn oneindige wijsheid en goedheid heeft hij echter het lichaam van de man en van de vrouw zo gebouwd, dat de geslachtelijke vereniging mogelijk werd, met als gevolg: nieuw leven.
Aldus wordt de mens geroepen tot die heerlijke taak medewerker te worden met God in het voortplantingswerk. Hij zal rechtstreeks de ziel scheppen, voor het lichaam doet hij beroep op man en vrouw, op vader en moeder. Wat hij wil, is ondermeer het voortbestaan van het mensdom. Het is klaar dat wanneer God eens echt iets bereiken wil, Hij steeds doel treft. Zo ook in het geval dat ons bezig houdt. Diep in de mens legde God de drang naar eenwording der geslachten, en zo sterk zelfs dat er steeds mensen geweest zijn en zullen zijn, die zullen huwen en kinderen verwekken.
Het hongergevoel herinnert er ons aan dat wij moeten eten, het genot verbonden aan het eten en de herinnering aan het genot, maken het eten voor ons gemakkelijk en gewenst. Zonder dit hongergevoel en zonder die aangenaamheid zouden wij het risico lopen vergeten te eten en aldus onze gezondheid en ons leven in gevaar brengen. Het doel de mens in stand te houden en te doen ontwikkelen bereik God langs het hongergevoel en onze smaak. Enigszins gelijkaardig bereikt Hij het doel van de geslachtelijke betrekkingen. In ieder mens legt Hij die edele drang, naar voortplantingsdaad, en herinnering aan deze eens gestelde daad zal de mens aanzetten tot regelmatige betrekkingen, die de voortzetting van de mens moeten verzekeren. Ook hierin was God wijs en goed. Jammer genoeg wordt er over deze heilige zaak zo dikwijls op een erbarmelijke vuile manier gesproken, zodat er veel jonge mensen in ’t begin eerder afkeer voor voelen, dan diepe eerbied voor het goddelijk plan. Moest er iemand onder u daar last van hebben dan denkt hij terug op het vertelselken van de eikel en de pompoen, dat wellicht nog bekend is uit uw schooltijd.
toponiemenPirro Lannoy Cabaret
Popp kaart van Rollegem: cfr. situering op plan
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 675: Piero Lannoy: herberg te Rolleghem.
toponiemenHet Perboomstick
Monografie van Rollegem: blz. 55 een perceel gepacht door a. Dehaze droeg de naam “ het perboomstick”
Oorkondenboek van de Groeningeabdij 1650: Oud SAK 1202: Situering op plan
Leiegouw XVIII 1976: blz. 258: het perrestick.
Aanwinsten VI 2126: renteboek vander heerlichende van Moorenackere (1601) f°5 n°19: stick landt ghenaemt het perboomstick paelende metter oostzijde jeghens zijn voorsijde, ende naervolghende hofstede, metter zuutzijde jeghens zijn hanghende stick, metter westzijde jeghens Pieteres Vanderplancke langhemeersche ende metter noortzijde jeghens zijn zelfs tangheveldeken.
Verwijs en Verdam: blz. 270 perboom: zie peerboom. Blz. 211: peerboom: pereboom: perelaar.
toponiemenHet Pekstuk
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 12, blz. 565: een stuk land te Rolleghem.
Etymologische woordenboek Vercouillie blz. 259: pek: zie pek. Blz. 263: pik : pijnboom.
toponiemenHet Peerdenkerckhof
Monografie van Rollegem: blz. 38 : tussen de wallen van het hof te Rolleghem en deze drie huisjes lag het peerde-kerkhof.
Fonds D’Ennetieres 2497 (1764): cfr. Situering op plan
toponiemenDe Pastoriemeersch, De Meersch daer den voetwegh Deurgaet
Fonds D’Ennetieres I 186, blz. 330-331: cfr. Situering op plan
Pastoriemeersch = meersch in het bezit van de pastorie
toponiemen
De Twee Partijen over de Beke
Fonds D’Ennetieres 2497/ vermelding en aanduiding op kaart van de twee partijen over de beke. (1764).
