oud rollegem
Krimpemolen: de folter- of schaarstemolen op het oosten van de Klaverdriesch en Noordoost van de sectie B, waarvan het n° s 6, 7, 9, 10, 16, en 17 beslaat.
Rak Fons O.L.Vrouw, doos I-Z: plan van een hoeve te Rollegem, eigendom van O.L.Vrouw 1783: onderaan tekening van het Stampkot: Kempemolen.
RAK MSAK Nr. 6419: op de kaart staat de “Kempemolen” getekend
Du Castel de la Howarderie-Neuvireuil. Notes pour servir a L’Histoire de Rollegem, Tournai 1905 p. 23: Krimpemolen, le moulin du tourment ou de la disette, à l’ orient du Klaverdriesch et au Nord-est de la section B.
Popp-kaart Rollegem: aangeduid: Krimpemolen.
Du Flou, W.D.T. : deel 7, p. 736 Kimpe’s molen: molen te Rolleghem.
Aanwinsten VI 6979: Atlas général enz. aanduiding van de Kempe-molen
Voor uitleg van de molen cfr. Uitleg “meulendyck” Monografie van Rollegem p. 108:daar wordt de kimpemolen ook vermeld als “het stampcodt van sieur Boqquai”
Kot is de romp van een molen die met den wind draait of door een peerd (paard) bewogen wordt.
Fr. cage d’un moulin. Vandaar ossecot, stampcot(De Bo, Westvlaams Idioticon)
Monografie van Rollegem p. 107-118: De eerste vermelding van Kimpemolen is het stampkot van Rollegem.
Zijn naam wijst er op dat het om een oliemolen ging. Waarschijnlijk maalde hij ook koren, zoals het met de meeste oliemolens in die tijd ging. De molenaar was een zekere Bocquai. In 1821 werd hij al de kempemolen genoemd, wat er opwijst dat hij sinds jaren in bezit moet zijn van de familie De Kimpe.
Af en toe werd hij ook Marionettenmolen genoemd, wegens de nabijheid van de Marionettenweg in Kortrijk. Marionettenberg; 63,75 m
Ook als persoonsnaam teruggevonden: In de studie van de persoonsnamen in de Kasselrij van Kortrijk F. Debrabandere p. 227 n° 947: kempe/kimpe uitleg: kempe = kampvechter, kampioen, kamper, strijder, vechter; bijzit, onecht kind.
Dit gehucht werd ook genoemd de Suikerei, gelegen langs de Kortrijkstraat (oude kassei) met een deelweg van circa 365 meter.De windmolen van sprake, stond voortijds aldus verteller, op de hofstede van Emiel Maes, die rond 1910 afgebroken werd.De Kortrijkstraat was ver en bij gekend om haar zeer slechte staat. Tussen de Kortrijkstraat en de Muynckendoornstraat langs de Segersweg was er een Eikenbos van ongeveer 3 hectaren groot eigendom van Salembier, met de eerste wereldoorlog werd dit uitgeroeid door het bevoorradingcomité, bij gebrek aan kolen.
De hoeve toebehorende aan Descamps ligt op een hoogte van 63 meter.