De uitleg hier is eenvoudig, als men kijkt naar de situering van deze twee percelen grond, dan ziet men dat ze gelegen zijn juist achter de beek.
staartje van Antoniuszwijntje

Een tweede reden waarom vroege verkering af te raden zijn is het feit dat men in de apejaren zo gemakkelijk zichzelf bedriegt. Iedere jongen toch gelooft dat zijn meisje zo een beetje het wonderkind is van de streek. Hij beziet de dingen en ook het meisje met veel gevoel en weinig verstand. Dat kind is de perfecte perfectie.
U echter, zijt die eerste zotte periode al voorbij en u weet ongetwijfeld dat ieder mens zijn gebreken heeft. Moest men wachten van huwen tot men een volmaakt schepsel gevonden heeft, of tot men zelf volmaakt is, dan zou men riskeren, ja zeker zijn van eens als jonkman te sterven. Doch bij velen onzer jongeren gaat de eerste bevlieging en dat scheelzien over zonder blazen. Anderen staan er erger voor.
Vooral die welke huwen voor ze nagedacht hebben, die slechts beginnen denken en klaar zien wanneer ze in een heksenketel gearriveerd zijn. Ze verwachten zoveel van het leven; ’t werd een ontgoocheling!
Ze droomden van een hemel en zitten in een hel. Ze meende ’t leven een lachspel en staan voor een “mannenopdracht” met strobenen; ze sukkelen ’t leven in samen met hun vrouw die hen dikwijls niet past, als u belieft! In naam van uw geluk, ogen open en dompel u hart in uw verstand. En vergeet het nooit: de zondag alleen kunt gij uw meisje niet grondig leren kennen, en zij u niet.
De zondag immers is men op zijn best, men hoeft niet te werken, men is vrij van kommer, de porte-monnaie is gevuld, men ontspant zich, men is geheel anders dan in de week bij ons moeder thuis. De meeste mensen zijn op zondag interessant. Doch veel plezante zondagsmeisjes zijn vieze trienen in de week. En veel mannen ontdekken later dat het meisje uit de verkering zich heel anders voordoet in het huwelijk. In de verkering moest men oppassenen zich schoon voordoen om de “ chéri(e)” niet te verliezen. Doch eens getrouwd licht hij, of zij vast en dan toont men zich zoals men is. Dan is het dikwijls tegen zijn vrouw of zijn man zoals men thuis is tegenover zijn ouders, broers of zusters.
Voor het geval dat u ooit eens een man ontmoeten mocht, die meent zonder gebreken te zijn of die denkt dat de mannen volmaakter zijn dan de vrouw, vraag hem eens hierover na te denken.
Kijk, vriend, wij mannen voelen ons sterk. Voor de kloeksten onder ons is een zak van 80 kilogram verdragen kinderspel. Tegen zo’n kinderspel zijn de vrouwen niet opgewassen. Daarin zijn zij de mindere. Doch vraag eens aan een dokter operateur welke zieke de moedigste, de taaiste en de minste klagers zijn. Dan zal hij u in waarheid antwoorden dat de mannen veel groter trunten zijn en de vrouwen het moedigst het lijden verduren. Wij hebben de meeste macht. Maar van die macht maken veel mannen misbruik. Veel mannen zijn in hun familie kleine Hitlerkens, die den tiran uithangen. De vrouw is de maart, de dienstmeid die menheer dien mag en betaald wordt met veel snauwen. Die zelfde mond, mannenmond, die vroeger de tederste woorden sprak is nu menheer blafmuil geworden.
Menheer de man is minder edelmoedig. Bij ziekte van de kinderen is het de vrouw die het meest waakt, het meest keren opstaat en meest haarzelf vergeet. De man is in doorsnee gezien, gemakzuchtig. Komt hij ’s avonds thuis zijn vest vliegt slordig op de stoel, hij plakt zich in de zetel en laat zich dien.
toponiemen’t Papaerstick
Aanwinsten VI 2126: renteboek vander heerlichende van Moorenackere bestreckende op diversche gronden van erfven daer afgehouden die ligghen in de prochie van Curtrycke. (1601) f°7 n°23.
Beschrijving: stick landt ghenaemt pappaertstick palende metter oostzijde jeghens ’t lant van Willem de mispelaere, metter zuutzijde en de noortzijde jeghens ’t lant ende meerschelken van J. vanderolancke, ende metter westzijde jeghens ‘t voors. Pieters lant.
toponiemenDen Papaersbusch
Aanwinsten VI 2126: renteboek vander heerlichende van Moorenackere bestreckende op diversche gronden van erfven daer afgehouden die ligghen in de prochie van Curtrycke. (1601) f°6 n°21.
Beschrijving: landt van omtrent achthondert…. Ghenaemt pappaertsbusch palende metter oostzijde jeghens ’t lant van weduwe Gillis Carotte in Curtycke, metter zuutzijde jeghens Jans Vanderplancke tangheveldeken (hooghste) metter westzijde jeghens Jans nederste tangheveldeken ende metter noortzijde jeghens Willems misplaers lants.
toponiemenHofstede Paddebrouck
Monografie van Rollegem blz. 98. De behuisde en omwalde hofstede de Paddebrouck genoemd in 1629 als eigendom van de weduwe Claus de Smet; de hoeve is te situeren aan de noordzijde van de Rollegembeekstraat.
Fonds D’Ennetieres 2400: cfr. Situering op plan
Fonds D’Ennetieres 2408: Claeys de Smet had een behuusde hofstede ende bogaert genaempt den paddebrouck.
Padde: het dier, de pad.
Broek: moerasland, Algemeen Vlaams Idioticon L. Scheurmans (Bijvoegsel) blz. 54. Op vele plaatsen heeft men eene streek die men “het broek” heet; aldus noemt men de porlachtige landen of moerassige gronde, rotte modderachtige plaatsen, waar weinig goed gras maar veel biezen, lis of riet groeit: een goed milieu voor de padden?
toponiemenDen Oostackere
Monografie van Rollegem: blz. 54: een ander stuk op de oostzijde van den Schreiboomstraat was de “oostackere”
Oorkondenboek van de Groeningeabdij: Oud SAK 1202: cfr. Situering op plan.
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 832: den oost ackere: landerij te Rollegem
Fonds Colens 206: leenboek van Cortryck (1649) blz. 18 een stuk lands genaemt den Oost ackere.
toponiemenOldegem
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel XI, blz. 740: leengoed te Rolleghem. Plaatsnaam.
toponiemenNoordassche
Fam. Fonds 3258 anno 1623: meersen west de Lerberchstrate.
toponiemenHet Nederperboomstick
Monografie van Rollegem: blz. 55 …. Een stuk landbouwgrond heete: “’t nederperboomstick”.
staartje van antoniuszwijntje

De betovering van de verliefdheid zet zijn leven in een nieuwe lenteweelde. Doch is dit de echte liefde, Neen! ’t Ware spijtig dat dit de ware liefde moest zijn, het is nog maar verliefdheid. Het is kalverliefde, liefde van een kalfje. Duurt het spelleken lang dan wordt het gevaarlijk, en in alle geval breekt het iets in het jong leven. Onze jonge kerel droomt van het meisje gelukkig te maken, zijn prinses, doch met dromen maakt men een vrouw niet gelukkig. Ge koopt geen huis met dromen, men smeert geen boterham, men koopt geen nieuwe schoenen. Hij moet een harde werker worden, een goede stielman, die zijn kost verdienen kan. Die verliefde snotterkens doen dit allerminst. Op de colleges, in de vakscholen zijn ze de grote succesnummers en flirters, plots zwakker studenten, in plaats van hun leerstof zien ze een meisjeskop. Een werkjongen wordt ziek, presteert minder. Dat is geen voorbereiding tot liefde, dat is levens verprutsing.
Komt die historie thuis uit, dan liegen ze dat ze zwart zien. Zonder dit alles te willen dramatiseren durven wij nochtans beweren dat te jong verkeren iets breken
staartje van antoniuszwijntje

“Verkeren is een kunst”.
Dat zal ik moeten aantonen. Dat zal maar gaan door u eerst een beeld te geven, een juist beeld, over deze edele zak die men liefde noemt. LIEFDE, hoeveel wordt dit niet gebruikt of misbruikt? Wordt het niet altijd te dikwijls geschonken aan verhouding tussen meisjes en jongens die alles zijn behalve liefde? Aan liefde denken jonge mensen veel; ze denken er jammer genoeg zo dikwijls verkeerd over. Men spreekt er over maar men zevert er nog meer over. Ongelukkig verdimmelieren velen de liefde in de verkering, die in plaats van een liefdegroei een liefdeverminking wordt.
Het snijdt door het hart wanneer men denkt aan die duizenden onzer jonge mannen die naarstig hun toekomst afbreken, de deuren naar waar geluk toe smijten, zich onbekwaam maken tot edele, diepe, zuivere liefde, een gedeellijk huwelijksfiasco voorbereiden.
’t Is zo heel begrijpelijk wanneer men maar van iets afweten van wat een jong mens te horen krijgt op fabriek en vooral bij het leger. Met dit artikel willen we een hulp zijn, u een juister inzicht geven in de liefde en in u zelf. Ze zullen vele van de onnozelheden die men over liefde uitkraamt voor de rechtstoel brengen en met een heilige woede verbrijzelen en vernietigen. Tot de soldaten die de verkeerde weg opgingen zullen wij zeggen HALT! Aan degene die al te veel proefden: STOP! En voor degene die met of zonder schuld te veel langs slechte en te weinig langs goede kant vernamen zal het klinken: PAS OP!
Na deze inleiding kunnen wij beginnen aan het lange antwoord op de moeilijke vraag; WAT IS LIEFDE?
Om het zo gemakkelijk mogelijk voor te stellen gaan we aantonen hoe de beginnende liefde in een jong leven ontstaat, en met de jaren rijpt en uitbloeit tot wat verdiend genoemd te worden de “Echte Liefde”
Ieder jong mens, meisje of jongen komt in een levensfase waarop hij of zij een leemte voelt, een tekort, een eenzaamheid, een missen van iets dat men niet kan noemen. Het is een verwachting naar iets groots, en die een groot geluk zal brengen. En men weet niet wat het is. En in afwachting daarvan, dat het voor hen verschijnt, gaan ze fantaseren en dromen. En op een schone dag zien ze plots, zo verrassend en scherp, dat er iets van die eigenschappen leeft in de meisjes of in dat bepaald meisje uit hun straat, of op het werk. Plots weten zij klaarder dan vroeger dat er in hen een verlangen ligt naar liefde, naar beminnen en bemind worden een drang naar de andere. Het meisje weten ze vanaf nu gaan ze meer waarderen als waarde als een schat. Zeggen en schrijven we niet “liefste schat!,” en die schat wil men veroveren. Ze willen aandacht trekken goed staan bij haar. Het is den tijd van grootdoen, stoeffen, ooskens trekken, kledij verzorgen, cadeaukens kopen en tijd verprutsen in een bepaalde straat.
Stellen wij nu de vraag wat heeft deze jongen den klop gegeven. Een goudblonde haarlok heeft hem ontroerd. Verliefd tot achter zijn oren, die nog groen zijn. Te recht kan hij zingen van “ Je vois la vie en rose.
straatnamenVerbinding tussen de Munkendoornstraat en de Walleweg
straatnamenVerbind Tramstatiepad met Mgr. Waffelaertpad met de Kwabrugstraat.
toponiemenNeckers
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 191: hofstede te Rolleghem.
Fonds Colens: 206 leenboek van Cortryck (1649) blz. 51: vermelding van de hofstede Neckers.
Studie Kortrijkse persoonsnamen in (1350- 1400 )Frans Debrabandere blz. 323 n° 1419: Neckere, De
In Kortrijk 1394: Heine Sneckers D f 77v
1397: Heine de Neckere SR 6 f 34
1399: Le maison Henri Neckers devant le vies chastel LI f 13.
Kortrijkse persoonsnamen omstreeks 1400 Frans Debrabandere blz. 143 n° 581: Necker, De. 1414: Mauye Shokers es ghehuut met Janne den Neckere W3 f° 117 V°
1426: in de zelve strate een huus….. tusschen Symoens en zamen…… ende Willems Neckers.
Nicker, necker „waterelf, watergeest, kabouter…. De naam wird reeds in de Middeleeuwen op de duivel overgebracht……….. zo zwart als een nikker” (MW IV, 2451)
toponiemenMunckendoorn Splete
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 11, blz. 57: tiende sectie te Rolleghem.
toponiemenMunkendoorn
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel XI, blz. 57, wijk van Rolleghem en Belleghem.
Atlas der Buurtwegen: Muynkendoornstraat: weg nr. 6
Verwijs en Verdam blz. 1893: moniken (monken, muniken, munken) ww. = tot monnik maken. Kil. Muncken, Munck = een monnik.
Westvlaams Idioticon de Bo blz. 630 munken: mv. langs den grooten steenweg van Brugge op Kortrijk vond men vroeger uitgestrete bosschen waarvan er een gedeelte nog bestaat op de gemeenten van Wynghene en Ruddervoorde. De bosschen hieten en heeten nog de Munken, dit is de Munkenbosschen, omdat zij toebehoorden aan de Duinheren van Brugge of Munken van de orde der Cisterciensen.
Op Wynghene langs den steenweg ziet men heden een kasteeltje de Munke genaamd, dit was vroeger een landhuis voor zieke munken (moniken) om daar hunne gezondheid te herstellen.
Parochieblad van de Bellegemse april 1982 nr. 14 (heemkunde: de Bellegemse straatnamen.) Het gaat hier om de “Heerlijkheid van Muynkendoorne” Tot nu toe kan nog niemand zeggen waar die heerlijkheid precies lag. Zeker niet in Bellegem, misschien in Rollegem. Volgens sommigen gaat het hier om het goet “Ter Muynken” t.t.z. het goed der monniken van de ST.- Pietersabdij te Gent. En…… wat komen die “doornen hier doen?.......(doornbos) Het is (was) de langste straat in onze streek. Ze begint op Walle en loopt nog tot Dottenijs.
toponiemenDe Mote
Fonds D’Ennetieres 2400: de behuysde ende bewalde hofstede de mote oock bewalt met den boomgaert voor de poorte daer de schuure opstaet. (dit komt overeen met het hof van Rollegem.
Mnl. mote = ophoping van de grond, aardheuvel ( Gysseling Top. Oudenburg n° 202) West-Vlaams aardhoogte, gewoonlijk met een gracht omringd. (volgens De Bo, 625). Woordenboek der toponymie Du Flou: 1135 Mot(t)e, Mothe: naam van menigvuldige feodale heuvel, leenen en heerlijkheden in vele gemmenten van Artesië. Ook te Opwijk (Lind. 120)
staartje van antoniuszwijntjeVan de Rollegemse K.A.J.
Hier is dan het staartje met zijn vriendelijke goeien dag uit Rollegem, met wat nieuws, wat lach en wat levensernst.
De ouderen onder u zullen nog wel weten dat wij eens 100fr. uitschreven voor degenen onder de soldaten die de namen van de redactie van ons soldatenblaadje juist konden opgeven. Toen is er niemand in geslaagd. Niet te verwonderen, want een vreemde luis had zich in dienst gesteld van ons blaadje. Een eerwaarde luis dan nog. Een vriend seminarist uit Rekkem, verzorgde altijd de bladzijde over het verkeren.
Jaren stond onze vriend op een fabrieksmidden en leefde als werkjongen onder den oorlog op het vliegplein van Frankrijk en in een vliegtuigenfabriek in Duitsland. I Rekkem fungeerde hij als kajottersleider.
Van zijn kennis van het hart van onze werkmakkers mocht ons blaadje profiteren. Nu hij in Brugge op het seminarie zich voorbereidt op het priesterschap, vloeit zijn pen regelmatig in dienst van u, soldaten.
Laatst kwam hij naar Rollegem spreken voor onze Kajotters boven de 18 jaar over: “ Verkeren is een kunst”. Het sloeg in bij onze mannen. Wij hebben gemeend dat het ook zou deugd doen die zelfde gedachten, meer aangepast, voor te stellen aan onze soldaten. het Zal helpen uw later edeler uit te bouwen.
Daar alles niet in één keer kunnen inschakelen in ‘tStaartje en de uiteenzetting zal lopen over verschillende maanden, dringen wij erop aan dit artikel maand na mand te sparen om dan de gehelen inhoud eens na te kunnen lezen.
Hopende daardoor de sympathie van ons gazetjen blijven kunnen verzekeren, zeggen wij tot volgende keer.
Hier volgen dan fragmenten uit dit schrijven.
staartje van Antoniuszwijntje
Afzwaaier- militiaan Callewaert, die in tegenstelling met Daniël, denkt slechts 3 zondagen vol thuis te zijn geweest, heeft tot zijn grootte verrassing in zijn eigen, bloedeigen kidbag… twee mooie postuurkes aangetroffen, die jawel weet hoe en wanneer? – daarin verzeild geraakt. Van verrassing souvenirkees gesproken… dat kan tellen. Wie van u dus die ’n soldaat kent of ervan gehoord heeft, die een “meetje en peetje” in zijn kibag “mede” gestoken hebben, en niets ervan heeft teruggeven en, kan van –kidbag- mispakte- vent met Roger in verbinding stellen.
Onze koene B.J.B; ers Rafaël Vanhoutte en Etienne Castel, zijn het soldaatje spelen al goed gewoon. Etienne die te Lier in de schaduw van de vermaarde Zimmertoren gekazerneerd ligt, heeft tot hier toe nog geen tijd gevonden om zich te vervelen. Ik wil het graag geloven want gedurende die eerste zes weken dril worden de nieuwelingen maar weinig met rust gelaten.
Wie zich aan de 18 maanden lelijk mispakt heeft is Gilbert Chiers, die dacht het op een geschikt ogenblik tandpijn te krijgen, zodat al zijn tanden moesten worden getrokken. En voilà… daar wordt hij nu drie maanden vroeger en… zonder gebit naar huis gezonden.
Naar we horen zijn het nog niet altijd de “Bleutjes” die bij den troep beschaamd kunnen doen S.M. Dendievel bijvoorbeeld die af en toe met zijn kapitein naar Weiden moet en daar zijn benen onder tafel dient te steken, durfals hij samen met andere moet eten-eenvoudig niet doortasten. Gelukkig maar haalt hij zijn schade dubbel en dik in, wanneer hij alleen eet; dan steekt hij zijn buikske biertonrond vol… in de vaste overtuiging dat het moeilijk op kan, daar het toch van het zijne niet is. En of hij gelijk heeft.
Albert Vanhoutte is verhoogd van graad en van “pink-pink” Spijtig echter dat hij niet in verlof mag komen met zijn Opel-Captaën, die hij in de militaire postdienst in dienst heeft. U zou hem zien vlammen door Rollegem…maar.
Tot slot moeten we hier Lucien Vanhasten van harte bedanken voor de prachtige brief, die we van hem mochten ontvangen. Het doet ons ontegensprekelijk heel veel genoegen brieven te ontvangen, waaruit wij kunnen opmaken dat onze Rollegemse “Craks” hun man weten te staan in hun kazerne om het goede voorbeeld te geven.
Zo schreef men ook: Voor den eerste maal zwijnenkeuring, op voorstel en begiftigt (3000 fr.) door de inwoners van de Kerkstraat.
Om 6 u lof met sermoen van E. Zuster Louise, daarna reidansen, onder leiding van August Decantere, le prijs delfinstituut Rollegem: “hors concours”
Het blindenbloempje wordt verkocht om de pinten te betalen van het kermiskomiteit en voor het inrichten van ’n juniors-koers. Getekend Frans
toponiemenMortaghestraat
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel X, blz. 1109: weg te Rolleghem.
Atlas der Buurtwegen: Mortagnestraat, weg nr. 16
Parochieblad van de Bellegem: april 1982 nr. 16: Mortagnelaan: op de plaats waar nu de woonwijk ligt, was er voor 200 jaar een betrekkelijk groot bos: “ Bosch van den goeden ter Mortaignen”.
Het was ongeveer 4 ha. Groot: het volk noemde die bossen: de Mortagnebossen. Het goed van het “Hof” te Mortaigne is, zoals iedereen weet nu de hofstede van Robert Vandeputte.
Mortagne is ook een persoonsnaam. Studie van de Kortrijkse persoonsnamen door Frans Debrabandere blz. 316-317 n° 1384:
Van Mortaegnen, in Kortrijk: 1424: Rugger Van Mortaignen bijvoorbeeld. R5 Blz. 9 Naar het leen genoemd. 1365 Jan Van Riemslede tleen dat men heet Mortainge groot xlii b, een vulle banc van scepenen
(in Bellegem)
Woordenboek der toponymie Du Flou: X, 1104-8: Mortagne (1278); leengoed te Belleghem, heerlijkheid in Kerkhove (16de eeuw); het mortaensche (1439); heerlijkheid in Aalbeke, Bellegem en Kortrijk-Buiten. Moen ligt halfweg tussen Bellegem en Kerkhove. Carnoy (2) noemt nog een Mortagne in Forest-les-Frasnes (Henegouwen); ook in Frankrijk is dit toponiem zeer verspreid, in département du Nord, Pas-de-Calais, Orne en Manche.
toponiemenMorael Bosch
Aanwinsten VI 2567: aanduiding van de naam op schets.
Aanwinsten VI 2126: renteboek vander heerlichende van Moorenackere bestreckende op diversche gronden van erfven daer afgehouden die ligghen in de prochie van Curtrycke. 1601
Blz. 4 n° 14: Willem Vanderplancke lant ende buch ghenaemt den moraelbuch paelende metter oostzijde jeghens zijn zelfs naervolghende meersche, metter zuutzijde jeghens Jan Vanderplancke meersche
Moraelmeersche, metter westzijde jeghens voors. Jans moraelbusche, ende metter noortzijde jeghens voors. Willems halfbundere.
Zoals hier kan afgeleid worden is het moraelbosch verdeeld in verschillende stukken die ook moraelbosch worden genoemd maar in verschillende handen zijn (ofwel van Willem Vanderplancke ofwel van jan Vanderplancke )
toponiemenTen Moorenackere
Kaarten en plannen : 1107: langs het elleboghestraetken langs de straet van Rolleghem naar Cortryck.
OSAK 860: te Gavere in Deerlijk had een achterleen in Rolleghem genaemt ten Morenackere(f° 331)
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 10 blz. 1041: den Mooren acker: heerlijkheid gehouden van de Collegiale kercke van St.- Salvators tot Harelbeke.
Aanwinsten VI 2126 renteboek vander heerlichende van Moorenackere bestreckende op diversche gronden van erfven daer afgehouden die ligghen in de prochie van Curtrycke. 1601 blz. 6, n°20:
Zijn hofstede ghenaemt Moorenackere met de oostzijde jeghens de straete streckende van Curtryke naer Rolleghem, metter jeghens zuutzijde zelfs Alfstick landts, metter westzijde jeghens zijn perboomstick, ende metter noortzijde jeghens Jan Vanderplancke hooghste tangheveldeken.
Woordenboek der Nederlandse taal blz. 1104 moor: ook nog bekend in den vorm van “more” ontstaan uit modere.
Moorenacker: moerland, ook moerassige of drassige bodem, moeras, veengrond.
toponiemenMolenstraat
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel X, blz. 853: weg te Rolleghem
Atlas der Buurtwegen: weg nr. 22: molenstraetjen.
toponiemenDen Mispelbergh
Aanwinsten VI 2567: aanduiding van de naam op schets.
toponiemenDe Mispelaer
Monografie van Rollegem blz. 54: Jan Callens had een paar bunder grond genoemd; “de mipelaer”.
OSA 1202: Oorkondenboek van de Groeningeabdij f° 256 n° 98: landt ghenaemt de mispelaer, palende met de oostzijde, jegens de heulendyck, met de zuytzijde jegens ’t landt van Pieter Verhelst en met de westzijde jegens de straete leedende van den screyboom naar den lerberchboom.
Verwijs en Verdam: mispelare = mispelaar, mispelboom, mispelstruik.
toponiemenMiddel splete
Woordenboek der toponymie Du Flou: deel 9, blz. 573: tienden sectie te Rolleghem
Uitleg “Splete” cfr. Uitleg van Douters splete.
staartje van Antoniuszwijntje

Komere praat van een thuisfronter
Nu het juni en er weldra zomeren zal, trekt weerom langs onze mooie Vlaamse landouwen, de vrolijke kwast: “ Tijl Uilenspiegel”
Hij komt vooral langs om onze rekruutjes te leren, hoe ze met een kwinkslag, een lach en een liedje, zich door alles heen moeten slaan.
De K.A.J. heeft van Lucien Vanhasten een uitdaging ontvangen, kwestie van die fietstochten. Hij zou graag ook eens een 600 km. Meebollen… en hij denkt wel van mee te kunnen, want om macht en kloekte te kweken, vreet hij al de schillen op van de aardappels, die hij onder de “pattatenjas” afdraait. En van dat meekunnen gesproken: staat u wel “op snee”? Wij hier betwijfelen dat nogal sterk sinds U met “ buik vullen” aan militaire kost, ettelijke kilo’s hebt bijgewonnen.
Wie wellicht ook die fietstocht zou kunnen bekoren… of toch zouden moeten interesseren is wel Arnold Vanwijnsberghe. Hij is nu toch eenmaal bij de “Cyclisten” ingelijfd. Volgens ons oordeel zal Arnold, eenmaal afgezwaaid, al onze kermiskoersen hier de benen van het lijf afrijden. (Alles kaput fahren, zoals Fredi Kübler zegt) Is daar geen kans op Arnold? Laat het ons bijtijds weten hé jongen! Dan kunnen wij alvast een stevige supporters- en supportereskensclub voor u bijeenscharrelen.
Bij de chanceurs die het geluk hadden te moeten “afzwaaien” op het einde van mei… treffen wij deze maal Gilbert Chiers, Roger Callewaert, Toontje Goethals en Daniel Detavenier aan. De laatste twee verbroederen bij deze gelegenheid eens deftig te Kortrijk bij pot en pint zodat ze eerst vrij laat de Rollegemse wegen kwamen opgelaveerd, om dan samen bij de familie Goethals tot in de kleine uurkens te blijven doorfeesten. Op zulk een wijze dat het een ware concurrentiestrijd werd met de wekkers van de geburen.
Bij het eindigen van zijn “service” vestigde Daniël milliard de tonerre een noemenswaardig record. Hij was immers van zijn 18 maandendienst slechts 3 zondag niet thuis. Wie doet hem na… Of wie kan beter?
straatnamenVerbinding tussen de Schreiboomstraat en de Weimeerslaan
straatnamenVerbinding van de Rollegemsekerkstraat tot aan de Oude voetweg 31.